2. Nota van toelichting GR WOZL en GR WSP Parkstad
Tekst van het document
Nota van toelichting Kerkrade, 28 april 2026 Nummer: 26Tl024 Behorend bij ontwerpbesluit nummer: 26Rb024 Commissie: 9 juni 2026 •
Burgers en Samenleving
Aangeboden door: College van burgemeester en wethouders, •
Wethouder J. Roland
Onderwerp Zienswijze op begrotingen 2027, meerjarenramingen 2028-2030 , 1ste begrotingswijzigingen 2026 én de jaarrekeningen 2025 voor GR WOZL en GR WSP Parkstad.
Beslispunten 1. Een neutrale zienswijze af te geven op de eerste begrotingswijziging 2026, ontwerpbegroting 2027 en de meerjarenraming 2028–2030 aan het dagelijks bestuur van de GR WOZL; 2. Een neutrale zienswijze af te geven op de eerste begrotingswijziging 2026, ontwerpbegroting 2027 en de meerjarenraming 2028–2030 aan het dagelijks bestuur van de GR WSP Parkstad; 3. Kennis te nemen van de jaarrekeningen en het jaarverslag 2025; 4. Geen wensen en bedenkingen kenbaar te maken op het voorstel om het resultaat uit incidentele baten en lasten om te zetten naar een achtergestelde lening van € 3.716.000, die in de jaren 2026 en 2027 volledig wordt voldaan middels de subsidie die dan wordt verkregen; 5. Kennis te nemen van het dashboard ontwerpbegroting GR WOZL en GR WSP Parkstad 2027.
Samenvatting Gemeente Kerkrade neemt deel aan verschillende gemeenschappelijke regelingen. Dit zijn publiekrechtelijke samenwerkingsverbanden. Deze regelingen zijn wettelijk verplicht om hun ontwerpbegroting naar de deelnemende gemeenteraden te sturen. De raden krijgen vervolgens de mogelijkheid om een zienswijze op deze begroting te geven. Deze nota ondersteunt de kaderstellende rol van de raad. Het doel is om uw raad in staat te stellen een weloverwogen zienswijze te formuleren op de begroting van de GR WOZL en de GR WSP Parkstad
Aanleiding Voor de uitvoering van gemeentelijke taken kan een gemeente kiezen voor een publiekrechtelijke samenwerking. Daarbij wordt een zelfstandige organisatie opgericht die taken uitvoert voor meerdere gemeenten. Dit gebeurt op basis van een gemeenschappelijke regeling. Zo’n organisatie noemen we een GR (gemeenschappelijke regeling) of Verbonden Partij. Wanneer bevoegdheden aan een GR worden overgedragen, komt het gemeentebestuur meer op afstand te staan en heeft het minder directe invloed dan bij taken die de gemeente zelf uitvoert. Om toch grip te houden op de GR’en, maakt de gemeenteraad gebruik van de planningen controlcyclus (P&C-cyclus). De raad moet inzicht hebben in de financiën van de Verbonden Partij om hierop toezicht te kunnen houden. De Verbonden Partij is verplicht om: •
Uiterlijk 30 april de kadernota voor het komende jaar ter kennisname aan de raad te sturen. Deze nota beschrijft de beleidsmatige en financiële uitgangspunten.
•
Uiterlijk 30 april de voorlopige jaarrekening van het afgelopen jaar toe te sturen, gevolgd door de definitieve jaarrekening uiterlijk 15 juli. Deze jaarrekening laat zien wat er het voorgaande jaar beleidsmatig en financieel is gebeurd. Ten aanzien hiervan kan de raad geen zienswijze indienen.
•
Uiterlijk 12 weken voordat de ontwerpbegroting aan het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling wordt aangeboden deze toe te sturen aan de gemeenteraden. De raad mag hierop een zienswijze indienen en zo wensen of bedenkingen meegeven. De gemeenteraad kan de begroting echter niet goedkeuren of tegenhouden.
De begroting is voor de gemeenteraad een belangrijk middel om kaders te stellen. Volgens de Wet gemeenschappelijke regelingen moet de ontwerpbegroting minimaal 12 weken voordat het Algemeen Bestuur (AB) de begroting behandelt, aan de raden worden toegestuurd. In deze periode kunnen de raden hun zienswijzen indienen bij het Dagelijks Bestuur (DB). Het DB moet vóór de besluitvorming door het AB schriftelijk en gemotiveerd reageren op alle ingediende zienswijzen. Vervolgens stelt het AB de begroting vast. Binnen twee weken na vaststelling, maar uiterlijk 15 september, moet de begroting worden toegestuurd aan Gedeputeerde Staten. De uitvoering van de activiteiten ligt volledig bij de Verbonden Partij; hierop kan geen zienswijze worden ingediend. In deze toelichting liggen de begrotingen van de GR WOZL en GR WSP Parkstad voor. Eerst worden de strategische ontwikkelingen beschreven die van invloed zijn op de uitvoering van de kerntaken. Daarna volgen de beleidsaanpassingen en nieuwe ontwikkelingen met financiële gevolgen voor de begroting. Dit betreft onder meer de effecten van CAO-wijzigingen, indexeringen en beleid dat al is vastgesteld. Tot slot wordt ingegaan op het totaalbeeld van de meerjarenraming 2028–2030, jaarschijf 2027, het totale begrotingsbedrag van de GR en de gevolgen hiervan voor onze gemeente.
2
Historie 1. Gezamenlijke commissie 12 juni 2025, behandeling ontwerpbegrotingen 2026 (link); 2. Raadsvergadering 2 juli 2025, afgeven GR-zienswijzen ontwerpbegroting 2026 (link).
Voorstel Eerste begrotingswijzigingen 2026 De eerste begrotingswijzigingen 2026 van de GR WOZL en de GR WSP Parkstad worden aangeboden vanwege de volgende redenen: -
De mei- en septembercirculaire 2025 van het Ministerie van BZK;
-
De verwachte realisatie van de arbeidsjaren in 2026;
-
De verwachte operationele realisatie van de verbonden partijen WOZL Beschut 2.0 en WSP Parkstad Detachering.
Voor 2026 is er nog geen ondernemingsplan opgesteld in afwachting van de beleidsmatige en bestuurlijke standpunten omtrent de toekomstige koers. Derhalve zijn er géén nieuwe ambities opgenomen in de 1ste begrotingswijzigingen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2026. Op hoofdlijnen zijn er de volgende ontwikkelingen bij de begrotingen: -
De mei- en septembercirculaire 2025 van het Ministerie van BZK: deze circulaires hebben voor 2025 een positief effect voor zowel de gemeenten als de GR WOZL. De subsidie per arbeidsjaar stijgt met €2.635 ten opzichte van de originele begroting 2025. Hierin is tevens een compensatie voor de stijgende loonkosten (LPO) opgenomen.
-
De verwachte realisatie van de arbeidsjaren in 2026: de verwachte arbeidsjaren zijn voor 2026 met -14,5 bijgesteld ten opzichte van de originele begroting. De uitstroom is gebaseerd op de verwachte pensioneringen en mogelijk ander verloop, zoals langdurig ziekteverzuim. In Kerkrade zijn er 4,65 arbeidsjaren minder dan opgenomen in de begroting.
-
De verwachte operationele realisatie van de verbonden partij WOZL Beschut 2.0: Het resultaat van Beschut 2.0 is € 88.000 slechter dan eerder voorzien. Dit komt door een slechter operationeel resultaat van €280.000 en een beter subsidieresultaat van €192.000.
-
De verwachte operationele realisatie van de verbonden partij WSP Parkstad Detachering: het operationeel resultaat is lager dan oorspronkelijk begroot. Het subsidieresultaat is echter beter dan oorspronkelijk begroot. In totaal is het netto financiële resultaat 55.000 beter dan oorspronkelijk begroot.
Er wordt voorgesteld om een neutrale zienswijze af te geven op de eerste begrotingswijzigingen van de GR WOZL en GR WSP Parkstad, aangezien de hogere bijdrage met name het gevolg is van een subsidieverhoging buiten de invloedssfeer van de GR’en. 3
Ontwerpbegrotingen 2027 en meerjarenramingen 2028 – 2030 De ontwerpbegroting 2027 en meerjarenraming 2028 – 2030 sluiten volledig aan op de uitgangspunten zoals deze zijn opgenomen in de 1ste begrotingswijzigingen 2026. Deze begroting volgt de koers die eerder is vastgesteld door de deelnemende gemeenten en de beleidskaders van Parkstad Limburg 2016 - 2020. De begroting is gebaseerd op de nieuwste cao voor Wsw-medewerkers en de gemeentefondsen van 2025. Veranderingen in loonontwikkeling en subsidies kunnen invloed hebben op de resultaten van 2027-2030 en de bijdragen van de gemeenten. Het betreffen derhalve technische begrotingen. Dit kan zowel positief als negatief uitwerken. In december 2026 wordt er een doorrekening verwacht op basis van de septembercirculaire met daarin de actuele ontwikkelingen. Voorstel tot afgeven neutrale zienswijze: De begrotingen 2027 en de meerjarenramingen 2027–2030 laten een technische doorberekening zien op basis van de meest recente ontwikkelingen binnen de Sociale Werkvoorziening. De begroting resulteert in een grotere financiële impact voor de gemeente, met name door een hogere subsidiebijdrage. Deze stijging in de bijdrage is het gevolg van voornoemde ontwikkeling in combinatie met een ruim begroot kostenkader van de GR'en.
Hier staat tegenover dat de maatschappelijke impact stabiel blijft: de GR voert haar reguliere werkzaamheden voor de doelgroep ongewijzigd voort binnen de bestaande kaders en doelstellingen. Er zijn geen nieuwe ambities en/of activiteiten opgenomen die de begroting beïnvloeden. De aanwezige risico's zijn consistent, reëel voor het taakveld en op een herkenbare wijze verwerkt in de begrotingen. Gelet op deze afweging tussen de hogere financiële impact enerzijds en de stabiele, kaderconforme uitvoering anderzijds, wordt uw raad voorgesteld een neutrale zienswijze af te geven op de begrotingen 2027 en de meerjarenramingen 2027–2030 van de GR WOZL en GR WSP Parkstad.
Kanttekening Gemeenten krijgen de komende jaren landelijk te maken met een korting op het gemeentefonds. Daardoor moet ook de gemeente Kerkrade zoeken naar noodzakelijke bezuinigingen. In de zienswijzen op de ontwerpbegrotingen 2025 en 2026 is de gemeenschappelijke regelingen al gevraagd om – als verlengd lokaal bestuur – hun verantwoordelijkheid te nemen binnen deze krappe financiële kaders. Ook in de huidige zienswijzenbrieven over de begrotingen 2027 van alle gemeenschappelijke regelingen is een uniforme passage opgenomen. Hierin wordt opnieuw gevraagd om noodzakelijke bezuinigingen door te voeren, zowel in de bedrijfsvoering als, waar nodig, in de kerntaken van de organisatie. Er zijn enkele specifieke ontwikkelingen die financiële invloed hebben op de uitvoering van de kerntaken van de GR’en en daardoor een risico vormen binnen de begroting. In dit kader worden de volgende ontwikkelingen onderscheiden: -
Loonprijsontwikkeling: de LPO 2026 is nog niet door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vastgesteld. Deze wordt pas vastgesteld in de meicirculaire 2026. 4
-
Subsidieontwikkelingen: De GR WOZL en GR WSP Parkstad nemen géén voorschot op mogelijk positieve of negatieve ontwikkelingen. Bij het opstellen van de begroting is er altijd een niet precies te berekenen risico voor het subsidieresultaat.
-
Terugstroom van gedetacheerde medewerkers naar Beschut 2.0: er wordt rekening gehouden met een bepaald percentage aan uitstroom. Dat kan echter groter zijn dan verwacht vanwege het toenemende aantal medewerkers met lichamelijke of psychische klachten.
-
Arbeidsjaren: Het percentage aan uitstroom is een schatting op basis van eerdere uitstroom. De werkelijke uitstroom kan hoger of lager uitvallen.
-
Indexeringen: prijsontwikkelingen vormen een risico voor de begroting.
Voorziening RVU: Eind 2025 heeft de commissie BBV bepaald dat Sw-bedrijven elk jaar geld opzij moeten zetten voor de loonkosten van medewerkers die gebruikmaken van de RVU. Dit heeft in 2025 voor extra kosten gezorgd. In de 1ste begrotingswijziging wordt ervanuit gegaan dat hetzelfde aantal medewerkers gebruik maakt van de RVU-regeling.
Financiën Gemeenten krijgen de komende jaren landelijk te maken met een korting op het gemeentefonds. Met name voor de periode na 2027 zijn de vooruitzichten nog onzeker. Daardoor staat ook de gemeente Kerkrade voor een grote financiële opgave. Het ravijnjaar is opgeschoven van 2026 naar 2028. In samenspraak met uw raad is reeds een aantal maatregelen genomen om de meerjarige begrotingstekorten vanaf 2028 deels terug te dringen tot meer behapbare proporties. Dit in de veronderstelling dat het Rijk gemeenten toch nog tegemoet zal (moeten) komen gelet op de maatschappelijke effecten van verdere gemeentelijke bezuinigingen. In de zienswijzen op de ontwerpbegrotingen 2025 en 2026 zijn de gemeenschappelijke regelingen al gevraagd om – als verlengd lokaal bestuur – hun verantwoordelijkheid te nemen binnen deze krappe financiële kaders. De komende periode blijft echter financieel onzeker en er blijft sprake van steeds nieuwe ontwikkelingen, zowel internationaal, nationaal als lokaal die elk hun impact kunnen hebben. Het valt niet uit te sluiten dat er aanvullende maatregelen genomen moeten worden om de meerjarenbegroting volledig sluitend te krijgen. Ook in de huidige zienswijzenbrieven ten aanzien van de begrotingen 2027 van alle gemeenschappelijke regelingen is derhalve een uniforme passage opgenomen.
Hierin worden de gemeenschappelijke regelingen opnieuw gevraagd om noodzakelijke bezuinigingen door te voeren, zowel in de bedrijfsvoering als, waar nodig, in de kerntaken van de organisatie. Jaarrekeningen 2025 Het negatieve resultaat bij GR WOZL wordt met name veroorzaakt door incidentele lasten van €3.716.000 (totaal GR). Dit hangt samen met een besluit van de Commissie BBV, waarin is vastgelegd dat organisaties die de RVU regeling uitvoeren, hiervoor een voorziening moeten treffen. Tegelijkertijd is bepaald dat de subsidie die voor deze regeling wordt ontvangen, gedurende de looptijd niet in mindering mag worden gebracht op deze voorziening in de jaarrekening. 5
Hierdoor is het jaarrekeningresultaat van WOZL sterk negatief. Het gaat hierbij echter om een technische en administratieve afwijking. De getroffen voorziening zal namelijk in de jaren 2026 en 2027 weer vrijvallen. De incidentele lasten van de voorziening RVU hebben geen impact op het met de gemeenten te verrekenen resultaat over 2025. Om die reden is besloten dit tekort aan te merken als een achtergestelde lening, die in de tijd wordt afgelost. De jaarrekeningen 2025 zouden hebben geleid tot een negatief resultaat van €546.897 voor de gemeente Kerkrade, bestaande uit een negatief resultaat van €672.793 voor de GR WOZL en een positief resultaat van €125.896 voor de GR WSP Parkstad. Zonder de incidentele lasten van de voorziening RVU (867.176) wordt het resultaat van GR WOZL echter €194.383 positief, waardoor het totaal resultaat GR WOZL en GR WSP €320.279 (€194.383 + €125.896) positief wordt. Ondanks dat het geen feitelijk tekort betreft, wordt het bedrag administratief aangemerkt als een achtergestelde lening. Conform artikel 8, eerste lid, onder b van de Financiële verordening wordt het college geacht de raad in de gelegenheid te stellen wensen en bedenkingen kenbaar te maken ten aanzien van niet bij de begroting vastgestelde afzonderlijke verplichtingen inzake het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties, indien deze een bedrag van € 100.000 te boven gaan.
Aangezien het geen feitelijk tekort betreft, maar een administratieve afwijking wordt uw raad voorgesteld géén wensen of bedenkingen kenbaar te maken. Eerste Begrotingswijzigingen 2026 De financiering van de GR WOZL bestaat hoofdzakelijk uit rijkssubsidie, aangevuld met een tekortbijdrage (oftewel eigen financiering) van de deelnemende gemeenten. De rijkssubsidie wordt door het rijk verstrekt aan de gemeenten en conform de huidige afspraken direct doorgeleid naar de GR WOZL. Ten aanzien van de GR WOZL stijgt deze rijkssubsidie met €895.467 (voor Kerkrade) ten opzichte van de primaire begroting 2026, waardoor de tekortbijdrage (eigen financiering) van de gemeente Kerkrade daalt met €189.003. Per saldo betekent dit dat de totaalbijdrage van de gemeente Kerkrade aan de GR WOZL stijgt met €706.465 (€895.467 - €189.003.). Daartegenover staat dat de bijdrage van de gemeente Kerkrade aan de GR WSP Parkstad daalt met €67.826 ten opzichte van de primaire begroting 2026. Samengevat heeft de eerste begrotingswijziging 2026 GR WOZL en GR WSP Parkstad dus een negatief begrotingsresultaat van €638.639 (€706.465- €67.826) aan totaalbijdragen voor beide GR'en, te weten: 1. De totaalbijdrage aan GR WOZL stijgt met €706.465,2.
De totaalbijdrage aan GR WSP daalt met €67.826,Ontwerpbegrotingen 2027 en meerjarenramingen 2028 – 2030 Binnen de primaire begroting GR WOZL 2027 bedraagt de totaalbijdrage van Gemeente Kerkrade €15.979.947. Dit is een stijging van €448.962 ten opzichte van de begroting die voor jaarschijf 2027 was opgesteld in de primaire begroting 2026. Deze stijging is een primair gevolg van een stijging in de rijkssubsidie. De rijkssubsidie neemt namelijk toe met €720.669, terwijl de tekortbijdrage (eigen financiering) daalt met €271.708. Binnen de primaire begroting GR WSP 2027 bedraagt de totaalbijdrage van Gemeente Kerkrade €660.104. Dit is een stijging van €198.679 ten opzichte van de begroting die eerder voor 2026 was opgesteld. 6
Samen leidt dit tot een toename in de totaalbijdrage van de gemeente Kerkrade aan beide gemeenschappelijke regelingen van €647.640 (€448.961 + €198.679) vergeleken met de begroting die eerder voor 2026 was opgesteld, te weten: 1. De totaalbijdrage aan GR WOZL stijgt met €448.961,2. De totaalbijdrage aan GR WSP stijgt met €198.679,Bovenstaande cijfers betreffen het aandeel van de gemeente Kerkrade in de begrotingen van de GR WOZL en GR WSP Parkstad. In onderstaande tabel is inzichtelijk gemaakt hoe deze financiële effecten doorwerken in de gemeentebegroting. De eerste begrotingswijziging 2026 is reeds verwerkt in de gemeentebegroting. Het hierin opgenomen tekort is gedekt vanuit de participatiemiddelen, waardoor voor het jaar 2026 een neutraal saldo resteert. Wat opvalt, is dat er een groot verschil bestaat in de financiële consequenties tussen de jaarschijven 2028 en 2029: in 2028 is sprake van een nadeel van €727.741, terwijl in 2029 juist een voordeel van €895.461 wordt verwacht. Dit verschil is deels toe te schrijven aan een aflopende eigen bijdrage binnen GR WOZL, maar wordt voornamelijk veroorzaakt doordat de integratie-uitkering participatie, zoals opgenomen in de gemeentebegroting ter dekking van de bijdragen aan GR WOZL en GR WSP, voorlopig aanzienlijk hoger is geraamd dan de totale bijdrage die GR WOZL/WSP voor de gemeente Kerkrade begroot.
Na publicatie van de meicirculaire wordt de reeks voor de integratie-uitkering participatie geactualiseerd, wat ook doorwerkt in de cijfers in onderstaande tabel. De ontwerpbegroting 2027 en de meerjarenraming voor de periode 2028–2030 hebben de volgende financiële consequenties: Begroting gemeente Kerkrade 2026
2027
2028
2029
2030
Begroting GR WOZL
17.285.340
15.979.947
15.547.338
14.139.451
12.942.667
Begroting GR WSP
685.758
660.104
624.203
655.289
765.128
Totaal begrotingen GR WOZL en WSP aandeel gemeente Kerkrade
17.971.098
16.640.049
16.171.541
14.794.739
13.707.794
Begroting gemeente 17.971.098 Kerkrade t.b.v. GR WOZL en GR WSP Parkstad
16.082.400
15.443.800
15.690.200
15.022.838
-557.649
-727.741
895.461
1.315.044
Financiële consequenties
0
Maatschappelijke betrokkenheid De ontwerpbegroting en de zienswijze van onze gemeente kunnen via de gemeentelijke kanalen door belanghebbenden worden ingezien. Dit is de participatietrede Informeren.
7
Vervolg De begroting 2027 is in de vergadering van het Dagelijks Bestuur op 2 april 2026 behandeld. De aanbiedingsbrief is op 10 april 2026 ontvangen. Vanaf die datum geldt de wettelijke termijn van 12 weken. De jaarrekening en het jaarverslag 2025 worden ter kennisname voorgelegd. Voordat de begroting wordt vastgesteld, vindt een terugkoppeling plaats. Het Dagelijks Bestuur laat dan schriftelijk en gemotiveerd weten hoe het de zienswijzen beoordeelt en tot welke conclusies dit heeft geleid. Het Algemeen Bestuur stelt de ontwerpbegroting 2027 vast op 9 juli 2026. Uiterlijk twee weken na die vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 september, wordt de begroting toegestuurd aan Gedeputeerde Staten.
Evaluatie In de jaarrekening zal de GR WOZL en GR WSP Parkstad verantwoording afleggen over realisatie van de ontwerpbegroting voorgenomen strategische plannen en financiële ontwikkelingen.
Bijlagen 1. Ontwerpbesluit GR WOZL en GR WSP Parkstad 2. Zienswijzenbrief GR WOZL 3. Zienswijzenbrief GR WSP Parkstad 4. Eerste begrotingswijziging 2026 GR WOZL 5. Factsheet eerste begrotingswijziging 2026 GR WOZL 6. Eerste begrotingswijziging 2026 GR WSP Parkstad 7. Factsheet eerste begrotingswijziging 2026 GR WSP Parkstad 8. Ontwerpbegroting 2027 en meerjarenraming 2028 -2030 GR WOZL 9. Ontwerpbegroting 2027 en meerjarenraming 2028 -2030 GR WSP Parkstad 10. Jaarrekening GR WOZL 11. Jaarrekening GR WSP Parkstad 12. Jaarverslag 2025 GR WOZL en GR WSP Parkstad 13. Dashboard GR WOZL en GR WSP Parkstad
8