CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

2.3 RUD 24Tl017 RUD Nota van Toelichting

Gemeenteraad 12 juni 2024, gemeente KerkradeBij agendapunt: Ontwerpbesluit zienswijze begroting GR RUD Zuid-Limburg1.433 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van toelichting Nummer.: 24Tl017

Kerkrade, april 2024

Behorend bij ontwerpbesluit nummer: 24rb018

Onderwerp GR RUD Zuid-Limburg: Bijgestelde Begroting 2024, Ontwerpbegroting 2025 en Meerjarenraming 2025-2028 Beslispunten I. een neutrale zienswijze af te geven op de Bijgestelde Begroting 2024 en de Ontwerpbegroting 2025; II. kennis te nemen van de concept-jaarrekening 2023. Inleiding Voor de uitvoering van gemeentelijke taken kan worden gekozen voor een publiekrechtelijke samenwerking, waarbij een zelfstandige organisatie wordt opgericht die voor verschillende samenwerkende gemeenten taken uitvoert. Deze publiekrechtelijke samenwerking is gebaseerd op een gemeenschappelijke regeling. Bij het overdragen van bevoegdheden naar een publiekrechtelijke samenwerking is het gevolg dat een gemeentelijk bestuur meer op afstand staat en minder invloed kan uitoefenen dan bij taken in eigen beheer. Een van de sturingsinstrumenten vormt de P&C-cyclus. De gemeenteraad dient inzicht te hebben in de financiën van een verbonden partij om daar controle op uit te kunnen oefenen. De Verbonden Partij is verplicht het volgende te doen: - De kadernota voor het eerstvolgende jaar moet ter kennisneming naar de raad gestuurd worden voor 15 april. Hierin worden de beleidsmatige en financiële kaders geschetst. - De voorlopige jaarrekening van het afgelopen jaar moet ter kennisneming naar de raad gestuurd worden voor 15 april. In juli volgt de definitieve en vastgestelde jaarrekening.

De jaarrekening van het samenwerkingsverband laat zien wat afgelopen jaar gebeurd is in financieel en beleidsmatig opzicht. - Het samenwerkingsverband moet een ontwerpbegroting aan de raden sturen, voordat deze wordt vastgesteld. De raad heeft hier de wettelijke mogelijkheid om vooraf wensen of bedenkingen kenbaar te maken door het indienen van een zienswijze. De gemeenteraad heeft geen bevoegdheid om de begroting goed te keuren. In de begroting wordt aangegeven welke activiteiten de verbonden partij in dat jaar gaat uitvoeren en wat de bijdrage per gemeente is. De begroting is voor de Raad een belangrijk document om kaders te stellen. Volgens de Wet op de Gemeenschappelijke Regelingen moet de ontwerpbegroting 12 weken, voordat de begroting aan het AB wordt aangeboden, aan de gemeenteraden worden toegezonden. Gedurende deze 12 weken kunnen de raden zienswijze indienen bij het DB. Het DB reageert voor vaststelling door het AB schriftelijk én gemotiveerd op de ingediende zienswijzen door de raad. Het AB stelt vervolgens de begroting vast. De begroting moet binnen 2 weken na vaststelling, maar uiterlijk 15 september (voorheen 1 augustus) worden toegezonden aan de Gedeputeerde Staten. De uitvoering van de activiteiten is een verantwoordelijkheid van de Verbonden Partij. Hierop kan geen zienswijze worden ingediend.

Voor de beoordeling door de Raad zijn met name van belang beleidsaanpassingen en nieuwe ontwikkelingen die een financiële impact hebben op de totale begroting. Deze 1

worden onderstaand toegelicht. In de begroting wordt ook inzichtelijk gemaakt wat de financiële gevolgen zijn van CAO-wijzigingen, indexeringen en beleidswijzigingen waarover reeds besluitvorming heeft plaatsgevonden. Dit zal eveneens nader worden toegelicht. Tot slot zal het Totaalbedrag van Meerjarenraming 2024 Jaarschijf 2025 worden aangegeven en het totaalbedrag van de begroting van de GR en de impact hiervan op onze gemeente. In deze nota van toelichting ligt voor de begroting van GR RUD-Zuid-Limburg. Doelstelling De raad de gelegenheid te geven haar zienswijze te geven op de Bijgestelde Begroting 2024 en de Ontwerpbegroting 2025, zodat deze betrokken kan worden bij de definitieve besluitvorming door het AB. Gevraagd wordt de reactie uiterlijk 11 juni 2024 aan het AB kenbaar te maken. Argumenten Jaarrekening 2023 De Jaarrekening 2023 van de RUD sluit op een onverdeeld resultaat van € 785.606. Het DB stelt aan het AB voor om uit het resultaat een aantal reserves te vormen en het restant uit te keren:

De verhoging van het Weerstandsvermogen is een direct gevolg van de toename van de omvang van de Begroting 2025. De vorming van de beide Bestemmingsreserves “bodemtaken ingroeimodel” en “basistaken ingroeimodel” zijn gedacht om de kostenstijging in 2025 als gevolg van beide ingroeimodellen (die voortkomen uit wetswijzigingen) te dempen. Het is aan het AB of men dit voorstel volgt dan wel er voor kiest om deze reserves niet te vormen, daardoor nu meer uit te keren en de Begroting 2025 met eenzelfde bedrag te verhogen. Het vaststellen van de Jaarrekening en hoe om te gaan met een overschot is aan het AB, de raden hebben hierin geen rol. Bijstelling Begroting 2024 De redenen voor bijstelling: -Effect aanpassing loonschalen aan CAO SGO geldend vanaf 1 januari 2024, groot € 93.000; -Effect ingroeimodel bodemtaken. In vastgestelde begroting 2024 is gerekend met 2,5 fte, in gewijzigde begroting wordt gerekend met het ingroeimodel, 4 fte. Totaal effect van deze wijziging is € 157.000. De bijgestelde begroting 2024 als geheel neemt in omvang toe met ca. € 250.000 naar € 17.683.000. Deze bijstelling betekent voor Kerkrade een toename aan kosten met € 17.000 naar € 312.000.

2

Echter, indien het AB besluit om het voorstel van het DB te volgen over het vormen van een “bestemmingsreserve nieuwe bodemtaken ingroeimodel” uit het overschot Jaarrekening 2023 dan wordt deze kostenstijging hieruit gefinancierd en komt de te betalen extra bijdrage uit op 0 euro.

Begroting 2025 De toelichting op de wijzigingen tussen Begroting 2025 en de Bijgestelde Begroting 2024 staat in de tekst op pag. 24 t/m 26. De wijzigingen hebben voor Kerkrade een relevant gevolg, de verwachte kosten stijgen van € 312.000 in 2024 naar € 420.000 in 2025. In de begroting van de gemeente Kerkrade is voor het jaar 2025 een bedrag van € 310.000 begroot. Het tekort ad € 110.000 voor 2025 zal betrokken worden bij de behandeling van de begroting 2025 van de gemeente Kerkrade. Voor het jaar 2026 en verdere jaren bedraagt het tekort € 175.000 omdat er voor die jaren € 245.000 voorzien is in de begroting van de gemeente Kerkrade. De essentie van de redenen achter deze stijging zijn: -gevolgen van de invoering van de Omgevingswet waarbij de wetgever van het moment gebruik gemaakt heeft om het aantal taken dat verplicht bij een Omgevingsdienst dient te worden ondergebracht flink uitgebreid is (“nieuwe basistaken”) en deels bevoegdheden verschoven heeft van Gedeputeerde Staten naar colleges (“nieuwe bodemtaken”). Beide “nieuwe taken” dienen verplicht door de RUD te worden uitgevoerd, de rekening daarvan komt bij de colleges. De Provincie dempt de kostenstijging als gevolg van overheveling van bodemtaken door hier tijdelijk een financiële bijdrage in te leveren.

-gevolgen van de door het Rijk gemaakte keuze om Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving op milieugebied en bouwgebied (dit laatste voor zover Gedeputeerde Staten bevoegd gezag zijn) te beleggen bij “robuuste Omgevingsdiensten”. Aan het zijn van “robuust” worden door het Rijk eisen gesteld. Iedere GR dient per 1 april 2026 aan die criteria te voldoen. De toename aan Basistaken levert deels invulling hieraan maar daarnaast dient geïnvesteerd te worden in het bereiken van die robuustheid. De kosten hiervan komen bij de deelnemers aan de GR terecht. De vraag of dit laatste “fair” is, stelt zich niet omdat deelnemers hierop geen invloed hebben omdat het een verplichting is. Weliswaar kan op onderdelen verschillend gedacht worden over wanneer, hoe en op welke wijze te gaan voldoen aan de criteria, het te behalen doel is door het Rijk voorgegeven. De staatsecretaris van BZK heeft inmiddels laten weten zich actief te gaan bemoeien met cq. te gaan ingrijpen bij Omgevingsdiensten die niet (gaan) voldoen aan de robuustheidscriteria. De Bijgestelde Begroting 2024 en de Begroting 2025 geven, gelet op het bovenstaande, geen aanleiding tot opmerkingen. Gezien de financiële gevolgen van beide begrotingen wordt voorgesteld een neutrale zienswijze uit te brengen.

Kanttekeningen Naar aanleiding van de wijziging van de Wgr is dit jaar nieuw dat de termijn voor het indienen van eventuele zienswijzen structureel met vier weken is verlengd (van acht naar twaalf weken). 3

Verder is nieuw dat het Dagelijks Bestuur de raden van de deelnemende gemeenten voorafgaand aan het vaststellen van de Ontwerpbegroting door het Algemeen Bestuur schriftelijk en gemotiveerd in kennis dient te stellen van zijn oordeel over de ontvangen zienswijzen en de eventuele conclusies die daaraan worden verbonden. Financiën Samengevat hebben de begrotingswijziging 2024 en de ontwerpbegroting 2025 e.v. voor Kerkrade de volgende financiële consequenties: Bedragen * € 1.000 Alle bedragen in euro’s

2024

Primaire begroting 2024

17.433

Begrotingswijziging 2024

17.683

2025

2026

2027

2028

20.700

20.991

21.107

21.525

-110

-175

-175

-175

Financieel gevolg Kerkrade Begroting / Meerjarenramiqng Financieel gevolg Kerkrade

0

Communicatie In een gezamenlijke commissievergadering zullen de financiële gevolgen van de verschillende Gemeenschappelijke Regelingen inzichtelijk worden gemaakt. Uitvoering De aanbiedingsbrief is getekend op 20-3-2024. Reactie wordt gevraagd uiterlijk 11 juni 2024. De voorlopige Jaarrekening 2023 is ter kennisname. Gezondheid en Vitaliteit n.v.t. Burgerparticipatie Niet van toepassing. De kosten komen niet ten laste van de burger.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=9330851d-924d-48d0-97b7-2dd86312b585