CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadscommissie 210624 (notulen)(concept)

Raad 8 juli 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: Notulen van de vergaderingen van de raad en de raadscommissie5.101 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van de gemeente Katwijk gehouden op donderdag 24 juni 2021

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

Punten van behandeling Locatie raadzaal 1. 2. 3. 4.

Opening ......................................................................................................................................................... 3 Vaststelling van de agenda van de raadscommissie ................................................................................. 3 Gedeeltelijke herziening bestemmingsplan Kustwerk (9243) .................................................................... 3 Sluiting.......................................................................................................................................................... 13

2

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

LOCATIE RAADZAAL Aanwezig zijn 9 leden: de heer R. Boland (D66), mevrouw R. Dees-van Duijn (KiesKatwijk), de heer M. van Duijn (DURF), de heer drs. W.J. van Duijn (SGP), de heer drs. R. Haasnoot (ChristenUnie), de heer R.P. Slootweg (GemeenteBelangen), de heer B. Tensen MSc MA (CDA), de heer M. van Tuijl MSc (PvdA) en de heer C.B. Zuyderduyn (VVD) Voorzitter: Griffier: Wethouders: Notulist:

1.

de heer Van der Plas mevrouw Van Schaik de heren Mostert en Knape de heer Emck

Opening

De voorzitter opent de commissievergadering om 19.30 uur. 2.

Vaststelling van de agenda van de raadscommissie

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming stelt de raadscommissie de agenda vast. INFORMATIEVE SESSIE 3.

Gedeeltelijke herziening bestemmingsplan Kustwerk (9243)

De voorzitter deelt mee dat er vier meesprekers zijn aangemeld. De heer Van As spreekt mee als eigenaar van strandpaviljoen Surf en Beach en namens de Vereniging van Strandexploitanten Katwijk (VVS). De strandtenthouders voelen zich niet serieus genomen en zijn teleurgesteld. Uit het concept van het bestemmingsplan blijkt dat alle 34 door het bestuur van de VVS ingediende zienswijzen van tafel zijn geveegd. Er is sprake van overregulering en betutteling. Een voorbeeld is dat picknicktafels, parasols en windschermen van de huisjes niet verder dan 5 meter uit de gevel mogen worden geplaatst. Doen de gasten dat toch, dan loopt de eigenaar kans op een bekeuring. Andere bezoekers mogen alles wat zij willen meenemen naar het strand en hun eigen plek uitkiezen. Strandtenthouders mogen maar een speeltoestel plaatsen in plaats van de drie die er nu staan. Het vertrouwen in de wethouder, die het nieuwe bestemmingsplan zonder goedkeuring door de raad presenteerde in het Leidsch Dagblad, is weg. Het lijkt een prestigeobject, met als houding 'Ik zal die strandjongens weleens zeggen wat het gaat worden'. Iedereen heeft baat bij een goed doordacht, werkbaar en gedragen bestemmingsplan. Alle 34 punten weglachen heet in de volksmond ook wel pesten. Deze nota heeft alleen tot doel om nieuwe onzinnige regels buitenproportioneel streng te handhaven. De heer W.J.

van Duijn merkt op dat sprake is van een conserverend bestemmingsplan. Wel is de regelgeving gepreciseerd ter wille van een betere handhaving. Welke regels zijn er verscherpt?

3

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

De heer Van As zegt dat in de nieuwe situatie een picknicktafel niet verder dan 5 meter van de voorgevel van een strandhuisje mag worden geplaatst. Het toezicht is streng en er wordt bekeurd. De heer M. van Duijn hoort dat een deel ook aan de communicatie ligt. Hadden de paviljoenhouders een vast aanspreekpunt bij de gemeente? Hoe was de sfeer in de gesprekken? De heer Van As beschrijft dat gesprekken zijn gevoerd met de wethouders Knape en Mostert. Na afloop was de indruk dat er wat fouten aan de kant van de gemeente waren gerepareerd. Uiteindelijk komt er dan over de e-mail een bericht dat dat is gebeurd maar dat er verder niets verandert. De heer Slootweg hoorde dat de paviljoenhouders in de beginfase ideeën hebben aangeleverd maar dat daar niets mee is gedaan. Hij vraagt om de ideeën te noemen die naar hun mening hadden moeten worden gehonoreerd. De heer Van As zegt dat die tijdens een bezoek van anderhalf jaar geleden met onder andere de heer Derksen (beleidsmedewerker) zijn benoemd. Een idee was om een strandterras toe te staan, à la model Noordwijk, uiteraard tegen extra betaling. De heer Derksen had daar wel oren naar. Een ander idee was om, rekening houdend met 4 meter NAP, 's zomers units op het strand in te graven waarin verhuurspullen kunnen worden opgeslagen. Met die ideeën is niets gedaan.

Het plaatsen van extra toiletunits in de coronaperiode is een of twee keer toegestaan. Het strand wordt drukker en de paviljoenhouders willen voldoende voorzieningen aan kunnen bieden. Dat lukt niet. De heer Tensen veronderstelt dat de zienswijzen tijdens de coronaperiode zijn opgesteld. Is er reden om die te herzien nu die periode nagenoeg voorbij is? De heer Van As deelt mee dat de zienswijzen daarvoor zijn ingediend. Als indiening op dit moment aan de orde zou zijn, zou er niets aan worden veranderd. De heer M. Grimbergen spreekt mee als mede-eigenaar van strandpaviljoen Paal 14. De maatvoering die in het concept staat kan niet worden uitgevoerd. De overgang van 35 m 2 naar 275 m2 is absoluut onrealistisch. Hoe zijn deze maten tot stand gekomen? Waarom is daar niet met de paviljoenhouders over overlegd? Zij voelen zich genegeerd en gepasseerd. De enige mogelijkheid om een paviljoen van 275 m2 te bouwen is 10 meter aan de duinzijde en 27,5 meter naar de zeezijde, met het dak haaks op het duin. De paviljoenhouders willen dat meer onderzoek wordt gedaan en dat een eerlijk, gefundeerd advies wordt uitgebracht. Het terras aan de zuidkant is logisch, in verband met zonuren en de koude noordelijke wind. 275 m2 kan met de geldende regels niet worden gebouwd. De paviljoenhouders willen geen 18,5 maar 12 meter breed.

In de nieuwe Drank- en Horecawet wordt een goothoogte van 2,60 meter vastgelegd. Tot dusver was dat 2,40 meter. Is het effect daarvan meegenomen in het bestemmingsplan? Hij zou niet weten hoe hij aan een dakhelling van 15° bij een bouwhoogte van 9,5 meter kan voldoen. Er zijn de afgelopen jaren rechtszaken met de gemeente gevoerd over de maatvoering. De paviljoenhouders moeten van het stempel af dat zij maar wat aanrommelen en worden gezien als obstakels. Alle paviljoens bij elkaar zijn de grootste werkgeversector binnen de gemeente. Geef hen de ruimte waar zij al jaren om vragen. Stop ermee om van hen te eisen dat zij een onmogelijke blokkendoos bouwen.

4

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

Zij geven de voorkeur aan het werken met een strandbeleid. Dat is aanpasbaar, in tegenstelling tot een bestemmingsplan dat voor 10 jaar vaststaat, en hij verwacht dat er na de verkiezingen behoefte zal bestaan aan verandering van het beleid. De heer Zuyderduyn vraagt of de paviljoenhouders weten waarom de gemeente kiest voor een strikte maatvoering. De heer M. Grimbergen weet dat niet. De overgang is veel te groot. De heer Zuyderduyn vraagt of de paviljoenhouders van de gemeente hebben gehoord waarom deze maatvoering wordt gehanteerd. De heer M. Grimbergen weet dat niet. De heer Boland leest in de beantwoording dat de maatvoering is gekozen om het aantal strandhuisjes te beperken. Hij begrijpt dat 275 m 2 veel is. Wat zou wel een fatsoenlijke maat zijn? Hoe groot is het paviljoen van de broers Grimbergen? Wat is de gemiddelde maat? De heer M. Grimbergen deelt mee dat die 18,5 is. De maten zijn te strak vastgelegd, waardoor de nodige flexibiliteit voor aanpassingen of omzetting in een jaarrond paviljoen ontbreekt. 275 m2 is onhaalbaar. De heer Van Tuijl leest in de reactie op de zienswijzen dat 275 m2 de minimale maat moet zijn, met een minimale breedte van 18,5 meter, om kwaliteit en gebruik van het paviljoen te kunnen borgen. De heer M. Grimbergen zegt dat het dan veel dieper moet zijn.

18,5 meter is niet logisch, zeker niet met een terras, waarvan het belangrijk is dat het op het zuiden is geplaatst. De heer Van Tuijl vraagt of over dit specifieke punt met de gemeente is overlegd. De heer Van As deelt mee dat er is overlegd maar dat er geen keus is. Er is niet gekeken naar wat paviljoenhouders willen. Met 275 m2 en de windrichtingbeperkingen kan niets moois worden neergezet. De heer Van Tuijl vraagt op welke wijze de gemeente daarop reageerde. De heer Van As antwoordt dat de reactie was 'Dit is het'. De heer Slootweg merkt op dat veel paviljoens al jaarrond draaien en dus niet op de maat van 275 m2 worden aangepast. Hoeveel daarvan zijn kleiner dan 275 m2? De heer Van As deelt mee dat geen enkel paviljoen op dit moment kleiner is. Het gaat erom dat de paviljoenhouders niet uit de voeten kunnen met de spelregels die op die minimale maat worden toegepast. Daar moet naar worden gekeken. De heer Boland vraagt wat de spelregels zijn die een praktische uitvoering in de weg staan. Gaan die over hoe het paviljoen georiënteerd moet zijn, maximale hoogte, dakhelling?

5

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

De heer Van As bevestigt dat. Op 1 juli 2021 gaat de nieuwe Drank- en Horecawet in en de goothoogte gaat dan van 2,40 naar 2,60 meter. Een en ander wordt dan volkomen onuitvoerbaar. De heer Boland vraagt of alle huidige strandtenten niet aan de aanvullende spelregels voldoen. De heer Van As deelt mee dat zij daar wel aan voldoen. Maar in de toekomst 275 m2 bouwen lukt niet met de nieuwe spelregels. De heer R. Haasnoot vraagt of er een beweging is om kleinere paviljoens te bouwen. Welke maat, zo dicht mogelijk bij die 275 m2, zou wel voldoen? De heer Van As kan zich goed voorstellen dat grotere paviljoens door corona en personeelsgebrek willen afschalen. Dat is echter praktisch niet uitvoerbaar. De heer R. Haasnoot herhaalt zijn vraag: welke maat, zo dicht mogelijk bij die 275 m 2, zou wel voldoen? De heer M. Grimbergen wil graag van de regel af dat parallel aan het duin moet worden gebouwd. Een lange, smalle tent in de richting van de zee met een lang terras aan de zuidzijde biedt veel meer voordelen. De heer Tensen vraagt of door paviljoenhouders na de reactie van de gemeente op de zienswijzen is getracht om nieuwe argumenten of onderbouwingen naar voren te brengen.

Is er daarna nog met elkaar gesproken? De heer Van As bevestigt dat partijen daarna met elkaar hebben gesproken, maar het proces herhaalde zich: de paviljoenhouders dachten dat partijen in die gesprekken naar elkaar toekwamen, maar in de later opgestelde e-mail blijkt dat niet het geval te zijn. De heer Tensen vraagt of de paviljoenhouders het gevoel hadden dat zij in die contacten nieuwe argumenten of onderbouwingen naar voren zijn gebracht. De heer Van As antwoordt dat zij dat gevoel een beetje hadden. Er is niet met de aangedragen punten gedaan. De heer Van Tuijl leest in de reactie van de gemeente dat lange strandtenten die naar de zee lopen ten koste gaan van de ruimte voor andere strandbezoekers. Volgens hem hebben de meeste paviljoens daar nu echter hun cabines staan. De heer M. Grimbergen is het ermee eens dat het ruimtebeslag niet verandert. De heer R. Haasnoot vraagt of met VVS Katwijk is overlegd over de verhouding tussen strandtent en strandhuisjes. Is de optie besproken dat de tent kleiner zou mogen worden maar dat er dan een limiet wordt gesteld aan het aantal huisjes? De heer Van As antwoordt dat er limieten zijn vastgelegd: 1.000 m 2 strandtent inclusief terras en maximaal 10 strandhuisjes mits er 25% van het vak overblijft.

6

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

De heer Schipper spreekt mee namens strandpaviljoens Zand en Zilt. Hij steunt in principe dat de grote lijnen in een bestemmingsplan worden vastgelegd. Tot zijn grote verbazing gaat het halverwege het plan echter opeens over de kleuren van tussenschotjes, het maximum aantal meters dat een parasol mag worden verplaatst, overkappinkjes, vlonders, enzovoorts. In 2020 zijn de plannen voor zijn strandhuisjes getoetst door de planoloog van de gemeente. Nadat was vastgesteld dat aan alle door de gemeente gestelde eisen werd voldaan, is tot uitvoering overgegaan. Het kan en mag toch niet zo zijn dat de gemeente halverwege het spel de regels naar eigen inzicht aanpast? Hij raadt af zandterrassen van 500 m 2 tijdens het zomerseizoen in het bestemmingsplan te verbieden. Het plan bevat bijna alleen verbodsbepalingen. Er komt ook nog eens een gigantische pachtverhoging aan. Wat krijgen de paviljoenhouders daarvoor terug? Er is door alle partijen geïnvesteerd in een goede sfeer op het Katwijkse strand en daar komen de juiste toeristen op af. Dat moet worden gekoesterd en het zou de gemeente sieren als zij de hoofd- van de bijzaken scheidt. Zij moet niet op microniveau de paviljoens kapot reguleren. Hij verwacht dat de eerder gemaakte afspraken worden gerespecteerd en dat de nieuwe regels er niet toe leiden dat de hele investering moet worden omgegooid.

Mevrouw Dees vraagt of het juist is dat er gaande het proces steeds meer details zijn toegevoegd. De heer Schipper zegt dat hij dat zo interpreteert. De heer Slootweg vraagt of de strandhuisjes die er nu staan volgende nieuwe regels niet meer zijn geoorloofd. Wat moet er dan worden aangepast? De heer Schipper deelt mee dat de hekjes een meter moeten worden ingekort, parasols een meter dichterbij moeten worden geplaatst en de gasten moeten worden gewaarschuwd dat zij niet verder dan tot 5 meter uit het grensgebied objecten mogen verplaatsen. De heer Van Tuijl ziet de wethouder nee schudden, op alle punten. Hij is benieuwd naar wat straks diens reactie zal zijn. Hij hoort spreken over 'de situatie in 2020'. Is dat in- of exclusief de verruiming in zandterrassen die tijdens corona is toegestaan? De heer Schipper zegt dat dat een ander traject is. De vraag is om paviljoenhouders ruimte te geven om gebruik te maken van extra zandterrassen zoals dat in Noordwijk ook gebeurt. Wat is er mis met het Katwijkse strand waardoor het noodzakelijk wordt om van alles aan te passen? De eigenaars zijn wel even klaar met investeren. De heer Van Tuijl is op zoek naar verhouding tussen de wegens corona toegestane verruiming en de nu voorgelegde nieuwe regels.

De heer Schipper beschrijft dat de verruiming inhield dat het was toegestaan om aan de west- en zuidzijde van het terras een rij extra tafels neer te zetten. Daar komt een vuistdik bestemmingsplan voor terug. Wat ook verboden wordt, is het overkappen van het terras om die ook 's winters te kunnen gebruiken. In andere plaatsen is dat toenemend populair. Er is steeds minder mogelijk. De heer Zuyderduyn vraagt of de gemeente heeft gevraagd naar de mening van de meespreker.

7

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

De heer Schipper zegt dat dat niet is gebeurd en dat hij daarom naar deze sessie komt. De heer Gadron spreekt mee als eigenaar van strandpaviljoen SandCbar Katwijk. Waarom mogen de strandtenthouders geen opslagunits op het strand zetten, naar Noordwijks voorbeeld? Die staan er alleen 's zomers, om de strandverhuurspullen netjes in op te bergen. Dan zijn ze veilig bij slecht weer en voor de jeugd, die er nu op het strand vaak een bende van maakt. Dat leidt tot veel schade en tot Zandvoortse taferelen. Er wordt te weinig gehandhaafd. Hij pleit voor twee units achter de paviljoens, voor bijvoorbeeld extra toiletten en een koelcel. Geef de paviljoenhouders de ruimte en stop met betuttelen. Het lijkt er nu op alsof de gemeente tegen hen is. Ga serieus met hen in gesprek en betrek de achterban erbij. De gemeente vraagt opgave van aantallen ligbedden, parasols en strandstoelen. Die zijn niet stabiel, want na een nachtelijk bezoek van de jeugd zijn dat er altijd weer een stuk minder. De heer R. Haasnoot wijst erop dat de ruimte die mag worden bebouwd enige tijd geleden aanzienlijk is verruimd, naar 1.000 m2.

Was er eerder wel ruimte om aparte units neer te zetten? Is van die verruiming gebruik gemaakt om extra opslagmogelijkheden te creëren? De heer Gadron licht toe dat er opslagruimte is in het paviljoen, maar dat het niet te doen is om elke dag 200 bedden vanaf beneden naar boven te sjouwen. Er komt steeds meer jeugd op het strand, die maken graag een vuurtje en gebruiken dan de spullen. Er is te weinig handhaving. Strandtenthouders moeten zelf optreden en dat is onprettig. De heer Boland vraagt of de verwachting is dat het probleem verdwijnt als jongeren weer elders terecht kunnen. De heer Gadron verwacht niet dat er snel andere mogelijkheden komen. Daarnaast hebben de jongeren het strand nu ontdekt. De heer Boland begrijpt dat de meespreker denkt dat de jongeren niet zullen vertrekken. Is dat een oud of een nieuw probleem? De heer Gadron ziet zeker een toename nadat door corona veel uitgaansmogelijkheden werden afgesloten. Het strand is ook een uitwijk omdat op andere locaties meer wordt gehandhaafd. De heer M. van Duijn vraagt het college te reflecteren op het contact met de paviljoenhouders. Wethouder Mostert zegt dat er op ambtelijk en bestuurlijk niveau veel gesprekken met de VVS hebben plaatsgevonden.

Daarin is uitgelegd met welke opdracht het college door de raad op pad is gestuurd en met welke andere belangen de gemeente rekening moet houden: natuurclubs, strandbezoekers die geen gebruik maken van een strandtent, hoogheemraadschap, provincie en Rijkswaterstaat. Het is niet waar dat er niets met de inbreng van de VVS is gebeurd. Er is onder andere gehoor gegeven aan het bezwaar van de vereniging tegen de voorgenomen verkleining van de strandhokjes. In het vorige bestemmingsplan was niet geregeld hoe lang de hekjes bij de strandhuisjes mochten zijn. Er is voor gekozen om in dit en in andere gevallen duidelijke regels te stellen, om te voorkomen dat discussies over de handhaving ontstaan. De raad zou kunnen kiezen voor een andere maat dan de voorgestelde 5 meter.

8

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

De opdracht die het college moet uitvoeren leidt er niet toe dat iedereen tevreden kan worden gesteld. Het is wel goed dat de gesprekken zijn gevoerd en hij is van mening dat die moeten worden voortgezet. De heer Boland vraagt of kan worden geëist dat iets wat eerder is vergund aan de nieuwe eisen wordt aangepast. Wethouder Mostert wil eerst melden dat geen handhaving aan de orde is bij 'niet aan de aarde verbonden zaken': parasols, stoelen, picknicktafels en dergelijke. Dat staat ook niet in het bestemmingsplan. De hekjes zijn wel aan de aarde verbonden. Over de lengte daarvan zal moeten worden gesproken, maar hij veronderstelt dat wat eerder is vergund ook vergund blijft. De heer Schipper deelt mee dat eerder plannen zijn ingediend en goedgekeurd. In het nieuwe bestemmingsplan staat dat klaphekjes en overkappingen niet meer zijn toegestaan. De heer Van Tuijl vraagt wat de reden en motivatie is om zaken scherp te begrenzen. Is het erg als de zandterrassen blijvend worden toegestaan? Wethouder Mostert bevestigt dat de regel is: 'vergund is vergund'. Klaphekjes en overkappingen die op basis daarvan zijn geplaatst mogen blijven. Nieuwe situaties worden getoetst aan het bestemmingsplan. Het besluit over de zandterrassen is aan de raad.

Het college heeft bij motie de opdracht 'geen extra bebouwing op het strand' van de raad ontvangen, met daarbij als overweging dat het strand zo veel mogelijk publiek toegankelijk moet blijven. Het heeft geprobeerd die opdracht in te vullen; de raad kan in meerderheid tot een verruiming beslissen. Dat was echter niet de opdracht. De heer Boland wijst erop dat andere gemeenten dezelfde belangenafweging moeten maken. Hoe verhoudt dit concept-bestemmingsplan zich tot dat van andere gemeenten? Is dit, met de door het college geïnterpreteerde opdracht, de Katwijkse uitwerking? Wethouder Mostert bevestigt dat dit een Katwijkse uitwerking is. Langs de Noordzeekust zijn ook heel andere beelden zichtbaar, met veel meer bebouwing. Daar kiest Katwijk niet voor, en dus ligt deze uitwerking voor. De heer Boland acht de situatie in Noordwijk vergelijkbaar met die in Katwijk. Meesprekers voeren aan dat daar meer mag. Wethouder Mostert is van mening dat daar niet heel veel meer is toegestaan. Het is uiteindelijk een keus, en die is aan de raad. De heer Van As meldde al dat in Noordwijk opslagunits zijn toegestaan. Wethouder Mostert deelt mee dat over het ingraven van die units advies aan het hoogheemraadschap en Rijkswaterstaat is gevraagd. Het antwoord was 'Nee, liever niet'. De heer Boland vraagt waarom in Katwijk niet kan wat in Noordwijk wel kan.

9

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

Wethouder Mostert doet de toezegging dat dat zal worden nagevraagd. Mevrouw Dees begrijpt dat 'vergund is vergund' betrekking heeft op de bestaande bouw. Maar welk kader is van toepassing er als twee strandhuisjes afbranden en worden vervangen? Wethouder Mostert antwoordt dat, als ze vergund waren, soortgelijke nieuwe exemplaren mogen worden teruggebouwd. Er zijn extra regels geformuleerd over de extra bouwwerken nabij de strandhuisjes: hekjes, en terrassen die erachter of ervoor worden geplaatst. De heer Schipper wijst erop dat de huisjes niet vergunningsplichtig zijn maar moeten voldoen aan het bestemmingsplan. Als dat halverwege wordt veranderd, veranderen de voorwaarden mee. Dat is wat er nu aan de orde is. De heer Van Tuijl begrijpt dat het college op basis van de motie met de nieuwe regels aan de slag is gegaan. In de argumentatie in reactie op de zienswijzen komt naar voren dat het het college niet zozeer gaat om de oppervlakte van de bebouwing maar om 'het mag niet minder beeldbepalend worden doordat de bebouwing niet meer evenwijdig aan de duinen ligt'. Dat gaat over wat mooi is, niet over wat vanavond tot dusver naar voren is gebracht. Wethouder Mostert bevestigt dat de kwalitatieve uitstraling een ander aspect is. Dat is in de ruimtelijke ordening ook zeer gebruikelijk.

Er wordt vanuit stedenbouwkundig perspectief gekeken naar de lijnen die op de duinen liggen en naar de wijze waarop het beste wordt gegarandeerd dat het huidige karakter behouden blijft. De heer Van Tuijl wijst erop dat die lijnen nu ook niet allemaal gelijk lopen. Er is een behoorlijke variatie van strandtent tot strandtent. Zit daar wat het college betreft nog ruimte in? De paviljoenhouders vragen daarom. Wethouder Mostert is van mening dat variatie al mogelijk is: men mag van 275 m2 tot 1.000 m2 bebouwen. In de situering wordt, om een zekere mate van rust te bereiken, wel een keus gemaakt. De heer Tensen stelt voor de cijfers erbij te pakken. Een strandvak is 15.000 m 2, en het gaat om 500 m2. Biedt dat niet genoeg uitgangspunten? Wethouder Mostert begrijpt niet wat spreker bedoelt met het getal 500. De heer Tensen heeft het over het hele strandvak, 15.000 m 2. De 500 m2 meter op het totaal. Wethouder Mostert vraagt en krijgt bevestigd dat de vraag gaat over de extra zandterrassen. De suggestie is kennelijk dat men maximaal 1.0000 m 2 voor een strandpaviljoen ter beschikking krijgt en dan nog eens 500 m2 voor een zandterras. Dat kan, maar de opdracht van de raad was om zo veel mogelijk strand te behouden voor diegenen die zonder portemonnee naar het strand komen.

De heer Zuyderduyn wijst erop dat een van de doelen in de Omgevingswet is dat er minder regels en meer ruimte voor initiatieven komen. Is wat hier gebeurt niet juist het tegenovergestelde? Waarom is er minder aandacht voor de mogelijkheden dan voor de onmogelijkheden? Wethouder Mostert is van mening dat wel is gekeken naar de mogelijkheden.

10

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

Het college houdt zich aan de door de raad verstrekte opdracht en houdt rekening met de belangen van andere partijen. De Omgevingswet bevat de notie dat regelgeving moet passen bij de specifieke situatie. Binnen een oud historisch centrum zullen veel specifieke regels van kracht zijn, elders zijn die globaler. De heer Zuyderduyn ziet in het bestemmingsplan niet terug dat er goed naar mogelijkheden is gekeken. Wethouder Mostert herinner eraan dat na de afronding van het Kustwerk heel veel meer mogelijk is geworden. De redenen waarom nog eens naar het bestemmingsplan wordt gekeken zijn dat bestaande onduidelijkheden moeten worden weggenomen en dat de raad heeft uitgesproken dat de bebouwing niet toe mag nemen omdat hij het strand ook toegankelijk wil houden voor diegenen die geen gebruik van de strandpaviljoens willen maken. De heer Slootweg hoort veel meesprekers zeggen dat sprake is van overregulering. Wat is de mening van het college? Zij vragen om meer ruimte. Wethouder Mostert kan zich goed voorstellen dat de exploitanten dit zien als regelgeving waar ze niet op zitten te wachten. Tegelijkertijd heeft hij bij herhaling toegelicht dat er ook andere belangen moeten worden gediend. Daarom is het onmogelijk om iedereen volledig tevreden te stellen. De heer Boland hoort dat er zorgen zijn over de combinatie van bouwoppervlak, hellingen en maximale bouwhoogte.

Een meespreker meldde dat de huidige bebouwing wel aan de eisen voldoet. Wanneer ontstaan er problemen? Is wat is opgesteld in de toekomst werkbaar? Wethouder Mostert bevestigt dat de huidige situatie in orde is. Problemen ontstaan pas als er plannen worden ontwikkeld voor her- of nieuwbouw, of voor permanente bouw. Vanuit commercieel oogpunt is het aanlokkelijk om een kleine friettent te realiseren en daarnaast veel strandhuisjes. Om dat tegen te gaan is het minimum van 275 m 2 opgenomen. De heer Boland begrijpt dit doel. Een andere oplossing zou kunnen zijn dat de regel wordt gesteld dat er een maximum is aan het aantal strandhuisjes dat mag worden geplaatst. Hij hoort de wethouder nog niet reageren op de geuite zorgen over de combinatie van bouwoppervlak, hellingen en nieuwe goothoogte. Wethouder Mostert doet de toezegging dat zal worden nagegaan of de combinatie van eisen en de nieuwe regelgeving het onmogelijk maken om binnen die kaders iets te realiseren. De heer M. Grimbergen begrijpt nog steeds de eisen aan de breedte niet. Als 275 m2 het vereiste wordt, waarom mogen de ondernemers dan niet zelf kiezen voor 11x25 of 12x25? Wethouder Mostert erkent dat ook daarover valt te twisten. De stedenbouwkundigen die bij Katwijk in dienst zijn adviseren een bepaalde eenheid en rust aan te brengen. Daarbinnen is er veel vrijheid.

Dat blijkt ook wel, want de huidige strandtenten zijn geen eenheidsworst. De raad kan een andere keus maken. Mevrouw Dees hoort dat alle meesprekers dezelfde lijn willen, die echter haaks staat op wat het college wil. Valt daar nog over te spreken?

11

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

Wethouder Mostert veronderstelt dat de aanname onjuist is. De heer Van As veronderstelt dat die juist is. Wethouder Mostert wijst erop dat de consequentie is dat alle strandtenthouders bereid zouden moeten zijn de oriëntatie van hun tent te wijzigen. Dat zal niet het geval zijn, want dan moeten zij nogmaals veel geld investeren. De heer Van As spreekt ook niet namens alle exploitanten. Een gesprek hierover voeren is altijd mogelijk, maar dan wil hij daar vooraf met de raad duidelijke kaders over afspreken. De heer Tensen vraagt hoe het kan dat handhavers wel nauwgezet maten controleren maar overlastgevende jongeren niet aanpakken. Wethouder Mostert heeft er geen moeite mee om dat uit te leggen: controle van maten door een ambtenaar vindt tijdens normale werkuren plaats. De genoemde overlast vindt 's avonds of 's nachts plaats en daar moet tegen worden opgetreden door goa's, die niet 's nachts werken, of door de politie en het is algemeen bekend dat de politie onderbezet is. De heer Tensen vraagt of de wethouder weet hoe het eraan toe gaat als strandtenthouders zelf de overlastgevende jongeren aanspreken. Wethouder Knape bevestigt dat er sprake is van overlast en dat de inzet om die te bestrijden met de huidige politiebezetting niet voldoende kan worden waargemaakt. Andere toezichthouders zijn belast met de controle van maatvoeringen.

De aanpak daarvan is onderwerp van gesprek met de VVS en binnen de gemeentelijke organisatie. Mevrouw Dees merkt op dat binnen het bestemmingsplan kan worden geregeld dat strandtenthouders de spullen veilig in een opslagunit opbergen. Wethouder Mostert herhaalt dat de strandtenthouders over 1.000 m2 beschikken om alle nodige functies onder te brengen, waaronder ruimte voor het opslaan van materialen. Na het kustwerk verschenen allerlei andere oplossingen, met een toenemend ruimtebeslag, en daarover is gezegd dat die praktijk moet worden beëindigd. De heer Van As voert aan dat de opslagunits er alleen de drie zomermaanden zouden staan. Mevrouw Dees voert aan dat de spullen hoe dan ook beslag op de ruimte leggen. Waarom dan niet in een hok? Wethouder Mostert licht toe dat voor het opstapelen van stoelen geen vergunning nodig is. Voor het plaatsen van een aan de aarde verbonden opslagunit of een container is dat wel het geval. Opslagunits toestaan betekent dat de afgesproken 1.000 m 2 wordt verruimd. Dat is wat anders dan wat een jaar geleden met de raad is afgesproken. Exploitanten zullen die verruiming verwelkomen, want dat betekent dat ruimte die zij anders voor opslag moeten inzetten kan worden gebruikt voor andere functies, om meer inkomsten te genereren. De heer Tensen vraagt of voor de surfschool, die graag wil uitbreiden, dezelfde regels gelden.

12

Notulen van de openbare vergadering van de raadscommissie van Katwijk op 24 juni 2021, nr. 40449

Wethouder Mostert deelt mee dat op die organisatie dezelfde regels van toepassing zijn. De heer Boland begrijpt dat de regels zijn gericht op 'aan de grond gebonden' zaken. De stelling dat dat huurders van strandhuisjes daar dichtbij moeten blijven met parasols en dergelijke is dus onjuist? Hij ziet dat de wethouder knikt. Verder leest hij dat zandterrassen op drukke dagen ruimte wegneemt voor andere badgasten. Hoe groot is dat probleem? Hoe vaak is die ruimte echt nodig? Wethouder Mostert zegt dat ook dat een keus is. Hier zijn geen cijfers over beschikbaar. De voorzitter formuleert onderstaande conclusie. Het college doet de toezegging schriftelijk nog nader in te gaan op de veronderstelling dat de nieuwe wet- en regelgeving over dak- en goothoogte en dergelijke strijdig lijkt met hetgeen nu in het bestemmingsplan is opgenomen. Het college doet de toezegging bij het hoogheemraadschap na te gaan hoe het kan dat er in Noordwijk blijkbaar andere voorschriften gelden dan in Katwijk. De commissie is voldoende geïnformeerd; de volgende vergadering volgt het oordeelsvormende debat. De heer Schipper stelt dat de wethouder heeft gezegd dat de situatie zoals die nu is in het nieuwe bestemmingsplan niet verandert. Wethouder Mostert heeft alleen gezegd: "Als het vergund is, is het vergund". 4.

Sluiting

De voorzitter sluit de vergadering om 20.52 uur.

Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Katwijk in zijn openbare vergadering van 8 juli 2021 De griffier

13

De voorzitter

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10342364/1