CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadscommissie 210610 (notulen)(concept)

Raad 24 juni 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: Notulen van de vergaderingen van de raad en de raadscommissie10.895 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van de gemeente Katwijk gehouden op donderdag 10 juni 2021

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

Punten van behandeling Locatie raadzaal 1. 2. 3. 4.

Opening........................................................................................................................................... 3 Vaststelling van de agenda van de raadscommissie ...................................................................... 3 Regionale Energiestrategie Holland Rijnland 1.0 (1907184) .......................................................... 3 Sluiting .......................................................................................................................................... 15 Locatie Burgerzaal

5. 6. 7. 8.

Opening......................................................................................................................................... 15 Vaststelling van de agenda van de raadscommissie .................................................................... 15 Kaderbrief 2022 (14904) ............................................................................................................... 15 Sluiting .......................................................................................................................................... 23

2

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

LOCATIE RAADZAAL Aanwezig zijn 8 leden: de heer F.J. Grotenhuis (PvdA), de heer drs. R. Haasnoot (ChristenUnie), de heer ir. J.W.C. de Mooij (CDA), de heer S. Spek (DURF), mevrouw P.S.M. Smit (GemeenteBelangen), de heer dr. A.J.H. Stegmann (VVD), mevrouw C. Tawfik (D66) en de heer dr. ir. J. de Vreugd (SGP) Voorzitter: Griffier: Wethouder: Notulist:

1.

de heer Vroegindeweij mevrouw Valasek de heer Knape de heer Emck

Opening

De voorzitter opent de commissievergadering om 20.33 uur. 2.

Vaststelling van de agenda van de raadscommissie

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming stelt de raadscommissie de agenda vast. OORDEELSVORMENDE SESSIE 3.

Regionale Energiestrategie Holland Rijnland 1.0 (1907184)

De heer Spek zegt dat veel inwoners van de gemeente niet zitten te wachten op de gasvrije plannen die het college voorstelt, met een prijskaartje van € 1,2 miljard tot 2050. Dat is ongeveer € 42 per jaar aan maatschappelijke kosten. De keuzes helpen nauwelijks om de CO2-uitstoot te reduceren. Katwijk zou zich nuchter moeten opstellen en niet meegaan in de waan van de dag. Er wordt al ontzettend veel gedaan om te verduurzamen, door zonnepanelen te leggen, door het isoleren van huizen en door sloop en duurzame nieuwbouw. Deze week werd bekend dat de gemeente Katwijk, die graag wil deelnemen in de warmteleiding, niet op de hoogte is gesteld van een belangrijk rapport over deze leiding, met als gevolg dat de raad heeft ingestemd zonder daar kennis van te hebben genomen. Heeft de wethouder wel zicht op en wordt hij voldoende op de hoogte gesteld van de regionale ontwikkelingen en de daaraan verbonden hoge kosten? Wie heeft de windmolens langs het Valkenburgse Meer en zonnepanelen op water voorgesteld? Dat meer moet een recreatieve functie krijgen voor de toekomstige bewoners van Valkenhorst. DURF zal voorstellen om deze zoekgebieden uit de plannen te schrappen. Net als andere partijen moet Katwijk zich tegen de plaatsing van grote windmolens uitspreken. DURF is van mening dat controle en evaluatie moeten worden verbeterd.

Hij stelt voor dat de evaluatie van de Regionale Energiestrategie (RES) niet alleen voor het portefeuillehoudersoverleg wordt geagendeerd, maar ook voor de programmaraad, raadsleden van verschillende gemeenten, de provincie en Nationaal Programma RES. Daarnaast moet er een stoplichtenrapportage komen voor de gemeenteraden in de regio, waarin over de vorderingen van bepaalde projecten in de komende periode wordt gerapporteerd. Deze week werd bekend dat er honderdduizenden woningen moeten worden gebouwd, ook in ZuidHolland. Het besef dat de regio vol raakt zal steeds verder groeien. Het is de vraag of naast het

3

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

bouwen van al die woningen voldoende ruimte overblijft om aan alle opgaven op het gebied van energie te kunnen voldoen. Hij verwacht dat over een aantal jaren de conclusie wordt getrokken dat op dit moment de verkeerde afslag is gekozen. Zijn bijdrage is mede uitgesproken namens KiesKatwijk. Mevrouw Tawfik zegt dat D66 de RES ziet als ambitieuze stap in de energietransitie. Binnen die opgave is het verduurzamen van de energieproductie noodzakelijk om een leefbare wereld in stand te houden voor de huidige en toekomstige generaties. Daarbij spelen kennis en expertise een belangrijke rol. Haar fractie onderschrijft de ambities, maar heeft wel een aantal aandachtspunten voor het college voor wat betreft de lokale energiestrategie. De ruimte in het sterk bebouwde Katwijk is schaars. Het is lastig om groene energie op te wekken, maar dat betekent niet dat de gemeente buitenspel staat. Haar fractie hoort graag hoe het college denkt over de volgende mogelijkheden. Het plaatsen van zonnepanelen op de parkeergarages van Noord- en Zuidduinen. Haar fractie pleit daar al langere tijd voor. Het plaatsen van zonnepanelen op de bedrijventerreinen. Waarom wordt in de kansenkaart geen aandacht aan deze optie besteed, terwijl die wel is opgenomen in de regionale bedrijventerreinenstrategie? Zij vraagt te onderzoeken of het dak van de Gamma geschikt is voor het plaatsen van zonnepanelen.

Bij het plaatsen van zonnepanelen op parkeergarages en op gebouwen op bedrijventerreinen wordt optimaal gebruik gemaakt van de schaarse ruimte. Uit de kansenkaart blijkt dat het Valkenburgse Meer is aangewezen als zoekgebied voor zon op water. Wat is de mening van het college daarover? Zowel provincie – voor 10 hectare eigenaar van dit meer – als gemeente wijst dat aan voor de recreatie. Is het een niet met het ander in tegenspraak? Is regionaal overleg gevoerd tussen gemeente, waterschap en provincie over deze aanwijzing? De fractie heeft via de website schooldakrevolutie achterhaald dat op lang niet alle schooldaken in de gemeente zonnepanelen zijn geplaatst, terwijl energieneutraliteit in het integraal huisvestingsplan (IHP) is opgenomen. Wordt er binnen het IHP voldoende aandacht besteed aan de kwaliteit van dakconstructies ten behoeve van het plaatsen van zonnepanelen? Wat is het standpunt van de scholengemeenschap over het verduurzamen van de schoolgebouwen? De heer R. Haasnoot ziet de RES 1.0 als een belangrijke stap om invulling te geven aan de regionale opgave om over te stappen naar duurzame energiebronnen. De richting die nu wordt bepaald heeft impact en maakt daarom nogal wat los. De ChristenUnie wil verantwoordelijkheid nemen om stappen te zetten naar een fossielvrije samenleving, om de schepping aan de kinderen door te kunnen geven.

Zijn fractie stemt in met RES 1.0 als richtinggevende strategie. Dat is geen vaststaand beleid en er liggen nog forse vraagstukken. De kansenkaart bevat veel mogelijkheden voor het opwekken van duurzame energie. De ruimtelijke impact in Katwijk valt ten opzichte van die in de regio nog enigszins mee, maar zijn fractie zal kritisch en waakzaam blijven over de plaatselijke invulling, waarin de uitgangspunten, zoals betaalbaarheid en betrouwbaarheid, moeten terugkomen. Zijn fractie betreurt dat het uitgangspunt 'lokaal eigenaarschap' niet verder is uitgewerkt. Hier ligt een opgave voor Katwijk zelf, en daar is ruimte voor. Windenergie is nodig om de klimaatdoelstellingen te halen. Zijn fractie roept op om die optie niet uit het oog te verliezen, vooral op locaties met een lage impact op de woonomgeving, zoals de bedrijventerreinen. Dezelfde oproep doet zijn fractie waar het gaat om zonnepanelen op particuliere woningen: die worden in het bod niet meegenomen, terwijl daar toch zoveel potentie ligt.

4

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

De heer De Vreugd zegt dat voor de SGP een duurzame omgang met de aarde van groot belang is. Zijn fractie is van mening dat deze RES een eerste aanzet geeft om de transitie naar een duurzamere samenleving aan te gaan. De ambities zijn hoog, en het is de vraag of Katwijk in de beperkt beschikbare ruimte in staat is om grote hoeveelheden energie op te wekken. Het is duidelijk dat in de regio niet voldoende warmte kan worden opgewekt en Katwijk dus afhankelijk is van restwarmte uit Rotterdam. Zijn fractie is daar niet op tegen, maar dat moet wel betaalbaar, haalbaar en duurzaam zijn. Voor de opwek van elektriciteit is Katwijk afhankelijk van zon en wind. Volgens de kansenkaart worden de mogelijkheden min of meer beperkt tot opwek van zonne-energie op grote daken omdat er weinig ruimte is voor windturbines. Grote windturbines bij het Valkenburgse Meer zijn een optie maar kunnen tot problemen in het welbevinden leiden. Het doel van 100% duurzame opwek moet, wat zijn fractie betreft, niet tegen elke prijs worden gerealiseerd. De provincie, die de RES op een aantal onderdelen afwijst, lijkt dezelfde mening te zijn toegedaan. Welke impact heeft dat op de RES? In het onderdeel elektriciteit mist hij onderzoek naar de fluctuatie in vraag en aanbod.

De opbrengsten van zonne- en windenergie kunnen in korte tijd enorm variëren en in de RES wordt alleen aandacht besteed aan gemiddelde opbrengsten. Een fundamentele vraag is wat er gebeurt als niet aan de ambities kan worden voldaan als zou blijken dat de mogelijkheden te beperkt zijn. Moeten dan ambities worden bijgesteld of worden criteria verruimd? Mevrouw Smit deelt mee dat GemeenteBelangen de meerwaarde en het belang inziet van regionale samenwerking bij de overgang naar hernieuwbare energiebronnen. Het doel is het reduceren van CO2-uitstoot en de RES richt zich daarbij op 2030 en waar mogelijk op 2050. Binnen de regels van de Omgevingswet moet Katwijk in 2025 omgevingsvergunningen verlenen voor RES-projecten. Dat zijn grote ruimtelijke opgaven. Alleen aandacht besteden aan het opwekken van elektriciteit acht haar fractie te eenzijdig. Er moet ook aandacht zijn voor energiebesparing en het vermijden van vervuilende activiteiten, zoals het stoken van biomassa. Daarnaast is het voor haar fractie van groot belang dat besluiten over windmolens, zonnevelden en netwerken die impact hebben op het landschap en/of hinder opleveren, zorgvuldig worden genomen: democratisch en met participatie. Een ander aandachtspunt is hoe gemeenten bronnen die in andere gemeenten liggen kunnen gaan gebruiken. Nederland is een van de grootste stikstofuitstoters en olieverbruikers in Europa.

Dat betekent dat er nog veel te leren is en dat er moet worden geïnvesteerd in vakmensen en nieuwe technieken, inclusief circulair bouwen. Haar fractie stelt voor om bij de tweejaarlijkse actualisatie cijfers over mobiliteit, landbouw en industrie-uitstoot mee te nemen. De heer Grotenhuis deelt mee dat zijn fractie het doel en de samenwerking ondersteunt. Wel kan de vraag worden gesteld of het regelen van samenwerking over gemeenten heen niet een rol voor de provincie is. De PvdA heeft een aantal bedenkingen bij de RES 1.0. Er is sprake van eigen verantwoordelijkheid, maar voor gemeenten zijn wel zoekgebieden vastgelegd. De kaart laat nog te wensen over; wel is verdere detaillering door het college toegezegd. De zoekgebieden voor zon lopen dwars door 't Duyfrak en deels over het als recreatiegebied aangewezen Valkenburgse Meer. Andere gebieden, met grote oppervlakten en weinig bewoners, ontbreken weer, zoals Klei-Oost tot aan het veilingterrein. Legt de gemeente zich met dit besluit op de huidige kaart vast of is aanpassing nog mogelijk?

5

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

Het is goed dat de wethouder uitspreekt dat het Rijk passende middelen dient te verstrekken voordat het uitvoeren van de opdrachten wordt opgepakt. De PvdA stemt in met de RES 1.0. Het wordt pas echt spannend als lokale opgaven specifiek worden ingevuld. De heer De Mooij zegt dat er veel moet gebeuren om het klimaatakkoord in te vullen. Voor het CDA staat als een paal boven water dat de wereld beter moet worden doorgegeven aan volgende generaties. De Klimaatwet verplicht gemeenten om in 2030 49% minder CO2 uit te stoten en 95% in 2050 ten opzichte van 1990. Deze doelen kunnen alleen door samen te werken worden gehaald, in dit geval binnen Holland Rijnland. Katwijk heeft in het voorliggende proces de voorwaarde gesteld dat met partners binnen drie maanden een voorkeursdenkrichting voor duurzame opwekking en een realistisch overzicht van de opgave per gemeente zou worden geformuleerd. Op dit punt blijkt geen consensus te zijn bereikt. Gemeenten kunnen maatregelen blokkeren die zij echt niet kunnen accepteren. Dat is een groot probleem: als gemeenten dat doen, moeten andere gemeenten die opgaven dan overnemen? De inspreker van de Stevenshof betoogde dat de geplande windmolens aan het Valkenburgse Meer te dicht bij zijn woonwijk komen te staan.

Het CDA heeft bezwaar tegen deze windmolens omdat die niet bij de functie van recreatiegebied passen en is van mening dat er helemaal geen plek is voor windmolens binnen de gemeente. Zijn fractie ziet meer kansen voor zonne-energie op grote daken en op woningen en voor geothermie, aquathermie en waterstof. De eerste keus is om goed te isoleren, omdat daarmee de vraag naar energie wordt beperkt. Zijn fractie geeft prioriteit aan zonnepanelen op daken en is geen voorstander van zonnepanelen op grond, zoals in de Mient Kooltuin. Het CDA is kritisch over RES 1.0. Die is nog behoorlijk vrijblijvend. Alle maatregelen kosten geld en dat aspect is nog maar amper belicht. In Katwijk is aandacht besteed aan de participatie, maar andere gemeenten hebben dat minder goed verzorgd. Zijn fractie stelt voor een participatieclausule op te nemen waarin staat dat de betrokken partijen en burgers meer inspraak krijgen. Zijn fractie zal het proces kritisch en constructief blijven volgen. De heer Stegmann zegt dat de RES voor de VVD aanvoelt als een soort trechter. Het Klimaatakkoord van Parijs is door alle landen ondertekend en moet worden uitgevoerd. In Nederland is een Nationaal Klimaatakkoord vastgesteld, voornamelijk gericht op elektrificatie, waarvoor elke regio aan de lat staat. Op zich is dat logisch, maar er zit een vreemde kronkel in de vertaling van landelijk naar Rijnlands niveau.

Iedere regio is verplicht om 80% van de eigen energiebehoefte zelf op te wekken terwijl het aantal gebruikers en de beschikbare ruimte per regio sterk verschillen. De voorliggende RES bevat een zorgvuldig opgestelde en goed gedocumenteerde strategie. Helaas leidt die tot grote veranderingen in het landschap, met windmolens en velden met zonnepanelen. Er zijn echter weinig andere tijdig inzetbare technische mogelijkheden. Zeer verontrustend is het verzet in andere gemeenten tegen bijvoorbeeld windmolens. Als die daar niet komen, wordt dan een grotere inzet van andere gemeenten geëist? Het lijkt erop dat elementen in de RES in strijd zijn met het provinciale coalitieakkoord over windmolens. Teylingen heeft besloten om tot 2025 niets te doen. De burgemeester van Alphen stuit op grote weerstand in de raad. Het lijkt de VVD verstandig om te bepalen dat Katwijk, wanneer andere gemeenten in de uitvoering tekortschieten, niet nog een groter aandeel voor haar rekening zal nemen. Het is de vraag wat Holland Rijnland doet met een in Katwijk aangenomen amendement op dat punt. De voorzitter benoemt de volgende hoofdpunten: evaluatie; mate van bindendheid; wind en zon op bedrijventerreinen; zon op land; participatie.

6

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

Wethouder Knape hoort brede steun voor de hoofdlijn van de RES. Katwijk heeft weinig ruimte. De ruimte die er is, staat op de kansenkaart en ligt voornamelijk langs al bestaande infrastructuur. In de RES is als uitgangspunt opgenomen dat de verdeling over de regio evenredig moet zijn: als andere partijen niet leveren, kan Katwijk daarom niet worden verplicht om meer te doen. Het was bekend dat de provincie geen voorstander is van windmolens in Het Groene Hart. Er zijn wel plannen om die te plaatsen langs provinciale wegen. De zoekgebieden zijn niet bindend: het zijn denkrichtingen. Een en ander moet worden uitgewerkt, en er komt nog een MER. In de kansenkaart is wel verwerkt dat alle drie de subregio's een bijdrage leveren op de gebieden zon en wind. De plannen voor windmolens langs het Valkenburgse Meer zijn niet nieuw. Katwijk heeft met de provincie afgesproken dat de gemeente zelf een haalbaarheidsonderzoek uitvoert. Een belangrijke voorwaarde is dat de opbrengst van de molens worden ingezet voor de eigen inwoners, ten behoeve van de energieneutrale gebiedsontwikkeling. Voor de zomer worden de resultaten met provinciebestuurders besproken en hij stelt voor de discussie in de raad daarna te voeren, aan de hand van de uitkomst van dat gesprek. De recreatieve functie van het meer is ook al een langdurig gegeven.

Elders in het land is gebleken dat energiewinning en recreatie met elkaar kunnen worden gecombineerd. Hij is het ermee eens dat het plaatsen van zonnepanelen op daken – zowel op die van bedrijven als particulieren – voorrang moet hebben. Het college zal daar volle inzet op plegen in de lokale energiestrategie. De opbrengst van zon op daken is echter ontoereikend voor de totale opgave. De opbrengst van kleine daken mag niet worden meegenomen in het bod van de gemeente omdat die vallen onder het thema energiebesparing. De oproep om meer partijen te betrekken bij de evaluatie en een monitor van de voortgang van de RES in te stellen neemt hij graag mee in de besprekingen over de RES 2.0, ter opname in het plan van aanpak. In het vervolgtraject zal volop aandacht aan de participatie worden besteed. Gelukkig was de opbrengst van de participatie in het proces tot nu toe goed. De in de gemeente gemaakte afspraken gemaakt over de aanpak van het aardgasvrij maken van wijken zijn vastgelegd in de omgevingsvisie. Katwijk voert een verstandig beleid: rustig aan, maar wel stappen zetten. Zijn indruk is dat DURF die aanpak steeds opnieuw ter discussie wil stellen. Het rapport over de regionale energievoorziening is ontvangen op de dag dat er door DURF vragen over werden gesteld. Van het achterhouden van informatie is geen sprake.

D66 geeft nuttige suggesties mee voor de uitwerking van de lokale energiestrategie: zonnepanelen op parkeergarages en op de daken op bedrijventerreinen. Het uitgangspunt in het IHP is (nagenoeg) energieneutraal. Het is bekend welke scholen voorlopig niet aan de beurt zijn voor renovatie of nieuwbouw en daarmee kan worden overlegd over zonnepanelen op het dak. Helaas zijn niet alle dakconstructies daarvoor meteen geschikt. De ChristenUnie vraagt aandacht voor lokaal eigenaarschap. Elders zijn al veel partijen actief. In Katwijk is dat aantal nog beperkt, maar er is wel een energiecoöperatie in oprichting en er melden zich steeds meer geïnteresseerden. Er zijn zeker mogelijkheden voor windenergie op bedrijventerreinen. Klei-Oost valt niet onder de definitie 'langs infrastructuur', maar hij neemt de suggestie mee. Er wordt in de breedte gekeken naar de mogelijkheden voor opbrengsten van wind en zon op bedrijventerreinen. De voorzitter stelt vast dat de commissie de voorkeur geeft aan een vrij debat.

7

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

De heer Spek denkt dat de energietransitie het volgende thema zal zijn dat door het Rijk wordt gecentraliseerd. Het CDA stelde dat er meer moet worden geparticipeerd. Waar trekt die fractie de lijn? Als een groep inwoners, zoals die in de Stevenshof, het er onderling over eens is dat zij de windmolens niet willen, moeten die er dan ook niet komen? De heer De Mooij combineerde zijn opmerking hierover met de opmerking dat andere betrokken overheden meer inspraak zouden moeten krijgen. De locatie voor de windmolens ligt op het grondgebied van Katwijk, niet op dat van Leiden. Het is van belang om na te gaan wat de mening van de inwoners van Katwijk is. Wellicht dat als voor- en tegenstanders elkaar ontmoeten dat men toch tot een gezamenlijke richting komt. De heer Spek merkt op dat dat vaak niet gebeurt. Waar trekt de raad straks de grens in participatie? Geeft de raad er gehoor aan als de meerderheid van de omwonenden nee zegt? Hij overweegt om bij amendement of motie duidelijke kaders vast te leggen. De heer Stegmann sluit zich aan bij de verwachting dat omwonenden zich tegen de komst van windmolens of een groot zonnepanelenveld zullen keren. Wat wordt dan de Nimby-strategie van het CDA? De heer De Mooij ziet als alternatief het toepassen van zonnepanelen als de omwonenden van het meer zich overwegend tegen windmolens uitspreken.

Zonnepanelen zijn waarschijnlijk beter te combineren met de functie recreatie. De heer Stegmann zegt dat dit een sprookje is. Bij ondertekening van de RES legt ook het CDA zich vast op de VRM-locatie voor windmolens bij het meer. De heer De Mooij wijst erop dat het nog niet zeker is dat de windmolens er komen, getuige de omschrijving die de wethouder net verzorgde. De heer Spek herinnert eraan dat het CDA bij het concept van de RES zich ertegen uitsprak dat de transitie zou kunnen leiden tot sociale ongelijkheid. Spreker is het daarmee eens, maar deze opmerking wordt nergens gekwantificeerd. Is het CDA er voorstander van dat de kosten van de RES zo snel mogelijk worden onderzocht? De heer De Mooij heeft gezegd dat de RES 1.0 vrijblijvend is en dat zijn fractie in de versie 2.0 wil zien hoe de kosten geregeld worden. De heer Spek ziet dat als de verkeerde volgorde. De raad stemt nu al in met het onderbrengen van uitgaven in het omgevingsbeleid. De kosten moeten zichtbaar zijn voordat er actie wordt ondernomen. De heer De Vreugd is het met de laatste opmerking eens. Zoals hij de RES leest, is in eerste instantie nagegaan wat er in theorie ruimtelijk mogelijk is. Bij de nu volgende uitwerking moet zeker aandacht worden besteed aan het financiële aspect.

Hij is ook van mening dat objectieve normen moeten worden vastgesteld om te bepalen of een windmolen op een bepaalde locatie acceptabel is, en dat die uitkomst moet worden meegenomen in participatietrajecten. Het is bekend dat er gezondheidsrisico's zijn als een windmolen dicht bij een woning staat.

8

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

De heer Spek is het ermee eens dat normen voor de technische en juridische haalbaarheid moeten worden vastgelegd. Daarnaast moet er duidelijkheid komen over de kosten, om ook op dat aspect afwegingen te kunnen maken. De heer De Vreugd kan zich prima vinden in de opzet dat eerst in theorie wordt nagegaan wat waar ruimtelijk mogelijk is en dan in de volgende stap na te gaan wat dat kost. De heer Spek ziet het als een fout van het Rijk dat niet integraal is nagegaan wat de kosten zijn. De heer De Vreugd denkt dat het onderwerp zo complex en zo breed is dat het niet mogelijk is om vooraf een kostenopstelling te maken. In de loop der tijd zal steeds duidelijker worden wat de mogelijkheden en onmogelijkheden zijn De heer De Mooij sluit zich aan bij de door de heer De Vreugd beschreven volgorde. De heer Stegmann vraagt of DURF van mening is dat Katwijk een deel van de verantwoordelijkheid voor het oplossen van de klimaatproblemen moet nemen. Hij hoort alleen maar negatief commentaar. De heer Spek heeft in zijn tekst bewust een passage opgenomen waarin hij waardering uitspreekt voor de inzet op het gebied van isoleren, zegt dat DURF een groot voorstander is van zonnepanelen op daken en sloop en nieuwbouw noemt. Hij neemt landelijk een verschuiving waar van 'iedereen meteen van het gas af' naar een tussenfase met hybride systemen: geen heel grote stappen, maar geleidelijk aan.

De heer Stegmann denkt dat de genoemde gefaseerde aanpak ertoe leidt dat de grote opgaven niet worden gehaald. De warmtevisie lijkt bijna onhaalbaar. De heer Spek wijst erop dat de kosten daarvan moeten worden opgebracht en verwacht niet dat huiseigenaren die op zich nemen. Zijn fractie ziet mogelijkheden in een goedkopere tussenstap. Hij verwacht een omslag in denken bij het nieuwe kabinet. De heer Grotenhuis stelt het behartigen van de belangen van de inwoners van de gemeente in de RES voorop. Katwijk heeft weinig ruimte. Het moet duidelijk zijn hoeveel middelen het Rijk beschikbaar stelt. Tegen die achtergrond is het goed om te verkennen waar met de minste pijn welke inzet in het genereren van zonne- en windenergie mogelijk is. Daarom wordt de lokale energiestrategie straks spannend. De heer Spek is het daarmee oneens. Gemeenten zijn als overheid gelijkwaardig aan het Rijk en kunnen niet worden verplicht om opdrachten zonder meer uit te voeren. Als het niet werkbaar is, moet de opdracht worden teruggegeven. Als de gemeenteraad het niet met de opdracht eens is, moet die dat zeggen. De heer De Mooij is het me DURF eens dat een gefaseerde aanpak een goede keus is. Een hybride systeem is een goede keus, zeker in combinatie met waterstof. Mevrouw Smit sluit zich daarbij aan. Veel technieken zijn in ontwikkeling en de RES is bedoeld om die te onderzoeken.

De wethouder sprak over een evenredige verdeling, maar zij denkt dat Katwijk nooit

9

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

aan de opgelegde 80% zal toekomen met zonnepanelen en windenergie. Misschien moet er in veel grotere verbanden, zelfs internationaal, worden gewerkt. De heer De Vreugd wees er in zijn eerste bijdrage op dat de elektriciteitsopbrengst van de nieuwe bronnen sterk fluctueert. Bij zijn weten is er nog geen aandacht besteed aan de vraag hoe daarmee om moet worden gegaan en hij gaat ervan uit dat niet volledig kan worden afgezien van de inzet van conventionele bronnen. Hij vraagt om een toezegging te doen voor een uitgebreide analyse. Wethouder Knape antwoordt dat de fluctuerende opbrengst eisen stelt aan de opslag van energie waar op dit moment nog niet kan worden voldaan, ondanks dat er allerlei ontwikkelingen gaande zijn. Dit punt is besproken en komt in die zin terug dat er afspraken zijn gemaakt over de verdeling van uit zon en wind te winnen energie. Hij zal bij de voorbereiding van RES 2.0 inbrengen dat dit punt meer aandacht behoeft. Het is bekend dat het winnen van wind- en zonne-energie over het algemeen rendabel is. Dat geldt niet voor het warmtedossier. Er is nog niet bepaald door wie die kosten moeten worden opgebracht. Het is duidelijk dat iedereen aan de transitie van fossiele naar duurzaam opgewekte energie moet meebetalen. De kosten van subsidies en regelingen moeten ook door de gemeenschap worden opgebracht.

De heer Stegmann acht het dan niet terecht dat in het document steeds sprake is van 'kostenneutraliteit als uitgangspunt'. Dit traject kost geld: rechtstreeks van huizenbezitters en huurders, of langs een omweg via de belastingen. De heer Spek plaatst een vraagteken bij de uitspraak dat windmolens en zonneweides rendabel zijn. Wethouder Knape is het ermee eens dat iedereen spreekt over betaalbaarheid, terwijl zeker is dat de verdeling van de kosten bepaalt waar burgers dit in hun portemonnee zullen voelen. Als het Rijk hier middelen voor vrijmaakt, moeten die ergens vandaan komen. Hij heeft nooit gezegd dat de transitie kosteloos is, wel dat die betaalbaar moet zijn. Als de raad opdracht geeft om beleid op te stellen, wordt dat mede aan de hand van de participatie vormgegeven, waarna een voorstel aan de raad voorgelegd. Pas dan valt het besluit. De echte discussie, ook over kosten en betaalbaarheid, moet nog komen. Een hybride systeem is een goede keus in wijken die voorlopig nog niet in beeld zijn voor een ander aanbod dan gasverwarming. Een dergelijk systeem is geen goede algemene keus voor de hele gemeente omdat er nu, waar dat mogelijk is, stappen in de transitie moeten worden gezet. Natuurlijk mogen fracties zich uitspreken tegen de landelijke lijn. De meerderheid van de raad kiest er echter voor om die te volgen.

De heer Spek heeft niet gezegd dat het college de raad niet goed heeft geïnformeerd maar dat de gemeente niet goed is geïnformeerd. Het rapport is niet tijdig geleverd en de raad wist niet dat het er aankwam. Er zou eerst geld van het Rijk moeten komen om investeringen in het warmtenet te doen, maar Katwijk maakt daar nu toch middelen voor vrij. De heer De Vreugd zegt dat de stelling dat Katwijk in de warmteleiding investeert niet waar is. Er wordt geld uitgegeven aan samenwerking binnen de regio, om klaar te zijn voor warmte uit Rotterdam en om andere vormen van energie in dat warmtenet in te kunnen brengen.

10

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

De heer Spek is van mening dat ook voor die uitgaven het Rijk eerst met geld over de brug moet komen. Wethouder Knape zegt dat de opmerking terecht is dat geld wordt uitgegeven om te onderzoeken of Katwijk over die bronnen kan beschikken. DURF maakt daar een andere keus in. In het coalitieakkoord is afgesproken om geld voor de transitie apart te zetten; wel is vastgelegd dat verdere stappen pas worden gezet als het Rijk geld beschikbaar stelt. Hij houdt er bezwaar tegen dat het beeld wordt geschetst dat informatie is achtergehouden. Er is door de provincie gewerkt aan een rapport en die heeft ervoor gekozen om dat niet eerst in allerlei ambtelijke commissies te laten becommentariëren maar het pas op het moment van publicatie te delen. Zodra het college dat in bezit had, is dat aan de raad verstrekt. De heer Spek zegt dat de raad op 1 juni is geïnformeerd en dat hij het op 28 mei al online tegenkwam. Hij heeft al meerdere keren gevraagd of het college volledig bij alle processen wordt betrokken. De diameter van de warmteleiding is een essentieel punt – als die groter is, heeft die ook nut voor de Leidse regio – maar Katwijk wist niet dat daarover een rapport uitkwam. Zijn conclusie is dat de communicatielijnen nog niet goed genoeg lopen en daar maakt hij zich zorgen om.

Wethouder Knape is van mening dat de informatie die benodigd was om een besluit over de samenwerking te kunnen nemen volledig beschikbaar was. Als Katwijk projectpartner zou zijn, zou informatie over de diameter een noodzakelijke voorwaarde zijn. De Gasunie overweegt om de diameter te vergroten maar moet eerst een investeringsbeslissing nemen; verder moeten de provincie en het Warmtebedrijf Rotterdam daar nog uitspraken over doen. De heer De Vreugd leest dat de provincie zich tegen onderdelen van deze RES lijkt te verzetten. Kan de provincie het vaststellen daarvan beïnvloeden? Wethouder Knape wijst erop dat de RES is ingeleverd. De afspraak is dat alle partijen die in hun gremia inbrengen. GS hebben uitgesproken liever geen windmolens in Het Groene Hart te plaatsen. Als daaraan wordt vastgehouden, heeft dat gevolgen voor het bod en die zullen dan zeker worden besproken. Of de ambitie dientengevolge moet worden verlaagd zal dan ook aan de orde komen; het gevolg kan niet zijn dat het tekort elders moet worden opgevangen. De heer De Vreugd denkt te hebben gelezen dat de stuurgroep vraagt om verruiming van de ruimtelijke criteria door de provincie.

Is dat juist? En in welk opzicht wijken de opvattingen van de stuurgroep dan af van die van de provincie? Wethouder Knape beschrijft dat in initiatieven van onderop suggesties naar voren komen, zoals over het bijplaatsen van windmolens in Het Groene Hart naast bestaande windmolens. Die suggesties gaan tegen het provinciale beleid in, maar de stuurgroep wil die, omdat zij een positieve en verruimende bijdrage leveren aan het gezamenlijke proces, graag serieus meenemen, mits er draagvlak voor is. De heer De Vreugd merkt op dat ook de provincie een democratisch gekozen bestuur is. Een andere bestuurslaag is kennelijk een andere opvatting toegedaan. Dat wringt. Wethouder Knape heeft dat ook al in de informatieve sessie benoemt. De RES is een samenhangend pakket. Democratisch gekozen partners kunnen daar op grond van hun bevoegdheid wijzigingen in

11

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

aanbrengen, die dan moeten worden meegenomen in de versie 2.0. Hij heeft verzocht om amendementen en moties zoveel mogelijk te formuleren als een oproep aan het college om een bepaalde inzet te plegen in het lokale beleid. Als zij worden gericht op de hele regio, kan het lastig worden. Datzelfde geldt voor de inbreng vanuit de provincie. De heer Stegmann heeft daarom geopperd om bij amendement vast te leggen dat Katwijk in ieder geval geen taken van anderen zal overnemen. Omdat een en ander echter via Holland Rijnland loopt, beseft hij dat dat dan geen amendement op de RES is. Wat hij wil, is dat de opgaven afdwingbaar zijn. Hoe kan dat worden vertaald? Wethouder Knape wijst erop dat daarmee in bevoegdheden van anderen zou worden getreden. Net als andere gemeenten stelt Katwijk het niet op prijs als de regie over waar er hoeveel windmolens en zonneweiden moeten komen uit handen wordt genomen. De opgave is om in samenwerking met elkaar een niet afdwingbaar resultaat te bereiken. Afdwingbaarheid vastleggen heeft ook consequenties voor Katwijk. De heer Stegmann ziet dan als enige optie om bij amendement de inzet van Katwijk te maximeren op hetgeen is afgesproken. De heer Spek ziet dit als in tegenspraak met een eerdere opmerking van de VVD dat gemeenten over hun eigen omgevingsbeleid dienen te gaan. De heer Stegmann bedoelt wat anders.

Hij wil dat gemeenten zich houden aan onderling in de RES gemaakte afspraken. Hij heeft zojuist begrepen dat Katwijk de RES niet kan amenderen en stelt daarom voor om de inzet van Katwijk bij amendement te maximeren op hetgeen is afgesproken. Dat gaat over het eigen beleid. De heer Spek stelt dat er nog geen concrete afspraken zijn gemaakt. Er zijn alleen nog maar zoekgebieden aangewezen. De heer Stegmann antwoordt dat dat niet helemaal correct is. Katwijk heeft zich vastgelegd op een aantal Terawattuur per jaar, en dat kan als maximum worden bepaald. De heer Spek denkt dat die afspraak geen stand kan houden in deze drukke regio en herhaalt dat hij daarom op termijn centralisering verwacht. Wethouder Knape zou zich op dit moment nog niet aan een resultaat willen binden. Naar de zoekgebieden moet nog veel onderzoek worden gedaan en hij wil ruimte houden om met andere partijen stappen te zetten. Hij verwacht een slechte afloop bij het inslaan van de voorgestelde weg. De heer Grotenhuis is voorstander van eventueel bijsturen en afremmen, niet van het aantrekken van de handrem. De raad is ook prima in staat om op een gegeven moment het 'tot hier en niet verder' uit te spreken. De heer Spek vraagt hoe concreet de participatiekaders zullen zijn.

Moeten er harde afspraken worden gemaakt over het honoreren van standpunten van een bepaalde meerderheid van de bevolking? Wat is de opvatting van het college?

12

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

Wethouder Knape wijst erop dat de gemeente al participatiebeleid heeft vastgelegd. Als een zoekgebied aan de orde wordt gesteld, legt het college van tevoren aan de raad voor welke trede op de participatieladder het voor ogen heeft, en die kan zich daar dan over uitspreken. De heer Spek begrijpt dit antwoord niet. Wil de gemeente wel of niet als voorwaarde stellen dat een bepaald percentage van de bevolking instemt met een plan? Wethouder Knape merkt op dat de vraag doet voorkomen alsof er nog geen participatiebeleid in Katwijk is. Dat beleid is er, en het college houdt zich daaraan. Als DURF dat beleid wil aanvullen met de genoemde voorwaarde dan moet dat beleid worden geagendeerd. De heer De Vreugd vraagt hoe DURF de opgeworpen vraag zelf beantwoordt. De heer Spek zegt dat in Rotterdam een motie is voorbereid waarin staat welke kwaliteitseisen aan de participatie dienen te worden gesteld en bij welk percentage sprake is van voldoende draagvlak. De heer De Vreugd merkt op dat dat geen antwoord is op zijn vraag. De heer Spek is voorstander van invoering van een dergelijke regeling. De heer De Vreugd is dat niet. Hij wil objectieve normen hanteren om vast te kunnen stellen of een bezwaar redelijk is. De heer R. Haasnoot onderschrijft dat het een goed uitgangspunt is om omwonenden zoveel mogelijk te betrekken.

Maar, als hun mening doorslaggevend is, wat is dan nog de positie van de gemeenteraad? Hij is van mening dat die tot taak heeft alle signalen uit de samenleving mee te wegen in het besluit. De heer Spek is van mening dat degenen die het meest betrokken zijn bij een besluit invloed uit moeten kunnen oefenen op hun leefomgeving. Hij begrijpt dat anderen rekening willen houden met onafhankelijke indicatoren, maar draagvlak is heel belangrijk. Dat anderen daarvan af willen wijken, bevreemdt DURF. De heer R. Haasnoot heeft niet de indruk dat zijn fractie daarvan af wil wijken. Zijn fractie wil goed geïnformeerd worden om de rol van volksvertegenwoordiger goed en breed in te kunnen vullen. Mevrouw Smit krijgt de indruk dat DURF per RES-maatregel een referendum wil organiseren. De heer Spek wil tijdens de bewonersavonden nagaan hoeveel draagvlak er is. Is de ChristenUnie bereid om te kwantificeren wanneer er genoeg is geparticipeerd en er genoeg draagvlak voor een maatregel is? Daar zullen alle projecten op sneuvelen. De heer Stegmann is benieuwd naar de omgang van DURF met situaties wanneer er iets móét wat niemand graag wíl. De heer Spek ziet regelmatig dat de gemeenteraad iets graag wil en raar opkijkt als bewoners dat dan niet willen. Daar moet dan maar niet goed naar worden geluisterd.

Iedereen is overtuigd van het belang van de energietransitie – het gaat om de toekomst van volgende generaties – en daar kan dan

13

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

toch op worden vertrouwd? Bezwaren tegen windmolens hoort men echter liever niet. Een democratie is gebaseerd op het standpunt van de meerderheid en er kan worden nagegaan hoe dat zit. De heer Stegmann merkt op dat dat geen antwoord is op zijn vraag. Het klimaat kan niet voor zichzelf opkomen. Hij trekt een vergelijking met de positie van die van vissers: als die niet worden afgeremd, vissen zij de zee leeg. Net zo goed als er een partij moet zijn die voor het belang van de visstand opkomt, moet er een partij zijn die voor het belang van het klimaat opkomt. Daarom is er een klimaatakkoord, en dat heeft vervelende gevolgen, ook in Katwijk: er komen windmolens en zonneweides en inwoners moeten € 30.000 uitgeven aan een warmtepomp. Wat nu als 70% van de inwoners nee zegt tegen een warmtepomp? Gaat dat dan niet door, en wordt het vervuilen gewoon voortgezet? De heer Spek adviseert Parlement van de dingen van Bruno Latour te lezen. Inderdaad, als 70 tot 80% van de betrokkenen een voorstel afwijst, zou hij bijna vragen wie de raad dan is om dat door te zetten. Die zit er toch voor de inwoners? De heer De Vreugd verstaat onder participatie niet alleen vragen wat de mening van betrokkenen over de voorgelegde maatregel is. Parallel daaraan dient te worden uitgelegd waarom de maatregel is voorgenomen en wat daarvan de positieve en negatieve gevolgen zijn.

DURF slaat dat tweede deel over. De heer De Mooij ziet participatie als deel één. Daarnaast dragen het informeren en het burgers meenemen in besluiten ertoe bij dat belanghebbenden meer betrokken raken en beter aan dat proces mee kunnen doen. De heer Spek is eveneens voorstander van informeren maar neemt afstand van de aanname dat belanghebbenden er vanuit een beter begrip voor de maatregel toe zullen worden gebracht om daarmee in te stemmen. Dat is politiek arrogant. De heer De Mooij heeft dat niet gezegd. Hij heeft gezegd dat binnen participatietraject informeren essentieel is. De heer Spek merkt op dat hij van het CDA geen steun heeft gehoord voor het overnemen van een meerderheidsstandpunt van belanghebbenden. En in de omschrijving 'meenemen' hoort hij toch de aanname dat belanghebbenden niet in staat zijn om zelfstandig hun standpunt te bepalen. De heer De Mooij is duidelijk geweest. Hij ziet het als een bekende tactiek van de heer Spek dat die altijd nog een soort nabrander afgeeft. De voorzitter formuleert onderstaande conclusie. Het college doet de toezegging om in het plan van aanpak voor de RES 2.0 op te laten nemen dat de evaluatie van de RES breder wordt gevoerd; in ieder geval ook met de gemeenteraden en de programmaraad.

Het college doet de toezegging om in het plan van aanpak voor de RES 2.0 eveneens op te laten nemen om de voortgang van de RES via een rapportage inzichtelijk te maken voor de raad. Het college doet de toezegging om in de RES 2.0 in te gaan op de fluctuatie van de opbrengst van zon en wind.

14

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

De commissie adviseert de raad het raadsvoorstel voor besluitvorming te bespreken in het besluitvormende deel van de volgende raadsvergadering. 4.

Sluiting

De voorzitter sluit de vergadering om 22.08 uur. LOCATIE BURGERZAAL Aanwezig zijn 9 leden: de heer R. Boland (D66), de heer B.W. Drinkwaard (CDA), de heer J.H. Haasnoot (KiesKatwijk), de heer T. Reedijk (PvdA), de heer D. Remmelzwaal (SGP), de heer A. van Rooijen (DURF), de heer R.P. Slootweg (GemeenteBelangen), de heer A. de Vries (ChristenUnie) en de heer C.B. Zuyderduyn (VVD) Voorzitter: Griffier: Wethouder: Notulist:

5.

de heer Van Tuijl de heer Kruijt de heer Van Helden mevrouw Bakker

Opening

De voorzitter opent de commissievergadering om 20.33 uur. 6.

Vaststelling van de agenda van de raadscommissie

Zonder beraadslaging en hoofdelijke stemming stelt de raadscommissie de agenda vast. INFORMATIEVE SESSIE 7.

Kaderbrief 2022 (14904)

De voorzitter stelt vast dat er geen insprekers zijn. De heer Slootweg heeft een vraag over het voorwoord, namelijk of dit een kaderbrief of een kadernota is. Wethouder Van Helden merkt op dat in 2018 besloten is de jaarlijkse P&C-cyclus te verbeteren. Er is toen onder andere gekozen voor een bondiger stuk en daarmee werd dit van een kadernota een kaderbrief. Inmiddels ligt er toch weer een stuk van 20 pagina’s en is er toch weer meer sprake van een kadernota. De heer J.H. Haasnoot heeft nog wat algemene opmerkingen over de kaderbrief. Waarom zijn de cijfers niet geactualiseerd na de meicirculaire en de nieuwe cijfers over de jeugdzorg? Wethouder Van Helden vindt dat een relevante vraag, die aansluit bij de discussie vorige week over de voorjaarsrapportage en de eerdere discussie in 2018. De kaderbrief moet een werkbaar stuk zijn en de raad nuttige informatie bieden. Het zou goed zijn om daar toch nog eens de discussie over aan

15

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

te gaan op basis van de ervaringen van de afgelopen jaren. Het college wil daar wel scenario’s voor schetsen, maar de wethouder nodigt de fracties uit daar ook over na te denken, zodat je gezamenlijk kunt komen tot een herijking van de P&C-cyclus. De doorlooptijd der dingen is een punt dat daarbij speelt. De cijfers van de meicirculaire worden gewoonlijk pas eind mei bekend. Sinds de publicatie wordt daaraan gewerkt, maar het eindresultaat is nog niet bekend. De heer J.H. Haasnoot vraagt of het dan eigenlijk prematuur is vanavond dit stuk te bespreken. Is er iets te zeggen over het perspectief, wanneer is er meer vastigheid als het gaat om de cijfers? Wethouder Van Helden wil de doorrekening voor de zomervakantie aan de raad aanbieden. De cijfers in de begroting zullen gebaseerd zijn op die doorrekening. Over de jeugdzorg zal pas in de september-circulaire meer duidelijkheid geboden worden, dat is pas nadat de begroting is opgesteld. Ook daarbij speelt dus een tijdsprobleem. De heer J.H. Haasnoot stelt vast dat het zo moeilijk te beoordelen is waar precies Katwijk staat. In Hillegom zei de wethouder dat het lek boven water is en dat de zorgen zijn afgenomen. Kan de wethouder hier ook aangeven hoe Katwijk ervoor staat? Wethouder Van Helden wil een flinke slag om de arm houden in zijn antwoord.

Er zijn de afgelopen weken positieve berichten gekomen, gemeenten krijgen extra geld voor de jeugdzorg. De verwachting dat daar veel extra Katwijks geld voor nodig zou zijn lijkt daarmee niet uit te komen. Na het bezuinigingspakket dat het afgelopen najaar is vastgesteld en het investeringsprogramma voor een periode van 4 jaar zien de financiën er niet negatief uit. Voor de lange termijn zijn overigens nog wel keuzes nodig, op korte termijn valt de zorg mee. De heer J.H. Haasnoot vraagt of er scenario’s zijn gemaakt en zo ja, kan het college die op enig moment delen met de raad? Wethouder Van Helden antwoordt dat het college voor Valkenhorst met een aantal scenario’s zal komen, van budgettair neutraal tot een scenario waarbij alle mogelijke wensen worden uitgevoerd en Katwijk voor alle kosten opdraait. Bij de bezuinigingsoperatie vorig jaar zijn ook diverse scenario’s geschetst. Nu wordt niet voorgesteld om extra te bezuinigen, het voorstel is om een stabiele lijn aan te houden. De heer Remmelzwaal meent dat er enkele grote thema’s zijn met onzekerheden en vragen, waardoor het nu moeilijk is keuzes te maken. Dat geldt bijvoorbeeld de kosten van de jeugdzorg, maar ook de gevolgen van de corona-pandemie. Kan het college de raad daarvoor meer handvatten geven? Wethouder Van Helden antwoordt dat die aspecten terug zijn te vinden in de risicoparagraaf.

Vanwege de risico’s is ook gekeken naar het weerstandsvermogen. Het beeld ten aanzien van de corona-pandemie is minder negatief dan aanvankelijk werd gevreesd. Veel van de kosten die de gemeente heeft gemaakt zijn gecompenseerd door het rijk. Thema’s waar de risico’s wel groter worden geacht zijn de onderwijshuisvesting, Valkenhorst en de investeringsagenda. Er wordt langs verschillende lijnen gewerkt aan die thema’s en risico’s. De heer Drinkwaard ziet op bladzijde 7 toch dat er bedragen worden genoemd uit de meicirculaire.

16

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

Wethouder Van Helden wijst erop dat in de meicirculaire altijd een bedrag zit voor de loon- en prijscompensatie. Die is daarom wel al opgenomen in de kaderbrief. De heer Boland hoort de wethouder zeggen dat de effecten van corona mee lijken te vallen, maar de langdurige effecten zijn nog net bekend. Voor ondernemers lopen er nu nog allerlei regelingen, waardoor bedrijven nog niet failliet gaan. Als die regelingen eenmaal zijn afgelopen komt er misschien nog een golf van ellende op het land af. Denk bijvoorbeeld aan uitgestelde jeugdzorg of dreigende faillissementen. Daar zou de fractie iets meer reflectie op willen. De voorzitter meent dat dit meer een vraag is voor de oordeelsvormende sessie. De heer Boland vraagt of er een omvang aan de risico’s is te hangen. Mevrouw Prins(beleidsmedewerker) merkt op dat op bladzijde 12 een bedrag van € 250.000 wordt genoemd voor corona, maar dat blijft een inschatting. De heer Boland zou hier graag een schriftelijke toelichting over krijgen. Hoe is deze post tot stand gekomen? De heer Zuyderduyn merkt op dat in het advies van de griffie wordt gesproken over het verstrekken van een overzicht van de wijzigingen van beleid en de financiële gevolgen daarvan voor de begroting. Is het college van plan dat ook te gaan doen? Wethouder Van Helden meent dat de griffie een interessante notitie heeft opgesteld.

Op dit punt meent het college dat de kadernota alles meldt wat de raad wil en moet weten. De heer Reedijk leest op bladzijde 4 onder keuzes maken dat een archeologisch depot niet kan, maar op bladzijde 7 staat dat depot weer genoemd, omdat de gemeente initiatieven steunt om het archeologische verleden zichtbaar te maken, onder andere door vestiging van een provinciaal archeologisch depot. Hoe moet hij dat uitleggen? Wethouder Van Helden antwoordt in zijn algemeenheid dat voorafgaand aan de bezuinigingsoperatie aan het ambtelijk apparaat is gemeld dat men eventuele wensen voor de komende jaren tijdig moest indienen, zodat de raad keuzes kon maken. Na die operatie is tegen diezelfde ambtenaren gezegd dat er geen geld is voor niet goedgekeurde projecten. Dat betekent dat voor alle eventuele nuttige wensen er bij voorstellen ook meteen een dekkingsvoorstel moet worden gedaan. Een voorstel voor een archeologisch depot vindt het college op dit moment prematuur, maar de realiteit is dat daarover te zijner tijd waarschijnlijk wel een voorstel richting gemeente zal komen. Daarom is dit wel genoemd als aandachtspunt.

De heer Reedijk vraagt zich dan af of er projecten waren waarvoor volgens het college wellicht extra budget nodig was? Wat heeft het wel gehaald en welke punten zijn verdwenen? Wethouder Van Helden antwoordt dat de punten die hier onder het hoofdje “keuzes maken” genoemd worden de enige concrete punten zijn. Veel andere punten vallen onder de uitvoering van lopend beleid en zijn daarmee noodzakelijk. Je moet dit nu goed regelen, voorstellen kunnen alleen worden behandeld als daar dekking voor is, het komt er dan op neer dat iets anders zal moeten wijken. Op zich bruist het in de organisatie van de ideeën, maar daar gebeurt nu niets mee.

17

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

De heer Boland ziet onder “keuzes maken” de uitvoering van de economische agenda staan. Dat kan dan alleen als lopende zaken worden stopgezet, hoewel bij punt 10 die economische agenda wel weer naar voren komt. Wat zou je stop moeten zetten om hieraan te beginnen? Wethouder Van Helden antwoordt dat de raad zelf heeft bepaald dat er een economische agenda moet komen en daar is ook budget voor gereserveerd. Het is niet uit te sluiten dat er veel nieuwe ideeën komen uit die economische agenda en als daar dan middelen voor nodig zijn moeten er inderdaad andere zaken wijken. De heer J.H. Haasnoot leest op bladzijde 4 dat Katwijk energieneutraal wil zijn in 2050. Die ambitie zou noodzakelijk zijn. Is dat de mening van het college of is dat een natuurkundig verschijnsel. Hoe zit het met de financiële consequenties daarvan, geldt die ambitie ongeacht de kosten? Wethouder Van Helden verwijs naar de omgevingsvisie. De route om te komen tot een energieneutrale gemeente is omvangrijk en kostbaar. De gemeenteraad gaat zelf oordelen over de voorstellen op dit gebied en zal daarmee zelf bepalen of de doelen gehaald worden. De heer Zuyderduyn merkt op dat er in dit stuk regelmatig duidelijk wordt dat er voor bepaalde zaken geen geld is. Dat betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden.

Wat zijn de consequenties van die keuzes? Wethouder Van Helden stelt dat de kadernota de kapstok is voor het vervolg van de P&C-cyclus. Als dit stuk alleen financiën zou beschrijven, dan voldoet het niet. De kadernota zet de grote lijnen van het beleid uit. Vanuit de 10 opgaven die door de raad zijn meegegeven zijn voorstellen gedaan om de doelen te bereiken. Het uitgangspunt in deze kadernota is dat de hier beschreven ontwikkelingen financierbaar zijn binnen de begroting. In de begroting zal het een en ander meer concreet worden. De kaderbrief is de kapstok, de begroting hangt daaronder. Bij deze stukken wordt steeds teruggegrepen naar de 10 opgaven die de raad heeft meegegeven. De heer Boland merkt op dat de invoering van de omgevingswet nogal een ding is. Uit het land bereikten de fractie berichten dat de nieuwe wet financieel nadelig kan zijn voor de gemeente, vergelijkbaar met indertijd de jeugdzorg. In de kaderbrief is daar niets over vermeld. Wethouder Van Helden antwoordt dat dit wel wordt genoemd in de risicoparagraaf in de jaarrekening. In de kadernota staan wel punten die zijn gerelateerd aan de omgevingswet, punten die geld gaan kosten. Daarbij is relevant dat de raad hier serieus invloed op uit kan oefenen. De keuzes die de raad zal maken zullen in meerdere of mindere mate geld kosten.

De heer Reedijk vraagt of al verwerkt is dat de invoering van de omgevingswet zal worden uitgesteld. Wethouder Van Helden antwoordt dat het budget dat beschikbaar is voor implementatie van de wet voldoende is, ook bij een eventueel uitstel en dus uitloop van de kosten. De invoeringsdatum zal slechts een beperkt effect hebben. Het is de bedoeling gewoon op stoom te blijven, er moet nog veel gebeuren. De heer De Vries vraagt wat de eventuele financiële consequenties zijn van het concreter maken van de cultuuralliantie.

18

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

Wethouder Van Helden stelt dat dit een belangrijk punt was in het kader van de maatschappelijke agenda. Samen met musea is vastgesteld dat er kansen liggen in samenwerking. Musea zelf zijn zeer gemotiveerd. Er zijn al verschillende sessies geweest met diverse partijen die daar invulling aan gaan geven. De verwachting is dat dit geen negatieve effecten zal hebben, eerder voordelen omdat je samen meer kunt realiseren. De heer Zuyderduyn vraagt of er meer bekend is over de nieuwe Wet Inburgering. Krijgt de gemeente daar compensatie voor? Wethouder Van Helden antwoordt dat er inderdaad compensatie komt. Dat wordt nu vertaald naar de situatie in Katwijk. Na de zomer wil het college met de raad spreken over de effecten van die wet voor Katwijk en over de accenten die de gemeente wil leggen. De uiteindelijke wet geeft gemeenten overigens niet alle instrumenten waarover je zou willen beschikken. De heer Zuyderduyn vraagt over het punt “kiezen voor duurzame en veilige mobiliteit” of er nog nieuwe fiets- en wandelroutes in de planning staan. Wethouder Van Helden wijst erop dat er momenteel een prachtig wandelpad wordt toegevoegd. De heer Reedijk ziet dat bij “ontwikkelen van een veilige en gezonde gemeente” met name de veiligheid van zomerhuizen wordt genoemd.

Waarom juist dat, zijn er signalen dat zich problemen voordoen? Wethouder Van Helden antwoordt dat het college met een raadsvoorstel hierover zal komen, dan komt er ook nadere informatie. Dat dit wordt genoemd heeft te maken met zorgen die zijn geuit, dan wel klachten die zijn binnengekomen. De heer Remmelzwaal gaat in op de zin over het proces van organisatieontwikkeling, dat wordt gedragen door management en medewerkers en gefaciliteerd vanuit het beschikbare budget. Dat is nogal een cryptische omschrijving, kan de wethouder dat verduidelijken? Wethouder Van Helden merkt op dat de gemeentesecretaris al langere tijd bezig is met een forse veranderingsopgave in de organisatie. Daarmee is al resultaat geboekt, maar het is nog niet klaar. Na de zomer start een traject met integraal werken, dat moet een verdere impuls geven aan de verandering, dat alles binnen het beschikbare budget. De heer Remmelzwaal wil weten of het budget voor volgend jaar gelijk blijft. Wethouder Van Helden antwoordt dat er voor de hele organisatie geld bij komt voor de CAO, maar daar blijft het bij, er wordt geen extra geld gevraagd bij de organisatie anders dan wat vorig jaar is besloten. Er is veel te doen binnen de organisatie, maar dat moet, met uitzondering van Valkenhorst, worden uitgevoerd binnen de beschikbare middelen. De heer J.H. Haasnoot gaat ervan uit dat er een soort personeelsstop is.

Waar valt te zien hoe zich dit ontwikkelt? Er zijn nogal wat thema’s die veel aandacht vragen, zoals Valkenburg, de energietransitie. Hoe houdt het college hier de kosten in de hand?

19

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

Wethouder Van Helden verwijst naar de cijfers over loonontwikkeling op bladzijde 15. In het traject dat in december met de raad besproken is, is ook gesproken over de projecten waarvoor al dan niet extra mensen nodig zijn. Aan de toen afgesproken reductie van het apparaat wordt door de directie gewerkt. Er worden nu geen extra kredietaanvragen gedaan. Wel zijn in de risicoparagraaf de energietransitie en Valkenhorst genoemd. Op Valkenhorst zal het college nog ingaan. De heer J.H. Haasnoot vraagt of er los van de energietransitie op andere domeinen nog sprake is van risico’s. Wethouder Van Helden meent dat daar niet direct sprake van is. Het budget is bepaald en nu moet Katwijk roeien met de beschikbare riemen. Natuurlijk zijn er andere punten waarmee de gemeente aan de slag zou kunnen, maar daar is nu geen geld voor. De heer Remmelzwaal leest over duurzaamheid dat de gemeente in 2022 extra middelen van het rijk verwacht voor duurzaamheid. Een aanzienlijk deel van de organisatie zal met duurzaamheid bezig zijn.

Wat wordt bedoeld met een aanzienlijk deel van de organisatie en wordt alles bekostigd door die extra middelen van het rijk? Wethouder Van Helden antwoordt dat op de meeste afdelingen duurzaamheid een belangrijk punt is: bij de afdeling vastgoed gaat het om verduurzaming van sportaccommodaties, bij facilitair wordt gekeken wat je kunt doen met koffieprut, bij de aanleg van wegen kijk je naar duurzame bestrating, kortom duurzaamheid zit overal. Daarnaast vraagt de gemeente ook partners duurzaam te werken. De heer Drinkwaard leest op bladzijde 11 dat er vanaf 2022 een extra paragraaf in de begroting zal worden opgenomen voor de gebiedsontwikkeling Valkenhorst. Wordt het over Valkenhorst toegezegde financiële overzicht nog voor de programmabegroting aan de raad aangeboden? Wethouder Van Helden stelt dat dat de bedoeling is. In de begroting komt wat bekend en relevant is. De focus zal liggen op het komende begrotingsjaar, maar in de losse notitie zal het meerjarenperspectief gegeven worden. Mevrouw Prins voegt toe dat is afgesproken om, voor zover mogelijk, in het Gebiedsoverzicht Valkenhorst (GOV) alles wat bekend is in de begroting mee te nemen. De paragraaf kan worden ingericht zoals Katwijk dat wil, dus alle relevante informatie kan erin staan. De heer Drinkwaard zou het prettig vinden de kaders van de raad dan ook zo snel mogelijk aan te geven.

De fractie zou graag na de zomer al de notitie daarover krijgen. De heer J.H. Haasnoot vraagt wanneer de nota komt. Wethouder Van Helden gaat uit van het derde kwartaal, zoals is toegezegd. De heer Slootweg ziet op bladzijde 12 bij schuldenpositie gemeente een PM-post staan. Is dat niet te kwantificeren? Wethouder Van Helden licht toe dat de kapitaallasten van schulden vooral afhankelijk zijn van de ontwikkelingen op de kapitaalmarkt. De rente loopt iets op, de interne rekenrente is nog zo dat er geen directe gevolgen zijn. Gezien de huidige rentestand wordt overwogen geld voor langere termijn aan te

20

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op 10 juni 2021, nr. 23324

trekken, waardoor de rekenrente nog wat langer stabiel kan worden gehouden. Op termijn kan de rentestijging wel geld gaan kosten. Het kan om honderdduizenden euro’s gaan, maar dat hangt heel erg af van de renteontwikkeling. Op dit moment is het nog geen acuut risico. De heer Boland begrijpt dat overwogen wordt geld voor een langere periode vast te leggen. Kan de rekenrente sneller stijgen dan de echte rente? Wethouder Van Helden antwoordt dat de rekenrente het gemiddelde is van alle rente voor de verschillende leningen. Als voor één lening de rente hoger wordt, zal dat niet direct het gemiddelde beïnvloeden. Er is voorlopig nog wel ruimte, dus vooralsnog kan de rekenrente nog wel op een laag niveau worden gehouden. De heer Boland ziet op bladzijde 13 onder financiële ontwikkelingen staan “let op, dit saldo is inclusief nog te realiseren bezuinigingen”. Stel dat er geen euro wordt bezuinigd in 2022, is dan het saldo 1,4 miljoen? Mevrouw Prins antwoordt dat dat een juiste vaststelling is. De heer Slootweg vraagt waarom dat zo expliciet is aangegeven. Wethouder Van Helden antwoordt dat het niet de bedoeling is om je rijk te rekenen. Het college gaat ervan uit dat alle besparingen haalbaar zijn, lukt dat niet, dan zal het meerjarenbeeld veranderen. De heer Slootweg ziet dat het budget voor de omgevingswet mede afhankelijk is van de daadwerkelijke invoeringsdatum.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10281282/2