CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadscommissie 210325 (notulen)(vastgesteld)(geanonimiseerd)

Raad 8 april 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: Notulen van de vergaderingen van de raad en de raadscommissie van 4,11, 18 en 25 maart 202111.279 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

or

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van de gemeente Katwijk gehouden op donderdag 25 maart 2021 via een videoverbinding

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

Punten van behandeling Locatie raadzaal 1. 2. 3. 4. 5.

Opening ......................................................................................................................................................... 3 Vaststelling van de agenda van de raadscommissie ................................................................................... 3 Ontwikkelingen rondom de energietransitie (1869977, 1861992) ............................................................ 3 Ontwikkeling rondom regionale afspraken over ruimte en mobiliteit (1868459) .................................... 8 Sluiting ......................................................................................................................................................... 13 Locatie Burgerzaal

6. 7. 8. 9.

Opening ........................................................................................................................................................ 13 Vaststellen van de agenda van de raadscommissie ................................................................................... 13 Voortgang en aanpak onderzoek naar gebruik bodemas bij N206 (1889605) ........................................ 13 Sluiting ........................................................................................................................................................ 20

2

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

LOCATIE RAADZAAL Aanwezig bij punten 1, 2 en 3 zijn 10 leden: de heer G. Diemer (GemeenteBelangen), de heer M. van Duijn (DURF), de heer F.J. Grotenhuis (PvdA), de heer J.H. Haasnoot (KiesKatwijk), de heer drs. R. Haasnoot (ChristenUnie), de heer ir. J.W.C. de Mooij (CDA), de heer G.A.F. Schrijvers (Hart Voor Katwijk), de heer dr. A.J.H. Stegmann (VVD), mevrouw C. Tawfik (D66) en de heer dr. ir. J. de Vreugd (SGP). Voorzitter: Griffier: College: Notulist:

1.

de heer De Vries mevrouw Valasek wethouder Knape mevrouw Bakker

Opening

De voorzitter opent de videovergadering om 19.34 uur. 2.

Vaststelling van de agenda van de raadscommissie

De raadscommissie voegt het punt Voortgang en aanpak onderzoek naar gebruik bodemas bij N206 toe als de punten 6 tot en met 9; en besluit om punt 4 te laten beginnen om 21.00 uur. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming stelt de raadscommissie de gewijzigde agenda vast. INFORMATIEVE SESSIE 3.

Ontwikkelingen rondom de energietransitie (1869977, 1861992)

De voorzitter geeft het woord aan wethouder Knape voor een presentatie. Wethouder Knape geeft aan dat gemeenten op basis van het nationale klimaatakkoord werken aan de energietransitie. Dit verloopt via de regionale energiestrategie, in eerste instantie met stappen tot 2030. Daarbij moeten afspraken gemaakt worden over de warmteverdeling in de regio. Er zijn twee bronnen om een warmtenet te voeden: geothermie, en restwarmte uit Rotterdam (WarmtelinQ). De gemeentelijke warmtevisie is bijna klaar, de lokale energiestrategie (LES) moet volgen. We moeten ervoor zorgen dat, als we aan de lat staan voor wind of zon, dat ook gerealiseerd wordt; en dat vindt zijn plek in de LES. De regionale energiestrategie 1.0 (RES) is in de afrondende fase. Dit is een vervolg op het concept waar de raad eerder wensen en bedenkingen op heeft uitgesproken. De RES bevat onder andere een kansenkaart waarop een aantal zoekgebieden voor wind en zon staan aangegeven. De RES moet richting geven naar 2030; en is een verkenning. Het heeft in die zin geen binding. De raad stelt het wel vast, maar de keuzes die in de RES gemaakt worden, moeten worden vastgelegd in de omgevingsplannen of in programma’s die we als gemeente uitvoeren. De RES geeft vooral de richting voor 2030: hoe om te gaan met energiebesparing en opwekking, bezien vanuit de regio.

De raad heeft vorig jaar wensen en bedenkingen uitgesproken, die zijn gewogen in het document dat naar de raad toekomt. Er zit een apart document bij hoe met alle wensen en bedenkingen vanuit elke plaats is omgegaan en hoe deze een plek hebben gekregen in de RES die straks wordt aangeboden aan de raad. Participatie is verlopen via de programmaraad, enquêtes en webinars. Er is veel inbreng geweest, ook vanuit jongeren. De stukken gaan straks na overleg in de regio naar de colleges en daarna naar de raden. De raad kan moties en amendementen indienen die dan worden meegenomen naar de RES 2.0. Elke raad stelt de eigen moties en amendementen vast. Landelijk is er niet geregeld hoe ermee om te gaan als daar veel verschillen in zitten. De moties en amendementen zullen meegenomen worden in het opstellen van de RES 2.0. Is het eensluidend dan kan het al eerder meegenomen worden. Richting RES2.0 zullen de wind en zon verder geconcretiseerd moeten worden.

3

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

De heer J.H. Haasnoot begrijpt dat de raad moties en amendementen kan indienen. Die worden dan als wensen en bedenkingen neergelegd. Kan men dat in de regio vervolgens naast zich neerleggen, is de gemeenteraad eigenlijk niet meer dan een gesprekspartner, kortom in welk gremium vindt de besluitvorming plaats? Wethouder Knape antwoordt dat de raad niet alleen inspraakpartner is. De raad kan het college opdracht geven zaken te verwerken in de omgevingsplannen en daar moet het college dan mee aan de slag. Dat neemt niet weg dat er een hiaat zit in hoe het rijk dit geregeld heeft als gemeenten van mening verschillen. De raad stelt het vast; er is geen ander gremium wat er een besluit over neemt. De heer De Vreugd kan zich voorstellen dat er in de RES elementen staan waar de Katwijkse politiek het niet mee eens is. Kan de raad de RES op dat punt tegenhouden? Wethouder Knape stelt dat er zeker punten in de RES zullen staan waar in de regio overeenstemming over zal zijn. Als er echter zaken in staan die deze raad niet wil uitvoeren, dan moet de raad het college die opdracht meegeven. Het college zal zich daaraan moeten houden. De RES moet uiteindelijk wel een gezamenlijk beleid formuleren voor de regio, waarbij niet slechts enkele gemeenten zorgen voor de energietransitie voor de gehele regio, er moet een gezamenlijke inzet zijn. De heer J.H.

Haasnoot wil weten welk gremium de uiteindelijke klap geeft op de RES. Stel dat in de RES komt te staan dat er 12 windmolens langs de N206 moeten komen, is Katwijk dan verplicht dat ook te doen? Wethouder Knape antwoordt dat de raad dan niet verplicht is dit te doen. De raad heeft over de concept RES wensen en bedenkingen doorgegeven. Die zijn doorgestuurd en al dan niet meegenomen. Voor de RES 2.0 zal de raad dat weer doen en die wensen zullen dan ook weer worden doorgegeven. Dat is conform de landelijke afspraken. De regio, dat wil zeggen het dagelijks bestuur van Holland Rijnland, stuurt de moties en amendementen door. Het algemeen bestuur van Holland Rijnland neemt daar geen besluit over. De heer Van Rijn (beleidsmedewerker) stelt dat het gaat om een verzameling van 13 gemeenten, het hoogheemraadschap en de provincie. De RES wordt in de individuele raden, staten etc. vastgesteld. In het algemeen bestuur van Holland Rijnland wordt dat stuk dan besproken; het algemeen bestuur besluit er niet over. Vervolgens wordt er een strik om gedaan en opgestuurd naar het nationaal programma RES. De heer R. Haasnoot vraagt wat Katwijk kan doen met de wensen en bedenkingen. Er wordt straks een lokale energiestrategie (LES) opgesteld.

Hoe wordt dan omgegaan met wat door Katwijk is doorgegeven over de RES? Hoe zit dat in de tijd tussen de beide stukken? Wethouder Knape stelt dat er eerst het voornemen was de RES en de LES gelijktijdig vast te stellen, maar het college heeft gezien de vergaderdruk van de raad voorgesteld de LES nog wat vooruit te schuiven. De wensen die de raad heeft aangegeven voor de RES kunnen op die manier worden verwerkt in de LES. De heer Diemer merkt op dat een groot deel van de energietransitie moet worden gerealiseerd door bedrijven. Het is echter moeilijk inzicht te krijgen in de prestaties van bedrijven en van de omgevingsdienst. Kan de commissie voor de oordeelsvormende vergadering nadere gegevens krijgen over besparingen bij bedrijven? De heer Van Rijn stelt dat deze resultaten zullen worden opgenomen in de evaluatie van het energieprogramma dat binnenkort wordt gepresenteerd, zowel van de gemeente als van de omgevingsdienst. Wethouder Knape gaat vervolgens in op de warmtetransitie. De opgave is om Nederland in 2050 aardgasvrij te maken. Voor 2030 moet Katwijk 5000 woningen van het gas afhalen. Er zijn drie opties: geothermie, restwarmte uit Rotterdam en individuele oplossingen. Besluitvorming over dit punt volgt na de

4

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

zomer. Om echt te kunnen starten is er financiering nodig vanuit het rijk. Geothermie lijkt een kansrijke optie. Een aantal bedrijven heeft al gevraagd om een opsporingsvergunning. Je moet dit op een goede en betaalbare manier ontsluiten voor de gehele regio. De potentie lijkt echter groot. Voor restwarmte uit Rotterdam zou er een leiding moeten komen die zorgt voor 100 megawatt restwarmte. Daarvan wordt 40 megawatt al afgenomen door anderen. De restwarmte is zeer bruikbaar voor minder goed geïsoleerde woningen. Als je restwarmte inzet op het warmtenet zal de vraag naar elektriciteit afnemen. Voor geothermieputten is ruimte nodig. Voor zowel geothermie als restwarmte zijn veel ondergrondse buizen nodig. Uiteindelijk kan er een mix komen van beide energiebronnen. De Leidse regio wil graag dat er een principebesluit wordt genomen over de restwarmte. Katwijk wil wel samenwerken met de Leidse regio, maar wil geen afnamegarantie afgeven. Het besluit zal inhouden dat er samenwerking zal zijn om over de bronnen te kunnen beschikken mits deze betaalbaar zijn. De heer Stegmann begrijpt dat de Gasunie het warmteleidingnet aanlegt. Hoe kan dat, want de Gasunie is er toch vooral voor fossiele energie? Wethouder Knape stelt dat men dit doet in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken. Het is overigens nog niet geheel zeker of de leiding doorgetrokken wordt naar deze regio.

De heer De Mooij vraagt of er dan 60 megawatt restwarmte overblijft, of gaat het om 100 plus 40 megawatt. Wat als de leiding vanuit Rotterdam niet doorgaat, is er dan een alternatief? Wethouder Knape antwoordt dat het gaat om 100 megawatt in totaal, waarvan er 60 overblijft voor de regio. Er is zeker ook nagedacht over alternatieven, daarom ook het onderzoek naar geothermie. Restwarmte is aantrekkelijk, maar niet tegen elke prijs. De hoop is over beide energiestromen te kunnen beschikken, daarom moet je als regio zeker tonen dat je geïnteresseerd bent, evenwel zonder afnamegarantie. De heer Stegmann wil weten of bij geothermie gekeken wordt naar het risico van aardbevingen. Wethouder Knape wijst erop dat er al projecten zijn waar dit draait zonder schade. Uiteraard wordt wel gekeken naar de risico’s. De heer J.H. Haasnoot vraagt of het experiment met zoeken naar bronnen voor geothermie wordt gegund aan de commercie. Wethouder Knape stelt dat bedrijven zich bij Economische Zaken hebben gemeld met belangstelling in het doen van boringen. Economische Zaken zal de aanvragen beoordelen. Katwijk is daarin geen partij, dit is een zaak voor het rijk. De heer Schrijvers vraagt of het een rol speelt bij het al dan niet doorgaan van de aanleg van een leiding voor restwarmte dat niet iedereen een afnamegarantie wil afgeven.

Wethouder Knape stelt dat dit uiteraard een rol speelde in de gesprekken. Door de gesprekken in de regio is er bij de Gasunie vertrouwen gegroeid dat de regio serieus is, ondanks de weigering die afnamegarantie te geven. Samenwerking op dit terrein is nooit gratis, de regio moet wel bijdragen aan de kosten voor de organisatie van die samenwerking. De heer Schrijvers is blij dat die afnamegarantie niet is gegeven, maar zou zich kunnen voorstellen dat dit voor de Gasunie wel een rol speelt. Wethouder Knape erkent dat dit zou kunnen. Het lijkt erop dat ministerie, provincie en andere betrokkenen het belangrijk vinden dat er geïnvesteerd wordt in het hoofdtransportnet. Gemeenten dragen voor aanleg van dat net geen verantwoordelijkheid, dat moet duidelijk zijn.

5

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

De heer Diemer herinnert zich dat de Gasunie vroeger voor de helft van de staat was en de andere helft was van twee oliemaatschappijen. Is dat nog zo of is de staat de enige eigenaar? Wethouder Knape zal die vraag schriftelijk beantwoorden. De heer De Vreugd vraagt of er vanuit WarmtelinQ een document bestaat met een rekenvoorbeeld hoe de warmte vanuit Rotterdam in Leiden aankomt. Het gaat om een traject van ongeveer 40 km, wat is dan het warmteverlies? Hoe zou de warmte verdeeld kunnen worden over de omgeving rondom Leiden? Wethouder Knape vindt dat belangrijke informatie, maar tekent daarbij aan dat het risico voor rekening komt van de Gasunie. Zij moeten warmte leveren op de goede temperatuur. Als de woningen onvoldoende verwarmd kunnen worden met de restwarmte, zal niemand hierin willen investeren. De heer Hartman (beleidsmedewerker) weet dat er berekeningen zijn opgesteld door de Gasunie. Vanuit Katwijk zijn die niet gecontroleerd. Indien er behoefte aan is kan dit opgevraagd worden. Het warmtenet wordt goed geïsoleerd, daardoor is het warmteverlies relatief laag. De Gasunie heeft er belang bij de temperatuur hoog te houden. In hun contract met Vattenfall staan garanties over de minimale temperatuur. De heer De Vreugd vraagt dat rapport aan de raad te sturen. De voorzitter noteert die vraag. De heer Schrijvers begrijpt dat het MKB gaat meedenken.

Op welke manier gebeurt dat? Er is een energiecentrale in Leiden. In hoeverre is er zekerheid dat die centrale niet meer gaat afnemen dan de nu genoemde 40 megawatt. Zou dat nog kunnen groeien en effect kunnen hebben op de levering aan de rest van de regio? Wethouder Knape antwoordt dat er ook in Leiden wijken nog op deze warmtebron kunnen worden aangesloten. Dit komt aan de orde in de transitievisie warmte. Er is gekeken of er dan nog genoeg is om ook aan Katwijk te leveren. De vraag is daarmee eigenlijk in hoeverre of je aan Vattenfall vast zit. De heer Olsthoorn (beleidsmedewerker) merkt op dat vorig jaar er met de scheidend voorzitter van de KOV is gesproken, maar het contact is enigszins verzand. Begin dit jaar heeft het MKB het contact afgehouden. Via de webinars is er wel inbreng geweest van het MKB. Er was ook recent contact met de glastuinbouwsector en met Flora Holland, wel op ad hoc basis. Wethouder Knape stelt dat er regulier overleg is met het KOV en daarbij komt de energietransitie ook aan de orde. Er komt ook een avond met ondernemers om die te informeren. Zij willen graag weten welke kant het op gaat. De voorzitter geeft aan dat de wethouder de presentatie kan vervolgen. Over de LES merkt wethouder Knape op dat Katwijk sinds 2015 een energieprogramma heeft, dat moet nu een vervolg krijgen in de LES. Die LES geeft dan weer een verbinding met de RES.

Het energieprogramma zal geëvalueerd worden en gelijktijdig aangeboden worden met de LES. In Katwijk is er weinig ruimte om grootschalig energie op te wekken, daar is weinig grondgebied voor beschikbaar. Dat is op de kansenkaart te zien. Je zult dus samen moeten werken met andere gemeenten, maar ook met instanties, met bedrijven en bewoners. Daarna volgt de uitwerking in eigen beleid. Er is al een energiecorporatie opgericht. Het gemeentelijke budget voor het energieprogramma was voor de bezuinigingsronde 3 ton. Door een bijdrage van het rijk werd die bezuiniging opgevangen. We hebben ook rijksmiddelen voor de transitievisie gekregen. Uiteindelijk kom je met rijksgelden erbij aan € 560.000. Vanaf 2022 verwacht de gemeente jaarlijks zo’n 2 miljoen nodig te hebben van het rijk en daarmee kun je het proces rond de energietransitie

6

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

goed op gang helpen. We weten nog niet zeker wat de gemeente zal ontvangen; dit is wat nodig is om vorm te geven aan de energietransitie. De heer Diemer ziet in de LES niets staan over besparing bij bedrijven, het lijkt in de LES alleen te gaan om energiebesparing bij woningbouw en utiliteitsgebouwen. Hoe zit het met de toezegging om bij de evaluatie gegevens op te nemen over de gerealiseerde energiebesparing bij bedrijven? Wethouder Knape stelt dat de raad steeds op de hoogte wordt gehouden van de besparingen via de jaarlijkse evaluatie van het energieprogramma. Er is daarnaast geïnvesteerd in overleg met bedrijven, niet alleen over verplichte besparingen, maar om hen enthousiast te maken voor vrijwillige maatregelen. Het college doet de toezegging om inzichtelijk te maken wat er aan energiebesparing wordt gerealiseerd door bedrijven; zowel in de LES als in de evaluatie van het energieprogramma. De wethouder wil ook toezeggen om indien gewenst de stand van zaken al eerder beschikbaar te stellen. De heer Diemer is blij met die toezegging. De heer De Mooij merkt op dat in de presentatie wordt gesproken over zonne-energie op daken. Is er al geïnventariseerd hoeveel daken de gemeente zelf kan voorzien van zonnepanelen? In de media is er de laatste tijd nogal wat aandacht voor hogere verzekeringspremies voor zonnedaken.

Speelt dat ook in Katwijk, willen bedrijven daardoor nog wel zonnedaken? De heer Van Rijn deelt mee dat er een inventarisatie is geweest van de daken. In ’t Heen en Klei-Oost is ongeveer de helft van de bedrijfsdaken geschikt voor zonnepanelen. In het algemeen kan ongeveer 25% van de energie die in Katwijk moet worden opgewekt vanaf daken komen. Vanuit Katwijkse bedrijven zijn er nog geen signalen gekomen over problemen met de verzekeringspremie in relatie tot zonnepanelen. De heer De Mooij zou het goed vinden als er nu alvast over wordt gedacht of je als gemeente iets voor bedrijven kunt betekenen in het geval die verzekeringspremie wel een probleem is. Wethouder Knape antwoordt dat de gemeente daar scherp op zal zijn en daarop zal inhaken als dat nodig is. Wethouder Knape gaat vervolgens in op de klimaatadaptatie. Er wordt gewerkt aan de afronding van een strategiedocument en een uitvoeringsagenda. Participatie vindt onder andere plaats door klimaatdialogen en een bewonersenquête. Het gaat erom overvloedige regenval op te kunnen vangen en hittestress te voorkomen. Dit heeft natuurlijk een link naar de groene structuur in Katwijk. Ook in regioverband werkt de gemeente hierin samen; hier zijn ook subsidiegelden beschikbaar. De voorzitter stelt vast dat de commissie geen vragen heeft over klimaatadaptatie en voldoende is geïnformeerd.

Hij sluit de sessie om 20.47 uur, formuleert onderstaande conclusie en schorst de vergadering. De commissie is voldoende geïnformeerd. Het college doet de toezegging om de openstaande vragen over de Gasunie en de berekeningen over WarmtelinQ schriftelijk te beantwoorden. Het college doet de toezegging om zowel in de lokale energiestrategie als in de evaluatie van het energieprogramma inzichtelijk te maken wat er aan energiebesparing wordt gerealiseerd door bedrijven; en zal z.s.m. de stand van zaken daarvan al inzichtelijk maken en aanbieden aan de raad.

7

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

INFORMATIEVE SESSIE 4.

Ontwikkeling rondom regionale afspraken over ruimte en mobiliteit (1868459)

Aanwezig bij punten 4 en 5 zijn 11 leden: de heer R. Boland (D66), de heer J.H. van Dam (SGP), de heer J.H. Haasnoot (KiesKatwijk), de heer B. van der Plas (ChristenUnie), de heer T. Reedijk (PvdA), de heer A. van Rooijen (DURF), de heer G.A.F. Schrijvers (Hart Voor Katwijk), de heer R.P. Slootweg (GemeenteBelangen), mevrouw P.S. Smits (Fractie Smits), de heer dr. A.J.H. Stegmann (VVD) en de heer B. Tensen MSc MA (CDA). Voorzitter: Griffier: College:

Notulist:

de heer De Vries de heer Korbee wethouder Knape wethouder Mostert wethouder Nagtegaal mevrouw Bakker

De voorzitter heropent de vergadering om 21.08 uur voor de informatieve sessie en deelt mee dat er twee presentaties zullen zijn, de eerste door de heer De Vor, bestuursadviseur, over de regionale omgevingsagenda. De heer De Vor meldt dat er de komende maanden veel op de gemeente afkomt. Op 30 juni moet er in het algemeen bestuur van Holland Rijnland een besluit worden genomen over de regionale omgevingsagenda en de regionale strategie mobiliteit. De raad stelt voor 1 juli de Regionale Energie Strategie (RES) vast. Voor de drie verschillende documenten worden drie trajecten opgesteld. De regionale omgevingsagenda gaat over de inrichting van de omgeving in Holland Rijnland, hoe je hier moet omgaan met de ruimte. Dit stuk lijkt sterk op en is gebaseerd op de omgevingsvisie van Hart van Holland, een stuk dat tot tevredenheid stemde. Echter, niet alle gemeenten uit de regio participeerden in de voorbereiding van de omgevingsvisie Hart van Holland; Hillegom en Lisse waren daar niet bij, maar zijn inmiddels aangesloten. Deze raad is regelmatig geïnformeerd over de plannen. De ontwikkeling van wonen en werken in de regio zal vooral plaatsvinden langs de Oude Rijn van Alphen aan de Rijn tot aan de kust met daaromheen een prachtig landschap. Dat uitgangspunt geldt zowel voor Hart van Holland als voor Holland Rijnland.

Voor de Duin- en Bollenstreek zal er deels verdichting zijn, maar ook is daar behoud van het open landschap belangrijk. Katwijk zit in het verdichtingsgebied, maar om de kernen heen is er open landschap en het duingebied. Er moet nog veel uitgewerkt worden, vooral ook voor de zone langs de Oude Rijn. Bij dit alles kijk je dan of die uitwerking wel in lijn is met de Maatschappelijke Agenda (MAG), Omgevingsvisie en andere in Katwijk vastgestelde nota’s. Leefbaarheid en mobiliteit zijn randvoorwaarden voor ontwikkeling. Katwijk gaat ±8.000 woningen bouwen tot 2040 met behoud van het karakter van de dorpen. Er moet ruimte zijn voor kennisintensieve en traditionele bedrijvigheid. De bereikbaarheid en de leefbaarheid in de kernen staan onder druk, dat maakt dat Katwijk behoefte heeft aan een Zuidelijke Randweg Duin- en Bollenstreek. Daarbij moet direct aangetekend worden dat Katwijk hier geen middelen voor heeft. Helaas is het tot nu toe niet gelukt de provincie enthousiast te maken voor deze ontsluiting. De provincie moet dit inbrengen bij het rijk, middels de MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport). Een belangrijke voorwaarde van het rijk om in een project te willen investeren is dat er een lange termijn visie is op de ontwikkelpotentie van een regio. Er moet een brede regionale consensus zijn en voldoende draagvlak.

De regionale omgevingsagenda Holland Rijnland sluit goed aan bij de visie van Katwijk, hoewel er uiteraard ook wel punten in zitten die wat schuren. Het (ambtelijk) advies is toch de agenda op hoofdlijnen te steunen, procesafspraken voor vervolg borgt bij besluitvorming en een actieve rol te gaan pakken bij de uitwerking. De heer Tensen vindt dat terecht wordt gezegd dat draagvlak cruciaal is. Zijn er inspanningen gepleegd om meer gemeenten hierbij te betrekken, is er een lobbyproces voor de ruimtelijke agenda?

8

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

De heer De Vor antwoordt dat vanuit Holland Rijnland is aangegeven dat zij het op prijs zouden stellen als subregio’s hun input zouden leveren. Zo is dat ook opgepakt. Ook is er contact met Leiden om te zien wat voor hen belangrijk is, want het heeft weinig zin iets na te streven dat haaks staat op de belangen van Leiden. De heer J. Haasnoot is wel positief hierover, maar wil weten op welk niveau dit speelt. Zijn hier vooral ambtenaren mee bezig of ook de wethouders. Wie heeft de dikste vinger in de pap? Mag je als gemeenteraadslid weliswaar wensen en bedenkingen indienen, maar ben je eigenlijk niet meer als een soort inspraakpartner, omdat Holland Rijnland zich opstelt als een soort bestuurslaag. De heer De Vor wijst erop dat Holland Rijnland in principe de nota schrijft, maar als partij in Holland Rijnland moet je er steeds bovenop zitten en eventueel zelf teksten voor de nota aanleveren om zo de Katwijkse accenten aan te brengen. Daar is zeker ook aan gewerkt. Er zijn steeds voortgangsrapportages geweest vanuit Holland Rijnland en het lijkt erop dat er goed is geluisterd naar de inbreng vanuit Katwijk. De stukken zien er evenwichtig uit. De heer Boland merkt op dat het aantal Webinars groot is. Er ligt nu een strategie, die dient als input voor een stuk dat later vastgesteld moet worden. Een besluit wordt hier nu niet genomen.

Hoe is het tot dit proces gekomen? De heer De Vor stelt dat een van de redenen om dit zo in elkaar te schuiven is dat de RES op nationaal niveau een einddatum heeft. De meest praktische aanpak is om voor de ruimtelijke agenda samen op te trekken met de RES. Wethouder Knape wijst erop dat er een planning zit aan de RES. Het zou mooi zijn als je de RES voor de verdere stuken kunt gebruiken. Wethouder Mostert vindt het ingewikkelde van regio’s dat je met veel verschillende gemeenteraden te maken hebt. In de regio moet je een richting kiezen. Dat kan in de diverse gemeenten wat spanningen geven, maar die richting moet er zijn voor je de stukken door kunt sturen naar rijk en provincie. Gemeenteraden kunnen hun opmerkingen doorgeven via wensen en bedenkingen. Katwijk had al samengewerkt aan de stukken van Hart van Holland, voor sommige gemeenten was dat niet het geval en die hadden dus nog heel wat huiswerk. De ‘placemat’ die is gemaakt is in lijn met wat hier eerder is vastgesteld. De heer Boland begrijpt dat niet alle gemeenten waren aangesloten bij Hart van Holland. Betekent dat niet dat daar nog een democratisch proces gaande is en kan dat niet alsnog leiden tot wijzigingen? Wethouder Mostert antwoordt dat een aantal gemeenten inderdaad het been nog bij moet trekken. In andere gemeenten is het stuk van Hart van Holland zonder aanmerkingen vastgesteld.

Nu is het proces gaande om ook het stuk van Holland Rijnland vast te stellen, maar daar is er nog wel gelegenheid om wensen en bedenkingen door te geven. De heer Van Rooijen merkt op dat de ruimtelijke visie loopt tot 2040, de RES tot 2030. Hoe verhoudt dat zich tot elkaar? Wethouder Knape erkent dat het mooi zou zijn als die periode gelijk zou zijn, maar als de RES eenmaal is vastgesteld zal het proces niet stil staan, de RES is niet in beton gegoten, maar wordt elke twee jaar bijgesteld. De heer Stegmann ziet op de placemat prachtige bollenvelden en open ruimte. Maar in werkelijkheid moet je vaststellen dat er overal wordt gebouwd en dat gaat steeds weer ten koste van de open ruimte en de bollenvelden. Trekken de bollengemeenten zich hier wel iets van aan?

9

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

De heer De Vor stelt dat daarmee een van de discussiepunten in de Bollenstreek wordt aangekaart. Door de wens de open ruimte te houden, komt de druk op werken en wonen vooral op enkele gemeenten te liggen, waaronder Katwijk. Dat betekent echter niet dat Katwijk het hele grondgebied maar vol moet bouwen, terwijl anderen het laten zitten. Veel gemeenten hebben wel degelijk bouwwensen, al was het alleen maar omdat mensen in het eigen dorp willen blijven wonen. Er ligt daardoor een behoorlijk ingewikkelde vervolgopgave als je open ruimte en woningbouw wilt combineren. De heer Van Rooijen miste bij de opsomming van de gemeenten die niet in Hart van Holland zaten de gemeente Teylingen. De heer De Vor antwoordt dat hij die vergat te noemen, de drie gemeenten met één gemeentelijk apparaat doen heel gelijkwaardig mee in het proces om deze placemat te maken. De heer Van Dam vraagt hoe de enorme groei van wonen en werken van Katwijk zich verhoudt tot de andere gemeenten. De heer De Vor vindt dat een interessante vraag, die ook in Holland Rijnland aan de orde is geweest. De vraag is daar gesteld wat voor Holland Rijnland de totale woningopgave is. Dan komt als antwoord dat men dat niet precies weet. De conclusie voor Katwijk is dat met de bouwplannen hier in ruime mate wordt voldaan aan de opdracht van Holland Rijnland.

De heer Boland stelt dat de Zuidelijke Randweg Duin- en Bollenstreek een nieuwe naam is voor een veel in Katwijk besproken en gewenste weg. Vanuit de historie was toch ook Oegstgeest hierbij betrokken, maar daarover leest hij niets. De heer De Vor stelt dat het verder gaat dan alleen Oegstgeest, het gaat om een brede regio, die loopt vanaf ESTEC via Oegstgeest over Leiden tot aan Heineken. De heer Tensen meent dat terecht wordt gezegd dat veel ambities samenhangen met een goede ontsluiting. Dan staat er dat op korte termijn wordt gekeken naar de mogelijkheden. Wat is de korte termijn? De heer De Vor antwoordt dat je via de MIRT de Zuidelijke Randweg wil agenderen. Voorbereidend werk daarvoor kost veel tijd, je kunt kijken of je dat voor de agenda van 2023 ter sprake kan brengen. Besluitvorming kost dan op zijn minst 6 jaar, dan volgt er in het meest positieve geval nog onderzoek naar een voorkeurstracé. Dat betekent dat de weg er niet kan liggen voor het midden van de jaren 30. De heer Tensen vraagt wat de implicaties daarvan zijn voor de Katwijkse en de bovenregionale ambities. De heer De Vor stelt dat de 8.000 woningen niet veel eerder gereed zijn, ook de uitbreiding van bedrijventerreinen kost tijd. Wethouder Mostert gaat in zijn presentatie in op de positie van Katwijk.

Het college moet in de regio varen op het beleid dat door de raad is vastgesteld, in onder andere de maatschappelijke agenda, de omgevingsvisie en in het stuk van Hart van Holland. Je moet nadenken over wat je wilt zijn, wat je wilt versterken of gewoon behouden en wat en/of wie daarvoor nodig is. Katwijk kan niet ongebreideld uitbreiden, die 8.000 woningen moeten zorgvuldig worden ingepast. Je wilt de dorpen daarmee versterken en het moet complementair zijn. Leiden bouwt vooral in de hoogte, dat wil je hier niet, Katwijk wil wel verdichten maar niet vergelijkbaar met Leiden. Katwijk hecht zeer aan de mobiliteit. Daarom wil je dat het huidige programma met wonen en werken voldoende is voor een investering in de Zuidelijke randweg. Hoe meer het belang van die weg ook door andere gemeenten benadrukt wordt, hoe groter de kans is dat het lukt om de weg in het MIRT te krijgen. Katwijk heeft daarbij zowel de regio Duin- en Bollenstreek als de Leidse regio nodig. Leiden is voor Katwijk een belangrijk knooppunt, al was het maar vanwege het treinstation.

10

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

Katwijk is de grootste gemeente van Nederland zonder eigen railverbinding. Daarmee is gelijk de reden gegeven om te werken aan verbetering van de infrastructuur. De heer Van der Plas merkt op dat hier steeds is gezegd “eerst bewegen, dan bouwen”. Dat lijkt dan met de Zuidelijke Randweg andersom te gaan. Wethouder Mostert meent dat het samen gaat. Als je ergens wilt bouwen, moet je kunnen aantonen dat mensen weg kunnen, dus dat de infrastructuur er is. Zo niet, dan komt er geen vergunning. Als je hier het verkeer eerder uit de kernen weg kunt krijgen, zal dat de leefbaarheid ten goede komen. Mevrouw Smits vindt het schandalig dat Katwijk geen railverbinding heeft. Er is lang gesproken over een lightrailverbinding. Denkt de wethouder dat zo’n verbinding nu nog een kans maakt? Hoe valt de bouw van 8.000 woningen te combineren met het open houden van de omgeving, hoe zorg je dat er voldoende open ruimte is en voldoende groen? Wethouder Mostert vindt het jammer dat de lightrail er niet is gekomen. De boodschap is nu dat de hoogwaardige openbaar vervoersverbinding ook vertrambaar moet zijn. Voor een lightrail is veel geld nodig en dat zal er alleen komen op voorwaarde dat ook voldoende mensen van zo’n verbinding gebruik gaan maken. De bouw van 8.000 woningen zal zeker effect hebben op de omgeving.

Door slim om te gaan met de ruimte en niet alleen eengezinswoningen te bouwen, maar ook te bouwen voor een- en tweepersoonshuishoudens en voor ouderen, kun je de benodigde ruimte beperken. Wethouder Nagtegaal merkt op dat de Zuidelijke Randweg belangrijk is, maar ook het versterken van het HOV staat hoog op de agenda, met een voorkeur voor vertramming. De nieuwe Julianabrug is daar al op aangepast. Een goede verbinding met Leiden station is voor Katwijk belangrijk. Mevrouw Smits zou vertramming van het HOV erg mooi vinden, maar hoe verhoudt dat zich tot woningbouw. Aan de omgeving van een trambaan stel je waarschijnlijk andere eisen dan de omgeving van een busbaan. Wethouder Mostert stelt dat het geen probleem is om meer woningen te bouwen nabij een tramverbinding. Daar zijn in Nederland veel voorbeelden van. De heer Boland stelt vast dat er sprake is van een tegenstelling tussen bouwen en groen. Katwijk heeft een groenbeleidsplan. Er moet ook een ruimtelijk afwegingskader zijn. Is dat al door de raad vastgesteld? Die vraag is er ook ten aanzien van de regionale visie mobiliteit. Wethouder Mostert antwoordt dat het Ruimtelijk Afwegingskader, het RAK, een instrument is dat is ingericht om alle verschillende beleidslagen een plek te geven, zodat je sneller kunt zien wat op bepaalde plekken wel en niet mag. De raad heeft dat niet vastgesteld, dat was niet nodig.

Wethouder Nagtegaal stelt dat hetzelfde geldt voor de ruimtelijke agenda. Zo zijn de speerpunten van de Katwijkse agenda mobiliteit in de regionale visie mobiliteit terechtgekomen. De heer Boland vraagt of dit betekent dat als de stukken in Holland Rijnland zijn vastgesteld, dan de wensen en bedenkingen van gemeenten in procedure gaan, en dat daar dan de raad weer controle op uit kan oefenen. Wethouder Nagtegaal antwoordt dat dat klopt. De heer Stegmann vraagt zich af waarom dat zo gaat. Hij was niet mild over de omgevingsvisie van Hart van Holland. Nu gaat het om afspraken in Holland Rijnland verband. Zou het niet gewoon de provincie moeten zijn die hierover besluiten neemt. Waarom wordt dit aan gemeenten en regio’s overgelaten? Is de

11

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

provincie zo niet bezig gemeenten en regio’s tegen elkaar uit te spelen. Wassenaar komt bijvoorbeeld heel mooi weg met weinig woningbouwopgave. Wethouder Mostert stelt dat de provincie de RES-regio’s heeft gevraagd om met een visie te komen. Wassenaar ligt in een andere regio met een stedelijke agglomeratie, die de bouw van veel woningen op zich neemt. Dat staat los van wat in Holland Rijnland gebeurt. De heer Van Dam meent dat je niet moet weglopen voor verdichting, maar wel voor verstedelijking. Hoe verhoudt zich dat? Wethouder Mostert wijst erop dat niet alleen Katwijk bouwt. Noordwijk bouwt 6.000 woningen, Teylingen bouwt er ruim 1.000 en Leiden wel 10.000. Ook Alphen aan de Rijn heeft een grote opgave. Het komt dus niet alleen op Katwijk neer. De heer De Vor merkt op dat Katwijk ruim voldoet aan wat de provincie en Holland Rijnland vragen. De heer Stegmann stelt dat de wethouder het heeft over woningbouw in Noordwijk en Teylingen, maar dat staat niet op de placemat. Houdt men zich daar wel aan? Wethouder Mostert merkt op dat dit voornemens zijn, nog geen harde plannen. Voor veel voornemens geldt dat ze nog moeten worden uitgewerkt. Dit stuk loopt tot 2040. Het geeft richting aan, op basis daarvan worden keuzes gemaakt. De heer Tensen meent dat het de ambitie is om het woningaanbod mee te laten groeien met de vraag.

Nu gemeenten en regio’s samen optrekken om tot een gezamenlijke agenda te komen, zou je ook willen dat er een mechanisme komt waarmee je sociale woningbouw kunt afdwingen. Wethouder Mostert zou dat ook willen, maar daarvoor moet je ook de hogere overheid moeten aanspreken. Er is een afspraak dat iedereen 25% van zijn woningen in de sociale sector bouwt, maar daar houdt niet iedereen zich aan. Voor bedrijvigheid is in Katwijk Rijnsburg-Noord aangewezen. Bedrijven zorgen voor werk, daarnaast zijn bedrijven ook op andere manieren vaak goed voor een gemeente, bijvoorbeeld als sponsor voor clubs. Bedrijvigheid is ook een argument om aan te kunnen dringen op de Zuidelijke Randweg. De heer Boland las dat een potentieel knelpunt is als je bedrijfsterreinen toevoegt dat er een toename komt van vrachtverkeer. Hoe verhoudt dat zich met de al bestaande druk op de mobiliteit? Wethouder Knape meent dat de heer Boland hier precies de kern raakt. Als je de bedrijventerreinen uitbreidt ontstaat er een mobiliteitsprobleem en dan moet je inzetten op een extra ontsluiting. Dat is precies waar Katwijk steeds aandacht voor vraagt. De heer Boland stelt dat voorheen steeds werd gezegd eerst bewegen, dan bouwen. Om vergunningen te kunnen verlenen moet er zicht zijn op vervoersvoorzieningen of in ieder geval zicht op toekomstige voorzieningen.

Soms gaan echter plannen niet door, dan komen die voorzieningen er niet en als dan wel al de woningen zijn gebouwd, heb je een serieus probleem. Wethouder Mostert vindt dat een goede schets van het probleem. Plannen kunnen slechts doorgaan als er duidelijk zicht is op investeringen in de infrastructuur. De heer Boland vraagt zich af wanneer iets concreet genoeg is om vergunning te krijgen. Je kunt prachtige voornemens hebben om te asfalteren, maar daarmee ligt er nog geen weg. Wethouder Mostert stelt dat het nogal verschil zal maken of het gaat om 20 of om 200 woningen. Katwijk gaat wel 8.000 woningen bouwen en dat kan niet zonder investeringen in de infrastructuur.

12

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

De heer Van der Plas merkt op dat ooit in deze raad is gesproken over een brief met bestuurlijke afspraken over de zuidelijke randweg. Heeft wat er in het verleden is besproken nog invloed op dat proces. Wethouder Nagtegaal meent dat de afspraken die in het verleden zijn gemaakt niet scherp genoeg waren om tot opvolging te komen. Intenties zijn mooi, maar niet altijd voldoende. De provincie vraagt nu om te komen tot een integrale visie. Zo kan men inspelen op toekomstige investeringen. De heer Tensen merkt op dat als je bereikt wat er in al deze visies staat, je in 2040 een paradijs hebt aangelegd. Kan de wethouder iets vertellen over de denkrichting naar dit document, waarom is er die omvangrijke doelstelling? Wethouder Mostert meent dat het een voortdurend zoeken is naar een balans in alle belangen. Het paradijs zal er in 2040 niet zijn. Het zal niet eenvoudig zijn om alle gewenste ontwikkelingen te realiseren, maar samenwerking is de beste manier om de opties te verwezenlijken. De voorzitter meent dat de commissie voldoende is geïnformeerd. De commissie is voldoende geïnformeerd. 5.

Sluiting

De voorzitter sluit de sessie om 22.41 uur.

LOCATIE BURGERZAAL Aanwezig zijn 10 leden: de heer J.H. van Dam (SGP), mevrouw A.H. van Ginkel-Lanting (Hart Voor Katwijk), de heer B. van der Plas (ChristenUnie), de heer R.P. Slootweg (GemeenteBelangen), mevrouw P.S. Smits (Fractie Smits), de heer S. Spek (DURF), de heer B. Tensen MSc MA (CDA), de heer E. Tibben (D66), de heer M. van Tuijl MSc (PvdA) en de heer C.B. Zuyderduyn (VVD). Griffier: College: Notulist: 6.

de heer Korbee de heer Nagtegaal de heer Kardux

Opening

De voorzitter, de heer Boland, opent de oordeelsvormende vergadering om 19.30 uur. 7.

Vaststellen van de agenda van de raadscommissie

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming stelt de raadscommissie de gewijzigde agenda vast.

OORDEELSVORMENDE SESSIE 8.

Voortgang en aanpak onderzoek naar gebruik bodemas bij N206 (1889605)

Mevrouw Hoek, inspreker namens Katwijk Smart Village (KSV) geeft haar inspreektekst. De tekst is bij de stukken gevoegd. Inspreker 1 geeft zijn inspreektekst. De tekst is bij de stukken gevoegd.

13

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

Inspreker 2 geeft zijn inspreektekst. De tekst is bij de stukken gevoegd. Inspreker 3 geeft zijn inspreektekst. De tekst is bij de stukken gevoegd. De heer Tensen vraagt of inspreker 3 gerustgesteld is als alle stappen, zoals genoemd in de laatste alinea van de brief van het college, zijn gezet. Inspreker 3 zegt dat de grote zorg de laag grond is die op de bodemas is gestort. Hij weet niet zeker of de juiste monsters genomen worden, maar heeft vertrouwen in de aanpak van de Omgevingsdienst. Hij heeft er vertrouwen is, mits de monsters op de goede plek op de juiste diepte worden genomen. Er is veel geld met het onderwerp gemoeid; dat geeft wantrouwen en dat voelt niet goed. De heer Spek vraagt of inspreker 1 de komst van de resultaten in juni acceptabel vindt. Inspreker 1 legt uit dat de Omgevingsdienst het onderzoek grondig uitvoert. Op de plaatsen waar metalen worden gevonden, volgt een uitloogtest. Het voorspellen van de uitloogtijd vergt langdurig onderzoek. De heer Van Tuijl vraagt mevrouw Hoek en inspreker 1 of er al afspraken met KSV zijn gemaakt over het fase 0 onderzoek. Gaat de gemeente ook in overleg met de bewoners over dit onderzoek? Volgens mevrouw Hoek is er aangegeven dat het met KSV besproken gaat worden. KSV geeft aan een kritische outsider te zijn en niet de verantwoordelijkheid te hebben.

De gemeente en de Omgevingsdienst moeten de verantwoordelijkheid nemen. Als KSV plaatsen aan moet wijzen, mag dat niet de reden van een ander resultaat zijn. Inspreker 1 zegt dat verantwoordelijke ambtenaren van de gemeente en Omgevingsdienst het proces van het uit te voeren onderzoek met hem besproken hebben. In fase o wordt onderzocht op welke plek wat ligt. Personen die op de voet hebben gevolgd waar wat is gestort, zullen worden geraadpleegd. In zowel het onderzoek van de gemeente als van KSV is antimoon aangetroffen. De plekken waar dit gevonden is, zullen ook worden aangewezen. Mevrouw Smits vraagt wat inspreker 1 van het ketenonderzoek vindt dat de provincie gaat uitvoeren. Missen daar dingen in? Zij vraagt inspreker 2 of hij een reactie verwacht van de gemeente of provincie over de ecologische onderzoeken en de mitigerende maatregelen? Inspreker 1 stelt dat het proces in twee stukken moet worden gedeeld: de gemeente Katwijk als bevoegd gezag waar het om de grond gaat. Als er geen sprake is van een milieudelict is de provincie aansprakelijk. In fase 0 is er casefinding, In fase 1 wordt onderzocht of hetgeen er ligt aan de eisen voldoet en in fase 2 volgt het langdurige onderzoek naar het uitlekken van de bodemas in de bodem. Inspreker 2 legt uit dat er een mitigatieplan wordt opgesteld. Een herhaald verzoek aan Boskalis om dit te mogen inzien, is geweigerd.

Het is raar dat, wanneer er zoveel wordt gedaan aan natuurcompensatie, er zo’n groot risico wordt genomen door die rommel in een kwetsbaar gebied neer te gooien. De heer Zuyderduyn vraagt mevrouw Hoek en inspreker 1 of tien monsternames voldoende zijn. Volgens inspreker 1 heeft de directeur van de Omgevingsdienst gezegd zoveel monsters te nemen als nodig is. Inmiddels is de bodemas verspreid en vermengd. Het zal niet bij tien monsters blijven. De heer Tensen zegt dat er nu een wethouder nodig is die het vuur uit de sloffen loopt om de onderste steen boven te krijgen. Helaas komen de resultaten pas in juni naar de raad. Hij benadrukt dat de

14

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

communicatie met de inwoners op orde moet zijn: frequent en duidelijk. Daar heeft het soms aan ontbroken. Dat is de enige manier om de terechte maatschappelijke onrust weg te nemen. De heer Spek begrijpt het ongeruste gevoel na het tv-programma De Vuilnisman. De gezondheid van de omwonenden staat op plaats één. Milieuverontreinigende stoffen horen niet thuis in de bodem. De spreiding van verantwoordelijkheden en taken zorgt voor frustratie. De gemeente heeft ook te maken met partners. In ons land staat de kennis van milieukunde op een hoog niveau, evenals de wet- en regelgeving. Er moet op worden toegezien dat het zo goed mogelijk wordt toegepast. Dat lijkt, met de beantwoording van de schriftelijke vragen, nu wel het geval. Er is aangegeven dat er geen bodemas gebruikt moet worden, maar zand. De betrokken partijen moeten duidelijk zijn in wat zij wel en niet kunnen doen in deze situatie. Hij heeft moeite met de lange termijn voordat er meer informatie komt. Een tussenrapportage zou mooi zijn. Wellicht kan de wethouder hier een toezegging in doen. Verontreinigde grond in Valkenburg is onacceptabel. Er moet zo snel mogelijk duidelijkheid over komen.

De heer Van Tuijl vindt het te idioot voor woorden om hier nu weer te moeten zitten en dat burgers zo hard moeten knokken om de normale rechtsgang gevolgd te krijgen en dat bedrijven die voor de samenleving zouden moeten werken, zich zo gedragen. Het lijkt erop dat de gemeente met pijn en moeite het fase 0 onderzoek heeft toegevoegd, terwijl de provincie zich graag richt op fase 1. Het onderzoeken van de bodemmonsters is zeer belangrijk. Kan de wethouder hierop reageren? Hij is blij dat de Antea Groep het gaat doen. Hij drukt op het hart dat de monsters op de juiste manier genomen worden en er secuur wordt gekeken. De kwaliteit van de monsters mag niet afhankelijk zijn van de plek waar zij worden genomen. Kan de wethouder dit toelichten? Eventuele verschillen, bijvoorbeeld met rapporten van KSV, moeten goed te verklaren zijn. Ook dit moet het college meenemen. De tijd die het kost, mag niet van invloed zijn op de stappen die er daarna moeten worden genomen. De heer Zuyderduyn spreekt zijn waardering uit voor het werk dat KSV en omwonenden hebben verzet. Hij zou meer monsters willen zien dan de genoemde tien, maar begrijpt dat het er inderdaad meer zullen worden. Hij hoopt voor juni tusseninformatie te krijgen. Het is belangrijk dat de omwonenden en de raad hierover tijdig worden geïnformeerd.

Mevrouw Van Ginkel stelt dat er op zodanige wijze met het milieu wordt geknoeid dat het gevaren voor de volksgezondheid van Katwijkse burgers oplevert. Daarvoor is de wethouder van de partij, die beloofde goed te zijn voor het milieu, verantwoordelijk. De fractie kwam in 2018 met een topbestuurder uit Leiden. Nu de gezondheid, ecologie en het milieu op het spel staan, geven zij niet, of pas na aandringen vanuit de samenleving, thuis. Batterijen, een horloge, plastics, diverse soorten metalen en ander afval is te vinden in de grond die gebruikt wordt voor de aanleg van de N206. In de hele bodem langs Valkenburg is de vervuiling waarschijnlijk te vinden. De gezondheid van de inwoners staat op het spel. De wethouder is zich van geen kwaad bewust, terwijl signalen van milieuvervuiling in en om de Tjalmaweg, vlakbij woonwijken en een basisschool, al halverwege 2020 duidelijk waren. Zij werden weggewoven. De afwachtende houding van de wethouder is treurig. Hij moet juist pal staan voor de gezondheid van de inwoners. De wethouder moet zelf controles uitvoeren en hoort aan de bel te trekken bij de provincie en controlerende instanties. De wethouder zou in een tv-uitzending moeten komen met een kritisch verhaal dat de vervuilde grond eruit moet. Al in december had de boel stilgelegd moeten worden.

Met droge ogen naar foto’s en rapporten kijken en beweren dat er niets ernstigs aan de hand is, kan niet. Zand erover is onvoldoende; het is ook een onvoldoende voor de wethouder. De manier van handelen en het gebrek aan urgentie zijn dieptreurig. Zij zal in de raad van 8 april een motie van treurnis indienen. In het bedrijfsleven zou de verantwoordelijke manager al lang ontslagen zijn. Drie maanden later met een plan van aanpak komen, met als excuus dat er meerdere partijen bij waren betrokken, kan niet. Nu moet het onderzoek door de Omgevingsdienst nog aanvangen. Mevrouw Smits stelt dat er op 26 september in een partij Beaumix een overschrijding van de maximale emissiewaarde antimoon werd aangetroffen. Ook bleek er cadmium, lood, koper en nikkel in de partij te zitten. Het is onbegrijpelijk dat in de eerste rapportage het antimoon niet meer prevaleerde. De aangetroffen

15

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

hoeveelheden schadelijke stoffen en flinke hoeveelheden batterijen en plastic hadden voor de gemeente Katwijk voldoende aanleiding moeten zijn om direct actie te ondernemen. De bevoegdheden zijn blijkbaar complex. Maar dat is irrelevant als er sprake is van een aantoonbaar milieudelict met de toepassing van vervuilde grond. Nu is de Beaumix bedekt door metershoge lagen grond en zand. En er is grond afgevoerd. Hoe betrouwbaar kan het onderzoek dan nog zijn? Waar is de afgelopen maanden het toezicht geweest? Als de nationale toezichthouder, de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), stelt dat er geen batterijen in mogen zitten, kan het geen nieuws zijn geweest voor de gemeente en de provincie. Toch vertelde de projectleider van de provincie met droge ogen dat het allemaal was toegestaan. Zij moet hebben geweten dat het onzin was. De gemeente is nalatig geweest in dit dossier en in gebreke gebleven. De gemeente had, als bevoegd gezag, de werkzaamheden moeten laten stopzetten. Dan had er serieus actie genomen kunnen worden. Het is begrijpelijk dat inwoners nog maar weinig vertrouwen hebben in dit dossier en in de aanpak van de wethouder. De heer Van Dam zegt dat de wethouder heeft aangegeven de signalen ter harte te nemen en het tot de bodem uit te zoeken. Met het plan van aanpak lijkt er een antwoord te komen op de vraag of er daadwerkelijk vervuildebeaumix is gestort.

De voortvarende aanpak van de Omgevingsdienst geeft vertrouwen. In de periode september – maart is er weinig communicatie geweest. Was een update in de tussentijd niet mogelijk geweest? Zo is de doorlooptijd wel erg lang geworden. Kan de wethouder uitleg geven van de voorgenomen stappen en geeft dit de wethouder voldoende in handen om de raad in te lichten? De heer Van der Plas zegt dat de zorgen over de grondstoffen zich niet alleen tot lokaal niveau beperken. De aandacht in o.a. het tv-programma De Vuilnisman zorgt ervoor dat het onderwerp zowel regionaal als landelijk onder de aandacht komt. De ChristenUnie heeft het gesprek binnen de partij over de Beaumix zowel, lokaal, provinciaal als landelijk gevoerd. Men is unaniem van mening dat het ontoelaatbaar is dat er grondstoffen gebruikt zouden worden die niet voldoen aan de wettelijke eisen. Het geluid dat er schadelijke stoffen in de Beaumix van de N206 zouden zitten, is alarmerend. Er moet een gedegen onderzoek komen naar de gebruikte Beaumix. De schop moet in de grond. Uit de brief van 19 maart blijkt dat dit gedegen onderzoek nu aan de gang is. We mogen niet op de uitslag van het onderzoek vooruitlopen. Bij het laten uitvoeren van een onderzoek moet je ook nadenken over de eventuele gevolgen van de uitslagen. Hierover hoort hij graag de mening van de wethouder.

In januari is er per brief aan de raad gemeld dat de Omgevingsdienst benaderd is voor een aanvullend onderzoek. Vanaf september is er radiostilte geweest. Dat gaf echter de indruk bij partijen dat er totaal geen actie werd ondernomen. Wat is de reden van deze radiostilte? De heer Slootweg noemt de zorgen over de samenstelling van de Beaumix; die moeten serieus genomen worden. Ook hij ziet batterijen en stukjes plastic liggen. Er is een noodzaak voor een gedegen onderzoek door een bekend bureau, die juridisch stand houdt. De uitkomsten kunnen handhavingsmogelijkheden voor de gemeente bieden. Het onderzoek vergt tijd, maar dat komt de zorgvuldigheid ten goede. De uitkomsten van het onderzoek zorgen voor feiten die ook in een rechtszaak standhouden. Daarmee kan de gemeente handhaven en de rommel laten verwijderen. Hij snapt dat zorgvuldigheid tijd kost en ziet de resultaten van het onderzoek tegemoet. De feiten moeten een einde maken aan de ongerustheid. De heer Tibben zegt dat er gelukkig actieve burgers waren die actie hebben gevoerd. Het is de vraag of de wethouder en wellicht ook de raad niet actiever hadden kunnen zijn in de achterliggende periode. Pas in december is de Omgevingsdienst gevraagd ernaar te kijken. Nu, drie maanden later, komt er een onderzoeksplan. Het belangrijkste voor de gemeente is het terugwinnen van het vertrouwen van de bevolking.

Daarbij zal het vooral aankomen op communicatie, waar de gemeente wel meer problemen mee heeft. Wethouder Nagtegaal zegt dat vanaf de start zorg, bezorgdheid en zorgvuldigheid het handelen hebben bepaald. De confrontatie tussen certificaten, alles klopt, en die met de echte werkelijkheid: bergen Beaumix met batterijen, plastic en horloges veroorzaken onrust. Hij heeft gevraagd of er sprake is van een gevaar

16

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

voor de volksgezondheid. Het antwoord daarop was nee. Steeds is er gesteld dat er geen direct gevaar voor de volksgezondheid is. Er is ook geen direct gevaar voor milieuschade. Dat heeft voor een deel het handelen bepaald. De zorgvuldigheid eist dat de gemeente zich aan de wettelijke kaders houdt. Als dat niet gebeurt, volgt er een schadeclaim, die de gemeente veel geld gaat kosten. Dat risico moet gedurende het hele proces voor ogen worden gehouden. De procesbeschrijving geeft aan hoe een en ander is verlopen. Er zijn veel onderzoeken gedaan en veel partijen geraadpleegd, waaronder ILT, het ministerie en de politie. Tijdens het kerstreces is er, op basis van de signalen van bewoners en toezichthouders, tot de conclusie gekomen dat de gemeente niet over voldoende expertise beschikt om de vragen te beantwoorden. Daarom is de vraag aan de Omgevingsdienst gesteld om te onderzoeken of de aannemer zich aan de wettelijke zorgplicht heeft gehouden. De inzet daarbij was om samen met de provincie op te lopen. Niet alleen Katwijk, maar ook de provincie is bevoegd gezag. Die moeten samen oplopen om aan het eind van het traject stevige conclusies te kunnen trekken. Er is nu een gedeelde aanpak. Fase 0: het onderzoek van het materiaal, fase 1: een administratief ketenonderzoek.

Op basis van eerdere uitkomsten wordt er in overleg met de Omgevingsdienst en de provincie bepaald of er voldoende informatie is om te kunnen beoordelen of de aannemer aan de zorgplicht heeft voldaan. Het onderzoek zal een aantal maanden vergen. Met KSV is afgesproken hen mee te nemen in het onderzoek en hun informatie te gebruiken. Er zijn o.a. met draglines boringen gedaan om te bepalen waar de monsters worden genomen. KSV heeft plekken aangegeven die zouden moeten worden onderzocht. Voor het onderzoek maakt het niet uit of er zand op ligt of drie meter in de grond zit. Dat kan weer blootgelegd worden. Uiteindelijk moet er vastgesteld worden of dit allemaal door de beugel kan. De inzet van burgers, KSV en het programma De Vuilnisman helpt om het onderzoek met dubbele inzet te doen. Hij heeft de gedeputeerde gezegd dat er juridisch toegestane rotzooi ligt. Daar gaat het programma De Vuilnisman over. Afval wordt grondstof genoemd. Dat is wel mooi geformuleerd, maar in de praktijk lastig. Het onderzoek gaat aantonen of Beaumix voldoet aan de normen van de Regeling bodemkwaliteit. In bijlage A tabel 1 is een aantal zware metalen benoemd, waaronder antimoon. Er gaat vastgesteld worden of het spul op de locatie Valkenburg binnen die normen blijft. Het college is voornemens de raad en inwoners van Valkenburg regelmatig te informeren. De communicatie wordt nadrukkelijk opgepakt.

Hopelijk maken de stukken duidelijk waarom het onderzoek zo lang moet duren. De raad wordt op de hoogte gehouden en het college zal rapporteren over de voortgang. De communicatie met raad en inwoners wordt geïntensifieerd. Over de vorm van communiceren wordt nog nagedacht. Wellicht wordt mevrouw Krul van de Omgevingsdienst uitgenodigd om een technische presentatie te geven. De aangereikte stukken maken duidelijk waarom het zoveel tijd heeft gekost. Hij verzekert dat het nog steeds mogelijk is om te onderzoeken of het spul aan de normen voldoet. De oorspronkelijke ladingen zijn nog steeds ter plekke te vinden. Er kan een adequaat onderzoek plaatsvinden. De heer Spek zou graag in bijvoorbeeld mei al cijfers willen zien. Hij verzoekt nogmaals met de Omgevingsdienst in gesprek te gaan om te bezien of een tussenrapportage mogelijk is. Wethouder Nagtegaal heeft toegezegd frequent over de voortang van het onderzoek te rapporteren. Dat zal hij bij de Omgevingsdienst aan de orde stellen. De vorm van informeren moet recht doen aan de stand van het onderzoek; dit moet zorgvuldig gebeuren. Op dit moment is er geen gevaar voor de volksgezondheid. De heer Tensen vindt het jammer dat de wethouder vooral de koude, juridische werkelijkheid belicht en niet inging op de communicatie.

De communicatie over de stappen in het onderzoek moet transparant zijn; er mag geen batterij aan de aandacht ontsnappen. Kan de wethouder iets zeggen over de vorm? Het kernwoord hier is vertrouwen. Wethouder Nagtegaal antwoordt al een aantal media te gebruiken: het emailadres en de standaard communicatie-instrumenten van de gemeente. Die zullen ten volle worden ingezet. Hij wil nu geen antwoord geven op de vraag om de opdracht van het onderzoek zichtbaar te maken voor de bevolking. Die vraag moet aan communicatie experts worden gesteld. Hij realiseert zich dat dit belangrijk is. Hij zoekt naar de balans tussen zorg en zorgvuldigheid; het spijt hem als dit overkomt alsof hij de zorg niet zou voelen.

17

Notulen van de openbare vergaderingen van de raadscommissie van Katwijk op donderdag, 25 maart 2021, nr. 1897641

Volgens de heer Tensen straalt de wethouder die zorg wel uit. Het gaat hem om informatie over waar we staan in het proces, wat er tegemoet gezien kan worden. De experts moeten inderdaad over het technische deel gaan. De Valkenburgers verdienen dat de extra mile wordt gelopen. Dat zegt wethouder Nagtegaal toe. Mevrouw Van Ginkel stelt dat de wethouder de vraag over communicatie had kunnen verwachten en het antwoord van tevoren had kunnen bedenken. Wethouder Nagtegaal heeft toegezegd de communicatie te gaan verbeteren. Mevrouw Van Ginkel vindt dat de vraag aan het onderzoekbureau, of een tussenonderzoek mogelijk is, al eerder had kunnen worden gesteld. Wethouder Nagtegaal antwoordt dat tussenrapportages altijd mogelijk zijn, maar er moet wel iets te rapporteren zijn. De stand van zaken van het technische onderzoek kan worden bijgehouden; het is de vraag of dat interessant is voor de doelgroep. Dat moet met de onderzoekers worden besproken, want de materie is ingewikkeld. De vraag of we hier last van gaan krijgen, kan pas beantwoord worden als de uitkomsten van het onderzoek er zijn. De bereidheid om te communiceren is groot, maar moet met professionals afgestemd worden. De heer Van Tuijl merkt op dat er in november de strenge belofte was om beter te gaan communiceren. Dat was ook de belofte van de provincie. Nu, eind maart, komt de wethouder weer met die belofte.

Het is hem niet duidelijk wat de wethouder aan de heer Tensen heeft toegezegd. Dat is kenmerkend voor dit dossier. Alles bij elkaar optellend, gaat het de hele tijd om vooruitschuiven en in stukjes hakken en stukjes beloven en weer vooruitschuiven. De heer Tensen zegt dat het gaat om informatie die het vertrouwen doet terugwinnen. Alles wat daaraan bijdraagt is welkom. De wethouder heeft zijn bereidheid daartoe toegezegd. Wethouder Nagtegaal gaat nadrukkelijk kijken naar de wijze en intensiteit van de communicatie over dit onderwerp. De communicatie tussen overheid en burgers is, naar opvatting van de burgers, standaard niet goed. In deze context is het ingewikkeld om er meer over te zeggen dan te beloven dat er actie wordt ondernomen. Raadsleden krijgen die communicatie ook en kunnen er zelf een oordeel over vellen. Hij hoort graag hoe het verbeterd zou kunnen worden. De heer Van Tuijl merkt op dat dezelfde belofte er in november was. Nu zijn we vijf maanden verder. De Beaumix-berg lijkt steeds hoger te worden om overheen te komen. Het is problematisch als dit proces zo voortgaat. Ook in De Vuilnisman werd geconstateerd dat het geen juridisch goedgekeurde rommel was; de batterijen en zware metalen hadden er volgens de experts nooit in mogen zitten. Het was juridisch afgekeurde rommel. Hij wil het door de wethouder toegezegde nu wel gaan terugzien.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9992574/1