8. Nota van beantwoording over Verordening parkeerbelastingen 2024 (3199210)
Tekst van het document
Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Verordening parkeerbelastingen 2024 (3199210) 25 oktober 2023 De antwoorden van het college van B&W op de vragen van de fracties staan schuin gedrukt onder de vraag. Nr. 1.
Pag. 1
Fractie VVD
Vraag & Antwoord Kan nader worden geduid waarom de sterke stijging van het tarief van de tweede bewonersvergunning nodig is (ruim 300% in zes jaar tijd)? De gefaseerde tariefstijging van de tweede bewonersvergunning is toegelicht in de Evaluatie parkeerbeleid en digitalisering parkeerketen. Zie de brief van 15 november 2022 met kenmerk Z2922633D2935853, waar het evaluatierapport als bijlage is meegestuurd. Deze evaluatie is met u besproken in de raadscommissie op 12 januari en 9 februari en in de raad op 23 februari 2023. Bij de aanbevelingen in paragraaf 5.2 onder h van de evaluatie staat de volgende toelichting: “h. Pas het tarief van de tweede bewonersvergunning aan Het parkeren van bewoners heeft prioriteit in ons parkeerbeleid. Dit komt mede tot uitdrukking in de relatief lage tarieven voor bewonersvergunningen: €20 per jaar voor de eerste bewonersvergunning en €60 per jaar voor de tweede bewonersvergunning (tarief 2022). De gedachte achter het prijsverschil tussen de eerste en tweede bewonersvergunning is dat bewoners een prijsdrempel ervaren en nadenken of een tweede auto met parkeervergunning ook echt nodig is. Met de huidige prijs en het prijsverschil zal dat nagenoeg niet het geval zijn. Dit effect bereik je eerder met een groter prijsverschil tussen eerste en tweede bewonersvergunning.
Het advies is om de prijs van de tweede bewonersvergunning vanaf 2024 stapsgewijs te verhogen naar €200 per jaar in 2029 (€60>€75>€100>€125>€150>€175>€200). De eerste bewonersvergunning behoudt daarbij het lage tarief van €20 per jaar (tarief 2022).” De raad stelt jaarlijks de parkeertarieven vast.
25 oktober 2023
Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Verordening parkeerbelastingen 2024 (3199210)
Pagina 1 van 4
Nr. 2.
Pag. 1
Fractie VVD
Vraag & Antwoord Voor bewoners waarbij volgens de gemeente sprake is van POET, geldt dat zij louter recht hebben op een tweede bewonersvergunning. Is overwogen voor hen een ander soort vergunning in het leven te roepen, waarbij zij niet te maken krijgen met deze forse kostenstijging? Voor hen is de tweede bewonersvergunning immers in feite een eerste bewonersvergunning. Ja, dat is overwogen en daarvoor is bewust niet gekozen omdat dat haaks staat op de gedachte achter POET. Parkeren dient in eerste instantie op eigen terrein opgelost te worden en dat is ook de basis hoe een omgevingsvergunning wordt afgegeven. Bewoners die een eigen parkeergelegenheid (POET) hebben, dienen daar ook gebruik van te maken. Het ‘eerste’ voertuig kan bij POET geparkeerd worden op eigen terrein. Dat is als het ware de eerste parkeerplek die mensen zonder POET krijgen via een bewonersvergunning. Eventuele tweede voertuig kan op straat geparkeerd worden met de tweede bewonersvergunning. Hele doel van deze prijsdifferentiatie is juist dat men gestimuleerd wordt zoveel mogelijk gebruik te maken van de aanwezige parkeergelegenheid op eigen terrein. Dit is wel zo eerlijk voor de bewoners die niet de luxe hebben om op eigen terrein te kunnen parkeren. Op deze wijze wordt de schaarse openbare ruimte eerlijk verdeeld.
Dit komt niet alleen ten goede aan de parkeerdruk op straat maar ook de verkeersveiligheid (minder zoekverkeer).
3.
1
VVD
Zit er een maximum aan het aantal te verstrekken lerarenvergunningen? Er is nu geen maximum aan het aantal lerarenvergunningen. Het stellen van een maximum is volgens de Nota parkeerbeleid een optie. Er zijn tot nu toe geen praktijksignalen dat het stellen van een maximum nodig is.
4.
3
VVD
“Nadat uw raad heeft ingestemd met de Verordening parkeerbelastingen 2024, neemt het college een besluit over het Aanwijzingsbesluit parkeerbelastingen (met parkeertijden en zones) en de Nadere regels parkeren (voorwaarden vergunningen)”. a. Waarom zijn deze stukken niet gelijktijdig aangeboden aan de raad, opdat deze integraal kunnen worden meegenomen en gewogen bij de besluitvorming over de Verordening parkeerbelastingen 2024? b. Kan de gemeenteraad worden geïnformeerd over de wijzigingen in deze twee stukken? a. Dit is de gebruikelijke en correcte werkwijze. Het vaststellen van het Aanwijzingsbesluit parkeerbelastingen en de Nadere regels parkeren is conform de Parkeerverordening en de Verordening parkeerbelastingen een bevoegdheid van het college. Het betreft uitvoerende beleidsregels, binnen de door uw raad aangegeven kaders van onder andere de Nota parkeerbeleid en verordeningen. Om die reden kan na vaststelling van de verordening pas het Aanwijzingsbesluit en de Nadere regels worden vastgesteld.
25 oktober 2023
Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Verordening parkeerbelastingen 2024 (3199210)
Pagina 2 van 4
Nr.
Pag.
Fractie
Vraag & Antwoord b. Ja, dat kan. Zoals gebruikelijk ontvangt u de collegestukken via de reguliere stukkenstroom.
5.
4
DURF
a. Wat levert een verhoging van de parkeertarieven (parkeergarage en op straat) op als deze met 1%, 5% of 10% worden verhoogd? b. Is het praktisch uitvoerbaar de parkeertarieven te verhogen met 1%, 5% of 10%? a.
b. Op straat en garages kan worden betaald met muntgeld en de minimale eenheid is 0,10. De tarieven moeten daarom afgerond zijn op 10 cent. 6.
4
25 oktober 2023
DURF
Wat levert precies de verhoging van het tarief voor de tweede bewonersvergunning op per jaar t/m 2028?
Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Verordening parkeerbelastingen 2024 (3199210)
Pagina 3 van 4
Nr. 7.
Pag. 4
Fractie DURF
Vraag & Antwoord Stel dat het tarief voor de tweede bewonersvergunning verlaagd wordt met 25 procent voor het jaar 2024, met hoeveel procent zou het parkeertarief verhoogd moeten worden in 2024 om het kostenneutraal te houden? • •
Het tarief van de garages moet met 0,5% verhoogd worden of Het tarief op Noord- en Zuidduinen moet 1,5% worden verhoogd
Echter dit is niet uitvoerbaar i.v.m. afronding op 0,10 van de tarieven. Zie antwoord 5b Het doel van de tariefsverhoging is overigens niet om extra middelen te genereren, zoals parkeren nooit wordt ingezet voor het genereren van meer opbrengsten. Zie antwoord op vraag 1 van de VVD. 8.
25 oktober 2023
VVD
Wat zijn de totale kosten voor de uitvoering en controle van parkeerbelastingen versus de totale opbrengsten? Graag overzicht van 2022 en verwachting voor 2023 en 2024 (op basis van voorliggende verordening).
Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Verordening parkeerbelastingen 2024 (3199210)
Pagina 4 van 4