8. Bijlage 8. Beantwoordingsbrief inwonersadviesraad (2733091)
Tekst van het document
Postbus 589 – 2220 AN Katwijk
Contactpersoon: Cheryl Cordery Afdeling: Beleid Sociale Leefomgeving Te bereiken op: 071- 406 5000 c.cordery@katwijk.nl Ons kenmerk: Z8843D11638 Bijlage(n): Verzenddatum:
Uw kenmerk: Onderwerp: Antwoordbrief op advies Inwonersadviesraad Katwijk, 9 november 2021 Geachte leden van de inwonersadviesraad, Op 16 september 2021 hebben wij u officieel om advies gevraagd rondom de nieuwe verordening Jeugdhulp gemeente Katwijk 2022 en de Nadere Regels Jeugdhulp gemeente Katwijk 2022. Op 13 oktober 2021 hebben wij tevens een presentatie aan u gegeven waarin de context rondom de wijzigingen ook mondeling aan u is toegelicht. Hierbij ontvangt u een schriftelijke reactie ten aanzien van het advies. De reacties zijn gebundeld en ingedeeld op hoofdstuk om de beantwoording overzichtelijk te houden. 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Verordening Hoofdstuk 1 Verordening Hoofdstuk 3 Verordening Hoofdstuk 4 Verordening Hoofdstuk 5 Verordening Hoofdstuk 5 Nadere Regels Hoofdstuk 2
1. Verordening Hoofdstuk 1 Art. 1 Begripsbepaling: “Deze wettelijke definities zijn dan ook niet nogmaals opgenomen in deze verordening.” Mee eens dat deze niet nogmaals opgenomen moeten worden. Toch is het raadzaam een referentie te maken naar het artikelnummer in de wet. Hiermee bewaak je eenvoudig de wetsveranderingen die impact hebben op de lokale bepalingen. Over het algemeen veel tekst waar je echt moet zoeken wat voor de cliënt van toepassing is. De stukken worden "vindbaarder" met een inhoudsopgave. Misschien is het ook fijn om voor de herkenbaarheid een tweede document toe te
gemeente Katwijk: Koningin Julianalaan 3, 2224 EW Katwijk, Postbus 589, 2220 AN Katwijk, website: www.katwijk.nl, (T) 071 - 406 5000, (F) 071 - 406 5065, IBAN: NL13BNGH0285120271, BIC: BNGHNL2G, KvK: 27.37.09.56 Op alle opdrachten zijn, tenzij anders overeengekomen, de algemene inkoopvoorwaarden leveringen en diensten gemeente Katwijk 2017 van toepassing. Deze zijn te raadplegen op www.katwijk.nl en www.overheid.nl
*11638*
2/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
voegen, waarbij het tweede document een soort samenvattende folder is. Hiermee kan de cliënt zijn weg vinden in het “juridische en ambtelijke” document. Vindbaarheid van de informatie en leesbaarheid van de stukken voor inwoners is inderdaad een groot goed. Een verordening en nadere regels worden daarom, net als alle landelijke wetgevingen, openbaar gepubliceerd op: https://lokaleregelgeving.overheid.nl. Deze website toont bij iedere wet en of regeling aan de linkerzijde van de pagina een inhoudsopgave, zodat artikelen makkelijk vindbaar zijn. Daarnaast wordt er met hyperlinks een verwijzing gemaakt naar de wetgevingen en of artikelen waar de regelingen op gebaseerd zijn. Het klopt dat deze in de papieren versies die u ontvangen heeft, niet aanwezig zijn. Verder heeft de gemeente Katwijk een eigen website waarop verwezen wordt naar deze verordening en nadere regels. De informatie op de website is een laagdrempelige uitwerking van de uitgangspunten zoals deze in de verordening en nadere regels is opgenomen. Er wordt verwezen naar contactpersonen en organisaties. Het is fijn om vanuit dit document direct naar de contactgegevens te kunnen gaan (bijlage, hyperlink, o.i.d.). Omdat contactgegevens actief bijgehouden dienen te worden en deze met zeer grote regelmaat veranderen wordt er bewust niet actief verwezen naar contactpersonen.
Het bijhouden van dergelijke informatie is een tijdrovend, intensief en kostbaar proces. Op de website van de gemeente Katwijk wordt wel zo veel als mogelijk gebruik gemaakt van hyperlinks en doorverwezen naar de juiste partners om de laagdrempelighe Art. 2.1 Dit betreft een wettelijke bepaling, maar er zijn andere ervaringen. Groot gedeelte van de gesproken gezinnen binnen Katwijk, voelen geen samenwerking maar meer als opgelegde opdrachten. Ideeën van ouders lijken onvoldoende te worden gesteund. Uiteraard is veiligheid van de jeugdige te allen tijde het uitgangspunt. Hulpverlening wordt, in verband van de veiligheid van de jeugdige en of het gezin, helaas niet altijd alleen vrijwillig geboden. Wanneer een jeugdige “onder toezicht” staat kan hulpverlening inderdaad opgelegd worden. Desalniettemin betreurt het College dat ouders zich onvoldoende gesteund voelen. De gemeente Katwijk gelooft in de eigen kracht van het gezin. Ook bij het proces in en rondom de inzet van jeugdhulpverlening door het Wijkteam wordt de eigen kracht van de jeugdige en/ of zijn ouders actief ingezet, vergroot en benut. Zij zijn immers de eigenaar van het ondersteuningsplan. Uit het cliëntervaringsonderzoek van 2019 blijkt ook dat de belangrijkste factoren voor een positieve ervaring rondom passende hulpverlening zijn: het zich gehoord voelen en het zelf regie hebben op het jeugdhulptraject.
Daarnaast is te zien dat cliënten overwegend negatief zijn wanneer alle regie bij de hulpverlener ligt, maar ook wanneer zij volledig zelf de regie hebben. De gemeente Katwijk is zich er bewust van dat zowel jeugdigen als hun ouders willen meepraten en meebeslissen over hoe het jeugdhulptraject er uit ziet, welke hulp er precies nodig is en wat de frequentie en duur daarvan zal zijn. Samenwerking met het gezin is daarom een essentieel onderdeel van de werkwijze van het Wijkteam. De doelen in het ondersteuningsplan zijn dan ook samen met het gezin geformuleerd. Zo wordt geborgd dat de resultaten die behaalt dienen te worden met de ingezette ondersteuning ook de behoefte van het gezin voldoende ondersteunen. Art. 2.2 De meeste Katwijkers staan erom bekend dat zij niet snel om hulp vragen. Er is sprake van schaamte, wantrouwen of ontkenning. Hét moment dat zij zich melden met een hulpvraag, is daar al behoorlijk wat aan vooraf gegaan. Als er op dat moment nog in kaart gebracht moet worden wat de eigen kracht is, is dat verloren tijd voor de jeugdige. De inwoners van Katwijk ervaren de doorstroom naar (specialistische) hulp als lastig en dit uitgangspunt zal dat enkel versterken. Eigen kracht als uitgangspunt nemen betekent niet louter dat het alleen in kaart wordt gebracht, maar het dient als basis voor de hulpvraag verheldering.
Jeugdhulp wordt namelijk ingezet om deze eigen kracht te vergroten en versterken. Dit aanboren, vergroten en benutten van eigen sterke kanten van de jeugdige, zijn gezin en van het sociale netwerk draagt zorg dat zij duurzaam weer grip krijgen op hun leven en in staat zijn (lichte) problemen op te lossen en waar mogelijk te voorkomen in de toekomst. Maar niet alleen voor de
3/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
jeugdige en zijn gezin is het van belang de eigen kracht zoveel mogelijk te benutten. Naast het feit dat het voor de jeugdige en/ of zijn ouders van groot belang is dat zij tijdig hulp ontvangen, is het van belang dat hierin de juiste en passende vorm van jeugdhulp wordt gekozen. Hiervoor moet een zorgvuldige uitvraag gedaan worden de juiste expertise voor de hulpvraag wordt ingezet. Ook voor de samenleving als geheel is het van belang zorgvuldig om te gaan met de beschikbare middelen en voorzieningen. Wanneer vanuit een snelle verwijzing een onjuiste beoordeling wordt gedaan gaat dit ten koste van de instroom en doorstroom van andere jeugdigen in het jeugdhulplandschap. Art. 2.3 Theoretisch gezien zou dit perfect zijn. Gebaseerd op de verhalen, zou ons advies zijn, dat de jeugdhulp medewerkers hierop geattendeerd/getraind worden. Dan kan er veel winst te behalen zijn. De beleidsmatige uitgangspunten vertalen zich naar de verordening, de nadere regels en vervolgens naar werkprocessen voor onze Wijkteams. Onze Wijkteam-medewerkers worden inderdaad getraind in het juist toepassen van de (lokale) werkwijze. Art. 2.4 Goed uitgangspunt, er zijn nog te veel kinderen die thuis zitten zonder passend onderwijs. De Gemeente Katwijk is inderdaad van mening dat ieder kind dat thuis zit zonder passend onderwijs, er een te veel is.
We nemen daarom een actieve rol in om de keten van onderwijs- en jeugdhulpvoorzieningen dekkend te krijgen zodat alle kinderen passend onderwijs kunnen krijgen. Hiervoor is ook de Onderwijsagenda opgesteld samen met de relevante partners in het jeugdveld. Art. 2.5 Heeft de gemeente Katwijk hier voldoende invloed op? Het is regionaal bepaald en het aanbod lijkt summier te zijn. Zeker in de GGZ-specialisatie op outreachende basis. Het zou ideaal zijn als er anders wordt ingekocht, verruimen van het aanbod, eventueel buiten de regio. Opmerkelijk is dat jeugdigen in grote steden, van beter passend aanbod kunnen genieten. Dat zou niet zo mogen zijn. De gemeente Katwijk is een van de 12 gemeenten in de regio Holland Rijnland waarmee regionaal jeugdhulp wordt ingekocht. Binnen deze regio is alle ingekochte jeugdhulp beschikbaar voor alle inwoners van alle 12 gemeenten. De jeugdhulp wordt ingekocht via het Open House inkoopmodel. Dit maakt dat wij op dit moment meer dan 160 aanbieders van jeugdhulp in onze regio hebben. Het summiere aanbod in de outreachende GGZ wordt niet als dusdanig herkend. Wel is bekend dat er in de gehele jeugdhulpsector, maar in het specifiek in de hoog specialistische GGZ, een tekort aan personeel is, waardoor jeugdigen en/ of ouders langer moeten wachten totdat er een hulpverlener met de juiste kennis en expertise beschikbaar is. 2.
Verordening Hoofdstuk 3 Vanaf hoofdstuk 3 wordt het wat concreter; de lange introductie van termen en definities zou overgeslagen kunnen worden door het toevoegen van een inhoudsopgave. Een verordening en nadere regels wordt, net als alle landelijke wetgevingen, openbaar gepubliceerd op: https://lokaleregelgeving.overheid.nl. Deze website toont bij iedere wet en of regeling aan de linkerzijde van de pagina een inhoudsopgave, zodat artikelen makkelijk vindbaar zijn. In uw papieren of pdf-versie is het inderdaad lastig om op die manier te zoeken. Ouders tekenen mee op het zorgplan; wat als deze ouders niet tekenen of tekenen terwijl dit niet begrepen wordt? Of het ondertekenen duurt zo lang dat hulpverlening vertraging oploopt wat nadelig is voor het proces? In het geval van crisis en hulpverlening in het gedwongen kader mag de hulpverlening direct starten, zonder ondertekend ondersteuningsplan. In de andere gevallen betreft het hulpverlening in het vrijwillig kader. Dit maakt dat hulpverlening niet verplicht wordt opgelegd en kan worden gestart wanneer het plan nog niet is getekend. Uiteraard is het wijkteam scherp op deze punten en kunnen zij ouders zodoende wel adviseren het plan te ondertekenen. Echter, het is aan ouders zelf om deze keuze te maken, zonder dat er enige druk op hen wordt uitgeoefend.
4/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
Art. 6.2 Er staat dat er na een aanmelding zo spoedig mogelijk een gesprek komt. Wordt hierin een prioritering aangebracht? Zo spoedig mogelijk klinkt erg vaag voor de inwoner. Die zich kan melden in wanhoop en dan kan 6 weken wachten behoorlijk lang zijn, terwijl het voor de gemeente een aanzienlijke tijd lijkt. Ja, hierin wordt een prioritering aangebracht. Het Wijkteam heeft wekelijks casuïstiekoverleg waarin nieuwe aanmeldingen anoniem worden besproken binnen het multidisciplinaire team. Op basis daarvan wordt met elkaar besproken welke casussen prioriteit hebben. Daarnaast schuurt deze opmerking ook aan de capaciteit van het Wijkteam. Door een hoge caseload bestaat de mogelijkheid dat de wachttijd voor een eerste gesprek langer is dan wij idealiter zouden willen. Art. 6.10. Wat is de reden dat ouders/jeugdigen dit niet mogen weigeren? Betreft dit dan gedwongen kader? In hoeverre hebben ouders/jeugdigen het recht om te bepalen tot hoe ver hun vrijwilligheid reikt? De Centrale intake heeft betrekking op het efficiënter en effectiever organiseren van de beschikbare bedden in een behandel- en/of verblijfssetting. Deze Centrale intake is een overlegtafel waar jongeren worden besproken die een complexe meervoudige hulpvraag hebben waarvoor verblijf in een instelling noodzakelijk is. Hierbij zijn alle jeugdhulpaanbieders met dit aanbod aangesloten.
Zij denken mee wat de juiste plek is voor deze jongere en hebben zicht op de beschikbare bedden en beheren de instroom op deze bedden. Zo ontstaat er een eerlijke, efficiënte en effectievere instroom. Dit betreft niet alleen jeugdigen in het vrijwillige kader, maar ook jeugdigen die onder toezicht staan. In onze contracten is opgenomen dat jeugdhulpaanbieders, na de initiële verwijzing, zelf mogen toeleiden naar passende vormen van jeugdhulp. Om te voorkomen dat kwetsbare jeugdigen en/ of zijn gezin verdwalen in het jeugdhulplandschap en er jarenlang onvoldoende regie op het hulpverleningsproces plaatsvindt is er in een artikel opgenomen dat de betrokkenheid van een Wijkteam niet geweigerd kan worden. Het kan zijn dat een jeugdige en/ of zijn ouders principiële bezwaren heeft tegen het delen van informatie met het Wijkteam. Een wijkteammedewerker zal in deze gevallen altijd met het gezin en de betrokken hulpverleners in gesprek gaan wie in deze gevallen de regierol het beste op zich kan nemen. De vragen die dit lid bij u als inwonersadviesraad oproept, maakt dat wij dit lid hebben heroverwogen. Het College heeft besloten dit lid te verwijderen, omdat deze dermate over de grenzen van de vrijwillige hulpverlening heen gaat dat de indruk gewekt wordt dat er sprake is van gedwongen hulpverlening door het Wijkteam. Dit is echter niet het geval. Art. 7.
De doorlooptijd van 8 weken is te lang gezien het belang en de veiligheid van het kind. Versnelde procedure is niet beschreven. Idealiter zouden wij uiteraard alle kinderen zo snel mogelijk willen helpen. De acht weken beslistermijn is dan ook het maximum beslistermijn gezien de Algemene Wet Bestuursrecht (Art. 4:13). Wanneer de capaciteit van het Wijkteam dit toelaat kan een reguliere procedure ook korter dan de maximale 8 weken duren. Ook bij spoed en crisis is een snellere procedure altijd mogelijk. We zien in de behandeling geen verband tussen andere aanbieders van zorg. Denk aan verpleging bij mishandeling, verslaving, e.d. Het is slim om als er meerdere soorten zorg wordt verleend, dit aan elkaar te verbinden om de zorg voor de cliënt zo efficiënt te kunnen laten verlopen. Zoals opgenomen in artikel 5 van de toelichting op de verordening vormt vanaf 2020 het Wijkteam van de gemeente Katwijk de spil in de toegang tot ondersteuning op het gebied van wonen, werk, welzijn en zorg. Bij het gemeentelijk Wijkteam kunnen alle inwoners van 0 tot 100 jaar terecht met vragen of problemen. Dit is een multidisciplinair team met beroepskrachten vanuit verschillende disciplines. Inwoners hebben vaak hulpvragen op meerdere leefgebieden. Die vragen, en de antwoorden erop, beïnvloeden elkaar.
Daarom werkt het Wijkteam volgens een integrale werkwijze, waarbij de vragen in samenhang worden benaderd. Zo ook wanneer er medische zorg nodig is. Hierbij wordt bijvoorbeeld de samenwerking met huisartsen opgezocht. Deze aanpak heet 1Gezin 1Plan 1Regisseur.
5/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
3. Verordening Hoofdstuk 4 Art. 8 (kaders Jeugdhulp) Goed deze kaders. Met name dat het College één keer per jaar wil gaan evalueren met ouders/jeugdigen. Zo wordt beide kanten belicht. In een hulpverleningsproces zijn zowel ouders/jeugdigen én de jeugdhulpverlener verantwoordelijk. Voor veel gezinnen voelt dit nu niet zo. Wij willen benadrukken dat de jeugdige en/of ouders altijd het eigenaarschap hebben over hun ondersteuningsplan. De professionals van het Wijkteam kunnen vanuit hun expertise meedenken en adviseren over het jeugdhulptraject, echter kent niemand de situatie zo goed als de jeugdige en/of ouder zelf. Daarom willen wij de regie zoveel als mogelijk bij de jeugdige en/of gezin zelf laten. Samen evalueren zij of gestelde doelen zijn behaald. Als ouders niet het gevoel hebben zelf de regie te hebben over de hulpverlening, dan is het belangrijk daar een gesprek over te voeren met de hulpverlener. Art. 11 (Kwaliteitskaders) Gaat dit alleen om geregistreerde jeugdhulpverleners die op basis van PGB hun diensten leveren? We kunnen ons voorstellen dat, zodra er vanuit het netwerk hulp geboden wordt dat ook gefinancierd is vanuit de PGB, deze eisen te hoog zijn.
Soms kan een jeugdige/gezin gebaat zijn bij zorg/ondersteuning van een ongeschoolde persoon en dat zou dan volgens dit kader komen te vervallen? Naar aanleiding van uw vraag over hoofdstuk 4, artikel 11, lid 1 hebben wij dit artikel heroverwogen en aangepast, zodat er meer duidelijkheid ontstaat. Ook is een foutieve verwijzing aangepast: o Lid 1, sub n wordt lid 2. Bij de inzet van het Sociaal Netwerk, uitbetaald via een Pgb, zijn de kwaliteitseisen bij lid 1 sub a en sub c van toepassing. De kwaliteitseis in bij lid 1 sub a geldt niet in de gevallen dat de zorgverlener familie in de 1e lijn, is. o Lid 1, sub o wordt lid 3. Een professional is een MBO/HBO opgeleid persoon met algemene deskundigheid en brede kennis van jeugdhulp. De zorgorganisatie of ZZP’er staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.
Bij inzet van het Sociaal Netwerk, uitbetaald via een Pgb, werd er aanvankelijk naar de kwaliteitseisen bij lid 1 sub a en sub d van verwezen. Deze verwijzing was onjuist. In plaats van sub d; werken volgens de norm van verantwoorde werktoedeling, wordt dit aangepast naar sub c; het verlenen van veilige, doeltreffende, doelmatige en cliëntgerichte hulp. Sub a, betreft dat de medewerkers in bezit zijn van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG), blijft onveranderd. Daarbij geldt dat een VOG niet nodig is in de gevallen dat de zorgverlener familie in de eerste graad is. Deze kwaliteitskaders gelden voor alle geregistreerde jeugdhulpverleners, ongeacht of zij hulp leveren via Zorg in Natura of via Pgb. Bij Zorg in Natura zijn deze kwaliteitskaders ook in de contracten opgenomen. Door dit artikel hier in de verordening te plaatsen, gelden deze kwaliteitskaders ook voor jeugdhulp ingekocht met een Pgb. Bij inzet van het “informele hulp” uitbetaald via een Pgb, zijn dus alleen de kwaliteitseisen bij lid 1 sub a en sub c van artikel 11 van toepassing. Art. 11 De kwaliteitskaders zijn niet concreet en/of SMART; o.a. passende, welke toets en houdbaarheid VOG, een borgingssysteem, … In deze verordening worden enkel de onderdelen waarop getoetst wordt aangestipt. De nadere uitwerking en detaillering vindt plaats in de werkprocessen van de Wijkteams.
Desgewenst kunnen wij u hier op een later moment over informeren. Art. 12 Crisishulp duurt maximaal 6 weken en de doorlooptijd voor besluitvorming van de reguliere zorg is 8 weken. Wat doen we in de tussentijd?
6/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
Crisishulp kent altijd een verkorte route. De gezinnen die met een crisis te maken hebben, zijn grotendeels al bekend met hulpverlening en hebben zelf een kort lijntje met de betrokken medewerker van de Jeugdbescherming, het Wijkteam of de huisarts. In zaken waar buiten kantoortijden of acuut een crisis ontstaat, loopt de route vaak via de politie die vervolgens het Crisis Interventie Team (CIT) inschakelt. Het eerste contact tussen het gezin en de jeugdhulpaanbieder vindt plaats binnen maximaal 24 uur, op verzoek van een gemandateerde verwijzer. Crisishulp start in eerste instantie met een ambulant traject. Plaatsing in een instelling wordt alleen gedaan als blijkt dat een ambulant traject ontoereikend is om de crisissituatie te stabiliseren. De plaatsing wordt zo kort als nodig ingezet waarbij er wordt gewerkt aan een snelle terugkeer naar huis. De plaatsing in een residentiële crisishulp betreft maximaal 6 weken, tenzij er geen passende vervolghulp beschikbaar is. In deze 6 weken gaat de verwijzer in gesprek met de jeugdige, zijn ouders en het netwerk om inzichtelijk te maken welke passende vervolghulp nodig is, zodat de reguliere zorg na de crisishulp kan doorgaan en er geen overbruggingsperiode zal zijn. De crisishulp gaat namelijk over in reguliere hulpverlening. 4. Verordening Hoofdstuk 5 Art. 14 De onderdelen van de PGB-vaardigheden zijn niet concreet en/of SMART.
De onderdelen waarop de Pgb-vaardigheid wordt getoetst zijn concreet beschreven in artikel 14 van de toelichting van de verordening. Naar aanleiding van deze vraag is er opnieuw gekeken naar de stukken en gerealiseerd dat artikel 7 en 8 van de nadere regels al direct in de verordening artikel 14 en toelichting op de verordening artikel 14 staan toegelicht. Dit maakt dat is besloten deze artikelen uit de nadere regels te verwijderen om zo dubbelingen te verminderen, waarmee de duidelijkheid van de stukken verder wordt vergroot. Art. 14 lid 8c Het beschreven uurloon van €17 ligt beduidend hoger dan het minimum bruto uurloon van rond de €10. Is dit een bewuste keuze? Wie betaalt het verschil? Ja, dit is een bewuste keuze gemaakt door de gemeenteraad. Zij heeft ervoor gekozen om niet het minimum uurloon te hanteren bij “niet-professionele hulp". De gemeenteraad heeft daarbij overwogen dat Pgb's in Katwijk breed worden ingezet en dat dit belangrijk is om de keuzevrijheid in de zorg te waarborgen. Bovendien maken Pgb's het mogelijk om de afgenomen zorg beter te laten aansluiten op de specifieke gezinssituatie en hulpbehoefte. De notulen van de specifieke raadsvergadering waar dit onderwerp is besproken, zijn hier te vinden, specifiek op (blz. 10 Amendement 1 Wijziging in bezuinigingsmaatregelen).
Het proces van aanvraag, toekennen en krijgen van zorg mist het toetsen op de effectiviteit en doelmatigheid van deze zorg. Het is niet concreet/ SMART beschreven hoe men periodiek toetst en bijstelt. Naar onze mening is hier veel te halen in het verbeteren van zorg, besteding van inzet en middelen, etc. In artikel 8 lid 5 van de verordening is opgenomen dat: “Het College evalueert ten minste 1 keer per jaar in een evaluatiegesprek met de jeugdige en/of het gezin en de jeugdhulpaanbieder de resultaten van de afspraken gemaakt in het ondersteuningsplan. Zo nodig wordt het plan en de versterkte individuele voorzieningen bijgesteld.” De doelen in het ondersteuningsplan worden SMART en in begrijpelijke taal geformuleerd. 5. Verordening Hoofdstuk 6 Art. 24 lid 2; lezen we nu dat men het recht op behoud van voorgaande toekenningen verliest zodra het College de nieuwe verordening heeft aangenomen? Dat is onjuist. Een jeugdige en/of ouders houden juist het recht op een lopende voorziening die is verstrekt op grond van de vorige verordening. Alleen bij nieuwe aanvragen waarvoor nog geen besluit is genomen, is de nieuwe verordening van toepassing. Ook wanneer er een besluit wordt verlengd na de ingangsdatum van de nieuwe verordening, wordt deze verlenging afgehandeld krachtens de nieuwe verordening. 6. Nadere Regels Hoofdstuk 2
7/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
Hoofdstuk 2 art. 2.2: De jeugdige en/of zijn ouder(s) zijn zelf verantwoordelijk voor de volledigheid van de aanmelding eventueel met bijgevoegde rapportages e.d. Jeugdige en ouders met een laag IQ of die de Nederlandse taal slecht beheersen, hebben een grote kans dat de aanvraag wordt afgewezen. Is dit niet juist de groep die de hulp het hardst nodig heeft? Hoe wordt gegarandeerd dat het wijkteam dit adequaat uitvoert? Uiteraard wordt er rekening gehouden met de vaardigheden van een jeugdige en/of ouders. Wanneer ouders moeite hebben met de aanvraag, kan het Wijkteam hierin de helpende hand aanrijken. Alle medewerkers van het Wijkteam zijn hulpverleners en in staat om inwoners hierin te begeleiden. Daarnaast is er voor alle inwoners van de gemeente gratis onafhankelijke cliëntondersteuning beschikbaar. Deze ondersteuner kan inwoners helpen bij het doen van een aanvraag en kan ook mee tijdens gesprekken met het Wijkteam of andere professionals. In artikel 4, lid 10 van de verordening staat deze cliëntondersteuning benoemd. Daarnaast is dit ook op de website van de gemeente geplaatst. Het belang van de cliënt is het uitgangspunt. Daarnaast wijst het college de jeugdige en/of ouders op de mogelijkheid hiervan gebruik te maken. Deze cliëntondersteuning kan steun bieden in de gesprekken met het Wijkteam of andere professionals in het jeugdhulpdomein. Hoofdstuk 2 art.
2.4: Bij voorkeur vinden gesprekken plaats tijdens een huisbezoek. Hoe bepaalt het college/wijkteam dat een kind beneden de 16 jaar daadwerkelijk zelf de beslissing heeft genomen en dat het niet onder druk van de ouders wordt uitgesproken? Hoe bepaalt het college/wijkteam dat de inschatting van de bezoekende hulpverlener juist is? Alle hulpverleners van het Wijkteam zijn gecertificeerd, opgeleid en SKJ geregistreerd. Dit betekent dat zij aan hoge kwaliteitseisen moeten voldoen en professioneel zijn toegerust om deze inschattingen te maken en jeugdhulpverlening te mogen bieden. Verder is het Wijkteam een multidisciplinair team onder aansturing van gedragswetenschappers. Zij voeren wekelijks casuïstiek overleg, om met elkaar tot oordeel te komen dat de juiste inschatting wordt gemaakt en hulpverlening wordt ingezet. Als er vermoedens zijn dat de jeugdige onder druk wordt gezet door zijn/haar ouder(s) kan het Wijkteam de jeugdige alleen spreken, zonder bijzijn van ouders. Ook hier willen we weer benadrukken dat deze hulpverlening zich in het vrijwillig kader bevindt. Daarbij is medewerking van jeugdige en/of ouders dus essentieel.
Wanneer er door de jeugdige en of zijn gezin geen medewerking wordt verleend, en er wel grote zorgen zijn over de veiligheid, dan kan een medewerker van het Wijkteam een VTO (Verzoek tot Onderzoek) bij de Raad van de Kinderbescherming indienen, waarna er onderzoek gedaan wordt of gedwongen hulpverlening noodzakelijk is.
Ten slotte Wij willen u nogmaals bedanken voor de tijd en energie die u allen heeft gestoken in het komen tot dit advies.
Uw advies evenals deze brief zal worden toegevoegd aan de stukken die voor behandeling bij College en gemeenteraad worden aangeboden.
Hopende u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.
8/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
9/9
Ons kenmerk: Z8843D11638
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Katwijk, namens hen,
Marc de Gruijl, Clustermanager Beleid Sociale Leefomgeving