CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

8. Bijlage 4. 3Luik Verordening - Toelichting - Nadere regels 2022 (2733091)

Raad 23 december 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: Verordening Jeugdhulp 202211.455 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Respijtzorg/LVB: € 73,02 per dag J&O: € 83,07 per dag GGZ: € 171,03 per dag € 142,97 per dag € 12,54 per dag

€ 17,- per uur

* excl. indexatie 2022

20

d.

eerder sprake is geweest van fraude.

Artikel 15 Inzet Niet-professionele zorgverlener 1. De jeugdige en/of ouder(s) aan wie een Pgb wordt toegekend, kunnen alleen jeugdhulp betrekken van nietprofessionele zorgaanbieder als aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan: a. de kwaliteit van de inzet van niet-professionele zorgaanbieders is aantoonbaar minimaal gelijkwaardig aan professionele ondersteuning; b. de geboden hulp is passend, adequaat en veilig; c. de niet-professionele zorgaanbieder heeft aangegeven dat de zorgverlening voor hem niet tot overbelasting leidt; d. indien de niet-professionele zorgverlener een persoon uit het sociale netwerk betreft, mag deze op geen enkele wijze druk op de jeugdige en/of zijn ouder(s) hebben uitgeoefend bij hun besluitvorming. 2. De jeugdige en/of ouder(s) aan wie een Pgb wordt toegekend kunnen alleen een niet-professionele zorgaanbieder inzetten voor: a. begeleiding; b. dagactiviteiten; c. persoonlijke verzorging. 3. Voor niet-professionele zorgaanbieder geldt een maximum uurtarief van 17 euro per uur voor maximaal 40 uur per week, overeenkomend met de RLZ, artikel 5.22, lid 5. Wanneer een informele hulp ook parttime of fulltime betaalde arbeid verricht, geldt een maximumaantal uren van de te verlenen hulp. De hulp op basis van een Pgb en de betaalde arbeid mag samen het gemiddelde van 48 uren per week niet overschrijden.

Dit wordt gemeten over een periode van 16 aaneengesloten werkweken. 4. Als er sprake is van ondersteuning door een persoon uit het sociaal netwerk, zal nadrukkelijk onderzocht worden of er geen sprake is van belangenverstrengeling. 5. Het college staat het niet toe dat de jeugdhulpaanbieder (anders dan de aanbieder van gesloten jeugdhulp; zie artikel

-

Via het portaal SVB-ziekmeldingen kunnen doen en de gemeente te informeren. Doorbetalen van de hulpverlener bij ziekte. Overeenkomen van een correct uurtarief conform het wettelijk minimumloon. Correct hanteren van de opzegtermijn.

In lid 2 onder d wordt geregeld dat jeugdige en/of ouder(s) die vallen onder de Jeugdwet, gemotiveerd dienen aan te geven waarom een voorziening in natura niet passend en toereikend is. In die zin is zorg in natura voor Jeugdhulp een voorliggende voorziening ten opzichte van een pgb.

5.

6.

7.

Bovenstaande tarieven worden jaarlijks geïndexeerd conform het Tarievenoverzicht Zorg in Natura Jeugdhulp regio Holland Rijnland. Een dagdeel zoals benoemd in de tarieventabel is 3,5 tot 4 uur inclusief voorbereidings- en afrondingstijd. Minimaal verblijfsduur van de jeugdigen van 3 uur. Een dag is een periode van 24 uur. Voor groepsgerichte ondersteuning wordt rekening gehouden met groepscontacttijd; Totale tijd van aanwezige begeleider/ ondersteuner, delen door het aantal aanwezige cliënten.

21

8.1.1.2. van de Jeugdwet) het Pgb beheert, of dat er sprake is van een zakelijke relatie tussen Pgb-beheerder en jeugdhulpaanbieder, dan wel anderszins sprake is van mogelijke belangenverstrengeling. De Pgb-beheerder moet op een neutrale manier toezicht kunnen houden op de levering van de met het Pgb ingekochte diensten.

Hoofdstuk 6 Overige bepalingen

Hoofdstuk 6 Overige bepalingen

Hoofdstuk 5 Overige bepalingen

Artikel 16 Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering 1. Onverminderd artikel 8.1.2 van de Jeugdwet doen een jeugdige en/of zijn ouder(s) op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het College mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hen redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele jeugdhulpvoorziening. 2. Onverminderd artikel 8.1.4 van de Jeugdwet kan het College een beslissing aangaande een individuele jeugdhulpvoorziening herzien dan wel intrekken als het College vaststelt dat: a. De jeugdige en/of zijn ouder(s) onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; b. De jeugdige en/of zijn ouder(s) niet langer op de individuele jeugdhulpvoorziening of op het pgb zijn aangewezen; c. De individuele jeugdhulpvoorziening of het pgb niet meer toereikend is om de doelen te behalen; d. De jeugdige en/of zijn ouder(s) niet voldoen aan de voorwaarden van de individuele jeugdhulpvoorziening of het pgb; e. De jeugdige en/of zijn ouder(s) de individuele jeugdhulpvoorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het is bestemd en f. De jeugdige of zijn ouders het persoonsgebonden budget besteden aan een persoon die gebruikelijke hulp

Artikel 16 Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering Volgens de Jeugdwet is een jeugdige en/of de ouders verplicht mede te delen wanneer er zich nieuwe feiten en omstandigheden voordoen waarvan men redelijkerwijs kan verwachten dat die van invloed op het persoonsgebonden budget kunnen zijn. Dit wordt benadrukt in lid 1. Met deze Verordening wordt geregeld dat deze informatieplicht ook geldt voor zorg in natura.

Artikel 10 Second Opinion 1. Indien naar het oordeel van de belanghebbende het gesprek en onderzoek niet naar wens is verlopen of indien niet ingestemd kan worden met het opgestelde verslag van het gesprek en onderzoek naar van de jeugdhulpvraag, dan kan de belanghebbende, schriftelijk bij de Clustermanager van het Wijkteam een verzoek indienen voor het uitvoeren van een interne collegiale second opinion door een andere medewerker. 2. Voordat het verzoek bij de Manager Wijkteam wordt ingediend, meldt de belanghebbende bij de medewerker van het Wijkteam mondeling of schriftelijk wat zijn ongenoegen is, zoals dat door hem/haar in het gesprek is ervaren. 3. Beide partijen spannen zich in om een oplossing te vinden voor de ervaren knelpunten. 4. De Clustermanager van het Wijkteam beoordeelt het verzoek en deelt de uitkomst hiervan de aanvrager schriftelijk mede. Deze schriftelijke mededeling is geen besluit zoals bedoeld in art. 1:3 Algemene Wet bestuursrecht.

In lid 2 wordt aangegeven dat de gemeente ook zelf de situatie kan bekijken en kan besluiten om een beslissing over individuele jeugdhulpvoorziening te herzien, in te trekken of terug te vorderen en onder welke omstandigheden de gemeente dit mag doen. Artikel 18 Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering In artikel 2.12 van de Jeugdwet staat omschreven dat de gemeente in de verordening moet regelen dat het College hierover afspraken moet maken. Via dit artikel voldoet de gemeente hieraan en geeft de raad deze opdracht aan het College. Naast de in dit artikel genoemde aspecten kunnen ook andere zaken in overweging genomen worden, zoals de NZA-richtlijnen (Nederlandse Zorgautoriteit) voor prijzen van jeugdhulp.

Artikel 11 Inwerkingtreding en overgangsrecht 1. De Nadere regels ter uitvoering van de Verordening Jeugdhulp Katwijk, laatst vastgesteld op 14 september 2018 wordt ingetrokken. 2. Deze nadere regels treden in werking na vaststelling door het College op 1 januari 2022. 3. Lopende voorzieningen blijven geldig totdat het College een nieuw besluit heeft genomen.

22

3.

4.

zou moeten bieden maar daartoe niet (meer) in staat is wegens overbelasting of dreigende overbelasting. Als het College een beslissing op grond van het tweede lid, onder a, heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens heeft plaatsgevonden, kan het College van degene die onjuiste of onvolledige gegevens heeft verschaft geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten individuele jeugdhulpvoorziening of het ten onrechte genoten pgb. Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen een halfjaar na uitbetaling of binnen de termijn waarvoor het is toegekend niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden.

Artikel 17 Bestrijding oneigenlijk gebruik, misbruik en nietgebruik 1. Het College informeert jeugdigen en ouders in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een jeugdhulpvoorziening zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2. Het College kan een toezichthouder aanwijzen die belast is met het houden van toezicht op de naleving van rechtmatige uitvoering van de wet, waaronder de bestrijding van misbruik, oneigenlijk gebruik en niet-gebruik van deze wet. 3. Het College onderzoekt, al dan niet steekproefsgewijs, of de verstrekte voorzieningen worden besteed ten behoeve van het doel waarvoor ze verstrekt zijn. Tevens beoordeelt het College of de jeugdige en/of ouder(s) nog voldoet aan de criteria om voor een pgb in aanmerking te komen. Artikel 18 Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering 1. Het College houdt in het belang van een goede prijskwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die

Artikel 19 Vertrouwenspersoon De vertrouwenspersoon wordt landelijk geregeld. Gemeenten hebben er gezamenlijk voor gekozen dat de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) dit namens alle gemeenten inkoopt bij het Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg (AKJ), een stichting die op dit moment ook het vertrouwenswerk voor de jeugdzorg uitvoert. Artikel 20 Inspraak en medezeggenschap In dit artikel zijn bepalingen opgenomen over inspraak en medezeggenschap bij de gemeente. Opgemerkt wordt dat regeling van de inspraak en medezeggenschap in artikel 2.1.3, derde lid, van de Wmo 2015, op grond van artikel 2.10 van de Jeugdwet van overeenkomstige toepassing wordt verklaard. Dit leidt ertoe dat bij verordening moet worden bepaald op welke wijze ingezetenen worden betrokken bij de uitvoering van deze wet.

4.

Als tijdens het onderzoek zoals bedoeld in artikel 6 van de Verordening Jeugdhulp van deze gemeente blijkt dat sprake is van een vermindering van het aantal te verlenen eenheden jeugdhulp ten opzichte van de lopende beschikking voor deze jeugdige, kan bij wijze van overgangsperiode eenmalig een voorziening voor maximaal 12 weken worden verleend. Voor de overgangsperiode wordt maximaal het aantal eenheden jeugdhulp toegekend, die in de laatst afgegeven beschikking voor een gelijke periode was toegekend

Artikel 12 Citeertitel Deze nadere regels worden aangehaald als: Nadere regels jeugdhulp gemeente Katwijk 2022.

Artikel 21 Klachtregeling en Second Opinion, Deze bepaling is aanvullend op de klachtregeling uit artikel 4.2.1 van de Jeugdwet en hoofdstuk 9 Klachtenbehandeling van de Algemene wet bestuursrecht. Het is zo dat de aanbieder in eerste instantie zal (moeten) worden aangesproken bij klachten van jeugdigen en/of ouders over de behandeling. Het Programmaplan zegt daarover ‘Het effectief en laagdrempelig bemiddelen bij en afhandelen van klachten van cliënten is een verantwoordelijkheid van de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen’. Artikel 22 Toepassen verordening en stellen nadere regels Omdat de interpretatie van de verordening tot misverstanden kan leiden is in lid 1 van dit artikel

23

het hanteert voor door derden te leveren jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, in ieder geval rekening met: a. de aard en omvang van de te verrichten taken; b. de voor de sector toepasselijke Cao-schalen in relatie tot de zwaarte van de functie. Artikel 19 Vertrouwenspersoon 1. Het College zorgt ervoor dat jeugdigen en/of ouder(s) een beroep kunnen doen op een onafhankelijke vertrouwenspersoon. 2. Het College wijst jeugdigen en ouders erop dat zij zich desgewenst kunnen laten bijstaan door een onafhankelijke vertrouwenspersoon. Artikel 20 Inspraak en medezeggenschap 1. Het College betrekt de ingezetenen van de gemeente bij de voorbereiding van het beleid betreffende jeugdhulp overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend. 2. Het College legt periodiek ontwikkelingen en belangrijke te nemen beleidsmatige besluiten op het gebied van jeugdhulp ter advisering voor aan de inwonersadviesraad als bedoeld in de Verordening Inwonersadviesraad Sociaal Domein Katwijk 2021. Artikel 21 Klachtregeling en Second Opinion 1.

Het College behandelt klachten van jeugdigen en/of ouders die betrekking hebben op de wijze van afhandeling door of namens het College van jeugdhulpvragen en aanvragen als bedoeld in deze verordening, overeenkomstig de bepalingen van de vastgestelde regeling van klachtenbehandeling. 2. Het College stelt een regeling vast die de jeugdige en/of zijn ouder(s) de mogelijkheid biedt van een herbeoordeling van de hulpvraag door een andere medewerker van het Wijkteam voor de gevallen dat de jeugdige en/of zijn

geregeld dat bij dergelijke misverstanden moet worden teruggegrepen naar de Jeugdwet (inclusief memorie van toelichting). Zo kan worden achterhaald wat er precies met een bepaald woord of bepaalde term wordt bedoeld. In lid 2 geeft de raad aan het College de bevoegdheid om nadere regels te stellen ten behoeve van de uitvoering van deze verordening. Lid 3 regelt dat het College met huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen afspraken zal maken over de voorwaarden waaronder en de wijze waarop de verwijzing zoals bedoeld in artikel 5, eerste lid plaatsvindt. Dit komt overeen met artikel 2.7, lid 4 van de Jeugdwet. Waarschijnlijk zullen deze afspraken regionaal of op landelijk niveau worden gemaakt en worden daarna lokaal onder regie van de gemeente uitgewerkt. Artikel 23 Hardheidsclausule Dit artikel geeft het College de bevoegdheid om van deze verordening af te wijken in zeer schrijnende gevallen waarvoor geen passende voorziening volgens de regelgeving mogelijk is. De hardheidsclausule kan dan door het College ingezet worden bij uitzonderingsgevallen. Artikel 24 Intrekking oude verordening en overgangsrecht De bedoeling daarvan is dat deze jeugdigen die recht hebben op een lopende voorziening een overgangsperiode krijgen waarin er voor hen niets verandert en zij zich kunnen instellen op de nieuwe situatie.

De overgangsperiode verschilt naar gelang de resterende looptijd van het indicatiebesluit, maar eindigt in elk geval een jaar na inwerkingtreding van deze verordening.

24

ouder(s) en de medewerker niet tot overeenstemming komen over de inhoud van een ondersteuningsplan. Artikel 22 Toepassen verordening en stellen nadere regels 1. Indien bij het toepassen en uitvoeren van deze verordening onduidelijkheid ontstaat over het gebruik, dan zijn de in de Jeugdwet opgenomen begrippen en bepalingen leidend. 2. Voor zover noodzakelijk voor de uitvoering van deze verordening, kan het College nadere regels stellen. 3. Het College maakt nadere afspraken met de huisartsen, de medisch specialisten, de jeugdartsen en de zorgverzekeraars over de verwijzing. 4. Deze verordening wordt tenminste eenmaal per 2 jaar geëvalueerd. Het college communiceert hiertoe aan de gemeenteraad over de doeltreffendheid en de effecten van de verordening in de praktijk.

Artikel 25 Inwerkingtreding Dit artikel regelt de inwerkingtreding. De verordening zelf dient voor 1 januari 2022 te zijn vastgesteld door de raad. Artikel 26 Citeertitel Dit artikel geeft de officiële benaming weer. De verordening zal via deze naam zijn terug te vinden (conform de wet elektronische bekendmaking).

Artikel 23 Hardheidsclausule 1. Het College kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze verordening, als toepassing van deze verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel 24 Intrekking oude verordening en overgangsrecht 1. De Verordening jeugdhulp Katwijk 2021 wordt ingetrokken. 2. Een jeugdige of ouders houdt(en) recht op een lopende voorziening, verstrekt op grond van de Verordening jeugdhulp Katwijk 2021 totdat het College een nieuw besluit heeft genomen. 3. Aanvragen die zijn ingediend onder de Verordening jeugdhulp Katwijk 2021 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld krachtens deze verordening. 4. Beslissing op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van de Verordening jeugdhulp gemeente Katwijk 2021 geschiedt op grond van deze verordening, die ten aanzien van de betreffende zaak zijn rechtskracht behoudt. Artikel 25 Inwerkingtreding

25

1. 2.

De verordening treedt in werking op 1 januari 2022. De Verordening Jeugdhulp Gemeente Katwijk 2021 vervalt op 1 januari 2022.

Artikel 26 Citeertitel 1. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Jeugdhulp Gemeente Katwijk 2022.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10927699/1