CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

7. Bijlage 1. Gladheidsbestrijdingsplan 2023-2028 (3192994)

Raad 26 oktober 2023, gemeente KatwijkBij agendapunt: Gladheidsbeleidsplan 2023-20286.635 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gladheidsbeleidsplan 2023-2028

Inhoudsopgave 1

Inleiding 1.1 Doelstelling & beoogd resultaat 1.2 Evaluatie 1.3 Leeswijzer

3 3 4 4

2

Kaders voor het beleid 2.1 Zorgplicht 2.2 Aansprakelijkheid volgens het Burgerlijk Wetboek 2.3 Personeel en organisatie

5 5 5 7

3

Soorten gladheid 3.1 Invloeden zeeklimaat 3.2 Verschillen in wegdektemperatuur 3.3 Gladheid door het bevriezen van natte weggedeelten 3.4 Gladheid door condensatie of mist 3.5 Gladheid door neerslag

8 8 9 9 9 9

4

Beleidsuitgangspunten 4.1 Visie op inspanningsverplichting 4.2 Service: inwoners staan centraal 4.3 Duurzaamheid: minimaliseren van milieueffecten 4.4 Samenwerking: regionale afstemming 4.5 De uitgangspunten op een rijtje

11 11 12 12 12 13

5

Strooiroutes: waar strooit de gemeente? 5.1 Categorisering van de openbare ruimte 5.2 Indeling van de strooiroutes 5.3 Waar strooit de gemeente? 5.4 Waar strooit de gemeente niet?

16 16 17 18 18

6

Strooimethodiek: wanneer en hoe strooit de gemeente? 6.1 Signalering: wanneer strooit de gemeente Katwijk? 6.2 Beslissingsbevoegdheid en verantwoordelijkheid

20 20 20

7

Financiën

21

8

Communicatie 8.1 Informatie aan inwoners 8.2 Informatienetwerk ten behoeve van de uitvoering 8.3 Afstemming met andere partijen

21 21 21 22

9

Evaluatie

22

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

2

1

Inleiding

De samenleving stelt hoge eisen aan de bestrijding van wintergladheid. Een veilige weg tijdens winterse omstandigheden beperkt de kans op ongelukken en schade door het uitglijden van personen en voertuigen. Bovendien draagt een veilige weg bij aan de bereikbaarheid en de verkeersdoorstroming binnen de gemeente De gemeente heeft een zorgplicht voor het onderhoud aan de openbare wegen en heeft een wettelijke inspanningsverplichting om wintergladheid effectief te bestrijden. Om aan deze zorgplicht te voldoen wordt de gladheidsbestrijding uitgevoerd volgens een vooraf opgesteld en vastgesteld gladheidsbestrijdingsplan. Het gladheidsbestrijdingsplan bestaat uit twee onderdelen: een meerjarig beleidsplan en een jaarlijks uitvoeringsplan. Het beleidsplan beschrijft het beleid en de ambities omtrent het bestrijden van gladheid en geeft achtergrondinformatie over de verschillende vormen en oorzaken van gladheid. Het uitvoeringsplan beschrijft de organisatie en uitvoering van de bestrijdingsactie in het komende seizoen. Beide onderdelen van het bestrijdingsplan dienen te worden vastgesteld: • Beleidsplan: eenmaal per vijf jaar, door het college van Burgemeester en Wethouders (volgens artikel 160, lid 1 sub a van de Gemeentewet).

• Uitvoeringsplan: jaarlijks, door het college van Burgemeester en Wethouders Het uitvoeringsplan wordt bovendien jaarlijks ter kennisgeving aan de gemeenteraad gestuurd. Het beleidsplan wordt na vaststelling ook ter kennisname aan de gemeenteraad gestuurd. Kader 1. Wat verstaan we onder gladheid?

In haar gladheidsbestrijdingsplan richt gemeente Katwijk zich op het bestrijden van gladheid als gevolg van sneeuw en ijs op oppervlakken zoals wegen en fietspaden. Gladheid ontstaan zonder winterse oorzaak valt niet binnen dit kader. Een gedetailleerde beschrijving van soorten gladheid is opgenomen in hoofdstuk 3

1.1

Doelstelling & beoogd resultaat

Het gladheidsbestrijdingsplan geeft vooraf invulling aan wat de samenleving van de gemeente mag verwachten als het gaat om het bestrijden van wintergladheid. Het plan dient de volgende doelen: • Het voldoen aan de wettelijke taak een goed onderhouden wegennet te hebben en de aansprakelijkheid voor ongevallen door zaken op het wegdek te regelen; • Als politiek beleids- en beslisdocument over toekomstige gladheidsbestrijding; • Samen met het uitvoeringsplan geeft het een praktische invulling aan gladheidsbestrijding. Het gladheidsbestrijdingsplan bestaat uit twee onderdelen. Het beleidsplan, dat voor u ligt, bevat de gemeentelijke visie (op lange termijn) op het gebied van de bestrijding van winterse gladheid. Het uitvoeringsplan ligt in het verlengde hiervan en wordt elk jaar opnieuw geactualiseerd. Het streven in

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

3

beide plannen is het voorkomen van wintergladheid op een effectieve manier met een geringe impact op het milieu.

1.2

Evaluatie

Om te leren van ervaringen van de gladheidsbestrijders en de inbreng van inwoners via meldingen en klachten is een continue verbetering nodig. Afgelopen vijf jaren hebben zich geen meldingen of beleidswijzigingen voorgedaan die aanpassing van het huidige beleid noodzakelijk maken. De evaluatie cyclus zoals hieronder weergegeven, voorkomt het maken van fouten die eerder zijn gemaakt.

Figuur 1. Evaluatiecyclus gladheidsbestrijding

Uitvoering

Uitvoeringsplan (nov – mrt)

Beleidsplan

(1x per 5 jaar)

Uitvoeringsplan vaststellen (okt)

1x

per

jaar

Uitvoeringsplan Evalueren (apr)

Uitvoeringsplan Actualiseren (mei – jun)

1.3

Leeswijzer

Gladheidsbestrijding door de wegbeheerder valt binnen een wettelijk kader. In hoofdstuk 2 lichten we dit kader toe door in te gaan op de zorgplicht en aansprakelijkheid van de gemeente. Omdat gladheid een breed begrip is, worden de verschillende vormen van gladheid besproken in hoofdstuk 3. Vervolgens stellen we de uitgangspunten van het beleid vast in hoofdstuk 4, en beschrijven we waar (hoofdstuk 5), wanneer en hoe (hoofdstuk 6) er wordt gestrooid binnen de gemeente. Voor zowel betrokkenen binnen de eigen organisatie als weggebruikers is het van belang dat informatie over de gladheidsbestrijding tijdig en efficiënt wordt overgebracht. Hoofdstuk 7 richt zich daarom op communicatie over gladheidsbestrijding. Tot slot bespreken we de het belang van een jaarlijkse evaluatie volgens de Plan, Do, Check, Act (PDCA) aanpak in hoofdstuk 8.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

4

2

Kaders voor het beleid

2.1

Zorgplicht

Op grond van artikel 15 en 16 van de Wegenwet (zie kader 2), is de wegbeheerder verantwoordelijk voor het onderhoud van de wegen. Gemeente Katwijk is beheerder van een groot deel van de openbare wegen in de gemeente. Ze heeft een zorgplicht om haar wegen in een goede en veilige staat te laten verkeren (de wettelijk vastgelegde taak als gemeentelijk wegbeheerder). Gladheidsbestrijding valt onder deze zorgplicht. Van belang is dat het hierbij gaat om een inspanningsverplichting van de wegbeheerder en niet om een resultaatsverplichting. Dit betekent dat er van de gemeente verwacht mag worden dat zij alle mogelijke inspanningen verricht om gladheid te bestrijden, maar niet dat zij dit altijd kan voorkomen. Om optimaal in te kunnen spelen op deze zorgplicht wordt de gladheidsbestrijding uitgevoerd volgens een vooraf opgesteld en vastgesteld gladheidsbestrijdingsplan. Indien gemeente Katwijk niet voldoet aan deze verantwoordelijkheid, met schade bij weggebruikers tot gevolg, kan de gemeente in het kader van ‘de onrechtmatige daad’ (BW artikel 6:162, zie kader 2) hiervoor aansprakelijk worden gehouden. De grondslag voor deze aansprakelijkheid is gebaseerd op schade als gevolg van ‘zaken en substanties die niet op het wegdek thuishoren’.

2.2

Aansprakelijkheid volgens het Burgerlijk Wetboek

Wanneer de gemeente aansprakelijk wordt gesteld voor schade ten gevolge van gladheid op de openbare weg moet zij kunnen aantonen dat zij zorgvuldig gehandeld heeft. Door onderstaande punten te volgen, kan de gemeente aantonen dat ze aan haar zorgplicht heeft voldaan.

Preventie • Een goed doordacht, actueel, opgesteld en vastgesteld gladheidsbestrijdingsbeleid- en uitvoeringsplan. In deze plannen moet de gemeente aan haar inwoners in ieder geval de gladheidsbestrijdingsroutes en -tijden van de bestrijding aangeven. • Zorg voor een opgave van de routes en prioriteringen (doorgaande wegen, drukke wegen, bus routes, gevaarlijke wegen, fietspaden, wegen bij verzorgingstehuizen, enzovoort). • Een gladheidsmeldingssysteem waarmee opkomende gladheid kan worden voorspeld. • Aandacht voor bijzondere risico’s (door bijvoorbeeld hellingen en brugdekken) bij de keuze van de strooiroutes. • Bewoners jaarlijks informeren over het gemeentelijke gladheidsbestrijdingsplan vóór de start van het gladheidsseizoen, zodat bewoners weten wat zij van de gemeente kunnen verwachten. • Een goed klacht- en meldingssysteem.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

5

Kader 2. Wettelijk kader aansprakelijkheid wegbeheerder

Wegenwet artikel 15 1. Het Rijk, de provincie, de gemeente en het waterschap is verplicht een weg te onderhouden, wanneer dat openbare lichaam dien tot openbaren weg heeft bestemd. 2. Het Rijk, de provincie, de gemeente en het waterschap is verplicht een weg en een in een weg zich bevindende duiker te onderhouden, wanneer dat openbare lichaam dien weg of dien duiker gedurende tien achtereenvolgende jaren heeft onderhouden, ook al was bij den aanvang van die tien jaren de weg, welke is onderhouden of waarin de duiker is gelegen, nog niet openbaar. 3. Tot het onderhoud van een weg als in het eerste en het tweede lid bedoeld, behoort mede het onderhoud van een tot dien weg behorende berm of een tot dien weg behorende bermsloot, echter slechts voor zover het onderhoud van den berm of de bermsloot dient ten behoeve van de instandhouding en de bruikbaarheid van den weg en voor zover het onderhoud niet, uit welken hoofde ook, tot de verplichting van anderen behoort. Wegenwet artikel 16 De gemeente heeft te zorgen, dat de binnen haar gebied liggende wegen, met uitzondering van de wegen, welke door het Rijk of een provincie worden onderhouden, van die bedoeld in artikel 17 en van die, waarop door een ander tol wordt geheven, verkeren in goeden staat. Burgerlijk Wetboek Boek 6 – artikel 162 1.

Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt, te vergoeden. 2. Als onrechtmatige daad worden aangemerkt een inbreuk op een recht en een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, een en ander behoudens de aanwezigheid van een rechtvaardigingsgrond.

Uitvoering • Voldoende materieel en opgeleid en geïnstrueerd personeel. Personeel moet op hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op het vakgebied. • Daarnaast moet gemeente Katwijk voldoen aan de ‘redelijkerwijs’ te stellen eisen aan de hulpmiddelen. Dit betekent niet dat steeds de nieuwste hulpmiddelen gebruikt moeten worden, maar wel dat de gemeente niet enorm mag achterlopen op de meest optimale methode. • Zorgen dat er - gezien de omstandigheden - op tijd en adequaat gewaarschuwd is. • Snel en doeltreffend handelen zodra bepaalde gevaarlijke situaties bij de gemeente bekend zijn. Evaluatie • Bewijs dat het gladheidsbestrijdingsplan conform planning is uitgevoerd. Hiervoor is een goede monitoring van de daadwerkelijke bestrijding essentieel.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

6

• Een goede evaluatie van het gladheidsbestrijdingsplan. Hierin dienen klachten ten aanzien van de prioritering en de uitvoering van de plan te worden meegenomen. • Een administratie van gereden strooiroutes en tijden zodat de gemeente kan aantonen dat zij tijdig en naar vermogen heeft gestrooid en dat zij dus zorgvuldig heeft gehandeld.

Verantwoordelijkheid van inwoners Men kan niet dezelfde eisen stellen aan een weg die ten gevolge van nachtvorst, ijzel e.d. glad is geworden als aan dezelfde weg gedurende de zomer. Van de weggebruiker mag worden verwacht dat hij bij winterse omstandigheden met een grote mate van oplettendheid en voorzichtigheid aan het wegverkeer deelneemt. Ook mag worden verwacht dat hij zich bij extreme omstandigheden (zware ijzel) niet op de weg begeeft.

2.3

Personeel en organisatie

Gladheidsbestrijding betekent een extra belasting van het personeel omdat zij overdag reguliere werkzaamheden uitvoeren en buiten kantooruren de gladheid bestrijden. Voor het inplannen van personeel moet de coördinator gladheidsbestrijding rekening houden met de wettelijk vastgelegde maximale rij- en werktijden van het personeel. De bestuurders vallen niet onder het arbeidstijden besluit vervoer, maar onder de normen van de arbeidstijdenwet. Dit omdat de voertuigen worden gebruikt om noodsituaties te voorkomen (zie kader 3). Kader 3. Arbeidstijdenwet: plotseling onvoorziene situaties

Arbeidstijdenwet Artikel 5:10 1. Deze paragraaf en de daarop berustende bepalingen zijn niet van toepassing op een werknemer van 18 jaar en ouder die arbeid verricht in verband met een zich plotseling voordoende onvoorziene situatie waarbij personen ernstig letsel oplopen, dan wel daartoe de onmiddellijke dreiging bestaat, of buitengewoon ernstige schade aan goederen ontstaat, dan wel onmiddellijk dreigt te ontstaan, en die arbeid geen uitstel duldt en door andere maatregelen redelijkerwijs niet is te voorkomen. De artikelen 5:6, 5:7, tweede lid, aanhef en onderdeel c, en 5:9 zijn in afwijking van de eerste zin van toepassing. 2. De eerste zin van het eerste lid geldt slechts voor zover de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen een goede uitoefening van de in dat lid bedoelde arbeid belemmert. 3. Bij toepassing van dit artikel organiseert de werkgever de arbeid zodanig, dat de door een werknemer niet genoten dagelijkse of wekelijkse onafgebroken rusttijd alsnog kan worden genoten. De volgende bepalingen gelden: • De werknemer moet per periode van 4 weken minimaal twee keer een periode van 7 dagen geen consignatiedienst hebben. • De werknemer mag maximaal 13 uur per etmaal arbeid verrichten. • De werknemer mag per week maximaal 60 uur arbeid verrichten (op kwartaalbasis gemiddeld 45 uur per week).

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

7

Daarnaast brengt de uitvoering en het gebruik van materiaal en materieel veiligheidsrisico’s met zich mee. Het is daarom van belang om voor de start van het winterseizoen de gladheidsbestrijdingsprocedures met alle betrokkenen te doorlopen. Belangrijke zaken die de coördinator gladheidsbestrijding daarbij bespreekt zijn: • de te strooien hoeveelheden wegenzout; • het omgaan met dooimiddelen; • het controleren van doseerinstellingen; • het bedienen van, en werken met gladheidsbestrijdingsmaterieel; en • onveilige situaties tijdens strooien. Meer details hierover zijn opgenomen in het uitvoeringsplan. Het gladheidsbestrijdingsmaterieel moet conform de Arbowetgeving zijn voorzien van CE-markering en een bijbehorende EG-verklaring.

3

Soorten gladheid

Gladheid is een breed begrip. Klimaat en weersinvloeden beïnvloeden het ontstaan van gladde situaties en maken elke locatie bovendien uniek. In dit hoofdstuk beschrijven we de invloed van klimaat en wegdektemperatuur op het ontstaan van gladheid. Daarnaast worden de verschillende soorten gladheid beschreven die onder invloed van weersomstandigheden en locatietypen kunnen ontstaan. De grote variaties die bestaan in soorten gladheid en (weers)invloeden maakt van de bestrijding van gladheid een maatwerkplan. Niet alle soorten gladheid hebben dezelfde kenmerken en dezelfde bestrijdingsmethode. Sommige vormen van gladheid kennen zelfs geen winterse oorzaak. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de gladheid op het wegdek die kan ontstaan door een oliespoor. Wij beperken ons in dit beleidsplan tot die vormen van gladheid die ontstaan door winterse omstandigheden. Wij onderscheiden drie soorten: 1. Gladheid door het bevriezen van natte weggedeelten; 2. Gladheid door condensatie; en 3. Gladheid door neerslag (ijzel, sneeuw, hagel). Voordat we de verschillende soorten van gladheid verder toelichten, bespreken we de invloed van het Nederlandse klimaat en wegdektemperatuur op de vorming van gladheid.

3.1

Invloeden zeeklimaat

Nederland kent een klimaat dat wordt beïnvloed door de zee. Ten eerste heeft de zee een temperende werking op de temperatuur, zowel ’s zomers als ’s winters. Extreem hoge en extreem lage temperaturen komen in Nederland daarom zelden voor. Gemiddeld telt Nederland circa 50 vorstdagen per jaar; dit zijn dagen waarop de minimumtemperatuur in een etmaal minstens één keer onder het vriespunt komt. Nederland telt gemiddeld zeven ijsdagen per jaar. Op deze dagen komt de temperatuur het gehele etmaal niet boven het vriespunt. Deze cijfers zijn gebaseerd op een periode van 1990-2020.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

8

In de tweede plaats zorgt de zee voor relatief vochtige lucht. Met de temperende werking en de vochtaanvoer levert de zee de ingrediënten voor een ‘kwakkelwinter’. Juist de temperatuurschommelingen rond het vriespunt kunnen voor gevaarlijke situaties zorgen, omdat er vrij plotseling gladheid kan ontstaan.

3.2

Verschillen in wegdektemperatuur

Bij alle soorten wintergladheid speelt de temperatuur van de weg een essentiële rol. De wegdektemperatuur is van veel factoren afhankelijk en daarom niet overal gelijk. De temperatuur van het wegoppervlak kan zelfs over een beperkte lengte sterk variëren. De verschillen zijn het grootst op een koude, heldere winternacht met weinig wind. Door deze variatie zijn er altijd een aantal kritische plaatsen binnen het beheergebied van de gemeente. Dit zijn locaties waar doorgaans het eerst gladheid optreedt. Dit betekent niet dat dit ook de koudste plekken in het wegennet zijn: voor het optreden van wintergladheid moet ook vocht aanwezig zijn. Omdat de hoeveelheid vocht van plek tot plek verschilt, zijn kritische plaatsen locaties waar (relatief) veel vocht aanwezig is én de wegdektemperatuur (relatief) laag is. Meetstations van gladheidsmeldsystemen worden daarom vaak op deze kritische locaties geplaatst.

3.3

Gladheid door het bevriezen van natte weggedeelten

Deze vorm van gladheid komt voor in periodes waarin de temperaturen schommelen rondom het vriespunt. In de periode dat de neerslag valt, is de temperatuur boven het vriespunt, waardoor de weggedeelten nat worden. Het wegtrekken van de bewolking zorgt er in de winter meestal voor dat de temperaturen dalen. Indien de wegdektemperatuur vervolgens zakt tot het vriespunt zal het aanwezige vocht opvriezen. Het verschil tussen een nat weggedeelte of een weggedeelte met ijs is nauwelijks te zien. Hierdoor wordt deze vorm van gladheid als bijzonder verraderlijk ervaren.

3.4

Gladheid door condensatie of mist

Onder bepaalde omstandigheden kan er vocht of ijs op een wegdek neerslaan, zonder dat er neerslag valt. IJskristallen ontstaan als dit vocht op een bevroren ondergrond slaat. Vooral (stalen) bruggen, viaducten en op- en afritten zijn gevoelig voor condensatiegladheid. Dit komt doordat op deze locaties vaak geen ondergrond is waarin warmte is opgeslagen en het vocht uit de lucht condenseert.

3.5

Gladheid door neerslag

Neerslag kan in verschillende vormen aanleiding geven tot gladheid. De belangrijkste vormen zijn sneeuw, hagel en ijzel. De temperatuur tussen de onderkant van de wolk en het aardoppervlak bepaalt meestal in welke vorm de neerslag valt.

Sneeuw

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

9

Wij kennen twee soorten sneeuw: droge sneeuw en natte sneeuw. Sneeuw is duidelijk zichtbaar waardoor weggebruikers over het algemeen anticiperen op het gladde wegdek. Langdurig aanhoudende sneeuw onder winterse omstandigheden kan zorgen voor een dik pakket op de wegen. In dit geval kan er alleen door de inzet van sneeuwschuivers bestreden worden.

Hagel Ook hagel is een vorm van neerslag die kan leiden tot gladheid. Net als sneeuw is een hagelbui meestal goed herkenbaar, waardoor verkeersdeelnemers anticiperen op lastige omstandigheden op de weg. In tegenstelling tot sneeuw is een hagelbui meestal van korte duur. IJzel IJzel is de verzamelnaam voor diverse soorten neerslag waarbij er een ijslaagje ontstaat. IJzel ontstaat als neerslag in vloeibare vorm (regendruppels) valt, maar een temperatuur heeft beneden het vriespunt (onderkoelde regen). Zodra zo’n druppel iets raakt, bevriest de vloeistof. Ook als regen (met een temperatuur boven 0 graden Celsius) op een wegdek met een temperatuur onder het vriespunt valt, ontstaat ijzel. De luchttemperatuur stijgt bij regen normaliter vrij snel waardoor deze gladheid na enkele uren verdwijnt. Ook ijsregen is een vorm van ijzel. Hierbij bevriezen de regendruppels tijdens het neervallen, wat zorgt voor een ruw oppervlak van de ijslaag op het wegdek. IJzel is voor het verkeer zeer gevaarlijk. Een geringe hoeveelheid kan al aanleiding geven tot gladheid.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

10

4

Beleidsuitgangspunten

Gemeente Katwijk stelt zich ten doel om haar wegen in een goede en veilige staat te laten verkeren. Dit vormt het fundament voor de beleidsuitgangspunten die we in dit hoofdstuk belichten. Daarmee is ook de Katwijkse Agenda Mobiliteit (KAM) en het daarbij behorende meerjaren uitvoeringsprogamma 2022 -2027 getoetst op de huidige werkwijze. In de volgende hoofdstukken (hoofdstuk 5 t/m 8) en in het uitvoeringsplan worden deze punten verder uitgewerkt. Een hoog service niveau, duurzame en milieuvriendelijke uitvoering én een goede samenwerking met betrokken partijen staan centraal in het beleid.

4.1

Visie op inspanningsverplichting

Gemeente Katwijk laat haar gladheidsbeleid aansluiten op het door kennisplatform CROW ontwikkelde landelijke, integrale, beleid ‘Duurzaam Veilig’ op het gebied van gladheidsbestrijding. De weggebruiker staat centraal binnen dit beleid. Voor hem moet worden gegarandeerd dat de veiligheid, bereikbaarheid en doorstroming in, van en naar de gemeente Katwijk ook onder winterse omstandigheden op peil wordt gehouden. Om aan het gestelde serviceniveau (zie paragraaf 4.2) te voldoen, heeft de buitendienst van de gemeente beschikking over een goed uitgerust wagenpark met zoutstrooiers en sneeuwruimapparatuur. Tevens is een gladheidmeldsystemen aanwezig en is de buitendienst geabonneerd op een waarschuwingssysteem van het weerkundig instituut MeteoGroup BV. De gemeente strooit waar mogelijk preventief, zodat gladheid zo veel mogelijk wordt voorkomen. Dat wil zeggen dat op basis van een zo betrouwbaar mogelijke weersverwachting zout wordt gestrooid, voordat ijsvorming op het wegdek ontstaat. Daarnaast kunnen strooiacties, door toepassing van de natzout-strooimethode, 8 á 10 uur voordat de gladheid wordt verwacht plaatsvinden. Onder extreme omstandigheden – bijvoorbeeld aanhoudende ijzel of sneeuwval – zal ook curatief gestrooid worden.

Dit betekent dat de gemeente, onder extreme omstandigheden, strooit vanaf het ogenblik dat het sneeuwen of ijzelen is begonnen, met als doel om de ondergrond begaanbaar te houden (of zo snel mogelijk opnieuw begaanbaar te maken). Als kwaliteitscriterium geldt daarbij dat de routes binnen twee uur worden gereden. Inclusief opkomst duurt een strooiactie maximaal drie uur. Drukte tijdens spitsuur is hierbij geen belemmering: de huidige routes en het beschikbare materieel maken het mogelijk om het gestelde tijdsbestek te halen. In het geval van zware sneeuwval zorgt de gemeente ervoor dat de sneeuwploeg continu met de sneeuwschuiver blijft werken. De gemeente Katwijk is groeiende. In de afgelopen vijf jaar, maar ook in de komende vijf jaar, is het areaal uitgebreid. Voor de komende vijf jaren kunnen we de nieuwe wijken in de gemeente nog bedienen met het huidige personeel en materieel. We houden de KAM netwerkkaart en de oplevering van de nieuwe wijken nauwlettend in de gaten en passen ons beleid en de te hanteren routes daarop aan.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

11

4.2

Service: inwoners staan centraal

De gemeente Katwijk streeft naar een hoog service niveau voor haar inwoners. Dit komt ook terug in de gladheidsbestrijding. De gemeente strooit een groot deel van haar straten (zie hoofdstuk 5 voor details). Alle inwoners van de gemeente Katwijk mogen per huishouden 1 emmer strooizout ophalen bij de milieustraat. Op deze manier biedt de gemeente de mogelijkheid om lokaal gladheid te bestrijden op kritieke punten.

4.3

Duurzaamheid: minimaliseren van milieueffecten

De gemeente strooit preventief, waardoor er minder zout in het milieu terecht komt. Door overmatig strooien dringt het zoute smeltwater de bodem in waardoor wortels van bomen en planten beschadigen. De natzoutstrooiers zorgen ervoor dat niet alleen nauwkeuriger wordt gestrooid, maar tevens dat minder zout nodig is. In de ontwerpfase van infrastructuur houdt de gemeente rekening met redelijk ruime wegprofielen en toepassing van zouttolerante plantsoorten die beter strooi- en spatzout verdragen. Gelukkig vindt de zoutbelasting van bermen vooral plaats tijdens het rustseizoen van planten, struiken en bomen. Slechts een beperkt aantal soorten zijn gevoelig voor zout en gaan “vervroegd de herfst in” omdat de bladranden sneller vergelen en verdorren. De huidige klimaatveranderingen brengen voor de komende vijf jaren nog geen verandering in het winterse weerbeeld in Nederland (bron: KNMI). Daarom passen we voor de komende vijf jaren ons beleid hier nog niet op aan. Onze huidige consignatiedienst gladheidsbestrijding blijft in de wintermaanden paraat voor dagen wanneer zij noodzakelijk zullen zijn.

4.4

Samenwerking: regionale afstemming

Wintergladheid komt niet alleen in gemeente Katwijk voor. Als gladheid optreedt, gebeurt dit vaak regionaal of landelijk. De weggebruiker wil van A naar B binnen een gebied, op een veilige en betrouwbare manier en houdt hierbij geen rekening met de verschillende wegbeheerders of verschillen in strooimethodiek. De weggebruikers zijn gebaat bij een integrale aanpak van de gladheidsbestrijding in de regio om gladheid te voorkomen. Daarom beoogt de gemeente dat wegbeheerders dezelfde uitgangspunten hanteren voor het uitvoeren van gladheidsbestrijding. Onder de regionale afstemming valt ook de strategische, gezamenlijke inkoop van zout, waardoor risico’s op zout te kort beperkt worden. Bij regionale afstemming staat daarom het volgende centraal: • De veiligheid van de weggebruikers staat voorop. • Het voorkomen van gladheid. • Gladheidspreventie gaat, waar noodzakelijk, boven curatieve gladheidsbestrijding. • De zorg voor het normaal functioneren van het openbare leven bij gladheid als gevolg van de weersinvloeden. • Te komen tot een gelijkwaardig kwaliteitsniveau van de gladheidsbestrijding op de voor de mobiliteit in de regio belangrijke hoofdroutes.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

12

4.5

De uitgangspunten op een rijtje

We kunnen de hierboven beschreven speerpunten vertalen naar concrete uitgangspunten zoals gepresenteerd in figuur 2 en uitgewerkt in tabel 1.

Figuur 2. Beleidsuitgangspunten in beeld

Tabel 1. beleidsuitgangspunten

1. 2. 3.

4.

Uitgangspunten Preventie De gemeente stelt haar gladheidsbestrijdingsbeleid op in met afstemming met wettelijk geldende bepalingen. De gemeente houdt in haar gladheidsbestrijding rekening met de verschillende oorzaken van optredende gladheid en past daar de bestrijdingsmethode op aan. De gemeente past zoveel mogelijk het systeem van preventieve gladheidsbestrijding toe. Daarvoor worden verschillende instrumenten en informatiebronnen gebruikt om het optreden van gladheid te kunnen voorspellen. De gemeente stelt jaarlijks voorafgaand aan het winterseizoen, uiterlijk in oktober, een uitvoeringsplan op, waarin wordt aangegeven hoe in het komende winterseizoen de gladheid bestreden zal worden.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

13

5. 6.

7.

8.

9.

10.

11.

12.

13. 14. 15. 16. 17. 18. 19.

20.

21.

Uitgangspunten In verband met haar zorgplicht heeft de gemeente eigen gladheidsbestrijdingsmaterieel in eigendom, beheer en onderhoud. De gemeente maakt gebruik van de gladheidmeldsystemen (Provincie Zuid Holland, meetsysteem en MeteoGroup) om zo tijdig mogelijk gladheidsbestrijdingsacties te kunnen uitvoeren. Voor de start van het gladheidsseizoen heeft gemeente contact met een aantal omliggende gemeenten over de hoeveelheid strooizout. In verband met de kans op het optreden van extreme situaties leggen zij een strategische zoutvoorraad aan. Er wordt tevens rekening gehouden met inzet van extra personeel en materieel. De gemeente voert jaarlijks vooraf en direct na afloop van het bestrijdingsseizoen preventief onderhoud uit aan het materieel en houdt dit gereed voor nieuwe acties. Tijdens het strooiseizoen wordt het materieel met regelmaat onderhouden. De gemeente Katwijk hanteert in de gladheidbestrijding een prioriteitstelling op basis van aard van de verbindingen of bestemmingen. De primaire routes zijn de hoofdverbindingen en fietspaden. De gemeente kan dit uitvoeren binnen de gestelde tijd (strooiactie voltooid binnen 3 uur na melding). Hoofdroutes worden gegarandeerd gestrooid. Waar mogelijk pleegt de gemeente aanvullende inzet. Wegen die niet onder de strooiroutes (hoofd- en aanvullende routes) vallen worden niet worden gestrooid.

De gemeente houdt bij de gladheidsbestrijding rekening met de verschillende categorieën weggebruikers. Als norm voor de hoofdroute wordt aangehouden dat inwoners binnen de bebouwde kom binnen 350 meter op een bestreden weggedeelte moeten kunnen komen. Sneeuw en gladheid op trottoirs wordt niet bestreden. De gemeente hanteert de plan, do, check, act methode om zo effectief te kunnen bijsturen en het beleids- en uitvoeringsplan waar mogelijk te verbeteren. Uitvoering De gemeente strooit volgens de ‘nat zout’ methode. Het seizoen voor gladheid loopt van 1 november tot 1 april. Inclusief opkomst duurt een strooiactie maximaal drie uur. Met uitzondering van extreme en/of overmacht situaties. De gemeente consigneert het eigen personeel ten behoeve van de gladheidsbestrijding. De gemeente past bij sneeuwval ook sneeuwploegen toe. Bij extreme sneeuwval worden alleen de belangrijkste verbindingsroutes sneeuwvrij gehouden. De gemeente past een hoeveelheid strooizout toe, die is afgestemd op de aard van de gladheid. In het uitvoeringsplan legt de gemeente jaarlijks de hoeveelheden strooizout vast. De gemeente heeft eigen medewerkers als uitvoerders gladheidsbestrijding. De coördinatoren zijn door opleiding en training toegerust op hun taak.

De gemeente stemt de uitvoering van gladheidsbestrijding af met omliggende gemeenten en andere beheerders om ervoor te zorgen dat de weggebruikers een zoveel mogelijk vergelijkbare beschikbaarheid en begaanbaarheid kunnen verwachten. Bij uitrukken streeft de gemeente de volgende actietijden na: binnen één (1) uur na alarmering wordt uitgerukt, binnen twee (2) uur na uitrukken is de actie (preventief of curatief) voltooid. Deze tijdsnormen zijn niet van toepassing onder extreme omstandigheden, zoals aanhoudende sneeuwval of ijzel. Evaluatie Deelnemers aan de gladheidsbestrijding ontvangen jaarlijks instructie voorafgaand aan het strooiseizoen (uiterlijk voor 1 oktober). De ervaringen worden na afloop geëvalueerd en voor zover noodzakelijk meegenomen in het volgende uitvoeringsplan gladheidsbestrijding.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

14

22.

23. 24.

25.

Uitgangspunten De gemeente evalueert jaarlijks, uiterlijk in april, de gladheidsbestrijding, zowel op risicopunten als op de uitvoering van de bestrijdingsacties. Hiervoor wordt een specifieke registratie bijgehouden. Deze evaluatie wordt jaarlijks als bijlage in het uitvoeringsplan opgenomen. Communicatie De gemeente communiceert jaarlijks het uitvoeringsplan van de gladheidsbestrijding. Uitgangspunten De gemeente onderhoudt ten behoeve van de gladheidsbestrijding een intern en extern communicatienetwerk, naar zowel betrokken partijen (o.a. hulpdiensten, openbaar vervoer, buurgemeenten, provincie) als inwoners en bedrijven. De coördinator gladheidsbestrijding is daarbij de spin in het web. De gemeente maakt gebruik van een uitgebreid communicatieplan (zie uitvoeringsplan) waarin details zijn opgenomen over de kanalen die worden ingezet. De gemeente informeert haar inwoners via de lokale krant en haar website. Inwoners kunnen klachten en meldingen maken via het Meldpunt. De coördinator gladheidsbestrijding beoordeelt de meldingen over gladheid en gaat indien nodig over tot strooien.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

15

5

Strooiroutes: waar strooit de gemeente?

Het wegennet binnen de gemeente Katwijk vertoont een grote verscheidenheid. Gemotoriseerd verkeer maakt gebruik van hoofdwegen tot en met woonerven. Voetgangers en fietsers gebruiken trottoirs en fietspaden. Deze verschillende weggebruikers stellen hun specifieke en soms tegenstrijdige eisen als het om gladheidsbestrijding gaat. Als er onderscheid wordt gemaakt tussen doorgaand verkeer en plaatselijk verkeer, zal de eerste categorie de nadruk leggen op het vrijmaken van de hoofdverbindingsroutes en is de andere categorie meer geïnteresseerd in woonstraten en secundaire verbindingen. Dit gegeven maakt het de wegbeheerder onmogelijk om het geheel van wegen, straten en paden bij naderende gladheid in één keer te behandelen, dan wel om alle belangen veilig te stellen. Het zal noodzakelijk zijn om alle belangen af te wegen en op grond daarvan prioriteiten te stellen. Daarom geven we in dit hoofdstuk eerst een beschrijving van de openbare ruimte en haar gebruikers. Daarna gaan we verder in op waar de gemeente strooit en waar niet.

5.1

Categorisering van de openbare ruimte

Uitgangspunt van gladheidsbestrijding is de te strooien oppervlakte. Naast autorijwegen zijn er vele delen van het openbaar gebied waar gestrooid moet worden. Op deze terreinen is vaak een ander strooiregime noodzakelijk dan op autorijwegen. Binnen de openbare ruimte zijn verschillende gebruikersgroepen te identificeren, namelijk: • Gebruikers van openbaar vervoer • Automobilisten en andere gemotoriseerde weggebruikers zoals, motorrijders • Fietsers en bromfietsers • Voetgangers • Vrachtvervoerders • Mensen met een lichamelijke uitdaging en ouderen

Stroomwegen Stroomwegen zijn bedoeld voor een betrouwbare afwikkeling van relatief grote hoeveelheden verkeer met een hoge gemiddelde snelheid. Stroomwegen hebben een primaire verkeersfunctie, waarbij de doorstroming centraal staat en zijn derhalve niet toegankelijk voor langzaam verkeer en landbouwverkeer en kennen in principe geen gelijkvloerse kruisingen. Er is sprake van een fysieke rijbaanscheiding en een doorgetrokken kantmarkering. De gemeente Katwijk kent enige doorstroomwegen (autoweg) binnen haar gebied, maar de gemeente is geen wegbeheerder voor deze wegen. Deze wegen vallen onder de verantwoordelijkheid van de Provincie Zuid-Holland.

Gebiedsontsluitingswegen Een gebiedsontsluitingsweg is een weg met gelijkvloerse kruisingen welke is bedoeld om landelijk of stedelijk gebied te ontsluiten. De wegvakken hebben hierbij een doorstroomfunctie, terwijl de gelijkvloerse kruispunten uitwisseling van verkeer mogelijk maken met lagere orde wegen. Er is sprake van rijbaanscheiding en een onderbroken kantmarkering.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

16

Erftoegangswegen Een erftoegangsweg is het meest lokale wegsoort in de Nederlandse wegcategorisering. Het betreft wegen met gemengd langzaam verkeer en gemotoriseerd verkeer, zonder rijrichtingscheiding en meestal zonder gescheiden fietspaden. Erftoegangswegen hebben als functie het veilig toegankelijk maken van percelen in verblijfsgebieden. Op erftoegangswegen moeten alle verkeersdeelnemers (en automobilisten, etc.) veilig van dezelfde rijbaan gebruik kunnen maken, waarbij voetgangers vaak wel een eigen verkeersruimte wordt geboden in de vorm van een trottoir. Busstrook/busbaan Speciaal aangelegde banen/stroken voor doorgaand openbaar vervoer. Deze wegdelen worden veelal gebruikt door bus- en taximaatschappijen en de hulpdiensten als deze met signalering rijden. Vrijliggende fietspaden Een vrijliggend pad dat is gereserveerd voor het fietsverkeer en soms voor gebruik door bromfietsers. Woonerven Dit type weg is aanwezig in een gebied waar de verblijfsfunctie (lopen, spelen, ontmoeten enzovoorts) prioriteit heeft boven de verkeersfunctie van de weg. De maximumsnelheid is stapvoets en verkeer dat een woonerf verlaat of betreedt moet voorrang verlenen aan al het andere verkeer. Bijzonder gebied: Winkelgebied, scholen en gezondheidscentra Deze gebieden kennen net als een woonerf een verblijfsfunctie.

Grote groepen mensen ontmoeten elkaar, en verplaatsen zich veelal per fiets of te voet. Toch moet er ook hier rekening gehouden worden met een verkeersfunctie om het winkelgebied te bevoorraden, ambulanceverkeer etc. Industriegebied Dit gebied kenmerkt zich door een hoge verkeersdichtheid gedurende kantooruren. Er is veel bestemmingsverkeer, en een relatief hoge druk van vracht/transportverkeer.

5.2

Indeling van de strooiroutes

De gemeente Katwijk heeft haar wegennet ten behoeve van gladheidsbestrijding in routes ingedeeld. Daarnaast doet zij bij extreme of gevaarlijke omstandigheden de woonkernen aan. Bij de opzet van de route wordt er naar gestreefd, dat voor bewoners binnen de bebouwde kom de afstand tot een gestrooide weg maximaal 350 meter bedraagt. Daarnaast worden de volgende prioriteiten zoveel mogelijk gehanteerd: • Hoofdverbindingsroutes • Diensten of openbare voorzieningen – zogenaamde ‘hotspots’ – in de gemeente die met zo min mogelijke hinder bereikbaar moet zijn • Aansluiting op rijkswegen, provinciale wegen en op wegen van buurgemeenten • Gevoelige locaties (bruggen, viaducten, trappen, hellingen van de weg en bepaalde wegverhardingstypen)

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

17

Om tot een praktisch uitvoerbare routeopzet te komen, kan van bovengenoemde volgorde worden afgeweken. Gemeente Katwijk maakt onderscheid tussen hoofdroutes, die bij gladheid geheel gestrooid worden, en een uitbreide route die alleen gestrooid wordt bij 24 uur aanhoudende gladheid. In onderstaande paragrafen gaan we hier verder op in.

5.3

Waar strooit de gemeente?

Routes Hieronder vallen o.a. bus- en buurtroutes en verbindingswegen. Daarnaast vallen ook fietspaden onder deze route. Aangezien de fietsroute belangrijk is als ontsluiting voor woon-werk-schoolverkeer heeft ook de bestrijding van gladheid op de meeste fietspaden een hoge prioriteit. De routes zijn binnen 2 uur na de uitruk gestrooid. ‘Hotspots’ – bijzonder gebied Bij de route, zorgt de gemeente dat bijzonder gebied of ‘hotspots’ meegenomen worden. De gemeente strooit specifiek bij: • Busroutes • Winkelcentra • Gemeentehuis • Scholen • Verzorgingstehuizen en gezondheidscentra • Invalide parkeerplaatsen • Apotheken • Huisartsen • Brandweer en politie • Toegangsweg naar de begraafplaatsen Woonkernen Woonstraten worden alleen wanneer gevaarlijke situaties ontstaan zoals bij ijzel en langdurige vorstperiodes (24 uur aanhoudende gladheid) gestrooid. Hiermee wordt begonnen zodra de route gestrooid en/of geploegd is en goed berijdbaar blijft. De woonkernen worden alleen binnen reguliere werktijden gestrooid (tussen 7.30 uur en 16.30 uur). Tijdens langdurige vorstperiodes kan de gemeente ook besluiten om bij extra hotspots te strooien.

5.4

Waar strooit de gemeente niet?

Zandwegen en doodlopende wegen worden niet gestrooid. Ook strooit de gemeente niet op privé terrein (bijvoorbeeld erftoegangswegen). Hoewel de gemeente als wegbeheerder ook aansprakelijk is voor trottoirs en voetpaden, wordt sneeuw en gladheid op trottoirs in principe niet bestreden (zie kader 4). Het materieel is hierop niet uitgerust.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

18

Kader 4. Verantwoordelijkheid van weggebruikers

Als wegbeheerder is de gemeente op grond van het Burgerlijk Wetboek aansprakelijk voor de veiligheid in de openbare ruimte, dus ook op trottoirs en voetpaden. Anderzijds kan niet worden verwacht dat alle trottoirs worden gestrooid of geploegd. Uit jurisprudentie blijkt dat ook de rechter deze nuancering aanbrengt en een deel van de verantwoordelijkheid neerlegt bij de weggebruiker/aanwonenden om de ‘stoep’ schoon te houden.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

19

6

Strooimethodiek: wanneer en hoe strooit de gemeente?

De gladheid wordt in Nederland bestreden door te strooien met een dooimiddel (wegenzout, NaCl) en/of door neerslag (sneeuw) te verwijderen met sneeuwploegen of borstels. In dit hoofdstuk presenteren wij de strooimethodiek van de gemeente Katwijk. Voor details betreft de uitvoering verwijzen we naar het uitvoeringsplan.

6.1

Signalering: wanneer strooit de gemeente Katwijk?

Binnen de gemeente Katwijk, bepaalt de coördinator gladheidsbestrijding of er wel of niet gestrooid wordt. De coördinator is verantwoordelijk voor de strooiploeg, zowel binnen als buiten de reguliere werktijden. Daarnaast heeft hij/zij de volgende instrumenten tot beschikking om te komen tot een weloverwogen besluit om al dan niet te gaan strooien: • De meest actuele internetinformatie van MeteoGroup voor de gemeente • Telefonische meldingen van MeteoGroup (2 uur van te voren indien mogelijk) van winterse neerslag voor de regio • Indien nodig: direct telefonisch contact tussen de coördinator en meteoroloog van MeteoGroup (24 uur per dag) • Meldingen per sms (of app) van de coördinator gladheidbestrijding Provincie Zuid-Holland • Eigen waarneming coördinator gemeente Katwijk • Eigen waarneming medewerkers gladheidsbestrijding • Collegiale contacten met de omliggende gemeenten • Preventieve meldingen van de politie • Meldingen inwoners gemeente Katwijk De gemeente Katwijk heeft een contract met MeteoGroup. In de periode van 1 november tot en met 15 april is MeteoGroup BV verantwoordelijk voor de volledige signalering van de gladheid inclusief het verzorgen van specifieke weersinformatie. MeteoGroup biedt 24 uur per dag, 7 dagen per week bewaking van de gladheid vanuit de weerkamer.

Hierbij wordt onder andere gebruik gemaakt van het meetpunt op de N206 ter hoogte van de Roversbrug. Dit is een meetpunt van de provincie ZuidHolland. Minimaal 2 uur voordat er gladheid gaat ontstaan, neemt de MeteoGroup contact op met de coördinator gladheidsbestrijding. Verdere details over de contractuele verplichtingen van MeteoGroup B.V. zijn opgenomen in het uitvoeringsplan. De gemeente blijft altijd verantwoordelijk voor de bewaking van gladheid, MeteoGroup B.V. geeft hierbij advies.

6.2

Beslissingsbevoegdheid en verantwoordelijkheid

Tijdens de winterdienstperiode heeft de dienstdoende coördinator gladheidsbestrijding de bevoegdheid en verantwoordelijkheid te beslissen of tot actie wordt overgegaan en op welk moment. De basis voor deze beslissing wordt gevormd door het waarschuwingssysteem via het weerkundig instituut en eigen waarnemingen. De coördinator roept het dienstdoende personeel op per telefoon.

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

20

7

Financiën

De gladheidsbestrijding wordt uitgevoerd binnen de hiervoor bestemde reguliere structurele budgetten van taakveld 2.1, waarvoor jaarlijks € 226.000,- is begroot.

8

Communicatie

Voor zowel betrokkenen binnen de eigen organisatie als weggebruikers is het van belang dat informatie over de gladheidsbestrijding tijdig en efficiënt wordt overgebracht. Dit hoofdstuk geeft details over de informatie verstrekking richting inwoners, het informatie netwerk en afstemming met andere partijen in de regio. Een gedetailleerd communicatieplan is opgenomen in het uitvoeringsplan.

8.1

Informatie aan inwoners

Via de lokale media worden de inwoners elk najaar op de hoogte gebracht van de voor hen belangrijkste punten uit het gladheidsbestrijdingsplan. Speciale aandacht wordt gegeven aan eventuele veranderingen ten opzichte van het voorgaande jaar. Tevens wordt aangegeven waar het complete gladheidsbestrijdingsplan ter inzage ligt. Deze informatie staat ook op het internet (zie uitvoeringsplan voor meer details). De informatie die verstrekt wordt betreft: • De strooiroute en de prioriteitsvolgorde; • Algemene informatie die van belang is voor inwoners; en • De mogelijkheid om vragen te stellen of klachten in te dienen. De middelen die voor de informatieoverdracht worden aangewend, zijn: • Gemeentelijke website • Gemeentelijke krant • Gemeentelijke nieuwsbrief per mail • Facebook • Instagram • Twitter

8.2

Informatienetwerk ten behoeve van de uitvoering

Intern dient het communicatietraject ten behoeve van de gladheidsbestrijding op heldere wijze te zijn vastgelegd in een communicatieprocedure. Deze is opgenomen in het uitvoeringsplan. Iedere betrokkene moet weten wat er in geval van gladheid van hem of haar verwacht wordt. Voor de start van het winterseizoen doorloopt de coördinator gladheidsbestrijding uitvoerig het communicatietraject met alle personen die tijdens het strooiseizoen dienst gaan doen. Omwille van

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

21

de duidelijkheid is de coördinator gladheidsbestrijding een vast aanspreekpunt voor Politie, Brandweer en de ambulancedienst. Hij/zij is functioneel verantwoordelijk voor de organisatie van de uitvoering en het onderhouden van contacten met derden en eigen medewerkers van de gladheidsbestrijding. Een coördinator gladheidsbestrijding beslist het moment en met hoeveel en welk materieel c.a. een strooiactie wordt gestart. Eigen waarnemingen, waarnemingen van medewerkers, maar ook waarnemingen van derden documenteert de coördinator. De opmerkingen worden na de winterperiode geëvalueerd en kunnen eventueel aanleiding zijn de strooiroute of de wijze van strooien aan te passen.

8.3

Afstemming met andere partijen

In het kader van regionale samenwerking vindt voor de start van het winterseizoen afstemming met de regiogemeenten plaats. Voor een aantal routes is uit oogpunt van verkeersveiligheid een goede afstemming met de buurgemeenten noodzakelijk

9

Evaluatie

De kwaliteitscirkel (Plan, Do, Check Act) van William Demming heeft een duidelijke plaats in de CROW leidraad. In de praktijk blijkt dat evaluatie vaak gereduceerd is tot het eenmalig evalueren van de afgelopen winters. Om te leren van ervaringen van de gladheidsbestrijders en de inbreng van inwoners van de gemeente via meldingen en klachten, is een continue verbetering nodig. De gemeente Katwijk verbetert door het doorlopen van de kwaliteitscirkel (zie figuur): het vastleggen van gladheidsbestrijdingsdoelen (beleidsplan) en het maken van plannen (uitvoeringsplan), het uitvoeren en monitoren van de prestatie (meten), het controleren of de prestatie nog aan de doelstelling voldoet (controleren) en bijsturen van beleids- en uitvoeringsplan (handelen/verbeteren). Dit voorkomt het maken van fouten die eerder zijn gemaakt en richt de prestatie op de gladheidsbestrijdingsdoelstelling die is afgesproken. Met deze cyclus kan de gemeente de prestatie en daarmee het invullen van de zorgplicht voor de preventie van wintergladheid borgen en continue en structureel verbeteren. Figuur 1. PDCA – het borgen van kwaliteit

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

22

Beleidsplan - vastleggen van bestrijdingsdoelen Uitvoeringsplan - opzetten van concrete uitvoeringsstrategie

Uitvoeren gladheidsbestrijding volgens gestelde doelen en strategie (beleids- en uitvoeringsplan

Controleren (op basis van evaluatie) of gladheidsbestrijding in de praktijk voldoet aan de doelstellingen

Bijsturen van beleids- en uitvoeringsplan op basis van de controle / evaluatie

Gladheidbeleidsplan - 2023 / 2028

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13356097/1