CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

6. Bijlage 6.4. Procesbeschrijving van Denkrichtingen Concept RES naar Kansrijke gebieden RES 1.0 (1907184)

Raad 24 juni 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: Regionale Energiestrategie Holland Rijnland 1.0767 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Procesbeschrijving Van denkrichtingen Concept RES, via Kansenkaart naar Kansrijke gebieden RES 1.0

Van Denkrichtingen in Concept RES naar Kansenkaart voor participatie In de Concept RES was sprake van twee Denkrichtingen om invulling te geven aan de opgave en ambitie voor het opwekken van grootschalige duurzame energie middels wind en zon. Het betrof de Denkrichtingen 1. Infrastructuur en Landschap en 2. Landschap en Lokaal Eigenaarschap. Op verzoek was ook een Provinciaal Referentiebeeld opgesteld, om te achterhalen hoeveel opwek haalbaar was indien bestaand ruimtelijk beleid gehandhaafd wordt. De gemeenten, het waterschap en de Programmaraad hebben hun wensen en bedenkingen ten aanzien van de Concept RES ingediend. Daarnaast heeft Liander haar inzet geleverd. Op basis van de wensen en bedenkingen en een toets op de bouwstenen waarop de denkrichtingen waren gebaseerd, zijn in de zomer van 2020 deze denkrichtingen verder uitgewerkt. Onderstaande is een beschrijving van de overwegingen die daarbij een rol hebben gespeeld.

Uitgangspunten Uit de wensen en bedenkingen kwam naar voren dat partijen in deze fase de opgave niet willen verlagen. Hiermee kwam het provinciale referentiebeeld te vervallen aangezien deze onvoldoende ruimte bood om de doelstellingen voor 2030 te behalen (laat staan de doelstellingen voor 2050). Daarnaast kwam naar voren dat men graag de participatie voor heel Holland Rijnland met één participatiekaart wilde ingaan. Deze wens is gecombineerd met een voorkeur voor de denkrichting infrastructuur & landschap als uitgangspunt en deze is daarom als uitgangspunt genomen. In deze denkrichting waren de volgende bouwstenen opgenomen:

Nieuwe basis Daarna zijn de volgende (breed gedragen) wensen verwerkt: ontzie Natura 2000 en Natuur Netwerk Nederland gebieden en ontzie de ISG-gronden (bollengronden) in de bollenstreek. Op basis hiervan is na een kritische toets de bouwsteen wind langs vaarwegen verwijderd. Wanneer bij deze laatste bouwsteen de natuurgebieden en kwetsbare recreatiegebieden weg gelaten werden, bleek de bijdrage van de bouwsteen verwaarloosbaar klein. Een andere wens betrof het betrekken van meer A- en N-wegen (Rijks- en provinciale wegen), wanneer harde restricties buiten beschouwing zijn gelaten. Op basis hiervan zijn alle mogelijkheden langs A- en N-wegen

buiten de bebouwde kommen ‘in kaart gebracht’. Hiermee werd het totaal potentieel (en dus de keuzemogelijkheden) verhoogd. Dit komt bovendien tegemoet aan de wens om de opgave evenredig over de regio te verdelen. Deze wijzigingen hebben geresulteerd in de Kansenkaart voor participatie.

Systeem-efficiëntie Daarnaast is gekeken naar de systeem-efficiëntie. Zowel NP-RES als Liander hebben er op gewezen dat de verhouding tussen zon en wind in deze denkrichting (11:1) erg ongunstig is. De oproep om de systeemefficiëntie in de denkrichting te verbeteren werd ondersteund door een aantal gemeenten in hun wensen en bedenkingen. De uiteindelijk te bereiken verhouding zon : wind heeft op dit moment voornamelijk invloed op het ‘kostenplaatje’ van het netwerk en is daarmee een politiek-bestuurlijke keuze. In de kansenkaart is daarom toegewerkt naar een verhouding die meer richting 1:1 gaat.

Extra bouwstenen De bouwsteen ‘molens geclusterd in droogmakerijen’ uit de denkrichting ‘Lokaal eigenaarschap en landschap’ is na de wensen en bedenkingen komen te vervallen Deze bouwsteen kon niet op breed bestuurlijk draagvlak rekenen. Daardoor viel ook de bouwsteen ‘wind op bedrijventerreinen’ af (omdat dit één kaartlaag was). Indien mocht blijken dat deze toch als kansrijk wordt gezien, kan laatstgenoemde bouwsteen nog (gedeeltelijk) toegevoegd worden.

Van Kansenkaart voor participatie naar kansrijke gebieden Na het participatietraject is getracht middels een zogenaamd waarderingsmodel te komen van de zoekgebieden op de kansenkaart tot kansrijke gebieden voor de RES 1.0. Dit ‘waarderingsmodel’ is, conform de afwegingscriteria van het NP RES, opgebouwd uit informatie die ingaat op ruimtelijke kwaliteit van plekken, beschikbare (huidige en toekomstige) capaciteit in het elektriciteitsnet en de opbrengsten van de participatie tot nu toe. De gebieden in de kansenkaart zijn gewaardeerd in dit model en dat leverde voor een groot aantal deelgebieden op de kansenkaart een totaalbeeld op met gebieden die hoger en lager scoren. Een volgende slag die gemaakt is, is dat gekeken is naar haalbaarheid: wat zijn op deze kaart nu gebieden waar wel mogelijkheden zijn voor duurzame opwek en waar gelden zulke restricties (de zogenaamde niet mitigeerbare restricties) dat de kansen in de praktijk niet vallen te realiseren? Het resultaat van deze waarderingsslag en haalbaarheidsslag is voorgelegd aan de bestuurders: in een breed bestuurlijk overleg met alle bestuurders en daarna in drie subregionale sessies. Daarin konden nieuwe gebieden aangegeven worden die uit de participatieslag naar voren waren gekomen en konden ook gebieden uitgesloten worden.

Ook is daarbij in ogenschouw genomen of de uitkomst leidde tot een evenredige en evenwichtige verdeling over de regio. Op deze manier is in verschillende iteratieslagen gekeken naar kansrijkheid, haalbaarheid en maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10238444/1