CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

6. Beantwoording politieke vragen ex art. 41 RvO van de leden Smits en Schrijvers van 20 januari 2021 inzake onderzoeksrapport van KSV over gebruik bodemas bij (tijdelijke) N206 (1846381)

Raad 11 februari 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: A. Voor kennisgeving aan te nemen:1.530 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postbus 589 – 2220 AN Katwijk

Contactpersoon:

De heer M. Otto Aan de leden van de gemeenteraad Afdeling:

Projecten Programma's en Opgaven Te bereiken op:

071 – 406 5394 m.otto@katwijk.nl Ons kenmerk:

Bijlage(n):

1846381

geen

Verzenddatum: 20 januari 2021

Uw kenmerk: Onderwerp: Beantwoording politieke vragen ex art 41 RvO d.d. 21 december 2020 van fractie Smits en Hart voor Katwijk inzake onderzoeksrapport van KSV over gebruik bodemas bij (tijdelijke) N206/Tjalmaweg en reactie op onderzoeksrapport KSV Katwijk, 19 januari 2021 Geachte raadsleden, Met waardering hebben wij kennis genomen van de rapportage ‘Vragen aan de gemeente Katwijk over het gebruik van bodemas voor de aanleg van de tijdelijke N206 en de verbreding van de N206/Tjalmaweg d.d. 19 december 2020’. Deze hebben wij ontvangen op 21 december 2020 van het burgercomité Katwijk Smart Village. Wij waarderen de inzet die KSV doet en zijn ons ervan bewust dat deze voortkomt uit een aanhoudende zorg van de omgeving over de toegepaste Beaumix. Wij begrijpen deze zorg en delen deze. Het college heeft de raad toegezegd met een reactie op dit rapport te komen. Tevens hebben de fracties Smits en Hart voor Katwijk naar aanleiding van dit rapport vragen ex art 41 RvO gesteld. Met deze brief geven wij u de toegezegde reactie op het rapport en beantwoorden wij tevens de door de twee fracties gestelde vragen. Onderzoeksrapport KSV Wij hebben het door KSV aangeboden onderzoeksrapport zorgvuldig bestudeerd, en hebben geconcludeerd dat de toegepaste onderzoeksmethode niet overeenkomt met de voor bouwstoffen voorgeschreven onderzoeksmethode in de Regeling bodemkwaliteit.

De door het laboratorium uitgevoerde analyse is bedoeld voor grond en niet voor bouwstoffen zoals Beaumix. Daarnaast is bepaald hoeveel zware metalen de Beaumix bevat, terwijl bij onderzoek naar bouwstoffen voor zware metalen moet worden vastgesteld in welke mate deze uitlogen. De uitgevoerde analyse is daarom niet geschikt om vast te stellen of het onderzochte materiaal voldoet aan vigerende wet- en regelgeving. Het Besluit bodemkwaliteit betreft een eigenstandig kader voor de toepassing van bouwstoffen dat geen relatie heeft met de genoemde waarden van het RIVM of het Meststoffenbesluit. Laatstgenoemde waarden en normen zijn daarom niet geschikt en ook niet bestemd om bouwstoffen aan te toetsen. Voor bouwstoffen dient getoetst te worden aan het specifiek op bouwstoffen toepasselijk wettelijk kader (het Besluit bodemkwaliteit). Dit betekent dat het door KSV uitgevoerde onderzoek geen maatgevende analyse is, en als zodanig geen bijdrage kan leveren aan het aanvullende onderzoek.

gemeente Katwijk: Koningin Julianalaan 3, 2224 EW Katwijk, Postbus 589, 2220 AN Katwijk, website: www.katwijk.nl, (T) 071 - 406 5000, (F) 071 - 406 5065, IBAN: NL13BNGH0285120271, BIC: BNGHNL2G, KvK: 27.37.09.56 Op alle opdrachten zijn, tenzij anders overeengekomen, de algemene inkoopvoorwaarden leveringen en diensten gemeente Katwijk 2017 van toepassing. Deze zijn te raadplegen op www.katwijk.nl en www.overheid.nl

**

2/4

Ons kenmerk

Hieronder herhalen wij de door fractie Smits en Hart voor Katwijk gestelde vragen met vervolgens de beantwoording. 1. Hoe kan een schoongespoelde bodemas nog metalen, plastic en een grote hoeveelheid batterijen bevatten? Het opwerkingsproces, waarbij de bodemas wordt gereinigd, is niet 100%. Er wordt veel materiaal zoals plastic, metaal en batterijen verwijderd uit de bodemas, maar niet alles. Op grond van BRL 2307 mag de Beaumix maximaal 5% massa gloeiverlies (onverbrand materiaal) bevatten. Dit onverbrande materiaal kan al het brandbare materiaal omvatten dat in de restafvalfractie aanwezig was vóór verbranding, waaronder plastics. Conform BRL 2307 mag de Beaumix verder maximaal 3% massa (onverbrandbare) zware metalen bevatten. 2. Hoeveel zware metalen mogen er achterblijven na het schoonspoelen? Daar is geen normering voor en daarom kan hier niet op getoetst op worden. 3. Wat zijn de grenswaarden voor zware metalen? In het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit is geen normering opgenomen voor de hoeveelheid (vaste) metalen (bv een vork). In bijlage A, tabel 1 van de Regeling bodemkwaliteit zijn de maximale emissiewaarden voor zware metalen opgenomen. Bij de keuring/beoordeling van Beaumix wordt dus niet de concentratie van zware metalen gemeten, maar de uitloging van schadelijke stoffen hieruit in de bodem. 4.

Overschrijden de concentraties van andere stoffen de norm? In de uitgevoerde partijkeuringen zijn voor de gemeten stoffen geen overschrijdingen van de normering voor niet-vormgegeven bouwstoffen aangetoond. Voor stoffen die mogelijk aanwezig zijn die niet opgenomen zijn in bijlage A van de Regeling bodemkwaliteit, is dit niet bekend. 5. Waarom heeft, als blijkt dat de norm is overschreden, dit niet geleid tot maatregelen en eerdere openbaarheid? Er is (nog) niet gebleken dat wet- en regelgeving worden overtreden. Wij hebben op 12 januari besloten om de Omgevingsdienst West-Holland te verzoeken om te onderzoeken of de zorgplicht uit de Wet bodembescherming hier wordt overtreden. Wij vragen de ODWH hun onderzoeksresultaten met ons te delen en vervolgacties met ons af te stemmen. 6. Is het vrijkomen van metalen door uitspoelen door regenwater ook voor de komende 5-10-15-20 jaar voldoende geborgd? Zijn hier onderzoeksresultaten van? De uitloogproeven (kolomproeven) die zijn uitgevoerd als onderdeel van de partijkeuringen zijn er juist op gericht om het (uitloog)gedrag van de bodemas op middellange en lange termijn te voorspellen. Doordat er hierbij geen overschrijdingen zijn aangetoond is dat geborgd voor de stoffen die zijn onderzocht. 7.

Hoe is de bodemas bij de bouwwerken bij de N206 toegepast? Is de bodemas voldoende ingepakt om verstuiven en doorlekken naar het grondwater tegen te gaan? De bodemas is niet ingepakt, hetgeen ook niet voorgeschreven is bij een niet-vormgegeven bouwstof, welke vrij toepasbaar is volgens het Besluit bodemkwaliteit. 8. Is de ITL bekend met het gebruik van bodemas zo dicht bij een Natura 2000 en een drinkwaterwinning gebied? De bodemas mag, zonder meldingsplicht, op deze locatie worden toegepast. Of de ILT bekend is met de nabijheid van kwetsbare gebieden is ons niet bekend, maar doet – gezien de vrije toepassing – niet terzake. 9. Nu blijkt dat er metalen, plastic en batterijen in het bodemas zijn gevonden, betekent dit dat het hier gaat om ruwe bodemas? Nee, het gaat om gezuiverde bodemas. Zie ook het antwoord op vraag 1. 10. Is de gebruikte AEC-bodemas (Beaumix) überhaupt wel opgewerkt?

3/4

Ons kenmerk

Zie antwoorden op vragen 1 en 9. 11. Kunnen we wel spreken over AEC bodemas of is hier sprake van IBC-bouwstoffen? Er is met betrekking tot de bodemas sprake van een niet-vormgegeven bouwstof die vrij toepasbaar is volgens het Besluit bodemkwaliteit. Er is geen sprake van een IBC-Bouwstof. 12. Kan er een vermenging zijn van AEC opgewerkte bodemas met IBC-bouwstoffen? Dit is niet controleerbaar voor de gemeente. Provincie Zuid-Holland geeft aan dat Boskalis bij haar heeft bevestigd dat er geen sprake is van bijmenging. 13. Zijn er voor het milieu en het grondwater beschermende maatregelen genomen, zoals een folie? Nee. Dergelijke maatregelen zijn bij een niet-vormgegeven bouwstof niet benodigd die vrij toepasbaar is volgens het Besluit bodemkwaliteit. 14. Zijn de sloten gedempt met dezelfde bodemas die ook voor de voorbelasting van de weg wordt gebruikt? Het college is hiervan niet op de hoogte. Het toepassen van een niet-vormgegeven bouwstof in het oppervlaktewater is niet meldingsplichtig. 15. Wat is de eventuele schade aan bodem en grondwater die nu al is opgetreden? Bij het toepassen van een niet-vormgegeven bouwstof, die vrij toepasbaar is volgens het Besluit bodemkwaliteit, is het in aanleg niet aannemelijk dat schade ontstaat aan de bodem, inclusief grondwater.

Daarnaast hebben wij op 12 januari besloten om de Omgevingsdienst West-Holland te verzoeken om te onderzoeken of de zorgplicht uit de Wet bodembescherming hier wordt overtreden. 16. De gemeente is verantwoordelijk voor de grond- en waterkwaliteit. Pakt de gemeente deze verantwoordelijkheid nu het waarschijnlijk is dat hier sprake is van norm-overschrijdende bodemas? Wij hebben een verzoek aan de Omgevingsdienst West-Holland gedaan om te onderzoeken of de zorgplicht uit de Wet bodembescherming hier wordt overtreden. Wij vragen de ODWH hun onderzoeksresultaten met ons te delen en vervolgacties met ons af te stemmen. Op 12 januari 2021 hebben wij besloten om dit verzoek aan de Omgevingsdienst West-Holland te doen. 17. Welke organisatie of belanghebbende partij is verantwoordelijk voor het nemen van monsters om de kwaliteit van de gestorte bodemas te beoordelen? Voorafgaand aan de toepassing heeft onderzoek naar de kwaliteit van de bodemas plaatsgevonden. Dit onderzoek is, conform het Besluit bodemkwaliteit, uitgevoerd door een hiervoor erkende onafhankelijk bodemintermediar. 18. Hoe betrouwbaar zijn deze onderzoeken gezien de belangen die hier gelden (zie uitzending Zembla)? Het college heeft geen aanleiding om de betrouwbaarheid van de uitgevoerde partijkeuringen te betwijfelen. De partijen zijn gecertificeerd

4/4

Ons kenmerk

19. Wordt de aannemer verplicht de gestorte bodemas te verwijderen wanneer blijkt dat de grenswaarden voor gevaarlijke stoffen zijn overschreden? Zie antwoord vraag 16 Wij hebben u vorige week op de hoogte gebracht van ons besluit om een verzoek aan de Omgevingsdienst WestHolland te doen om te onderzoeken of de zorgplicht uit de Wet bodembescherming hier wordt overtreden. Wij vragen de ODWH hun onderzoeksresultaten met ons te delen en vervolgacties met ons af te stemmen. Wij houden u op de hoogte van de verder ontwikkelingen met betrekking tot dit onderwerp.

Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Katwijk, de secretaris, de burgemeester,

mr. drs. R.T. Jie Sam Foek

ir. C.L. Visser

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9650752/2