CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Raadsvoorstel Anders Inzamelen - Grondstoffenbeleidsplan 2021-2024 (1786188)

Raad 11 februari 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: Afval anders inzamelen - Grondstoffenbeleidsplan 2021-20243.597 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad

Kenmerk Programma Onderwerp

: 1786188 : Volksgezondheid en milieu : Anders Inzamelen - Grondstoffenbeleidsplan 2021-2024

Katwijk, 17 november 2020.

Aanleiding en doel Het Rijk stuurt aan op een transitie van afval naar grondstof om de economie meer circulair te maken (VANG). Via tussenstappen streeft het Rijk naar een afvalloze samenleving in 2050. Gemeente Katwijk heeft deze ambitie vertaald naar het streven om 80% afvalscheiding te realiseren eind 2023. Deze uitdaging komt voort uit een milieubewustzijn, maar heeft evenzeer een belangrijke financiële component. Het verminderen van de hoeveelheid restafval is noodzakelijk om de stijgende afvalkosten en daarmee afvalstoffenheffing beheersbaar te houden. Dit wordt veroorzaakt door een verbrandingsbelasting en hoge verwerkingskosten van restafval. De prognose is dat deze kosten de komende jaren verder blijven stijgen. Met het huidige afvalinzamelsysteem blijft het afvalscheidingspercentage al jaren steken op circa 50% en blijft de hoeveelheid restafval boven de 200 kg. per inwoner per jaar (het Rijk stuurt aan op max. 100 kg. restafval per inwoner in 2020). Afval op een andere manier gaan inzamelen is nodig om een trendbreuk te realiseren. Vanuit het coalitieakkoord is in 2018 een duidelijke opdracht meegegeven om in te zetten op draagvlak, door bewoners per wijk een rol te geven in hoe de afvalinzameling wordt ingericht. De afgelopen jaren is ingezet op communicatie en is aan bewoners gevraagd hoe de service op het sorteren van afval in grondstoffen vergroot kan worden.

Dit leidde tot een viertal proefprojecten in vijf wijken om nieuwe manieren van afval inzamelen te testen in de zomer van 2019. Deze resultaten zijn uiteindelijk verwerkt in een richtingennotitie die in januari 2020 bestuurlijk is voorgelegd (zie bijlage 1). Deze notitie schetst de kaders die moeten leiden tot meer afvalscheiding en hoe bewoners hierin worden betrokken. Naast service vormde een belangrijk uitgangspunt in de richtingennotitie de invoering van een variabel tariefsysteem op het aanbieden van restafval. Deze financiële prikkel stimuleert om afval beter te sorteren en minder restafval over te houden. Hoe de service op grondstoffen het best ingevuld kan worden, komt tot uiting in keuzemenu’s per wijk. Input voor deze keuzemenu’s is geleverd vanuit de eerdere opgedane ervaringen in de afvalchallenges in de zomer van 2019 en door de wijkraden die als adviseur beginspraak hebben opgetreden. Binnen het spanningsveld tussen milieu, service en kosten is gekomen tot een uitwerking van de keuzemenu’s per wijk.

Samengevat komt dit keuzemenu op het volgende neer, waarbij de huidige manier van inzamelen (die verschilt per wijk) en het bebouwingstype leidend is:  Laagbouw (huidig: rest/gft rolcontainers en ondergronds)  huishoudens krijgen 1 rolcontainer voor waardestromen aan huis erbij (keuze uit PMD of papier)  Laagbouw kan daarnaast kiezen voor nog een extra rolcontainer voor de waardestromen (PMD of papier, afhankelijk van eerder gemaakte keuze voorgaande bullit).  Laagbouw (huidig: GFT ondergronds)  huishoudens krijgen de keuzeoptie voor een rolcontainer voor GFT aan huis.  Hoogbouw – geen keuze, huishoudens blijven gebruik maken van containers in de openbare ruimte. Wel worden alle inpandige containers naar buiten verplaatst. Ook worden zakken ter beschikking worden gesteld voor het verzamelen van PMD. Vanwege het aflopen van het huidige grondstoffenbeleidsplan en de impact van een nieuw inzamelsysteem, is het nieuwe afvalinzamelsysteem opgenomen in bijgevoegd grondstoffenbeleidsplan voor de periode 2021 tot en met 2024 (zie bijlage 2).

2

Om tot meer afvalscheiding te komen moeten we afval anders gaan inzamelen, zodat we minder restafval over houden en meer grondstoffen inzamelen die geschikt zijn voor hoogwaardig hergebruik. Dit is nodig voor het milieu, maar ook om de kosten beheersbaar te houden. Dit is in ieders belang. Onderliggend grondstoffenbeleidsplan beschrijft hoe we dit kunnen realiseren, waarin uiteindelijk de bewoners zelf de definitieve keuze kunnen maken per wijk. Met dit voorstel wordt het college van B&W gevraagd in te stemmen met dit beleidsplan en het ter vaststelling aan te bieden aan de gemeenteraad. Beoogd resultaat: Realiseren van minder restafval en meer afvalscheiding om daarmee de stijging van de afvalkosten beheersbaar te houden en een positieve bijdrage te leveren aan milieu en duurzaamheid (streven naar circulariteit van de grondstofstromen). Indicatoren (facultatief) Streven naar 80% afvalscheiding eind 2023. Motivering voorstel 1.0 Anders afval inzamelen is nodig om de milieudoelstelling te behalen en de kosten beheersbaar te houden. Met de huidige inzamelmethodiek realiseren we niet de beoogde verandering. Een wezenlijke wijziging is nodig om stappen te zetten. Volledige keuzevrijheid kan ertoe leiden dat het huidige inzamelsysteem niet verandert en de benodigde resultaten uitblijven.

Via de keuzemenu’s per wijk blijven de huidige afvalinzamelvoorzieningen behouden, maar wordt wel een stap gezet om grondstoffen aan huis op te halen. Er is vervolgens voor bewoners ruimte om te kiezen wat aan huis wordt opgehaald en wat niet en welke maat container wenselijk is. Samengevat komt de aanpak op het volgende neer:  Invoering van een variabel tariefsysteem op het aanbieden van restafval (diftar) voor alle huishoudens (zowel laag- als hoogbouw)  Voorkeur voor het inzamelen van grondstoffen aan huis, maar mogelijkheid om huidige afvalinzamelvoorzieningen te blijven behouden: o Laagbouw met rolcontainers aan huis voor restafval en gft:  een extra rolcontainer aan huis voor pmd of papier.  Keuze op wijkniveau of de container gebruikt wordt voor pmd of papier  Keuze uit twee volumematen voor alle drie de rolcontainers (140 l of 240 l)  Wekelijks ophalen van gft in de zomer o Laagbouw die gebruik maken van ondergrondse containers:  tenminste één rolcontainer aan huis voor pmd of papier  keuze op wijkniveau of de container gebruikt wordt voor pmd of papier  keuze voor een rolcontainer voor gft aan huis of gebruik blijven maken van huidige brengvoorziening (bij container aan huis wordt deze in de zomer wekelijks geleegd)  keuze uit twee volumematen voor container aan huis: 140 l of 240 l.

o hoogbouw:  huidige voorzieningen blijven behouden, maar alle inpandige containers worden vervangen door verzamelcontainers nabij het complex.  Huidige milieuparken blijven in gebruik, indien mogelijk/noodzakelijk voorzieningen dichterbij gecreëerd. o Aanvullend: keukenemmers en composteerbare zakjes om het sorteren van keukenafval te vergemakkelijken.  Focus op het inzamelen van schone grondstoffen, zonder vervuiling met ander afval. Dit speelt een sleutelrol in het beheersbaar houden van de kosten (teveel vervuiling is alsnog verbranden als restafval)  Maatwerk waar nodig.

3

2.0 Diftar effectief in het verminderen van de hoeveelheid restafval. De invoering van diftar wordt als noodzakelijk gezien om tot meer afvalscheiding te komen. Alle gemeenten die de rijksdoelstelling al hebben behaald passen een vorm van tariefstelling toe. In een notitie is uitgezocht welk systeem het beste werkt (zie bijlage 3 en 4). Gekozen is voor de meest reguliere vorm: een vast tarief waarmee de basiskosten worden gedekt + variabel tarief voor iedere aanbieding restafval. Het betreft een nieuwe vorm van afvalstoffenheffing. Het is dus niet zo dat het variabele tarief extra is bovenop de huidige afvalstoffenheffing. De uiteindelijke hoogte van de afvalstoffenheffing heeft ieder huishouden zelf in de hand. Dat is het grootste verschil met de huidige inrichting van de afvalstoffenheffing. Een huishouden dat goed sorteert wordt beloond met een minder hoge heffing dan een huishouden dat minder goed sorteert. Deze vorm van tariefstelling is het meest transparant en door de invloed die bewoners zelf kunnen uitoefenen, het meest effectief. Het invoeren van diftar vormt het sluitstuk van Anders Inzamelen. Eerst wordt de aanpassingen in het afvalinzamelsysteem doorgevoerd. Dit biedt ruimte voor een proefperiode, waarin het systeem getest kan worden en indien nodig kan worden aangepast, waarna per 1-1-2023 diftar ingevoerd kan worden.

3.0 Door bewoners eindspraak te geven via keuzemenu’s, wordt invulling gegeven aan opdracht coalitieakkoord om bewoners het afvalinzamelsysteem mede te laten bepalen. Het coalitieakkoord stuurt aan op meer afvalscheiding enerzijds, maar geeft daarin ook expliciet een rol aan de inwoners in het kiezen welk systeem het uiteindelijk moet worden per wijk. In de totstandkoming van de keuzemenu’s zijn de resultaten van de pilots (afvalchallenges) uit 2019 gebruikt en is daarnaast advies ingewonnen bij de wijkraden. Zij vervulden niet zozeer de rol van vertegenwoordiger, maar de rol van adviseur (beginspraak). Een toelichting op het verloop van de participatie is als bijlage bij dit voorstel gevoegd (zie bijlage 5 en 6). Door bestuurlijk de keuzemenu’s vast te stellen, maar de uiteindelijke definitieve keuze bij de inwoners te laten, wordt invulling gegeven aan deze opdracht. Bewoners krijgen de keuzemenu’s via een enquête voorgelegd (zie kopje ‘uitvoering’ voor een verdere toelichting). Hierbij geldt dat minimaal 25 % van het aantal huishoudens de enquête geldig ingevuld moet hebben en dat de meeste stemmen (51 %) gelden. Indien de opkomst lager ligt dan 25 %, wordt de keuze gemaakt voor de afvalstroom pmd voor de extra rolcontainer bij laagbouwwoningen met een tuin. 4.0 Na vaststellen inzamelsysteem kan een implementatieplan worden uitgewerkt.

In het grondstoffenbeleidsplan is het nog niet mogelijk om het definitieve inzamelsysteem en investeringen weer te geven. Reden is dat dit pas kan, nadat de wijken een keuze hebben gemaakt uit de verschillende opties die er zijn. Aangezien de benodigde (financiële) kaders en bandbreedtes met dit beleidsplan wel worden vastgesteld, kan na het afronden van het participatietraject worden gestart met het opstellen van het implementatieplan. In dit plan wordt de definitieve keuze per wijk verder uitgewerkt en is er daarnaast oog voor maatwerk voor o.a. huishoudens zonder tuin, ouderen en minder validen. Ook wordt de implementatie van volmeldsystemen meegenomen en wordt de capaciteit van de milieuparken verbeterd waar nodig of aangepast om verstoppingen te voorkomen (bijvoorbeeld door bovengrondse papiercontainers). Hiermee wordt invulling gegeven aan de ingediende moties 663, 769 en 779. Daarnaast blijven ontwikkelingen en innovaties gevolgd worden, zoals de opstart van de luierrecycling. Tenslotte is er uitgebreide aandacht voor communicatie en handhaving. Kanttekeningen 1.0 Balans tussen service en milieudoelstelling. Door het gesprek met bewoners aan te gaan en pilots te doen, is inzicht ontstaan in de wensen van bewoners. Ook is inzicht verkregen in wat wel en niet lijkt te werken, zowel op basis van de resultaten van de pilots als ervaringen van andere gemeenten.

Draagvlak is een groot goed, maar uiteindelijk is het in het gezamenlijk belang om een systeem te kiezen dat ook daadwerkelijk een daling in de hoeveelheid restafval realiseert en daarmee de kostenstijging beheersbaar houdt. Wanneer het systeem blijft zoals het was, zal het resultaat ook blijven zoals het was. Het plan zoals dat nu voorligt geeft kaders, maar ook keuzes en blijft de basis van het huidige afvalinzamelsysteem wel behouden. Daar staat tegenover dat bij alle laagbouw tenminste één 4

afvalstroom aan huis wordt ingezameld. Aan huis inzameling boekt de beste resultaten op hoeveelheid en kwaliteit. Dat zien we in den lande maar ook in onze eigen pilots. 1.1 Inzet op bronscheiding blijft nodig om doelstelling te behalen. Bronscheiding blijft nodig om de beoogde doelstelling te realiseren. De zwaarste grondstoffen zoals gft en papier moeten gescheiden worden ingezameld om geschikt te blijven voor hoogwaardige recycling. Nascheiding is alleen mogelijk voor de stroom plastic en metalen verpakkingen en drinkpakken (pmd). Dit is in combinatie met diftar een onlogische keuze. Door pmd bij het restafval te laten, blijft dit de grootste afvalbak in huis, terwijl de inzet juist is om geld te besparen door zo min mogelijk restafval aan te bieden. Qua volume bepaalt het pmd bijna 60% van de huidige inhoud van de restafvalbak en zal daardoor dus vaak aangeboden blijven. Daarnaast maakt het sorteren van het volumineuze pmd zichtbaar wat het effect van afvalscheiding is en beïnvloedt het op een positieve manier het sorteren van de andere grondstoffen waar bronscheiding noodzakelijk voor is. Nascheiding past niet goed in de huidige inzamelstrategie en noodzaak tot het zoveel mogelijk terugdringen van de hoeveelheid restafval.

Daarnaast brengt het een kostenrisico met zich mee, omdat de uiteindelijke kosten afhankelijk zijn van het nascheidingsresultaat van de verwerker (hoeveel pmd wordt er uit gehaald). Wellicht dat in de toekomst ontwikkelingen zodanig zijn dat dit standpunt wijzigt, vooralsnog zetten we in dit beleidsplan in op bronscheiding. 3.0 Bewoners bepalen definitief inzamelsysteem via keuzemenu, dit leidt tot bandbreedtes in benodigde investeringen. Door keuzemenu’s voor te leggen en de definitieve keuze bij de inwoners te laten, is op voorhand de investering niet vast te stellen. Wel is het mogelijk om kaders te stellen en de bandbreedte aan te geven van de benodigde investeringen. Op die manier kan dit beleidsplan worden vastgesteld, maar is er voor de inwoners ook helderheid van wat de mogelijkheden zijn zonder dat hier na afloop op terug hoeft worden gekomen. 3.1 Behalen afvalscheidingsdoelstelling afhankelijk van gedrag en kan verschillen per wijk. Het voorleggen van een keuzemenu kent nog weinig vergelijkbare voorbeelden in den lande, waardoor er geen vergelijkingscijfers bekend zijn. Wel zijn cijfers bekend van inzamelsystemen die in den lande goed werken. In gemeente Katwijk is het een expliciete opdracht om deze keuzemogelijkheid in te passen, al is dit wel in combinatie met het verhogen van het afvalscheidingspercentage.

Het uiteindelijke resultaat zal afhangen van het gekozen systeem per wijk en gedrag. Zo is er bijvoorbeeld een risico op vervuiling van grondstoffen die in ondergrondse containers worden ingezameld. Te vervuilde grondstoffen worden afgevoerd als restafval inclusief bijbehorende kosten. Met communicatie en handhaving wordt getracht deze risico’s te beperken. Door per wijk te monitoren ontstaat inzicht in de resultaten die uiteindelijk worden meegenomen in de evaluatie. 4.0 Langere doorlooptijd Het invoeren van een nieuw inzamelsysteem vraagt de nodige tijd en zorgvuldigheid. Fasering en aanbesteding zijn bijvoorbeeld nodig. Dit neemt niet weg dat direct al kan worden gestart met zichtbare aanpassingen. De insteek is om eerst in te zetten op het aanpassen van het inzamelsysteem en het verhogen van de service op grondstoffen, zodat bewoners de mogelijkheid hebben hun afval beter te sorteren en dat de benodigde capaciteit hiervoor op orde is. Zo kan de invoering van het wekelijks inzamelen van groenafval in plaats van tweewekelijks komende zomer al worden ingevoerd. Na de aanpassing van het inzamelsysteem volgt een periode van proefdraaien, zodat goed zicht ontstaat op resultaten en hoeveelheid restafval. Dit maakt het optuigen van het diftar systeem zekerder en minder risicovol.

Omdat invoering van een tariefsysteem halverwege het kalenderjaar niet wenselijk is, zal dit ingaan per 1-1-2023. Hoewel bewoners in de komende twee jaar goed aan de slag kunnen met het sorteren van afval, wordt het grootste effect op het afvalscheidingsresultaat pas verwacht wanneer ook diftar is ingevoerd.

5

Voorstel voor raadsbehandeling (facultatief) Niet van toepassing

Middelen De kosten van afvalinzameling worden verwerkt in de afvalstoffenheffing binnen een, uit financieel oogpunt, gesloten systeem. Het is op dit moment lastig om een uitspraak te doen over de exacte kosten omdat nog een aantal keuzes (bijvoorbeeld door de inwoners) moeten worden gemaakt. In de bijgevoegde financiële aanvulling is een kostenraming weergegeven, bedoeld als extra onderbouwing van hoofdstuk 7 uit het beleidsplan (zie bijlage 7) Hieronder volgt een samenvatting van de benodigde investeringen: Per jaar/per aansluiting € 11,46 € 3,76 € 15,22

Investeringen Investering Inzamelmiddelen Aanpassingen Materieel Totaal Investeringen

€ € €

3.607.280,00 987.425,00 4.594.705,00

Operationele kosten Rente / Afschrijving op Invest. Inzamelkosten Extra Handhaving Zomer GFT Totaal Operationeel

€ € € € €

323.960,33 63.481,60 65.000,00 67.500,00 519.941,93

€ € € € €

12,35 2,42 2,48 2,57 19,81

Verwerkingskosten afval

€

-361.424,73

€

-13,77

€

53.800,00

€

2,05

€ €

26.900,00 80.700,00

€ €

1,03 3,08

Optioneel (Operationele kosten) GFT (huidig ondergronds / keuze rolcontainer) GFT (Zomer Inzameling (huidig ondergronds / keuze rolcontainer) Totaal optioneel

Opmerkingen:  Voor de berekening van de kosten zijn we uitgegaan van een gemiddelde investering van de voorliggende keuzes. De uitkomst daarvan is nagenoeg gelijk aan scenario 2 (alle laagbouw 2 of 3 rolcontainers aan huis). Dat is de verwachte maximale keuze.  De investeringen zijn inclusief de reeds in de begroting opgenomen van 840.000 euro ten behoeve van de geplande vervanging van de huidige rolcontainers.  De stelpost voor het behalen van de VANG doelstellingen van 350.000 euro wordt, lopende de implementatieperiode, gebruikt voor projectkosten. Deze stelpost komt na de invoering van Diftar vrij te vallen voor het dekken van operationele kosten voorvloeiend uit het invoeren van Diftar.  Handhavingskosten zijn een vermeerdering op de huidige inzet.  De getoonde bedragen in de laatste kolom (kosten per jaar per aansluiting) zijn bedoeld ter visualisatie.

6

Een indicatie van het vaste deel van de afvalstoffenheffing per huishouden is: meerpersoons eenpersoons Huidige heffing (2020) 316,20 217,44 Operationele kosten + 19,81 +19,81 Optionele kosten + 3,08 + 3,08 Effect beter sorteren -13,77 -13,77 Verhuizing verbrandingskosten naar variabel deel -36,86 -36,86 Indicatie vaste deel afvalstoffenheffing € 288,46 € 189,70 N.B. bovenstaand is bedoeld ter indicatie en om het effect zichtbaar te maken t.o.v. de huidige afvalstoffenheffing. Het betreft hier het vaste deel. Bovenop dit vaste deel komt het variabele tarief, bepaald door het aantal aanbiedingen restafval per huishouden. De genoemde kosten en tarieven zijn onder voorbehoud van de verdere uitwerking, uitkomst keuzemenu’s en verdeling van de kosten over het vaste en variabele deel. Wanneer het huidige inzamelsysteem behouden blijft, zullen ook investeringen nodig zijn (vervanging containers) en zullen de afvalbeheerkosten hoog oplopen. Wanneer de hoeveelheid restafval hetzelfde blijft, zullen de kosten voor alleen al de verwerking van restafval toenemen met naar schatting € 800.000,- per jaar. Dit is gemiddeld € 30,- per huishouden die bovenop de huidige afvalstoffenheffing komt.

Dit is nog exclusief wijzigingen in andere verwerkingstarieven en de verbrandingsbelasting die naar verwachting de komende jaren verder zal stijgen en daarmee ook de € 30,- per huishouden hoger zal laten uitvallen. Uiteindelijk zal een verdere kosteninschatting gemaakt moeten worden op basis van de gekozen keuzemenu’s per wijk om de uiteindelijke tarieven te bepalen. De differentiatie van de hoogte van dit variabele deel naar de kosten per aanbieding van een rolcontainer of zak in de ondergrondse container is in deze fase nog niet te maken. In paragraaf 1.4 van bijlage 7 is deze indicatie verder toegelicht. Als voorbeeld is hieronder een overzicht gegeven van een goed presterende gemeente (dezelfde stedelijkheidsklasse als gemeente Katwijk) en hun verdeling van het variabele tarief (aanbiedingen restafval): Tarieven 2020 Ede Vast tarief € 177,00 Per aanbieding restafval (container 240 l) € 7,20 Per aanbieding restafval (container 140 l) € 4,20 Per aanbieding restafval (ondergronds, 60 l zak) € 1,80 Per aanbieding restafval (ondergronds, 30 l zak) € 0,90 Gemiddeld betaald variabel tarief per huishouden (programmabegroting 2020) Gemiddelde afvalstoffenheffing per huishouden totaal

€ 47,80 € 224,80

Gemiddeld aantal aanbiedingen 240 l container per jaar 6-7 keer Gemiddeld aantal aanbiedingen 140 l container per jaar 11-12 keer Gemiddeld aantal aanbiedingen 60 l. zak per jaar 26-27 keer Gemiddeld aantal aanbiedingen 30 l. zak per jaar 53-54 keer N.B. Dit is een gemiddelde berekend op basis van gemiddeld variabel tarief. Huishoudgrootte en bebouwingstype is hier niet in meegenomen. Uitvoering Na vaststelling van het grondstoffenbeleidsplan, worden de keuzemenu’s voorgelegd aan de vijf wijken en per bebouwingstype/huidige inzamelsysteem (Q1 2021). In een enquête wordt gevraagd een keuze aan te geven. Deze enquête wordt nog uitgewerkt, maar zal in ieder geval een uitleg bevatten over wat een bepaalde keuze bijdraagt aan milieu en financiën (wat doet een keuze met de gevolgen voor de afvalstoffenheffing, onderbouwd met getallen). Op hoofdlijnen wordt het volgende voorgelegd:  Keuze per inzamelsysteem (welke afvalstroom aan huis, blijven wegbrengen) op wijkniveau (meeste stemmen gelden, >50%) 7

Keuze voor volume container aan huis per huishouden. Inschatting via de enquête gemaakt, definitieve keuze rond uitgifte containers tijdens implementatiefase.

In Q1 2021 zal een implementatieplan worden voorbereid met o.a. een communicatieplan, definitieve financiële paragraaf en planning. Ook maatwerk wordt verder uitgewerkt. In periode 2021-2022 wordt gestart met gefaseerde invoering. Resultaten en inschatting nieuw systeem worden meegenomen in de nog vast te stellen diftartarieven, die per 2023 worden ingevoerd. In Q1 van 2024 zullen de resultaten worden verzameld en geëvalueerd. Communicatie Communicatie vormt een belangrijk onderdeel. Zowel in de enquête (uitleg over hoe en waarom), maar met name ook tijdens de implementatiefase. Een communicatieplan en planning maakt daarom onderdeel uit van het implementatieplan. Hierin is ook oog voor educatie (in aanvulling op het reguliere educatiepakket dat beschikbaar is voor basis en voortgezet onderwijs). Handhaving Om ervoor te zorgen dat er zo min mogelijk ongewenste effecten optreden, zal structureel extra handhavingscapaciteit worden ingezet. Bijlage(n) Informatieve bijlagen: 1. Richtingennotitie Anders Inzamelen 2. Grondstoffenbeleidsplan 2021-2024 ‘Anders Inzamelen – om samen te komen tot meer afvalscheiding’ 3. Notitie keuzemogelijkheden Diftar 4. Samenvatting keuzenotitie Diftar 5. Overzicht opzet participatie ‘adviseur beginspraak’ 6. Praatplaten (onderdeel participatietraject adviseur beginspraak) 7. Financiële aanvulling

Burgemeester en wethouders van Katwijk, De secretaris De burgemeester

8

Raadsbesluit Kenmerk Programma Onderwerp

: 1786188 : Volksgezondheid en milieu : Anders Inzamelen - Grondstoffenbeleidsplan 2021-2024

De raad van de gemeente Katwijk; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Katwijk van 17 november 2020.; gelet op gelet op artikel 108 en artikel 147, lid 2 van de Gemeentewet en artikel 10.14, 10.21 en 10.26 van de Wet milieubeheer;

BESLUIT: 1. 2.

3.

Vaststellen van het grondstoffenbeleidsplan 2021-2024 ‘Anders Inzamelen – om samen te komen tot meer afvalscheiding’. Instemmen met het invoeren van een variabel tariefsysteem (diftar) voor het aanbieden van restafval met ingang van 1-1-2023. De uitwerking en tariefstelling zal afzonderlijk worden uitgewerkt en worden voorgelegd ter vaststelling in de belastingverordening. Instemmen met het participatieniveau ‘adviseur eindspraak’ voor het vaststellen van de uiteindelijke afvalinzamelmethodiek per wijk en per bebouwingstype. Dit houdt in dat:  de keuzemenu’s voor de afvalinzameling per wijk vooraf bestuurlijk worden vastgesteld inclusief de financiële bandbreedte.  de voorkeur die door bewoners per wijk wordt uitgesproken over de voorgelegde keuzemenu’s, rechtstreeks wordt doorvertaald naar het implementatieplan zonder tussenliggend bestuurlijk besluit.

Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Katwijk in zijn openbare vergadering van 21 januari 2021 De griffier

De voorzitter

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9705798/1