CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

4. Concept Jaarstukken 2020 Gemeenschappelijke Regeling ODWH ontvangen op 15 april 2021 (1916234)

Raad 27 mei 2021, gemeente KatwijkBij agendapunt: Ter agendering in handen van het presidium te stellen20.177 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In 2020 is het ziekteverzuim binnen de dienst gedaald naar 5,5% ten opzichte van 5,8% in 2019, maar dit percentage was nog steeds hoger dan begroot. Het percentage langdurige ziekte bedroeg 4,1% en dit noodzaakte tot extra inhuur. Deze oorzaken hebben geleid tot een overschrijding op de kosten van inhuur van € 550.314. Echter doordat we vacatures niet hebben kunnen invullen is er sprake van onderschrijding van het budget Salarissen van € 905.497.

4.5.4 Planning & Control De financiële positie van de dienst was door de geplande verhuizing een aandachtspunt en de gevolgen van corona die zich plotseling aandienden maakten de situatie nog spannender. Processen

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

34 / 72

2020 is door Planning & Control benoemd tot jaar van de processen: er is kritisch gekeken naar de eigen processen, maar ook naar de processen die leiden tot de grootste financiële mutaties. Deze processen zijn waar nodig aangepast en aangescherpt en blijven een constant punt van aandacht. Rechtmatigheid 2021 wordt het jaar van de rechtmatigheidsverklaring. Tot en met 20202 was de accountant verantwoordelijk voor deze verklaring, voortaan is dit een verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur. De verwachting is dat de wetgeving dit jaar nog definitief wordt vastgesteld. Om hierop voorbereid te zijn is met behulp van een externe partij een quick-scan uitgevoerd, waaraan in de loop van 2021 een vervolg wordt gegeven. Inkoop- en aanbesteding De accountantsverklaring 2019 sprak van onrechtmatigheden op het gebied van inkoop- en aanbesteding, die voornamelijk te herleiden waren naar contractmanagement. Dit was aanleiding om een ervaren inkoopadviseur aan te trekken voor goed inkoop- en aanbestedingsbeleid en uitvoering daarvan. De aanbestedingskalender is op orde gemaakt, de aanbesteding telefonie heeft succesvol plaatsgevonden en de voorbereiding voor de aanbesteding ICT-dienstverlening is gestart en deze zal in 2021 worden afgerond. Het fundament is weer gelegd om in de toekomst onrechtmatigheden te voorkomen.

De Omgevingsdienst heeft duurzaamheid hoog in het vaandel, niet alleen in de dagelijkse praktijk, maar ook in het inkopen van diensten en advies. Het afgelopen jaar zijn er op dit gebied verschillende stappen gezet. Schoonmaak Zo is het schoonmaakcontract opnieuw aanbesteed en gegund aan de Maregroep, een bedrijf dat als doelstelling heeft om mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt weer te laten participeren in het arbeidsproces. Wagenpark De dienst heeft een start gemaakt met de voorbereiding van het aanbesteden van het wagenpark. Gekozen is om de contracten van sommige voertuigen te verlengen met vermindering van kilometers, ondanks dat deze afliepen, in plaats van meteen nieuwe voertuigen aan te schaffen. Voor 2021 staat de volledige aanbesteding van het wagenpark op de Aanbestedingskalender. Voor de personenwagens geldt dat deze nu nog hoofdzakelijk hybride zijn, maar dat een elektrisch wagenpark per 2022 een wens van de dienst is. Huisvestiging De dienst is in 2020 verhuisd naar het nieuwe kantoorpand aan de Vondellaan. Dit pand sluit beter aan bij de wensen van de dienst, ook op het gebied van duurzaamheid. Bij de verbouwing van dit nieuwe pand is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de reeds aanwezige materialen. Hergebruik heeft plaats gevonden op diversen onderdelen en nieuw toe te voegen onderdelen zijn gemaakt van duurzame materialen.

Papier Eén van de projecten die de dienst uitvoert is het project “Bijenlandschap”. Dit project heeft als doelstelling om de bijenpopulatie te behouden en uit te breiden. Een van de onderdelen is het creëren van plekken waar de bijen kunnen leven. Materialen die vrij komen bij het beheren van deze plekken worden gebruikt voor het maken van papier, dat de dienst gaat gebruiken voor bijzonder drukwerk.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

35 / 72

ICT De dienst heeft in 2020 geïnvesteerd in het overbodig maken van de servers. Het grootste deel van de data staat nu in de cloud. Dit heeft voordelen voor de dienst qua beschikbaarheid van de data, maar het optimaliseert ook het thuis kunnen werken. Reisbewegingen kunnen danig worden beperkt wat ten goede komt aan het milieu. Ook na corona zal er thuis gewerkt blijven worden.

4.6. STAAT VAN INVESTERINGEN Tabel 4.7 – Staat van investeringen (in euro’s)

Verbouwing Schipholweg Verbouwing Vondellaan Inventaris, inrichting & apparatuur Totaal

Boekwaarde Bij: Af: Af: Boekwaarde begin investeringen desinvestering Afschrijvingen einde boekjaar boekjaar boekjaar 2020 boekjaar 2020 boekjaar 2020 2020 2020 421.009 0 220.617 200.392 0 0 344.899 0 785 344.114 306.139 60.678 3.487 117.617 245.713 727.148

405.577

224.104

318.794

589.827

In 2020 is er gekozen om versneld te verhuizen naar een nieuw pand aan de Vondellaan om zodoende een eerdere taakstelling te realiseren inzake de huurlasten. Op basis van het voorzichtigheidsbeginsel heeft de dienst ervoor gekozen om de investeringen betreffende de Schipholweg versneld af te schrijven, omdat er geen gebruik meer wordt gemaakt van de Schipholweg.

4.7. VERBONDEN PARTIJEN Deze paragraaf is niet van toepassing op de dienst.

4.8. GRONDBELEID Deze paragraaf is niet van toepassing op de dienst.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

36 / 72

5. Jaarrekening 2020 5.1. BALANS PER 31 DECEMBER 2020 Hierna wordt via de balans met toelichting de financiële verantwoording afgelegd over het gerealiseerde beleid in 2020. Tabel 5.1 – Balans per 31 december 2020

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

37 / 72

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) provincies en gemeenten (BBV), de financiële verordening en de nota Planning & Control 2020-2023. De toegepaste waarderingsgrondslagen voor de activa en passiva zijn ten opzichte van het voorgaande jaar ongewijzigd gebleven. Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingsprijs, onder aftrek van de op de economische levensduur gebaseerde afschrijvingen, zoals bedoeld in artikel 64 van het BBV. De materiële vaste activa worden afgeschreven binnen een termijn en op een wijze, die is vastgesteld door het bestuur in de begroting 2015. Hierin volgt de dienst zowel het beleid van het BBV als de eigen financiële verordening. Vlottende activa De vorderingen, overlopende activa en liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de noodzakelijk geachte voorzieningen, zoals bedoeld in artikel 63 van het BBV.

Vlottende passiva De vlottende schulden en overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, zoals bedoeld in artikel 48 en 49 van het BBV Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening van baten en lasten. Voorzieningen De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

38 / 72

5.2. TOELICHTING OP DE BALANS Materiële vaste activa Tabel 5.2 – Materiële vaste activa (in euro’s)

Verbouwing Verbouwing Inventaris, Schipholweg Vondellaan inrichting & apparatuur

Aanschafwaarde begin 2020 Bij: investeringen boekjaar 2020 Af: desinvestering boekjaar 2020 Aanschafwaarde einde boekjaar

-1.666.690 0

Afschrijvingen t/m 2019 Afschrijvingen boekjaar 2020 Desinvestering afschrijvingen voorgaande jaren Afschrijvingen t/m einde boekjaar Boekwaarde einde boekjaar 2020 Afschrijvingstermijnen

1.666.690

0 344.899

Totaal

344.899

1.460.685 60.678 -361.937 1.159.426

3.127.375 405.577 -2.028.627 1.504.325

1.245.681 421.009 -1.666.690 0

0 785 0 785

1.154.546 121.104 -361.937 913.713

2.400.227 542.898 -2.028.627 914.497

0 8-15 jaar

344.114 10-15 jaar

245.713 3 - 10 jaar

589.827

De materiële vaste activa verbouwing aan de Schipholweg is vanuit het voorzichtigheidsbeginsel versneld afgeschreven (zie eerdere opmerkingen). Vlottende activa Tabel 5.3 – Vorderingen op openbare lichamen Vorderingen op openbare lichamen (in euro’s) Afrekening deelnemers Aanvullende projecten Provincie Aanvullende projecten Holland Rijnland Aanvullende projecten divers Frictielasten P1720 Debiteuren opbenbare lichamen Energieakkoord Holland Rijnland Bijenlandschap subsidie Provincie Subsie IOV Gevelsanering Leiden Parallelboulevard Noorwijk Leiden RRE communicatiebudget Voorgeschoten bedragen Omgevingsdienst Nederland Eindsaldo boekjaar:

31-12-2020 264.702 361.215 49.320 25.963 95.885 114.496 0 0 84.774 5.673 13.523 9.179 57.312 1.082.042

31-12-2019 1.788.378 0 0 2.500 95.885 14.411 71.564 19.315 106.588 110.924 10.715 0 0 2.220.280

Frictielasten taakstelling 2017-2020 Als gevolg van de verslaggevingsregels zijn de te verwachte reorganisatielasten als gevolg van de taakstelling 2017-2020 als voorziening in 2017 geboekt. De vergoeding van deze lasten is gegarandeerd door de deelnemers op basis van een AB besluit. Dit jaar is het laatste jaar waarin de reorganisatielasten ten laste van de deelnemers zijn gebracht.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

39 / 72

Debiteuren Er zijn in 2020 geen vorderingen wegens oninbaarheid op debiteuren afgeboekt. Overige vorderingen Tabel 5.4 – Overige vorderingen Overige vorderingen (in euro’s) Voorschotten lonen Overige vorderingen Tussenrekening VISA Eindsaldo boekjaar:

31-12-2020 0 29.812 2.800 32.612

31-12-2019 13.353 17.802 2.800 33.955

31-12-2020 9.987.620 9.987.620

31-12-2019 5.972.253 5.972.253

Schatkistbankieren Tabel 5.5 – schatkistbankieren Schatkistbankieren (in euro’s) Schatkistbankieren Schatkistbankieren

*Dit is kortlopend gepresenteerd, aangezien het saldo altijd direct opeisbaar is. Tabel 5.6 – Drempelbedrag schatkistbankieren Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar 2020 (1)

Drempelbedrag

250 Kwartaal 1

(3a) = (1) > (2)

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag

(3b) = (2) > (1)

Overschrijding van het drempelbedrag

(2)

Kwartaal 2 209

Kwartaal 3

233

41

Kwartaal 4

227

17

-

204

23

-

46

-

-

(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

23.053 23.053 -

(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag minimum van €250.000

250

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

18.976

21.161

20.872

18.757

91

91

92

92

209

233

227

204

40 / 72

Liquide middelen Op de rekening-courant van de BNG Bank is een kredietfaciliteit verstrekt van € 226.890. De dienst heeft een bankgarantie afgegeven van € 176.089 voor de huur van het pand aan de Schipholweg in Leiden. Daarnaast is er in 2020 een bankgarantie afgegeven van € 129.055 voor de huur van het pand aan de Vondellaan 55 in Leiden. Tabel 5.7 – Liquide middelen Liquide middelen (in euro’s) Kasgelden BNG rekening 28.50.93.444 BNG rekening bankgarantie Vondellaan VISA Eindsaldo boekjaar:

31-12-2020 247 213.603 129.056 573 343.478

31-12-2019 254 148.811 0 2.416 151.481

Overlopende activa De overlopende activa betreft uitgaven die betrekking hebben op 2021, maar waarvan de facturen eind 2020 zijn ontvangen. Tabel 5.8 – Overlopende activa Overlopende activa (in euro’s) Huur en servicekosten 1e kwartaal 2020 Canon printers Verzekeringen 2020 ICT beveiliging 2020 ICT software kosten Overige Eindsaldo boekjaar:

31-12-2020 99.272 5.011 28.395 8.789 7.909 9.007 158.383

31-12-2019 159.204 4.709 27.402 8.091 16.811 1.650 217.867

Passiva Tabel 5.9 – Eigen vermogen

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

41 / 72

De algemene reserve daalt in 2020 van € 704.310 naar € 594.305. • Onttrekking aan de bestemmingsreserve van € 318.812 met betrekking tot de verhuizing naar de Vondellaan (begrotingswijziging 2b van de Bestuurlijke rapportage van 2020). Deze onttrekking is lager dan verwacht doordat een deel van het huurcontract van de Schipholweg vervroegd is beëindigd en we een deel van het pand konden verhuren aan de RDOG. De oorspronkelijke begrote onttrekking bedroeg € 695.000. Het exploitatieresultaat 2020 bedraagt € 208.807 positief. Door Corona zijn sommige geplande activiteiten/cursussen uitgesteld. Deze hebben onder andere geleid tot het positieve resultaat. Maar uitstel is geen afstel. De activiteiten zullen plaatsvinden in 2021. Daarom is het voorstel aan het bestuur om een deel van het positieve resultaat te bestemmen voor organisatieontwikkeling € 90.000, opleidingen € 10.000 en gevolgen Corona € 75.000. Na deze bestemmingingen resteert € 33.807 om aan de algemene reserve toe te voegen. Het maximum van de algemene reserve mag in 2020 € 988.784 bedragen. Dit bedrag is gebaseerd op 5% van de omzet van het betreffende jaar, zoals is vastgesteld in de nota Planning en Control 20202023. •

Onttrekking aan de bestemmingsreserve van € 160.000 ter dekking van de afschrijvingslasten op de verbouwing die is gedaan voor de komst van de provinciemedewerkers in 2012.

Voorzieningen Tabel 5.11 – Voorzieningen Voorzieningen (in euro’s) Voorziening huurcontract 4e etage Voorziening te verwachten reorganisatielasten P1720 Voorziening aanvulling WW Eindsaldo boekjaar:

31-12-2020 0 0 18.594 18.594

31-12-2019 343.648 95.885 0 439.533

Het restant van de bestemmingsreserve Alphen aan den Rijn is in 2018 een voorziening geworden. Deze voorziening is getroffen om de huurlasten van de leegstaande vierde verdieping te kunnen voldoen tot het einde van het huurcontract. Onder de overige schulden zijn de verwachte resterende huurlasten voor de Schipholweg opgenomen. Als gevolg van de verslaggevingsregels zijn de te verwachten reorganisatielasten als gevolg van de taakstelling 2017-2020 als voorziening in 2017 opgenomen. In 2020 zijn de salarislasten van de boven formatieve medewerkers uit deze voorziening betaald. De voorziening is in zijn geheel vrijgevallen aangezien de reorganisatielasten in 2020 hoger waren dan de voorziening. Dit hebben we binnen de exploitatie weten op te vangen. Via de salarissen wordt er maandelijks een bedrag aan de voorziening aanvulling WW toegevoegd volgens de wet regeling aanvullende voorzieningen bij werkloosheid.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

42 / 72

Overige schulden Tabel 5.12 –Overige schulden Overige schulden (in euro’s) Afrekening deelnemers Aanvullende projecten Provincie Energiescans Huur Schipholweg Inhuur december 2020 Commissie Bezwaarschriften Leiden Sociale premies Te betalen netto lonen Te betalen aangifte BTW 4e kwartaal en suppleties Ingehouden levensloop Boetes personeel Dwangsommen Tussenrekening Kas Nieuw zaaksysteem Powerbrowser Overige schulden Eindsaldo boekjaar:

31-12-2020 673.759 460.157 60.209 267.217 335.370 105.922 282 0 362.160 0 410 186.977 2.800 0 164.147 2.619.410

31-12-2019 199.117 519.935 0 0 361.972 56.732 12.344 5.368 396.457 11.572 271 118.468 2.800 99.637 27.156 1.811.831

Overlopende passiva Tabel 5.13 – Overlopende Passiva Overlopende passiva (in euro’s) Regionaal geld wegverkeerslawaai restant ISV 2* BSV Subsidies Kop op Wijk Provinciale bijdrage ISV3 Bodem Teylingen Duurzaam Leiden RRE Subsidie Energiescans Bijdrage RDOG huurinkomsten Subsidie Bloemrijke oevers Afkoop tarief PZH Eindsaldo boekjaar * Voorheen Regionaal geld wegverkeerslawaai ISV-2/3 SLR

•

•

31-12-2020 1.256.998 4.269.806 38.343

+ 67.419 11.410 430.382 1.300.332 0 0

31-12-2019 1.313.007 3.399.856 38.343

218.578 0 0 7.652 28.254 0 1.475.519 1.250.203 2.725.722 0 73.451 0 14.482 0 14.482 15.488 4.300 19.788 395.000 0 0 7.691.866 1.854.009 4.071.734

218.578 35.906 0 73.451 0 0 395.000 5.474.141

Tot 2015 was er voor gevelsanering ISV3 budget beschikbaar. Vanaf 1 januari 2015 stelt het Ministerie van I&W subsidies beschikbaar voor geluidsanering voor woningen die op de landelijke saneringsvoorraadlijst staan. Sinds 2021 is het niet meer mogelijk om een subsidieaanvraag in te dienen. Subsidie voor reeds ingediende projecten blijft beschikbaar. De doorlooptijd van een project duurt circa vier jaar. Enkele subsidies worden verplicht opgenomen in de SiSa-verantwoording. Deze vindt u in bijlage B. Het overgebleven ISV3 budget en het overgebleven ISV2 budget blijven bestemd voor gevelsanering. Deze budgetten worden gebruikt voor woningen die niet op de landelijke saneringsvoorraadlijst staan

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

43 / 72

•

•

maar wel aan een weg liggen samen met saneringswoningen. Deze woningen zijn tijdens de inventarisatie per abuis niet op de landelijke saneringsvoorraadlijst gezet. Het Ministerie van I&W stelt alleen subsidie beschikbaar als de woning op de saneringsvoorraadlijst staat. Is dit niet het geval dan zijn de kosten voor de gemeente. De provincie Zuid-Holland heeft voor de periode 2010-2014 een ISV-deelbudget Bodem aan de gemeente Teylingen beschikbaar gesteld. Om aanspraak te kunnen maken op dit deelbudget is op 9 februari 2012 een bestuursovereenkomst ISV3 Bodem gesloten tussen de provincie en de gemeente. Deze overeenkomst heeft betrekking op de aanpak van de spoedlocaties in de gemeente Teylingen. De sanering van de restverontreinigingen in de Lindenlaan is uitgesteld. Op 18 mei 2017 heeft de dienst een beschikking ernstig, geen spoed genomen voor de resterende verontreiniging in de Lindenlaan. Hiermee is vastgesteld dat de sanering niet meer met spoed hoeft te worden uitgevoerd. Het gereserveerde budget uit de ISV-3 afspraken wordt vastgehouden voor het saneren van de restverontreiniging ten tijde van de wegreconstructie die mogelijk in 2021 zal plaatsvinden. In 2019 is gevolg gegeven aan de wens van de Provincie Zuid-Holland om het verschil in uurtarief dat aan de provincie en aan de overige deelnemers in rekening wordt gebracht op te heffen.

Dit verschil in tarief is gebaseerd op de vergoeding van toelages die aan voormalig medewerkers van de provincie uitgekeerd moeten worden. Door het betalen van een afkoopsom van € 395.000 die op basis van een evenwichtige verdeling van risico’s is berekend, stelt de provincie de dienst in staat om vanaf 2021 met één uurtarief te werken.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

44 / 72

5.3. NIET UIT DE BALANS BLIJKENDE VERPLICHTINGEN De dienst is voor toekomstige jaren eveneens financiële verplichtingen aangegaan die niet zijn opgenomen in een balanspost. Van deze niet uit de balans blijkende verplichtingen worden hieronder de belangrijke verplichtingen toegelicht. Onder belangrijke verplichtingen verstaan we alle aangegane overeenkomsten waarbij de totale contractwaarde minimaal € 50.000 bedraagt. In 2020 en de voorgaande jaren zijn de volgende contracten met een looptijd langer dan één jaar afgesloten. Hierbij is het drempelbedrag voor de totale contractwaarde € 50.000. Tabel 5.14 – Niet uit de balans blijkende verplichtingen Contractpartij

Aard van het contract

Start Contract

Looptijd van het contract

Bedrag per jaar Bedrag van het contract in totaal (bij onbekende looptijd is een looptijd van 4 jaar genomen)

Exellent

ICT helpdesk en onderhoud en optimalisatie

1-1-2018

31-12-2021

176.000

Stena

Huur kantoorpand Schipholweg 128 te Leiden

1-1-2012

31-12-2021

614.877

614.877

C.V. Leithon

Huur kantoorpand Vondellaan 55 te Leiden

1-4-2020

31-7-2032

426.630

4.907.260

BTC

mobiele abonnementen

1-11-2020

30-06-2022

73.046

121.744

Multilease

Leaseauto's

19-03-2014

1-07-2021

40.078

100.195

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

45 / 72

352.000

5.4. PROGRAMMAREKENING 2020 Hierna wordt via de programmarekening het overzicht van baten en lasten met toelichting de financiële verantwoording afgelegd over het in het jaar 2020 gerealiseerde beleid. Tabel 5.15 –Programmarekening 2020

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

46 / 72

Grondslagen voor de programmarekening De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) provincies en gemeenten, de financiële verordening en de Nota Planning en Control 2020-2023. Baten worden verantwoord in het jaar dat zij gerealiseerd zijn. Lasten worden verantwoord in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. De toegepaste waarderingsgrondslagen voor de baten en lasten zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar. Programmaresultaat De afrekening met de deelnemende gemeenten wordt uitgevoerd conform de afspraken in de Nota Planning en Control 2020-2023. De systematiek houdt voor de deelnemende gemeenten in, dat de kosten van dienstverlening vanuit de dienst doorbelast worden op basis van de werkelijke uren maal een vooraf vastgesteld uurtarief. De dienst heeft een algemene reserve die dient als buffer. De dienst streeft naar een weerstandsvermogen van vijf procent. Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Alle baten en lasten die betrekking hebben op het boekjaar en die ten tijde van het opstellen van de jaarrekening bekend waren, zijn in het jaarverslag verwerkt.

Onder de opbrengsten verstaan we: de bijdragen van de deelnemende gemeenten, de bijdrage van de overige contractpartners, subsidies en overige inkomsten voor diensten die kunnen worden toegerekend aan het verslagjaar. Zij worden verantwoord in het jaar waarin de diensten zijn verricht. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin ze voorzienbaar zijn. Winsten worden slechts meegenomen wanneer ze zijn gerealiseerd. De afschrijvingen worden lineair berekend op basis van de verwachte levensduur. Als startmoment van de afschrijving geldt de datum van in gebruik neming van het actief.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

47 / 72

5.5. TOELICHTING OP DE PROGRAMMAREKENING Begrotingswijzigingen 2020 Het streven van de dienst is om (maximaal) één begrotingswijziging per begrotingsjaar aan het algemeen bestuur voor te leggen: de verwerking van de met de deelnemers afgesproken werkplannen. Voor 2020 is dit niet gelukt door de ontwikkelingen op het gebied van de CAO voor gemeenteambtenaren en de realisatie van een taakstelling 2017-2020. Daardoor zijn er voor 2020 in plaats van één, twee begrotingswijzigingen vastgesteld. Eerste begrotingswijziging: Bij het vaststellen van de begroting 2020 was er nog niet bekend wat de ontwikkelingen zouden zijn op het gebied van de CAO voor gemeenteambtenaren. Deze zijn pas halverwege 2019 bekend geworden. Deze cao-afspraken waren zodanig dat het voor de dienst niet mogelijk was om dit op te vangen binnen de begroting 2020. Daarom is er op 4 november 2019 een begrotingswijziging voorgelegd aan het algemeen bestuur om deze gevolgen op te vangen binnen de begroting 2020. Deze is ook als zodanig verwerkt in de cijfers. Tweede begrotingswijziging: In taakstelling 2017-2020 is bepaald dat de dienst moest besparen op onder andere de huisvestigingskosten. Aangezien het huurcontract voor de Schipholweg doorliep tot 2021 kon hier nog geen gevolg aan worden gegeven.

In 2019 deed zich echter een kans voor die het wel mogelijk zou maken om in het meerjarenperspectief de besparing te realiseren. Dit is uitgewerkt in een businesscase welke is besproken met het algemeen bestuur. Gaandeweg het jaar 2020 is er meer duidelijkheid gekomen en is de door middel van de 2e begrotingswijziging 2020 de formele aanpassing voorgesteld aan het algemeen bestuur. Deze had betrekking op de kosten en investeringen voor de verhuizing naar een pand aan de Vondellaan en het afhandelen van de kosten voor het verlaten van de Schipholweg. Tevens is in deze begrotingswijziging de gebruikelijk verwerking van de vastgestelde werkplannen 2020 meegenomen, evenals aanvullende opdrachten/subsidies van verschillende deelnemer en de prognose BSV subsidies. Op 26 oktober 2020 heeft het algemeen bestuur ingestemd met de tweede begrotingswijziging.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

48 / 72

Toelichting op de lasten De werkelijke uitgaven zijn lager dan de begroting en de prognose van de bestuurlijke rapportage. De verschillen ten opzichte van de begroting per kostencategorie worden hierna toegelicht. Tabel 5.16 – Salarissen tabel per FTE inhuur en salarissen Specificatie personeelslasten (in euro’s)

Begroting 2020 Formatie in FTE's

Salarissen Inhuur vacatureruimte

11.440.000 3.327.075 14.767.075

134 33 167

Realisatie 2020

Formatie in FTE's

10.534.503 3.877.389 14.411.892

126 32 158

Verschil

Verschil Werkelijk formatie 2019 in FTE's 905.497 8 9.805.923 -550.314 1 3.993.211 355.183 9 13.799.134

Personeelslasten Er is een onderschrijding in de personeelslasten. De posten salarissen, inhuur vacatureruimte en bijdragen gemeenten/provincie zijn communicerende vaten. • In 2020 is er een stap gezet in het op sterkte krijgen van de vaste formatie. Dit is gedeeltelijk gelukt. We merken echter dat de arbeidsmarkt voor de specifieke functies krap is. We denken dat Corona en de daaruit voortvloeiende onzekerheid ook niet heeft meegeholpen bij het vervullen van de nog openstaande vacatures. De verwachting is dat we in 2021 een volgende stap zullen zetten in het op sterkte brengen van de vaste formatie. • Doordat we in de uren van de deelnemers, maar zeker in de aanvullende opdrachten een onderschrijding hebben, is er in totaal minder bezetting nodig geweest om het werk uit te voeren. De oorzaken van deze onderschrijdingen op de uren zijn op hoofdniveau beschreven in de paragrafen 2.2 tot en met 2.7 van deze jaarstukken. Voor verdere details verwijzen wij naar de eindrapportages van de deelnemers. Er is dit jaar minimaal ingehuurd voor overhead, dit komt grotendeels door de stagnatie in doorontwikkeling van de organisatie door de coronacrisis. Het inhuren van personeel versus het aannemen van vast personeel is in deze krapte op de markt een dure aangelegenheid. In de begroting wordt rekening gehouden met € 100.000 per FTE. In werkelijkheid is dit ca. € 120.000 per FTE.

Dit heeft dan ook geleid tot een overschrijding van € 550.314 Tabel 5.17 – Huren en pachten Huren en pachten/huisvestingskosten (in euro’s)

Begroting 2020

Huur en servicekosten

A 1.207.475

Werkelijk 2020 B 991.314

Overige huisvestingskosten Totaal per boekjaar:

252.284 1.459.759

240.748 1.232.062

Verschil

Werkelijk 2019

A-B 216.161

445.115

11.536 227.697

155.311 600.426

Het voordeel van € 227.697 betreft de vervroegde gedeeltelijke ontbinding van het contract van het pand aan de Schipholweg voor wat betreft de 1e etage en de begane grond en de opbrengst van de huur van de RDOG voor wat betreft de 4e etage.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

49 / 72

Tabel 5.18 – Overige goederen en diensten Overige goederen en diensten (in euro’s)

Begroting 2020

Goederen en diensten primaire proces Overige goederen en diensten Totaal per boekjaar:

A 3.432.342 1.251.000 4.683.342

Werkelijk 2020 B 1.343.380 1.144.662 2.488.042

Verschil A-B 2.088.962 106.338 2.195.299

Werkelijk 2019 1.309.313 1.374.119 2.683.432

Overige goederen en diensten primaire proces Het budget voor goederen en diensten in het primaire proces laat een verschil zien van € 2.088.962 ten opzichte van de begroting. Dit zijn in opdracht van de deelnemers uitgevoerde projecten. Een groot deel van dit verschil betreft het niet in 2020 uitvoeren van de spoed- en nazorglocaties die zijn opgenomen in het actuele werkplan en het niet compleet uitvoeren van het RRE-project. Deze staan voor 2021 op de planning. Tabel 5.19 – Uitsplitsing onderschrijding goederen en diensten primaire proces Onderschrijding Duurzaamheidssubsidies Noordwijk

147.354

Adviesbureaus m.b.t. juridische ondersteuning

29.403

Projectkosten

41.445

Opdrachten Provincie

699.459

RRE

1.145.883

Divers

25.418 2.088.962

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

50 / 72

Tabel 5.20 – Overige goederen en diensten (eigen bedrijfsvoering) Overige goederen en diensten

ICT kosten Overig

Begroting 2020 A

Werkelijk 2020 B

Verschil A-B

800.000 451.000 1.251.000

762.626 382.036 1.144.662

37.374 68.964 106.338

Overige goederen en diensten Het onderdeel overige goederen en diensten omvat het merendeel van de materiële uitgaven van de organisatie, zoals ICT-kosten en overige kosten. Deze overige kosten zijn onder andere autokosten, schoonmaakkosten, salarisadministratie en overige personele kosten (onder meer kosten voor opleidingen, dienstreizen, vergaderingen, outplacement). Het budget voor overige goederen en diensten kent een voordeel van € 106.338 ten opzichte van de begroting. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door het niet kunnen doorvoeren van de organisatieplannen voor de doorontwikkeling van de dienst en het minder volgen van opleidingen. Omdat dit geen bewuste keuze was maar een gevolg van het werken tijdens een pandemie, hebben we aan het bestuur voorgesteld dit onbenutte budget door te schuiven naar 2021. Tabel 5.21 – Afschrijvingslasten Afschrijvingen (in euro’s)

Begroting 2020 A

Inventaris Verbouwingen Schipholweg Automatisering divers Afschrijvingskosten primair proces Totaal per boekjaar:

14.000 427.788 176.000 8.000 625.788

Werkelijk 2020 B 16.710 421.794 104.394 0 542.898

Verschil

Werkelijk 2019

A-B -2.710 5.994 71.606 8.000 82.889

12.225 204.531 159.804 0 376.561

In 2020 hebben wij in de begroting diversen investeringen opgenomen, echter mede door corona zijn deze investeringen niet gedaan. Tevens hebben wij afschrijvingskosten opgenomen in de begroting (2e begrotingswijziging 2020) voor de investeringen aan de Vondellaan. Doordat de verbouwing, ook mede door corona, vertraging heeft opgelopen zijn de afschrijvingslasten lager dan begroot. Toelichtingen op de baten In 2020 zijn de werkelijke baten lager dan de geraamde baten. Dit is voornamelijk te verklaren door het feit dat de bijdrage van de gemeenten en provincie grotendeels bepaald wordt door de realisatie van de uren en de materiële lasten die rechtstreeks voor rekening van één of meerdere deelnemers worden gebracht. Zowel de uren als de materiële lasten zijn lager uitgevallen dan begroot. In bijlage C Samenvatting uren en bijdrage per deelnemer wordt dit nader zichtbaar gemaakt. De posten salarissen, inhuur vacature, goederen en diensten primaire proces, bijdrage gemeenten/provincie en overige inkomsten zijn communicerende vaten.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

51 / 72

Een overzicht per deelnemer vindt u terug in de eindrapportage van 2020 per deelnemer. In deze eindrapportage geven we uitgebreid inzage in de geraamde uren en materiële lasten en de werkelijke uren en materiële lasten. Het saldo vormt de afrekening van meer- en minderwerk per deelnemer. De afwijking tussen de begroting en de realisatie bedraagt € 2.625.733. Dienstbreed hebben we 99% van de uren gerealiseerd ten opzichte van het werkplan 2020 (inclusief aanvullende offertes).

Tabel 5.22 – Bijdrage gemeenten/ provincie De onderschrijding wordt veroorzaakt door:

Deelnemersbijdragen

Begroting 2020 17.060.708

Werkelijk 2020 16.619.635

Aanvullende opdrachten Provincie

1.354.885

631.887

722.998

RRE

2.558.000

1.091.661

1.466.339

-4.676

2

-4.678

20.968.917

18.343.184

2.625.733

Diversen afronding begrotingswijziging

Verschil 441.073

Tabel 5.23 –Overige inkomsten Overige inkomsten (in euro’s)

Werkelijk 2020

Bodeminformatie Dwangsommen Diverse inkomsten USZO vergoedingen Totaal per boekjaar:

50.662 36.453 155.867 40.666 283.648

De overige inkomsten betreft een incidentele overschrijding van € 283.648. In de begroting is de omzet van de bodeminformatie negatief opgenomen in de post goederen en diensten primaire proces. Tevens hebben we diverse inkomsten verkregen door aanvullende opdrachten uit te voeren voor de DCMR, Haaglanden, Holland Rijnland en een aantal Groene Hart gemeenten. Tabel 5.24 – Specificatie overschrijding overige subsidie-inkomsten Subsidies (in euro’s) Externe Veiligheid Subsidie BSV/ISV Subsidie Bloemrijke oevers Totaal per boekjaar:

Begroting Werkelijk 2020 2020 98.000 84.774 1.100.000 504.526 19.788 1.198.000 609.087

Verschil 13.226 595.474 -19.788 588.913

De subsidie-inkomsten zijn € 588.913 lager dan begroot. In de begrotingswijziging is onterecht een bedrag van € 600.000 voor BSV/ISV opgenomen. De subsidies zijn budgettair neutraal. De lasten zijn opgenomen onder de post salarissen, inhuur vacatureruimte en de post subsidies.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

52 / 72

Tabel 5.25 – Onttrekking aan reserves

De onttrekking aan de bestemmingsreserve afschrijving verbouwing heeft betrekking op de verbouwing van de Schipholweg die heeft plaats gevonden vanwege de komst van de provincie-medewerkers in 2012. De onttrekking aan de bestemmingsreserve in verband met de verhuizing naar de Vondellaan is lager dan verwacht doordat een deel van het huurcontract van de Schipholweg vervroegd is beëindigd en we een deel van het pand hebben verhuurd aan de RDOG.

5.6. WET NORMERING TOPINKOMENS Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan (artikel 2.3 van de WNT). Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op de dienst van toepassing zijnde regelgeving: Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector. Een uitgebreid overzicht vindt u in bijlage A Wet Normering Topinkomens.

Ondertekening Aldus vastgesteld door het algemeen bestuur van Omgevingsdienst West-Holland d.d. 10 mei 2021,

De voorzitter,

de secretaris,

Y. Peters-Adrian

M.E. Krul-Seen

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

53 / 72

Bijlagen

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

54 / 72

BIJLAGE A: WET NORMERING TOPINKOMENS Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan (artikel 2.3 van de WNT). Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op de dienst van toepassing zijnde regelgeving: Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector Het bezoldigingsmaximum in 2020 voor dienst is € 201.000. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband. Voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking geldt met ingang van 1 januari 2020 voor de eerste 12 kalendermaanden een afwijkende normering, zowel voor de duur van de opdracht als voor het uurtarief. 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen en gewezen topfunctionarissen met dienstbetrekking. Tevens leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling. Bedragen x € 1

mevrouw M. Krul

Functiegegevens

directeur

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020

1/1 - 31/12

Omvang dienstverband (in fte)

1,0

Dienstbetrekking?

Ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

106.644

Beloningen betaalbaar op termijn

19.230

Subtotaal

125.874

Individueel WNT-maximum

201.000

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

N.v.t. 125.874 N.v.t. N.v.t.

Gegevens 2019 Functiegegevens 2019 Aanvang en einde functievervulling in 2019

1/1 - 31/12

Omvang dienstverband 2019 (in fte)

1,0

Dienstbetrekking?

Ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

103.082

Beloningen betaalbaar op termijn

18.034

Subtotaal

121.116

Individueel WNT-maximum

194.000

Totaal bezoldiging 2019

121.116

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

55 / 72

1c. Toezichthoudende topfunctionarissen WNT gegevens 2020 Naam topfunctionaris mevrouw Hoekstra heer De Jong mevrouw Peters-Adrian mevrouw Van der Meer heer Nagtegaal heer Mostert De heer North mevrouw Jordan heer Van Woudenberg heer Hendriks mevrouw Van Elburg heer Van der Laan mevrouw Meiland heer Elkhuizen Mevrouw A. Ingwersen heer de Jong de heer Alkemade heer Duijndam heer Glasbeek heer Welling heer ten Boden Mevrouw Hooij mevrouw Wietsma-Biesbroek heer Lamers mevrouw Spil heer Cramwinckel heer Bouter Mevrouw Van der Kooi- van den Kolk Mevrouw A. Bom-Lemstra Mevrouw J. Baljeu

Functie AB lid, wethouder Hillegom AB lid, wethouder Hillegom Voorzitter DB en AB, wethouder Kaag en Braassem AB lid, wethouder Kaag en Braassem AB lid, wethouder Katwijk AB lid, wethouder Katwijk DB en AB lid, Wethouder Leiden AB-lid, raadslid Leiden AB lid, wethouder Leiderdorp AB lid, raadslid Leiderdorp AB lid, raadslid Leiderdorp DB en AB lid, wethouder Lisse AB lid, raadslid Lisse AB lid, wethouder Nieuwkoop AB lid, wethouder Nieuwkoop DB en AB lid, Wethouder Noordwijk DB en AB lid, Wethouder Noordwijk AB lid, raadslid Noordwijk AB lid, wethouder Oegstgeest AB lid, raadslid Oegstgeest AB lid, wethouder Teylingen AB lid, wethouder Teylingen AB lid, raadslid Teylingen AB lid, wethouder Voorschoten AB lid, wethouder Voorschoten AB lid, wethouder Voorschoten AB lid, wethouder Zoeterwoude AB lid, raadslid Zoeterwoude DB en AB lid, gedeputeerde PZH AB lid, gedeputeerde PZH

2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking Niet van toepassing 3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen. Er zijn in 2020 geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

56 / 72

BIJLAGE B: SISA-BIJLAGE 1. SiSa-Bijlage 2020

IenW

E3

Definitief SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2020 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 28 januari 2021 Subsidieregeling sanering Hieronder per regel één Besteding (jaar T) ten laste van Overige bestedingen (jaar T) Besteding (jaar T) door Correctie over besteding (t/m Kosten ProRail (jaar T) als verkeerslawaai beschikkingsnummer en in de Rijksmiddelen meerwerk dat o.b.v. art. 126 jaar T) bedoeld in artikel 25 lid 4 van kolommen ernaast de Wet geluidshinder ten laste van deze regeling ten laste van verantwoordingsinformatie het Rijk komt Rijksmiddelen Subsidieregeling sanering verkeerslawaai Provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen (Wgr) Aard controle n.v.t.

Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: E3/01 Indicator: E3/02 Indicator: E3/03 Indicator: E3/04 Indicator: E3/05 Indicator: E3/06 1 IenM/BSK-2016/208849 €0 2 IenM/BSK-2017/149338 € 10.803 3 IenM/BSK-2017/150375 € 950 4 IenW/BSK-2018/218082 € 97.441 5 IenW/BSK-2018/222617 € 56.194 6 IenW/BSK-2018/276294 €0 7 IenW/BSK-2018/9214 €0 8 IenW/BSK-2018/98978 €0 9 IenW/BSK-2019/120858 €0 10 IenW/BSK-2019/163270 €0 11 IenW/BSK-2019/180811 €0 12 IenW/BSK-2019/212041 €0 13 IenW/BSK-2019/215788 €0 14 IenW/BSK-2019/216921 €0 15 IenW/BSK-2019/217727 €0 16 IenW/BSK-2019/238534 €0 17 IenW/BSK-2019/286 €0 18 IenW/BSK-2019/291 €0 19 IenW/BSK-2019/46673 €0 20 IenW/BSK-2019/6058 €0 21 IenW/BSK-2019/64349 €0 22 IenW/BSK-2019/64357 €0 23 IenW/BSK-2020/111498 € 26.158 24 IenW/BSK-2020/12163 €0 25 IenW/BSK-2020/149577 €0 26 IenW/BSK-2020/155042 € 1.509 27 IenW/BSK-2020/158262 €0 28 IenW/BSK-2020/158265 €0 29 IenW/BSK-2020/16754 € 6.688 30 IenW/BSK-2020/167803 €0 31 IenW/BSK-2020/172145 €0 32 IenW/BSK-2020/2618 €0 33 IenW/BSK-2020/26520 €0 34 IenW/BSK-2020/32375 €0 Kopie beschikkingsnummer Cumulatieve bestedingen ten Cumulatieve overige Cumulatieve Kosten ProRail Correctie over besteding kosten Eindverantwoording (Ja/Nee) laste van Rijksmiddelen (t/m bestedingen (t/m jaar T) (t/m jaar T) als bedoeld in ProRail (t/m jaar T) jaar T) artikel 25 lid 4 van

deze regeling ten laste van Rijksmiddelen Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie Aard controle n.v.t. Indicator: E3/07 1 IenM/BSK-2016/208849 €0 2 IenM/BSK-2017/149338 € 209.915 3 IenM/BSK-2017/150375 € 95.517 4 IenW/BSK-2018/218082 € 97.441 5 IenW/BSK-2018/222617 € 56.194 6 IenW/BSK-2018/276294 €0 7 IenW/BSK-2018/9214 €0 8 IenW/BSK-2018/98978 €0 9 IenW/BSK-2019/120858 € 77.590 10 IenW/BSK-2019/163270 €0 11 IenW/BSK-2019/180811 €0 12 IenW/BSK-2019/212041 €0 13 IenW/BSK-2019/215788 €0 14 IenW/BSK-2019/216921 €0 15 IenW/BSK-2019/217727 €0 16 IenW/BSK-2019/238534 €0 17 IenW/BSK-2019/286 €0 18 IenW/BSK-2019/291 €0 19 IenW/BSK-2019/46673 €0 20 IenW/BSK-2019/6058 €0 21 IenW/BSK-2019/64349 €0 22 IenW/BSK-2019/64357 €0 23 IenW/BSK-2020/111498 € 26.158 24 IenW/BSK-2020/12163 €0 25 IenW/BSK-2020/149577 €0 26 IenW/BSK-2020/155042 € 1.509 27 IenW/BSK-2020/158262 €0 28 IenW/BSK-2020/158265 €0 29 IenW/BSK-2020/16754 € 6.688 30 IenW/BSK-2020/167803 €0 31 IenW/BSK-2020/172145 €0 32 IenW/BSK-2020/2618 €0 33 IenW/BSK-2020/26520 €0 34 IenW/BSK-2020/32375 €0

Aard controle n.v.t. Indicator: E3/08

Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie

Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie

Aard controle n.v.t. Indicator: E3/09

Aard controle n.v.t. Indicator: E3/10

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

Aard controle R Indicator: E3/11

Aard controle n.v.t. Indicator: E3/12 Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Ja Nee

57 / 72

2. Correctie SiSa-Bijlage 2019 Aanpassing SiSa bijlage 2019 SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2019 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 16 januari 2020 IenW

E3

Subsidieregeling sanering verkeerslawaai

Hieronder per regel één beschikkingsnummer en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie

Besteding (jaar T) ten laste van rijksmiddelen

Besteding (jaar T) ten laste van rijksmiddelen

Subsidieregeling sanering verkeerslawaai Provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen (Wgr) Aard controle n.v.t.

Aard controle R

Aard controle R

Indicatornum m er: E3 / 01

Indicatornum m er: E3 / 02

Indicatornum m er: E3 / 02

1 IenM/BSK-2016/208849

€0

€0

2 IenM/BSK-2016/261564

€0

€0

3 IenM/BSK-2017/141867

€0

€0

4 IenM/BSK-2017/149338

€ 158.249

€ 158.249

5 IenM/BSK-2017/150375

€ 40.684

€ 75.720

6 IenW/BSK-2018/218082

€0

€0

7 IenW/BSK-2018/222617

€0

€0

8 IenW/BSK-2018/276294

€0

€0

9 IenW/BSK-2018/9214

€0

€0

10 IenW/BSK-2018/98978

€0

€0

11 IenW/BSK-2019/106980

€0

€0

12 IenW/BSK-2019/120858

€ 80.383

€ 77.591

13 IenW/BSK-2019/138759

€0

€0

14 IenW/BSK-2019/147651

€ 5.145

€ 5.145

15 IenW/BSK-2019/163270

€0

€0

16 IenW/BSK-2019/180811

€0

€0

17 IenW/BSK-2019/212041

€0

€0

18 IenW/BSK-2019/215788

€0

€0

19 IenW/BSK-2019/216921

€0

€0

20 IenW/BSK-2019/217727

€0

€0

21 IenW/BSK-2019/238534

€0

€0

22 IenW/BSK-2019/286

€0

€0

23 IenW/BSK-2019/291

€0

€0

24 IenW/BSK-2019/46673

€0

€0

25 IenW/BSK-2019/48382

€ 10.185

€ 10.185

26 IenW/BSK-2019/6058

€0

€0

27 IenW/BSK-2019/61111

€ 6.150

€ 6.150

28 IenW/BSK-2019/64349

€0

€0

29 IenW/BSK-2019/64357

€0

€0

Cumulatieve bestedingen ten laste van rijksmiddelen tot en met (jaar T)

Cumulatieve bestedingen ten laste van rijksmiddelen tot en met (jaar T)

Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming

Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming

Kopie beschikkingsnummer

Aard controle n.v.t.

Aard controle n.v.t.

Indicatornum m er: E3 / 07

Aard controle n.v.t.

Indicatornum m er: E3 / 08

Indicatornum m er: E3 / 08

1 IenM/BSK-2016/208849

€0

€0

2 IenM/BSK-2016/261564

€ 22.468

€ 22.468

3 IenM/BSK-2017/141867

€0

€0

4 IenM/BSK-2017/149338

€ 199.113

€ 199.113

5 IenM/BSK-2017/150375

€ 95.914

€ 94.568

6 IenW/BSK-2018/218082

€0

€0

7 IenW/BSK-2018/222617

€0

€0

8 IenW/BSK-2018/276294

€0

€0

9 IenW/BSK-2018/9214

€0

€0

10 IenW/BSK-2018/98978

€0

€0

11 IenW/BSK-2019/106980

€0

€0

12 IenW/BSK-2019/120858

€ 80.383

€ 77.591

13 IenW/BSK-2019/138759

€0

€0

14 IenW/BSK-2019/147651

€ 5.145

€ 5.145

15 IenW/BSK-2019/163270

€0

€0

16 IenW/BSK-2019/180811

€0

€0

17 IenW/BSK-2019/212041

€0

€0

18 IenW/BSK-2019/215788

€0

€0

19 IenW/BSK-2019/216921

€0

€0

20 IenW/BSK-2019/217727

€0

€0

21 IenW/BSK-2019/238534

€0

€0

22 IenW/BSK-2019/286

€0

€0

23 IenW/BSK-2019/291

€0

€0

24 IenW/BSK-2019/46673

€0

€0

25 IenW/BSK-2019/48382

€ 10.185

€ 10.185

26 IenW/BSK-2019/6058

€0

€0

27 IenW/BSK-2019/61111

€ 6.150

€ 6.150

28 IenW/BSK-2019/64349

€0

€0

29 IenW/BSK-2019/64357

€0

€0

Dit betreft een aanpassing op de SiSa-bijlage 2019. In 2019 zijn bij twee subsidies verkeerde bedragen opgenomen. Bij de eerste subsidie zijn bepaalde gelden als voorbereidingssubsidie geboekt, maar dit hadden SiSa-uitgaven moeten zijn. Bij de tweede subsidie zijn verkeerde bedragen uit het Excel document overgenomen.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

58 / 72

BIJLAGE C: TOELICHTING EINDAFREKENING EN FRICTIELASTEN Onder-/overOpdrachtgever

schrijding in % in uren

Hillegom

102%

Kaag en Braassem Katwijk

Frictie- Totale eindkosten afrekening 2020 2020

Bijdrage 2020

Betaalde voorschotten

Eindafrekening 2020 *

156

718.676

707.811

10.865

5.609

16.474

99%

-115

932.502

948.811

-16.309

7.671

-8.638

110%

556

581.142

528.220

52.922

Leiden

97%

-910

2.900.784

3.031.396

-130.612

27.021

-103.591

Leiderdorp

103%

158

551.554

541.124

10.430

5.005

15.435

Lisse

93%

-511

610.995

656.120

-45.125

5.187

-39.938

Nieuwkoop

104%

380

954.898

925.772

29.126

7.690

36.816

Noordwijk

97% -1.442

4.589.795

4.893.579

-303.784

Oegstgeest

90%

-491

418.044

475.899

-57.855

3.816

-54.039

Teylingen

117%

1.626

1.005.695

869.020

136.675

7.278

143.953

Voorschoten

99%

-16

274.374

263.315

11.059

Zoeterwoude

96%

-236

623.128

603.929

19.199

3.711

22.910

Provincie ZuidHolland Eindtotaal

99%

-380

3.089.935

3.314.527

-224.592

22.897

-201.695

17.251.522 17.759.523 99% -1.224 * - door ODWH nog te betalen / + door ODWH nog te ontvangen

-508.001

95.885

-412.116

52.922

-303.784

11.059

** inclusief additionele opdrachten (zie eindrapportage Provincie voor specificatie)

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

59 / 72

BIJLAGE D: PROGRAMMAREKENING NAAR TAAKVELDEN Programmatoerekening

(bedragen x €1000)

Bestuur

Milieubeheer Ruimtelijke ordening Wonen en Bouwen Overhead

Baten Deelnemersbijdragen uren Deelnemersbijdrage materieel en projecten Overige inkomsten Subsidies

9.353 2.110 165 609

2.534

Totaal Baten Lasten Personeelskosten Salarissen & soc lasten Inhuur Huisvestingskosten ICT Overige kosten Projectkosten Subsidies Afschrijvingskosten

44

Totaal

45

4.233 113 74

61

12.237

2.578

4.420

61

19.297

6.795 5.010 1.785

1.730 1.276 454

3.286 2.423 863

143 156 1.343 540

-

25 75

2.953 2.177 775 1.337 594 67

543

14.764 10.886 3.877 1.337 763 382 1.343 540 543

40 -

16.120 2.223 345 609

Totaal lasten

44

8.977

1.770

3.387

5.494

19.672

Saldo Baten en Lasten

-44

3.260

809

1.034

-5.433

-375

Bestemming resultaat Storting in reserves Onttrekking uit reserves Totaal resultaat Saldo na bestemming

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

584 584 209

60 / 72

BIJLAGE E: RAPPORTAGE KWALITEITSCRITERIA 2.1 Samenvatting Uit deze rapportage blijkt dat de dienst de kwaliteit van uitvoering borgt zoals beschreven in de Wet VTH. Voor het overgrote deel kan de dienst zelfstandig voldoen aan de Kwaliteitscriteria 2.1 De systematiek van de wet staat toe dat organisaties mogen afwijken van deze standaardcriteria, indien zij niet zelfstandig kunnen voldoen. Men dient dan te motiveren op welke wijze de kwaliteit van de uitvoering wordt geborgd om te voldoen aan de Wet VTH. In onderstaande tabel staat aangegeven aan hoeveel criteria de dienst voldoet en bij hoeveel er gemotiveerd wordt afgeweken. Kwaliteitscriteria 2.1 Kritische massa Proces

Voldoet 127 20

Versterking nodig 18 2

Totaal 145 22

Voor de onderdelen waar we niet zelfstandig voldoen, zijn de oplossingen beschreven in paragraaf 2.1 en 2.2. Deze oplossingen bestaan voor een groot deel uit samenwerkingsafspraken en inhuur van extra deskundigheid. Deze inhuur voor collegiale toetsen en specifieke klussen is beperkt nodig. 1. Inleiding Uitvloeisel van de Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving is een jaarlijkse rapportageplicht van de dienst aan haar opdrachtgevers over de kwaliteitscriteria (formeel “Kwaliteitscriteria 2.1”) zoals die zijn vastgesteld. Door wisselingen in aantallen bedrijven, controlefrequenties en personeelswisselingen kunnen de resultaten jaarlijks enigszins verschillen. Doel van de rapportage is dat de opdrachtgevers weten of de dienst voldoet aan deze kwaliteitscriteria, of dat (conform de methodiek) gemotiveerd wordt afgeweken. Het format van de rapportage is vastgesteld in het Algemeen Bestuur (op 31 oktober 2016). De rapportage wordt jaarlijks aan het jaarverslag toegevoegd en kan gebruikt worden door het bevoegd gezag om de kwaliteit van de uitvoering te beoordelen en is bruikbaar voor verslaglegging aan de Gemeenteraad respectievelijk Provinciale Staten. Begin 2017 werd gestart met een vernieuwing van de VTH kwaliteitscriteria versie 2.1. De versie 2.2 van de kwaliteitscriteria heeft najaar 2018 ter (informele) consultatie voorgelegen.

Inmiddels zijn de verbetersuggesties doorgevoerd voor 27 deskundigheidsgebieden zoals vermeld in de nieuwste set (2.2) VTH kwaliteitscriteria. In 2019 is de vernieuwing van de kwaliteitscriteria bestuurlijk vastgesteld en zijn de VTH-kwaliteitscriteria 2.2 op 1 juli 2019 in werking getreden. In 2021 wordt opnieuw een gewijzigde versie verwacht, mede in verband met de komst van de Omgevingswet. 2. Stand van zaken In de volgende paragrafen wordt aangegeven hoe de dienst per 31 december 2020 voldoet aan de kwaliteitscriteria. De kwaliteitscriteria bevatten criteria voor kritische massa, procescriteria en criteria voor inhoudelijke kwaliteit en prioriteiten (zie achtergrondinformatie in paragraaf 2.3). De beide tabellen geven in een oogopslag de stand van zaken weer. In de begeleidende tekst worden vervolgens acties en afwijkingen toegelicht. Deelname aan collegiale toetsing vanuit het vakberaad VTH door alle Omgevingsdiensten. De dienst neemt deel aan het programma collegiale toetsing vanuit het vakberaad VTH. Het doel van de collegiale toets is omgevingsdiensten, gemeenten en provincies te helpen bij het borgen van de kwaliteit

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

61 / 72

die bijvoorbeeld ook vastgelegd is in de verordeningen VTH. Daarin borgen gemeenten en provincies de kwaliteit van de vergunningverlenings-, toezichts- en handhavingstaken. In 2019 zijn de bevindingen uit de toetsing in 2018 opgepakt, waaronder het opstellen en bestuurlijk vaststellen van het (wettelijke verplichte) gemeentelijk uitvoeringsbeleid VTH. Aan dit uitvoeringsbeleid is het onderdeel vergunningen toegevoegd. De collegiale toets bij dienst wordt in 2021 weer uitgevoerd. 2.1 Kritische massa Het kunnen voldoen aan de criteria van kritische massa is een dynamisch proces. Bedrijven kunnen vertrekken of andere activiteiten ontwikkelen en medewerkers kunnen de organisatie verlaten of andere functies betrekken. Met behulp van onderstaande tabel geven we voor de verschillende deskundigheidsgebieden aan waar de dienst voldoet, acties opgestart zijn om te voldoen, waar gemotiveerd wordt afgeweken van de Kwaliteitscriteria, of waar we kwaliteit van de uitvoering borgen door middel van samenwerking/uitbesteding (zie legenda kleurencodes). Het kan ook voorkomen dat de dienst een bepaalde taak niet uitvoert. Toelichting bij Tabel 1: • Kolommen ”opleiding, ervaring en kennis": het huidige oordeel is gebaseerd op eigen onderzoek van de personeelsdossiers en gesprekken met medewerkers. De dienst is een project gestart om dit oordeel in 2021 onafhankelijk te laten valideren.

Hier zijn al ervaringen mee bij omgevingsdiensten buiten de provincie Zuid-Holland. • Kolom “frequentie”: Geeft aan of wij voldoen aan de minimale frequentie waarmee de taak zelfstandig uitgevoerd dient te worden (bijv. 20 bedrijfscontroles per medewerker per jaar) • Kolom “aantal”: Geeft aan of wij voldoen aan het minimaal aantal medewerkers met omschreven deskundigheid en frequentie waarover een organisatie dient te beschikken. 2.1.1 Acties gestart om te voldoen (gele vlakken in de tabel) De genoemde generieke acties bij deze taken richten zich op het op peil brengen van de opleiding, kennis en ervaring van medewerkers. Dit is continu, proces. Inmiddels is ter ondersteuning een strategisch personeelsbeleidsplan vastgesteld die deze acties mede zal initiëren. In 2020 zijn op diverse thema’s trainingen verzorgd en gevolgd. Sowieso is dit een dynamisch gegeven afhankelijk van wisselingen in het personeelsbestand. 2.1.2 Gemotiveerd afwijken (blauwe vlakken in de tabel) De systematiek van de wet staat toe dat organisaties gemotiveerd mogen afwijken van de standaardcriteria. Daar waar een organisatie niet zelfstandig kan voldoen aan de criteria kan men motiveren op welke wijze dit wordt opgelost. Hieronder wordt per item de motivering weergegeven die wij hanteren om af te wijken van de standaard en hoe we dit oplossen binnen of buiten de organisatie.

Het betreft de afwijkingen t.a.v. frequentie en aantallen, dus de blauwe vlakken in de tabel. De nummering verwijst naar de betreffende onderwerpen in de tabel. De oorzaak dat de dienst voor een aantal branches niet voldoet aan de criteria voor frequentie van taakuitvoering en aantal gespecialiseerde medewerkers ligt voornamelijk aan het te kleine aantal bedrijven in die branche. Hierdoor kunnen we te weinig “vlieguren” maken. Het betreft de volgende branches. Voor het onderdeel asbest is deze taak overgedragen naar de dienst en zijn wij in staat om dit zelf uit te voeren.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

62 / 72

Tabel 1: deskundigheid 2020

Tabel 1: Criteria van kritische massa Kleurcodes bij tabel 1:

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

63 / 72

Ad 3.1) VV Procesindustrie Frequentie en aantal op puur procesindustrie wordt niet gehaald (te weinig procedures). De dienst heeft vier procesindustriebedrijven in deze klasse; deze bevinden zich in de gemeente Lisse, Teylingen, Katwijk en Leiden (bevoegd gezag Provincie ZH). Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Door de vergunningverleners wordt voor de procesindustrie en veiligheid samengewerkt met de DCMR. Aanvullende zijn opleidingen verzorgt voor alle medewerkers van toezicht en vergunningverlening milieu voor (externe) veiligheid. Voor nieuwe medewerkers betreft dit een meerdaagse cursus. Ad 3.2) VV Afval Frequentie wordt niet gehaald omdat een aantal bedrijven beperkt is. Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Procedures worden momenteel behandeld door gekwalificeerde inhuur (binnen de begroting). Er is opleiding gegeven aan medewerkers (vast en inhuur (in eigen uren)) en de procedures zullen verdeeld worden over minimaal twee medewerkers. In december 2019 is een nieuwe medewerker gestart, met ervaring met afval(inrichtingen). Cursussen en opleiding betreffende afval staan ondermeer in het teken van de Omgevingswet en afval. Ook wordt getracht het team vergunningverlening uit te breiden met vaste medewerkers, die zich zullen specialiseren op afval. Ad 3.3) VV agrarisch Frequentie en aantal worden niet gehaald vanwege weinig procedures.

De dienst heeft zes agrarische bedrijven in deze klasse. Deze bevinden zich in de gemeente Nieuwkoop (3) en Kaag en Braassem (3). Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Er zijn voldoende procedures die net buiten deze klasse vallen, maar dezelfde problematiek kennen. Daardoor halen de medewerkers de frequentie wel over een iets breder pakket van bedrijven. Ad 5.1) T&H Procesindustrie Frequentie en aantal wordt niet gehaald vanwege te weinig werkaanbod. De dienst heeft slechts drie procesindustrie bedrijven in deze klasse. Deze bevinden zich in de gemeente Lisse, Teylingen en Leiden (bevoegd gezag Provincie ZH). Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Per 1 januari 2018 is er een nieuwe samenwerkingsovereenkomst tussen de vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland afgesloten waarin o.a. de kennisborging in opgenomen is. Dit zal nog verder vorm krijgen en zullen wij actief participeren om de kwaliteit borgen. Ad 5.3) T&H Agrarisch Frequentie en aantal wordt niet gehaald vanwege weinig controlemogelijkheden. De dienst heeft zes agrarische bedrijven in deze klasse. Deze bevinden zich in de gemeente Nieuwkoop (3) en Kaag en Braassem (3). Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Het aantal controlemogelijkheden in deze klasse is te laag, echter er zijn voldoende agrarische controles die net buiten deze klasse vallen maar dezelfde problematiek kennen.

Dus de medewerkers halen de frequentie wel over een iets breder pakket van bedrijven. Als aanvullende oplossing is in 2020 in het kader van de samenwerkingsovereenkomst tussen de vijf ZuidHollandse omgevingsdiensten een externe collegiale toets uitgevoerd door een andere Omgevingsdienst.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

64 / 72

Ad 10) Bouwtaken in de Leidse regio: Met de gemeenten in de Leidse regio (Zoeterwoude, Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest en Servicepunt 71) is een samenwerkingsovereenkomst afgesloten om voor de bouw gerelateerde taken de kwaliteit te garanderen. De Kwaliteitscriteria 2.2 zijn hier ook het vertrekpunt. Ad 11) Ketentoezicht Frequentie en aantal wordt niet gehaald vanwege te weinig relevante onderzoekmogelijkheden. Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Doordat het ketentoezicht vaak regio overschrijdend is, wordt ingezet op regionale samenwerking met andere omgevingsdiensten. Er wordt geparticipeerd in regionale onderzoeken. Het samenwerkingsproject tussen ODH, onze dienst en ODMH is gecontinueerd. Ad 12) BOA (Buitengewoon Opsporings Ambtenaar) Frequentie wordt niet gehaald, omdat er op dit moment onvoldoende PV (Proces-Verbaal) waardige zaken zijn bij de bedrijven. Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Deelname aan de BOA-pool die actief is binnen de provincie Zuid-Holland. Ad 18) Afvalwater (indirecte lozingen) Frequentie en aantal wordt niet gehaald door een beperkt werkaanbod bij een beperkt aantal bedrijven. Wat doen we om de kwaliteit te borgen? De monstername en de interpretatie van de data is uitbesteed aan een extern bureau, de hiermee gemoeide kosten zijn nu al opgenomen in het materiële budget.

Meldingen en besluiten worden adequaat behandeld door medewerkers met voldoende kennis en ervaring op dit specifieke onderdeel. Er is een opleidingstraject gestart voor de monstername en de bijbehorende interpretatie en is het toezicht geïntensiveerd. Daarnaast heeft de dienst een speciaal kennis team water en nauwe samenwerking met het Hoogheemraadschap van Rijnland. Ad20) Externe Veiligheid Frequentie en aantal wordt niet gehaald vanwege onvoldoende mogelijkheden om QRA’s (kwantitatieve risicoanalyses) op te stellen omdat het aantal bedrijven waarvoor deze taak uitgevoerd kan worden te klein is. Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Via het EV-netwerk binnen de provincie wordt samengewerkt om de benodigde kennis te borgen. Ad 22) Groen en Ecologie Frequentie en aantal wordt niet gehaald vanwege onvoldoende aanbod van werkzaamheden. Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Als aanvullende oplossing is een externe collegiale toets uitgevoerd door een andere dienst dan wel een extern adviesbureau.

Agendapunt 5 AB 10 mei 2021: Jaarstukken 2020 (2021006532)

65 / 72

2.2 Stand van zaken procescriteria en criteria voor inhoudelijke kwaliteit en prioriteiten De procescriteria zijn gebaseerd op de dubbele beleidscyclus van de BIG-8. Een toets op de procescriteria is tevens een toets op de inhoudelijke kwaliteit en prioriteiten. In tabel 2 (volgende pagina) wordt beschreven welke oplossingen we kiezen om te zorgen dat we voldoen aan de kwaliteitscriteria. Tabel 2: Procescriteria en criteria voor inhoudelijke kwaliteit en prioriteiten VV

T&H

1. Rapportage en Evaluatie Verantwoording van prestaties, mensen en middelen Probleem analyse VV (incl afhandelen meldingen) Probleem analyse T&H Vergelijking en auditing

1

2. Strategisch beleidskader Prioriteit en meetbare doelstellingen VV Prioriteit en meetbare doelstellingen T&H

1

3. Operationeel beleidskader Strategie en Basiswerkwijze Beleid RO t.a.v. VV Objectieve criteria beoordelen en beslissen VV Naleefstrategie T&H Toezicht Strategie Sanctiestrategie Gedoogstrategie 4. Planning en controle Borging Personele en financiele middelen Uitvoeringsprogramma VV en T&H Organisatorische condities Kwaliteitsborging

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10039599/1