2. Politieke vragen ex art. 41 van het RvO van het lid J.H. Haasnoot van 20 december 2021 naar aanleiding van komende besluitvorming over bestemmingsplan Valkenhorst (2779523)
Tekst van het document
Politieke vragen ex artikel 41 RvO Aan: College van Burgemeester & Wethouders der gemeente Katwijk Van: Fractie KiesKatwijk Betreft: Onderhandse deal met ontwikkelaar 20 december 2021.
Geacht College, Hierbij neem ik de vrijheid u een aantal vragen te stellen in de aanloop naar de besluitvorming over een bestemmingsplan Valkenhorst. Ik heb me beperkt tot wat ik op dit moment als hoofdzaken zie. Mocht de omvang van het aantal vragen u desondanks tegenvallen dan zou ik daarbij willen opmerken dat we gedurende lange tijd slechts op ad hoc momenten beperkte informatie op hoofdlijnen van uw college hebben gekregen. Bovendien betrof het meestal informatie met een nogal algemeen abstract karakter, waarbij ik moet aannemen dat er bovendien sprake was van een selectieve keuze over wat er wel en niet werd prijsgegeven. Aan het eind van de rit moet ik nu op basis van nogal veel informatie die allemaal tegelijk beschikbaar komt mij een beeld vormen van de ins en outs van wat er bereikt is. Omdat dit best lastig is leidt dit tot een relatief groot aantal vragen. Desondanks merk ik op dat ik door de geplande behandelingsperiode verplicht was om deze vragen uiterlijk op 20 december in te leveren en ik er ondanks vele lange dagen van noeste arbeid niet in geslaagd ben om het grootste deel van de beschikbare informatie te bestuderen. Mocht u de behoefte gevoelen om bij sommige vragen de beantwoording te willen classificeren als ‘geheim’ of ‘vertrouwelijk’ dan heb ik daar, als er een goede reden voor is, op voorhand geen bezwaar tegen.
Vragen n.a.v. de komende besluitvorming m.b.t. het bestemmingsplan Valkenhorst. 1. U heeft destijds gekozen voor een anterieure overeenkomst met het Rijk bij deze gebiedsontwikkeling en hebt vervolgens dezelfde lijn doorgezet naar een overeenkomst met BPD.
1.1. Zou u met de huidige stand van zaken nog steeds op voorhand voor deze benadering kiezen boven het maken van een (of meerdere) exploitatieplan(nen), indien de door u ondertekende overeenkomst(en) geen stand blijkt/blijken te kunnen houden?
1.2. Kunt u inzicht bieden in de voor- en nadelen (ook in financiële termen) van beide benaderingen voor onze specifieke situatie op het moment dat de SOK ontbonden zou worden?
1.3. Is het juist dat in een onder gemeentelijke regie opgesteld exploitatieplan de ambities van de gemeenteraad, zoals bijvoorbeeld vastgelegd in de Nota Stedenbouwkundige Uitgangspunten d.d. 16 mei 2018, direct vertaald kunnen worden in eisen en kostenramingen?
1.4. Is het juist dat een deugdelijk exploitatieplan, dat voldoet aan eisen van proportionaliteit, redelijkheid en toerekenbaarheid, verder niet ter discussie gesteld kan worden door de grondeigenaar als de kosten daarvan gedekt kunnen worden uit de opbrengst van de gronden op het voormalig Vliegkamp Valkenburg?
1.5. Kunt u de gemeenteraad een concreet en onderbouwd inzicht bieden in wat we in de huidige afspraken missen qua kwaliteit, ingeleverde ambities en gemeentelijke financiële tekorten in relatie tot wat een deugdelijk exploitatieplan voor onze gemeente zou kunnen opleveren?
1.6. Zo nee, bent u het dan met ondergetekende eens dat het gemeentebestuur dat inzicht wel zou moeten hebben om het voorliggende resultaat in de vorm van een bestemmingsplan c.a. te kunnen beoordelen, zeker omdat we in de verste verte geen ‘zwarte cijfers’ zullen schrijven als gemeente?
1.7. Op dit moment (20 december 2021) is er geen volledige duidelijkheid of transparantie over de financiële gevolgen voor de gemeente en kan ook niet beoordeeld worden of de draagkracht van de gemeente voldoende is om deze kosten te dragen. Verder is er geen transparantie m.b.t. de grex die door de grondeigenaar is opgesteld, zodat ook een oordeel over de redelijkheid van het kostenverhaal niet mogelijk is. Mijns inziens vormen dit juridische belemmeringen om het concept bestemmingsplan ter besluitvorming aan de gemeenteraad voor te kunnen leggen. Wat is uw standpunt terzake en op welke wijze onderbouwt u dat?
1.8. Zou het geen aanbeveling verdienen om gezien de desastreuze uitkomst van de onderhandelingen over de SOK een strategie te ontwikkelen die leidt tot een daadwerkelijke regie van de gemeente op de ruimtelijke ontwikkelingen, een rechtvaardig kostenverhaal leidend tot het schrijven van ‘zwarte cijfers’ door de gemeente, en een beter maatschappelijk rendement?
2. Citaat uit concept-bestemmingsplan: De bouw van 5.600 woningen past in de prognoses van de woningbehoefte in onze gemeente zoals die opgenomen zijn in de Regionale woonagenda. De transformatie van het 'Woongebied Valkenhorst' is opgenomen op de lijst met
2
woningbouwplannen die bij de Regionale Woonagenda hoort.1
2.1. Waarom wordt hier niet ingegaan op de interne samenstelling van het (problematische) woningbouwprogramma waarvan door B&W en anderen in officiële brieven wordt gezegd dat het in strijd is met het Regionaal Woningbouwprogramma Holland Rijnland?
2.2. Bent u van mening dat gezien het voorgaande er argumenten zijn waarom het voorgestelde woningbouwprogramma desondanks kan worden opgenomen als onderdeel van het bestemmingsplan?
a) Zo ja, welke zijn die argumenten?
b) Zo ja, hoe is dat te rijmen met uw inspanningen om de motie Grinwis tot stand te laten komen en met uw publieke uitingen om die motie te ondersteunen die een minimum van 50% betaalbare woningen voorstaat?
c) Bent u in dat kader bereid om de gemeenteraad voor te stellen om tenminste 2800 (of mogelijk meer) betaalbare woningen op Valkenhorst in het bestemmingsplan op te nemen?
d) Zo nee, welke zijn uw argumenten om uw opvattingen niet te vertalen in daarbij passend bestuurlijk gedrag en tot welke inspanningen bent u wel bereid?
3. Het Rijk heeft de ambitie om in onze omgeving een permanent AZC te stichten om de problemen die de Rijksoverheid heeft met de opvang van asielzoekers te kunnen verlichten. Desondanks zie we in tabel 4.1.1. van het bestemmingsplan bij “Voorzieningen” geen AZC opgenomen maar bestaat het voornemen zo’n instelling in het toekomstig natuur- en recreatiegebied Mient Kooltuin op te nemen, buiten het plangebied en niet op rijksgrond. Dit lijkt niet alleen onlogisch en onwenselijk, maar geeft ook te denken m.b.t. de bestuurskracht van dit college dat daar klaarblijkelijk in het vooroverleg mee heeft ingestemd.
3.1. Vindt u het bestuurlijk c.q. planologisch maar ook moreel juist en verdedigbaar om een omvangrijk gebouw(encomplex) niet op het enorm grote (woning)bouwterrein van het Rijk te situeren, maar juist in het enorm schaarse natuur- en recreatiegebied in de periferie, dat (extra) noodzakelijk wordt door de enorme toename van de verstedelijking in de directe
3
1Zie onderdeel 5.1.4.4 Regionale woonagenda Holland Rijnland https://publiek.tercera-ro.nl/officieel/0537/NL.IMRO.0537.bpVLKplv-ON01/t_NL.IMRO.0537.bpVLKplv-ON01.html
nabijheid?
3.2. Wat is uw afweging en argumentatie, en waarom heeft u niet voor de logisch weg gekozen door (woon)gebouwen in het woongebied op te nemen, en het Rijk deze voorziening op eigen grond laten aanleggen?
4. Door geen sportvelden te situeren in het plangebied parasiteert Valkenhorst c.q. de grondeigenaar op voorzieningen elders in de gemeente en wordt aldus een onterechte meeropbrengst bij de grondverkoop gerealiseerd. Er zijn naar de mening van ondergetekende twee mogelijkheden, ofwel sportvelden in Valkenhorst aanleggen, of een heffing op de grondopbrengsten ter compensatie regelen zodat de noodzakelijke sportvoorzieningen elders kunnen worden aangelegd of gerenoveerd.
4.1.
Bent u het eens met deze zienswijze? Zo nee, waarom niet?
4.2. Is er een bijdrage geregeld uit de grondexploitatie ten gunste van het in het gebied reeds aanwezige sportpark van voetbalvereniging Rijnvogels ten einde daar een uitbreiding te realiseren die ongetwijfeld noodzakelijk zal zijn als er 10.000 mensen naast dit sportterrein komen wonen?
4.3. Zijn er voldoende bijdragen zeker gesteld voor de bouw van inpandige sport- en culturele voorzieningen? Is Ton Frissen het daar ook mee eens?
4.4. Zou het niet verstandig zijn om de lokale hockeyvereniging op Valkenhorst te huisvesten zodat we de huidige locatie van de vereniging een alternatieve bestemming kunnen geven?
4.5. Waarom is er geen mountainbike circuit opgenomen in de plannen? Bent u bereid dit plan waarvoor de gemeente Katwijk zich voorheen heeft ingezet alsnog in te brengen?
5. Citaat 5.1.5.2 betreffende Woonagenda Katwijk 2020-2024: ‘In het 'Woongebied Valkenhorst' zijn 5.600 woningen voorzien, waarvan volgens de ambitie 1.500 (30%) voor de Katwijkse woningbehoefte.’
5.1. Op welke wijze c.q. via welk instrumentarium gaat u bewerkstelligen dat deze ambitie werkelijkheid wordt?
4
5.2. Kunt u een plaatje schetsen tot welke aantallen woningen dat in welke categorieën gaat resulteren?
5.3. Op welke wijze verzekert u de gezien de vergrijzing noodzakelijke hoeveelheid woonvoorzieningen voor senioren, inclusief die met zorgfunctie?
5.4. Op welke wijze verzekert u de bouw van specifieke (semi-permanente) huisvesting voor jongeren en andere specifieke doelgroepen die beginnen met een wooncarrière of die in acute (woon)problemen verkeren? 6. Citaat bestemmingsplan 5.1.5.3 Groenbeleidsplan 2020-2029 Goed Groen: ‘...aandacht besteden aan de parken in de gemeente. Geef de parken meer 'cachet. Een naar buiten gerichte groenstructuur is een belangrijke methode om de parken meer te laten opvallen.’ En: ‘Ecologische waarde van gemeente Katwijk verhogen door het omringende landschap en de waardevolle natuur naar binnen te trekken. Ervoor zorgen dat de omringende natuur aansluit op het binnenstedelijk groen.’
6.1. Zijn er parken voorzien in de verstedelijkte omgeving van het woongebied? Kunt u aangeven hoeveel ha. dit betreft binnenplans?
6.2. Zo nee, hoe kan dit bestemmingsplan dan in overeenstemming zijn met het Groenbeleidsplan?
7. Paragraaf 2.2 geeft B&W de bevoegdheid tot het wijzigen van de ligging van hoofdstructuren in het plangebied, zoals verkeers- en waterstructuren.
7.1. Is het juist dat dit impliceert dat de gemeenteraad de facto beslist over het bestemmingsplan m.u.v. de verkeers- en waterstructuren, die immers elke dag naar goeddunken (binnen zeer ruime beperkende voorwaarden) door B&W kunnen worden veranderd?
7.2. Is het stedenbouwkundig raamwerk bepalend m.b.t. waar de verkeers- en waterstructuren zijn gesitueerd?
8. De stedenbouwkundige raamwerken zijn opgesteld door RVB en BPD. Ambtenaren mogen die werkstukken slechts toetsen op het al dan niet voldoen aan algemene gemeentelijke regels.
5
8.1. Is het juist dat de gemeenteraad daarom “gedurende de rit” geen enkele invloed kan uitoefenen op de inhoud van het stedenbouwkundige raamwerk, zoals de verkaveling van het terrein, gehanteerde bouwhoogten, etc.? 8.2. Op welk moment is door wie bepaalt welk deel van het woningbouwprogramma op wiens grondgebied gerealiseerd zal worden? 8.3. In hoeverre is de besluitvorming door de gemeenteraad m.b.t. dit beleidsstuk zinvol te noemen gezien het feit dat amendering van het stuk niet mogelijk schijnt te zijn? 8.4. Impliceert dit dat de gemeenteraad als enige instrument het amenderen van beleidsregels in het bestemmingsplan kan benutten? 8.5. Wat gebeurt er als de gemeenteraad een of beide stedenbouwkundige raamwerken niet goedkeurt?
9. Wat is de reden dat er gekozen is voor slechts 3 bestemmingsplannen voor deze enorme gebiedsontwikkeling c.q. waarom is er afgeweken van de eerder voorgenomen werkwijze waarbij de gebiedsontwikkeling in veel meer, en dus kleiner in omvang zijnde, fasen zou worden opgesplitst?
9.1.
Wiens belang wordt hiermee gediend c.q. wat zijn de voor- en nadelen (voor wie)?
9.2. Is dat de verklaring voor het feit dat deelgebied 1 niet minder dan 62,5% (3500 stuks) van het totaal aantal te bouwen woningen omvat, terwijl in oorsprong werd uitgegaan van een startgebied met 1000 a 1500 woningen? 9.3. Ligt hier een verband met het feit dat een rudimentaire en niet goed uitgewerkte Nota Kostenverhaal uit 2015 de onderlegger voor het kostenverhaal vormt?
9.4. Is het juist dat door de niet goed uitgewerkte Nota Kostenverhaal heel veel kosten die bij de grondeigenaar horen, zoals bovenplanse kosten, nu voor rekening van de gemeente komen?
9.5.
Geldt voor de laatste fase(n) een ander kostenverhaal dan voor de 3500 woningen?
10. Wie bepaalt m.b.v. welk beslisinstrument op welke plaatsen het openbaar vervoer in de gebiedsontwikkeling aanwezig is?
11. Een belangrijke drager van de toekomstige identiteit van het gebied vormt een krekenstructuur die het terrein in de richting West-Oost doorsnijdt en die ook een zinvolle functionele betekenis heeft. Van de gewenste omvangrijke krekenstructuur zoals in de IRV voorgesteld en waar de
6
gemeenteraad mee in haar nopjes was is weinig overgebleven in de plannen.
11.1. Wie heeft op welk moment en om welke redenen voorgesteld dat de gedachte krekenstructuur zou moeten worden afgewaardeerd naar het niveau van twee brede sloten?
11.2. Heeft de gemeenteraad ooit eerder de gelegenheid gekregen om over dit aspect besluitvormende uitspraken te doen of is de besluitvorming over het bestemmingsplan de eerste gelegenheid om dat te doen?
12. Bent u tevreden m.b.t. de voor dit gigantische plan toegepaste participatie in de vorm van drie vrijblijvende participatiebijeenkomsten waarbij geïnteresseerden de mogelijkheid hadden een papiertje in de ideeënbus te doen?
13. Waarom is de ooit geplande ROK (raamovereenkomst) nooit gerealiseerd?
13.1. Op welke wijze wordt in de huidige opzet het integrale karakter van het hele gebied, zoals dat ten tijde van de IRV (Integrale ruimtelijke Verkenning) is gedefinieerd, nu overall gestuurd en bewaakt?
13.2. Kunt u een schets geven van de afhankelijkheden (c.q. op welke terreinen die relaties een rol spelen), die er zijn tussen de woongebieden en de aanpalende gebieden die in het algemeen een andere functie hebben?
14. In de brief van het college van 7 oktober 2021 inzake financiële Impactanalyse Gebiedsontwikkeling Valkenhorst (2717127) geeft u met een eufemisme aan dat wij als gevolg van de gebiedsontwikkeling op het voormalig Vliegkamp Valkenburg (c.q. als gevolg van een niet toereikend kostenverhaal) in de nabije toekomst “scherpe keuzes” moeten maken. Citaat: “Dit maakt dat we in de komende jaren scherpe keuzes moeten maken in de realisatie van onze ambities (scholen, energietransitie, klimaat, sport, groen). Dit vraagt er ook om het financiële kader waarbinnen we gewend zijn te opereren tegen het licht te houden en een handelingskader voor de toekomst te formuleren. Het beperken van de uitgaven, bevorderen van efficiency in de eigen organisatie, bevorderen van de samenwerking met derden, aanboren van externe financiering en waar nodig verhogen van de algemene lasten zijn de voor de hand liggende denkrichtingen om het geheel financieel sluitend te houden.”
14.1. Bent u van mening dat de kosten die op onze gemeente afkomen als gevolg van deze gebiedsontwikkeling, en meer specifiek vooral alle bovenplanse kosten (Valkenburgse Meer, Mient Kooltuin, verkeersmaatregelen elders, bescherming Natura2000 gebied, inrichting barakkenzone langs N441, maatschappelijke voorzieningen, uitbreiding ambtenarenapparaat en -huisvesting), een natuurverschijnsel c.q. onbeïnvloedbaar zijn of waren, of bent u het met
7
ondergetekende eens dat deze situatie een rechtstreeks gevolg is van de afspraken die u heeft gemaakt met de grondeigenaar door als B&W de SOK te ondertekenen?
14.2. Hoe is het verklaarbaar dat uw college bij ondertekening van de SOK geen idee had van de orde van grootte van de kosten die voortvloeien uit de voorwaarden in het contract, en dat u na een jaar studie deze (gevolg)kosten nog steeds niet volledig in beeld hebt, althans de gemeenteraad daarover nog niet volledig ingelicht heeft?
14.3. Op welke moment kunt u een volledig en compleet beeld schetsen van de kosten die voor de gemeente voortvloeien uit de gebiedsontwikkeling Valkenhorst?
14.4. Beseft u dat u, gezien de verwachte tekorten en de ingeleverde ambities, onze gemeente en haar inwoners enorme financiële en maatschappelijke schade hebt berokkend met de ondertekening van deze SOK, terwijl er slechts in beperkte mate (maximaal 30% van het woningbestand) woonruimte kan worden geboden voor de eigen inwoners?
14.5. Op welk moment kunt u aangeven op welke wijze er door de gemeente dekking moet worden gevonden om de gebiedsontwikkeling Valkenhorst te kunnen betalen? Op welk moment gaat u deze vooruitzichten verwerken in de gemeentelijke begroting?
14.6. Bent u het met ondergetekende eens dat niet van de gemeenteraad gevergd kan worden om een concept bestemmingsplan voor besluitvorming in behandeling te nemen als er geen voldoende duidelijkheid is wat de te verwachten kosten voor de gemeente zijn die samenhangen met de gebiedsontwikkeling en in welke mate die te verhalen zijn op de grondopbrengsten?
14.7. Bent u het met ondergetekende eens dat de noodzakelijke en aanzienlijke bezuinigingen die het rechtstreeks gevolg zijn van deze SOK in de eigen organisatie niet beperkt kunnen blijven door te streven naar meer efficiency, een streven dat al meer dan 10 jaar wordt uitgedragen?
14.8. Is het gezien het financiële perspectief van de gemeente, dat u zelf schetst in termen van zorgwekkendheid, verstandig om nieuwe financiële verplichtingen aan te gaan voor onverplichte taken, zoals recent weer de deelname aan wat de facto een toekomstig Regionaal Warmtebedrijf wordt onder Leidse regie, waarbij in dit voorbeeld ook nog sprake is van (in jargon) een ‘camelnose’, en de toegevoegde waarde voor de gemeente Katwijk twijfelachtig is
8
omdat we op overzienbare termijn geen grote hoeveelheden woningen2 in bestaand stedelijk gebied aan een regionale stadsverwarming zullen aansluiten?
14.9. U schrijft elders in de genoemde brief qua organisatie niet op alle terreinen klaar te zijn voor de grootstedelijke opgaven waarvoor Katwijk zich gesteld ziet.
a) Is ook dat geen extra reden om geen nieuwe verplichtingen meer aan te gaan of om bestaande projecten te saneren (zoals Hoornes Aardgasvrij) die voor onze gemeente (te) complex en (te) arbeidsintensief zijn, ook bezien vanuit de invalshoek van het maatschappelijk rendement dat ze eventueel zouden kunnen opleveren?
b) Is de onwaarschijnlijk lange reeks (deels) mislukte of niet volgens de verwachting verlopen projecten of activiteiten in deze collegeperiode, waarmee altijd aanzienlijke extra kosten samenhangen, niet ook een aanwijzing dat het noodzakelijk is om het gemeentelijk takenpakket af te schalen en/of het professionaliseringsproces op een andere leest te schoeien?
15. Is er op dit moment duidelijkheid over welke energiebronnen gebruikt gaan worden voor de verwarming van huizen in Valkenhorst en wie de kosten draagt voor de benodigde infrastructuur?
16. Zijn er na de afwijzende reactie van het Rijk op de vraag naar financiering van een state-of-the-art sanitatie op Valkenhorst, passend bij duurzaamheids- en klimaatdoelstellingen van het Rijk, inmiddels pogingen ondernomen om bij het nieuwe kabinet gehoor te krijgen voor deze vanzelfsprekende ambitie?
16.1. Bent u bereid om t.b.v. de gemeenteraad aan te geven op welke wijze de raad concrete regels en voorwaarden in het bestemmingsplan of in andere beleidsstukken kan opnemen om een bij de ambities van het klimaatakkoord passende sanitatie op Valkenhorst te kunnen voorschrijven op kosten van de grondexploitatie?
17. In de brief van het college van 7 oktober 2021 inzake Financiële Impactanalyse Gebiedsontwikkeling Valkenhorst (2717127) staat dat het college in het eerste kwartaal van 2022 een aanpassing van de Nota Kostenverhaal heeft gepland. Kunt u aangeven welke elementen om welke redenen noodzakelijkerwijs moeten worden aangepast in de gemeentelijke Nota
2Voor de wijk Valkenhorst is geen regionaal warmtebedrijf nodig omdat deze wijk een eiland vormt dat niet aan regionale
9
systemen gekoppeld hoeft te worden, maar desgewenst een directe aansluiting zou kunnen krijgen op WarmteLinq+ indien deze leiding tot stand komt, of anders zelfvoorzienend zou kunnen worden opgezet.
Kostenverhaal?
18. Is het juist dat de gemaakte afspraken over kostenverhaal rond Valkenhorst overeenkomen met datgene dat in de rudimentaire Nota Kostenverhaal is vastgelegd en dat daardoor het kostenverhaal niet dekkend is?
19. Wordt het kostenverhaal m.b.t. Valkenhorst straks aangepast na de actualisering van de Nota Kostenverhaal? Zo nee, waarom heeft u dat niet bedongen in de onderhandelingen rond de SOK, of eerst het kostenverhaal goed geregeld alvorens afspraken te maken met het RVB die zeer ingrijpende (financiële) gevolgen voor de gemeente hebben?
20. Kunt u aangeven en in een overzicht laten zien welk deel van de diverse kosten (binnenplanse kosten, kosten voor bovenwijkse voorzieningen, bovenplanse kosten, bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen) die door de gemeente Katwijk gemaakt moeten worden op welke wijze zijn gedekt in het huidige kostenverhaal?
21. Welke voorzieningen moet de gemeente Katwijk (met de huidige afspraken) nog voor eigen rekening aanleggen binnen het plangebied c.q. wat zijn de (onder de huidige afspraken niet declarabele) kosten hiervan?
22. Bent u het eens met ondergetekende dat ook de voorheen door de gemeente Katwijk gedane investeringen, die geheel of gedeeltelijk gerelateerd zijn aan de gebiedsontwikkeling, zoals de uitbreiding van het gemeentehuis of de extra bijdrage van Katwijk aan de Rijnlandroute van 8,6 miljoen euro om dit project na een kritieke impasse toch mogelijk te maken, (in ieder geval gedeeltelijk) tot de declarabele kosten moeten worden gerekend? Zonder de extra bijdrage van 8,6 miljoen euro van de gemeente Katwijk zou er immers niet gebouwd kunnen worden op het voormalig vliegveld?
22.1. Indien u die mening niet deelt, geldt die opvatting dan ook voor de Rijksoverheid die naar wij kunnen aannemen wel alle het verleden gedane uitgaven betrekt bij de inbrengwaarde van de grond op het voormalig Vliegkamp Valkenburg, maar daar overigens niet transparant over wil zijn naar een mede-overheid?
22.2. Is hier niet sprake van een discrepantie en ongelijkwaardigheid indien de ene partij maatstaven hanteert die aan de andere partij niet worden gegund?
23. Hoe hoog zijn de verhaalde c.q. te verhalen kosten op Valkenhorst gerekend per woning en wat moet er door de gemeente gemiddeld per woning worden bijgelegd?
10
24. Kan ik er van uit gaan dat het plan voor de gebiedsontwikkeling voor de gemeente financieel sluitend gemaakt wordt doordat het ontbrekende bedrag dat nodig is om als gemeente zwarte cijfers te kunnen schrijven wordt verhaald op de grondeigenaar, die immers een miljardenomzet op de grondverkoop gaat realiseren waardoor er voldoende ruimte in de grondexploitatie zal zitten?
24.1. Indien u dat principe afwijst, wat is dan uw argumentatie en waarom kan de Rijksoverheid die norm volgens u wel hanteren?
24.2. Denkt u dat het in het belang van het Rijk (of de provincie) is als door een onterechte kostenverdeling de gemeente Katwijk aan de bedelstaf wordt gebracht?
24.3. Indien u het principe van “zwarte cijfers voor de gemeente” bij deze gebiedsontwikkeling afwijst, wie moet de resulterende verliezen dan dragen?
24.4. Zou deze houding een precedentwerking kunnen opleveren in de richting van andere projecten waarin de gemeente betrokken zal worden?
24.5. Indien u dat principe afwijst, welke norm of welk kengetal zou u dan willen hanteren als plafond om de hoogte en aanvaardbaarheid van de investeringen die voortvloeien uit de gebiedsontwikkeling Valkenhorst te kunnen beoordelen?
25. In de brief van het college van 7 oktober 2021 inzake Financiële Impactanalyse Gebiedsontwikkeling Valkenhorst (2717127) spreekt u van een ‘programmaplan’ dat nog niet financieel sluitend is.
25.1. Wanneer kunt u dit plan in een financieel sluitende vorm aan de gemeenteraad voorleggen?
25.2. Is dit programmaplan in overeenstemming met de ambities die in het verleden door de gemeenteraad zijn uitgesproken?
a) Zo nee of indien onduidelijk, is het juist dat een dergelijk programmaplan in overeenstemming zou moeten zijn met de hoofdlijnen van beleid zoals de gemeenteraad die bepaalt totdat het tegendeel is gebleken?
25.3. Moet ik er veronderstellenderwijs van uitgaan dat uw programmaplan is gebaseerd op het door u onderhands en zonder voorafgaand consent van de gemeenteraad in 2020 gesloten
11
contract (SOK) met het Rijk?
25.4. Van wie is oorspronkelijk het idee afkomstig om de besluitvormingsrol van de gemeenteraad m.b.t. de SOK om te buigen naar een positie waarin slechts wensen en bedenkingen konden worden geuit? Wat waren de overwegingen?
25.5. Is het met de kennis van nu verstandig geweest om de gemeenteraad qua besluitvorming te negeren, en de gemeenteraad pas na vele maanden gelegenheid te bieden om slechts bij het wettelijk voorgeschreven beslismoment (bij het vaststellen van het bestemmingsplan) een rol te gunnen?
25.6. Is het met de kennis van nu verstandig geweest om het vergaande en enorm inperkende c.q. voor Katwijk in alle opzichten nadelige contract (SOK) met het Rijk te tekenen, terwijl u op dat moment niet beschikte over kennis c.q. niet kon beschikken over kennis betreffende de financiële en andere gevolgen van dit contract?
25.7. Hoe moeten we uw inspanningen zien en duiden m.b.t. het bevorderen van het indienen van de motie Grinwis in de Tweede Kamer, en uw steun daarvoor achteraf, terwijl u zelf nog maar enkele maanden daarvoor blijkbaar en naar eigen zeggen in volle overtuiging een contract heeft ondertekend dat deze motie (terecht overigens) poogt onderuit te halen, omdat de inhoud daarvan (in ieder geval wat het woningbouwprogramma betreft) maatschappelijk onaanvaardbaar is?
25.8. In de brief van het college van 7 oktober 2021 inzake Financiële Impactanalyse Gebiedsontwikkeling Valkenhorst (2717127) geeft u toe nog steeds geen volledig overzicht te hebben van de financiële gevolgen van de SOK.
a) Op welk moment denkt u wel te weten hoe de vlag er bij hangt?
b) Bent u het met ondergetekende eens dat op het moment dat het bestemmingsplan ter besluitvorming wordt aangeboden er volstrekte duidelijkheid en helderheid moet zijn wat betreft de (verwachte) kosten voor de gemeente die in welke vorm dan ook samenhangen met het dan aangeboden bestemmingsplan?
25.9. In de genoemde brief geeft u aan dat er op 28 september al minimaal 120 miljoen aan noodzakelijke investeringen op dat moment geïdentificeerd zijn, en dat dit bedrag dus naar alle waarschijnlijkheid nog hoger wordt.
12
a) Bent u het met ondergetekende eens dat een investeringsbedrag in die orde van grootte voor een gemeente als Katwijk, en onder de huidige (financiële) omstandigheden, niet haalbaar is c.q. dat de gevolgen hiervan (voor de inwoners) niet te dragen en niet aanvaardbaar zijn, zeker niet als we een relatie leggen met het maatschappelijk rendement voor onze gemeente?
b) Op Valkenhorst zal voor de regio en daarbuiten worden gebouwd, en deze wijk zal slechts voor een beperkt aantal inwoners uit onze gemeente huisvesting kunnen bieden. Kunt u een aantal scenario's schetsen van de kosten per woning op Valkenhorst t.b.v. Katwijkse woningzoekenden die daar gaan wonen, die door de gemeente (lees: haar inwoners) moeten worden opgehoest? N.B. Hierbij moeten uiteraard alle directe en indirecte kosten worden meegenomen die ontstaan door de gebiedsontwikkeling (zie b.v. de vragen 6 t/m 9).
c) Hoeveel (betaalbare) woningen zouden met dat bedrag voor Katwijkse ingezetenen in de wijk Hoornes kunnen worden gerealiseerd, als we hier op grootschalige wijze met stadsvernieuwing zouden starten en dat combineren met verdichting en herstructurering van de wijk?
d) Wilt u om de gemeenteraad enigszins een vergelijk te bieden de kosten per woning voor de gemeente op de uitleglocatie Valkenhorst vergelijken met de kosten per woning in een vijftal recente wat grotere binnenstedelijke woningbouwprojecten in onze gemeente of de regio zijn uitgevoerd, waaronder met de kosten per woning voor de gemeente Oegstgeest in de gebiedsontwikkeling Nieuw Rhijngeest, en ons daarover rapporteren? N.B. Hierbij moeten uiteraard alle directe en indirecte kosten worden meegenomen die ontstaan door de gebiedsontwikkeling (zie n.v. vragen 6 t/m 9).
26. Is er op eenduidige en niet voor interpretatie vatbare wijze geregeld en verzekerd dat de voorzieningen van algemeen nut die de grondeigenaar gaat aanleggen in het plangebied voldoen aan de eisen en het ambitieniveau (kwaliteit, duurzaamheid) van de gemeente(raad)?
26.1. Zijn hier risico’s voor overmatige c.q. niet verwachte onderhoudskosten i.v.m. te lage kwaliteit van de door de grondeigenaar te verrichten investeringen?
26.2. Wat zijn uw ervaringen met de grondeigenaar m.b.t. dit type onderwerpen in deze voorbereidingsfase? Is er sprake van een redelijke opstelling en gelijkwaardigheid in de relatie?
27. Art. 6.2.4.d Bro zegt het volgende over declarabele kosten: “de kosten van maatregelen, plannen, besluiten en rechtshandelingen met betrekking tot gronden, opstallen, activiteiten
13
en rechten in het exploitatiegebied, waaronder mede begrepen het beperken van milieuhygiënische contouren en externe veiligheidscontouren”
Art. 6.2.5. noemt: i. uit een oogpunt van milieuhygiëne, archeologie of volksgezondheid noodzakelijke voorzieningen.
27.1. Waarom kunnen c.q. worden niet alle kosten die samenhangen met een state-of-the-art sanitatie worden doorberekend aan de grondeigenaar?
27.2. Zijn er wettelijke of andere beletselen, of is het niet doorberekenen een keuze van B&W?
27.3. Indien het laatste, kunt u dan gedetailleerd aangeven op welke overwegingen die keuze dan gebaseerd is c.q. welke wettelijke beperkingen er zijn?
28. In art. 6.2.4. Bro staat m.b.t. declarabele kosten het volgende: e. de in artikel 6.2.3 en de onder a tot en met d en g tot en met n bedoelde kosten met betrekking tot gronden buiten het exploitatiegebied, waaronder mede begrepen de kosten van de noodzakelijke compensatie van in het exploitatiegebied verloren gegane natuurwaarden, groenvoorzieningen en watervoorzieningen; f. de in artikel 6.2.3 en de onder a tot en met d bedoelde kosten, voor zover deze noodzakelijk zijn in verband met het in exploitatie brengen van gronden die in de naaste toekomst voor bebouwing in aanmerking komen;
28.1. Waarom kunnen c.q. worden niet alle kosten die samenhangen met de herinrichting van de gebieden Mient Kooltuin en het Valkenburgse Meer (worden) doorberekend aan de grondeigenaar?
28.2. Zijn er wettelijke of andere beletselen, of is het niet doorberekenen een keuze van B&W?
28.3. Indien het laatste, kunt u dan gedetailleerd aangeven op welke overwegingen die keuze gebaseerd is?
29. Worden alle kosten die samenhangen met de verkeerskundige maatregelen buiten het gebied Valkenhorst die noodzakelijk worden door de aanleg van de woonwijk ook doorberekend aan de grondeigenaar van Valkenhorst?
29.1. Zo ja, kunt u aangeven welke maatregelen op welke locaties u gaat doorberekenen?
14
30. Een van de ambities van de gemeenteraad is het effect van de barrièrewerking van de Rijnlandroute tussen Valkenburg en Valkenhorst te verminderen zodat de nieuwe wijk geen eiland wordt. Een van de middelen daartoe was een ruime brede overkluizing over de N206. Naar nu blijkt wordt er een verbinding gerealiseerd die al is gekarakteriseerd als een ‘plank’.
30.1. Wat is globaal gesproken het verschil in kosten tussen deze “plank” en een brede van groen voorziene verbinding die past bij de ambitie van de gemeenteraad?
30.2. \Wat zijn of waren de overwegingen van het college, nu er al zoveel is ingeleverd op de ambities van de gemeenteraad, om deze deal die een ‘plank’ omvat te aanvaarden?
30.3. Heeft de gemeenteraad ooit eerder de gelegenheid gekregen om over dit aspect besluitvormende uitspraken te doen of is de besluitvorming over het bestemmingsplan de eerste gelegenheid om dat te doen?
31. Art. 6.2.4. noemt de volgende declarabele kosten bij gebiedsontwikkelingen: m. niet-terugvorderbare BTW, niet-gecompenseerde compensabele BTW, of andere nietterugvorderbare belastingen, over de kostenelementen, genoemd onder a tot en met l; n. rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten, verminderd met renteopbrengsten.
31.1. Heeft de gemeente Katwijk dit type kosten gemaakt i.v.m. de gebiedsontwikkeling?
31.2. Zo ja, kunt u daar een specificatie van geven?
31.3. Zo ja, worden deze kosten gedeclareerd?
32. Art. 6.2.5. Bro noemt als declarabele kosten: h. gebouwde parkeervoorzieningen, voor zover deze leiden tot optimalisering van het grondgebruik en verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte, openbaar toegankelijk zijn en voornamelijk worden gebruikt door bewoners en gebruikers van het exploitatiegebied, voor zover de aanlegkosten bij of door de gemeente in rekening worden gebracht en niet via de gebruikstarieven kunnen worden gedekt;
In 2018 heeft de raad als uitgangspunt vastgesteld: “Parkeren van auto’s is zo ingepast dat dit uit het zicht, geclusterd in, op of onder een gebouw wordt opgelost (zie de deelopgave mobiliteit en parkeren).”
Hieraan ligt de ambities van de gemeenteraad ten grondslag om op Valkenhorst de mens centraal
15
te stellen en niet de auto. In de raadsinformatiebrief d.d. 8 november 2019 deelt u de gemeenteraad mee wat uw ambities zijn ter zake van Valkenhorst. Een citaat uit deze brief: “Voetganger en fietser gaan voor, het HOV is duurzaam, de auto is ‘te gast’ en staat zo veel mogelijk uit beeld en mogelijk op afstand. Het college wil geen of nauwelijks geparkeerde auto’s in de openbare ruimte en wil tevens voorkomen dat er grote oppervlaktes in het zicht geparkeerde auto’s ontstaan. Collectieve oplossingen uit het zicht, soms als gebouwde voorzieningen, zijn toekomstbestendig.”
In het Raamwerk dat de raad op 24 september 2020 heeft vastgesteld staat: “Parkeerplaatsen worden zo veel mogelijk uit het zicht gesitueerd, toch is het vanwege het aantal te bouwen woningen ook nodig om parkeren langs de hoofdstructuur te faciliteren.”
Conform deze ambities, die in 2021 als heel redelijk en helemaal niet als uitzonderlijk kunnen worden gezien, zou het parkeren van automobielen vooral ondergronds in parkeergarages dienen te worden gesitueerd. Ondergetekende begrijpt dat de grondeigenaar, die een miljardenomzet met de verkoop van de grond gaat realiseren, desondanks niet van zins is om hiervoor winst in te leveren. B&W is akkoord gegaan met dat streven blijkens het zonder voorafgaand consent van de gemeenteraad gesloten contract met de Rijksoverheid, die de gronden in eigendom heeft en die tevens de regie voert op de gebiedsontwikkeling.
32.1. Wat zijn de overwegingen van het college, terwijl er al zoveel is ingeleverd op de ambities van de gemeenteraad, om deze voorwaarde te aanvaarden waarbij ondergronds parkeren niet de norm is?
32.2. Heeft de gemeenteraad ooit eerder de gelegenheid gekregen om over dit aspect besluitvormende uitspraken te doen of is de besluitvorming over het bestemmingsplan de eerste gelegenheid om dat te doen?
33. Zijn er afspraken gemaakt en regels gesteld voor: 33.1. de categorieën woningzoekenden, die voor een kavel voor particulier opdrachtgeverschap in aanmerking komen?
33.2. de methode van toewijzing van kavels voor particulier opdrachtgeverschap en de manier waarop de prijsvorming tot stand komt?
34. Hoe kan er in uw ogen sprake zijn van partnership of een gelijkwaardige vorm van samenwerking als uw college of onze raad de grondexploitatie niet kunnen inzien?
16
35. Hoe kunnen de gemeenteraad en uw college de redelijkheid en haalbaarheid van het kostenverhaal beoordelen als wij geen inzage krijgen in de grondexploitatie van Valkenhorst?
35.1. Wat zegt dit gegeven over het vertrouwen dat er is c.q. dat er zou moeten zijn tussen twee overheidslagen om in goede samenwerking een ingewikkelde gebiedsontwikkeling te realiseren?
35.2. Wat zegt deze situatie over de mate waarin de gemeente Katwijk in staat is of zal zijn om regie te voeren over de zaken die wettelijk door ons geregeld moeten worden?
35.3. Heeft u inmiddels kunnen afspreken dat alle wijkontsluitingswegen op Valkenhorst van een fietspad worden voorzien?
35.4. Is mijn indruk juist dat de regie van de gebiedsontwikkeling bij de grondeigenaren ligt en dat de gemeente de positie inneemt van toeleverancier en op een later moment die van controleur op de correcte uitvoering volgens de plannen?
35.5. Is het juist dat de stedenbouwkundige raamwerken door RVB en BPD zijn opgesteld, dat de gemeente slechts een toetsende rol heeft en dat de gemeenteraad deze stukken slechts ter kennisneming krijgt aangereikt?
35.6. Op welke punten komen de stedenbouwkundige raamwerken niet overeen met de door de gemeenteraad vastgestelde Nota Stedenbouwkundige Uitgangspunten d.d. 16 mei 2018?
36. In de brief van het college van 7 oktober 2021 inzake Financiële Impactanalyse Gebiedsontwikkeling Valkenhorst (2717127)d.d. 28 september schrijft u onder het kopje ‘Macroeconomische Ontwikkelingen’ het volgende: Om die reden gaan we in het proces uit van de wettelijke en contractuele basis, die kan worden aangevuld met ontwikkelingen waarover voldoende zekerheid is ingebouwd .
Ondergetekende heeft geen idee van wat hier wordt betoogd. Kunt u dit uitleggen?
37. Kan indien het RVB niet op tijd aan haar verplichtingen voldoet om afgesproken “producten” te leveren dit feit worden gebruikt om tot ontbinding van de SOK over te gaan, zodat er met andere afspraken beter voor de werkelijke vraag kan worden gebouwd en ook een fatsoenlijk en dekkend kostenverhaal voor de gemeente kan worden geregeld?
17
Jaap Haasnoot KiesKatwijk
18