CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

11. Nota van beantwoording Kadernota 2024 (3132097)

Raad 6 juli 2023, gemeente KatwijkBij agendapunt: Kadernota begroting 2024834 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Kadernota 2024 (3132097) 26 juni 2023 De antwoorden van het college van B&W op de vragen van de fracties staan schuin gedrukt onder de vraag. Nr. 1.

Pag. 4

Fractie D66

Vraag & Antwoord Graag ontvangen we een financiële onderbouwing van onderdeel 1.1.1 samenwerking Duin & Bollenstreek

1. Voor de gezamenlijke organisatie van deze samenwerking in de D&B zal voor 2024 en 2025 ongeveer € 25.000 benodigd zijn. Deze kosten bestaan voornamelijk uit de inhuur van een kwartiermaker die namens de 5 gemeentesecretarissen zorg draagt voor de inhoudelijke en organisatorische voorbereiding van de bestuurlijke overleggen en daarnaast als aanjager optreedt om te komen tot realisatie van de 6 topprioriteiten van de Duin- en Bollenstreek. De provincie draagt maximaal 2 x € 50.000 subsidie bij, en de overige kosten voor de kwartiermaker plus ondersteuning worden gelijk verdeeld over de 5 gemeenten.

2.

2.

15

VVD

Daarnaast vraagt de verdere uitwerking van de topprioriteiten (naast de inzet van ambtelijke capaciteit uit de 5 gemeenten) om aanvullende gezamenlijke inhuur van onderzoek en advies. Met de voorbereiding daarvan is reeds begonnen en dat moet ertoe leiden dat bij de begroting van 2024 concrete bedragen genoemd kunnen worden voor de verschillende opgaven, als opmaat naar het Regionale Investeringsagenda (RIA) van Holland Rijnland. Deze voorbereidingskosten zullen naar verwachting voor Katwijk neerkomen op enkele tienduizenden euro’s tot maximaal € 30.000 per jaar.

Graag ontvangen we een toelichting op de indexering gemeenschappelijke regelingen. De loon- en prijsstijging waarmee de gemeenschappelijke regelingen in beginsel mogen rekenen voor hun begroting 2024 is in regionaal verband bepaald op 6,4% voor lonen en 9% voor materiële kosten. Uitgangspunt voor deze cijfers is de MacroEconomische Verkenning van het CPB van september 2022 waarvoor die indexen worden genomen die het Rijk ook hanteert bij de loon- en prijscompensatie van de algemene uitkering. Uitgaande van een 60/40 verhouding is de gewogen gemiddelde loon- en prijscompensatie daarmee de 7,44%. Vooralsnog geldt dat dit in het najaar voor de GR-en afgesproken begrotingsuitgangspunt niet tussentijds (dus in het lopende begrotingsjaar) wordt aangepast. In de volgende ronde vindt achteraf correctie plaats voor de

26 juni 2023

Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Kadernota 2024 (3132097

Pagina 1 van 3

Nr.

Pag.

3.

16

Fractie

D66

4.

16

D66

5.

18

CDA

Vraag & Antwoord werkelijk in het jaar opgetreden ontwikkelingen. Een eventueel verschil wordt dus met 1 jaar vertraging verwerkt in de nieuwe loonen prijscompensatieafspraken. Let wel: in beginsel want in voorkomende gevallen kunnen GR-en toch beargumenteerd een hogere bijdrage van de deelnemende gemeenten vragen indien zij met bepaalde kosten worden geconfronteerd die niet binnen de gestelde kaders kan worden opgevangen (bijv. hogere CAO-afspraken dan op basis van de indexering verwacht wordt of onvermijdelijke, noodzakelijke investeringen). De besluitvorming via de zienswijzen bij de GR-begrotingen bepaalt of het aanvullende verzoek gehonoreerd wordt. In het overzicht op bladzijde 15 blijkt welke GR-en met hun in hun begroting voor 2024 gevraagde hogere gemeentelijke bijdrage binnen de lpc-doelstelling van 7,44% ten opzichte van de huidige bijdrage blijven (Alleen Hecht en Holland Rijnland) en welke niet (de rest). De totaalregel (excl. VAB) geeft voor 2024 voor de vermelde GR-en een gevraagde hogere bijdrage van € 1.758.000 terwijl daar voor die GR-en uitgaande van de 7,44% maar rekening wordt gehouden met een indexering van € 820.000. Hiervan gaat derhalve een budgettair nadeel uit van € 938.000. Motie Dierenambulance: de wethouder heeft aangegeven dat het meegenomen wordt in de herziening van de MAG. Echter, de MAG is tot en met 2025 bevroren vanwege de herziening.

Klopt het dan dat er in deze collegeperiode slechts in 2024 sowieso een bedrag gegarandeerd kan worden ter uitvoering van de motie? Graag een toelichting. Antwoord volgt.. Aanvullend hierop: kunnen er voordelen en nadelen worden geschetst waarom het budget via de MAG moet lopen, en niet via een aparte kostenpost op de begroting? Antwoord volgt … Graag ontvangen we een toelichting op extra middelen Wmo maatwerkvoorzieningen € 1,4 mln.

De toename van € 1.450.000 bestaat uit de volgende onderdelen: Opbouw kostentoename WMO in kadernota Indexering en prijsstijging 1.000.000 Gedekt uit stelposten Kostenstijging -800.000 Reparatie incidenteel naar structureel 1.000.000 Toename op basis van bevolkingsopbouw en groei 250.000 Totaal 1.450.000 26 juni 2023

Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Kadernota 2024 (3132097

Pagina 2 van 3

Nr.

Pag.

Fractie

Vraag & Antwoord

De reparatie is ten aanzien van eerdere toename van kosten binnen de WMO in 2022 die waren helaas incidenteel opgenomen terwijl die structureel waren (want gebaseerd op daadwerkelijke gebruik). Voor de toename van de kosten ad € 250.000 zijn we uitgegaan van de cijfers van het CBS ten aanzien van de vergrijzing en de bijbehorende kosten als gevolg van toename van het gebruik. Die tabel en toename ziet er als volgt uit:

26 juni 2023

Nota van beantwoording van de informatieve vragen over Kadernota 2024 (3132097

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12921188/2