1. Politieke vragen ex art. 41 van het RvO van het lid Tensen van 24 februari 2021 inzake stimuleren woningbouw (1878719)
Tekst van het document
Aan het college van B&W van de gemeente Katwijk Van: de fractie van het CDA Betreft: Vragen ex. Art.41 RvO betreffende “Stimuleren woningbouw” Rijnsburg 23-02-21 Geacht college, De gemeente staat nog altijd voor een forse opgave op het gebied van volkshuisvesting. De woningbehoefte is groot en zal met de toename van de Katwijkse bevolking de komende jaren alleen maar toenemen. Helaas blijft de woningproductie achter. Behalve grootschalige woningbouw op Valkenhorst, zijn ook binnenstedelijke bouwplannen van groot belang. Recent is door de gemeenteraad een ambitieuze woonagenda vastgesteld, met onder meer aandacht voor meer variatie in het woningaanbod om aan te sluiten bij de behoefte. Hierin wordt ook het doel uitgesproken tempo in woningbouw te maken. Tot op heden zijn er helaas nog veel woningbouwprojecten, waarbij moet worden aangemerkt dat de meeste geen projecten van de gemeente zijn, die letterlijk en figuurlijk niet van de grond komen. Het CDA heeft recent informatieve vragen gesteld rond de voortgang van de ontwikkellocatie Visserijschool (186643) en meer inzicht verkregen in de dynamiek, mogelijkheden en beperkingen en kennisgenomen van welke vertraging vergunningsaanvragen, ministeriele toestemming, verkoop en aannemingsovereenkomsten, stikstofuitstoot en andere administratief-juridische zaken met zich mee kunnen brengen.
Dat roept bij het CDA de volgende vragen op ten aanzien van andere projecten en de algemene aanpak en visie van het college bij ver- en nieuwbouwplannen: 1) Is het college het met ons eens dat we als gemeente gebaat zijn bij de voortgang van woningbouwprojecten? 2) Welke rol ziet het college voor zichzelf weggelegd wanneer het gaat om faciliteren, stimuleren en realiseren van woningbouwprojecten, ook wanneer zij de betreffende bouwgrond niet bezit? 3) Er zijn, naast de in de inleiding benoemde Visserijschool, meer projecten aan te wijzen die lang geleden zijn aangekondigd, maar nog geen voltooiing vinden en soms zelfs nog niet in de verkoop zijn. Te denken valt aan: -
Hof van Rijnsburg, waarover in 2018 al een besluit genomen werd over het bestemmingsplan; Het gebied tussen de Boerslaan, Helmbergweg, én Biltlaan, waar flats zijn gesloopt en nog niet zijn vervangen; Fase 2 van het Zeehos ’t Valkentij aan de Katwijkerweg, Parc Catwijck, de laatste fase van uitbreidingslocatie Zanderij De Horn, de laatste nog te ontwikkelen fase Rustig Water.
a) Kan het college voor elk van deze woningprojecten aangeven wat precies de belemmeringen zijn om te gaan beginnen met (ver)bouwen? b) Is het college op de hoogte van het meest recente tijdspad voor deze projecten en wanneer de eerste schop de grond in gaat? Kan zij dat met ons delen? c) Wat doet het college om voortgang van deze projecten te stimuleren? 4) Wat doet het college in meer algemene zin om knelpunten bij dit soort projecten op te lossen? 5) In de woonagenda ’21-’24 valt te lezen dat ontwikkelaars van de gemeente een regierol
verwachten. Welke inspanningen worden hiertoe gepleegd? 6) Het CDA kan zich voorstellen dat de stikstofmaatregelen, de gevolgen van het coronavirus en de administratieve druk een remmende werking hebben op de voortgang van woningbouwprojecten. Ten aanzien van de ambtelijke inzet: a) Is de bezetting op dit moment op orde om bovenstaande uitdagingen aan te gaan? b) Zijn er extra financiële middelen aangevraagd om meer mensen in te zetten op wonen? Zo nee, zijn daar mogelijkheden toe en is het college bereid deze aan te vragen?
Met vriendelijke groet, Barend Tensen CDA Katwijk