1. Politieke vragen ex art. 41 RvO van het lid Spek van 18 januari 2021 inzake handelen van de gemeente Katwijk inzake DSV (1851509)
Tekst van het document
Aan:
College van burgemeester en wethouders gemeente Katwijk
Van:
Fractie DURF
Betreft:
Vragen ex. art.41 RvO over: Handelen van de gemeente Katwijk inzake DSV
Datum:
18-1-2021
Geacht college, Uit de bijgevoegde mailwisseling (zie laatste pagina) blijkt dat ambtenaren zich in februari 2018 al bezorgd uitlieten over de situatie bij DSV. Ik heb verschillende vragen over deze mailwisseling en hoe ik deze uitspraken moet interpreteren. 1. Er wordt in de tweede mail gesteld dat de notitie van Finance Ideas “ bekeken vanuit de inval van het risicomanagement ” is. Wat waren de conclusies van deze ambtenaar vanuit de invalshoek van het risicomanagement? 2. De opvolging/acties op de aanbevelingen aan DSV baarde de ambtenaren zorgen. Waarom was dit voor het college geen reden om in het verdere verloop een hardere houding tegen DSV aan te nemen? Klopt het dat er werd gekozen voor een ‘nette doch formele lijn’ (citaat uit latere mailwisseling) richting DSV? 3. De bevindingen van Finance Ideas baarden de ambtenaren zorgen. Worden hier alleen de bevindingen zoals deze in voetnoot 188 in het PWC-rapport (“De notitie van Finance Ideas d.d. 8 februari 2018 ter zake van de beoordeling van de meerjarenbegroting van DSV beschrijft onder andere het volgende (bijlage 38): “essentiële onderdelen ontbreken wederom.
Het gaat dan met name om een uitgebreide scenario- en risicoanalyse en inzicht in de bijsturingsmogelijkheden die DSV heeft.” Daarnaast wordt opgemerkt dat de liquide middelen van DSV in 2018/2019 niet aan de minimale liquiditeitsbuffer voldoen en dat de opgenomen onderbouwing van de
4. 5. 6.
7. 8. 9.
uitgangspunten niet voldoende is.”) zijn geformuleerd bedoeld of speelde er meer? Op het moment dat er meer speelde: waarom zijn de andere bevindingen die ook meespeelden niet opgetekend in het rapport? Waarom was het zeer gewenst om de beide betrokken portefeuillehouders hierover te informeren? In hoeverre is het gebruikelijk om in zo’n ‘zeer gewenste’ situatie waarbij er hoge financiële risico’s worden gelopen niet de gemeenteraad hiervan op de hoogte te stellen? Wat is het afwegingskader om de gemeenteraad wel of niet op de hoogte te stellen bij dergelijke zorgelijke signalen? Is de gemeenteraad volgens dit afwegingskader correct geïnformeerd? In de notulen van 16 juli 2020 staat het volgende: ‘Wethouder Van Helden deelt mee dat de raad zou zijn geïnformeerd als deze vraag aan de orde was geweest. Echter, uit alle rapportages bleek dat het goed ging. Dat het kritisch was, was bekend, maar seinen stonden niet op rood.’ In hoeverre was er hier sprake van een ‘goede rapportage’? Hoe kan er zo’n duidelijk verschil zijn tussen ‘uit alle rapportages bleek dat het goed ging’ en de gealarmeerde toon van deze ambtenaren?
Eerder hebben wij informatieve vragen gesteld over bijlage 38. Ook in de bijgevoegde mailwisseling wordt er verwezen naar de notitie van Finance Ideas. 10. Bent u het met ons eens dat transparantie inzake het DSV-dossier de norm moet zijn vanuit de gemeente? 11. Hoe weegt u het maatschappelijk belang af tegenover het belang om ‘intern beraad’ en bedrijfsgevoelige informatie vertrouwelijk te houden? 12. Deelt het college onze mening dat bijlage 38 zeer belangrijk is om te kunnen beoordelen of er niet al eerder had moeten worden ingegrepen bij DSV? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet? 13. In de eerste mailwisseling wordt er gesproken over ‘opmerkingen’ die de ambtenaar zou hebben gemaakt bij bijlage 38 over de financiële situatie van DSV. Deelt het college onze mening dat bij zo’n gevoelig dossier deze opmerkingen openbaar zouden moeten worden gemaakt als deze geen bedrijfsgevoelige informatie bevatten? Zo nee, waarom niet?
14. Wij verzoeken u om vertrouwelijk per opmerking bij bijlage 38 aan te geven waarom dit bedrijfsgevoelige informatie zou bevatten en welke motivering er is om dit vertrouwelijk te houden. 15. Daarnaast verzoeken wij u om vertrouwelijk per alinea bij bijlage 38 aan te geven wat exact de bedrijfsgevoelige informatie is. 16. Waarom mogen er in het PWC-rapport citaten worden aangehaald uit vertrouwelijke stukken (bij voetnoot 188)? 17. Is het college van mening dat de citaten uit het PWC-rapport bedrijfsgevoelige informatie bevat? Zo ja, welke citaten zijn dat precies? 18. Waarom heeft het college in raadsvoorstel 1805188, door de raad op 17 december 2020 behandeld, voorgesteld om de citaten uit bijlage 38 die openbaar in het PWC-rapport staan, toch geheim te houden? Is het college het met ons eens dat wat al openbaar is, niet geheim moet worden verklaard? Zo nee, waarom niet? ‘De onderzoekers van het PWC-rapport stellen op pagina 4: ‘Over de scope van ons onderzoek merken wij het volgende op: De onderzoeksvragen zijn door of namens het college geformuleerd en de informatie die wij gedurende het onderzoek tot onze beschikking hadden, is ons door of namens het college ter beschikking gesteld. Aanvullende informatiebronnen en/of onderzoekwerkzaamheden zouden een ander beeld van de gang van zaken kunnen schetsen.’ 19.
Klopt het dat de interne mailwisselingen van ambtenaren niet zijn ingezien door de onderzoekers van PWC? 20. Zo ja, waarom zijn deze niet verstrekt aan de onderzoekers van PWC? 21. Zo nee, waarom zijn deze mailwisselingen niet bijgevoegd bij de lijst van bijlagen zoals die is opgenomen in het PWC-rapport? Op pagina 8 stelt PWC het volgende: ‘Overeenkomstig onze opdrachtbevestiging hebben wij geen analyse gedaan naar de kwantiteit en/of kwaliteit van de door DSV aan de gemeente Katwijk aangeleverde (financiële) informatie. Derhalve kunnen wij geen oordeel vormen of de gemeente Katwijk op basis van deze informatie voldoende en correct geïnformeerd werd om goed toezicht te houden op DSV als het proces van monitoring en toezicht toereikend was ingericht.’ 22. Deelt het college de mening van DURF dat de laatste vraag (of de gemeente Katwijk op basis van deze informatie voldoende en correct
geïnformeerd werd) van groot belang is om te beantwoorden? Een ja of nee voldoet. 23. Wist het college het antwoord al op de genoemde onderzoeksvraag? 24. Is er tijdens het bespreken van de mogelijke onderzoeksvragen voor PWC ook gesproken over de onderzoeksvraag die op pagina 8 door het PWC wordt genoemd? Of is een soortgelijke variant besproken? 25. Zo ja, is het college niet van mening dat het beter is om een antwoord te laten formuleren door een onafhankelijk onderzoeksbureau? 26. Zo nee, wat is de reden dat deze onderzoeksvraag niet is opgenomen in de opdracht voor PWC? 27. Er wordt in de mailwisseling gesproken over het informeren van de betrokken portefeuillehouders. Wanneer is het volledige college geïnformeerd over het rapport van Finance Ideas? 28. Betreurt het college het eigen handelen rond de garantstelling voor DSV?
Met vriendelijke groet,
Sonny Spek (Fractievoorzitter DURF)