CConstaterende datKapelle
Koppel je AI →
Document · PDF

B.5.b Voorstel vaststellen VZGrichtlijnen 2024 - AB VZG 14 december 2022

Raadsvergadering 28 februari 2023, gemeente KapelleBij agendapunt: Vaststellen Lijst Ingekomen Stukken (LIS) 28 februari 2023640 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum AB-overleg: Agendapunt: Onderwerp: Auteur: E-mailadres: Tel. nr.:

14 december 2022 4 Vaststellen VZG-richtlijnen 2024 Jeroen Wisse j.wisse@goes.nl 06 36 281 267

Ter vaststelling Het Algemeen Bestur van de VZG besluit om: 1. De ”VZG-indexatierichtlijn”, de toegestane inflatiecorrectie voor de begroting 2024 van GRen, vast te stellen op 3,4%; 2. De ”Reserverichtlijn” van 5% van alle baten blijvend onder de aandacht van de GR-en te houden. Voorstel: Richtlijnen voor het opstellen van de begroting 2024 van gemeenschappelijke regelingen Geacht bestuur, Hierbij doen wij u de richtlijnen toekomen voor het opstellen van de begroting 2024 van gemeenschappelijke regelingen. In dit voorstel is rekening gehouden met het rapport ”Afspraken over samenwerken met gemeenschappelijke regelingen in Zeeland” van juli 2022 (verder: het rapport). Samenvattend stellen wij u in deze memo voor: 1. De ”VZG-indexatierichtlijn”, de toegestane inflatiecorrectie voor de begroting 2024 van GRen, vast te stellen op 3,4%; 2. De ”Reserverichtlijn” van 5% van alle baten blijvend onder de aandacht van de GR-en te houden. De nieuwe “VZG-indexatierichtlijn” is van toepassing vanaf het jaar 2024. In de nieuwe systematiek wordt gebruik gemaakt van nacalculatie. De nacalculatie over 2024 vindt plaats in het jaar 2026 en wordt in de “VZG-indexatierichtlijn van 2028” verwerkt.

1. VZG-indexatierichtlijn Richtlijn begroting 2024: Op grond van de septembercirculaire van het gemeentefonds 2022 bedraagt de toegestane inflatiecorrectie in de begroting 2024 van GR-en 3,4%. Uitgangspunt is dat deze richtlijn strikt wordt toegepast. Hogere lasten als gevolg van veranderingen in bestaand beleid moeten binnen de conceptbegroting worden opgevangen. Berekeningsmethodiek indexatie: De richtlijn is in overeenstemming met het rapport gebaseerd op de prognose van het percentage overheidsconsumptie beloning werknemers (3,9%) en de prognose van het percentage overheidsconsumptie materieel (2,4%) voor het jaar 2024, welke zijn gepubliceerd in de septembercirculaire van het gemeentefonds 2022. Op basis van deze prognoses wordt het samengestelde percentage vastgesteld op basis van 2/3 van de looncomponent en 1/3 van de prijscomponent. In het jaar 2026 vindt nacalalculatie van de richtlijn 2024 plaats op basis van de cijfers in de macro economische verkenning (MEV) 2027, die in september 2026 wordt gepubliceerd. De bijstelling wordt verwerkt in de vzg-richtlijn 2028.

Berekeningsmethodiek potentiële bezuiniging: Voor de berekeningssystematiek volgen we de aanbeveling uit het rapport: Als de algemene uitkeringen van de Zeeuwse gemeenten gezamenlijk in enig jaar afneemt met meer dan 1% dan volgt een doorvertaling naar de gemeenschappelijke regelingen. Op deze wijze dragen de gemeenschappelijke regelingen op evenredige wijze bij aan het begrotingsevenwicht bij de deelnemende gemeenten in de gemeenschappelijke regeling. De berekening vindt plaats op basis van het accres over de jaren 2021 en 2022. Uit de berekening is gebleken dat de algemene uitkering in dit jaar een toename laat zien. Hierbij zijn de taakmutaties en ook de mutaties in de integratie- en decentralisatie-uitkeringen buiten beschouwing gelaten. Dit betekent dat een bezuiniging niet aan de orde is. In totalitet bedraagt de indexatierichtlijn daarom 3,4% voor 2024. 2. Reserverichtlijn De norm voor reservevorming bedraagt 5% van alle baten van de desbetreffende gemeenschappelijke regeling. Deze norm dekt dan het totaal van alle vormen van reservevorming af. Negatieve exploitatiesaldi moeten in eerste instantie hieruit worden afgedekt. Als daarmee het totaal van de reserves is opgebruikt, komt het restant ten laste van de deelnemers.

De enige uitzondering hierop is een reserve die dient als dekking voor al aanwezig afschrijvinglasten. Deze reserve valt buite de berekening. Als de totale reservepositie op de balans per 31 december 2023 meer dan 5% van de baten bedraagt, moet het meerdere in maximaal 5 jaar worden uitgekeerd aan de deelnemers. Die 5 jaar geldt vanaf het eerste jaar dat de afbouw van de reserves is gestart. Namens de hoofden financiën Zeeuwse gemeenten Jacco Scheele, Gerda Melsen, Jeroen Wisse en Arjan Moerland Goes, 23 november 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12435502/1