B.37 Programmabegroting 2026-2029 dd.19.05.2025
Tekst van het document
Programmabegroting 2026-2029 GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Voorwoord Een goede publieke gezondheid en veiligheid is van essentieel belang voor de Zeeuwse samenleving. Daarom zet de GGD, samen met de Zeeuwse gemeenten, in op een sterke publieke gezondheid. Om de taken op het gebied van de publieke gezondheid en veiligheid blijvend goed te kunnen uitvoeren is een gezonde financiële organisatie noodzakelijk. Met dit document bieden we u daarom de begroting 2026-2029 aan van de gemeenschappelijke regeling (GR) Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland. GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland In de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland is een onderscheid te maken tussen GGD Zeeland en Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ). Beide onderdelen komen samen in deze begroting, maar zijn wel duidelijk van elkaar te onderscheiden organisatieonderdelen. Tijdens het opstellen van de begroting 2026 heeft nog geen besluitvorming plaatsgevonden over al dan niet ontvlechting van IJZ uit de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland. We zijn bij het opstellen van deze begroting daarom uitgegaan van de huidige situatie. Basis op Orde Vanaf 2023 zijn er noodzakelijke structurele en deels ook incidentele middelen toegekend om de basis op orde te brengen bij GGD Zeeland. Dit was nodig omdat we op diverse onderdelen door de ondergrens zakten.
De begrotingswijziging ‘Basis op Orde’ van de GGD betreft de primaire processen ten aanzien van de Algemene Gezondheidszorg, de bedrijfsvoeringsprocessen en het leidinggevend kader. Buiten scope zijn hier de jeugdgezondheidszorg en Veilig Thuis. In het vierde kwartaal van 2024 is een externe tussenevaluatie uitgevoerd door Lysias advies. Zij concluderen onder meer dat de capaciteitsinzet en aandacht voor het uitvoeren van de wettelijke taken is verbeterd en dat de GGD financieel minder kwetsbaar is door de verbetermaatregelen die daarop zijn genomen. De uitdaging voor 2025 en verder is het binden en boeien van medewerkers in de lijnorganisatie zoals de GGD nu is. In 2025 wordt met de bestemmingsreserve Basis op Orde verder gewerkt aan het op orde brengen van de basis, met de opmerking dat de kwetsbaarheid van de GGD voor een deel altijd aanwezig blijft vanwege de huidige financieringssystematiek. Dit geldt vooral voor specialistische functies met een kleine omvang. Zeeuwse Pandemische Paraatheid Het Rijk stelde in 2025 extra financiële middelen beschikbaar waarmee GGD-en in staat worden gesteld de vergrote capaciteit die voortkomt uit de uitvoering van het programma Versterking infectieziektebestrijding en Pandemische Paraatheid (SPUK VIP, 2023-2024) deels te bestendigen, zodat zij kunnen voldoen aan de eisen die aan hen gesteld worden ten aanzien van pandemische paraatheid.
Het is vooralsnog onduidelijk of en in welke mate deze middelen ook in 2026 beschikbaar blijven. Met een wijziging van de Wet Publieke Gezondheid krijgt de Minister van VWS de bevoegdheid om tijdens een epidemie van een A-infectieziekte met landelijke impact, rechtstreeks te sturen op de directeuren Publieke Gezondheid met betrekking tot medisch-operationele voorzieningen. De feitelijke regie wordt belegd bij de Landelijke Functie opschaling Infectieziektebestrijding (LFI). Het is van groot belang dat de primaire werkprocessen van de GGD-en uniform aansluiten op de LFI. Het rijk stelt daarom incidenteel middelen beschikbaar aan de GGD-en voor ‘transitiecapaciteit’ in de periode 2024 t/m 2026. Deze gelden dienen specifiek te worden aangewend om extra capaciteit te creëren om de aansluiting op de LFI te bewerkstelligen. IZA/GALA De Rijksoverheid wil met het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) investeren in de (publieke) gezondheid van alle Nederlanders. De ambitie van IZA is zorg voor iedereen toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar houden. De ambitie van het GALA is een gezonde generatie in 2040. Deze akkoorden hebben overlap en versterken elkaar. Gemeenten, GGD, zorgverzekeraar en zorgaanbieders werken samen om de doelen uit de akkoorden te halen.
GGD Zeeland treedt hierin op als kennispartner van de gemeenten: in opdracht van mandaatgemeente Goes richt GGD Zeeland een provinciale preventie-infrastructuur in, waarbij het doel is om binnen deze structuur 1
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
niet-vrijblijvende provinciale samenwerkingsafspraken te maken over gezondheidsbevordering van de populatie als geheel en specifiek voor risicogroepen. Daarnaast implementeert GGD Zeeland in opdracht van de mandaatgemeente de vijf ketenaanpakken uit het GALA, zodat deze bereikbaar zijn voor alle Zeeuwse inwoners die er baat bij hebben. JGZ Vanaf 2025 wordt in het programma ‘Toekomst JGZ; samen voor een gezonde jeugd’ de dienstverlening van de JGZ toekomstbestendig ingericht. We werken aan oplossingen om de huidige dienstverlening anders, efficiënter en gerichter in te zetten. We gaan minder/anders ondersteunen waar dat kan en meer waar nodig, we sluiten beter aan bij de behoeften van de inwoner van nu én in de toekomst en maken een begin in de versterking van de positionering in het voorliggend veld. Deze opgave is omvangrijk voor de organisatie en de professionals daarbinnen en vindt daarom (onder begeleiding) gefaseerd plaats over een periode van 3 jaar. De resultaten van dit programma worden in 2025, 2026 en 2027 opgeleverd. In de programmabegroting 2026 (en in de meerjarenschijf 2027) zijn incidenteel benodigde middelen geraamd ten laste van de algemene reserve van de GR. Er wordt geen extra beroep gedaan op incidentele middelen via de gemeenten.
Veilig Thuis Zeeland Veilig Thuis vervult Zeeuws breed een belangrijke functie in het signaleren, aanpakken en doorbreken van huiselijk geweld en kindermishandeling. Op basis van de toenemende aantallen meldingen, adviezen en vervolgdiensten alsmede de toenemende complexiteit en multiproblematiek blijft toekomstige inzet noodzakelijk. De verhoging aan instroom van meldingen en adviesaanvragen de afgelopen jaren heeft in oktober 2024 geleid tot een structurele verhoging van de formatie. We verdelen deze extra formatie over meerdere functies die direct actief zijn binnen het primaire proces. Hiermee streven we naar een structurele verlaging van de wachtlijsten. Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ) Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen van alle vormen van jeugdhulp. De Zeeuwse gemeenten hebben de inkooptaken en -bevoegdheden volgend uit de Jeugdwet gedelegeerd aan de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland. Het Algemeen Bestuur van deze gemeenschappelijke regeling heeft vervolgens deze inkooptaken en -bevoegdheden gedelegeerd aan de Bestuurscommissie Inkoop Jeugdhulp Zeeland. De Bestuurscommissie wordt ambtelijk ondersteund door de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ). In deze begroting zijn de uitvoeringslasten en -baten van IJZ begroot.
De lasten voor jeugdhulp zijn vanaf begroting 2024 opgenomen in de dertien gemeentelijke begrotingen, gebaseerd op prognoses die ze daarvoor van IJZ ontvangen. Samenwerking GGD-RUD-VRZ In 2025 vervolgen we het proces van de samenwerking GGD – VRZ op basis van de besluitvorming in juli 2024. Er ligt een opdracht om te komen tot een businesscase voor de samenwerking op bedrijfsvoering en de gezamenlijke huisvesting en een advies uit te brengen voor de inrichting van de governance voor deze samenwerking. Hierbij is een eventuele toekomstige aanhaking van de RUD in deze plannen steeds als randvoorwaarde gesteld. Eventuele kosten zijn ten tijde van het opstellen van de programmabegroting 2026 nog niet inzichtelijk, dit is afhankelijk van de uitkomst en besluitvorming door de algemeen besturen in april 2025. Huisvesting Goed werkgeverschap betekent dat onze medewerkers in een veilige, duurzame en aantrekkelijke werkomgeving hun werk doen. Hiervoor moet de kwaliteit van huisvesting op orde zijn. De huisvesting voldoet op een aantal punten niet aan de eisen van deze tijd. Tevens zijn er onvoldoende werkplekken om de medewerkers van de GGD te huisvesten.
In opdracht van het bestuur wordt gekeken naar een structurele oplossing waarbij rekening wordt gehouden met samenwerkingsvormen met VRZ en de gevolgen van besluitvorming rondom de positionering van Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ). Besluitvorming hieromtrent vindt plaats in april 2025.
2
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Rechtmatigheidsverantwoording Vanaf 2023 is het Dagelijks Bestuur wettelijk verplicht aan het Algemeen Bestuur in de jaarrekening een rechtmatigheidsverantwoording (RMV) af te geven over de financiële rechtmatigheid. De accountant geeft een oordeel af of de inhoud van de RMV juist is (getrouwheid). In 2025 worden hierin verdere stappen gezet met als doel in 2026 en verder te komen tot een volgend volwassenheidsniveau. Dit heeft naast gevolgen voor het Algemeen Bestuur tevens intern een uitwerking. De teams zijn in de nieuwe lijn-configuratie aan de slag gegaan met (team)doelen, waarbij ook kwaliteit en rechtmatigheid een rol spelen. Daarmee wordt rechtmatigheid breed gedragen binnen de GGD. Tot slot De GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland staat aan de vooravond van mogelijk impactvolle veranderingen waar besluiten eind 2024 deels genomen zijn en deels ook nog worden genomen in 2025. De financiële impact is, mede omdat sprake is van een onderzoeksfase, nog niet overal van bekend. Besluiten moeten nog worden genomen alvorens de financiële consequenties hiervan kunnen worden vertaald in de begroting. GGD Zeeland gaat graag met de uitdagingen aan de slag om samen te werken aan een gezonder en veiliger leven in Zeeland! Joke Gaemers Directeur Publieke Gezondheid en Veiligheid, GGD Zeeland
3
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Inhoudsopgave Voorwoord .............................................................................................................................................................. 1 1. BELEIDSBEGROTING............................................................................................................................................. 5 1.1.
HET PROGRAMMAPLAN ....................................................................................................................... 6
1.1.1.
Programma Publieke gezondheid ................................................................................................... 6
1.1.1.1.
Algemene gezondheidszorg (AGZ) .............................................................................................. 6
1.1.1.2.
Jeugdgezondheidszorg (JGZ) .................................................................................................... 12
1.1.2.
Programma Veilig Thuis (VT) ......................................................................................................... 17
1.1.3.
Programma Inkoop Jeugdhulp Zeeland (IJZ) ................................................................................. 21
1.1.4.
Overhead en kostentoerekening ................................................................................................... 22
1.1.5.
Algemene dekkingsmiddelen ........................................................................................................ 24
1.1.6.
Onvoorzien en Vennootschapsbelasting ....................................................................................... 27
1.2.
DE PARAGRAFEN ................................................................................................................................ 27
1.2.1.
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ....................................................................................... 27
1.2.2.
Paragraaf Bedrijfsvoering .............................................................................................................. 28
1.2.3.
Paragraaf Financiering ................................................................................................................... 32
1.2.4.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................. 33
1.2.5.
Paragraaf Verbonden partijen ....................................................................................................... 41
2. FINANCIELE BEGROTING EN MEERJARENRAMING............................................................................................ 42 2.1. Uitgangspunten voor de begroting ................................................................................................................ 43 2.2. Totaaloverzicht van baten en lasten .............................................................................................................. 45 2.2.1. Toelichting op het overzicht van baten en lasten ................................................................................. 47 2.2.2. Begrotingsresultaat 2026 - 2029 .......................................................................................................... 47 2.3. Uiteenzetting financiële positie ..................................................................................................................... 52 2.3.1. Geprognosticeerde begin- en eindbalans .............................................................................................. 52 2.3.2. Geprognosticeerde EMU-saldo (2026 t/m 2029) ................................................................................... 53 2.4.
Investeringsplan 2026-2029 ........................................................................................................................ 54
2.4.1. Meerjarig investeringsplan ..................................................................................................................... 54 2.4.2. Geprognosticeerde afschrijvingen .......................................................................................................... 54 2.5.
Stand en verloop van de reserves en voorzieningen ................................................................................... 55
BIJLAGE 1 – Gemeentelijke bijdragen (Primaire begroting) GGD ........................................................................... 58 BIJLAGE 2 – Gemeentelijke bijdragen (Primaire begroting) IJZ .............................................................................. 59
4
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
1. BELEIDSBEGROTING
5
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
1.1. HET PROGRAMMAPLAN 1.1.1. Programma Publieke gezondheid 1.1.1.1. Algemene gezondheidszorg (AGZ) Kosten van Algemene Gezondheidszorg vallen in het taakveld 7.1 Volksgezondheid, en worden omgeslagen per inwoner, tenzij anders vermeld. Beleid en Kwaliteit Algemene Gezondheidszorg (AGZ) Landelijke ontwikkelingen en speerpunten op het gebied van publieke gezondheid worden vertaald naar de Zeeuwse schaal en praktijk.
Beleid en kwaliteit AGZ Personele lasten Materiele lasten Afschrijvingen Mutaties reserves Baten Per saldo
(begroot) 2025
219.300 89.400 12.400 -50.000 271.100
2026 183.600 82.800 13.500 -20.000 -201.000 58.900
2027 183.600 82.800 13.500 -20.000 -201.000 58.900
2028 183.600 82.800 13.500 -20.000 -201.000 58.900
2029 183.600 82.800 13.500 -20.000 -201.000 58.900
Algemene Infectieziektenbestrijding De preventie en bestrijding van infectieziekten is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. Het team algemene infectieziektebestrijding houdt zich bezig met: 1. Bestrijden van infectieziekten en voorkomen van verdere verspreiding 2. Surveillance 3. Beleidsadvisering 4. Preventieactiviteiten 5. Netwerk en regie 6. Voorbereiding op grootschalige infectieziekte-uitbraken 7. Kennis en onderzoek De kosten bestaan, naast personele lasten, uit kosten voor voorlichtingsactiviteiten, laboratoriumkosten en deelname aan landelijke en regionale netwerken. Opbrengsten worden gegenereerd uit activiteiten in het kader van Publieke Gezondheid Asielzoekers, welke door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport worden vergoed. Daarnaast kan een beperkt deel van de activiteiten worden gedeclareerd bij zorgverzekeraars. Deze opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar.
Financiële gevolgen versterking infectieziektebestrijding Het Rijk stelde in 2025 extra financiële middelen beschikbaar waarmee GGD-en in staat worden gesteld de vergrote capaciteit die voortkomt uit de uitvoering van het programma Versterking infectieziektebestrijding en Pandemische Paraatheid (SPUK VIP, 2023-2024) deels te bestendigen, zodat zij kunnen voldoen aan de eisen die aan hen gesteld worden ten aanzien van pandemische paraatheid. Het is vooralsnog onduidelijk of en in welke mate deze middelen ook in 2026 beschikbaar blijven. Met een wijziging van de Wet Publieke Gezondheid krijgt de Minister van VWS de bevoegdheid om tijdens een epidemie van een A-infectieziekte met landelijke impact, rechtstreeks te sturen op de directeuren Publieke Gezondheid met betrekking tot medisch-operationele voorzieningen. De feitelijke regie zal worden belegd bij de Landelijke Functie opschaling Infectieziektebestrijding (LFI). Het is van groot belang dat de primaire werkprocessen van de GGD-en uniform aansluiten op de LFI. Het rijk stelt daarom incidenteel middelen beschikbaar aan de GGD-en voor ‘transitiecapaciteit’ in de periode 2024 t/m 2026. Deze gelden dienen specifiek te worden aangewend om extra capaciteit te creëren om de aansluiting op de LFI te bewerkstelligen.
6
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Infectieziekten Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
799.900 48.200 -34.900 813.200
2026 760.900 46.900 -35.600 772.200
2027 760.900 46.900 -35.600 772.200
2028 760.900 46.900 -35.600 772.200
2029 760.900 46.900 -35.600 772.200
Tuberculosebestrijding Het bestrijden van tuberculose, inclusief bron- en contactopsporing, is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. Voor tuberculose geldt een wettelijke aangifteplicht; alle bij de GGD gemelde gevallen van TBC worden begeleid en behandeld. Team TBC voert bron- en contactonderzoek uit, geeft voorlichting en combineert dit met de uitvoering van overige reguliere taken, zoals screening asielzoekers, immigranten en overige risicogroepen, reizigersadvies en vaccinatie. Verder bestaan de werkzaamheden uit de administratieve afhandeling van bovenstaande taken, surveillance en het beantwoorden van publieksvragen. Opbrengsten worden gegenereerd uit activiteiten in het kader van Publieke Gezondheid Asielzoekers, welke door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport worden vergoed. Daarnaast kan een beperkt deel van de activiteiten worden gedeclareerd bij zorgverzekeraars. Incidenteel worden opbrengsten gegenereerd uit verhuur van de Mobiele Röntgen Unit. De opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar.
Tuberculosebestrijding Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
382.600 90.900 -25.000 448.500
2026 371.600 89.500 -25.500 435.600
2027 371.600 89.500 -25.500 435.600
2028 371.600 89.500 -25.500 435.600
2029 371.600 89.500 -25.500 435.600
Seksuele gezondheid Het bestrijden van seksueel overdraagbare aandoeningen, inclusief bron- en contactopsporing, is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid.
Seksuele gezondheid Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
142.900 6.200 -22.700 126.400
2026 136.500 2.500 -20.500 118.500
2027 136.500 2.500 -20.500 118.500
2028 136.500 2.500 -20.500 118.500
2029 136.500 2.500 -20.500 118.500
De opbrengsten bestaan voornamelijk uit een aanvullende subsidie (SPUK) van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op basis van de regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG). Vanuit deze regeling kan een aantal groepen bij de GGD terecht voor gratis en, indien gewenst anonieme, aanvullende individuele seksuele gezondheidszorg. De belangrijkste risicogroepen zijn: MSM (mannen die seks hebben met mannen), mensen met veel wisselende seksuele contacten, jongeren onder de 25 jaar, jonge kwetsbare vrouwen, sekswerkers, etnische groepen, LHBTQI+ en gedetineerden. Het doel is een vangnet te vormen voor mensen die nergens anders terecht kunnen. Het kabinet heeft het voornemen om specifieke uitkeringen zoals de deze over te hevelen naar het gemeentefonds met een korting van 10%. Daarnaast worden opbrengsten gegenereerd uit de opbrengsten van keuzehulpgesprekken bij (on)bedoelde zwangerschappen. Deze dienstverlening wordt gesubsidieerd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
7
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
ASG (curatief) Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
164.100 140.400 -392.000 -87.500
2026 170.900 145.400 -435.000 -118.700
2027 170.900 145.400 -435.000 -118.700
2028 170.900 145.400 -435.000 -118.700
2029 170.900 145.400 -435.000 -118.700
Technische hygiënezorg Technische hygiënezorg heeft als doel de verspreiding van infectieziekten te beperken of te voorkomen. Op basis van de Wet publieke gezondheid zijn gemeenten verantwoordelijk voor 'het bevorderen van technische hygiënezorg'. De deskundigen infectiepreventie van het team Technische Hygiënezorg voeren deze taak namens de gemeenten uit. Deze hygiënezorg richt zich op het beperken van risico’s op plaatsen waar veel mensen samenkomen (zoals publieksevenementen) en bij gemeenschappelijke voorzieningen. Het team geeft advies en licht voor. Daarnaast houdt het team zich bezig met hygiëne-advisering aan bedrijven, met name in het kader van verlenen van vergunningen of certificaten. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij tatoeage- en piercingshops en bedrijven die permanente make-up plaatsen, seksinrichtingen, zeeschepen en zorginstellingen. Voor de dienstverlening aan bedrijven wordt een marktconform uurtarief in rekening gebracht. De opbrengsten hiervan zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar.
Technische Hygiënezorg Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
264.600 19.100 -270.100 13.600
2026 268.700 22.100 -270.100 20.700
2027 268.700 22.100 -270.100 20.700
2028 268.700 22.100 -270.100 20.700
2029 268.700 22.100 -270.100 20.700
Preventieve Maatregelen Risicogroepen (vaccinaties op maat en reisadvies) Het team PMR draagt bij aan de bestrijding van infectieziekten; het beschermen van individuele reizigers tegen het oplopen van infectieziekten in het buitenland en daarmee het tegengaan van de verspreiding ervan in Nederland. Voorlichting vindt plaats via de reizigersspreekuren en digitaal. Daarnaast verzorgen zij naast reizigersvaccinaties ook beroepsvaccinaties; dit zijn vaccinaties voor de werkende Zeeuw die deze nodig heeft om veilig en gezond zijn werk uit te oefenen. Denk hierbij aan zorgmedewerkers, politie- en buitendienstmedewerkers.
PMR Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
339.400 359.900 -835.000 -135.700
2026 435.300 445.100 -905.000 -24.600
2027 435.300 445.100 -905.000 -24.600
2028 435.300 445.100 -905.000 -24.600
2029 435.300 445.100 -905.000 -24.600
Milieu en Gezondheid Het bevorderen van medisch milieukundige zorg is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. Het team Milieu en Gezondheid beoordeelt in Zeeland de gezondheidsrisico’s van milieufactoren, geeft voorlichting en informatie aan burgers en gemeenten, denkt mee over het voorkomen van ongezonde invloeden vanuit de leefomgeving en het stimuleren van gezond gedrag. De adviseurs adviseren gemeenten op basis van de Omgevingswet over het in stand houden van een veilige en gezonde leefomgeving en goede omgevingskwaliteit. Hierin werken zij samen met medewerkers van de Veiligheidsregio en Regionale Uitvoeringsdienst. Daarnaast levert het team de functie van Gezondheidskundig Adviseur Gevaarlijke Stoffen (GAGS) aan de Veiligheidsregio. Deze functionaris adviseert over gezondheidsrisico’s tijdens incidenten. Deze functie wordt uitgevoerd voor Zeeland, Noord-Brabant en Limburg in een onderling samenwerkingsverband.
8
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Milieu en gezondheid Personele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
382.700 13.700 396.400
2026 387.700 20.100 407.800
2027 387.700 20.100 407.800
2028 387.700 20.100 407.800
2029 387.700 20.100 407.800
Toezicht Wet kinderopvang In opdracht van de Zeeuwse gemeenten voert GGD Zeeland de toetsing van de Wet kinderopvang uit. Alle in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) geregistreerde locaties voor dagopvang en buitenschoolse opvang, gastouderbureaus en gastouders worden jaarlijks geïnspecteerd. Na de inspectie adviseert de inspecteur de gemeente over de bevindingen waarna de gemeente al dan niet handhavend optreedt. De inspectierapporten zijn openbaar in het LRK in te zien na het afsluiten van het onderzoek. De opbrengsten van team Toezicht Kinderopvang wisselen jaarlijks. Dit komt door het aantal her-inspecties, de aangevraagde incidentele onderzoeken en de onderzoeken na herstelaanbod én onderzoeken bij nieuwe kindercentra en gastouders die starten gedurende het jaar. Toezicht Kinderopvang valt onder het taakveld 6.1 Samenhang en burgerparticipatie. De kosten worden omgeslagen op basis van een tarief per inspectie.
Toezicht kinderopvang Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
713.800 12.900 -745.000 -18.300
2026 720.600 13.700 -759.900 -25.600
2027 720.600 13.700 -759.900 -25.600
2028 720.600 13.700 -759.900 -25.600
2029 720.600 13.700 -759.900 -25.600
Calamiteitentoezicht Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) GGD Zeeland functioneert als toezichthouder WMO voor de Zeeuwse gemeenten. Na een melding van geweld en/of een calamiteit op een WMO-locatie zal de toezichthouder een onderzoek (laten) instellen, met als insteek het verbeteren van de kwaliteit van de zorg. Het algemene (proactieve) kwaliteitstoezicht evenals fraudebestrijding zijn niet bij GGD Zeeland belegd. Toezicht WMO valt onder het taakveld 6.1 Samenhang en burgerparticipatie; de kosten worden omgeslagen per inwoner.
Toezicht WMO Personele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
31.100 500 31.600
2026 0 0 0
2027 0 0 0
2028 0 0 0
2029 0 0 0
Meld- en Actiepunt Bemoeizorg (MAB) De medewerkers van MAB zijn gespecialiseerd in het opbouwen van contacten met inwoners die zorgmijdend zijn, dus zelf niet om hulp vragen. Vaak betreft het mensen in een kwetsbare situatie met onbegrepen gedrag, die al dan niet voor overlast zorgen. Emergis en GGD Zeeland werken hierin samen in één team onder de vlag van GGD Zeeland. Het MAB is gericht op een integrale aanpak van de problemen. Er wordt actief met verschillende ketenpartners samengewerkt, waaronder verslavingszorg (SCM), maatschappelijk werk, huisartsen, woningcorporaties, het Zorg- en Veiligheidshuis in het kader van WvGGZ (Wet verplichte GGZ) en het daarbij behorende meldpunt Zorgwekkend gedrag. Meldingen worden onder andere gedaan door gemeenten, zorgnetwerken, politie, woningcorporaties, hulpverleners, maar ook door inwoners. In samenwerking met de cliënt, zijn netwerk en ketenpartners wordt gezocht naar een passend hulpaanbod. De werkzaamheden van team MAB worden gefinancierd op basis van een structurele subsidie uit (centrum-) gemeentegelden voor Maatschappelijke Opvang. MAB wordt verantwoord in het taakveld 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen.
9
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
MAB Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
541.600 21.700 -637.500 -74.200
2026 593.100 37.900 -698.400 -67.400
2027 593.100 37.900 -698.400 -67.400
2028 593.100 37.900 -698.400 -67.400
2029 593.100 37.900 -698.400 -67.400
Forensische geneeskunde De forensisch geneeskundige verleent diensten voor gemeenten (lijkschouw) en politie/justitie (medische arrestanten zorg, bloedproeven en medisch onderzoek bij zedendelicten en (kinder)mishandeling). Medio maart 2025 is duidelijk geworden dat de aanbesteding medische arrestantenzorg door de politie niet is gegund aan de GGD’en in Nederland. De gevolgen van het wegvallen van deze dienstverlening zullen de volgende kwartalen worden beoordeeld. De uitvoering van de forensische geneeskunde staat al langere tijd onder druk, zowel in Zeeland als landelijk. De drie GGD-en binnen de politieregio Zeeland-West Brabant verkennen momenteel mogelijkheden om te komen tot een meer robuustere en toekomstbestendige invulling van de dienstverlening. Forensische geneeskunde valt in taakveld 1.2 Openbare orde en veiligheid en wordt omgeslagen over het aantal inwoners.
FG Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
810.800 24.800 -928.300 -92.700
2026 898.900 48.000 -936.300 10.600
2027 898.900 48.000 -936.300 10.600
2028 898.900 48.000 -936.300 10.600
2029 898.900 48.000 -936.300 10.600
Onderzoek Publieke Gezondheid Het op basis van epidemiologische analyse verwerven van inzicht in de gezondheidssituatie van de bevolking is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. De Onderzoekers Publieke Gezondheid leveren betrouwbare gezondheidsinformatie als essentiële basis voor besluitvorming om de gezondheid van Zeeuwen te verbeteren. Zij leggen de puzzel door gezondheidsinformatie (verkregen uit eigen data en landelijk beschikbare data) te combineren, analyseren, interpreteren en de betekenis ervan voor Zeeland aan te geven. Hierbij houden zij rekening met onderlinge verbanden, de context van de huidige samenleving en de toekomst. Dit doen zij voor en in samenwerking met GGD-teams, beleidsmakers en de Zeeuwse burgers. Zij geven gevraagd en ongevraagd advies aan beleidsmakers in verschillende domeinen en de GGD als organisatie door een beeld te leveren van de gezondheid van de Zeeuwen. Daarnaast maken zij de informatie toegankelijk voor hen en de burgers. Eenmaal per vier jaar worden de Gezondheidsmonitors van jeugd, volwassenen en ouderen (wettelijke taak) uitgevoerd.
Onderzoek Personele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
447.600 50.200 497.800
2026 474.200 50.900 525.100
2027 474.200 50.900 525.100
2028 474.200 50.900 525.100
2029 474.200 50.900 525.100
Advies Publieke Gezondheid Het bijdragen aan opzet, uitvoering en afstemming van preventieprogramma's, inclusief programma's voor gezondheidsbevordering, is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. De Adviseurs Publieke Gezondheid geven op dit gebied gevraagd en ongevraagd advies aan gemeentelijke beleidsmakers in verschillende beleidsdomeinen en externe organisaties voor de doelgroepen jeugd, (jong)volwassenen en ouderen. Er is hierbij specifiek aandacht voor een gezonde en veilige leefomgeving, gelijke kansen op gezondheid voor iedereen en mentale gezondheid. De adviseurs hebben een agenderende en aanjagende rol voor publieke gezondheid en zijn Zeeuwse kennispartner op het gebied van publieke gezondheid. Landelijke ontwikkelingen, inzichten en data worden hierin meegenomen. Ook de stem van de doelgroep is een belangrijke bron van informatie. De adviseurs werken samen met andere GGD-teams en externe organisaties. 10
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Naast de adviserende rol leiden zij verschillende landelijke programma’s in de regio (zoals JOGG en Risk Factory), veelal deels op basis van aanvullende externe financiering met subsidiegelden.
Advies Personele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
473.300 2.500 475.800
2026 496.100 3.000 499.100
2027 496.100 3.000 499.100
2028 496.100 3.000 499.100
2029 496.100 3.000 499.100
Crisisorganisatie GGD Zeeland heeft op basis van de Wet Publieke Gezondheid en Wet Veiligheidsregio’s als taak crisissituaties te bestrijden, met name op het gebied van Infectieziektebestrijding, Medische Milieukunde, Psychosociale Hulpverlening en Gezondheidsonderzoek na Rampen. De twee medewerkers van de crisisorganisatie treffen samen met de betrokken teams de noodzakelijke voorbereidingen voor deze crisisbestrijding. De kosten van de crisisorganisatie vallen onder taakveld 1.1 Crisisbeheersing en brandweer en worden omgeslagen per inwoner.
Crisisorganisatie Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
172.900 66.700 -40.000 199.600
2026 201.600 38.300 -30.000 209.900
2027 201.600 38.300 -30.000 209.900
2028 201.600 38.300 -30.000 209.900
2029 201.600 38.300 -30.000 209.900
Projecten in het kader van GALA en IZA De Rijksoverheid wil met het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) investeren in de (publieke) gezondheid van alle Nederlanders. De ambitie van IZA is zorg voor iedereen toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar houden. De ambitie van het GALA is een gezonde generatie in 2040. Deze akkoorden hebben overlap en versterken elkaar. Gemeenten, GGD, zorgverzekeraar en zorgaanbieders werken samen om de doelen uit de akkoorden te behalen. GGD treedt hierin op als kennispartner van de gemeenten. De GGD is leverancier van data en duidt deze, de GGD kan adviseren hoe de interventies uit GALA zo effectief mogelijk kunnen worden ingezet. In Zeeland is mandaatgemeente Goes namens de twaalf andere gemeenten verantwoordelijk voor de coördinatie van de uitvoering van de gemeentelijke taken binnen het IZA. Een van de doelen is het stimuleren van regionale/provinciale samenwerking. In opdracht van de mandaatgemeente richt GGD Zeeland een provinciale preventie-infrastructuur in, waarbij het doel is om binnen deze structuur niet-vrijblijvende provinciale samenwerkingsafspraken te maken over gezondheidsbevordering van de populatie als geheel en specifiek voor risicogroepen.
Daarnaast implementeert GGD Zeeland in opdracht van de mandaatgemeente de vijf ketenaanpakken uit het GALA, zodat deze bereikbaar zijn voor alle Zeeuwse inwoners die er baat bij hebben. Kostendekkende financiering vindt plaats via de SPUK's GALA en IZA (via de mandaatgemeente) en zijn daarom niet opgenomen in deze begroting. Onvoorziene projecten Naast bovenstaande wettelijke taken, gesubsidieerde taken en markttaken, komt het steeds vaker voor dat de GGD een extra taak toegewezen krijgt vanuit of via de Rijksoverheid, zoals bijvoorbeeld COVID-19 vaccinatiecampagnes of de zorg voor vluchtelingen. De financiering van deze werkzaamheden verloopt via alternatieve routes, zoals via de Veiligheidsregio of rechtstreeks via een ministerie of instantie. Deze (zichzelf dekkende) projecten zijn in deze begroting niet meegenomen. Bij de financiering van deze taken wordt ook voorzien in dekking van de benodigde overhead hiervoor.
11
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
1.1.1.2.
Jeugdgezondheidszorg (JGZ)
Alle kinderen in Nederland hebben het recht om zo gezond, veilig en kansrijk mogelijk op te groeien. Om dat recht te beschermen is onder meer een basispakket Jeugdgezondheidszorg (JGZ) vastgelegd binnen de wet Publieke Gezondheid. Deze wettelijke taak is belegd bij de gemeenten die deze hebben uitbesteed aan de GGD. Gemeenten zijn ervoor verantwoordelijk dat dit basispakket beschikbaar is en actief wordt aangeboden aan alle kinderen en jongeren tot 18 jaar. Zij geven de uitvoering samen met de JGZ vorm. Wat doet de JGZ? De JGZ helpt ouders en opvoeders bij het gezond opvoeden en laten opgroeien van hun kinderen. De JGZ doet bij alle kinderen preventieve onderzoeken (bijvoorbeeld ogen, oren, groei). De JGZ begeleidt ouder en kind in de lichamelijke, cognitieve en psychosociale ontwikkeling van -9 maanden (al tijdens de zwangerschap) tot de leeftijd van 18 jaar. De JGZ vervult zo een belangrijke rol in het zo vroeg mogelijk signaleren van risico’s, korte ondersteuning en doorverwijzing. Ouders kunnen bij de JGZ terecht voor (gratis) advies, voorlichting en ondersteuning bij gezond opgroeien en opvoeden. Ook geeft de JGZ de vaccinaties volgens het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Goede gezondheid en kansengelijkheid De eerste duizend levensdagen van een kind zijn bepalend voor de rest van het leven.
Goede toegang tot de zorg en adequate zorgverlening zijn cruciaal voor de levensontwikkeling en de kansen van het kind. Onvoldoende of oneerlijke toegang tot de JGZ geeft het jonge kind een valse start in het leven en werkt kansenongelijkheid in de hand. Goede gezondheid van en kansengelijkheid voor de jeugd is een maatschappelijke en daardoor gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. In de eerste plaats spelen het kind en het gezin zelf hier een cruciale rol in. Iedere professional die het kind en/of het gezin in de loop van het opgroeien en opvoeden tegenkomt, speelt daarnaast een belangrijke steunende rol. De JGZ heeft vrijwel alle kinderen in beeld en vaccineert en monitort de gezondheid en de ontwikkeling. Hierdoor vervult zij een preventieve en verbindende rol. Preventie werkt alleen als het doelgericht, planmatig en gecoördineerd gebeurt in de wijk of gemeente. Essentieel daarbij zijn ouderbetrokkenheid en goede sociale netwerken. Onze JGZ-professionals handelen (pro)actief en vervullen verschillende rollen, zoals die van signaleerder, begeleider, belangenbehartiger van het kind en poortwachter voor de gespecialiseerde hulp en zorg. Op basis van risicoinschatting zetten wij een gedifferentieerd aanbod in.
BasisTakenPakket Het BasisTakenPakket (BTP) betreft de werkzaamheden die gemeenten beschikbaar moeten hebben en actief dienen aan te bieden aan iedere jongere, volgens professionele richtlijnen en wettelijk kader. Het is een uitgebreid en uniform pakket. In de uitvoering kan echter flexibiliteit zitten. Om aan bepaalde wettelijke verplichtingen van bijvoorbeeld monitoring en advisering te kunnen voldoen, is door GGD Zeeland een werkwijze met zorgpaden en ijkmomenten ontwikkeld. Dit is in lijn met het Landelijk Professioneel Kader (LPK), dat richtinggevend is voor de wijze waarop de dienstverlening vorm krijgt. Hierbij ligt de nadruk ligt op aansluiten bij waar behoefte aan is en doen wat nodig is.
Aanvullende Diensten Naast wettelijk vastgestelde taken zijn er ook producten ontwikkeld die geen direct wettelijke grondslag hebben, echter, alle aangeboden producten zijn terug te voeren naar een wettelijke basis. Deze producten/dienstverlening wordt aangeboden onder de noemer Aanvullende Diensten (AVD). Aanvullende Diensten worden per gemeente, afhankelijk van de behoefte, apart ingekocht. Het kan gaan om extra preventieactiviteiten, video hometraining, aanvullende huisbezoeken, cursussen, themabijeenkomsten et cetera. De aanvullende diensten worden separaat aan de gemeenten gefactureerd. De werkzaamheden worden uitgevoerd door jeugdverpleegkundigen van de JGZ. Voor 2026 (en verder) geldt dat de geactualiseerde offertes voor 2025 als uitgangspunt zijn genomen. Vanaf 2025 wordt in het voorjaar samen met de gemeenten bekeken of we op koers liggen met het uitvoeren van de Aanvullende Diensten. Ieder jaar wordt in het derde kwartaal opnieuw besproken met gemeenten welke Aanvullende Diensten afgenomen worden. Indien nodig wordt de formatie hierop bijgesteld met die kanttekening dat met gemeenten is afgesproken dat hier vast personeel op ingezet wordt (en dat de risico’s voor eventuele afschaling bij de gemeenten liggen). Facturatie vindt plaats op basis van de afgesloten offertes, indien afschaling gedurende het jaar niet mogelijk is.
12
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Toekomst JGZ; samen voor een gezonde jeugd In de begrotingswijziging Basis op Orde is JGZ buiten scope gebleven. De resultaten van het programma ‘Toekomst JGZ; samen voor een gezonde jeugd’, dat in 2025 van start is gegaan, worden in 2025, 2026 en 2027 opgeleverd. Doel hiervan is het via twee opgaven toekomstbestendig maken van de dienstverlening van de JGZ. Daarbij wordt ook gekeken naar de effecten van het herschikken van taken vanwege het oplopende personeelstekort, het verkennen van mogelijkheden om nog meer te investeren in preventie en in digitalisering. In de programmabegroting 2026 (en in de meerjarenschijf 2027) zijn incidenteel benodigde middelen geraamd ten laste van de algemene reserve van de GR. Er wordt geen extra beroep gedaan op incidentele middelen via de gemeenten. Tijdens opgave 1 werken we aan oplossingen om de huidige dienstverlening anders, efficiënter en gerichter in te zetten. We gaan minder of anders ondersteunen waar dat kan en meer waar nodig, we sluiten beter aan bij de behoeften van de inwoner van nu én in de toekomst en maken een begin met de versterking van de positionering in het voorliggend veld. Deze opgave is erg omvangrijk voor de organisatie en de professionals daarbinnen en vindt daarom (onder begeleiding) gefaseerd plaats over een periode van drie jaar.
Met opgave 2 gaan we op meer maatschappelijke thema’s onze bijdrage leveren en zorgen we dat we flexibeler in het netwerk kunnen opereren. Dit versterkt de bijdrage aan onze ambitie. De omvang en wat het van ons vraagt hangt onder meer af van maatschappelijke ontwikkelingen en vraagstukken. Door voortdurende evaluatie en verbetering van de dienstverlening en processen blijft de JGZ haar dienstverlening optimaliseren. Het doel is ouders en verzorgers de beste ondersteuning te bieden bij de gezondheid en ontwikkeling van hun kinderen en tegelijkertijd de middelen van de organisatie effectief te benutten. Kosten JGZ De kosten van de jeugdgezondheidszorg vallen in het taakveld 7.1 Volksgezondheid en worden omgeslagen over 0-19 jarigen, tenzij anders vermeld. In de begroting wordt voorgesteld in 2026 een bedrag ad 275.800 euro aan loonkosten te dekken uit de algemene reserve. Voor 2027 zal een vergelijkbare handeling voor een bedrag ad 288.200 euro worden voorgesteld. Beleid en kwaliteit Jeugdgezondheidszorg De medisch en verpleegkundig adviseurs in het team Beleid en Kwaliteit ondersteunen de uitvoerende teams bij het bevorderen en borgen van de kwaliteit en deskundigheid van de JGZ. Zij vertalen nieuwe inzichten en landelijke ontwikkelingen naar de Zeeuwse schaal en praktijk en geven proactief richting aan de beleidsvorming. Dit doen zij door: 1.
Inhoudelijk te adviseren over ontwikkelen, innoveren, implementeren en borgen, inclusief crisissituaties; 2. Deskundigheid te bevorderen van de JGZ-professional, onder meer door het aanbieden van een scholingsprogramma; 3. Uniformiteit te borgen van de uitvoering van JGZ met werkinstructies, werkdocumenten en richtlijnen; 4. Het management inhoudelijk te adviseren; 5. Te acteren en adviseren in geval van acute situaties.
Beleid en kwaliteit JGZ Personele lasten Materiele lasten Afschrijvingen Per saldo
(begroot) 2025
645.200 442.000 0 1.087.200
2026 608.600 459.000 68.500 1.136.100
2027 608.600 459.000 68.500 1.136.100
2028 608.600 459.000 68.500 1.136.100
2029 608.600 459.000 68.500 1.136.100
Consultatiebureaus De jeugdgezondheidszorg speelt een belangrijke rol in de wijk; het is zichtbaar en laagdrempelig beschikbaar voor álle ouders en kinderen. De jeugdgezondheidszorg richt zich op de gezondheid, het gezond opgroeien en het ontwikkelen van een gezonde leefstijl van Zeeuwse kinderen en jongeren. 13
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
De jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen volgen de ontwikkeling van het kind vanaf de geboorte tot hij of zij 18 jaar is. Daarvoor zijn er afspraken op het consultatiebureau en bij de jeugdverpleegkundige of jeugdarts op school.
CB's Personele lasten Materiele lasten Baten Huisvestingslasten Afschrijvingen Afrekening gemeenten Per saldo
(begroot) 2025
7.139.200 149.300 -284.200 795.400 2.500 -217.400 7.584.800
2026 7.215.000 128.000 -303.900 833.700 0 -236.500 7.636.300
2027 7.215.000 128.000 -303.900 833.700 0 -236.500 7.636.300
2028 7.215.000 128.000 -303.900 833.700 0 -236.500 7.636.300
2029 7.215.000 128.000 -303.900 833.700 0 -236.500 7.636.300
De benodigde formatie is voor 2025, net als in 2024, tot stand gekomen door gebruik te maken van het Formatie Calculatie Model (FCM). Door inzet van dit model kan de benodigde formatie per jaar worden vastgesteld op basis van demografische ontwikkelingen. Daarnaast worden de verzuimcijfers, de percentages ouderschaps- en zwangerschapsverlof gebruikt om het capaciteitsverlies vast te stellen. Ieder jaar wordt in het derde kwartaal beoordeeld in hoeverre het model aansluit bij of afwijkt van de werkelijkheid. Indien nodig wordt de formatie/productie hierop bijgesteld. Team 12+ Het team 12+ richt zich op het oudere kind; zij verzorgen de bezoeken aan de middelbare scholen. En werken indien nodig samen met de afdelingen Leerplichtzaken van de gemeenten en middelbare scholen, waarbij zorg kan worden verleend aan verzuimende leerlingen. Ook de aandacht voor ziekteverzuim in het MBO, die geoormerkt is in de algemene dekkingsmiddelen, wordt uitgevoerd vanuit team 12+. Voor ziekteverzuim MBO betalen Scalda en Hoornbeeck College een bijdrage.
Team 12+ Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
816.200 10.100 -26.000 800.300
2026 884.000 11.000 -26.500 868.500
2027 884.000 11.000 -26.500 868.500
2028 884.000 11.000 -26.500 868.500
2029 884.000 11.000 -26.500 868.500
Plan- en afsprakenbureau Het PAB is onderdeel van de JGZ en werkt ondersteunend en faciliterend aan alle consultatiebureaus ten behoeve van efficiency en effectiviteit van het inplannen van alle afspraken. Het PAB zorgt dat kinderen worden uitgenodigd voor een consult op het consultatiebureau of dat ouders een uitnodiging krijgen voor het invullen van een digitale vragenlijst. Dit gebeurt vanaf de leeftijd van drie maanden op het bureau of op het voortgezet onderwijs (12+). Ook zorgt het PAB ervoor dat de personele bezetting op de consultatiebureaus optimaal is. Daarnaast voert het PAB administratieve taken uit en ontlast de jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen door onder meer het beoordelen van ingevulde vragenlijsten en het koppelen van documenten aan de dossiers. Verder zijn zij (mede) verantwoordelijk voor het analyseren van de redenen voor no-show en houden zij zicht op eventuele achterstanden in de uitvoering van de contactmomenten.
PAB Personele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
819.700 1.000 820.700
2026 784.800 2.000 786.800
14
2027 784.800 2.000 786.800
2028 784.800 2.000 786.800
2029 784.800 2.000 786.800
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Screeners Naast de taken die vanuit de CB's worden uitgevoerd, zijn er ook twee teams die regionaal of zelfs provinciaal opereren. Het gaat dan onder andere om de screeners. Dit zijn medewerkers die binnen een week na de geboorte van een kind een huisbezoek afleggen om de hielprik te geven en de kinderen in hun eigen omgeving een gehoortest te laten ondergaan. Hier staat een vergoeding van het RIVM tegenover. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het late uitvoeren van de gehoorscreening.
Screeners Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
275.700 41.700 -74.500 242.900
2026 277.200 43.100 -80.000 240.300
2027 277.200 43.100 -80.000 240.300
2028 277.200 43.100 -80.000 240.300
2029 277.200 43.100 -80.000 240.300
Nu Niet Zwanger Het programma Nu Niet Zwanger ondersteunt vrouwen en mannen in een kwetsbare situatie om een bewuste keuze te maken over het moment van het realiseren van hun kinderwens. (Zorg)professionals begeleiden cliënten hierbij actief. Nu Niet Zwanger is opgenomen in het landelijke programma Kansrijke Start en is sinds 2023 een onderdeel van de reguliere taken van GGD Zeeland. Nu Niet Zwanger valt onder het taakveld 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen en wordt omgeslagen over inwoners.
Nu Niet Zwanger Personele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
80.500 20.400 100.900
2026 81.500 16.800 98.300
2027 81.500 16.800 98.300
2028 81.500 16.800 98.300
2029 81.500 16.800 98.300
Rijksvaccinatieprogramma (RVP) Kinderen worden sinds 1957 gevaccineerd volgens het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Coördinatie van dit programma is in handen van het RIVM. Deelname aan het RVP is niet verplicht. Vaccinaties worden op het consultatiebureau aangeboden, met uitzondering van de HPV en men-ACWY (10 en 14 jaar). Deze vaccinaties worden via groepsvaccinatie aangeboden. Bij grootschalige vaccinactiecampagnes wordt personeel ingehuurd, waar een vergoeding vanuit het RIVM tegenover staat. Dit is budgetneutraal. Ook bieden we ruimte aan ouders om in gesprek te gaan over mogelijke twijfels over deelname aan het RVP. Eind 2025 is het RS-vaccin aan het RVP toegevoegd. Jaarlijks bepaalt het RIVM welke vaccinaties extra worden aangeboden naast het RVP.
RVP Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
0 39.900 -50.000 -10.100
2026 4.300 65.100 -6.900 62.500
2027 4.300 65.100 -6.900 62.500
2028 4.300 65.100 -6.900 62.500
2029 4.300 65.100 -6.900 62.500
Integrale vroeghulp Integrale Vroeghulp is voor alle ouders met kinderen van 0-7 jaar die zich zorgen maken of vragen hebben over de ontwikkeling van hun kind. GGD Zeeland coördineert het proces om in een zo vroeg mogelijk stadium hulp te bieden aan kinderen die problemen ondervinden in hun ontwikkeling. Integrale vroeghulp valt onder het taakveld 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen en wordt omgeslagen over 0 tot 19 jarigen per gemeente. De uitvoering van de coördinatie Integrale Vroeghulp (IVH) is ondergebracht bij de functie van zorgmakelaar van de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ).
Coord. integrale vroegh. Personele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
33.600 600 34.200
2026 36.300 600 36.900 15
2027 36.300 600 36.900
2028 36.300 600 36.900
2029 36.300 600 36.900
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Verwijsindex De Verwijsindex is een digitaal systeem waarin professionals een signaal afgeven dat ze betrokken zijn bij kinderen en jongeren tot 23 jaar. Dankzij de Verwijsindex blijft iedereen in beeld en kunnen de professionals onderling afstemmen om de best mogelijke ondersteuning te bieden. In december 2021 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen, die de regering oproept de wettelijke verplichting op het gebruik van de Verwijsindex te schrappen. Op zijn vroegst zal de wetswijziging op 1 januari 2026 in werking treden. De Verwijsindex wordt, conform het besluit van het AB van najaar 2023, op waakvlamniveau uitgevoerd. Activiteiten op het gebied van projectcoördinatie, scholing, communicatie en relatiebeheer worden niet actief meer uitgevoerd. De materiële lasten bestaan uit de kosten voor de benodigde software.
Verwijsindex Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
2026 0 -
108.200 108.200
2027 0 -
2028 0 -
2029 0 -
Publieke Gezondheid Asielzoekers GGD Zeeland voert de publieke gezondheidszorg voor asielzoekers uit in het kader van een overeenkomst tussen GGD GHOR Nederland, de koepelorganisatie van 25 GGD’en en GHOR-bureaus, en het COA. De taken voor statushouders die in de gemeente wonen, zijn gelijk aan die voor andere inwoners van Nederland en vallen onder verantwoordelijkheid van de gemeente. De gezondheidsbevorderaars Publieke Gezondheidszorg Asielzoekers (PGA) geven groepsgewijs voorlichting aan asielzoekers over gezondheidsrisico’s en hoe zij die kunnen voorkomen. GGD Zeeland stelt jaarlijks per opvanglocatie, in afstemming met het COA en andere samenwerkingspartners, een werkplan gezondheidsbevordering op. Ook voert de GGD op aanvraag individuele voorlichting seksuele gezondheid uit. We krijgen voor de verleende dienstverlening een vergoeding per asielzoeker. We verwachten in 2026 een toename van het aantal asielzoekers door de verwachtte uitbreiding van het aantal opvanglocaties in Zeeland.
PGA Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
77.900 1.400 -96.000 -16.700
2026 124.100 3.300 -240.000 -112.600
2027 124.100 3.300 -240.000 -112.600
2028 124.100 3.300 -240.000 -112.600
2029 124.100 3.300 -240.000 -112.600
Artsen in opleiding Het artsentekort speelt in heel Nederland en dus ook bij GGD Zeeland. Om het oplossen van dit tekort te stimuleren, bieden we opleidingsplaatsen aan basisartsen die zich willen specialiseren. Wij ontvangen daarvoor een subsidie die kostendekkend is. Het aantal artsen in opleiding voor 2026 is pas in september 2025 bekend.
Artsen in opleiding Personele lasten Materiele lasten Baten Per saldo
(begroot) 2025
0 6.100 -6.000 100
2026 50.000 3.000 -53.100 -100
16
2027 50.000 3.000 -53.100 -100
2028 50.000 3.000 -53.100 -100
2029 50.000 3.000 -53.100 -100
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
1.1.2. Programma Veilig Thuis (VT) Veilig Thuis Veilig Thuis vervult Zeeuws breed een belangrijke functie in het signaleren, aanpakken en doorbreken van huiselijk geweld en kindermishandeling. Op basis van het toenemende aantallen meldingen, adviezen en vervolgdiensten alsmede de toenemende complexiteit en multiproblematiek blijft toekomstige inzet noodzakelijk. Advies, ondersteuning en onderzoek Het Advies- en Meldingen Team (AMT) en het Ondersteuning- en Onderzoek Team (OOT) hebben een radar- en monitoringsfunctie. Samen voeren zij, op basis van het handelingsprotocol, de taken uit. Een team van Procesondersteuners is direct betrokken bij het primaire proces. Daarnaast is het team Beleid en Kwaliteit (Staf) betrokken. Hierin is specialistische kennis aanwezig in de functies van onder andere gedragswetenschappers, vertrouwensarts, forensisch verpleegkundigen en een beleidsmedewerker. Financiering Veilig Thuis In 2014 hebben de Zeeuwse gemeenten besloten de uitvoering van de taken van Veilig Thuis Zeeland neer te leggen bij de gemeenschappelijke regeling (GR) Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland. De verantwoordelijkheid voor adequate financiering is daardoor een gedeelde verantwoordelijkheid van de gemeenten en de centrumgemeente.
Een deel van de middelen wordt beschikbaar gesteld vanuit de Decentralisatie Uitkering Vrouwenopvang (DuVo) die gemeente Vlissingen ontvangt voor de aanpak van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Daarnaast wordt Veilig Thuis Zeeland gefinancierd vanuit alle Zeeuwse gemeenten vanuit de gemeentelijke begroting. Veilig Thuis valt onder taakveld 6.2 - Toegang en eerstelijnsvoorzieningen ; voor de omslag over gemeenten wordt het macrobudget gevolgd. De termijn waarop beide financieringsstromen worden toegekend liggen op twee verschillende momenten in het lopende jaar. Hier ligt voor de GGD een risico. Immers, de DuVo middelen die vanuit de centrumgemeente worden toegekend worden jaarlijks aan het eind van het jaar beoordeeld voor het daarop volgend kalenderjaar. De begroting van de GGD, en daarmee dus ook voor Veilig Thuis, is dan al vastgesteld voor dit kalenderjaar. Door het CZW bureau is aangegeven dat de DuVo middelen voor 2026 geïndexeerd worden. Met welk percentage is op dit moment niet bekend. Wet meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Veilig Thuis heeft een wettelijke taak als het gaat om het geven van voorlichting over de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. In 2024 zijn een tweetal trainers gestart in de rol van trainer Meldcode. Zowel intern als extern verzorgen zij voorlichting en training op het gebied van de meldcode.
In 2025 wordt deze rol verder geborgd door het structureel aanstellen van twee parttime functionarissen in de functie van trainer. Hiermee is Veilig Thuis ook na 2025 goed toegerust voor deze wettelijke taak.
17
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Veilig Thuis
Beleid en kwaliteit VT Personele lasten Materiele lasten Baten Project MDA++ Personele lasten Baten Advies en meldingen Personele lasten Materiele lasten Onderzoek/ondersteuning Personele lasten Materiele lasten Procesondersteuning Personele lasten Materiele lasten Materiele lasten Per saldo
(begroot) 2025
597.100 110.700 -1.722.000 (begroot) 2025 0 0 (begroot) 2025 1.238.600 0 (begroot) 2025 1.739.500 50.600 (begroot) 2025 228.700 0 0 2.243.200
2026 531.500 112.700 -1.687.500 2026 28.100 -36.400 2026 1.249.300 3.800 2026 1.760.100 25.500 2026 221.100 300 0 2.208.500
2027 531.500 112.700 -1.687.500 2027 28.100 -36.400 2027 1.249.300 3.800 2027 1.760.100 25.500 2027 221.100 300 0 2.208.500
2028 531.500 112.700 -1.687.500 2028 28.100 -36.400 2028 1.249.300 3.800 2028 1.760.100 25.500 2028 221.100 300 0 2.208.500
2029 531.500 112.700 -1.687.500 2029 28.100 -36.400 2029 1.249.300 3.800 2029 1.760.100 25.500 2029 221.100 300 0 2.208.500
Toekomstige ontwikkelingen Veilig Thuis Zeeland De verhoging aan instroom van meldingen en adviesaanvragen de afgelopen jaren heeft in oktober 2024 geleid tot een structurele verhoging van de formatie met 4,89 FTE. Deze extra formatie is nodig om te komen tot een beheersbare werkvoorraad. Veilig Thuis is kartrekker van MDA++. Dit betreft een landelijke methodiek die we regionaal inzetten ten behoeve van zeer complexe casuïstiek. Ook in 2025 vervulde Veilig Thuis reeds taken voor MDA++. Op het moment van opstellen van de begroting 2025 was er echter nog geen goedkeuring MDA++ 2025. Deze goedkeuring is pas in 2025 ontvangen. Om deze reden waren in de begroting 2025 nog geen baten en lasten MDA++ opgenomen. Kwaliteit op Tijd In 2024 is gestart met het project Kwaliteit Op Tijd (KOT). Binnen dit project is gewerkt aan een methodiek om duurzaam wachtlijstvrij te werken. Vanaf het laatste kwartaal van 2024 tot en met medio 2025 maken we ons deze methodiek verder eigen. Dit resulteert in een structureel operationeel overleg waarbinnen wachtlijsten, doorlooptijden en sturing hierop plaatsvindt. Deze werkwijze borgen we verder in 2026. Dit is enkel mogelijk met de structurele extra inzet van 4,89 FTE extra formatie.
Om te komen tot een beheersbare werkvoorraad en het uitvoeren van onze wettelijke taak binnen de wettelijk gestelde termijnen is het tevens van belang dat Veilig Thuis zich focust op deze wettelijke taken. De ervaring leert dat de professionals, door een groot ketenprobleem zowel landelijk als in de regio, langer en breder betrokken zijn en blijven bij casussen dan onze wettelijke taak vraagt. In Zeeland vindt per gemeente maatwerk plaats als het gaat om de wijze waarop casussen worden overgedragen naar de gemeentes. In dit licht gaan we in 2025 in gesprek met alle gemeentes. Dit verloopt via het CZW bureau en moet resulteren in werkbare samenwerkingsafspraken waarbij alle ketenpartners de eigen verantwoordelijkheid hebben en nemen. Dit alles moet in 2025 leiden tot een uniforme werkwijze over alle 13 gemeentes als het gaat om overdracht naar het lokale veld. Deze werkwijze zetten we voort in 2026.
18
Versie 19.5.2025 t.b.v. gemeenteraden
Kenniscentrum Veilig Thuis verbreedt in 2025 en 2026 de expertise- en adviesrol. Dit door te investeren in het vergroten van kennis op specifieke thema's zoals bijvoorbeeld ouderenmishandeling en intiem terreur. Cliëntregistratiesysteem Via het Landelijk Netwerk Veilig Thuis (LNVT) wordt gewerkt aan de ontwikkeling en implementatie van een nieuw cliëntregistratiesysteem. In 2025 worden landelijk diverse pilots met het systeem uitgevoerd. Veilig Thuis Zeeland gaat naar verwachting, net als de andere 24 Veilig Thuis organisaties, in 2026 over tot implementatie van een nieuw systeem als de knelpunten centraal zijn opgelost. Het is te verwachten dat er in 2026 zowel kosten voor aanschaf van software en licenties als ook manuren voor de inrichting, training en implementatie van het systeem nodig zijn. Toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming Veilig Thuis Zeeland dient (in opdracht van de VNG, het ministerie van VWS en Justitie en Veiligheid) ook uitvoering te blijven geven aan landelijke ontwikkelagenda’s en programmalijnen. Zo omvat het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming een voorstel voor de verbeterde aanpak van de jeugdbeschermingsketen. Ook in 2026 en tot 2030 werkt Veilig Thuis samen met ketenpartners regionaal mee aan het beproeven van methodieken en de ontwikkeling van Sterke Lokale Teams, als voorbereiding op het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming.
Domein overstijgend Samenwerken binnen Zeeland Binnen Zeeland is onderzoek gedaan naar domein overstijgend samenwerken. Om uitvoering te geven aan de actiepunten is Veilig Thuis ook één van de partners binnen de regio. Door CZW bureau is gevraagd of een afgevaardigde vanuit de GGD kan participeren in de stuurgroep. Van de 8 gedefinieerde actiepunten zijn er 3 onderwerpen waar mogelijk een rol voor Veilig Thuis ligt in 2026, te weten: 1.
Ontwikkeling regionaal interventieteam Ontwikkel een plan voor de inzet van een regionaal interventieteam en formuleer criteria voor de inzet van het team. Geef aan op welke wijze dit team past bij de bestaande instellingen in Zeeland en op welke wijze het team aangestuurd wordt.
2.
Inzet doorbraakmethodiek IPW (met lokale variaties) Ontwikkel een plan van aanpak voor een brede implementatie van de doorbraakmethodiek in Zeeland.