CConstaterende datKapelle
Koppel je AI →
Document · PDF

219. Memo Jeugd halfjaarrapportage en analyse, 15 november 2021

Raadsvergadering 21 december 2021, gemeente KapelleBij agendapunt: Vaststellen Lijst Ingekomen Stukken (LIS) 21 december 20213.456 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

*Z0155645C8A* Zaaknummer Documentnummer

Z21.011658 D21.260411

MEMO Aan

:

leden van de Raad

Van

:

R. Haak

Afdeling

:

Beleid en Dienstverlening

Onderwerp

:

halfjaarrapportage en analyse jeugd

Behoort bij:

:

-

Datum

:

15 november 2021

Besproken met:

:

Annemieke Steketee

Halfjaarrapportage inclusief analyse geïndiceerde jeugdhulp 2021 Inleiding De halfjaarrapportage Jeugd maakte in eerste instantie onderdeel uit van de halfjaarrapportage Sociaal Domein. Omdat er op dit onderdeel een verontrustende tendens in stijgende kosten te zien is, vonden wij dat nader onderzoek nodig was om uitleg te kunnen geven. Gezien de complexe materie en hoeveelheid aan informatie, hebben we ervoor gekozen de halfjaarrapportage Jeugd apart onder uw aandacht te brengen. Deze memo is in een kort tijdsbestek tot stand gekomen, desondanks hebben wij geprobeerd één en ander zo zorgvuldig mogelijk voor u in kaart te brengen. In dit document leest u aan de ene kant de stand van zaken op het gebied van jeugd over de eerste 7 maanden van 2021. Aan de andere kant wordt één en ander soms in een wat ruimer perspectief (vanaf 1 januari 2020) geplaatst, zodat u tot meer inzicht komt en uitleg ontvangt. Het betreft een eerste analyse. In de komende maanden komen wij tot een herijking op het actieplan Jeugd. In januari 2022 leggen we deze aan u voor. Dit document is tot stand gekomen in samenwerking met het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) en de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ) heeft voorzien in een deel van de benodigde data.

In deze memo besteden we aandacht aan: - 2021 in getallen (hulpvragen, aantallen toewijzingen en unieke cliënten, kosten en meer gedetailleerde data); - uitleg van deze getallen; - financiële gevolgen (zowel in 2020 als in 2021); - vervolg.

2021 in getallen Hulpvragen Eind 2020 is een trend ingezet die voortduurt in het lopend jaar. Er is een forse toename in het aantal vragen gericht aan ons CJG. Dat zien we bijvoorbeeld terug in het aantal behandelde aanvragen jeugdhulp. Onze backoffice CJG houdt hiervan sinds begin dit jaar cijfers bij. Tot en met 25 oktober 2021 werd er 586 keer een beroep op geïndiceerde jeugdhulp gedaan. En dit leidde 462 keer tot het daadwerkelijk inzetten daarvan. Hierbij was 250 keer sprake van een andere wettelijk verwijzer dan het CJG. Denk hierbij aan huis- en

-1-

jeugdartsen, rechters en jeugdbeschermers. In het geval dat er een andere wettelijk verwijzer is, heeft het CJG geen invloed. Helaas beschikken we niet over vergelijkbare cijfers over heel 2020. Toch hebben we één en ander uit een aantal systemen kunnen halen. Daaruit ontstaat het beeld dat het aantal keer dat een beroep is gedaan op het CJG bijna is verdubbeld. 10,6% van onze jeugdigen tot 18 jaar ontvangen een vorm van geïndiceerde jeugdhulp. Dat percentage ligt redelijk hoog als je dat bijvoorbeeld vergelijkt met de gemeente Reimerswaal die een percentage heeft van 9,9%. Provinciaal gezien bevinden wij ons met dit percentage aan de bovenkant van de middenmoot. Kosten Over de eerste zeven maanden van 2021 is de financiële balans opgemaakt. Er is vooral gekeken naar de kosten op het gebied van geïndiceerde jeugdhulp. IJZ voorziet ons van deze gegevens. (Zie M7 in bijlage 1). De gemaakte kosten bedragen € 2.330.779,-. Een deel daarvan bestaat onder andere uit de kosten gemaakt voor de overname van Intervence: namelijk € 117.577,-. In juni is besloten de kosten voor deze overname vanuit de algemene middelen te voldoen. Voor de eerste zeven maanden van 2021 was door IJZ € 1.843.374,voor gemeente Kapelle begroot. Dat resulteert in een overschrijding van de begroting met € 369.828,-.

Dit komt doordat de kosten voor Intervence, zoals uitgelegd, buiten beschouwing gelaten kunnen worden. Het voornaamste deel van de kosten bestaat uit Zorg In Natura (ZIN): namelijk € 2.056.327,-. In heel Zeeland is een tendens te zien: de meeste gemeenten overschrijden hun begroting. Zowel op regionaal als lokaal niveau proberen we oorzaken te vinden en deze positief te beïnvloeden. Om tot een duiding van de cijfers te komen, kijken we naar het detailniveau onder bovenstaande cijfers. Daaruit valt een top 5 af te leiden aan grootste kostenposten. 1. Jeugd Geestelijke Gezondheids Zorg (JGGZ) á € 499.943,-; 2. Jeugdhulp ambulant (in eigen omgeving) á € 456.477,-; 3. Jeugdhulp verblijf (incl. behandeling) á € 330.491,-; 4. Jeugdhulp verblijf (excl. behandeling) á € 279.111,-; 5. Jeugdbescherming á € 120.354,-. We hebben de IJZ gevraagd om via data een vergelijking te maken met vorig jaar. De stand van zaken in juni 2020 is vergeleken met juni 2021. Daardoor zien we bijvoorbeeld wat de grootste stijgers waren. Zij bevinden zich op de grote kostenposten: - JGGZ á 44%; - jeugdhulp verblijf incl. behandeling á 21%: - jeugdhulp verblijf excl. behandeling á 38%. Meer gedetailleerde data over aantallen en kosten Uiteraard willen we meer gedetailleerd, op onderliggend dataniveau, zien wat er in onze gemeente speelt. De financiële consequenties op hoofdlijnen zijn weergegeven.

Het is waardevol om naar de ontstane situatie te kijken, niet alleen vanuit financieel oogpunt. Daarom hebben we zaken in kaart gebracht als: aantallen toewijzingen en aantallen unieke cliënten. We willen weten hoe deze cijfers zich in de afgelopen 1,5 á 2 jaar hebben ontwikkeld. De toewijzingen zijn wat anders dan enkel de indicaties afgegeven in 2021. Er zitten lang(er) lopende indicaties bij die eerder zijn afgegeven. Aansluitend brengen we de kostenontwikkeling over dezelfde periode in beeld voor dezelfde productcategorieën. Overigens moet bij onderstaande cijfers een kanttekening gemaakt worden: hoe recenter, hoe groter de foutmarge. Dit heeft te maken met het zogeheten naijleffect: doordat zorgaanbieders soms laat declaraties insturen, worden bijvoorbeeld ook bijbehorende kosten laat zichtbaar. Toch geeft deze data voldoende inzicht om een tendens te signaleren.

-2-

Totaalbeeld geïndiceerde jeugdhulp Aantallen Op het totaal aan geïndiceerde jeugdhulp in 2021 zien we dat het aantal unieke cliënten tegenover begin 2020 veel is gestegen. Toen lag het aantal zelfs nog even onder de 300. Uiteindelijk is het toegenomen naar 345 en de laatste periode neemt het mogelijk weer iets af. Tegelijkertijd is het aantal toewijzingen opvallend toegenomen. Op een bepaald moment waren dit er ongeveer 500, maar inmiddels komen we aan de 600 toewijzingen. Zie bijlage 2.1. Kosten Aanvankelijk zat het kostenniveau begin 2020 ongeveer op € 240.000,- per maand. In de eerste maanden van 2021 zat dat tussen de € 290.000,- en € 340.000,- per maand. Een opvallende toename. Zie bijlage 2.2. Jeugd-GGZ Aantallen In deze categorie is, ongeveer eind 2020 / begin 2021, een piek goed zichtbaar. Zo gingen we van 145 toewijzingen op 139 unieke cliënten in maart 2020 naar 181 toewijzingen op 165 unieke cliënten in januari 2021. Het is aannemelijk dat de afname van de laatste maanden in deze grafiek minder groot is dan weergegeven. Met name in deze categorie is het na-ijleffect groot door aspecifiek toewijzen, waarbij aanbieders tot maximaal één jaar aan de slag gaan zonder specifieke beschikking. Zie bijlage 3.1. Kosten In 2020 was op dit onderdeel al een stijgende lijn in kosten zichtbaar.

Gedurende het jaar liepen de kosten op van zo’n € 56.000,- per maand richting € 80.000,- per maand aan het eind van het jaar. Die lijn zette zich voort in 2021. Inmiddels zitten we op een niveau van zo’n € 85.000,- per maand. Zie bijlage 3.2. Jeugdhulp ambulant (in eigen omgeving) Aantallen Sinds begin 2021 zijn de cijfers alleen maar oplopend. Rond januari waren er 141 toewijzingen op 119 unieke cliënten. In juli was dat al opgelopen naar 186 toewijzingen op 138 unieke cliënten. Zie bijlage 4.1. Kosten Kijkend naar gemiddelden springen deze kosten niet meteen in het oog als we alleen letten op stijgingen. In 2020 bedroegen de gemiddelde maandelijkse kosten zo’n € 66.000,-. Dit jaar bedragen diezelfde kosten gemiddeld € 69.000,- per maand. Tegelijkertijd blijven deze kosten een groot deel van de totaal gemaakte kosten geïndiceerde jeugdhulp. Zie bijlage 4.2. Jeugdhulp verblijf inclusief behandeling Aantallen Hier zien we een toename die voor 2021 al bereikt was. Begin 2020 maakten er 6 jeugdigen gebruik van, om uiteindelijk toe te nemen naar zo’n 10 jeugdigen begin 2021. Inmiddels lijken die aantallen weer te dalen. Zie bijlage 5.1. Kosten Net als bij jeugdhulp ambulant is de stijging in kosten hier niet per se opvallend. In 2020 bedroegen de gemiddelde maandelijkse kosten € 47.000,-. En in 2021 is dat voorlopig iets gestegen naar gemiddeld € 48.000,- per maand.

Maar ook hier geldt dat het een belangrijk deel van onze totale kosten geïndiceerde jeugdhulp is. Zie bijlage 5.2.

-3-

Jeugdhulp verblijf excl. behandeling Aantallen De aantallen hier nemen ook heel 2021 toe. In januari was er nog sprake van 24 toewijzingen op 24 unieke cliënten. In juli was dat 32 toewijzingen op 32 unieke cliënten. Verder valt op dat daartussen zelfs nog een hogere piek ligt én dat er sprake is van meer toewijzingen dan cliënten. Zie bijlage 6.1. Kosten Gedurende het jaar 2020 lagen de maandelijkse kosten tussen de €20.000,- en €30.000,(op één uitzondering na). In 2021 zijn die maandelijkse kosten toegenomen naar gemiddeld € 41.000,-. Zie bijlage 6.2. Jeugdbescherming Aantallen In 2021 is er alleen een stijgende lijn in aantallen. Overigens was er al een forse stijging ingezet in 2020. In januari 2021 betrof het 28 toewijzingen op 25 unieke cliënten. Een half jaar later was dat toegenomen naar 31 toewijzingen op 30 unieke cliënten. Zie bijlage 7.1. Kosten De maandelijkse kosten waren in 2020 gemiddeld € 4.100,- inmiddels liggen de gemiddelde kosten op bijna € 19.500,- per maand. Zie bijlage 7.2. Kindergeneeskunde Een andere opvallende categorie in aantallen is de kindergeneeskunde. De directe kosten hiervan zijn redelijk laag. Begin 2021 waren er 78 toewijzingen op 70 unieke cliënten. In het daaropvolgende half jaar steeg dat naar 104 toewijzingen op 96 unieke cliënten. Zie bijlage 8.

Producten Zoals ‘kindergeneeskunde’ opvalt door de stijging in aantallen, zijn er ook producten die door de kosten opvallen. Deze analyse is geschreven in een beperkt tijdsbestek. Daarom hebben we de bijbehorende aantallen toewijzingen en unieke cliënten niet meer kunnen beschrijven op dezelfde manier als bij de vorige onderwerpen. Maar het betreft wel informatie die belangrijk is voor het totaalbeeld. Vandaar dat wij dit wel aan u willen meegeven. We zien stijgingen in kosten op uiteenlopende producten, zowel binnen onze grote kostenposten als ook in kleinere productcategorieën. Tegelijk zien we belangrijke kostenstijgingen bij: - dagbehandeling regulier; - gezinshuis outputgericht zwaar; - pleegzorg; - gezinshuis inspanningsgericht; - jeugdhulp ambulant regulier; - jeugdhulp specialistisch zwaar; - jeugdreclassering zwaar; - ondertoezichtstelling jaar 1; - ondertoezichtstelling jaar 2; - voogdij: - drang/casusregie; - zelfstandig leven; - jeugd-GGZ behandeling regulier; - jeugd GGZ-specialistisch (producten 54002 en 55001) en - jeugd-GGZ behandeling hoog specialistisch. Zie bijlagen 9.1 t/m 9.16. Bij het maken van deze opsomming valt op dat het vooral gaat om de zware, dure jeugdhulpproducten die vooral ingezet worden bij complexe casuïstiek.

-4-

Uitleg van de getallen Cijfers op zich zeggen niet alles. De input die we vanuit de praktijk (bijv. CJG) kregen, in combinatie met verzamelde data, maakte dat wij een inschatting van de ontstane situatie en mogelijke oorzaken hebben gemaakt. Toenemende vraag onder andere door corona Het CJG signaleert in toenemende mate problematiek onder jongeren. De cijfers bevestigen dat. Over de gehele lijn neemt de vraag naar geïndiceerde jeugdhulp toe. Dit blijkt onder andere uit de toegenomen inzet van een groot aantal jeugdhulpproducten. Er lijkt een verband te bestaan met corona en de maatregelen daarvan. Het aantal jeugdigen met een vorm van geïndiceerde jeugdhulp kende in de periode eind 2020 / begin 2021 een opvallende stijging. Zwaardere problematiek en daarmee duurdere jeugdhulp. De problematiek die we signaleren is zwaarder van aard. Er zijn een aantal indicatoren die daarop duiden. - We zien dat er vaker psychische problemen zijn. Ons CJG geeft aan vaker dan voorheen geconfronteerd te worden met jongeren die kampen met depressie, suïcidale gedachten, etc. Dit wordt bevestigd door de cijfers over jeugd-GGZ (zowel oplopende aantallen als kosten én de inzet van zware jeugdhulpproducten). - Tegelijkertijd lijkt de draagkracht van jeugdigen en hun ouders af te nemen, waardoor ze meer ondersteuning nodig hebben.

Het aantal jeugdigen met geïndiceerde jeugdhulp neemt, sinds de grote piek begin dit jaar, inmiddels langzaam af. Ondertussen wordt er nauwelijks minder ondersteuning ingezet. De overgebleven jeugdigen hebben dus meerdere vormen van ondersteuning nodig. Maar we zien ook een toename in de inzet van producten als voogdij, ondertoezichtstelling, dwang/casusregie en dergelijke. Blijkbaar is het vaker dan voorheen noodzakelijk om (tijdelijk) de verantwoordelijkheid bij ouders weg te nemen en/of die intensief te monitoren. Aan de inzet van zware vormen van jeugdhulp hangt een duur prijskaartje. - Ook zien we een stijging in de kosten die te maken hebben met maatregelen die op basis van Jeugdbescherming zijn genomen. Daar hebben we geen invloed op. Dit zijn situaties waarbij een rechter ingrijpt. - Door de complexiteit van de problematiek is het nodig dat het CJG vaker casusregie inkoopt dan voorheen. Gezinshuizen In de afgelopen jaren was het beeld hetzelfde: de gezinshuizen en daarbij behorende kosten drukken zwaar op de begroting. De kosten lopen nog altijd op. In juni 2020 bedroegen de totale kosten van de 2 voornaamste gezinshuisproducten gezamenlijk net geen € 20.000,per maand. Precies een jaar later bedragen dezelfde kosten net geen € 50.000,- per maand. Op jaarbasis kan dat een oplopend verschil maken tot € 360.000,-. Helaas hebben wij hier geen invloed op.

De invloed van de gezinshuizen op ons budget voor geïndiceerde jeugdhulp is ook goed zichtbaar als we een top 15 van duurste cliënten in de gemeente Kapelle opmaken (zie bijlage 10). Van de 15 cliënten die gezamenlijk tot nu toe € 844.000,- kosten, is er bij 8 jeugdigen onder andere een gezinshuisproduct. Bij een 9e cliënt is een maatwerkvoorziening, waarbij we een gezinshuis inzetten. Er bestaan 2 specifieke gezinshuisproducten. Tot en met juli kosten deze ons gezamenlijk ruim € 350.000,-. We verwachten door een veranderd woonplaatsbeginsel (wpb) wel een positieve ontwikkeling op dit gebied. Vanaf 1 januari 2022 verandert het wpb in de jeugdwet. Dit heeft met name gevolgen voor jeugdhulp waar sprake is van verblijf. Grofweg kunnen we stellen dat de gemeente financieel verantwoordelijk wordt waar de jeugdige onder viel op het moment van de eerste aanvraag jeugdhulp. Volgens de huidige berichtgeving vanuit onder -5-

andere IJZ ziet het ernaar uit dat gemeente Kapelle minder financiële lasten zal dragen door deze verandering. Ook is er een provinciaal beleids- en kwaliteitskader gezinshuizen in ontwikkeling. Gemeente Kapelle heeft hier in het bijzonder aandacht voor gevraagd. Dat heeft ertoe geleid dat inmiddels een externe partij een beleidskader aan het opstellen is. Zij verwachten dat ze deze in de eerste helft van 2022 opleveren. Daarna zullen ze ook nog een toetsingskader opstellen. Gezinshuizen zullen aan meer eisen moeten voldoen, wat ‘wildgroei’ kan tegengaan en de kwaliteit ten goede komt. Aspecifiek toewijzen Aanbieders van jeugd-GGZ kunnen, in complexe situaties waar niet meteen duidelijk is wat passende ondersteuning is, tijdens het eerste jaar een beschikking aanvragen die niet specifiek is. Bij de start hoeven ze dan niet aan te geven wat ze gaan leveren, voor welke periode, wat het tarief is en wat daarmee de kosten zullen zijn. In de regio gaan er steeds meer geluiden op dat deze afspraak leidt tot een ongewenst effect: onnodig veel en dure declaraties. In de komende periode proberen we deze aanname te toetsen. Andere mogelijke factoren Mogelijk is er nog een andere factor van invloed. Een veelgehoord signaal betreft de samenstelling en het verwachtingspatroon van de bevolking binnen de gemeente Kapelle.

Deze factor kunnen we niet direct onderbouwen met cijfers en is daardoor lastiger te benoemen. Laten we ook vooropstellen dat het niet onze bedoeling is te generaliseren. Alhoewel het merendeel van de gemeenten kampt met dezelfde financiële problemen op het gebied van geïndiceerde jeugdhulp, hebben wij navraag gedaan bij buurgemeente Reimerswaal. Zij maken gebruik van hetzelfde CJG (Kapelle/Reimerswaal) en hebben dus dezelfde toegang, maar de financiële resultaten zijn daar dit jaar een stuk gunstiger. Zij merken onder andere op dat hoogopgeleiden en tweeverdieners goed vertegenwoordigd zijn in de gemeente Kapelle. De ouders van jeugdigen zijn veeleisend naar hun kinderen, maar ook naar instanties zoals het CJG. Dat maakt dat ouders regelmatig bepaalde jeugdhulp eisen en de wegen kennen buitenom het CJG. Wij zien dat onder andere terug in een groot percentage (54%) aanvragen jeugdhulp dat tot stand komt door tussenkomst van een andere wettelijke verwijzer dan het CJG (onder andere huis- en jeugdarts). Bovendien kan het zo zijn dat gezinnen met 2 werkende ouders in de coronaperiode door bijbehorende maatregelen zwaarder onder druk hebben gestaan. Dat zou bijvoorbeeld de toename verklaren in productcategorieën als ambulante jeugdhulp en jeugd-GGZ.

Financiële gevolgen 2021 5e begrotingswijziging GGD: € 709.097,- tekort De stijgende kosten geïndiceerde jeugdhulp hebben met name financiële gevolgen in het lopend jaar. Dit blijkt onder andere uit de 5e begrotingswijziging van de GGD (waar IJZ onder valt). In tegenstelling tot andere jaren ontvangen we dit keer geen afrekening na afloop van het jaar. Het merendeel van de Zeeuwse gemeenten overschrijdt de beschikbaar gestelde middelen. Dergelijke kosten kan de IJZ niet dragen, want dat zou ze in acute financiële problemen brengen. Daarom zijn de maandelijkse voorschotten aangepast aan de door IJZ gemaakte prognose. Voorlopig lijkt het erop dat de prognose behoorlijk precies is. Niet behalen taakstelling: om en nabij € 500.000,Aan de ene kant gingen wij uit van een taakstelling van € 300.000,- voor het jaar 2021 ten opzichte van 2019. Deze taakstelling gaan we niet halen. Dit jaar zullen we naar verwachting zo’n € 100.000,- minder kosten maken aan Persoons Gebonden Budgetten en € 50.000,besparen op onder andere de bedrijfsvoering van het CJG. Dat is de helft van de taakstelling.

-6-

Aan de andere kant houden wij er als gemeente een andere begroting op na dan IJZ. Door het toevoegen van taakstellingen aan onze zijde en naar boven toe bijstellen van de begroting door IJZ is het onderlinge verschil steeds groter geworden. Als gevolg daarvan is er een onoverzichtelijk geheel ontstaan. Wij zullen dit zo snel mogelijk met hulp van de afdeling Financiën in concrete bedragen omzetten en u daarover informeren. 2022 Doordat IJZ de maandelijkse voorschotten aanpaste, zullen er geen of beperkte directe financiële gevolgen zijn voor het volgend jaar. De stijgende kosten geven echter wel aanleiding om aan te nemen dat dit zich kan voortzetten in 2022. In welke mate is echter lastig in concrete bedragen uit te drukken. Gezinshuizen We verwachten in 2022 een positief effect op onze kosten geïndiceerde jeugdhulp door het veranderd woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022. Vanaf dan bepaalt de inschrijving van de jeugdige welke gemeente verantwoordelijk is voor de zorg. Bij (aaneengesloten) zorg met verblijf is de woonplaats waar de jeugdige stond ingeschreven, direct voorafgaand aan de start van de verblijfszorg, bepalend. Volgens onze gegevens verblijven er momenteel 10 jeugdigen waarvoor we financieel verantwoordelijk zijn in gezinshuizen. Van die 10 jeugdigen verblijven er 7 jeugdigen in een gezinshuis in de gemeente Kapelle.

8 van de 10 jeugdigen zullen naar verwachting volgens het nieuwe woonplaatsbeginsel niet langer onder financiële verantwoordelijkheid van de gemeente Kapelle vallen. Bij de 2 overgebleven jeugdigen onderzoeken we of een andere oplossing mogelijk is. Overigens kan het wel zo zijn dat er een financiële verantwoordelijkheid ontstaat voor kinderen die nu niet meer in onze gemeente verblijven. Op basis van de gegevens die we op dit moment beschikbaar hebben, lijkt dit niet zo. Daarom lijkt het reëel er vanuit te gaan dat onze kosten, direct voortkomend uit gezinshuisproducten, in 2022 met 2/3 zullen afnemen. Tot juli bedroegen deze kosten ruim € 350.000,- wat op jaarbasis kan uitkomen op € 600.000,-. Als de kosten volgens bovenstaande gegevens afnemen door het nieuwe woonplaatsbeginsel kan dat op jaarbasis een vermindering van € 400.000,- aan kosten betekenen. Tegelijk zijn er ontwikkelingen die alle gemeenten volgend jaar meer zullen kosten; meer ondersteuning voor dyslexie zal onder financiële verantwoordelijkheid van de gemeenten vallen en de gewijzigde tarieven jeugdhulpaanbieders. We hebben IJZ gevraagd om een inschatting van de financiële gevolgen, maar die kunnen ze ons naar verwachting pas eind december geven. Volgend jaar is er sprake van een nog grotere taakstelling dan in 2021: € 450.000,- minder dan de begroting van 2019 á € 3.700.000,-.

Als we alle ontwikkelingen bekijken, dan is het aannemelijk dat het ons bijzonder veel moeite zal kosten die te behalen. Vervolg Bovenstaande laat zien dat ondanks al onze inspanningen in de afgelopen jaren dit niet geleid heeft tot het gewenste resultaat. Dit staat niet op zichzelf, maar is een probleem waarmee veel gemeenten geconfronteerd zijn. Toch ontslaat het ons allerminst van de plicht te blijven proberen één en ander te beïnvloeden. Momenteel zijn wij druk bezig met het schrijven van de herijking op het actieplan Jeugd uit 2019. Daarin zullen wij u eveneens een aantal denkrichtingen voorleggen over te nemen maatregelen. Zoals in de inleiding aangegeven: in januari 2022 is de herijking op het actieplan voor u beschikbaar.

-7-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10825448/1