2024-19c D24.301244 ontwerpbestemmingsplan bij raadsvoorstel ontwerpbestemmingsplan bij raadsvoorstel
Tekst van het document
uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn; het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet.
15.3.3 Wijziging voor verandering van een bouwvlak Burgemeester en wethouders kunnen de vorm van de bouwvlakken veranderen, indien de bebouwing ten behoeve van de voor dat bouwvlak geldende bestemming zonder deze verandering niet of niet goed zou kunnen worden gerealiseerd en op grond van archeologisch onderzoek is gebleken dat de verandering van het bouwvlak geen afbreuk doet aan de bescherming of de veiligstelling van de aanwezige archeologische waarden, met inachtneming van de volgende regels: a. b.
uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn; het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet.
15.4
Zendmasten
Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen voor de plaatsing van zendmasten met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e.
Juust
de hoogte van een zendmast mag niet meer bedragen dan strikt noodzakelijk en in ieder geval niet meer dan 40 m; aangetoond dient te zijn dat het niet mogelijk is gebruik te maken van bestaande zendmasten /zendlocaties; de afstand tot de Oosterschelde en tot de Kapelse Moer moet ten minste 400 m bedragen; zendmasten zijn niet toegestaan in de bestemming Agrarisch - Parklandschap en Natuur; zendmasten zijn uitsluitend toegestaan: 1. langs een rijksweg bij een viaduct of vergelijkbaar knooppunt van wegen of andere infrastructuur
403
Landgoed en uitbreiding Schore
(bestemming Verkeer); op windturbines (bestemming Windturbinepark) en hoogspanningsmasten (bestemming Leiding – Leidingstrook en Leiding - Hoogspanningsleiding); 3. wijziging mag niet leiden tot aantasting van verkeersveiligheid en de veiligheid op (Rijks)vaarwegen; burgemeester en wethouders winnen schriftelijk advies in bij de beheerder van de vaarwegen omtrent de onder e opgenomen voorwaarde. 2.
f.
15.5
Woonpercelen
Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming Wonen wijzigen ten behoeve van een betere situering van een burgerwoning, met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e.
f. g. h.
Juust
privaatrechtelijk dient te zijn vastgelegd dat de oorspronkelijke woning wordt afgebroken na realisering van de nieuwe woning; de verplaatsing van de bestaande burgerwoning door nieuwbouw van de burgerwoning is toegestaan over een afstand van ten hoogste 25 m; de oppervlakte van het bouwvlak waarbinnen de woning moet worden gesitueerd, mag ten hoogste 750 m2 bedragen; de maximale inhoudsmaat zoals opgenomen in artikel 24 Wonen blijft onverkort van toepassing; er dient sprake te zijn van een verbetering van de stedenbouwkundige situatie; in ieder geval dient de ligging van de rooilijn voor de nieuwe woning te worden afgestemd op de rooilijnen van bestaande woningen langs de betreffende weg; de nieuwe woning dient gekenmerkt te worden door een hoogwaardige architectuur; wijziging leidt niet tot aanpassing van het bestaande stratenpatroon; wijziging leidt niet tot: 1. onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende bestemmingen en functies; 2. milieuhygiënische belemmeringen.
404
Landgoed en uitbreiding Schore
Artikel 16 16.1
Overige regels
Werking wettelijke regelingen
De wettelijke regelingen waarnaar in de regels wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan.
Juust
405
Landgoed en uitbreiding Schore
Hoofdstuk 4 slotregels Artikel 17 17.1 a.
b. c.
Overgangs-
en
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot; 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolg van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van omgevingsvergunningen voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan; het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van dit lid onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in dit lid onder a met maximaal 10%; dit lid onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
17.2
Overgangsrecht gebruik
Voor gebruik luidt het overgangsrecht als volgt: a. b.
c.
d.
Juust
het gebruik van grond en bouwwerken, dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
406
Landgoed en uitbreiding Schore
Artikel 18
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Landgoed en uitbreiding Schore'.
Juust
407
Landgoed en uitbreiding Schore
Juust
408
Landgoed en uitbreiding Schore
Bijlagen regels
Juust
409
Landgoed en uitbreiding Schore
Bijlage 1 Beeldkwaliteitsplan uitbreiding Schore (Boomweidelaan)
Juust
410
Landgoed en uitbreiding Schore
Beeldkwaliteitsplan Boomweidelaan Bestaand gebied Het gebied is gelegen tussen de Langstraat/Zandweg (Noord) en Boomweidelaan (West). Aan de zuidzijde grenst het gebied aan het Landgoed Schore en aan de oostzijde liggen er agrarische percelen. Het gebied heeft in het vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied 2e herziening’ een agrarische bestemming en wordt zodanig gebruikt. Voor de 3 landhuizen op het landgoed is een apart beeldkwaliteitsplan vastgesteld (D20.184680 Beeldkwaliteitsplan nieuw Landgoed Schore).
Ligging van het gebied
Initiatief Op het noordelijke deel van het Landgoed Schore worden enkele nieuwe woningen gerealiseerd. Deze drie kavels ten zuiden van de Zandweg, gelegen in het landgoedgebied, zijn bestemd voor vrijstaande woningen met particulier opdrachtgeverschap. Deze kavels worden aangeduid als deelgebied 2. De twee kavels aan de Boomweidelaan zijn bestemd voor woningbouw (circa 8 woningen) en worden aangeduid als deelgebied 1.
Deelgebied 1
Deelgebied 2
Deelgebieden Hoofdkenmerken De nieuwbouw in dit gebied moet aansluiten op het dorpse woonmilieu van Schore en het buitengebied. Dit betekent dat er een mix van verschillende woningtypen gerealiseerd zou kunnen worden. Het gebied moet aansluiten op de bestaande structuur van Schore en het nieuwe Landgoed. Welstandsbeleid Het ontwikkelgebied ligt in welstandsgebied 4.6: Landelijk gebied. Dit gebied heeft het beoordelingsniveau ‘Bijzonder’ net als de aangrenzende Zandweg. De naastgelegen woonwijk heeft het beoordelingsniveau ‘Normaal’. Vanwege de omvang van de ontwikkeling kan de locatie worden aangemerkt als ontwikkelingslocatie. Gezien de ligging in de bestaande woonomgeving met een diversiteit aan hoofdvormen, kan de locatie (deelgebied 1) als beoordelingsniveau ‘Normaal’ worden gewaardeerd. Met de vormgeving van de hoofdvormen op de ontwikkellocatie vrij worden omgegaan. Deelgebied 2 wordt net als de Zandweg gewaardeerd als beoordelingsniveau ‘Bijzonder’.
Openbare ruimte criteria De beeldkwaliteitsaspecten van de buitenruimte ruimte dragen voor een groot deel bij aan de beleving van het gebied. Groen & Verharding a) De groenvoorzieningen in de openbare ruimte van het gebied bestaan uit park/verblijfgroen met een natuurlijke uitstraling. b) In de groenvoorziening is ruimte voor het tijdelijk opvangen van hemelwater. c) Verbindingen van de openbare ruimte naar de gebouwen wordt uitgevoerd in een representatieve verharding die aansluit op de omgeving. d) De inrichting van de buitenruimte deelgebied 2 dient aan te sluiten op de landschappelijke inrichting van het landgoed. Straatmeubilair en energiesystemen - Straatmeubilair en nutsvoorzieningen worden uitgevoerd passend bij de stijl van de kern Schore. - De openbare verlichting wordt uitgevoerd in ledverlichting met een mastkleur in RAL 7035.
Welstandscriteria voor geschakelde bebouwing (deelgebied 1) Ligging - De situering van het hoofdgebouw is strak op de voorste grens van het bouwvlak uit het bestemmingsplan. Massa en vorm - Hoofdvormen moeten in evenwichtige verhoudingen en éénduidige typologieën worden vormgegeven; - de architectuur van bebouwing op de twee kavels dient op elkaar afgestemd te zijn. Hierdoor wordt een samenhangend gebied gecreëerd; - aan-, uit- en bijgebouwen zijn ondergeschikt aan het hoofdgebouw; - bij hoekpercelen worden beide gevels aan de openbare ruimte als voorgevel behandeld. Kleur, materiaal en detaillering - Gevelmateriaal van de hoofdmassa uitgevoerd in hoogwaardige materialen passend bij de typologie; - contrasterende kleuren in relatie tot de omgeving zijn niet toegestaan; - materiaaltoepassing dient hoogwaardig en duurzaam te zijn; - zichtbare platte daken van meer dan 30 m2 in een dakbedekking met grind of groen uitvoeren; - garage deuren worden in een donkere gedekte kleur uitgevoerd. Aanvullende criteria voor kleine bouwwerken - Erfafscheidingen aan de openbare ruimte uitvoeren in hagen of groenstroken.
Onder een haag wordt ook verstaan een openrasterwerk met groenblijvende klimplanten; gemetselde penanten met rastervulling of muur passend bij de architectuur van de woning is ook toegestaan; - energie/-klimaatinstallaties (uitgezonderd zonnepanelen) binnen 5m van de voorgevel of zichtbaar vanuit de openbare ruimte dienen opgenomen te worden in het ontwerp. - bijbehorende bouwwerken dienen passend te zijn bij de architectuur van de woning.
Welstandscriteria voor vrijstaande bebouwing (deelgebied 2) Ligging - De situering van het hoofdgebouw is binnen de in het bestemmingsplan aangegeven bouwvlak, waarbij de voorgevel in de rooilijn staat. Massa en vorm - Hoofdgebouwen moeten in evenwichtige verhoudingen worden vormgegeven; - hoofdgebouw met een kap, kapvorm vrij; - aan-, uit- en bijgebouwen zijn ondergeschikt aan het hoofdgebouw. Kleur, materiaal en detaillering - Gevels van de hoofdmassa worden in hoofdzaak uitgevoerd in baksteen; - De aanvullende materialen kunnen vrij worden toegepast in relatie tot de gekozen typologie; - Bij toepassing van dakpannen dienen deze keramisch te zijn, tenzij er gekozen wordt voor dakpannen die tegelijkertijd als zonnepaneel functioneren; - contrasterende kleuren in relatie tot de omgeving zijn niet toegestaan; - materiaaltoepassing dient hoogwaardig en duurzaam te zijn; - zichtbare platte daken van meer dan 30 m2 in een dakbedekking met grind of groen uitvoeren; - garagedeuren worden in een kleur uitgevoerd in relatie tot de gevelkleur. Aanvullende criteria voor kleine bouwwerken - Erfafscheidingen aan de openbare ruimte uitvoeren in hagen of groenstroken.
Onder een haag wordt ook verstaan een openrasterwerk met groenblijvende klimplanten; gemetselde penanten met rastervulling of muur passend bij de architectuur van de woning is ook toegestaan; - energie/-klimaatinstallaties (uitgezonderd zonnepanelen) binnen 5m van de voorgevel en zichtbaar vanuit de openbare ruimte dienen opgenomen te worden in het ontwerp. - bijbehorende bouwwerken dienen passend te zijn bij de architectuur van de woning.
Vastgesteld in de raadsvergadering van xx
Bijlage 2 Beeldkwaliteitsplan Landgoed Schore
Juust
415
Landgoed en uitbreiding Schore
*Z001D872BBB* Zaaknummer Documentnummer
Z19.000998 D20.184680
Beeldkwaliteitsplan herontwikkeling Landgoed Schore Gemeente Kapelle
I Locatie en programma Dit Beeldkwaliteitsplan is in opdracht van de gemeente Kapelle gemaakt voor de herziene invulling van het gebied van het Landgoed Schore. In 2010 is het Landgoed Schore planologisch mogelijk gemaakt. Omdat dit landgoed niet tot ontwikkeling kwam, is gezocht naar een andere invulling. De betreffende gronden zijn gelegen tussen de Maartenbroersweg, de Steenweg, de Langstraat en de Zandweg. Voor het landgoed wordt een drietal vrijstaande landhuizen voorzien. Het landgoed wordt in totaal circa 7 ha groot. Vanaf de Zandweg is een oprijlaan aangelegd, die de bebouwing ontsluit. Delen van het landgoed worden openbaar toegankelijk voor wandelaars.
II Ruimtelijke structuur en karakteristiek Het huidige landschap van dit gebied kenmerkt zich door een grote variatie aan ruimtelijke elementen, verbonden door smalle landwegen met bomenrijen. Akkerland en boomgaarden met windsingels wisselen elkaar af. De torenspits van Schore is een herkenningspunt en de Westerschelde is ‘voelbaar’. De aanwezigheid van de hoge Scheldedijk, het kanaal met de sluis, en de Vlakebrug. Het nieuwe landgoed zal een volgende laag aan het landschap toevoegen. Het is de kunst om dit op een vanzelfsprekende manier vorm te geven, zodat het de bestaande ruimtelijke structuur versterkt. De relatie met Schore is zowel voor het landgoed als voor het dorp een meerwaarde. III Stedenbouwkundig uitgangspunt Het stedenbouwkundig plan bestaat uit een natuurgebied gelegen aan de rand van de kern Schore bestaande uit grasland, waterpartijen en oevers, hoogstam fruitgaard en bospercelen. Het gebied wordt voor het grootste deel omsloten door landbouwpercelen. In het gebied zijn drie kavels met vrijstaande landhuizen geprojecteerd. Twee landhuizen zijn gelegen aan het einde van de oprijlaan. Het derde perceel ligt meer naar het dorp, langs de oprijlaan. De bebouwing is zodanig op het terrein gesitueerd dat er zichtlijnen zijn naar het polderlandschap en de dijkstructuur.
IV Welstandsbeleid De gemeente Kapelle heeft de nota Ruimtelijke Kwaliteit vastgesteld (januari 2016). In deze nota ligt de ontwikkelingslocatie voor het landgoed Schore in het gebied 4.6 Landelijk gebied. Dit gebied is door de gemeente gewaardeerd met het welstandsniveau “bijzonder”. Het beleid is vooral gericht op een zorgvuldige inpassing, rekening houdend met de landschappelijke uitstraling en de zichtbaarheid van bebouwing over een grote afstand. De situering van de bebouwing op de kavel en de relatie met de openbare weg is hier richtinggevend. In de welstandsnota zijn voor het Landelijk gebied de volgende uitgangspunten opgenomen: • Waarborgen van de aanwezige landschappelijke setting.
•
Bij iedere toevoeging of verandering is de bestaande landschappelijke structuur, de karakteristiek van de gebouwen en de detaillering, het kleur- en materiaalgebruik het uitgangspunt.
• •
Behouden van de bestaande oriëntatiemogelijkheden en zichtrelaties met het landschap. Bijzondere functies kennen een zorgvuldige landschappelijke inpassing.
V Inrichting Landgoed en erven(of Landgoedinrichting?) Een goede landschappelijke inpassing is voor de locatie met de toegestane bouwmogelijkheden noodzakelijk. De terreininrichting van de landhuizen is integraal onderdeel van de ontwerpopgave. Een deskundig ontworpen inrichtingsplan wordt dan ook in de plantoetsing/-advisering meegenomen. Erfafscheidingen zijn groen (beplanting) wat overgaat in het groen van de landgoedinrichting. VI Locatiegerichte Welstandscriteria Algemeen De algemene welstandscriteria richten zich op de zeggingskracht van het architectonisch ontwerp en het vakmanschap van de ontwerper. Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de openbare ruimte (stedelijk en landschappelijk). Daarnaast bepalen materiaal, kleur en textuur voor een groot deel het karakter van het bouwwerk en de ruimtelijke samenhang. Uitgangspunt bij de ontwikkeling van het landgoed is steeds dat er sprake moet zijn van een ruimtelijke kwaliteitsverbetering. Reeds aanwezige cultuur-, landschappelijke- of natuurwaarden dienen versterkt te worden.
Hoofdvorm/Massavorm a. De hoofdmassa van ieder landhuis is gebaseerd op één of een samengesteld volume met zadeldak(en). De hoofdvorm bestaat uit één bouwlaag met (zadel)dak. Het onderscheid tussen plint, tussenbouw en dak is duidelijk aanwezig. b. Er dienen zuivere kapvormen (zadeldak) toegepast te worden. Platte of afgeknotte daken zijn niet toegestaan. Toepassing van incidentele onderbrekingen en de toepassing van wolfseinden is slechts denkbaar als deze onlosmakelijk verbonden zijn met de architectuur/stijl van het landhuis. c. De nokrichting van de hoofdmassa is parallel of haaks aan de oprijlaan. Eventuele accenten in de hoogte kunnen worden vormgegeven door plaatselijke goot- en nokverhoging dan wel een verdraaiing van de kap. d. De dakvlakken hebben een hellingshoek van minimaal 45 graden. e. Een landhuis heeft een minimale inhoud van 1.000 m3 en een maximale inhoud van 1.500 m3. Architectonische uitwerking, gevelaanzichten en detaillering a. De stijl van de landhuizen met een klassieke hoofdvorm is hedendaags. De drie landhuizen worden zo ontworpen dat ze in verschijningsvorm familie van elkaar zijn. b. De stijl van de gebouwen dient consistent te zijn tot in de architectonische details. c. De opbouw van het hoofdvolume dient duidelijk herkenbaar te zijn met een voor- en achterzijde en daarmee een herkenbare opbouw van de functies.
Dit is ook zichtbaar in de inrichting van het voor- en achtererf. d. Elk landhuis en zijn bijgebouwen worden voor het grootste gedeelte uitgevoerd in baksteen of hout. e. Goten, boeiboorden, dakranden en luifels zijn slank vormgegeven. f. Vrijstaande bijgebouwen sluiten qua architectonische uitstraling, materialisatie en kleurgebruik aan bij het hoofdvolume op het perceel. g. Installatieonderdelen worden opgenomen in de architectonische detaillering.
Kleuren en materialen a. Materialen, kleuren en detaillering dienen de hoofdvorm en het architectonisch concept te versterken en te verwijzen naar streekeigen bebouwing. Materialen en kleuren dienen zorgvuldig op elkaar te zijn afgestemd. Hoofdzakelijk witte gevel niet zijn toegestaan. b. De daken worden bedekt met niet glanzende keramische dakpannen dan wel met zink, riet of een bij het concept passend materiaal. c. Kozijnen, deuren, ramen en panelen worden in hout (of esthetisch gelijkwaardig in uitstraling en detaillering) uitgevoerd en hebben terughoudende kleuren, afgestemd op het geheel van het landhuis.
Vastgesteld door de raad van de gemeente Kapelle op 06-10-2020
Bijlage 3 Landschappelijk inpassingsplan
Juust
421
Landgoed en uitbreiding Schore
Het inrichtings- en beheerplan Landgoed Schore
-1-
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
2
Planopsteller : PARTITIO ontwerphuis bv Burghseweg 59 4328LA Burgh Haamstede opdrachtgever: BOUWACCENT ZEELAND BV Spoorstraat 16A 4431 NK 's - Gravenpolder
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
3
Het inrichtings- en beheerplan Landgoed Schore 2022 INHOUD 1.
INLEIDING
2.
MASTERPLAN 2.1 2.2 2.3 2.4
3.
bodemopbouw natuur en landschap huidig gebruik plan toelichting
INRICHTING EN BEHEER NATUUR- EN LANDSCHAPSTYPEN EN WANDELPADEN
3.1 ALGEMEEN INRICHTINGSMAATREGELEN 3.2 WATERHUISHOUDING 3.3 GRONDBALANS 3.4 NATUUR- EN LANDSCHAPSTYPEN
3.1
Loofbos
3.2
Houtsingels
3.3
Natuurvriendelijke oever
3.4
Poel
3.5
Knotbomenrij /Laanbomen
3.6
Wandelpaden
Bijlage -
Masterplan kaart Landgoed Schore 2020
-
Schema Natuurzonering kaart landgoed Schore 2020
-
Topkaart van Geoweb
-
EHS (agrarisch beheersgebied) en gemeente grens van Geoweb
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
4
-
Hoogte kaart van Geoweb
-
Beplantingsplan indicatie
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
5
1.
INLEIDING
Het voorliggende inrichtings- en beheerplan vormt de basis voor de op te stellen privaatrechtelijke overeenkomst tussen overheid en de eigenaar met betrekking tot de inrichting en instandhouding van het oorspronkelijke landgoed-terrein met 3 landhuiskavels. In hoofdstuk 2 wordt een het plan beschreven en ingegaan op de bestaande situatie (gebiedsprofiel). In hoofdstuk 3 wordt het inrichtingsplan toegelicht en worden de geplande inrichtingsmaatregelen en beheermaatregelen beschreven.
Het inrichtingsplan beschrijft het duurzame landschappelijke en natuurlijke deel van het masterplan. Het gaat om het realiseren van een bos met 3 landhuiskavels, de prive terreinen, met omliggende terreinen die met dit plan duurzaam onderhouden worden. Het feitelijke beheer van de nieuwe natuur is niet geregeld in het bestemmingsplan. Dit is echter van cruciaal belang om de gewenste natuurdoeltypen te realiseren. Afspraken over het beheer worden vastgelegd in een privaatrechtelijke overeenkomst die tussen de initiatiefnemer en gemeente wordt afgesloten. Het beheerplan vormt een onderdeel van deze overeenkomst. Bij de uitwerking van het beheerplan is gekeken naar het Provinciale beleid en met name aangesloten bij de systematiek van de Provinciale Natuurbeleidsplan. Deze systematiek vormt ook een goede basis voor het beheer van nieuwe natuur op o.a. privé terreinen. Iedere zes jaar zal tussen de gemeenten en een vertegenwoordiger van de vereniging van de eigenaren overleg plaatsvinden waarbij wordt getoetst of de voorschriften ten aanzien van het beheer en onderhoud van de natuur- en landschapstypen zoals omschreven in het beheerplan aangepast moeten worden.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
6
1.
MASTERPLAN
2.1 BODEMOPBOUW, GEOHYDROLOGIE EN ACHTERGRONDWAARDEN (als 2009)
2.1.1 Bodemopbouw en geohydrologie Gegevens over de regionale geohydrologie en de bodemopbouw zijn weergegeven in onderstaande tabel (bron rapportage bodemonderzoek) Tabel: Bodemopbouw en geohydrologie Schore. Diepte (m-mv/NAP) 0-8 8>
Formatie Westland Van Tegelen
Geohydrologischeeenheid Deklaag Eerste watervoerend pakket
Samenstelling Klei, zand en veen Zand, klei
Het grondwater in de eerste watervoerend pakket heeft globaal een zuidoostelijke gerichte stroming.
2.1.2 Resultaten veldwerk De resultaten van de boorbeschrijvingen in de vorm van boorprofielen Heeft aan gegeven dat de bodem als volgt opgebouwd: _ Vanaf het maaiveld tot circa 1,0 meter beneden maaiveld (m-mv) bestaat de bodem voornamelijk uit groen/bruine klei; _ Vanaf 1,0 m-mv tot 1,5 m-mv bestaat de bodem uit zwart/bruine klei; _ Vanaf 1,5 m-mv tot 4,0 m-mv bestaat de bodem uit grijs/witte klei. SAMENVATTING EN CONCLUSIES Het eerder uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is recent aangevuld in opdracht van Juust te Kapelle. Het verkennende bodemonderzoek heeft als doel inzicht te krijgen in de actuele milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en daarmee aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater in gehalten boven de achtergrondwaarde.
2.2 NATUUR EN LANDSCHAP Zuid Beveland bestaat voor het overgrote deel uit Zeekleipolders. Het zeekleigebied wordt doorsneden door talrijke kreken, waarvan overblijfselen nog zichtbaar zijn. In het verleden was de verkaveling veel kleinschaliger en had een besloten en kleinschaliger karakter, met langwerpige kavels, omgeven door beplanting. Dit is goed te zien op een topografische kaart uit het begin van de 20e eeuw . In de jaren na de Tweede Wereldoorlog en als gevolg van de watersnoodramp hebben herverkavelingen plaatsgevonden waarbij veel grotere en meer blokvormige kavels zijn gevormd, die gunstiger waren voor de landbouw. In die tijd is ook vrijwel alle kavelgrensbeplanting verdwenen, waardoor het landschap veel opener is geworden.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
7
Afbeelding : Hoogtekaart
Afbeelding: Topografische kaart uit 1910
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
8
Afbeelding: Huidige Topografische kaart
2.3 HUIDIG GEBRUIK Het huidige gebruik van het perceel is agrarisch met een productie bos van Populieren en een fruitgaard. Het populieren bos is kaprijp en heeft geen economische waarde. De fruitgaard kent een spuitzone geeft een belemmering voor de mogelijkheden voor dorpsuitbreiding op aangrenzend gelegen bouwgrond van de gemeente. De opgaande bosmassa en fruitgaard geven een besloten karakter aan de omgeving, overeenkomstig de boomgaarden. Maar heeft tevens een afschermde functie voor de bedrijfmatige havenactiviteiten (scheepsbedrijven) langs het kanaal door Zuid Beveland, die op het grondgebied van Hansweert plaats vinden. De aanwezige elektriciteitsmast zal volgens de planning in 2022 geamoveerd worden. Aan de westzijde van de locatie is het uitgestrekte agrarische polderlandschap aanwezig. Aan de zuidzijde ligt de overgang naar het nattere weilanden gebied dat parallel loopt aan de zeedijk van de Westerschelde. Enkele nabij gelegen percelen zijn in beheer bij het Zeeuwse landschap en ingericht als hegge gebied met extensieve begrazing. Door de monocultuur van het populierenbos op het perceel en naast gelegen fruitpercelen is de huidige natuurwaarden van flora en fauna beperkt tot de randen aan de polderzijde en niet divers. Het Zuidelijke deel van het populierenbos is voorgaande jaren gekapt en is het terrein ingericht volgens het vigerende plan.
Er is rekening gehouden met de ruimte voor het amoveren van de hoogspanningsmast.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
9
Afbeelding: Luchtfoto
2.4 Plantoelichting Landgoed Schore 2.4.1 De UITGANGSPUNTEN VOOR DE INRICHTING De omvorming van het bos met een 100% populieren opstand naar een meer passend natuurlijke omgeving met een divers bos met een gevarieerd bomenbestand met gesloten en open delen in een gebied, met een oppervlakte van ca 6.5 hectare. De natuurontwikkeling bestaat naast bospartijen o.a. ook uit half natuurlijk grasland, weiland met begrazing, waterpartijen, knotbomen, natuurvriendelijke oevers en houtsingels. In combinatie hiermee worden drie woongebouwen met bijgebouwen gebouwd, aansluitend op de beleidskaders voor de ontwikkeling van nieuwe landgoederen. Uitgangspunten voor de planopstelling: • Ontwikkeling van bos- en natuurterrein; • Herstel cq. versterking van de historische landschappelijke structuur; • Het type natuur dat wordt ontwikkeld sluit aan bij de gewenste natuurtypen uit het Natuurgebiedsplan Provincie Zeeland; ( Geoweb kaarten Bijlagen) • De beplanting van het bos zal uit inheemse soorten bestaan, en wordt gebaseerd op de Potentieel Natuurlijke Vegetatie; • Bos- en natuurterrein wordt opengesteld voor rust zoekende recreanten; • Er komen drie woongebouwen met bijgebouwen; • Gestreefd wordt naar een hoge architectonische kwaliteit en zorgvuldige afstemming op de omgeving;
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
10
• Beeldkwalitiet volgens welstandsparagraaf Landgoed Schore 2020.
2.4.2. BESCHRIJVING De ruimtelijk en functionele opbouw op de percelen zal als volgt zijn: 1. Het landgoed bestaat uit meerdere bosdelen, water, weiland en deel met fruitgaard Het bos bestaat uit een boskern met een openruimte van het weide gebied en drie percelen met woningen. Het ligt ten zuidoosten van het dorp en is middels een halfverhard-pad verbonden met de Zandweg. Het weide gebied Boomweidelaan is een open natuurgebied direct aansluitend aan natte natuur en bosranden.
De weide en de boomgaard met begrazing vormt de overgang tussen de geplande nieuwbouw woningen en het bos. 2. Voor de typologie van de bebouwing van de 3 landhuizen wordt verwezen naar de welstandsparagraaf Landgoed Schore 2020. Met bijgaande afbeeldingen zijn referentie beelden van mogelijke bebouwing zoals deze in de welstandsparagraaf is beschreven en opgenomen. De situering van de drie landhuizen zijn bepaald door de visuele relatie (uitzicht) die men heeft met de omgeving (polder en zeedijk) op de drie locaties. Daarnaast is de bebouwing op de vereiste afstand van de fruitgaarden ivm de spuitzones gelegen. Met het verdwijnen van de hoogspanningsmast in de komende jaren zijn de daaraan verbonden eisen niet meer van toepassing. De hoofdgebouwen bestaan uit een bouwlaag met een kap. De gebouwen zijn op het perceel gesitueerd aan een voorplein/entree ruimte welke zichtbaar is van de hoofdontsluiting. Het voorplein krijgt een groene uitstraling met een boombeplanting, hagen en grasperken. Het privé terrein rond de 3 landhuizen bestaat uit privé tuinen overgaand in het Bosgebied, hoogstamboomgaard of natuurvriendelijke oever van het landgoed. De inrichting van de private deel heeft een eigen en andere beheersplan en maakt geen onderdeel uit van het beheersplan. Ter compensatie voor het verharde oppervlak wordt een natuurlijke waterberging opgenomen.
3. De hoofdontsluiting van het landgoed vindt plaats vanuit de kern Schore. Daarnaast zijn er de overige, meer recreatieve, ontsluitingspaden die soms ook als beheerswegen dienst doen. Ook de schouwpaden langs de sloten dienen als wandel en beheerspaden. Door de koppeling met de Maartensbroerweg in het zuiden is het mogelijk een rondje rond Schore te wandelen.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
11
sfeerbeeld bebouwing en openbare ruimte(illustratief) 4. De niet openbare privé-terreinen (3 x 3000 m2) zullen een meer parkachtige uitstraling krijgen, die door de eigenaren zelf aangelegd zal worden. In de parkachtige sfeer kan een goede aansluiting gerealiseerd worden op het gevarieerd bos met meer open en gesloten delen en met zijn natuurwaarden. Door een afwisselende padenverloop in het bos en langs de bosranden ontstaat een aantrekkelijk en gevarieerd wandelgebied. Naast de paden komen er in het bos ook open ruimten voor in de vorm van water, gras- en weilanden.
sfeerbeeld bebouwing en openbare ruimte(illustratief)
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
12
Korte beschrijving van het Landgoed plan:
Bij de start is gekozen voor de ontwikkeling van een nieuw landgoed waar wonen en natuurontwikkeling samengaan. Het doel van de ontwikkeling is o.a. het duurzaam realiseren van natuur en het duurzaam versterken van het landschap. Daarbij gaat het dan om woongebouwen met een passende maatvoering en verschijningsvorm (architectuur), waarbij de nieuwe gebouwen het landschap respecteren en iets kunnen bijdragen. conclusie: - landgoed met nieuwe natuur - 3x 3000m2 privé terreinen - openbaar toegankelijk (minimale 800m pad) - bebouwing maximaal 4500 m3 - bijgebouwen max 150 m2 - meerdere wooneenheden - bebouwing moet allure en uniciteit uitstralen. Binnen het landgoed van ca. 6.5 hectare wordt 35% bos aangeplant (2,1 ha) overige natuur. Op het landgoed terreinen wordt een inrichtings- en beheersovereenkomsten van toepassing. Het grootste gedeelte wordt een duurzaam bos, geheel anders dan het huidige productie bos met Populieren. Het bos bestaat uit een houtopstand van een Eiken Essen bos. Dat wil zeggen een deel met opgaand hout met kruiden laag en een zoomvegetatie met struweel. Door deze differentiatie ontstaat een grote variatie flora en fauna waardoor een hoogwaardige bos biotoop kan ontstaan. Ter afscherming van de beheersmaatregelen (spuiten) in de fruitgaarden rondom dit deel wordt een houtsingels aangebracht.
De waterpartijen, natuurvriendelijke oevers met knotwilgen in combinatie met het open weiland en struweel zorgen voor de overgang naar het bos, waarmee tevens de relatie met de polder mogelijk wordt gemaakt (zichtlijnen). De waterpartijen en open delen dragen ook bij aan een grotere natuurwaarde en een aantrekkelijk woonmilieu. De hoofdontsluiting wordt gevormd door een lange oprijlaan die de drie landhuiskavels ontsluit. De laan zal aan weerszijde beplant worden met Notenbomen. Daarnaast wordt er ook een kleine boomgaard met oude Zeeuwse rassen aangeplant. In de weide naast boomgaard worden ook een aantal notenbomen als solitair aangeplant. De boomgaard draagt bij aan een bijzonder natuurwaarden met een eigen biotoop. Behalve het bloemrijke grasland is er ook grasland met begrazing(weiland). Het weiland met begrazing zorgt het hele jaar voor een extra beleving (attractieve functie) voor bewoners uit het dorp of wandelaars die het bos bezoeken of het rondje rond het dorp lopen.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
13
3.
INRICHTING EN BEHEER NATUUR – EN LANDSCHAPSTYPEN
LANDGOED SCHORE oppervlakten overzicht BOS MET SLOTEN
ha 2,1
WEILAND BLOEMRIJK MAAIBEHEER BOOMGAARD NATUURVRIENDELIJKE OEVER POEL
1,1 0,6 0,2 0,6 0,3
WEGEN EN OPRIJLAAN BERMEN
0,2 0,4
3X PRIVE PERCEEL
0,9
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
14
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
15
3.1 ALGEMEEN INRICHTINGSMAATREGELEN
ALGEMEEN De te nemen inrichtingsmaatregelen hebben tot doel het creëren van een gevarieerd gebied met verschillende biotopen waarin natuurwaarden zich kunnen ontwikkelen en dat voor rust zoekende recreanten interessant is. De te ontwikkelen natuurdoeltypen worden beschreven in paragraaf 3.4.
OMGEVING BEBOUWING In de directe omgeving van de bebouwing op privé terrein wordt aanbevolen enkele boomgroepen op te nemen, die de zichtlijnen vanuit de omgeving en naar de bebouwing toe inkaderen. De inrichting van de privé terreinen behoren niet het inrichtingsplan en is aan de toekomstige eigenaren. Bij de inrichting hiervan wordt aansluiting gezocht met landschappelijk ontwerp van het landgoed en worden geen opzichtige hekken, schuttingen en andere bouwsels aanbevolen. Hekken en andere beveiligingsvoorzieningen worden op een terughoudende, onopvallende wijze in de omgeving opgenomen.
3.2 WATERHUISHOUDING In het terrein worden waterpartijen gegraven met natuurlijke oevers, die met elkaar zijn verbonden. Het betreft ook een verbreding van enkele sloten met natuurvriendelijk oevers. Deze dragen bij aan versterking van de uitstraling en sfeer van het landgoed en aan een grotere diversiteit aan biotopen en daarmee aan de natuurwaarde. Bij de graafwerkzaamheden wordt gewerkt met een gesloten grondbalans waardoor vrijkomende grond in het terrein verwerkt kan worden. In het terrein zijn enkele waterpartijen opgenomen met natuurlijke oevers. De waterpartijen dragen bij aan de versterking van de openheid in het bos en aan een grotere diversiteit aan biotopen en daarmee aan de natuurwaarde. In het inrichtingsplan is de omvang van de waterpartijen weergegeven bij de gemiddelde waterstand ( ca. 1.0 m beneden maaiveld). In de aansluiting op de sloot aan de westkant worden twee overloopstuwen gemaakt. Gebiedseigen water wordt op deze wijze langer vastgehouden en het waterpeil kan meer constant gehouden worden. De extra benodigde waterberging is berekent op nog geen 2 cm stijging van het waterpeil in de vijver, terwijl het maximale peil van de vijver enkele decimeters boven het normale peil ligt. Hiermee wordt ruim voldaan aan de gevraagde extra waterbergingscapaciteit. Langs de primaire en secundaire waterlopen aan de oostzijde wordt een schouwpad vrijgehouden.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
16
3.3 GRONDBALANS In het plan wordt uitgegaan van een gesloten grondbalans. Voor de waterhuishouding worden er drie vijvers met natuurvriendelijke oevers en lagere delen gegraven. In het terrein worden verschillende hoogtes aangebracht en langs de sloot wordt een natuurvriendelijke oever gegraven. De uitkomende grond uit de bouwputten van de landhuizen worden verwerkt bij de percelen bij de landhuizen. Voor de drooglegging van het bebouwde deel wordt het terrein ca. 50 cm opgehoogd.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
17
3.4 NATUUR- EN LANDSCHAPSTYPEN De genoemde natuurdoeltypes zijn opgenomen (bijlage 7.3 blz 44 en 45) in actuele Natuurbeheerplan 2016 van de Provincie Zeeland (laatste bijstelling oktober 2019). Voor de realisatie van het ontwerp zal landbouwgrond (productie bos met Populieren) worden omgevormd naar nieuwe natuur. Binnen het landgoed van ca. 6.5 hectare wordt 35% bos aangeplant (2,1 ha) en 2.8 ha overige natuur. Op het landgoed terreinen wordt een inrichtings- en beheersovereenkomsten van toepassing. Deze inrichtings- en beheersovereenkomsten is niet van toepassing de 3 privé percelen (3x 3000 m2). Het gaat hierbij om de volgende natuur- en landschapstypen binnen het landgoed.
•
2,1 hectare loofbos incl Paden, randen
•
0,3 hectare houtsingels
•
0,6 hectare natuurvriendelijke oever
•
0,3 hectare poel / waterpartij (incl 0,1 ha extra berging lagere delen) zonder aansluiting op polderwater
• •
650 meter knotbomenrij 260 meter notenlaan
•
Ca. 0.6 hectare bloemrijkgrasland
•
Ca. 0.2 hectare hoogstamboomgaard
Per natuur- en landschapstype wordt hieronder een beschrijving gegeven en het daarbij behorende beheerspakket.
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
18
Blz 42 Lijst Beheertypen Natuur en landschap voor Zeeland
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
19
Blz 44 - 45 Lijst Agrarische beheertypen(leefgebieden) en beheerpakketten Zeeland
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
20
Blz 44 - 45 Lijst Agrarische beheertypen(leefgebieden) en beheerpakketten Zeeland
inrichtings- en beheersplan landgoed Schore / september 2022
21