CConstaterende datKapelle
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-45a D23.290827 Verschillen en toelichting Verordening 213a

Raadsvergadering 14 november 2023, gemeente KapelleBij agendapunt: Financiële verordening, controle verordening, normenkader en verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid2.141 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

*Z01DB5961EC* Zaaknummer Documentnummer

Z23.017750 D23.290827

Verschillen en toelichting Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid (art 213a) Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: Modelverordening VNG (versie november 2022) - doelmatigheid: de mate waarin een maximale hoeveelheid producten en prestaties is gerealiseerd met een minimale hoeveelheid middelen of een hogere kwaliteit wordt bereikt met een gelijkblijvende hoeveelheid aan middelen; - doeltreffendheid: de mate waarin de geleverde producten en prestaties bijdragen aan het realiseren van gestelde gemeentelijke beleidsdoelen.

Huidige verordening (versie 24-10-2003)

Voorstel nieuwe verordening

a. doelmatigheid: het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen.

- doelmatigheid: de mate waarin een maximale hoeveelheid producten en prestaties is gerealiseerd met een minimale hoeveelheid middelen of een hogere kwaliteit wordt bereikt met een gelijkblijvende hoeveelheid aan middelen; - doeltreffendheid: de mate waarin de geleverde producten en prestaties bijdragen aan het realiseren van gestelde gemeentelijke beleidsdoelen.

b. doeltreffendheid: de mate waarin de gewenste prestaties en de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid ook daadwerkelijk worden behaald.

Aanpassing in nieuwe verordening: Tekstuele aanpassing, overnemen modelverordening.

Artikel 2. Onderzoeksfrequentie Modelverordening VNG (versie november 2022)

Huidige verordening (versie 24-10-2003)

Voorstel nieuwe verordening

1. Burgemeester en wethouders verrichten jaarlijks onderzoeken naar de doelmatigheid van [onderdelen van] de organisatieeenheden van de gemeente en de uitvoering van taken door de gemeente. Ieder gemeentelijke organisatie-eenheid en gemeentelijke taak wordt minimaal [eens in de [aantal] jaren OF eenmaal in [aantal (bijvoorbeeld twee)] raadsperioden] in zijn geheel aan dergelijke onderzoeken onderworpen. 2. Burgemeester en wethouders verrichten jaarlijks onderzoeken naar de doeltreffendheid van minimaal [aantal] programma's en paragrafen van de begroting en jaarstukken of delen daarvan.

1. Het college onderzoekt de doelmatigheid van (onderdelen van) sectoren van de gemeente en de uitvoering van taken door de gemeente. Iedere gemeentelijke sector en gemeentelijke taak wordt minimaal eens in de 10 jaar in zijn geheel aan een dergelijke toets onderworpen.

1. Het College van Burgemeester en Wethouders verricht periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het door hem gevoerde bestuur.

2. Het college toetst de doelmatigheid van minimaal 1 (deel van) programma’s en paragrafen.

2. Het College van Burgemeester en Wethouders stelt aan de hand van de te actualiseren beleidsnota’s of specifieke thema’s vanuit de risicoanalyse gericht op doelmatigheid en doeltreffendheid een onderzoeksplan vast. 3. Het onderzoeksplan wordt jaarlijks als onderdeel van de reguliere planningscyclus geactualiseerd en opgenomen in de programmabegroting. 4. De financiële commissie krijgt een afschrift van het onderzoeksplan.

Toelichting: In artikel 2 worden burgemeester en wethouders opgedragen onderzoek te doen naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door burgemeester en wethouders gevoerde bestuur. De raad stelt vast met welke frequentie deze onderzoeken van burgemeester en wethouders minimaal moeten plaatsvinden. Hierbij wordt een scheiding aangebracht tussen onderzoeken naar de doelmatigheid en onderzoeken naar de doeltreffendheid. Eerste lid. De onderzoeken naar de doelmatigheid betreffen onderzoeken naar de uitvoering van het gemeentelijk beleid en beheer van gemeentelijke middelen. Omdat de uitvoering wordt gedaan door de gemeentelijke organisatie, richten deze onderzoeken zich enerzijds op de organisatieeenheden van de gemeente en anderzijds op de gemeentelijke taken en doelmatigheid in de procesgang. Het voordeel hiervan is dat ook de doelmatigheid van de uitvoering van gemeentelijk beleid en het beheer van middelen door derden wordt onderzocht. Om te verzekeren dat alle onderdelen van de gemeente op doelmatigheid worden onderzocht, verplicht het artikel dat ieder onderdeel van de gemeente en elke gemeentelijke taak [eens in de [aantal] jaren OF eenmaal in de [aantal (bijvoorbeeld twee)] raadsperioden] wordt onderzocht. Tweede lid De onderzoeken naar de doeltreffendheid vinden plaats op basis van het in de programma's of paragrafen van de begroting geformuleerde beleid.

Dit beleid kan programma’s of paragrafen van de begroting en jaarstukken of delen daarvan omvatten. Aanpassing in nieuwe verordening: Door een onderzoeksplan vast te stellen vanuit de te actualiseren beleidsnota’s of specifieke thema’s vanuit de risicoanalyse wordt ingegaan op de actualiteit. Dit sluit aan bij de planning en control cyclus, waarin rapportering over het onderzoeksplan wordt opgenomen.

Artikel 3. Onderzoeksplan Modelverordening VNG (versie november 2022)

Huidige verordening (versie 24-10-2003)

Voorstel nieuwe verordening

[1. Burgemeester en wethouders zenden jaarlijks uiterlijk voor [datum] een onderzoeksplan naar de raad voor de in het daarop volgende jaar te verrichten onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid. OF 1. Burgemeester en wethouders nemen jaarlijks een onderzoeksplan op in de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting, voor de in het daaropvolgende jaar te verrichten onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid.]

1. Het college zendt bij de begroting een onderzoeksplan naar de raad van de te verrichten interne onderzoeken naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid.

1. Burgemeester en wethouders nemen jaarlijks een onderzoeksplan op in de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting, voor de in het daaropvolgende jaar te verrichten onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid.

2. Het onderzoeksplan bevat in ieder geval per onderzoek: a. het onderzoeksobject; b. de reikwijdte van het onderzoek; c. de onderzoeksmethode; d. de doorlooptijd van het onderzoek; e. de wijze van uitvoering van het onderzoek; f. het budget in de begroting voor het te verrichten onderzoek; g. […].

2. In het onderzoeksplan wordt per intern onderzoek globaal aangegeven: a. het object van onderzoek; b. de reikwijdte van het onderzoek; c. de onderzoeksmethode; d. doorlooptijd van het onderzoek; e. de wijze van uitvoering.

2. Het onderzoeksplan bevat in ieder geval per onderzoek: a. het onderzoeksobject; b. de reikwijdte van het onderzoek; c. de onderzoeksmethode; d. de doorlooptijd van het onderzoek; e. de wijze van uitvoering van het onderzoek; f. het budget in de begroting voor het te verrichten onderzoek.

3. In het onderzoeksplan wordt aangegeven welke budgetten in de productenraming zijn

opgenomen voor de uitvoering van de onderzoeken.

Eerste lid Burgemeester en wethouders stellen een onderzoeksplan op voor het komende jaar. Het onderzoeksplan moet een volledig beeld geven van de voorgenomen onderzoeken, zij het uiteraard nog globaal. De onderzoeken in het onderzoeksplan worden per onderzoek uitgewerkt. Vanzelfsprekend zal de raad willen weten wat de plannen zijn, en ook gelegenheid willen hebben om deze te bespreken en als hij dat nodig acht invloed uit te oefenen. [Het onderzoeksplan wordt los aangeboden aan de raad. De raad kan het ter bespreking agenderen, maar het wordt door burgemeester en wethouders vastgesteld. OF Het onderzoeksplan wordt als onderdeel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting aangeboden aan de raad. Het wordt ook door de raad vastgesteld.] Tweede lid. In het tweede lid is aangegeven wat in ieder geval moet worden opgenomen in het onderzoeksplan. Tweede lid, onder a Het onderzoeksobject wordt dusdanig omschreven dat duidelijk aangegeven is wat de afbakening van het onderzoek is. Daarbij worden bij de doelmatigheidsonderzoeken duidelijk de scheidslijnen aangegeven ten aanzien van de te onderzoeken procedures en instrumenten. Bij de doeltreffendheidsonderzoeken worden duidelijk de scheidslijnen met andere beleidsvelden aangegeven.

Tweede lid, onder b De reikwijdte van ieder onderzoek strekt zich in beginsel uit over alle organen (raad en burgemeester en wethouders), organisatie-eenheden en instellingen waarvoor de gemeente bestuurlijk verantwoordelijk is of waarvan de activiteiten geheel of in belangrijke mate door de gemeente worden bekostigd. De reikwijdte kan in het onderzoeksplan worden ingeperkt door het aangeven van het te onderzoeken tijdvak en de te onderzoeken organen, organisatie-eenheden en instellingen. De reikwijdte van onderzoeken moet van te voren duidelijk worden aangegeven. Tweede lid, onder c Hier wordt aangegeven welke onderzoeksmethode per onderzoek wordt gebruikt. Te denken valt aan het meten van de effecten van begrotingsprogramma's, aan de hand van tevoren bepaalde indicatoren. Dat kunnen meetbare en telbare prestaties zijn. Ook kan worden gedacht aan meningspeilingen in enigerlei vorm en andere 'zachtere' meetmethoden. Naast de vraag of de doelstellingen zijn gehaald kan worden onderzocht of dat gebeurd is met een zo efficiënt mogelijk gebruik van middelen. Dit kan bijvoorbeeld door gebruik te maken van benchmarking.

Tweede lid, onder d Er wordt een inschatting van de duur van het onderzoek gegeven, eventueel onderverdeeld in fasen. Tweede lid, onder e Onderzoeken kunnen in opdracht van burgemeester en wethouders worden uitgevoerd door het ambtelijke apparaat (al of niet met inbreng van deskundigheid van derden) of door derden. Indien de ambtelijke organisatie de onderzoeken uitvoert, zullen in het onderzoeksplan waarborgen dienen te worden ingebouwd, waarmee de onafhankelijkheid van de analyse en/of adviezen ter verbeteringen worden gegarandeerd. Dat betekent dat het onderzoek zelf mag worden uitgevoerd door functionarissen die in hun dagelijks werk betrokken zijn bij het onderzoeksobject. De evaluatie en de aanbevelingen voor verbetering daarentegen moeten zoveel als mogelijk onafhankelijk tot stand komen en uitgevoerd worden door functionarissen die niet in hun dagelijks werk betrokken zijn bij het onderzoeksobject. Tweede lid, onder f Tot slot wordt jaarlijks vooraf het budget in de begroting bepaald voor het in het daaropvolgende jaar te verrichten onderzoek. Derde lid in de huidige verordening is nu opgenomen in lid 2 onder f. Aanpassing in nieuwe verordening: Tekstuele aanpassing, overnemen modelverordening. Opnemen van het onderzoeksplan in de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting.

Artikel 4. Voortgang onderzoeken Modelverordening VNG (versie november 2022)

Huidige verordening (versie 24-10-2003)

Voorstel nieuwe verordening

Burgemeester en wethouders rapporteren in de tussentijdse rapportages en de paragraaf bedrijfsvoering van de jaarstukken over de voortgang van de onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid en de uitputting van bijbehorende budgetten.

Het college rapporteert in de bedrijfsvoerings-paragraaf van de begroting en aarstukken en in de tussentijdse rapportages over de voortgang van de onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid en de uitputting van de bijbehorende budgetten.

Burgemeester en wethouders rapporteren in de tussentijdse rapportage(s) en de paragraaf bedrijfsvoering van de jaarstukken over de voortgang van de onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid en de uitputting van bijbehorende budgetten.

Toelichting De paragraaf bedrijfsvoering van de jaarstukken dient inzicht te geven in de stand van zaken omtrent de bedrijfsvoering. Daarbij dient een relatie te worden gelegd met de inhoud van de programma's. Het ligt voor de hand om in deze paragraaf eveneens te rapporteren over de stand van zaken bij de onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde bestuur en de uitputting van bijbehorende budgetten. Aanpassing in nieuwe verordening: Tekstuele aanpassing, overnemen modelverordening.

Artikel 5. Verslag en plan van verbetering Modelverordening VNG (versie november 2022)

Huidige verordening (versie 24-10-2003)

Voorstel nieuwe verordening

1. De onderzoeksresultaten worden vastgelegd in een verslag. Het verslag bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten en indien nodig aanbevelingen voor verbetering.

1. De uitkomsten van een onderzoek worden vastgelegd in een rapportage. Elke rapportage bevat ten minste een analyse van de onderzoeksresultaten en indien nodig aanbevelingen voor verbeteringen.

1. De onderzoeksresultaten worden vastgelegd in een verslag. Het verslag bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten en indien nodig aanbevelingen voor verbetering.

2. Op basis van het verslag stellen burgemeester en wethouders indien nodig een plan van verbetering op.

2. Op basis van de resultaten van ieder onderzoek stelt het college indien nodig een plan van verbetering op. De rapportage en het plan van verbetering worden ter kennisgeving aan de raad aangeboden. Het college neemt op basis van het plan van verbetering organisatorische maatregelen en rapporteert hierover aan de raad via de tussentijdse rapportages.

2. Op basis van het verslag stellen burgemeester en wethouders indien nodig een plan van verbetering op.

3. Het verslag en het plan van verbetering worden ter kennisgeving aan de raad aangeboden.

3. Het verslag en het plan van verbetering worden ter kennisgeving aan de raad aangeboden.

4. Burgemeester en wethouders nemen op basis van het plan van verbetering organisatorische maatregelen.

4. Burgemeester en wethouders nemen op basis van het plan van verbetering organisatorische maatregelen.

Toelichting Eerste lid Met de onderzoeken beoogt de gemeente de transparantie van gemeentelijk handelen te vergroten en de publieke verantwoording daarover te versterken. De bevindingen van de onderzoeken worden dan ook neergelegd in verslagen voor de raad, zoals voorgeschreven in artikel 213a, eerste lid, van de Gemeentewet. De verslagen dienen volgens artikel 197, tweede lid, van de Gemeentewet te worden gevoegd bij de jaarrekening en het jaarverslag. Dat betreft uiteraard de verslagen die tijdens het betreffende verslagjaar zijn afgerond. Dat sluit echter geenszins uit dat de raad, als hij dat wenst, de verslagen ontvangt zodra ze zijn vastgesteld. Systematische aandacht voor doelmatigheid en doeltreffendheid impliceert ook het doel om te leren, om te denken over en te streven naar verbetering, daarom is in deze verordening opgenomen dat evaluatie en aanbevelingen voor verbetering onderdeel zijn van het verslag. Tweede lid Bedrijfsvoering is een zaak van burgemeester en wethouders. Burgemeester en wethouders bepalen dan ook of op basis van de onderzoeksresultaten het nodig is een plan van verbetering op te stellen. Het plan wordt – indien van toepassing – opgesteld door burgemeester en wethouders. Derde lid Het plan van verbetering wordt uiteraard ook ter kennisgeving aan de raad gestuurd. Vierde lid Tot slot volgt dat een plan van verbetering moet leiden tot actie.

Het zijn burgemeester en wethouders die de organisatorische maatregelen nemen tot verbetering. Aanpassing in nieuwe verordening: Tekstuele aanpassing, overnemen modelverordening.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13434343/1