2023-13 RBb D23.285600 2023 IKC Wemeldinge PvE IKC 230503 RFPvE IKC Wemeldinge definitief
Tekst van het document
Ruimtelijk-functioneel programma van eisen
Integraal kindcentrum Wemeldinge Gemeente Kapelle, Albero en Kibeo
3 mei 2023, versie: definitief
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
3
1.1
Situatieschets
3
1.2
Doelstelling
3
1.3
Werkwijze
3
2.
Visie IKC Wemeldinge
5
2.1
Visie op onderwijs en opvang
5
2.2
Visie op huisvesting
6
2.3
Sport
6
3.
Ruimtelijke kaders en uitgangspunten
7
3.1
Locatiekenmerken
7
3.2
Stedenbouwkundige randvoorwaarden
7
3.3
Koppeling met De Wemel
7
3.4
Normatieve ruimtebehoefte
8
3.5
Ambities en uitgangspunten huisvesting
9
3.6
Overige uitgangspunten
10
4.
Huisvestingsconcept
11
4.1
Ontvangst- en ontmoetingsruimte
11
4.2
Werkruimten en facilitaire ruimten
12
4.3
Ruimte Kibeo
12
4.4
Leergebied peuters en onderbouw
13
4.5
Leergebied middenbouw
15
4.6
Leergebied bovenbouw
16
4.7
Uitdagende en groene buitenruimte
16
5.
Ruimteprogramma
18
Bijlage 1 Visie op IKC Wemeldinge
19
Bijlage 2 Ruimteprogramma
20
1.
Inleiding
tussen dorpshuis De Wemel en de bestaande school van OBS Wemeldinge. De BSO maakt gebruik van ruimten in het schoolgebouw.
1.1
Situatieschets
De gemeente Kapelle ontwikkelt en realiseert samen met Albero en Kibeo kinderopvang een Integraal Kindcentrum (IKC) in Wemeldinge. In Wemeldinge zijn twee basisscholen van Albero: de openbare basisschool (OBS) Wemeldinge en de christelijke basisschool (CBS) de Hoeksteen.
Figuur 2: Huisvesting Kibeo aan de Kromomme 2
1.2
Doelstelling
Dit ruimtelijk functioneel programma van eisen (RFPvE) geeft op inzicht in ruimtelijke en functionele eisen waar de nieuwbouw aan dient te voldoen. De nieuwbouw biedt passende Figuur 1: Huidige huisvesting OBS Wemeldinge (links) en CBS de Hoeksteen (rechts)
en toekomstbestendige ruimte aan onderwijs en opvang om zich te blijven ontwikkelen. Het RFPvE is een richtlijn voor uitwerking van het ontwerp. Binnen de gegeven kaders, waar-
In het Integraal Huisvestingsplan van de gemeente Kapelle is nieuwbouw voor beide scho-
onder de omvang in m² bruto vloeroppervlak (bvo), wordt dit ideaalbeeld zo goed mogelijk
len opgenomen. Beide directies van de scholen en het College van Bestuur van Albero
benaderd.
hebben de nieuwbouwplannen aangegrepen om de toekomst van het basisonderwijs in Wemeldinge te onderzoeken. Uit dit onderzoek is gekomen dat een fusie van beide scholen
Het programma van eisen is een beslisdocument aan de hand waarvan het ontwerp wordt
zorgt voor het meest toekomstbestendige onderwijs. Het fusietraject is inmiddels in gang
gemaakt. In het programma van eisen zijn de functionele, ruimtelijke en technische eisen
gezet en wordt per 1 augustus 2023 geformaliseerd.
vastgelegd voor het gebouw. Het programma van eisen heeft als doel: Het definiëren van de bouwopgave en zijn context;
Voor de te vormen school is een gezamenlijke visie uitgewerkt waarbij recht wordt gedaan
Het fungeren als toetsingsinstrument tijdens de ontwerpfasen;
aan beide identiteiten van de scholen. Er is in de nieuwe situatie sprake van een samen-
Het vastleggen van de uitgangspunten en afspraken ten behoeve van de communicatie
werkingsschool. De school heeft hierbij de ambitie nauw samen te werken met een kinder-
tussen de betrokken partijen.
opvangpartner zodat een IKC gevormd kan worden.
1.3
Werkwijze
Kibeo biedt in Wemeldinge kinderopvang (0 tot 4 jaar) en de buitenschoolse opvang (4 tot
Het RFPvE is tot stand gekomen op basis van overleg met vertegenwoordigers van het
13 jaar). De kinderopvanglocatie is gevestigd aan de Kromomme 2 in Wemeldinge, gelegen
onderwijsteam en de kinderopvangorganisatie. Tijdens een interactieve sessie is vanuit visie en ambitie toegewerkt naar uitgangspunten en eisen voor de nieuwbouw. Leeswijzer
3
Hoofdstuk 2 geeft inzicht in de visie op onderwijs en opvang. Hoofdstuk 3 beschrijft de ruimtelijke kaders en uitgangspunten voor de nieuwe huisvesting. Hoofdstuk 4 beschrijft het huisvestingsconcept en de functionele eisen. In hoofdstuk 5 is het te realiseren ruimteprogramma opgenomen. Bij het opstellen van het programma van eisen is niet alleen in de opbouw, maar ook in de verwijzingen aangesloten bij de kwaliteitskaders huisvesting PO en kinderopvang (hierna KK), teneinde de eisen en wensen herkenbaar te maken en houden. De opbouw van de kwaliteitskaders voor huisvesting zijn voor wat betreft het onderwijs en de kinderopvang gelijk. De verwijzingen zijn derhalve op beide kwaliteitskaders van toepassing.
4
2.
Visie IKC Wemeldinge
het pedagogisch en veiligheidsbeleid van Kibeo. Met alle kinderen wordt gewerkt vanuit hoge verwachtingen, waarbij de kinderen worden uitgedaagd hun vaardigheden en talenten
De gefuseerde basisschool en kinderopvangorganisatie werken toe naar de vorming van
verder te ontplooien, individueel en in samenwerking met anderen. De personeelsleden
een integraal kindcentrum in Wemeldinge. Hiervoor is een gezamenlijk visie opgesteld. In
werken ontwikkelingsgericht met de kinderen zowel bij de leervakken, creatieve activiteiten,
bijlage 1 is de volledige visie opgenomen.
ontwikkeling van de motoriek en sociaal emotionele vorming (hoofd, hart en handen).
2.1
Speerpunten van het onderwijs
Visie op onderwijs en opvang
Missie Het integraal kindcentrum (IKC) Wemeldinge verzorgd kwalitatief hoogwaardige educatie (onderwijs, opvoeding en vorming) voor alle kinderen uit het dorp en de directe omgeving. Vanuit hoge verwachtingen krijgt ieder kind de mogelijkheid zijn/ haar talenten te ontplooien, daarbij begeleid door een team van talentvolle professionals. Structureel wordt aandacht besteed aan hart, hoofd en handen, waarbij kinderen individueel en samen met anderen worden voorbereid op hun toekomstige wereld. Alle activiteiten worden georganiseerd in en om een modern, flexibel, transparant gebouw, waarbij het onderwijs en opvang verbonden wordt met zorg, cultuur, sport en creativiteit.
Bewegend leren als vast onderdeel van het lesprogramma gedurende de dag. Hiervoor wordt de leeromgeving ondersteunend ingericht (zowel binnen als buiten). Onderzoekend leren om de betrokkenheid van kinderen (eigenaarschap) te vergroten. Vanuit een onderzoekende houding kunnen leerlingen hun talenten ten volle benutten. Groepsdoorbrekend werken op die onderdelen/ vakgebieden die zich daarvoor lenen. Ontwikkelingsgericht werken op alle gebieden, zowel bij de leervakken, creatieve activiteiten, ontwikkeling van de motoriek en sociaal emotionele vorming. Ateliers vorm en inhoud geven, feedback en inbreng vragen van de kinderen. Gebruik maken van de talenten van ouders, enthousiaste inbreng van ieder teamlid, buiten lessen (bewegend) vormgeven, leren van en met elkaar, daarbij gebruik makend van een weekplanbord en jaarbord. Samenwerkend leren: coöperatieve werkvormen vormen een belangrijk onderdeel van het onderwijsproces. Binnen het IKC realiseren we een doorgaande leer- en ontwikkellijn van 0 tot 13 jaar, samen met kinderen, ouders en partners. We volgen de kinderen in hun ontwikkeling en stemmen ons aanbod hierop af. In het IKC worden binnen en buiten met elkaar verbonden. Activiteiten in de school worden afgewisseld met buitenlessen, excursies en gastlessen.(Kinderboekenweek, schoolkamp, bosgroep, bewegend leren, wetenschap en technologie, moestuin, enz).
Zorg dat het kind in zijn kracht staat, zijn talenten kan ontwik-
Figuur 3: Leren met hoofd, hart en handen
kelen, in relatie met anderen en met de wereld om zich heen, vormt hierbij een belangrijk doel. Het binnen en buiten leren wordt bij de BSO vormgegeven in ateliers. Kibeo haalt de
Visie op onderwijs en opvang
activiteiten naar de vestiging toe haalt.
Het onderwijs in Wemeldinge voldoet aan alle wettelijke vereisten en wordt vormgegeven vanuit de missie van het IKC, de uitgangspunten van het strategisch beleid van Albero en
5
2.2
Visie op huisvesting
2.3
Sport
Het IKC zoekt de samenwerking met alle partijen in de directe omgeving. Het integrale
De gymzaal aan de Kromomme is verouderd en wordt vervangen. Uitgangspunt is een
kindcentrum creëert de verbinding met, cultuurorganisaties, jeugdzorg, sportverenigingen,
gymzaal die voldoet aan de KVLO-normen. De sportvloer heeft een omvang van 14x24 m.
etc. om zodoende educatie van een hoog niveau te realiseren. Onder educatie verstaan
en een vrije hoogte van 5,5 m. Dit biedt voldoende mogelijkheden voor bewegingsonder-
we: onderwijs, opvoeding en vorming (Gert Biesta). De leer- ontwikkelomgeving (een
wijs en bewegingsactiviteiten voor kinderen van 6 jaar en ouder en de sportverenigingen
nieuw gebouw) moet voldoen aan de eisen die gesteld worden aan modern en innovatief
die na schooltijd gebruik maken van de zaal.
onderwijs en opvang. Het gebouw dient voldoende ruimte te hebben, waar flexibel mee kan worden omgegaan. Het is evident dat het gebouw moet voldoen aan de nieuwste eisen op
Het programma van eisen voor de gymzaal is uitgewerkt in een apart document.
het gebied van ventilatie, klimaatbeheersing en veiligheid. Het gebouw en de omgeving moet een uitdagende leer- en leefomgeving zijn, met mogelijkheden tot het werken met grote en kleine groepen en individuele werkplekken. Vanuit een veilige basis voor kinderen en teamleden, gevormd door het werken met stamgroepen, ontstaat er ruimte om na te denken over andere vormen van differentiatie gedurende de dag. Het doorbreken van de homogene jaargroepen op bepaalde onderdelen zorgt voor nieuwe noodzakelijk ervaringen. De huisvesting faciliteert de ontwikkeling van kinderen van 0 tot 13 jaar in eigen tempo. Dit zorgt er bijvoorbeeld voor dat de ontdekkende peuter op een natuurlijke manier het contact kan zoeken met een kleuter én dat de peuter die het nog wat spannend vindt, nog even bij de dreumessen gaat kijken. Het verkennen en uitwerken van een passende en voor alle betrokkenen veilige en inspirerende leeromgeving, die gebruik maakt van zowel de binnen- als de buitenomgeving (groen schoolplein + bos / strandje / verzorgingstehuis / winkels en bedrijven, etc.) en hiermee kansen creëert voor levensecht leren, zal door het IKC in samenspraak met alle partners verder vorm gegeven worden. Een mooi voorbeeld hiervan is het werken in ateliers. Hier liggen de mogelijkheden om er samen te zijn voor kinderen met meerdere groepen, van diverse leeftijden.
Op deze momenten kunnen teamleden ingezet worden op basis van talenten en interesses. Opvang hanteert eigen veiligheidsregels.
6
3.
Ruimtelijke kaders en uitgangspunten
3.2
Stedenbouwkundige randvoorwaarden
Vanuit het locatieonderzoek is gebleken dat integratie van de
3.1
Locatiekenmerken
De nieuwbouw is voorzien op de huidige locatie van OBS Wemeldinge aan de Spoorlaan. De naastgelegen gymzaal aan de Kromomme is verouderd en wordt in de planontwikkeling betrokken. Het kavel van de school heeft een maatschappelijke bestemming (o.a. scholen voor basisonderwijs, kinderopvang, gezondheids- en welzijnszorg). Het kavel van de gymzaal heeft de bestemming sport. De tussengelegen weg (Kromomme) heeft de bestemming verkeer. De locatie kent de dubbelbestemming archeologie -1. Dit betekent dat archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Sloop/nieuwbouw op de huidige locatie betekent dat de school tijdelijk elders moeten worden gehuisvest. Het perceel voor het IKC Wemeldinge heeft een oppervlak van 2.852 m². Voor de nieuwbouw van de gymzaal is een apart perceel beschikbaar (op de plek waar nu de bestaande gymzaal staat).
gymzaal en het ICK in één bouwvolume niet mogelijk is. Uitgangspunt is dat de Kromomme behouden blijft als langzaam verkeerroute (geen motorvoertuigen). Door behoud van het profiel ontstaan kansen in versterking van de verbinding tussen dorpsplein en park. Door de nieuwe gymzaal te realiseren op de plek van de bestaande aan de Kromomme blijft het op het bestaande schoolterrein voldoende ruimte over voor het te realiseren IKC-programma en ontstaan er kansen voor het verbinden van het IKC met dorpshuis De Wemel. Aan de zijde van de Spoorlaan wordt rekening gehouden met een aantrekkelijke looplijn van schoolplein naar park, zodat het park als verlengstuk van het plein kan dienen en gebruikt kan worden voor het ontdekkend en bewegend leren.
3.3
Koppeling met De Wemel
De nieuwbouwlocatie biedt kansen voor het versterken van de aanwezige functies en voorzieningen in de omgeving van het IKC Wemeldinge. Bij de inpassing van het IKC op de locatie moet onderzocht worden op welke manier een verbinding (visueel of fysiek) kan worden gelegd met de bestaande ruimtes van Kibeo en dorpshuis De Wemel. Mogelijk zijn er kansen in de verbinding tussen buitenruimte van het IKC en de bestaande buitenruimte van het woonzorgcomplex. In de ontwerpfase wordt dit verder verkend. Kibeo heeft een kinderopvanglocatie aangrenzend aan dorpshuis De Wemel en het perceel waar de nieuwbouw van het IKC zal plaatsvinden. De locatie biedt ruimte aan maximaal 32 kindplaatsen. Er wordt opvang geboden aan kinderen in de leeftijd van 0 tot 4 jaar verdeeld over 2 groepen: Figuur 4: Kavel IKC Wemeldinge en stedenbouwkundige verkenning
1 dagopvanggroep en 1 losse peutergroep. 7
Het kinderdagverblijf heeft de beschikking over twee binnenspeelruimtes en een aangren-
De leerlingenprognose geeft antwoord op de vraag of het aantal leerlingen op de teldatum
zende buitenspeelplaats. In totaal maakt Kibeo gebruik van 183 m² netto vloeroppervlak.
voorafgaande aan de datum waarop de aanvraag voor een nieuwe voorziening is ingediend ook de komende jaren nog wordt verwacht. OBS Wemeldinge had op 1 oktober 2021 153 leerlingen en CBS De Hoeksteen had 60 leerlingen (samengevoegd 213). Op basis van de leerlingprognose (juli 2022) is de verwachting dat het leerlingaantal van de gefuseerde school krimpt. Uitgangspunt voor de ruimtebehoefteberekening is het gemiddelde leerlingaantal over de komende 15 jaar van 200. In volgende projectfasen wordt de leerlingprognose gemonitord zodat tijdig in kan worden gespeeld op wijzigingen. Op basis van de normatieve berekening is de ruimtebehoefte 1.206 m² bruto vloer oppervlak (bvo).
Figuur 5: Dorpshuis De Wemel en kinderopvanglocatie Kibeo
Bij het ontwerp van het IKC moet onderzocht worden op welke manier de bestaande ruimte van Kibeo ingepast en verbonden kan worden met de nieuwbouw zodat een integraal kindcentrum ontstaat. Hierbij is het denkbaar dat de bestaande kdv-ruimte een andere functie vanuit het ruimteprogramma krijgt. Voor het ontwerp en de realisatie geldt het uitgangspunt dat voor de bestaande ruimte van Kibeo rekening wordt gehouden met behoud van het casco en beperkte aanpassingen van uitstraling aan de buitenzijde. Installatietechnisch
Figuur 6: Leerlingenprognose basisschool Wemeldinge
wordt het bouwdeel gekoppeld met het IKC. Tabel 1: Normatieve ruimtebehoefte basisschool Wemeldinge
3.4
Normatieve ruimtebehoefte
Basisschool Wemeldinge In de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Kapelle is vastgelegd op welke manier de normatieve ruimtebehoefte voor basisscholen wordt bepaald. Voor het berekenen
Ruimtebehoefte
Aantal
Ruimtenorm
Totaal
Vaste voet Norm per leerling
1 200
200 5,03
200 1.006
Totaal m² bvo
1.206
van de ruimtebehoefte voor onderwijs en gymnastiek wordt gebruik gemaakt van: Ruimtenormen als vastgelegd in de Verordening;
Bewegingsonderwijs
Leerlingprognose voor de komende 15 jaar.
De ruimtebehoefte van het bewegingsonderwijs wordt conform de Verordening vastgesteld voor een school voor basisonderwijs, op 1,5 klokuur per week per groep leerlingen 6 jaar 8
en ouder. Op basis van 200 leerlingen is behoefte aan 9 klokuren bewegingsonderwijs voor
Uitstraling interieur
leerlingen in de leeftijd van 6 tot 12 jaar.
Het interieur van het IKC dient aan te sluiten op verschijningsvorm van het gebouw en de doelgroepen [KK A5]. Dat betekent dat partners en gebruikersgroepen vragen om een her-
Tabel 2: Klokuren bewegingsonderwijs basisschool Wemeldinge
Klokuren bewegingsonderwijs
Aantal
Gymgroepen 4/5 jarigen
3
Gymgroepen 6/12 jarigen
6
Klokuur per week
Totaal
kenbare uitstraling (kleurgebruik en materiaalgebruik). Tegelijkertijd is een rustig en natuurlijk kleur- en materiaalgebruik een verbindend thema tussen de verschillende gebouwdelen
1,5
9
Per 2023 wordt het geven van minimaal twee uur bewegingsonderwijs (in totaal minimaal 90 minuten / twee keer 45 minuten) aan elke leerling in het basisonderwijs verplicht gesteld. Op basis daarvan heeft de basisschool in Wemeldinge klokuurbehoefte aan 12 uur.
en gebruikers. Dit rustige en natuurlijke karakter maakt het mogelijk om accenten en verbijzonderingen te realiseren bij de verschillende gebruikers. Flexibel en toekomstbestendig Ruimten moeten zo flexibel mogelijk worden benut. Dat betekent niet alleen dat de ruimtes verschillend moet kunnen worden ingericht voor verschillend gebruik, maar ook dat er gebruik wordt gemaakt van standaardisatie wat betreft maatvoering, uitwisselbaarheid van
Kinderopvang Kibeo
ruimtes en de locatie van specifieke ruimtes, opdat voortschrijdend inzicht en ontwikkelin-
De kinderopvang bestaat uit 2 kinderdagverblijf groepen met elk 16 kindplaatsen en een
gen met een beperkte aanpassing van de plattegrond en installaties doorgevoerd kunnen
peutergroep voor kinderen in de leeftijd van 2 tot 4 jaar met 16 kindplaatsen. De buiten-
worden. De constructie en techniek moet hierop worden voorbereid. Ook dient hiermee in
schoolse opvang biedt na schooltijd ruimte aan maximaal 34 kindplaatsen in de leeftijd van
het akoestisch vermogen rekening te worden gehouden. Dit draagt bij aan een toekomst-
4 tot 13 jaar. De totale ruimtebehoefte bedraagt circa 235 m² netto vloeroppervlak (ca. 306
bestendig en daarmee duurzaam gebouw.
m² bvo), waarvan op dit moment reeds 183 m² nvo voorzien is in De Wemel. Daarbij is 10 m² buitenberging nodig. Deze is voorzien in het programma voor de buitenruimte.
Functionaliteit Een functioneel gebouw betekent dat het gebouw de partners individueel en gezamenlijk
3.5
Ambities en uitgangspunten huisvesting
in hun visie en activiteiten ondersteunt en waar mogelijk versterkt. Indeling en vormgeving
Doel van de huisvesting is om het IKC en haar pedagogische (onderwijs) visie optimaal te
geven aanleiding tot slim gebruik. Onnodige verkeersbewegingen worden vermeden en
ondersteunen. Alle aspecten van huisvesting worden zodanig ontworpen en gekozen dat
ontmoeting waar gewenst wordt gestimuleerd, privacy en rust zijn mogelijk indien noodza-
alle activiteiten van de organisatie en haar partners ten volle worden ondersteund.
kelijk. Het gebouw is compact met een optimale ruimtebenutting en met minimaal verlies aan functioneel nuttig vloeroppervlak.
Locatie Het is belangrijk dat het gebouw en de omgeving niet alleen prettig zijn voor de gebruikers,
Toegankelijkheid, routing en looplijnen
maar ook voor de omwonenden. Er zijn geen hoeken in of rondom het gebouw waar je niet
De locatie is goed en veilig bereikbaar en het gebouw is goed toegankelijk ook voor mensen
gezien wordt. Er moet altijd zicht zijn op wat er in en om het gebouw gebeurd. Tijdens sport-
met een beperking (conform de uitgangpunten zoals opgenomen in de Integrale Toegan-
en spelactiviteiten op het schoolplein moet goed toezicht kunnen worden gehouden op de
kelijkheid standaard 2020). De bereikbaarheid en toegankelijk in en naar het gebouw dient
verschillende activiteiten. Het gebouw moet veilig te benaderen zijn voor de gebruikers,
derhalve te worden afgestemd met de brandweer. Maar toegankelijkheid is meer dan de
zowel voor langzaam verkeer als voor gemotoriseerd verkeer. Tegelijkertijd mag het halen
voorzieningen om hoogteverschillen te overbruggen [KK B4].
en brengen niet tot onveilige situaties voor andere weggebruikers leiden [KK B3]. 9
Bereikbaarheid en toegankelijkheid heeft ook betrekking op de wijze waarop de gebruikers zich kunnen oriënteren in het gebouw. Routes en looplijnen zijn kort, duidelijk en veilig.
1. Voorwaarden op het gebied van onderwijs en kinderopvang: het gebouw en het terrein dienen deze bedrijfsvoeringen te ondersteunen; 2. Economische voorwaarden: optimale besteding van beschikbare gemeenschapsgelden
Compartimentering
betekent prioriteit voor de gebruikswaarde van het gebouw, prioriteit voor lage investe-
Het gebouw kent een compartimentering die multifunctioneel gebruik/ medegebruik/ ver-
ringskosten, prioriteit voor lage exploitatiekosten. Een goede, hoge bezettingsgraad van
huur mogelijk maakt (KK C6). Zo is het hart van de school als compartiment afsluitbaar en
de ruimten van het gebouw is essentieel;
daardoor afzonderlijk te verhuren voor medegebruik. Zodoende kan na schooltijd gebruik
3. Bouwtechnische en technische voorschriften: woningwet, Bouwbesluit, richtlijnen, Huis-
worden gemaakt van de ontmoetingsplek zonder dat daarmee bezoekers toegang hebben
vestingsverordening, gemeentelijke bouwverordeningen, bestemmingsplan, etc. vor-
tot leerpleinen en groepsruimtes. De BSO maakt na schooltijd gebruik van de onderwijs-
men globaal de basis voor het programma van eisen;
ruimten in het gebouw.
4. Vormgeving: het architectonische ontwerp en de meubilering dienen de bedrijfsvoering
Gezond en duurzaam
5. Toekomstwaarde: het ontwerp dient zo te worden gemaakt dat de toekomstige gebrui-
te ondersteunen;
Beweging is niet alleen belangrijk en ondersteunend bij een gezonde leefstijl, maar ook voor een gezonde leerstijl. Het gebouw, de inrichting en het terrein eromheen moeten hierin ondersteunen en uitdagen [KK B5].
kers zekere vrijheden hebben in hun gebruik; 6. Uitbreiding van het gebouw dient in de toekomst eventueel mogelijk te zijn. Bij de fundering, de constructie en het ontwerp dient met deze voorwaarde rekening te worden gehouden.
Het uitgangspunt voor de nieuwbouw is dat de energieprestatie van het gebouw voldoet aan de eisen voor BENG (Bijna Energie Neutraal Gebouw) en is gasloos. Het ontwerp dient
Richtlijnen
betaalbaar te zijn passend bij investeringsbudget en exploitatiebudget (o.a. kosten voor
Op het programma van eisen en het op te stellen ontwerp zijn alle relevante wet- en regel-
onderhoud van gebouw en installaties, energiegebruik, dagelijkse onderhoud en schoon-
geving, richtlijnen en NEN-normen van toepassing.
maak). Total Cost of Ownership (TCO) is een leidend principe in de keuze tussen investeringen en exploitatie voor de betrokken partners en gemeente. Hierbij worden maatregelen
Kwaliteitskaders
met een terugverdientijd binnen 10 jaar als een goed alternatief beschouwd. In het tech-
Bij de uitwerking van het RFPvE zijn de volgende kwaliteitskaders gehanteerd:
nisch programma van eisen wordt nader ingegaan op specifieke technische eisen.
Kwaliteitskader huisvesting (Ruimte OK, 2021);
Tot de ontwerpopgave behoort eveneens het uitwerken van varianten incl. Total Cost of
Kwaliteitskader Huisvesting Kibeo (Kibeo november 2021);
Ownership berekeningen om te komen tot een energieneutraal gebouw.
Kwaliteitskader huisvesting Kinderopvang (Ruimte OK, maart 2019). Het ontwerp dient minimaal te voldoen aan de wettelijke en verplichte eisen voor zowel de
3.6
Overige uitgangspunten
Voorwaarden Op de te realiseren nieuwbouw zijn zes voorwaarden van toepassing die invloed hebben op het te bereiken resultaat:
bouw als het gebruik. De in de kwaliteitskaders opgenomen eisen die vorenstaande overstijgen gelden als ambitie c.q. wens en zijn van toepassing voor zover dit financieel verantwoord en haalbaar is. Tot de ontwerpopgave behoort het inzichtelijk maken van de in het ontwerp verwerkte onderdelen van de kwaliteitskaders en de onderdelen die niet- of niet volledig verwerk zijn (incl. onderbouwing).
10
4.
Huisvestingsconcept
4.1
Ontvangst- en ontmoetingsruimte
De leeromgeving van het IKC Wemeldinge is inspirerend, In het huisvestingsconcept is de ruimtelijke organisatie van onderwijs- en opvangruimten van IKC Wemeldinge weerge-
maakt nieuwsgierig en geeft plezier. De hoofdentree is de
ven. De figuur is een schematische weergave van de belangrijkste clusters van ruimten en de onderlinge relaties. De
ingang voor leerlingen van de onderbouw, middenbouw, me-
gezamenlijke huisvesting van de partners moet meer zijn dan de som der delen. Dankzij de fysieke nabijheid en ruimte-
dewerkers, ouders en overige bezoekers. De hoofdentree is
lijke integratie kunnen inhoudelijke doestellingen worden behaald.
gelegen aan de Kromomme en goed zichtbaar en herkenbaar en is voorzien van een passende toegangscontrole ter (technische) ondersteuning van beheer en toezicht op iedereen die het gebouw binnen komt (bijv. videofoon). De hoofdentree biedt toegang tot de centrale ontvangst- en ontmoetingsruimte. De ontmoetingsruimte functioneert als hart van het IKC en centraal punt voor alle kinderen, ouders en medewerkers. Vanuit de ontmoetingsruimte zijn er duidelijke zichtlijnen en korte looplijnen naar de drie leergebieden (onder-. midden- en bovenbouw). De ontmoetingsruimte is multifunctioneel te gebruiken voor verschillende activiteiten, groepen en op verschillende momenten. Dit multifunctioneel gebruik vraagt om een zorgvuldige positionering en maatvoering. Een slimme integratie van verkeersruimte kan het hart van de school en daarmee de multifunctionaliteit vergroten. Om ontmoeting en samenwerking te stimuleren is er in het hart van de school een uitnodigende ontmoetingstafel met koffiehoek. De tafel wordt gebruikt als ontmoetingsplek en is tevens lunchplek voor medewerkers. De ontmoetingstafel heeft een open en transparante verbinding met het atelier met keuken. De keuken heeft een koelkast, vaatwasser, fornuis, oven en bergruimte voor servies en andere benodigdheden.
Figuur 7: Huisvestingsconcept IKC Wemeldinge
11
Het atelier is een inspirerende en multifunctionele ruimte waar verschillende (creatieve)
4.2
activiteiten kunnen plaatsvinden. De ruimte is zo gesitueerd/ geïsoleerd dat de rest van de
Als onderdeel van de centrale ontmoetingsruimte zijn een spreek-/ werkruimte, een di-
school geen ‘last’ heeft van het geluid. In de ruimte worden handvaardigheid-, techniek-,
rectiekantoor en een kantoor RT/IB voorzien. Deze werkruimten hebben zicht op de en-
kook- en muzieklessen gegeven. Om dit te faciliteren biedt de ruimte een keuken waar een
tree. Deze positionering heeft niet alleen tot doel om natuurlijk toezicht te houden op de
groepje van circa zes leerlingen kan koken en waar materialen afgewassen kunnen wor-
toegang van het gebouw in het algemeen en het schoolgedeelte in het bijzonder. De posi-
den. Grenzend aan de ruimte is een magazijn waar de benodigde materialen en instrumen-
tionering nodigt ook uit tot contact en verbondenheid van de schoolleiding met leerlingen
ten opgeborgen kunnen worden. De ruimte kan ook gebruikt worden door leerlingen die in
en hun verzorgers.
Werkruimten en facilitaire ruimten
kleine groepjes samenwerken of ontdekkend leren. Na schooltijd wordt het atelier gebruikt als huiskamer voor een BSO-groep.
De werkplekken bieden ruimte voor overleg aan de werktafel. Er kan tevens een kleine overlegtafel voor 2 tot 4 personen worden opgesteld. Daarnaast is er een plek voor een
Een tribunetrap verbindt de twee bouwlagen met elkaar en ondersteunt het onderwijscon-
hoge kast met een minimale lengte van 1 meter. Aan de wand is er voldoende ruimte voor
cept. De trap heeft diverse traptrede afmetingen, een zitgedeelte en een verkeersgedeelte.
het ophangen van een whiteboard en/of prikbord (minimale breedte 1 meter).
Het zitgedeelte van de trap kan op verschillende manier gebruikt worden, bijvoorbeeld voor het in kleine groepjes aan een opdracht werken, een boek lezen of een korte uitleg krijgen.
Er is een mindervalide toilet (ook voor personeel en bezoekers) voorzien van een douche.
In de ontwerpfase wordt onderzocht of de ruimte onder de trap functioneel kan worden
De centrale bergruimte wordt gebruikt voor de opslag van voorraad, archiefstukken en
ingezet, bijvoorbeeld als berging of leesnis.
klein gereedschap. Hier kan een printer/kopieermachine worden geplaatst. Schoonmaakmiddelen en materialen worden opgeslagen in de werkkast en wasruimte. De werkkast is
De (verkeers)ruimte in het centrale hart van het IKC motiveert en inspireert spontaan tot
voorzien van een uitstortgootsteen en biedt voldoende ruimte voor het plaatsen van een
spel en ontmoeting en ondersteunt bewegend en ontdekkend leren.
wasmachine en droger. Ook op de verdieping is een werkkast aanwezig. De buitenberging en ruimte voor afvalscheiding worden idealiter geïntegreerd in het schoolgebouw zodat er zo min mogelijk verrommeling met losse gebouwtjes is op het schoolplein. De inpandige buitenberging wordt gebruikt voor het opbergen van buitenspelmaterialen (bijvoorbeeld skippyballen, loopklossen, bouwmateriaal, autobanden, rijdend en/of rollend materiaal). De opening zit aan de lange zijde zodat het speelmateriaal er gemakkelijk uitgehaald kan worden.
4.3
Ruimte kinderopvang
De thuisbasis voor de jongste kinderen (0 tot 4 jaar) is in de ruimte voor de kinderopvang. Figuur 8: Open verbinding via tribunetrap en ruimte nodigt uit tot bewegen
Voor de opvang van de bso-kinderen wordt gebruik gemaakt van de ruimte van de peutergroep en ruimten van de school.
12
Ruimten voor kinderopvang
en efficiënt. Vanuit alle groepsruimten voor kinderdagopvang is een directe verbinding met
De ruimte voor de kinderopvang (0 tot 4 jaar) is een veilige en uitdagende omgeving die
het eigen buitenterrein.
passend bij de leeftijdsgroep is ingericht en uitdaagt tot ontwikkeling. De entree wordt gedeeld met de peutergroep die gekoppeld is aan het leergebied voor onderbouw. De entree
Buitenschoolse opvang
is overzichtelijk, rustig ogend en gemakkelijk te bereiken vanaf de parkeerplaatsen op het
De jongste bso-kinderen maken gebruik van de peuteropvangruimte. De oudere kinderen
dorpsplein. Zo hoeven de ouders niet ver te lopen als ze hun kind(eren) wegbrengen en
van de bso kunnen naar de leerpleinen en buitenruimten van de school uitwijken. De on-
ophalen. De kinderdagopvang is in een relatief ‘eigen’ en veilig’ gebied gehuisvest (onder
derwijsruimten zijn zo ingericht dat ze ook voor de bso uitdagend en prikkelend zijn. Op
andere vanwege geldende wet- en regelgeving), maar heeft wel een duidelijke verbinding
deze wijze worden de ruimten in de school ook na schooltijd zo multifunctioneel mogelijk
met de overige ruimten in het IKC.
ingezet. Er dient rekening te worden gehouden met het beperken van geluidsoverlast voor leerkrachten die na schooltijd aan het werk zijn. Voorwaardelijk is dat de ruimten die door
In de groepsruimten voor de dagopvang (0 tot 4 jaar) spelen maximaal 16 kinderen en
de bso worden gebruikt nabij elkaar zijn gelegen in verband met het toezicht.
vinden diverse activiteiten plaats zoals grof en fijn motorisch spel, (voor)lezen, eten en drinken. De ruimte kan flexibel worden ingericht met diverse (speel)hoeken en een grondbox
4.4
(0 tot 2 jaar). De groepsruimte is overzichtelijk en zo ingericht dat kinderen leren om zelf-
De thuisbasis van de kinderen van 2 tot 6 jaar ligt in het leergebied peuters en onderbouw.
standig het spelmateriaal te vinden en op te ruimen. De groepsruimten hebben een open
Dit is een voor hen herkenbare en uitdagende plek waar een belangrijk deel van hun acti-
uitstraling met veel glas en daglicht.
viteiten plaatsvindt.
Leergebied peuters en onderbouw
Ruimten voor peuteropvang De ingang voor peuters heeft bij voorkeur een directe verbinding met de kinderopvang aan de Kromomme 2, zodat de jongste kinderen een overzichtelijke en sociaal veilige toegang hebben tot het IKC. Bij de toegang naar de groepsruimte is een garderobe op kinderhoogte (voor minimaal 16 kinderen) voor het opgeruimd en overzichtelijk opbergen van jassen en tassen (schoenen/ laarzen). Bij de garderobe is een bankje voor het aankleden. Figuur 9: Open en lichte groepsruimte met diverse speelhoeken en een grondbox
De garderobe wordt in de wandafwerking opgenomen.
Aangrenzend aan de groepsruimten zijn twee slaapruimten met elk vijf stapelbedjes. Tus-
In de groepsruimte voor peuters kan in verschillende opstellingen worden gewerkt. De
sen de twee groepsruimten is een pantry voor het bereiden van maaltijden en is de ver-
ruimte kan flexibel worden ingericht in hoeken en met speelvlakken die uitdagen om te
schoonruimte die direct bereikbaar is vanuit beide groepsruimten. Hierin is een dubbel
spelen, te leren en te ontdekken. In de groepsruimte kunnen lage kasten worden geplaatst
verschoonmeubel en zijn drie peutertoiletjes aanwezig. Vanuit de groepsruimte is direct
voor het opbergen van themakisten, boeken, knutselmateriaal en dergelijke. De ruimte is
toezicht op de verschoonruimte (vierogenprincipe).
voorzien van een natte hoek op kinderhoogte om handen te wassen, kwasten te reinigen en bekers om te spoelen en te vullen. In de ruimte is een pantry op volwassen hoogte met
De ruimten van kinderdag- en peuteropvang zijn dicht bij elkaar gesitueerd, zodat de peda-
ruimte voor het plaatsen van een koelkast, vaatwasser en onder- en bovenkastjes voor
gogisch medewerkers gemakkelijk een beroep op elkaar kunnen doen. Looplijnen zijn kort 13
servies en voorraad. De opvangruimte voldoet aan wettelijke eisen als het gaat om veilig-
Aangrenzend aan en in open verbinding met het leergebied is een beweeghoek (speello-
heid (Besluit kwaliteit kinderopvang). Vanuit de groepsruimte is er een deur naar buiten met
kaal) dat wordt ingezet voor het bewegingsonderwijs aan de jongste kinderen vanaf 2 jaar.
een directe verbinding naar het plein voor peuters.
Vloer, wand en plafondafwerking zijn hierop aangepast. De bewegingsactiviteiten onder andere uit gymnastiek, ritmiek en spelen, zoals klimmen, klauteren, balanceren, rollen, dui-
De verschoonruimte voor peuters heeft een verschoonmeubel met wasbak en is voor-
kelen en schommelen. Vanaf het leerplein is goed (over)zicht op de activiteiten in het speel-
zien van drie peutertoiletten met een wasbak op kinderhoogte zodat kinderen leren zelf hun
lokaal. De beweeghoek is bij voorkeur rechthoekig met minimaal één vrije muur die
handen te wassen. Vanuit de verschoonruimte is direct toezicht op de groepsruimte. De
voldoende ruimte en stevigheid biedt om een wandrek op te hangen en om met ballen te
groepsruimte voor peuters is zo ontworpen dat van een deel van de ruimte (14 m²) bij groei
kaatsen. Aangrenzend aan het speellokaal is een aparte berging voor het opruimen van
van het aantal kindplaatsen kinderopvang een slaapkamer kan worden gebruikt. In het ont-
het sport- en spelmateriaal.
werp dient men rekening te houden met deze mogelijke ontwikkeling. De jongste kinderen van de bso maken na schooltijd gebruik van de groepsruimte van de peuters en het beweeg- speel- en leerplein. Het gebouw biedt de mogelijkheid dat peuters en kleuters elkaar op een natuurlijke manier kunnen ontmoeten. Bij de maatvoering van de groepsruimte voor de peuters is er rekening mee gehouden dat deze ruimte (in de toekomst) desgewenst ingezet kan worden voor dagopvang. De bso-kinderen kunnen dan niet langer gebruik maken van deze ruimten. Beweeg-, speel- en leerplein Het beweeg-, speel- en leerplein biedt ruimte om te bewegen, ontdekken en te leren. Er kan (samen) groter gespeeld, gebouwd en ontdekt worden (bijvoorbeeld met een zand- en of waterbak), er is plek om te lezen in een hoekje of om te knutselen. De groepsruimten van peuters en onderbouw kunnen aan het speel- en leerplein worden geschakeld door
Figuur 11: Beweegruimte aangrenzend aan leergebied
middel van een extra brede (schuif)deur. Op het speel- en leerplein is een algemene bergruimte voor leermiddelen.
Onderbouwruimten In de groepsruimten voor de groepen 1/2 wordt in verschillende opstellingen en hoeken gewerkt (zoals kringgesprek en werken in groepjes). De ruimte kan flexibel worden ingericht in hoeken en met speelvlakken die uitdagen om te spelen, te leren, te ontwikkelen en te ontdekken. In de groepsruimten worden langs de wanden deels afsluitbare en deel open kasten voor het opbergen van boeken, knutselmateriaal en dergelijke geplaatst. De groepsruimten zijn voorzien van een natte hoek op kinderhoogte om handen te wassen, materiaal te reinigen en bekers om te spoelen en te vullen. De groepsruimte kan aan het leerplein
Figuur 10: Overzichtelijk en uitnodigend speel- en leerplein voor peuters en onderbouw
worden geschakeld door middel van een schuif- of draaideur. In iedere groepsruimte is 14
ruimte om een verrijdbaar digibord te plaatsen. Aandachtspunt bij de positionering van het
De groepsruimten voor de groepen 3/4/5 is de thuisbasis van een groep leerlingen. Dit
digibord zijn de kijkhoek naar het scherm en de zichtbaarheid van het scherm voor alle
is een voor hen herkenbare en uitdagende plek waar ze een belangrijk deel van hun activi-
leerlingen. Geluidsoverlast tussen de groepsruimten wordt tot een minimum beperkt. De
teiten uitvoeren. De groepsruimte is zodanig opgezet dat in verschillende opstellingen kan
groepsruimten hebben een directe verbinding met de buitenruimte.
worden gewerkt. De groepsruimte kan flexibel worden ingericht en daagt uit om te ontdekken, te leren en te ontwikkelen. In de groepsruimte worden plafondhoge afsluitbare kasten-
Bij de toegang naar de groepsruimte is een garderobe voor het opgeruimd en overzichtelijk
wanden geplaatst voor het opbergen van materialen en het opbergen en opladen van de
opbergen van jassen, tassen en schoenen/ laarzen. Garderobevoorzieningen worden in de
digitale leermiddelen. Bij de groepsruimten is een sanitair cluster met per groepsruimte
wandafwerking opgenomen, zodat een rommelige uitstraling wordt voorkomen. Bij de
één eigen toilet. Personeel maakt gebruik van het personeelstoilet in de ontmoetingsruimte.
groepsruimten is een sanitair cluster met per groepsruimte één eigen toilet. Er is een apart personeelstoilet.
Figuur 12: Ingebouwde garderobe en praktische kasten in de groepsruimte
In het leergebied onderbouw is een werk- en overlegruimte om rustig met individuele of kleine groepjes leerlingen te kunnen werken (bijv. logopedie). Figuur 13: Gevarieerde inrichting leergebied MB en directe verbinding met leeromgeving buiten
4.5
Leergebied middenbouw
De thuisbasis voor de leerlingen van de groepen 3 t/m 5 ligt in het eigen leergebied voor
De groepsruimte is schakelbaar met het leerplein met een extra brede schuifdeur waardoor
de middenbouw.
de ruimten met elkaar verbonden kunnen worden. De groepsruimten zijn onderling verbonden met een dubbele tussendeur. In iedere groepsruimte is ruimte om een verrijdbaar digi-
Op het leerplein middenbouw kunnen groepjes leerlingen zelfstandig, samen of onder
bord te plaatsen. Aandachtspunt bij de positionering van het digibord zijn de kijkhoek naar
begeleiding ontdekken en leren. Er kan (samen) gespeeld en gewerkt worden en er is plek
het scherm en de zichtbaarheid van het scherm voor alle leerlingen. De groepsruimtes zijn
om te lezen in een hoekje of om te timmeren en te ontdekken, bijvoorbeeld met ruimte voor
voorzien van een natte hoek om handen te wassen en bekers om te spoelen en te vullen.
het kweken van planten en groente. Het leerplein heeft een directe verbinding met de bui-
Naast de wasbak op volwassen hoogte is een aflegvlak/aanrechtblad van 60 cm. Geluids-
tenruimte. Op het leerplein is een algemene bergruimte voor leermiddelen. Vanuit de
overlast tussen ruimten wordt tot een minimum beperkt.
groepsruimten kan op ooghoogte toezicht worden gehouden op het leerplein.
15
Bij de toegang van de groepsruimte is een garderobe welke in de wandafwerking is opge-
is een algemene bergruimte voor leermiddelen. Vanuit de groepsruimten kan op oog-
nomen, teneinde een rommelige uitstraling te voorkomen. Het gaat daarbij niet alleen om
hoogte toezicht worden gehouden op het leerplein.
het ophangen van jassen, maar ook tassen en eventuele laarzen. In verband met de schoonmaak is het gewenst dat de plintruimte vrij blijft. Vanuit gebruik is het wenselijk dat
De groepsruimten voor de groepen 6/7/8 is de thuisbasis van een groep leerlingen. Dit
bovenop de garderobevoorzieningen spullen kunnen worden geplaatst. Er dient rekening
is een voor hen herkenbare en uitdagende plek waar ze een belangrijk deel van hun activi-
te worden gehouden met minimaal 30 dubbele haakjes per groepsruimte. Het meubilair van
teiten uitvoeren. De groepsruimte is schakelbaar met het leerplein met een extra brede
de ruimtes is uniform/ uitwisselbaar.
schuifdeur waardoor de ruimten met elkaar verbonden kunnen worden. De groepsruimten zijn onderling verbonden met een dubbele tussendeur. Bij de toegang van de groepsruimte
In het leergebied middenbouw is een werk- en overlegruimte om rustig met individuele of
is een garderobe welke in de wandafwerking is opgenomen. De groepsruimten en garde-
kleine groepjes leerlingen te kunnen werken (bijv. remedial teaching).
robe voldoen aan dezelfde eisen als de groepsruimten voor de middenbouw. Bij de groepsruimten is een sanitair cluster met per groepsruimte één eigen toilet. Er is een apart
4.6
Leergebied bovenbouw
personeelstoilet. Het meubilair van de ruimtes is uitwisselbaar.
De thuisbasis voor de leerlingen van de groepen 6 t/m 8 is het eigen leergebied voor de bovenbouw. Het leergebied is gesitueerd op de 1e verdieping en is via de tribunetrap te bereiken. Voor efficiënte toegang vanaf het schoolplein is een separate entree bovenbouw via een buitentrap met balkon / dakterras voorzien. De entree komt uit op het leerplein bovenbouw. Het dakterras is voorzien van leerplekken zodat er ook buiten gewerkt kan worden. Figuur 15: Inrichting leergebied bovenbouw met verschillende werkplekken
In het leergebied bovenbouw is een werk- en overlegruimte om rustig met individuele of kleine groepjes leerlingen te kunnen werken.
4.7
Uitdagende en groene buitenruimte
De buitenruimte is voor het IKC een belangrijke pedagogische en didactische voorziening die gedurende de dag veel wordt gebruikt. De ruimte moet uitdagend en natuurlijk worden ingericht en leerlingen uitnodigen tot ontdekken, samen spelen en bewegend leren. Het Figuur 14: Buitentrap naar leergebied bovenbouw met balkon/ dakterras met leerplekken
speelplein is onderverdeeld in overzichtelijke zones met en zonder verharding en met en zonder schaduw. Ontdekkend en bewegend leren wordt gestimuleerd door bijvoorbeeld
Op het leerplein bovenbouw kunnen groepjes leerlingen zelfstandig, samen of onder be-
een schooltuin en een overdekte buitenlesruimte.
geleiding ontdekken en leren. Er kan (samen) gewerkt worden in verschillende werkvormen en er is plek om te onderzoeken, te lezen in een hoekje of om te knutselen. Op het leerplein 16
De entree tot het terrein van het IKC ligt aan de zijde van de Kromomme. Bij de situering
De buitenruimte is onderverdeeld in verschillende overzichtelijke zones met en zonder ver-
wordt rekening gehouden met een goede bereikbaarheid en veilige looproute vanaf de
harding. De buitenruimte bevat educatieve elementen, waaronder bijvoorbeeld een zonne-
parkeerplaats en vanaf de langzaam verkeersroutes. Bereikbaarheid voor hulpdiensten ten
wijzer, dierenverblijf, bloemen-/moestuin (voldoende op de zon). Een fonteintje met
tijde van drukte is een belangrijk aandachtspunt in het ontwerp. De begrenzing van het
drinkwater stimuleert een gezonde leefstijl. Bij gescheiden speeltijden kunnen de verschil-
speelplein is belangrijk in verband met de veiligheid van kinderen. Er wordt een kindvrien-
lende bouwen van het hele plein gebruik maken. Doelgroep-specifieke eisen zijn:
delijke afscheiding geplaatst. Het speelplein staat buiten schooltijden open voor gebruik
Kinderdagverblijf: afsluitbaar speelplein conform de wettelijke eisen.
door de buitenschoolse opvang. Aan de zijde van de Spoorlijn is een toegang vanaf het
Onderbouw: een grote afsluitbare zandbak en voldoende ruimte om te fietsen;
schoolplein richting het park.
Midden- en bovenbouw: speeltoestellen, klimobjecten, bijzondere belijning, speelvlakken en zitelementen dagen leerlingen uit tot (samen) spelen en bewegen.
Het ontwerp van de buitenruimte wordt in samenhang met het gebouwontwerp ontwikkeld en wordt afgestemd op de vormgeving en inrichting van het omliggende openbare gebied.
De buitenruimte is een plek waar het ontdekkend leren van binnen wordt doorgezet naar
De materiaalkeuzen, vormgeving en detaillering van het terrein zijn zodanig dat het vanda-
buiten. Er is de mogelijkheid om te klimmen, hutten te maken, struingroen en water om mee
lismerisico zoveel mogelijk wordt beperkt. Een goede verlichting speelt hierin een belang-
te spelen, te leren en te experimenteren. Er is een aparte buitenberging gedeelte voor tuin-
rijke rol.
gereedschap. De inpandige buitenberging is eenvoudig bereikbaar vanaf het speelplein. De inpandige ruimte voor afvalscheiding wordt gebruikt om afval gescheiden aan te kun-
De kinderen brengen een belangrijk deel van de dag buiten door. Daarom verdient het
nen bieden aan de vuilophaaldiensten.
ontwerp en de inrichting bijzondere aandacht. Uitgangspunten voor de inrichting zijn: Groen, gevarieerd en duurzaam;
De begrenzing van het speelplein is belangrijk in verband met de veiligheid van kinderen.
Natuurlijke materialen en organische vormen;
Er wordt een kindvriendelijke en veilige afscheiding geplaatst. Hinder (visueel maar ook
Uitnodigen tot bewegen, ontdekken en fantasiespellen;
auditief) van het speelplein voor het onderwijs in de groepsruimten moet worden vermeden.
Aansluiten bij de belevingswereld van de verschillende leeftijdsgroepen;
Het plein wordt ook gebruikt door ouders die hun kind op komen halen. Er is voor hen
Schaduwplekken en zonnige plekken;
voldoende ruimte om te wachten tot hun kind met de leerkracht naar buiten komt. De fiet-
Groene buitenruimte gekoppeld aan de groepsruimten (ook op verdieping).
senstalling voor leerlingen op het terrein is afgeschermd van het speelplein. De fietsenstalling van het team is overdekt en afsluitbaar en voorzien van een oplaadpunt voor elektrische fietsen.
Figuur 16: Groene en uitdagende buitenruimte als verlengstuk van ontdekkend leren
17
5.
Ruimteprogramma
Buitenruimte Het beschikbare perceel voor de nieuwbouw van het IKC heeft een oppervlak van 2.853 m².
In het ruimteprogramma is per ruimtesoort aangegeven hoe vaak deze voorkomt en wat de
Binnen dit perceeloppervlak moeten het gebouw als de in onderstaande opgenomen bui-
omvang is in m² functioneel nuttig oppervlak. Het volledige ruimteprogramma is opgenomen
tenruimte behoren bij het IKC gerealiseerd worden:
in bijlage 2. De in het ruimteprogramma opgenomen afmetingen van de ruimten zijn indica-
Speelplein kinderdagverblijf: voor de kinderopvang (0-4 jaar) is een speelplein beschik-
tief. De architect wordt uitgedaagd een flexibel ontwerp te maken met een bij de inhoud van
baar met een minimaal oppervlak van 156 m², met een afgeschermd deel voor kinderen
het onderwijs passende indeling. Het gebouw moet onderwijsontwikkelingen kunnen op-
van 0-2 jaar. Deze buitenruimte voldoet aan de eisen van het kwaliteitskader Kibeo.
vangen. In onderstaande wordt volstaan met het afmeting van de verschillende ruimteclus-
Vanaf het plein is de buitenberging (10 m²) voor de kinderopvang direct bereikbaar.
ters.
Speelplein school: voor de school is een schoolplein beschikbaar met een minimaal oppervlak van 600 m². De berging voor speelmateriaal (12 m²) is geïntegreerd in het
Ruimteprogramma IKC
gebouw en direct vanaf het plein bereikbaar. Op het schoolplein is een buitenberging
Het ruimteprogramma voor het IKC resulteert in een totaal oppervlak van 1.164 m² netto
voor tuingereedschap (8 m²).
vloeroppervlak. In dit oppervlak zijn reeds vierkante meters voorentree, toiletten en gar-
Stallingsruimte: voor de school moet rekening worden gebouw met minimaal 116 stal-
derobe voorzien. Rekenend met een opslagfactor van 30% komt het totale ruimtepro-
lingsplaatsen voor fietsen van de kinderen en een afsluitbare fietsenstalling voor perso-
gramma op 1.513 m² bruto vloeroppervlak. Hiervan is 1.208 m² bvo voor de school en
neel (14 m²). De fietsenstalling bevat twee oplaadpunten voor elektrische fietsen.
306 m² voor de kinderopvang.
Containerruimte: gekoppeld aan de fietsenstalling wordt een containerruimte gerealiseerd.
Tabel 3: Ruimteprogramma IKC Wemeldinge in m² bvo
Totaal m² fno
School
Ontvangst en ontmoeting
152
152
Kinderdagverblijf
161
Leergebied peuters en onderbouw
355
281
Leergebied middenbouw
266
266
Leergebied bovenbouw
237
237
Kibeo 161 74
Facilitaire ruimten
34
34
Netto oppervlak
1.164
929
235
Opslagfactor (30%)
349
279
71
Bruto oppervlak
1.513
1.208
306
18
Bijlage 1
Visie op IKC Wemeldinge
19
Visie op de toekomst van het IKC Wemeldinge.
versie 06-11-2021
1
1. De missie van het IKC Wemeldinge. Het integraal kindcentrum (IKC)Wemeldinge verzorgd kwalitatief hoogwaardige educatie (onderwijs, opvoeding en vorming) voor alle kinderen uit het dorp en de directe omgeving. Vanuit hoge verwachtingen krijgt ieder kind de mogelijkheid zijn/haar talenten te ontplooien, daarbij begeleid door een team van talentvolle professionals. Structureel wordt aandacht besteed aan hart, hoofd en handen, waarbij kinderen individueel en samen met anderen worden voorbereid op hun toekomstige wereld. Alle activiteiten worden georganiseerd in en om een modern, flexibel, transparant gebouw, waarbij het onderwijs en opvang verbonden wordt met zorg, cultuur, sport en creativiteit. 2. Visie op onderwijs en opvang. Het onderwijs in Wemeldinge voldoet aan alle wettelijke vereisten en wordt vormgegeven vanuit de missie van het IKC, de uitgangspunten van het strategisch beleid van Albero en het pedagogisch beleid van Kibeo Met alle kinderen wordt gewerkt vanuit hoge verwachtingen, waarbij de kinderen worden uitgedaagd hun vaardigheden en talenten verder te ontplooien, individueel en in samenwerking met anderen. De personeelsleden werken ontwikkelingsgericht met de kinderen zowel bij de leervakken, creatieve activiteiten, ontwikkeling van de motoriek en sociaal emotionele vorming (Hoofd, Hart en Handen).
Speerpunten in het onderwijs zijn o.a.: ✔ bewegend leren als vast onderdeel van het lesprogramma gedurende de dag. Hiervoor dient de leeromgeving ondersteunend te worden ingericht (zowel binnen als buiten); ✔ onderzoekend leren om de betrokkenheid van kinderen (eigenaarschap) te vergroten. Vanuit een onderzoekende houding kunnen leerlingen hun talenten ten volle benutten; ✔ groepsdoorbrekend werken op die onderdelen / vakgebieden die zich daarvoor lenen; ✔ ontwikkelingsgericht werken op alle gebieden, zowel bij de leervakken, creatieve activiteiten, ontwikkeling van de motoriek en sociaal emotionele vorming (Hoofd, Hart en Handen). ✔ ateliers vorm en inhoud geven, feedback en inbreng vragen van de
kinderen. Gebruik maken van de talenten van ouders, enthousiaste inbreng van ieder teamlid, buiten lessen (bewegend) vormgeven, leren van en met elkaar, daarbij gebruik makend van een weekplanbord en jaarbord. ✔ samenwerkend leren: coöperatieve werkvormen vormen een belangrijk onderdeel van het onderwijsproces.
Binnen het IKC realiseren we een doorgaande leer- en ontwikkellijn van 0 tot 13 jaar, samen met kinderen, ouders en partners. We volgen de kinderen in hun ontwikkeling en stemmen ons aanbod hierop af. Alle ontwikkelingen van de kinderen worden door observatie en toetsing nauwkeurig gevolgd en vastgelegd, onder andere in het leerlingvolgsysteem (IEP, Kijk en Onderbouwd). De meetbare en merkbare resultaten zijn bouwstenen voor het vormgeven van activiteiten op de diverse ontwikkelingsgebieden.
Kindgesprekken worden gevoerd over verwachtingen, behaalde doelen en uitdagingen, metacognitie, feedback geven en stimuleren. Doelen en resultaten worden gepresenteerd in het kader van “Leren zichtbaar maken”. Ook het leren samenwerken verdient de volle aandacht onder meer door het uitstralen van vertrouwen en het geven van initiatief. Binnen het IKC worden “binnen”en “buiten” met elkaar verbonden. Activiteiten in de school worden afgewisseld met buitenlessen, excursies, gastlessen, etc. (Kinderboekenweek, schoolkamp, bosgroep, bewegend leren, wetenschap en technologie, moestuin, enz). Zorg dat het kind in zijn kracht staat, zijn talenten kan ontwikkelen, in relatie met anderen en met de wereld om zich heen, vormt hierbij een belangrijk doel. Het binnen en buiten leren wordt binnen de BSO vormgegeven in ateliers. 3. Visie op sociaal emotionele ontwikkeling. Het opbouwen van relaties, de kwaliteit van de interacties en van het pedagogisch klimaat zijn speerpunten voor het IKC Wemeldinge. Uitgangspunt is dat ieder kind, iedere ouder, ieder personeelslid een veilige plek heeft in de maatschappij / de omgeving. Relaties worden opgebouwd door zien en gezien worden, zowel voor kinderen, ouders als personeelsleden. Vertrouwen geven en krijgen! Echt contact met het kind vinden we van groot belang. Ieder kind mag anders zijn.
Kinderen hebben niet dezelfde behoeften, dus worden verschillend benaderd. Het voeren van kind/oudergesprekken is voor het IKC een belangrijk instrument van interactie, daarom zijn kinderen altijd aanwezig bij gesprekken. Het gaat zowel om de geplande als de niet geplande gesprekken. Ook in deze gespreksvoering is het belangrijk dat personeelsleden leren van en met elkaar. Samenwerking is een belangrijk thema, geen eilandjes maar
wei(wij)landjes. In de pedagogische benadering binnen het onderwijs wordt uitgegaan van de beginselen van Pedagogische Tact, gebruik makend van meerdere methodieken zoals “KiVa”, “Goed van Start” en “Rots en Water”. Fouten maken mag / moet op het IKC wil je ontwikkeling realiseren. In het team en met de ouders zal blijvend een dialoog plaatsvinden over de gedeelde waarden en normen, over de visie op de ontwikkeling van kinderen en over de kernwaarden van het IKC. Deze zijn terug te zien binnen het IKC door concrete afspraken te maken en te visualiseren over gedrag, handelen, regels, afspraken, etc. In dit kader zal een identiteitscommissie van uit onderwijs bestaande uit personeel en ouders continu meedenken en meewerken aan de vormgeving van de identiteit van het onderwijs in Wemeldinge, hierbij gebruik makend van de adviezen en ideeën van de leerlingen. Het educatief partnerschap met ouders neemt een centrale plaats in, in het denken en handelen van alle personeelsleden. Niet alleen formeel ( IKC-raad, , medezeggenschapsraad, identiteitscommissie, etc.) maar ook op pedagogisch, didactisch en maatschappelijk gebied vindt frequent overleg met ouders plaats (samen leren, samen samen leven, samen omgaan).
4. Visie op organisatie en huisvesting. Het IKC zoekt de samenwerking met alle partijen in de directe omgeving. Het integrale kindcentrum creëert de verbinding met, cultuurorganisaties, jeugdzorg, sportverenigingen, etc. om zodoende educatie van een hoog niveau te realiseren. Onder educatie verstaan we: onderwijs, opvoeding en vorming (Gert Biesta). De leer- ontwikkelomgeving (een nieuw gebouw) moet voldoen aan de eisen die gesteld worden aan modern en innovatief onderwijs en opvang. Het gebouw dient voldoende ruimte te hebben, waar flexibel mee kan worden omgegaan. Het is evident dat het gebouw moet voldoen aan de nieuwste eisen op het gebied van ventilatie, klimaatbeheersing en veiligheid. Het gebouw en de omgeving moet een uitdagende leer- en leefomgeving zijn, met mogelijkheden tot het werken met grote en kleine groepen en individuele werkplekken. Vanuit een veilige basis voor kinderen en teamleden, gevormd door het werken met stamgroepen, ontstaat er ruimte om na te denken over andere vormen van differentiatie gedurende de dag. Het doorbreken van de homogene jaargroepen op bepaalde onderdelen zorgt voor nieuwe noodzakelijk ervaringen.
Het verkennen en uitwerken van een passende en voor alle betrokkenen veilige en inspirerende leeromgeving, die gebruik maakt van zowel de binnen- als de buitenomgeving (groen schoolplein + bos / strandje / verzorgingstehuis / winkels en bedrijven, etc.) en hiermee kansen creëert voor levensecht leren, zal door het IKC in samenspraak met alle partners verder vorm gegeven worden. Een mooi voorbeeld hiervan is het werken in ateliers. Hier liggen de mogelijkheden om er samen te zijn voor kinderen met meerdere groepen, van diverse leeftijden. Op deze momenten kunnen teamleden ingezet worden op
basis van talenten en interesses. Opvang hanteert eigen veiligheidsregels. 5. Visie op personeel(sbeleid). De personeelsleden van Het IKC vormen samen een professioneel team. Samen vorm geven aan educatie (onderwijs, opvoeding en vorming) staat hierbij centraal. Collegiale consultatie (bij elkaar in de groep/klas kijken) is een vast onderdeel binnen de organisatie. Teamleden krijgen de kans specialismen te ontwikkelen die het leren van het hele team ondersteunen en een impuls geven. Leren van en met elkaar (samen voorbereiden) verhoogt de professionaliteit van het team. Een leven lang leren is uitgangspunt van alle personeelsleden. We zorgen voor een verbetercultuur waarin we gezamenlijk in stappen de onderwijskwaliteit verhogen. Individuele en teamnascholing wordt vormgegeven vanuit de speerpunten van het schoolplan en het strategisch beleid van Albero/Kibeo. Vanuit de werkwijze van “Leren zichtbaar maken” is het geven van positieve feedback een onderdeel van de professionele kwaliteit.
Bijlage 2
Ruimteprogramma
IKC Wemeldinge
m² fno
Aantal
Totaal m² fno
School
Toelichting
Kibeo
* = medegebruik BSO
Ontvangst en ontmoeting Hoofdentree Ontmoetingsruimte Open keuken, koffiecorner, pantry Atelier Teamkamer Kantoor directie Kantoor IB/RT Spreek- en werkruimte Mindervalidentoilet Werkkast + wasruimte Subtotaal m² fno
12 50 12 42 28 12 8 8 4 4
Kinderdagverblijf Entree KDV Garderode Groepsruimte KDV (0-4 jaar) Slaapruimte Verschoningsruimte Pantry Wasruimte Berging Subtotaal m² fno
6 4 56 10 9 6 4 6
Leergebied peuters en onderbouw Garderobe peuters Peuteropvang 2-4 jaar / BSO Groepsruimte OB groot Groepsruimte OB Leer- en beweegplein peuters en OB Berging speellokaal Garderobe / kapstokken Berging leermiddelen OB Toilet leerlingen Toilet personeel Subtotaal m² fno
4 70 54 42 114 6 2 8 2 3
1 1 1 1 0 1 1 1 1 1
0 1 2 2 1 1 1 1
1 1 1 2 1 1 3 1 3 1
12 50 12 42 0 12 8 8 4 4 152
0 4 112 20 9 6 4 6 161
4 70 54 84 114 6 6 8 6 3 355
12 50 12 42 0 12 8 8 4 4 152
0
0
0 4 112 20 9 6 4 6 161
* * *
4 70 54 84 114 6 6 8 6 3 281
*
tevens entree KDV/OB/MB incl. tribunetrap, ontmoetingstafel o.a. koelkast/vaatwasser/koffiemachine/voorraad verbinding met keuken, inclusief magazijn, ook huiskamer BSO gebruik centrale ontmoetingsruimte 1 werkplek met overlegplek 4 personen 1 werkplek of overlegplek 3 personen 1 werkplek of overlegplek 4 personen, nabij leergebied OB tevens personeelstoilet, inclusief douche incl. uitstortgootsteen en opstelplaats wasmachine + droger
via hoofdentree 16 kindplaatsen, 3,5 m²/kindplaats, incl. pantry 4 stapelbedden + mogelijkheid uitbreiding 5e bed Inclusief volwassentoilet en plaats voor wasmachine/ droger centraal direct grenzend aan groepsruimten KDV eventueel onderdeel verschoonruimte
incl. bergruimte+pantry; max. 20x PO; 20x BSO verbinding met leerplein OB verbinding met leerplein OB medegebruik door BSO? grenzend aan speellokaal 6 m¹ per groepsruimte 1 per groepsruimte
74
20
IKC Wemeldinge
m² fno
Aantal
Leergebied middenbouw Groepsruimte MB groot Groepsruimten MB Leerplein MB Spreek- en werkruimte Garderobe / kapstokken Berging leermiddelen MB Toilet leerlingen Subtotaal m² fno
54 42 60 8 2 8 2
Leergebied bovenbouw Entree BB Groepsruimte BB groot Groepsruimten BB Leerplein BB Spreek- en werkruimte Garderobe / kapstokken Berging leermiddelen BB Toilet leerlingen Toilet personeel Subtotaal m² fno
8 54 42 60 8 2 8 2 3
Facilitaire ruimten Centrale berging Berging kantoorartikelen incl. repro Werkkast Berging buitenspeelmateriaal Subtotaal m² fno
8 12 2 12
1 2 1 1 3 1 3
1 1 2 1 1 3 1 3 1
1 1 1 1
Netto oppervlak (NVO) Opslagfactor: Bruto oppervlak (BVO)
30%
van nvo
Totaal m² fno
School
Toelichting
Kibeo
54 84 60 8 6 8 6 226
54 84 60 8 6 8 6 226
8 54 84 60 8 6 8 6 3 237
8 54 84 60 8 6 8 6 3 237
8 12 2 12 34
8 12 2 12 34
0
1.164
929
235
349
279
71
1.513
1.208
306
verbinding met leerplein MB verbinding met leerplein MB * 1 werkplek of overlegplek 4 personen 6 m¹ per groepsruimte 1 per groepsruimte 0
via buitentrap op 1e verdieping
* 1 werkplek of overlegplek 4 personen 6 m¹ per groepsruimte 1 per groepsruimte 0
alg. opslag (tenminste 1m² per 4 leerlingen verspreid) op verdieping inpandig
ontwerpverlies, constructie, verkeer, techniek
21
Buitenruimte
m² fno
Speelplein Speelplein 0-4 jaar (minimaal) Speelplein 4-12 jaar (minimaal) Subtotaal speelplein
3 600
Stalling en berging Buitenbering KDV Buitenberging Fietsenstalling leerlingen Fietsenstalling personeel Vuilcontainerruimte Parkeerplaatsen Subtotaal stalling en berging
10 8 1,8 1,8 8 25
Totaal m² buitenruimte
Aantal 52 1
1 1 116 8 1 n.v.t.
Totaal m² fno
School
Kibeo
156 600 756
600 600
10 8 209 14 8
8 209 14 8
249
239
10
1.005
839
166
156
Toelichting
52 kindplaatsen; 3 m² per kindplaats ca. 200 leerlingen; 3 m² per leerling+ gebruik BSO