2022-20b. Jaarstukken VRZ 2021
Tekst van het document
€
2021 36.834.655 20% 7.366.931
€ € € € € €
2021 Budget 1.833.803,92 1.833.803,92 7.366.931 5.533.127 -
€
In 2021 heeft VRZ de renterisiconorm niet overschreden. Op 10 december 2013 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de Wet Houdbare Overheidsfinanciën (wet HOF). Met de wet HOF zijn de Europese afspraken van het Stabiliteits- en Groeipact en het reeds bestaande Nederlandse budgettaire beleid vanaf 1 januari 2014 wettelijk verankerd. De Wet Hof bepaalt onder meer dat Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen een gelijkwaardige inspanning leveren bij het op orde brengen van de overheidsfinanciën. Daarmee worden de tekorten van gemeenten of provincies door de Europese Commissie meegeteld bij de berekening van het begrotingstekort, dat volgens de EU-regels niet meer dan 3 procent mag bedragen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is vastgelegd in de Uitvoeringregeling financiering decentrale overheden (Ufdo) en bedraagt voor gemeenschappelijke regelingen 8,2% van het begrotingstotaal. Voor VRZ bedraagt de limiet voor de netto vlottende schuld circa € 3.020.000.
29
Kasgeldlimiet per kwartaal 2021 (x € 1.000) Omvang begroting per 1 januari 2021 Toegestane kasgeldlimiet - in procenten - in bedrag Omvang vlottende korte schuld - opgenomen gelden korter dan 1 jaar - schuld in rekening-courant - gestorte gelden door derden korter dan 1 jaar - overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
1)
2)
1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal 36.835 36.835 36.835 36.835
Vlottende middelen - contante gelden in kas - tegoeden in rekening-courant - overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar
3)
Toets kasgeldlimiet Totaal netto vlottende schuld (2-3) Toegestane kasgeldlimiet (1) Ruimte (+)/overschrijding (-); (1-4)
4)
8,20% 3.020
8,20% 3.020
8,20% 3.020
8,20% 3.020
0 0
0 0
0
0 0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0 0
0 0
0 0
0 0
0
0
0
0
0
0
0
0
0 3.020 3.020
0 3.020 3.020
0 3.020 3.020
0 3.020 3.020
In 2021 heeft VRZ het kasgeldlimiet niet overschreden. Uitzettingen In de wet Ruddo is vastgelegd dat openbare lichamen alleen overtollige middelen, voor een periode langer dan 3 maanden, mogen uitzetten bij financiële ondernemingen die zijn gevestigd in een EU-lidstaat en die ten minste beschikken over een AA-rating, afgegeven door ten minste twee ratingbureaus. Er zijn in 2021 door VRZ geen uitzettingen van gelden geweest bij banken. Het eventuele positieve saldo op de bank wordt dagelijks afgeroomd door het Ministerie van Financiën in het kader van het Schatkistbankieren (zie hieronder). 3.5 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Binnen de private en publieke sector is sprake van toenemende aandacht voor het inzicht in en de beheersing van risico’s. Het spectrum van veiligheidsregio’s vormt hierop geen uitzondering. Risicomanagement is daarom een vast onderdeel van goed bestuur (Good Governance) en een belangrijk middel om de continuïteit van de organisatie te waarborgen. Een aantal oorzaken voor de toenemende aandacht ligt in rampen (zoals o.a. in Moerdijk en Fukushima) die hebben plaatsgevonden. In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 19 december 2013 is de ‘notitie Risicomanagement en weerstandsvermogen’ vastgesteld. Hierin is het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s aangegeven. De notitie is ook in 2021 nog steeds actueel.
In deze notitie worden de termen risico’s, weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen als volgt gedefinieerd: •
Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate VRZ in staat is om omvangrijke tegenvallers op te vangen, zonder dat het beleid aanzienlijk moet worden aangepast. Het gaat daarbij om de verhouding tussen de weerstandscapaciteit, ofwel de beschikbare (financiële) middelen die 30
zonder ingrijpende beleidswijzigingen beschikbaar zijn en de risico’s. •
Risico’s moeten in dit verband worden opgevat als reële, doch niet altijd te kwantificeren, bedreigingen die, ook nadat maximale inspanningen zijn verricht om het optreden ervan te voorkomen, of de gevolgen ervan te verminderen, kunnen leiden tot uitgaven die niet begroot zijn.
Een nuttig instrument om risico’s efficiënter en effectiever te beheersen en tegelijkertijd organisatiedoelstellingen te realiseren is risicomanagement. Het managen van risico’s geeft geen garantie dat gebeurtenissen met een negatief gevolg niet (meer) zullen optreden, maar het geeft de organisatie wel tools om zich bewust te worden en blijven van mogelijke risico’s en middels beheersmaatregelen te anticiperen op het plaatsvinden ervan. Naast de interne behoefte om risico’s in beeld te hebben en te beheersen is er ook vanuit het Rijk wetgeving opgelegd omtrent risico’s. In het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) wordt in artikelen 9 en 26 gesteld dat in ieder geval in de begroting en de jaarrekening een paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt opgenomen. In deze paragraaf worden ten minste opgenomen: • • •
een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; een inventarisatie van de risico's; het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's.
Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit is in artikel 11 BBV omschreven als “de middelen en mogelijkheden waarover een organisatie beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken”. Volgens de notitie weerstandsvermogen en risicomanagement wordt de beschikbare weerstandscapaciteit bepaald aan de hand van: • • •
de algemene reserve; onbestemde deel van de bestemmingsreserves (VZG); de post onvoorzien.
De post onvoorzien bedraagt € 50.000. Het betreft een meerjarig incidentele post bedoeld voor onvoorziene incidentele uitgaven of voor het één jaar dekken van structurele uitgaven. Benodigde weerstandscapaciteit Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen moet de beschikbare weerstandscapaciteit afgezet worden tegen de benodigde weerstandscapaciteit. De risico’s die VRZ loopt zijn bepalend voor de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit. Om de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit te bepalen is het noodzakelijk de risico’s te voorzien van een kwantificering van zowel kans als financiële gevolgen. Door de maximale gevolgen van de individuele risico’s bij elkaar op te tellen ontstaat een te negatief oordeel over het weerstandsvermogen. Immers, het is vrijwel zeker dat niet alle risico’s zich tegelijkertijd voor zullen doen. Daarnaast zal niet ieder risico zich daadwerkelijk in de maximale omvang voordoen. Een aantal risico’s is qua omvang en waarschijnlijkheid niet in te schatten.
31
NrA1: Risico’s H18A 1:H18
Kans op optrede n in 2021 in % 50% 50%
76000 191.116
2 In de begroting is uitgegaan van loonstijging van 2,5 % cfm de vzg norm 2021. De werkelijke loonstijging, als gevolg van de caoonderhandelingen, kan hiervan afwijken. Bv. 3,5% over € 22.600.000. Het verschil nacalculatorisch is dan 1%:
50%
226.000
113.000
Ja
0
In 2021 blijven de loonafspraken van de CAO 2021-2022 binnen de VZGnorm. Het structurele effect van de CAO 20212022 (3,9%) stijgt 0,8% boven de VZG-norm voor 2021 en 2022 (3,1%) uit en zorgt voor een structureel nadeel vanaf 2022. Dit effect is berekend op € 273.000.
3 Werkgevers in de sector Overheid en Onderwijs zijn verplicht eigenrisicodrager voor de Werkloosheidswet (WW). Als 4 Risico dat de bijdrage voor het project Externe Veiligheid (BEVI) na 2020 niet meer wordt ontvangen
50%
100.000
50.000
Ja
14.942
Het betreft 2 voormalige medewerkers.
50%
98.600
49.300
Ja
98.600
Vanaf 2023 zal de bijdrage via de gemeentelijke bijdragen worden verrekend.
5 Risico dat de bijdrage van North Seaports (Maritieme Veiligheid) na 2020 niet meer wordt ontvangen
50%
175.000
87.500
Nee
0
6 Risico dat de bijdrage van NV Westerscheldetunnel (tunneltraining) na 2020 niet meer wordt ontvangen 7 Claims agv implementatie nieuwe wetgeving zoals de AVG. De bewaker hiervan is de autoriteit persoonsgegevens en deze heeft de mogelijkheid om grote boetes op te leggen (tot ca 4% jaaromzet)
5%
75.000
3.750
Nee
0
50%
100.000
50.000
Nee
0
8 Risico dat de feitelijke kosten van de exploitatie van de gezamenlijke meldkamer Zeeland-Brabant op basis van nacalculatie tijdelijk nog hoger zijn dan begroot
50%
50.000
25.000
Ja
29.952
9 Risico op hogere kosten vrijwilligers indien meerdere grote incidenten in een jaar voorkomen
25%
175.000
44.000
Nee
0
10 Uitval in die gevallen waarin slechts één persoon bepaalde werkzaamheden verricht (inhuur tbv vervanging van één persoon) 11 Uitval ICT servers of diensten door derden 12 Claim volgens het niet (goed/volledig) uitvoeren van de Wet Poortwachter 13 Stijging brandstofprijzen met als risico extra financieel nadeel. Impact is gekwantificeerd op basis van een prijsstijging van ca 15%
50%
150.000
75.000
Ja
218.499
40%
75.000
30.000
Nee
0
10%
75.000
7.500
Nee
0
10%
40.000
4.000
Ja
0
1 Later of niet realiseren van de restant taakstelling 2020 en 2021 (zie pva taakstelling) ad € 76.000 en € 191.116.
Impact 2021
Benodigde Risico Financiele Toelichting weerstands- opgetrede impact in capaciteit n j/n 2021 2021 38.000 Ja 348.524 De taakstelling is in 2021 95.600 voor € 348.524 ten laste van het resultaat 2021 gebracht. Vanaf 2022 is de taakstelling voor een bedrag van € 134.000 structureel gerealiseerd.
In de 1e begrotingswijziging 2021 is het budget incidenteel met € 52.750 verhoogd. In de realisatie bedroeg de kostenstijging in 2021 uiteindelijk € 29.952
De brandstofprijzen zijn in 2021 fors gestegen, maar door Corona zijn er ook minder vervoerbewegingen dan normaal. De raming is in 2021 van € 336.000 bijgesteld naar € 255.000. De realisatie bedraagt uiteindelijk € 265.068.
32
14 IFV, risico op hogere kosten voor vrz 15 Rentestijging tbv financieringsbehoefte in 2022 voor investeringen waarvoor nog geen lening is afgesloten. In 2021 is er geen financieringsbehoefte 16 Risico op juridische procedures, onder andere bij aanbestedingstrajecten en arbeidsgeschillen
25% Nvt in 2021
40.000
10.000
Nvt in 2021 Nvt in 2021
Nee
0
Nee
0
10%
200.000
20.000
Ja
36.313
17 Zoals in de tussenevaluatie Maatwerk is vermeld vormt het vergroten van de beschikbaarheid van vrijwilligers een aandachtspunt de komende jaren. Het risico op uitstroom van brandweervrijwilligers (verloop), meer dan verwacht/gemiddeld, zou als gevolg extra kosten voor wervingscampagnes en opleidingen kunnen hebben, om de posten op sterkte te houden. Impact is gebaseerd op een extra externe opleiding Manschap A voor 12 cursisten
50%
150.000
75.000
Ja
138.134
18 Naar verwachting wordt in de loop van 2020 duidelijk wanneer de wet Normalisering rechtspositie ambtenaren van kracht wordt voor brandweerpersoneel. Deze wet zorgt ervoor dat ambtenaren zoveel mogelijk dezelfde arbeidsrechtelijke positie krijgen als werknemers in het bedrijfsleven en op grond van een arbeids-overeenkomst werkzaam zijn. De loonkosten kunnen hierdoor stijgen en de WnRA kan leiden tot (gedeeltelijke of volledig) einde van vrijwillige brandweer. Om die reden vindt op landelijk niveau overleg plaats over de gevolgen en implementatie van deze wet. Impact wordt geschat op ca. 30 % van totaalbedrag vrijwilligersvergoedingen (grove schatting). Naar schatting is minimaal 1 a 2 jaren gemoeid met implementatie. Voorzichtigheidshalve rekening gehouden met een impact voor 2021. De jaren erna kan ditzelfde
50%
1.479.990
740.000
Nee
0
Er zijn juristen ingeschakeld op het domein inkoop/aanbesteding totaal € 6.002. Voor arbeidsgeschillen en bezwarenprocedures is voor € 30.311 gebruik gemaakt van de expertise van juristen. Er is een stijging merkbaar in de aanvragen voor individuele opleidingsplaatsen voor een dagopleiding bij externe aanbieders. Hiervan wordt gebruik gemaakt om deelnemers versneld op te leiden voor de posten waar een tekort is of dreigt te ontstaan. De toename in de vraag naar deze externe dagopleidingen zal naar verwachting doorzetten waarvoor extra financiële middelen nodig zijn, die nog niet structureel zijn begroot. Naast de geplande leergangen zijn er in 2021 (individuele) opleidingen voor manschappen en bevelvoerders ingekocht die niet zijn begroot. In het aangeboden rapport ‘De juridische kaders voor maximaal behoud van brandweervrijwilligheid in Nederland’ concluderen de juristen Boogaard, Cuyvers en Verburg dat het Nederlandse stelsel van vrijwillige brandweer grotendeels kan worden gehandhaafd. En dat het goed verdedigbaar is dat taakdifferentiatie niet vereist wordt door Europees recht. Dit geldt onder de voorwaarden dat de rechtspositie van brandweervrijwilligers expliciet gebaseerd wordt op het concept van vrijwilligheid en het contrast tussen vrijwillige brandweer en beroeps wordt verscherpt.
33
19 Landelijk gezien bestaat het volgende risico bij alle veiligheidsregio’s: in 2019 is gebleken dat een aantal jaren geleden blusmiddelen zijn aangeschaft waarvan vast is komen te staan dat de materialen niet aan alle wettelijke eisen voldoen. Landelijk wordt gewerkt aan alternatieven. VRZ heeft inmiddels maatregelen getroffen om passende middelen in te zetten bij de diverse brandsoorten. Het risico bestaat onder meer dat de blusmiddelen moeten worden vervangen (kostenpost van ca. € 200.000) 20 Risico op een lagere rijksbijdrage (BDUR), bijv. als gevolg van ontwikkelingen in de verdeelmaatstaven in Nederland in relatie tot Zeeland 21 Overschrijding van de belastingvrije ruimte WKR met als risico loonheffing verschuldigd te zijn over het bedrag van de overschrijding
10%
200.000
20.000
Ja
0
50%
50.000
25.000
Nee
0
25%
60.000
15.000
Ja
36.066
22 De aanleg en onderhoud van primaire bluswatervoorzieningen is de verantwoordelijkheid van gemeenten. Bij niet voldoende aanwezigheid van primaire bluswatervoorzieningen loopt VRZ operationeel risico en daardoor imagoschade en/ of claims van derden 23 In 2020 zal een aanbesteding plaatsvinden van de wagenparkverzekeringen met mogelijk gevolgen voor de verzekeringskosten. Op basis van signalen uit de markt is er rekening gehouden met een kostenstijging. Door het mogelijk toetreden tot de verzekeringsmarkt van enkele andere partijen, is het nog niet duidelijk hoe de premies zich gaan ontwikkelen. Besluitvorming over verzekeren op WA of Allriskbasis zal plaatsvinden in 2020 op basis van evaluatie van het “tussenjaar” 2020
PM
PM
PM
Nee
0
PM
PM
PM
Totaal
1.577.650
Er is voor een bedrag van € 13.959 PFAS-vrij blusschuim aangeschaft. Dekking heeft plaats gevonden uit de reserve uitgestelde activiteiten.
In 2021 is de vrije ruimte met € 45.082 overschreden. Dit heeft geresulteerd in een eindheffing van € 36.066.
921.030
34
In het positieve resultaat 2021 is een nadeel van € 921.030 opgevangen dat samenhangt met de in de begroting 2021 genoemde risico’s. Tegenover deze nadelen staan voordelen op andere gebieden. Een onttrekking aan de algemene reserve is daarom voor dekking in 2021 niet nodig. Beoordeling weerstandsvermogen De algemene reserve van VRZ heeft begin 2021 een saldo van € 1.841.733. De jaarrekening 2021 laat een positief resultaat zien van € 755.012. In de Notitie risicomanagement en weerstandsvermogen is een maximum bepaald aan het aan te houden weerstandsvermogen. In de gemeenschappelijke regeling 2017 VRZ (art.25) is opgenomen “Veiligheidsregio Zeeland vormt een reserve ten laste van de gemeentelijke bijdragen aan de uitvoeringskosten tot maximaal 5% van de jaaromzet, inclusief de bijdrage van de deelnemers.” Dat betekent voor 2021 een maximale reserve van 5 % van € 37.342.101 = € 1.867.105. Het bestuur zal worden voorgesteld de algemene reserve aan te vullen tot het maximum.
De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt daarmee begin 2022 naar verwachting: • Algemene reserve € 1.841.733 • Resultaat 2021 € 25.372 • Post onvoorzien € 50.000 • Totaal € 1.917.105 Op basis van de financieel berekende risico’s in de begroting 2022 is de ratio weerstandsvermogen: Beschikbare weerstandscapaciteit = € 1.917.105 = 0,83 (was 1,27 bij begroting 2021) Benodigde weerstandscapaciteit = € 2.298.500 In de concept programmabegroting 2023-2026 wordt mede als gevolg van verwachte gedeeltelijke afstel van de Wet Normering Rechtspositie Ambtenaren een lagere benodigde weerstandscapaciteit van € 1.133.500 berekend. De ratio weerstandsvermogen wordt dan per 1 januari 2023: Beschikbare weerstandscapaciteit € 1.335.730 = 1,18 Benodigde weerstandscapaciteit € 1.133.500 Bij de omvang van de algemene reserve worden de volgende kanttekeningen gemaakt, op basis waarvan een afbouw van de weerstandscapaciteit op dit moment niet wordt geadviseerd: • • •
In de begroting 2022 is een onttrekking aan de algemene reserve geraamd van € 311.003 ter dekking van het structurele begrotingstekort. In de periode 2022, 2023 en 2024 € 475.000 onttrokken aan de algemene reserve voor het programmamanagement Brandweer 2030. In 2023 wordt € 92.500 onttrokken aan de algemene reserve voor de frictiekosten bij de oprichting van de nieuwe brandweerkazernes Heinkenszand en Goes-West.
35
Kengetallen Jaarrekening 2021 Kengetallen: Netto schuldquote (NSQ) NSQ gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit
Netto schuldquote Gecorrigeerde NSQ (bedragen x € 1.-) A Vaste schulden (cf art 46 BBV) B Netto vlottende schuld (cf art 48 BBV) C Overlopende Passiva (cf art 49 BBV) Financiele vaste activa Verstrekte leningen D Financiele activa (cf art 36 lid b,c,d,e, en f) E Uitzettingen <1jaar (cf art 39 BBV) F Liquide middelen (cf art 40 BBV) G Overlopende Activa (cf art 40a BBV) Totale Baten (exclusief mutaties res) (cf art 17 H lid C)
Verloop van de kengetallen 2020 2021 2021 Jaarrekening Begroting Jaarrekening 56,07% 73,23% 55,04% 56,07% 73,23% 55,04% 12,12% 7,69% 11,66% 6,16% 0,00% 4,83% Nvt Nvt Nvt Nvt Nvt Nvt
2020 Jaarrekening 27.453.626 5.554.923 1.117.367 0 0 0 13.374.023 27.861 253.643 36.505.992
2021 Begroting 27.409.335 5.082.738 1.328.025 0 0 0 7.061.989 43.694 204.274 36.202.752
2021 Jaarrekening 25.607.922 6.826.686 1.097.756 0 0 0 12.704.523 21.247 475.687 36.936.302
56,07%
73,23%
55,04%
De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van VRZ ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen is voor VRZ gelijk aan de netto schuldquote (zie bovenstaande tabel). Solvabiliteitsratio Solvabiliteitsratio (bedragen x € 1.-) A Eigen vermogen (cf art 42 BBV) B Balanstotaal
2020 Jaarrekening 4.708.553 38.834.469 12,12%
2021 Begroting 2.815.782 36.635.880 7,69%
2021 Jaarrekening 4.426.573 37.958.937 11,66%
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin VRZ in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van VRZ bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. 36
Structurele exploitatieruimte Vaststelling kengetal structurele exploitatieruimte in %. Berekening: ((BA)+(D-C))/(E) x 100% Voor het jaarverslag: A Structurele lasten = € 34.245.792 B Structurele baten = € 36.035.649 C Het totaal van de structurele toevoegingen aan de reserves voor het overzicht = € 0 D Het totaal van de structurele onttrekkingen aan de reserves voor het overzicht = € 0 E Het gerealiseerde totaal saldo van de baten = € 37.060.827 4,83%
De structurele exploitatieruimte geeft aan of de structurele lasten gedekt worden door structurele baten en de exploitatie hiermee in evenwicht is. Dit wordt beoordeeld door de structurele lasten, inclusief de structurele toevoegingen aan reserves, af te zetten tegen de structurele baten, inclusief de structurele onttrekkingen aan reserves. De realisatie in 2021 was afwijkend in termen van incidentele uitgaven. Dit werd met name veroorzaakt door de kosten voor Corona, die als incidenteel zijn geclassificeerd, terwijl de reguliere baten als structureel blijven geclassificeerd. Daarnaast is er sprake van tijdelijke inhuur, waarbij de niet ingevulde salarislasten als structureel zijn geboekt. Kortom, in termen van kosten had 2021 een groter incidenteel karakter dan normaal, waar de werkelijke structurele exploitatieruimte positiever uitvalt. Deze structurele exploitatieruimte welke door incidentele gebeurtenissen is ontstaan, laat geen positieve structurele effecten zien voor de komende jaren! 3.6
Verbonden partijen
Verbonden partijen zijn in het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten gedefinieerd als privaat- of publiekrechtelijke organen waarin de provincie of gemeente (c.q. Gemeenschappelijke regeling) een bestuurlijk en financieel belang heeft. Op grond van deze definitie kan worden gesteld dat VRZ geen verbonden partijen kent.
37
Jaarrekening 4.
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
Overzicht per economische categorie Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021 Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 437 Inkomensoverdrachten - Europese Unie 438 Inkomensoverdrachten - overige instellingen en personen Mutaties Reserves Lasten 710 Mutaties reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal
631.903
454.524
Rekening 2021
Saldo
V/N
-487.513 -942.037 V
22.563.245 21.847.895 21.451.878 -396.017 V 146.700 148.200 147.326 -874 V 171.000 777.200 979.302 202.102 N 9.158.934 9.372.365 8.788.864 -583.012 V 684.000 736.750 638.407 -98.343 V 406.600 421.500 813.152 391.652 N 326.800 321.800 327.142 5.342 N 3.377.376 3.562.391 3.363.376 -199.015 V -15.600 -151.600 -252.410 -100.810 V -242.900 -705.750 -433.972 271.778 N -6.530.000 -6.635.575 -7.039.366 -403.791 V -29.065.652 -29.065.652 -29.065.650 2 N -98.600 0 0 0 -250.000 -175.000 -178.331 -3.331 V 0 0 -27.232 -27.232 V 0 0 0 0 V -631.903 -937.015 -267.498 669.517 N 0
154.000
-631.903 0
-1.091.015 -482.491
154.000
0
-421.498 669.517 N -755.012 -272.521 V
Overzicht per programma en economische categorie Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021 1 Programma Bevolkingszorg Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Baten 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten 2 Programma Meldkamer Zeeland-Brabant Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 3 Programma Risicobeheersing Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten
Rekening 2021
Saldo
V/N
284.100 449.100 280.200 31.000 101.900 36.000 -165.000 -165.000
274.850 439.850 270.950 31.000 101.900 36.000 -165.000 -165.000
263.639 428.637 267.752 24.641 99.822 36.422 -164.998 -164.998
-11.211 V -11.213 V -3.198 V -6.359 V -2.078 V 422 N 2 N 2 N
748.200 748.200 64.200 0 684.000
736.750 736.750 0 0 736.750
637.876 637.876 0 -531 638.407
-98.874 V -98.874 V 0 -531 V -98.343 V
2.992.855 3.116.455 2.782.350 0 192.800
3.074.583 3.079.583 2.737.450 0 194.074
2.984.097 3.027.649 2.716.773 -3.263 171.542
-90.486 V -51.934 V -20.677 V -3.263 V -22.532 V
38
436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 4 Programma Brandweer Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 5 Programma Crisisbeheersing Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 437 Inkomensoverdrachten - Europese Unie 6 Overhead en kostentoerekening Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 7 Algemene dekkingsmiddelen Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 380 Overige goederen en diensten Baten 431
Inkomensoverdrachten - Rijk 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten 8 Onvoorzien Saldo van baten en lasten Lasten
Primitieve Begroting Rekening begroting na wijziging 2021 2021 2021 133.100 133.100 128.051 800 800 1.066 7.405 14.159 13.480 -123.600 -5.000 -43.552 0 0 -9.183 -5.000 -5.000 -34.369 -20.000 0 0 -98.600 0 0
Saldo
20.194.486 19.310.743 19.120.780 20.499.286 20.010.493 19.523.422 11.249.400 10.726.700 10.692.490 139.500 139.500 137.326 0 70.000 36.199 5.682.600 5.467.846 5.245.682 65.400 66.200 66.115 287.900 287.900 292.460 3.074.486 3.252.347 3.053.150 -304.800 -699.750 -402.642 0 0 -4.954 -229.800 -699.750 -397.688 -75.000 0 0
-189.963 V -487.071 V -34.210 V -2.174 V -33.801 V -222.164 V -85 V 4.560 N -199.197 V 297.108 N -4.954 V 302.062 N 0
3.756.603 3.955.303 2.670.320 30.000 1.092.600 144.300 800 17.283 -198.700 -15.600 -8.100 -175.000 0
3.783.048 3.973.648 2.663.720 30.000 1.117.545 144.300 800 17.283 -190.600 -15.600 0 -175.000 0
3.276.168 3.581.614 2.640.531 59.023 738.148 124.197 809 18.906 -305.445 -99.882 0 -178.331 -27.232
-506.880 V -392.034 V -23.189 V 29.023 N -379.397 V -20.104 V 9 N 1.623 N -114.845 V -84.282 V 0 -3.331 V -27.232 V
8.294.427 8.294.427 5.601.775 7.200 110.000 2.232.150 27.800 37.300 278.202 0 0 0
8.380.477 8.517.477 5.428.975 8.700 370.700 2.356.300 41.900 32.300 278.602 -137.000 -136.000 -1.000
8.049.699 8.190.005 5.088.360 10.000 443.516 2.308.644 28.839 32.807 277.839 -140.306 -138.391 -1.915
-330.778 V -327.472 V -340.615 V 1.300 N 72.816 N -47.656 V -13.061 V 507 N -763 V -3.306 V -2.391 V -915 V
-35.688.768 -35.596.227 -35.564.873 -278.116 -60.000 -54.383 -85.000 -60.000 -54.383 -193.116 0 0 -35.987.355 -35.536.227 -35.510.490 -6.510.000 -6.635.575 -6.609.838 -28.900.652 -28.900.652 -28.900.652
31.354 N 5.617 N 5.617 N 0 25.737 N 25.737 N 0
50.000 50.000
490.300 490.300
745.100 1.174.628
V/N
-5.049 V 266 N -679 V -38.552 V -9.183 V -29.369 V 0 0
254.799 N 684.328 N
39
110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Baten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk Mutaties Reserves 2 Programma Meldkamer Zeeland-Brabant Baten 710 Mutaties reserves 3 Programma Risicobeheersing Baten 710 Mutaties reserves 4 Programma Brandweer Lasten 710 Mutaties reserves Baten 710 Mutaties reserves 5 Programma Crisisbeheersing Baten 710 Mutaties reserves 6 Overhead en kostentoerekening Baten 710 Mutaties reserves 7 Algemene dekkingsmiddelen Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal
Primitieve Begroting Rekening begroting na wijziging 2021 2021 2021 0 80.100 100.356 0 275.500 419.187 50.000 134.700 225.557 0 0 429.528 0 0 -429.528 0 0 -429.528 -631.903 -937.015 -267.498 -46.000 -98.750 -17.268
Saldo
V/N
20.256 N 143.687 N 90.857 N 429.528 N -429.528 V -429.528 V 669.517 N 81.482 N
-46.000 0
-98.750 -23.974
-17.268 0
81.482 N 23.974 N
0 -9.200
-23.974 -382.946
0 73.689
23.974 N 456.635 N
0
154.000
154.000
-9.200 0
-536.946 -189.045
-80.311 -81.618
456.635 N 107.427 N
0 0
-189.045 0
-81.618 0
107.427 N 0
0 -576.703
0 -242.300
0 -242.300
-576.703 0
-242.300 -482.491
-242.300 -755.012
0
0 0 0 -272.521 V
Resultaat op hoofdlijnen Het resultaat voor mutatie op de Algemene Reserves over 2021 is € 755.012 voordelig. In de 2de bestuursrapportage werd nog een voordelig resultaat voor mutaties aan de reserves van € 482.491 verwacht. De actuele begroting 2021 betreft de begroting na de 3de begrotingswijziging 2021. De afwijkingen in 2021 ten opzichte van de begroting 2021 per programma zijn als volgt: Saldo van baten en lasten
1 Programma Bevolkingszorg 2 Programma Meldkamer Zeeland-Brabant 3 Programma Risicobeheersing 4 Programma Brandweer 5 Programma Crisisbeheersing 6 Overhead en kostentoerekening 7 Algemene dekkingsmiddelen 8 Onvoorzien Mutaties Reserves Eindtotaal
Primitieve Begroting Rekening begroting na wijziging 2021 2021 2021 284.100 274.850 263.639 748.200 736.750 637.876 2.992.855 3.074.583 2.984.097 20.194.486 19.310.743 19.120.780 3.756.603 3.783.048 3.276.168 8.294.427 8.380.477 8.049.699 -35.688.768 -35.596.227 -35.564.873 50.000 490.300 745.100 -631.903 -937.015 -267.498 0 -482.491 -755.012
Saldo
V/N
-11.211 V -98.874 V -90.486 V -189.963 V -506.880 V -330.778 V 31.354 N 254.799 N 669.517 N -272.521 V
Post Onvoorzien In de 2e en 3e begrotingswijziging 2021 is de post onvoorzien opgehoogd tot € 490.300 ter dekking van de te verwachte extra kosten in verband met Covid-19. Voor een specificatie en nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 5.11 Onvoorzien.
40
5.
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en toelichting per programma
5.1
Programma Bevolkingszorg Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021
1 Programma Bevolkingszorg Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Baten 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten Mutaties Reserves Eindtotaal
284.100 449.100 280.200 31.000 101.900 36.000 -165.000 -165.000 0 284.100
274.850 439.850 270.950 31.000 101.900 36.000 -165.000 -165.000 0 274.850
Rekening 2021
263.639 428.637 267.752 24.641 99.822 36.422 -164.998 -164.998 0 263.639
Saldo
V/N
-11.211 V -11.213 V -3.198 V -6.359 V -2.078 V 422 N 2 N 2 N 0 -11.211 V
Toelichting Het resultaat op het programma Bevolkingszorg is € 11.211 voordelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Gezien de afwijkingen en de genoemde toelichtingsgrens is er geen toelichting op het programma Bevolkingszorg noodzakelijk.
41
5.2
Programma Meldkamer Zeeland-Brabant Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021
2 Programma Meldkamer Zeeland-Brabant Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen Mutaties Reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal
Rekening 2021
Saldo
V/N
748.200 748.200 64.200 0 684.000 -46.000
736.750 736.750 0 0 736.750 -98.750
637.876 637.876 0 -531 638.407 -17.268
-98.874 V -98.874 V 0 -531 V -98.343 V 81.482 N
-46.000 702.200
-98.750 638.000
-17.268 620.608
81.482 N -17.392 V
Toelichting De Veiligheidsregio’s Zeeland en Midden- en West-Brabant maken vanaf 9 juni 2020 gezamenlijk gebruik van één bovenregionale meldkamer te Bergen op Zoom. De term Operationeel Centrum Veiligheidsregio/Brandweer (OC VR/Brw) wordt voor deze meldkamer gebruikt. De besturen van VRMWB en VRZ hebben een convenant afgesloten voor het beheer5. VRMWB voert de administratie van de OC VR/Brw. Ook het personeel is in dienst van VRMWB. De verdeling van de kosten van de brandweermeldkamer - inclusief CaCo-functie - vindt plaats op basis van inwoneraantallen van beide Veiligheidsregio’s (74% VRMWB - 26% VRZ). Het resultaat op het programma Meldkamer Zeeland-Brabant is € 17.392 voordelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen (incidenteel)
€ 98.343 V
Afrekening 2021 (incidenteel) € 98.343 V Het resultaat is € 98.343 voordelig als gevolg van de afrekening OCB VR/brw over 2021. De begrote kosten waren € 736.750. De werkelijke kosten bedragen € 638.407. Vooral de lagere bezetting bij de CaCo’s zorgt voor een voordeel op de exploitatiekosten. 710 Mutaties reserves (incidenteel)
€ 81.482 N
Lagere onttrekking aan de reserve meldkamer € 81.482 N In de gewijzigde begroting 2021 was rekening gehouden met incidentele meerkosten van € 52.750 bovenop de structurele kostenraming van € 684.000. De realisatie 2021 is lager dan het structureel begrote bedrag van € 684.000. De onttrekking aan de reserve Meldkamer is daarom verlaagd van € 98.750 naar € 17.268. Deze onttrekking van € 17.268 heeft betrekking op de dekking van de incidentele kosten voor woon- werkverkeer, die geleidelijk worden afgebouwd richting 2027.
5
Zie Convenant uitvoering meldkamerfunctie Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en Veiligheidsregio Zeeland
42
5.3
Programma Risicobeheersing Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021
3 Programma Risicobeheersing Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen Mutaties Reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal
Rekening 2021
Saldo
V/N
2.992.855 3.116.455 2.782.350 0 192.800 133.100 800 7.405 -123.600 0 -5.000 -20.000 -98.600 0
3.074.583 3.079.583 2.737.450 0 194.074 133.100 800 14.159 -5.000 0 -5.000 0 0 -23.974
2.984.097 3.027.649 2.716.773 -3.263 171.542 128.051 1.066 13.480 -43.552 -9.183 -34.369 0 0 0
-90.486 V -51.934 V -20.677 V -3.263 V -22.532 V -5.049 V 266 N -679 V -38.552 V -9.183 V -29.369 V 0 0 23.974 N
0 2.992.855
-23.974 3.050.609
0 2.984.097
23.974 N -66.512 V
Toelichting Het resultaat op het programma Risicobeheersing is € 66.512 voordelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Baten 380 Overige goederen en diensten (baten)
€ 29.369 V
Project brandveiligheid jachthavens en campings (incidenteel) € 17.746 V Dit betreft een bate inzake project brandveiligheid jachthavens en campings. De kosten zijn opgenomen in de jaarrekening 2020. Tegenover de kosten staat een subsidie die gelijk is aan de werkelijke kosten. Vanwege het tijdstip van factureren was het niet mogelijk de subsidieontvangst ook op te nemen in de jaarrekening 2020. Project Grote Zeesluis Terneuzen (incidenteel) € 11.513 V In het verleden is een subsidie ontvangen inzake project ‘Grote Zeesluis Terneuzen’. Dit project is afgerond en het restant van de subsidie valt vrij in 2021.
43
5.4
Programma Brandweer Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021
4 Programma Brandweer Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Mutaties Reserves Lasten 710 Mutaties reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal
Rekening 2021
20.194.486 19.310.743 19.120.780 20.499.286 20.010.493 19.523.422 11.249.400 10.726.700 10.692.490 139.500 139.500 137.326 0 70.000 36.199 5.682.600 5.467.846 5.252.071 65.400 66.200 66.115 287.900 287.900 292.460 3.074.486 3.252.347 3.053.150 -304.800 -699.750 -402.642 0 0 -4.954 -229.800 -699.750 -397.688 -75.000 0 0 -9.200 -382.946 73.689 0
154.000
Saldo
-189.963 V -487.071 V -34.210 V -2.174 V -33.801 V -215.775 V -85 V 4.560 N -199.197 V 297.108 N -4.954 V 302.062 N 0 456.635 N
154.000
-9.200 -536.946 -80.311 20.185.286 18.927.797 19.194.468
V/N
0 456.635 N -266.671 V
Toelichting Het resultaat op het programma Brandweer is € 266.671 voordelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Lasten 110 Salarissen en sociale lasten (lasten)
€ 34.210 V
Loonkosten (brandweer)vrijwilligers via AG5 (incidenteel) € 34.210 V Het voordeel op de loonkosten wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door lagere loonkosten voor de (brandweer)vrijwilligers. In de begroting 2021 was op het programma Brandweer hiervoor een bedrag van € 4.720.400 geraamd. In de 1e Burap 2021 zijn de verwachte kosten voor de vrijwilligers in 2021 incidenteel met een bedrag van € 366.000 naar beneden bijgesteld. In de 2e Burap 2021 is aanvullend nog eens een incidenteel voordeel van € 21.000 ingeboekt. De realisatie is nog eens € 34.210 lager. Als gevolg van de Corona-crisis heeft het oefenprogramma van de brandweer niet volledig kunnen draaien, maar wel beter dan in 2020. Op het terrein van repressieve opleidingen is, na een moeilijk jaar in 2020, in 2021 een inhaalslag gemaakt. De inzetkosten vertonen een stabiel beeld in de periode 2018 t/m 2021.
44
Declaraties brandweervrijwilligers in relatie tot Covid19 1.900.000 1.700.000 1.500.000 1.300.000 1.100.000
900.000 700.000 500.000 2018
2019 Inzetkosten
2020
Opleidingskosten
351 Ingeleend personeel (lasten)
2021 Oefenkosten
€ 33.801 V
Brandweer 2030 (incidenteel) € 25.000 V In de begroting 2021 was rekening gehouden met een budget van € 100.000. In de 2e burap 2021 is dit bijgesteld naar € 25.000. De uitvoering is in 2021 nog niet gestart, waardoor een incidenteel voordeel ontstaat van € 25.000. Aanbesteding ademluchtapparatuuur (incidenteel) € 14.560 V Uit de bestemmingsreserve uitgestelde activiteiten is de inhuur (VRMWB) voor de aanbesteding ademluchtapparatuur gedekt (€ 30.000). De werkelijke kosten zijn € 14.560 lager dan begroot. Dit deel van de reserve valt vrij in 2021. 380 Overige goederen en diensten (lasten)
€ 215.775 V
Realisatie projecten ten laste van de reserves (incidenteel, neutraal) Zie mutatie reserves voor een toelichting.
€ 456.635 V
Onderhoud (brandweer)materieel en – materiaal (incidenteel) € 221.194 N Er is in 2021 (net als in 2018, 2019 en 2020) meer onderhoud uitgevoerd dan begroot. Dit hangt samen met de ouderdom van de activa. Dit nadeel wordt als incidenteel beschouwd, omdat het investeringsplan voorziet in de vervanging van veel activa. In 2022 en 2023 worden lagere afschrijvingslasten verwacht dan begroot. Het verschil wordt incidenteel ingezet om het onderhoudsbudget voor brandweermaterieel en materiaal tijdelijk te verhogen. Dagopleidingen bevelvoerders / manschappen (structureel) € 138.000 N Er is een stijging merkbaar in de aanvragen voor individuele opleidingsplaatsen voor een dagopleiding bij externe aanbieders. Hiervan wordt gebruik gemaakt om deelnemers versneld op te leiden voor de posten waar een tekort is of dreigt te ontstaan. Tevens bieden verkorte dagopleiding de mogelijkheid om personen die werkzaam zijn in de scheepvaart en offshore ook op te kunnen leiden tot manschap. Deze mensen zijn namelijk gedurende lange periode in de dag-situatie aanwezig en versterken hierdoor de operationaliteit van een post. De toename in de vraag naar deze externe dagopleidingen zal naar 45
verwachting doorzetten waarvoor extra financiële middelen nodig zijn, die nog niet structureel zijn begroot. Naast de geplande leergangen zijn er in 2021 15 (individuele) opleidingen voor bevelvoerders ingekocht in plaats van de geraamde 5. Naast de geplande leergangen zijn er in 2021 14 (individuele) opleidingen voor manschappen ingekocht die niet zijn begroot. Realistisch oefenen Rope Rescue Team (incidenteel) € 58.834 N Het betreft een inhaalslag van externe trainingen/opleidingen voor de verplichte certificeringen, die is uitgesteld in 2020, voor de verschillende functies binnen het RRT. Implementatie onderhoudssoftware MTL (incidenteel) € 56.636 V In de 1e Burap 2021 is voor de implementatiekosten van de nieuwe software voor het onderhoud van de voertuigen (McMain Pro) een incidenteel budget van € 89.000 opgenomen. De realisatie in 2021 bedraagt € 32.364 voor opleidingen. De verdere implementatie zal in 2022 plaatsvinden. 703 Afschrijvingen (lasten)
€ 199.197 V
Afboeken oude ademluchtapparatuur (incidenteel) € 185.371 V Er is een aanbestedingsprocedure doorlopen voor vervanging van de ademluchtapparatuur. Gunning heeft in 2021 plaatsvinden. De resterende boekwaarde (die wordt afgeboekt) van de oude ademluchtapparatuur, inclusief cilinders, zal € 185.371 bedragen. Doordat levering is uitgesteld tot 2022 wordt ook de boekwaarde van de oude ademluchtapparatuur pas in 2022 afgeboekt. In de 1e Burap 2022 zullen deze kosten opnieuw worden begroot. Baten 380 Overige goederen en diensten (baten)
€ 302.062 N
Inruilopbrengst oude ademluchtapparatuur (incidenteel) € 308.550 N Er is een aanbestedingsprocedure doorlopen voor vervanging van de ademluchtapparatuur. Gunning heeft in 2021 plaatsvinden. Voor de oude ademluchtapparatuur is een inruilopbrengst van € 308.550 overeengekomen. Doordat levering is uitgesteld tot 2022 wordt ook de inruilopbrengst voor de oude ademluchtapparatuur pas in 2022 geboekt. In de 1e Burap 2022 zullen deze opbrengsten opnieuw worden begroot. Mutaties reserves 710 Mutaties reserves (baten)
€ 456.635 N
De volgende onttrekkingen aan de reserves zijn begroot en gerealiseerd. De verschillen zijn neutraal voor de exploitatie, tegenover lagere lasten (V) staat een lagere onttrekking aan de reserves (N). De middelen blijven dan in de reserves op de balans. Projecten ten laste van de reserve uitgestelde activiteiten Schuimblusproblematiek PFAS (incidenteel, neutraal) € 134.041 N De regelgeving rondom blusschuim met fluorhoudende stoffen erin (poly- en perfluoralkylstoffen, PFAS) wordt strenger en is zodanig dat VRZ het nu al voor bepaalde branden en binnen een paar jaar waarschijnlijk in het geheel niet meer mag gebruiken. Brandweer Zeeland maakt op dit moment gebruik diverse soorten schuim. Projectmatig werkt VRZ aan uitfasering en vervanging van deze schuimsoorten in drie fasen: •
Basisbrandweerzorg volledig voorzien van fluorvrij schuim 46
• •
Inventarisatie en realisatie van gebruik van schuim bij verhoogd risico-objecten Onderzoek naar impact gebruik en behoefte schuim op grootschalig brandweeroptreden en industriële blussing
Verdere uitvoering zal in 2022 plaatsvinden. Vakbekwaamheid opleidingen (incidenteel, neutraal) € 123. 000 N Door de uitbraak van Corona zijn diverse opleidingen en oefeningen in 2020 uitgesteld bij vakbekwaamheid van zowel brandweer, GHOR als crisisbeheersing. Besloten is om deze activiteiten deels in te halen. De inhaalslag op de brandweeropleidingen is in 2021 gestart maar omdat een deel van deze opleidingen in 2022 plaats vindt, worden de kosten in 2022 gerealiseerd. Projecten ten laste van de reserve transitie Opleiden (opleidings)instructeurs (incidenteel, neutraal) € 128.640 N In de begroting 2021 is rekening gehouden met extra opleidingen voor instructeurs voor een bedrag van € 129.876. Het budget is in 2021 grotendeels niet besteed. In de 1e begrotingswijziging 2022 wordt voorgesteld het restant-budget van € 128.640 in 2022 te (her)alloceren voor extra (dag)opleidingen voor manschappen en bevelvoerders brandweer. Projecten ten laste van de reserve vernieuwing Project Maatwerk in brandweerzorg (incidenteel, neutraal) € 8.411 N Voor kosten voor en/of ondersteuning bij de uitvoering van het project Maatwerk in brandweerzorg en de operationele informatievoorziening is in 2021 nog € 8.411 beschikbaar. In de 1e begrotingswijziging 2022 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2022.
Project Bereikbaarheidskaarten en geo-informatie (incidenteel, neutraal) € 6.548 N Voor verbeteren van het navigatie-product zijn deze middelen in 2022 nog nodig. In de 1e begrotingswijziging 2022 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2022. Project Harmonisering arbo-processen brandweer, PvA RI&E (incidenteel, neutraal) € 11.867 N Het restant-budget zal worden aangewend voor maatregelen in het kader van ‘arbeidsveiligheid en schoon werken’ en maatregelen volgend of noodzakelijk na het actualiseren van de RI&E. In de 1e begrotingswijziging 2022 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2022. Projecten ten laste van de reserve crisisorganisatie Implementatie leidraad grootschalig brandweeroptreden (incidenteel, neutraal) € 44.307 N In de begroting 2021 is rekening gehouden met kosten voor de implementatie van de leidraad grootschalig brandweeroptreden. In 2018 is Grootschalig Brandweeroptreden visie 2.0 door Brandweer Nederland ontwikkeld en vastgesteld. Brandweer Zeeland werkt samen met de zuidelijke 6 regio’s aan de implementatie van deze visie. Om deze reden wordt in de 1e begrotingswijziging 2022 voorgesteld het budget door te schuiven naar 2022 ten behoeve van de projectrealisatie en ondersteuning van de implementatie.
47
5.5
Programma Crisisbeheersing Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021
5 Programma Crisisbeheersing Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 437 Inkomensoverdrachten - Europese Unie Mutaties Reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal
Rekening 2021
Saldo
V/N
3.756.603 3.955.303 2.670.320 30.000 1.092.600 144.300 800 17.283 -198.700 -15.600 -8.100 -175.000 0 0
3.783.048 3.973.648 2.663.720 30.000 1.117.545 144.300 800 17.283 -190.600 -15.600 0 -175.000 0 -189.045
3.276.168 3.581.614 2.640.531 59.023 738.148 124.197 809 18.906 -305.445 -99.882 0 -178.331 -27.232 -81.618
-506.880 V -392.034 V -23.189 V 29.023 N -379.397 V -20.104 V 9 N 1.623 N -114.845 V -84.282 V 0 -3.331 V -27.232 V 107.427 N
0 3.756.603
-189.045 3.594.003
-81.618 3.194.550
107.427 N -399.453 V
Toelichting Het resultaat op het programma Crisisbeheersing is € 399.453 voordelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Lasten 110 Salarissen en sociale lasten (lasten)
€ 23.189 V
Operationele kosten hoofdstructuur (incidenteel) € 82.525 V Dit betreft de inzetvergoedingen van piketfunctionarissen vanuit eigen organisatie. In 2021 zijn er piketgebieden samengevoegd, ingevuld door externen en staan er nog vacatures open. Dit samen levert een voordelig resultaat op. Eenmalige uitkering CAO 2021-2022 (incidenteel) € 39.194 N In de nieuwe CAO 2021-2022 is over 2021 een eenmalige bruto-uitkering van € 1.200 per 1 FTE opgenomen. Deze uitkering zal in 2022 uitbetaald worden. Overig (incidenteel) € 23.142 N Dit nadelig resultaat bestaat uit diverse nadelige loonverschilllen op persoonsniveau. 351 Ingeleend personeel (lasten)
€ 29.023 N
Inhuur derden MOTO (incidenteel) € 29.023 N Binnen team MOTO hebben 2 vacatures meer dan een jaar open gestaan. Deze 2 vacatures zijn begin 2021 beiden ingevuld. In de tussentijd is deze formatie middels inhuur ingevuld. Om de werkzaamheden goed over te dragen heeft er in het eerste halfjaar 2021 extra inhuur plaats gevonden. Hier was in eerste instantie € 30.000 voor begroot. De realisatie is € 29.023 hoger dan begroot.
48
380 Overige goederen en diensten (lasten)
€ 379.397 V
Cursus- en opleidingskosten (incidenteel) € 145.421 V Vanwege Covid-19 hebben diverse cursussen en opleidingen niet plaats kunnen vinden of hebben plaats gevonden in een andere vorm, bijvoorbeeld digitaal. Binnen team MOTO hebben trainingen plaas gevonden op een digitale wijze en is de geplande systeemoefening niet doorgegaan. Dit levert een incidenteel resultaat op van € 81.740. Eind 2020 zijn er 2 vacatures opgezet voor Operationeel Leider. In 2021 is er 1 vacature ingevuld en heeft deze personeel de opleiding afgerond. De 2e opleiding heeft niet plaats gevonden. Ook zijn veel medewerkers vanuit Crisisbeheersing ingezet in de Covid-19 organisatie. Hierdoor is er geen tijd geweest voor curussen en opleidingen. Dit levert in 2021 een incidenteel resultaat op van € 37.444. Voor Maritieme Veiligheid stond een fysieke samenwerkingsoefening gepland. Deze is niet doorgegaan. Hier tegenover staat dat in 2021 is gestart met voorbereidende oefeningen voor een internationale samenwerkingsoefening in 2022. Het beperkt doorgang vinden van de traingen levert een incidenteel voordeel op van € 15.381. Piketvergoeding externen (incidenteel) € 86.566 V De piketten bij de GHOR hebben voor een groot deel in het teken gestaan van Covid-19. De piketvergoedingen die rechtstreek verband houden met Covid-19 zijn verantwoord onder het programma Onvoorzien.
Daarnaast is er een piketgebied samengevoegd, zijn er piketten door eigen medewerkers ingevuld en zijn er piketfunctionarissen gestopt gedurende 2021. Dit samen levert een incidenteel resultaat op van € 86.566. Automatiseringskosten (incidenteel) € 48.289 V Het voordelig resultaat bestaat voor € 45.789 inzake geraamde kosten voor Smartrespond Communicator. Gedurende 2021 was het niet duidelijk of deze kosten in de bijdrage voor de meldkamer Bergen op Zoom waren opgenomen. Eind 2021 is bevestigd dat deze kosten in de bijdrage zitten. Hierdoor ontstaat in 2021 een incidenteel resultaat. Met ingang van 2022 is deze post toegevoegd aan het budget van de Meldkamer. Onderhoudskosten (incidenteel) € 23.314 V Vanwege het doorgaan van opleidingen en oefeningen bij Maritieme Veiligheid heeft er minder onderhoud plaats hoeven vinden. Daarnaast is in oktober 2021 SAR Stavenisse opgeleverd. Aangezien de boot en de ligplaats nog nieuw zijn heeft hier geen onderhoud op hoeven plaats vinden. Overige goederen en diensten (incidenteel) € 75.807 V Dit voordeel is vooral ontstaan door het niet doorgaan van themadagen, het minder reizen naar bijeenkomsten. Daarnaast wordt dit budget gebruikt voor het dekken van incidentele lasten. Baten 352 Uitgeleend personeel (baten)
€ 84.282 V
Project Waterveiligheid (incidenteel) € 84.282 V Dit betreft de doorbelasting van uren die een medewerker in 2021 heeft besteed aan het project ‘Waterveiligheid’. 437 Inkomensoverdrachten Europese Unie (baten)
€ 27.232 V
Project ResQU2 (incidenteel) Dit betreft de eindafrekening inzake het Europese project ResQU2.
€ 27.232 V 49
710 Mutatie reserves (baten)
€ 107.427 N
De volgende onttrekkingen aan de reserves zijn begroot en gerealiseerd. De verschillen zijn neutraal voor de exploitatie, tegenover lagere lasten (V) staat een lagere onttrekking aan de reserves (N). De middelen blijven dan in de reserves op de balans. Projecten ten laste van de reserve transitie Vakbekwaamheid hoofdstructuur (incidenteel) € 107.427 N Betreft een reserve inzake het op orde brengen van de operationele hoofdstructuur. De realisatie heeft te maken met voltijdopleidingen manschap en bevelvoerder. Deze worden opgeleid tot toekomstig piketfunctionaris. Daarnaast is er in 2021 voor 0,2 FTE een OvD in dienst van de VRZ. In de 1e begrotingswijziging 2022 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2022.
50
5.6
Overhead en kostentoerekening Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021
6 Overhead en kostentoerekening Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten Mutaties Reserves Eindtotaal
8.294.427 8.294.427 5.601.775 7.200 110.000 2.232.150 27.800 37.300 278.202 0 0 0 0 8.294.427
8.380.477 8.517.477 5.428.975 8.700 370.700 2.356.300 41.900 32.300 278.602 -137.000 -136.000 -1.000 0 8.380.477
Rekening 2021
Saldo
V/N
8.049.699 8.190.005 5.088.360 10.000 433.516 2.308.644 28.839 32.807 277.839 -140.306 -138.391 -1.915 0 8.049.699
-330.778 V -327.472 V -340.615 V 1.300 N 72.816 N -47.656 V -13.061 V 507 N -763 V -3.306 V -2.391 V -915 V 0 -330.778 V
Toelichting Het resultaat op overhead en kostentoerekening is € 330.778 voordelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Lasten 110 Salarissen en sociale lasten (lasten) € 340.615 V Gedurende het jaar is een aantal vacatures, langer dan gewenst, open blijven staan of niet ingevuld. Bijvoorbeeld de manager risico- en crisisbeheersing, een functioneel beheerder voor de afdeling I&A, een junior beleidsmedewerker voor de afdeling control & audit. Abusievelijk is de vacature teamleider ITR open blijven staan ter dekking van een interim manager bedrijfsvoering. De lasten van de interimmanager zijn verantwoord als Covidkosten onder onvoorzien. Voor het overige betreft het kleine verschillen op persoonsniveau. 351 Ingeleend personeel (lasten)
€ 72.816 N
Directie (incidenteel) € 35.097 N Voor de directie zijn er diverse onderzoeken uitgevoerd, o.a. een managementscan en een advies inzake een benchmark. Directiestaf (incidenteel) € 30.991 N In verband met het zwangerschapsverlof van een medewerker communicatie is het budget voor ingeleend personeel met € 25. 000 verhoogd. De werkelijke lasten bedroegen ongeveer € 61.000. Inclusief wat kleine andere verschillen bedraagt het nadeel € 30.991. Business Intelligence (incidenteel) € 30.991 N Voor de inhuur van een business intelligence/datawarehousespecialist was € 90.000 begroot. De werkelijke lasten bedragen € 120.991. Dit resulteert in een overschrijding van € 30.991. Overig (incidenteel) Diverse kleinere verschillen leveren een voordeel op van € 24.263.
€ 24.263 V
51
380 Overige goederen en diensten (lasten)
€ 47.656 V
Directiestaf (incidenteel) € 31.238 V Vanwege Covid-19 zijn er minder activiteiten ontplooid. Van het ter beschikking staande budget voor advertentie- en reclamekosten is ruim € 31.000 niet uitgegeven. Facilitair (incidenteel) € 83.632 V Dit betreft een scala aan kostensoorten. Een deel is gerelateerd aan Covid-19 en de gevolgen daarvan, zoals lagere kosten voor koffieautomaten, minder papier- en kopieerkosten en minder kosten voor kantoorartikelen. Onderhoudskosten voor het gebouw zijn lager dan begroot, er een aantal vaste onderhoudscontracten, daarnaast worden storingen die zich voordoen opgelost en noodzakelijke reparaties worden uitgevoerd, als gevolg hiervan variëren de kosten per jaar. Door het opzeggen van een polis (fraude & beroving) en kleine voordelige verschillen op diverse polissen zijn de verzekeringskosten lager. Het totaal van deze verschillen bedraagt € 83.632. HRM (incidenteel) € 64.042 N Naast de reguliere selecties en assessments zijn er wervings- en selectieprocedures uitgevoerd voor de functies: manager risico- & crisisbeheersing en manager bedrijfsvoering. Dit heeft geresulteerd in een overschrijding van € 44.916. VRZ is met ingang van 2021 overgegaan op de HRM-applicatie van Afas. Onder andere de tijdelijke voorzetting van de licenties van Raet heeft geleid tot een overschrijding van € 18.233. Overige kleine verschillen leveren een nadeel op van € 893.
Overig (incidenteel) Diverse kleinere verschillen leveren een nadeel op van € 3.172.
€ 3.172 N
52
5.7 Algemene Dekkingsmiddelen Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021 7 Algemene dekkingsmiddelen Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 380 Overige goederen en diensten Baten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten Mutaties Reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal
Rekening 2021
Saldo
V/N
-35.688.768 -35.596.227 -35.564.873 -278.116 -60.000 -54.383 -85.000 -60.000 -54.383 -193.116 0 0 -35.987.355 -35.778.527 -35.752.790 -6.510.000 -6.635.575 -6.609.838 -28.900.652 -28.900.652 -28.900.652 -576.703 -242.300 -242.300
31.354 N 5.617 N 5.617 N -611.743 V 25.737 N 25.737 N 0 0
-576.703 -242.300 -242.300 -36.265.471 -35.838.527 -35.807.173
0 31.354 N
Het resultaat op Algemene dekkingsmiddelen is € 31.354 nadelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Toelichting Baten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk (baten)
€ 25.737 N
Brede Doeluitkering Rampenbestrijding - BDUR (incidenteel) € 25.737 N In de 2e Burap 2021 is € 100.075 bijgeraamd op basis van de junicirculaire BDUR 2021. De raming is abusievelijk € 25.737 te hoog opgenomen, waardoor er nu een incidenteel nadeel ontstaat in de jaarrekening 2021.
53
5.8 Onvoorzien Primitieve Begroting begroting na wijziging 2021 2021 8 Onvoorzien Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Baten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk Mutaties Reserves Eindtotaal
50.000 50.000 0 0 50.000 0 0 0 0 50.000
490.300 490.300 80.100 275.500 134.700 0 0 0 0 490.300
Rekening 2021
Saldo
V/N
745.100 1.174.628 100.356 419.187 225.557 429.528 -429.528 -429.528 0 745.100
254.799 N 684.328 N 20.256 N 143.687 N 90.857 N 429.528 N -429.528 V -429.528 V 0 254.799 N
Toelichting Het resultaat op onvoorzien is € 254.799 nadelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Lasten 351 Ingeleend personeel (lasten) € 143.687 N Als gevolg van de aanhoudende covid-19 crisis zijn diverse functionarissen langer ingehuurd dan verwacht. Dit betreft onder anderen een interimmanager bedrijfsvoering, een teamcoach GHOR en ondersteunend personeel. 380 Overige goederen en diensten (lasten) € 90.857 N Aan medewerkers zijn coronazelftesten ter beschikking gesteld om onderlinge besmetting te voorkomen en de inzetbaarheid van de hulpverleners niet in de knel te laten komen. Dit resulteert in een last van € 98.000. De algemene post onvoorzien is vrijgevallen, dit levert een voordeel op van € 50.000. Aan overige diensten en materialen (extra schoonmaakwerkzaamheden, huren materialen, presentje personeel, etc.) is ruim € 42.000 uitgegeven. In de onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de totale meer- & minderkosten corona:
54
Minderkosten corona Programma
Brandweer Brandweer
Brandweer Risicobeheersing Crisisbeheersing Overhead
Econ. Categorie
110 Salarissen en soc.lasten 380 Overige goederen en diensten 436 Inkomensoverdrachten overige overheden 380 Overige goederen en diensten 380 Overige goederen en diensten 380 Overige goederen en diensten
Burap 1-2021
Burap 2-2021 Jaarrekening 2021
366.000
100.000
252.900
456.900
Toelichting Als gevolg van de Corona-crisis heeft het oefenprogramma van de brandweer niet volledig kunnen draaien, maar wel beter dan in 2020. Op het terrein van repressieve opleidingen is, na een moeilijk 500.210 jaar in 2020, in 2021 een inhaalslag gemaakt. Vervallen van fitheidskeuringen/ lagere 709.800 brandstofkosten/minder gebruik oefencentrum
-75.000
-75.000 Vervallen vergoeding tunneltraining
8.800
34.210
15.000
9.400
65.000
210.372
39.800 676.900
546.900
60.469 320.051
Totaal 2021
23.800 Minder activiteiten Brand Veilig Leven Cursussen en opleidingen die niet of in een andere vorm 284.772 hebben plaats gevonden. Minder reisbewegingen/copieerwerk/catering i.v.m. 100.269 corona 1.543.851 -
Meerkosten corona Programma Overhead Onvoorzien Onvoorzien Onvoorzien
Econ. Categorie 380 Overige goed. & diensten (last)
Burap 1-2021
Burap 2-2021 Jaarrekening 2021
Totaal 2021
-25.000
-49.969
-74.969 Hardware ICT
Toelichting
110 Salarissen en soc.lasten 351 Ingeleend personeel (last) 380 Overige goed. & diensten (last)
-43.500
-36.600
-20.256
-207.500
-68.000
-132.275
-100.356 Overwerk Interim hfd bedrijfsvoering/ TL GHOR/ondersteuning -407.775 crisisteam
-41.800 -292.800
-42.900 -172.500
-140.857 -343.357
-225.557 zie omschrijving jaarrek 2021 -808.657
Saldo meer-/minderkosten
384.100
374.400
-23.306
735.194
55
6.
Incidentele/structurele lasten en baten
Uit onderstaand overzicht blijkt dat er in 2021 sprake is van materieel evenwicht. Tegenover een bedrag van € 34.245.792 aan structurele lasten staat een bedrag van € 36.035.649 aan structurele baten. Bedrag L/B Lasten
INC/STR Ec. Cat. 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 710 Mutatie reserves 730 Afschrijvingen
Totaal Lasten Baten 352 Uitgeleend personeel 360 Huren 380 Overige goederen en diensten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 437 Inkomensoverdrachten - Europese Unie 438 Inkomensoverdrachten - overige instellingen en personen 710 Mutatie reserves Totaal Baten Eindtotaal INC = Incidenteel; STR = Structureel