2021-03e. D21.247560 Rapportage vooronderzoek conventio Rapportage vooronderzoek reconstructie Stelhoekweg
Tekst van het document
Projectnummer:
GPR7633
Onderzoeksgebied: Wegreconstructies 2019 – locatie Stelhoek weg te Wemeldinge
Inhoudsopgave 1
Het onderzoek ................................................................................................. 4 1.1 Achtergrond ............................................................................................... 4 1.2 Projectdoel ................................................................................................ 4 1.3 Opzet van het onderzoek ............................................................................. 4 1.4 Praktijkgericht gebruiken rapportage ............................................................ 4
2
Het onderzoeksgebied ...................................................................................... 5 2.1 Gegevens onderzoeksgebied ........................................................................ 5 2.2 Informatie van opdrachtgever ...................................................................... 5 2.3 Reeds uitgevoerde onderzoeken ................................................................... 5
3
Fase 1: Inventarisatie van het bronnenmateriaal ................................................. 6 3.1 Literatuurstudie.......................................................................................... 7 3.2 Archiefonderzoek .......................................................................................10 3.2.1 Gemeentelijk en provinciaal archief ........................................................11 3.2.2 Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie .......................................17 3.2.3 Nederlands Instituut voor Militaire Historie ..............................................19 3.2.4 Nationaal Archief Den Haag ...................................................................22 3.2.5 Semistatische archiefdiensten van Ministerie Defensie te Rijswijk ...............25 3.2.6 Archief van de EOD ..............................................................................26 3.2.7 Overige Nederlandse archieven..............................................................27 3.2.8 Getuigenverklaringen ...........................................................................28 3.2.9 Buitenlandse archieven .........................................................................29 3.2.9.1 The National Archives te Londen ......................................................29 3.2.9.2 The National Archives and Records Administration te College Park
(VS) 30 3.2.9.3 Bundesarchiv-Militärarchiv te Freiburg ..............................................30 3.2.9.4 Wardocs (Hans Nauta) ....................................................................32 3.2.10 Informatie van internet .....................................................................34 3.3 Luchtfoto interpretatie ...............................................................................35
4
Fase 2: Analyse bronnenmateriaal ....................................................................37
5
Conclusie en aanbevelingen .............................................................................38
6
T&A en kwaliteit..............................................................................................39
T&A Survey
Pagina 2 van 66
Bijlage 1
CE bodembelastingkaart met onderzoeksgebied ......................................40
Bijlage 2
Toelichting gebruik tabellen - in bijlage 3 ...............................................41
Bijlage 4
Overzichtskaart probleeminventarisatie .................................................52
Bijlage 5
Overeenkomst en afspraken opdracht ....................................................53
Bijlage 6
Algemene evaluatie van de risico’s van explosieven ................................58
Bijlage 7
Wetgeving en subsidiemogelijkheden voor explosievenonderzoek .............60
Bijlage 8
WSCS-OCE richtlijnen horizontale afbakening verdacht gebied ..................62
Bijlage 9
Distributielijst .....................................................................................66
T&A Survey
Pagina 3 van 66
1
Het onderzoek
Waterschap Scheldestromen (“opdrachtgever”) heeft T&A Survey (“T&A”) op 11 januari 2019 schriftelijk opdracht verleend voor het uitvoeren van het vooronderzoek naar de aanwezigheid van conventionele explosieven (verder “explosieven”) ter plaatse van het project Wegreconstructies 2019 – locatie Stelhoekweg te Wemeldinge in de gemeente Kapelle. 1.1
Achtergrond
Ter plaatse worden reconstructies aan de wegen uitgevoerd. In het kader van deze werkzaamheden dient er een vooronderzoek naar de aanwezigheid van conventionele explosieven te worden uitgevoerd. De opdrachtgever wil inzicht verkrijgen in de mogelijke aanwezigheid van niet gesprongen conventionele explosieven. Het mogelijk voorkomen van explosieven in de ondergrond houdt over het algemeen in Nederland verband met oorlogshandelingen gedurende de Tweede Wereldoorlog (verder “WOII”). Voorbeelden hiervan zijn bombardementen (zowel geallieerde als Duitse), gevechten (meidagen 1940, bevrijding 1944-1945), verdedigingswerken (mijnenvelden) en dumpingen (verborgen voor vijand, achterlaten van munitie bij overgave of terugtrekking). Aangezien eventueel aanwezige, niet gesprongen explosieven een risico vormen voor de uit te voeren werkzaamheden, is het van belang dat de kans op het aantreffen van explosieven in het onderzoeksgebied onderzocht wordt. 1.2
Projectdoel
Het vooronderzoek Conventionele Explosieven (verder “vooronderzoek”) heeft tot doel om te beoordelen of er indicaties zijn dat binnen het onderzoeksgebied explosieven aanwezig zijn, en zo ja, om het verdachte gebied af te bakenen. Dit gebeurt op basis van verzameld en geanalyseerd (historisch) feitenmateriaal. 1.3
Opzet van het onderzoek
Deze rapportage is uitgevoerd conform de meest recente richtlijnen van het Werkveldspecifiek certificatieschema voor het systeemcertificaat Opsporen Conventionele Explosieven (verder “WSCS-OCE”), namelijk het wijzigingsvoorstel van 2016. Tevens wordt al zo veel mogelijk voldaan aan het vrijwillige certificatieschema voor het “Procescertificaat Vooronderzoek CE en Risicoanalyse CE” (verder “Procescertificaat”) dat in 2019 van kracht zal worden. In bijlage 5 zijn de onderzoeksopzet, de gebruikte methodiek en de uitgesloten bronnen omschreven. Tevens zijn daar de deskundigen die het onderzoek hebben uitgevoerd, vermeld. 1.4
Praktijkgericht gebruiken rapportage
De analyse van het feitenmateriaal uit de inventarisatie heeft tot de conclusie geleid dat er geen explosieven (meer) in het onderzoeksgebied te verwachten zijn. Het onderzoeksgebied is daarmee onverdacht gebied. Grondroerende werkzaamheden binnen het onderzoeksgebied kunnen op reguliere wijze worden uitgevoerd. Op de CE bodembelastingkaart in bijlage 1 staat het resultaat van het onderzoek, waarbij het onderzochte en onverdacht verklaarde gebied in groen is aangegeven. In hoofdstuk 3 zijn de geraadpleegde bronnen weergegeven. In bijlage 3 is het feitenmateriaal dat is aangetroffen in deze bronnen in een chronologische lijst weergegeven met een analyse en conclusies per gebeurtenis. In hoofdstuk 5 is het advies verwoord. T&A Survey
Pagina 4 van 66
2
Het onderzoeksgebied
2.1
Gegevens onderzoeksgebied
Geografische ligging en grootte De onderzoeksgebieden betreffen de volgende locaties: / Het onderzoeksgebied betreft de volgende locatie: De Stelhoekweg te Wemeldinge in de gemeente Kapelle. Het onderzoeksgebied heeft een lengte van circa 500 meter. Zie bijlage 1 voor een overzichtskaart. Bodemopbouw Voor gegevens over de bodemopbouw is de grondsoortenkaart van Nederland gebruikt. De bodem in het onderzoeksgebied bestaat uit een gebied met lichte zavel. 2.2
Informatie van opdrachtgever
Opdrachtgever heeft onderstaande informatie geleverd aan T&A. Kaartmateriaal Opdrachtgever heeft T&A een digitale topografische kaart met RD-coördinaten (ArcGISformaat) ter beschikking gesteld. Hierop staat het onderzoeksgebied aangegeven. Aanwezige informatie over de bodemgesteldheid Opdrachtgever had geen informatie beschikbaar gesteld over de bodemopbouw in het onderzoeksgebied. Naoorlogse werkzaamheden Opdrachtgever had geen informatie beschikbaar gesteld over naoorlogse werkzaamheden binnen het onderzoeksgebied. 2.3
Reeds uitgevoerde onderzoeken
In onderstaande tabel is aangegeven bij welke instanties navraag gedaan is of er in het verleden reeds onderzoek uitgevoerd is naar de aanwezigheid van explosieven. In de kolom “bronverwijzing” staat de afkorting die in de chronologische lijst van gebeurtenissen in bijlage 3 gebruikt is om naar het betreffende rapport te verwijzen. Opdrachtgever – dhr. J. Peene per e-mail d.d. 18-01-2019 Bronverwijzing Geen onderzoeken derden bekend. N.v.t. Gemeente Kapelle – dhr. J.M. van Hove per brief d.d. 17-01-2019 Bodac BV, Vooronderzoek CE Vooroeververdedigingen Ooster- en Westerschelde – Oost- Bodac 3049 Bevelandpolder en Wemeldinge (07-03-2014)
T&A heeft de genoemde rapportage(s) doorgenomen op relevante informatie van betrouwbare bronnen. Indien er informatie in stond die niet reeds achterhaald was tijdens de door T&A uitgevoerde inventarisatie, is de achterliggende oorspronkelijke bron geraadpleegd. Waar het niet mogelijk bleek de oorspronkelijke bron te raadplegen, of het rapport als oorspronkelijk bron gezien moet worden (bijvoorbeeld bij een Proces-Verbaal van Oplevering van een opsporingsonderzoek) is de informatie uit het rapport overgenomen en wordt daar naar verwezen in bijlage 3.
T&A Survey
Pagina 5 van 66
3
Fase 1: Inventarisatie van het bronnenmateriaal
Het bronnenmateriaal (literatuur, archiefstukken etc.) wordt bestudeerd op relevante feiten en aanwijzingen die onder meer worden gebruikt voor een goede keuze uit de beschikbare luchtfoto’s. Alle betrouwbare bronnen met toegevoegde waarde zijn van belang voor verdere analyse, conclusies en afbakening van (on)verdachte gebieden. In de volgende paragrafen is een overzicht gegeven van de diverse bronnen, die geraadpleegd (kunnen) worden voor een vooronderzoek. Per paragraaf is de betreffende bron omschreven, met daarin:
Algemene informatie van de bronnen met een vermelding in hoeverre de bron verplicht of aanvullend is conform de WSCS-OCE; Een toelichting op de betrouwbaarheid van de bron; Een overzicht van wat voor onderhavig onderzoek is geraadpleegd, met nadere vermelding van de inventarissen, toegangsnummers e.d. op basis waarvan de bronnen herleidbaar zijn; Indien een bron niet is geraadpleegd, of er zijn leemtes in kennis, dan staat dit vermeld; De in de bron aangetroffen relevante gebeurtenissen zijn niet uitgewerkt in betreffende paragraaf, maar in één chronologische overzichtstabel in bijlage 3.
Betrouwbaarheid van de bronnen Conform de richtlijnen in de WSCS-OCE, paragraaf 6.5.2, dient gerapporteerd te worden hoe de betrouwbaarheid van de gebruikte bronnen is ingeschat. De standaard richtlijnen bij T&A staan vermeld per soort bron in de betreffende paragraaf in onderhavig hoofdstuk. Waar in de rapportage afgeweken wordt van deze interne richtlijn, zal dit in de rapportage vermeld en onderbouwd zijn bij de analyse van het bronnenmateriaal in bijlage 3. Tevens geldt dat gebeurtenissen uit bronnen die T&A betrouwbaar acht, geen bevestiging van een tweede bron nodig hebben ter bevestiging van de gebeurtenis. In de regel zal T&A wel - waar mogelijk - een tweede bron raadplegen, omdat dit kan leiden tot een betere afbakening van een verdacht gebied. Uitwerking van de bronnen Op basis van de geraadpleegde bronnen is in bijlage 3 een chronologische overzichtstabel opgesteld van de relevante gebeurtenissen in (de omgeving van) het onderzoeksgebied gedurende en na WOII. In de betreffende tabel is elke gebeurtenis voorzien van een uniek markeringsnummer en de bronverwijzing. De kolom ‘markering’ verwijst naar het markeringsnummer, de kolom ‘archief’ naar het archief waar de informatie vandaan komt, terwijl de kolom ‘bronverwijzing’ verwijst naar de herkomst van de informatie binnen het gegeven archief.
Markeringsnummers Elke relevante oorlogshandeling is voorzien van een markeringsnummer die is weergegeven in de overzichtstabel in bijlage 3 en in de inventarisatiekaart in bijlage 4. De toevoeging ‘indicatief’ bij het markeringsnummer geeft weer dat de melding niet nauwkeurig geplaatst kan worden en dus indicatief in de inventarisatiekaart is ingetekend. Een indicatief markeringsnummer kan ook als tekstvlak in de kaart staan. Geen toevoeging geeft aan dat de melding (redelijk) nauwkeurig ingetekend kon worden. In sommige gevallen blijkt dat een melding zich buiten het onderzoeksgebied bevindt, maar dat één of meerdere bronnen impliceren dat de gebeurtenis wel degelijk in of nabij het onderzoeksgebied plaatsgevonden had of kon hebben. Deze meldingen staan wel in de tabel in bijlage 3, inclusief analyse, maar niet in kaartbijlage 4.
T&A Survey
Pagina 6 van 66
3.1
Literatuurstudie
De eerste – conform WSCS-OCE verplichte - stap in een vooronderzoek is in de regel het raadplegen van de literatuur. Middels de literatuurstudie is een beeld te verkrijgen van algemene oorlogshandelingen in een gebied, meestal met data van deze gebeurtenissen en soms met zeer relevante details die niet in andere bronnen te vinden zijn. Deze studie levert zodoende een overzicht op van gebeurtenissen op basis waarvan gericht gezocht kan worden in diverse nationale en internationale archiefinstellingen. Voor de literatuurstudie bestaat een aantal standaardwerken dat geraadpleegd wordt, aangevuld met regionale en plaatselijke literatuur. Deze literatuur is deels in bezit van T&A en wordt aangevuld met literatuur uit de Koninklijke Bibliotheek (“KB”), het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (“NIOD”), het gemeentearchief en/of plaatselijke bibliotheken en historische verenigingen. Betrouwbaarheid van de bron Literatuur voor vooronderzoek loopt in betrouwbaarheid uiteen van weinig betrouwbaar tot zeer betrouwbaar. Dit komt doordat boeken geschreven kunnen zijn door auteurs met zeer uiteenlopende achtergronden in opleiding, ervaring en motivatie voor het schrijven van het stuk en ook sterk uiteenlopende bronnen gebruikt kunnen hebben.
Voor literatuur gelden de volgende richtlijnen om de betrouwbaarheid in te schatten: Geschiedenisboeken van (lokale) amateurs versus gerenommeerde geschiedkundigen Een van de grote verschillen in betrouwbaarheid van literatuur wordt veroorzaakt door de achtergrond van de betreffende auteur. Boeken van gerenommeerde auteurs als V.E. Nierstrasz, L. de Jong, H. Amersfoort, E.H. Brongers en C. Klep worden als betrouwbaar gezien. Deze boeken zijn gebaseerd op uitvoerig onderzoek in archieven en naslagwerken, interviews met getuigen en een brede kennis van de gebeurtenissen in WOII.1 De inhoud van boeken van amateurhistorici loopt echter sterk uiteen wat betreft de kwaliteit en betrouwbaarheid. De onderzoeken kunnen nogal summier zijn, bronverwijzingen ontbreken vaak en bij nadere bestudering blijken diverse aspecten van gebeurtenissen door elkaar gehaald. In de regel dienen dergelijke bronnen in de literatuur middels een andere bron bevestigd te worden. Boeken gebaseerd op archiefstukken Voor sommige boeken is uitvoerig archiefonderzoek uitgevoerd en in de betere boeken zijn archiefstukken geciteerd of is een afdruk van relevante archiefstukken opgenomen.
In de regel zijn deze archiefstukken ook ingezien tijdens het archiefonderzoek, maar in sommige gevallen zijn deze archiefstukken niet te achterhalen (zoals de zogenaamde ‘gele briefjes’ die gebruikt zijn in het boek “het spoorwegbedrijf in oorlogstijd” van C. Huurman). In dergelijke gevallen gelden dezelfde richtlijnen met betrekking tot de betrouwbaarheid als omschreven in deze bijlage bij de betreffende archiefinstelling. Naast het gemelde boek van Huurman, geldt dit ook voor het veel gebruikte boek “En nooit was het stil” van G.J. Zwanenburg, dat gebruik heeft gemaakt van Flight Reports en archiefstukken uit Nederlandse en buitenlandse archiefinstellingen.
1
Hierbij moet wel altijd in ogenschouw genomen worden, wanneer de boeken geschreven zijn en wat de bronnen waren, zeker wat betreft de meidagen 1940. Door diverse auteurs zijn voor hun boeken over de meidagen verslagen van de Nederlandse officieren en troepen gebruikt (dit betreft de stukken uit collectie 409 van het NIMH). Hoewel de meesten ervan vlak na de strijd zijn geschreven, is er ook een aantal dat in de jaren na WOII pas geschreven is en daarmee minder nauwkeurig zal zijn. Bovendien zullen de verslagen van de Nederlandse troepen – bewust of onbewust – overdreven zijn in de gebeurtenissen. Dit blijkt uit zaken zoals meldingen van Duitse pantserwagens bij de Grebbeberg (die daar nooit geweest zijn in mei 1940) en uit tegenstrijdigheden die soms optreden tussen het verslag van een verantwoordelijke officier en dat van een soldaat die ook aanwezig was. Veel boeken die net na WOII geschreven zijn, hebben (soms sterk) de neiging de handelingen van het Nederlandse leger en de omvang en kracht van het Duitse leger te overdrijven. Neemt niet weg dat dit soort werken van gerenommeerde auteurs vaak de beste bronnen zijn voor oorlogshandelingen in mei 1940 en bij de bevrijdingsgevechten in 1944/1945.
T&A Survey
Pagina 7 van 66
Dagboeken uit WOII Meldingen in dagboeken uit WOII worden in de regel als betrouwbaar voor een gebeurtenis gezien, maar niet voor de details omtrent de betreffende gebeurtenis. Hierbij moet rekening gehouden worden met de specifieke melding van het gebeurde, of de auteur van het dagboek dit zelf meemaakte of uit tweede hand vernam en de leeftijd en functie van de auteur. De opgeschreven eigen ervaringen zijn betrouwbaar, omdat ze kort na een gebeurtenis zijn genoteerd. Vaak bevatten ze ook details die in andere bronnen niet vermeld zouden worden. Anderzijds zijn omschreven gebeurtenissen in dagboeken in de regel vaak overdreven en zijn de auteurs vrijwel uitsluitend leken op het gebied van explosieven. Aantallen en soorten explosieven zullen daardoor middels een andere bron bevestigd moeten worden. Wat in dagboeken genoteerd is uit tweede hand is vaak matig betrouwbaar en dient middels tweede bron bevestigd te worden. Het werk van Eversteijn In de branche wordt regelmatig het werk “Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945” van T. Eversteijn gebruikt. Dit is een niet gepubliceerd werk uit 1990, zonder bronvermelding van de erin opgenomen oorlogshandelingen. Van een aantal gebeurtenissen is de achterliggende bron vrij goed te achterhalen.
Dat betreffen bronnen, die T&A standaard raadpleegt, waardoor het werk van Eversteijn hier geen enkele toegevoegde waarde heeft m.b.t. deze meldingen. Sterker nog, enkele van die oorspronkelijke bronnen komen regelmatig met correcties en aanvullende informatie, die in Eversteijn dus ontbreken. Van andere meldingen is de bron onduidelijk en wordt de melding in de regel in andere literatuur of archiefstukken aangetroffen. Gevolg is dat het betreffende werk geen toegevoegde waarde heeft, omdat de melding soms gedateerd is, meestal middels de oorspronkelijke bron al geraadpleegd is voor het onderzoek en in andere gevallen onduidelijk is wat de oorspronkelijke bron was, waardoor de betrouwbaarheid sterk in twijfel getrokken moet worden. T&A raadpleegt deze bron daarom niet. Overzichtslijst gebruikte literatuur Voor de literatuurstudie zijn de onderstaande boeken geraadpleegd. In de kolom “bronverwijzing” staat de afkorting die in de chronologische lijst van gebeurtenissen in bijlage 3 gebruikt is om naar het betreffende boek te verwijzen. Auteur Amersfoort, H. e.a., Barth, A. Moerland, L., Bree, L.W. de Brongers, E.H.,
en
Titel Mei 1940, de strijd op Nederlands grondgebied De gemeente Kapelle van 1900 tot nu. Kijk op 100 jaar Wemeldinge, KapelleBiezelinge, Schore en Eversdijk Zeeland, 1940-1945 / Dl. 1
Uitgegeven Den Haag 2005 z.p. 2000
Bronverwijzing Amersfoort (2005) Barth (2000)
Middelburg, 1979 Wijnandsrade 2008
Bree (1979)
Wemeldinge 2011 Nieuw- en Sint Joosland 2002 Middelburg 1991
Van Gorp (2011)
Hoebeke, R.E.,
Inventarisatie uit diverse bronnen van in de meidagen van 1940 Tijdens of door de strijd in Nederland neergeschoten, vernielde Of door vuur beschadigde Duitse vliegtuigen, weergegeven per Provincie of gebied Oorlogsherinneringen: soldaat tegen wil en dank Slagveld Sloedam
Houterman, J.N.
“Deutschland” verovert Zeeland
Jong, A.E.J. de, Toom, W.P. den en A.H. Warren Klep, C. (red.),
Oorlog over Zuid- en Noord-Beveland : 1940-1944
Goes 1989
Houterman (1991) De Jong (1989)
De bevrijding van Nederland 1944-1945, oorlog op de flank De oorlog in stukken : de beleving van de jaren 1940-1945 op de Bevelanden Luchtgevaar, luchtaanvallen op Nederland 1940-1945
Den Haag 1995
Klep (1995)
Goes, 2009
De Klerk (2009)
Amsterdam 1984
Korthals (1984)
Gorp, M.A. van
Klerk, F.H. de Korthals Altes, A.,
T&A Survey
Brongers (2008)
Hoebeke (2002)
Altes
Pagina 8 van 66
Auteur Louisse, M.J. en A.J. Barth Molenaar, F.J. NFLA Nierstrasz, V.E. Pater, de B.C., Schoenmaker, B., e.a., Rijnhout, B., Sakkers, H. en Houterman, J.N., Studiegroep luchtoorlog 1939-1945 Veenstra, S.L., Visser, T. & Visser, A. IJsseldijk, W.E.P. van, Zuehlke, M., Zwanenburg, G.J.,
Titel De Bevelanden in oorlog : lesbrief over de Tweede Wereldoorlog in Zuid- en NoordBeveland voor het basis- en het voortgezet onderwijs De luchtverdediging in de meidagen 1940 (2 delen) NFLA-Recovery list De Strijd in Zeeland mei 1940 De Grote Atlas van Nederland 1930-1950
Uitgegeven Goes, 2009
Bronverwijzing Louisse (2009)
’s-Gravenhage 1970 2003 Dan Haag, 1954 Utrecht 2011
Molenaar (1970)
De verloren strijd: een fotografisch overzicht van de massale Duitse luchtinvasie in de meidagen van 1940 Atlantikwall in Zeeland en Vlaanderen
Breda 1982
Rijnhout (1982)
Middelburg 1990
Zutphen 1992
Sakkers en Houterman (1990) Verliesregister NIMH Veenstra (1992)
Goes, 1985 Kapelle 1968
Visser (1985) IJsseldijk (1968)
Vancouver 2007 z.p., z.j.
Zuehlke (2007) Zwanenburg (z.j.)
Verliesregister In de schaduw van de glorie : overzicht van vliegtuigbergingen in Nederland : 1960-1977 Zeeland in de oorlog 1940-1945 De geschiedenis van Kapelle (Z.-B) (Kapelle, Biezelinge, Eversdijk, Schore) Terrible Victory En nooit was het stil… Kroniek van een luchtoorlog – delen I en II
NFLA (2003) Nierstrasz (1954) Pater (2011)
Leemte in kennis: Geen. Uitwerking van de literatuur Voor de aangetroffen relevante gebeurtenissen wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.
T&A Survey
Pagina 9 van 66
3.2
Archiefonderzoek
Archiefstukken zijn de meest belangrijke informatiebron voor een vooronderzoek. Ze hebben doorgaans de meest accurate en betrouwbare gegevens die voor een onderzoek nodig zijn, omdat het vaak primaire bronnen betreffen waarvoor de informatie is vastgelegd korte tijd nadat een gebeurtenis plaatsvond. De stukken bestaan onder meer uit processen-verbaal en dagrapporten, maar soms ook uit foto’s van oorlogsvoorvallen en militaire verslagen waarin planning en uitvoering alsmede resultaten en gebruikte explosieven zijn vastgelegd. Archiefstukken voor vooronderzoek liggen in verschillende archieven in Nederland en in enkele buitenlandse archiefinstellingen. Aan hand van de richtlijnen in de WSCS-OCE en door de onderzoeker is bepaald welke archieven geraadpleegd dienen te worden voor het onderzoek en of de aangetroffen informatie relevant is of niet. Per archief is een inventarisatie opgemaakt van de dossiers waarin relevante informatie verwacht mag worden. Deze dossiers zijn ingezien en de inhoud is beoordeeld op relevantie. In bijlage 5 is meer specifiek per archief aangegeven op welke wijze deze is geraadpleegd. Een stuk is niet relevant indien het geen indicaties of contra-indicaties voor de mogelijke aanwezigheid van explosieven in het onderzoeksgebied of de directe nabijheid ervan bevat.
De geraadpleegde inventarissen, toegangsnummers en stukken zijn per archief in overzichtstabellen weergegeven in de volgende paragrafen bij de betreffende archiefinstelling. Voor al deze archieven geldt, dat in de laatste kolom van de tabel van de inventarisatie is aangegeven of een inventaris als relevant is beschouwd. Indien de stukken niet als relevant werden beschouwd, dan is middels een nummer aangeduid waarom een inventaris niet relevant is bevonden. De vermelde nummers in de kolom ‘relevant’ van de tabel van de inventarisatie van elk archief staan voor het volgende: 1. De in de stukken gemelde gebeurtenissen zijn te ver van het onderzoeksgebied om relevant te zijn; 2. De stukken melden geen (aan) explosieven (gerelateerde gebeurtenissen); 3. De stukken melden geen relevante naoorlogse werkzaamheden; 4. De stukken missen in het archief. De relevante stukken zijn verder uitgewerkt en geanalyseerd in het chronologische overzicht in bijlage 3.
T&A Survey
Pagina 10 van 66
3.2.1 Gemeentelijk en provinciaal archief Archiefstukken uit gemeentearchieven bevatten in de regel de meest gedetailleerde en betrouwbare informatie voor oorlogshandelingen in de gemeente, getroffen locaties, afhandelingen betreffende het zoeken en/of ruimen van explosieven en naoorlogse werkzaamheden. Meestal zijn deze stukken in een lokaal gemeentearchief terug te vinden, maar in andere gevallen liggen dergelijke stukken in provinciale of regionale archieven. Bij het raadplegen van het gemeentelijk en provinciaal archief worden conform de WSCS-OCE ten minste stukken van de luchtbeschermingsdienst, de stukken over aangetroffen/geruimde CE en oorlogsschaderapporten geraadpleegd. Bij het provinciaal archief worden aanvullend de relevante archieven van het Militair Gezag geraadpleegd. Tevens is bij de gemeente nagevraagd of er in het verleden reeds onderzoeken zijn uitgevoerd naar de aanwezigheid van explosieven. Met opdrachtgever is overeen gekomen dat een onderzoek naar relevante naoorlogse ontwikkelingen in deze archieven geen deel uitmaakt van het onderzoek. Betrouwbaarheid van de bron Archiefstukken uit het gemeentearchief of provinciaal archief zijn in de regel betrouwbaar, hoewel dit iets kan verschillen per soort archiefstuk.
Processen-verbaal van de Luchtbeschermingsdienst (LBD), politie en brandweer Processen-verbaal van de LBD, politie en brandweer zijn betrouwbare weergaven van de situatie zoals waargenomen tijdens en/of na een gebeurtenis. Ze zijn meestal opgesteld kort na een gebeurtenis en op basis van waarnemingen van de verbalisant of directe medewerkers en betreffen in de regel objectieve constateringen, zonder overdrijving van feiten in eigen belang. Deze stukken worden betrouwbaar geacht betreffende het plaatsvinden van een gebeurtenis, de betroffen locatie(s), de afhandeling van de gebeurtenis door de autoriteiten en andere zaken die betrouwbaar vanuit de positie van de verbalisant konden worden bepaald. Hieronder valt dus bijvoorbeeld wel het aantal bommen dat ontplofte, maar meestal niet het aantal afgeworpen bommen, aangezien dit zelden betrouwbaar waargenomen kon worden. Stukken betreffende aangetroffen/geruimde explosieven Deze stukken worden als betrouwbaar gezien aangezien deze stukken meestal zijn opgesteld kort na het aantreffen/ruimen van de explosieven en op basis van waarnemingen van de verbalisant of directe medewerkers en betreffen in de regel objectieve constateringen, zonder overdrijving van feiten in eigen belang. Oorlogsschaderapporten De betrouwbaarheid van oorlogsschaderapporten is wisselend, maar over het algemeen redelijk betrouwbaar.
De ervaring leert dat bij schaderapporten twee belangrijke factoren meespelen voor de betrouwbaarheid van de melding. Ten eerste de melder van de schade. Indien de schade is geconstateerd door de LBD, politie of brandweer, kan gesteld worden dat het een betrouwbare melding betreft. Bij een schadeclaim van de eigenaar bestaat de kans echter dat er sprake is van fraude. Bovendien zijn dergelijke claims vaak ook van lange tijd na de gebeurtenis (vaak naoorlogs) waardoor de datum en oorzaak van de schade niet erg betrouwbaar zijn. Een tweede factor die meespeelt is de datum van de melding ten opzichte van de datum van de gebeurtenis. Meldingen van maanden of jaren na de gebeurtenis melden vaak de verkeerde datum en/of oorzaak van de schade. Indien schademelding door de eigenaar is gedaan en/of van lang na de gebeurtenis is, dient de melding bij voorkeur door een tweede bron bevestigd te worden, of wordt onderbouwd waarom de melding als (on)betrouwbaar wordt gezien.
T&A Survey
Pagina 11 van 66
Overzichtslijst geraadpleegde gemeentearchieven en inventarissen Archief gemeente Kapelle Bij de gemeente is navraag gedaan m.b.t. de beschikbaarheid van reeds uitgevoerde explosievenonderzoeken. Zie §2.3 voor de resultaten hiervan. Archief (voormalige) gemeente Wemeldinge De archiefstukken van deze gemeente liggen in het Zeeuws Archief te Middelburg. 4003 – Gemeente Wemeldinge, 1583-1969 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 354 Stukken betreffende het herstel van oorlogsschade aan gemeentelijke gebouwen, 1946-1956. 1123 Stukken betreffende het aanbrengen van wijzigingen in de huisnummering, 1959, 1965, 1967. 1311 Gemeenschappelijke regeling ‘Luchtbeschermingsgebied Zuid- en Noord-Beveland’, met stukken betreffende de uitvoering, 1939, 1943, 1944, z.j.. 1315Verslagen van leden van de Luchtbeschermingsdienst van hun nachtdiensten, bestemd 1317 voor de burgemeester van Wemeldinge, 1941-1944. 1467 Staat van ingekomen opgaven van oorlogsschade in Wemeldinge, [ca. 1940]. 1468 Lijsten van personen, die schade hebben geleden door oorlogsgeweld en de bezetting, met vermelding van de vergoedingen daarvoor, 1941-1943. 1519 Stukken betreffende het herstel van de oorlogsschade aan de school voor schipperskinderen, 1947-1954.
Relevant Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1
Leemte in kennis gemeentearchief Geen
Uitwerking van de aangetroffen relevante stukken Er zijn in het gemeentearchief geen relevante gebeurtenissen aangetroffen.
T&A Survey
Pagina 12 van 66
Overzichtslijst geraadpleegde provinciale archieven en inventarissen Provinciaal archief Zeeland De archiefstukken van provincie Zeeland liggen in het Zeeuws Archief. Hiervan zijn de volgende archieven geraadpleegd: 280 - Militair Gezag in Zeeland, (1943) 1944-1946 (1948) Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 1. Archief van het Provinciaal Militair Commissariaat voor Zeeland (PMC Zeeland), 15 november 1944 - 30 november 1945 4286 I F Evacuatie Walcheren, correspondentie 1945 jan.-aug., hierbij o.a. een rapport van 8a C/Cmdr Rickard dd. 7 februari 1945 betreffende de evacuatie van Walcheren, met kaart. 4290 I U Documentatie, aanvraag medewerking aan de geschiedschrijving van het MG, complete lijst van de data der bevrijding van alle gemeenten in Zeeland. 4294 III Correspondentie betreffende politierapporten H4 4294 IV LUCHTBESCHERMING EN BRANDWEER: Rapporten. C 4300 IX Herstellen van oorlogsschade aan gebouwen en instellingen. D 4300 IX Bom- en mijnenopruiming F 4300 IX Rapporten kapitein Kersten. G2 4300 IX Monumentenzorg H 4300 IX Wederopbouw van Zeeland. L 2. Archief van het Districts Militair Commissariaat voor Zeeuwsch-Vlaanderen (DMC Sluiskil), 23 september 1944 - 1 december 1945 4322 4 Gemeenten in Zeeuwsch-Vlaanderen, toestand op 1 januari 1945. 4322 I 3 Bevrijdingsdata gemeenten in Zeeuwsch-Vlaanderen opgegeven door de burgemeesters.
4322 IX OPENBARE WERKEN: Rapporten Bouwbureau Zeeuwsch-Vlaanderen opneming 138 toestand en beschadiging. 4347 215 Mijnopruiming. 4347 216 Geallieerde graven.
Relevant Nee, 1 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 2
Nee, 2 Nee, 1 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 2
3. Gedeponeerd archief van de vertegenwoordiger van de DMC in West Zeeuwsch-Vlaanderen te Groede 4355 Mijnen en mijnopruiming, 1945 jan.-juli Nee, 1 1.783 I 4355 Mijnen en mijnopruiming, 1945 juli-nov. Nee, 1 1.783 II 4. Archief van het Districts Militair Commissariaat voor Zuid- en Noord-Beveland, Tholen en Sint Philipsland (DMC Goes), 5 november 1944 - 15 juli 1945 4374 IV Dagopgaven van oorlogsbuit, munitie en mijnen. 40 4374 IV Luchtbeschermingsrapporten betreffende het neerkomen van vliegende bommen en 41 het neerstorten van vliegtuigen. 4374 IV Mijnopruiming en oorlogsbuit 42 4374 IV Personeelsgegevens burgermijnenopruimers, betaalstaatjes en gegevens betreffende 43 de opruiming van mijnen en oude explosieven 4375 IX Opruimen van mijnen; 1ste Nederlandse Bom- en Mijnopruiming Compagnie, rappor61 ten, sectie Zeeland; personeelsgegevens van mijnopruimers (zie ook sectie IV, mappen 42, 43 en 44).
Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Ja Nee, 1
5. Archief van het Districts Militair Commissariaat voor Schouwen-Duiveland (DMC Zierikzee), 1 mei 1945 - 1 september 1945 4385 Mijnenopruiming. Nee, 1 DMC 20 6. Archief van het Militair Haven Commissariaat te Vlissingen (MHC Vlissingen), (1943) 19441945 4388 2 Rapport over de toestand van publieke werken in Vlissingen na de bevrijding en over Nee, 2 de schade aldaar aan gebouwen door bombardement en inundatie, 1944 dec.
T&A Survey
Pagina 13 van 66
360.1 - Rijkswaterstaat, Dienst Droogmaking Walcheren (DDW), 1944-1953 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 263 Stukken betreffende de ingebruikneming en opruiming van verdedigingswerken en Nee, 2 bunkers en de uitvoering van grondwerken nabij de Westkapelse Zeewering, 19451951. 1 omslag 277 Ontmijning, 1945-1947 Nee, 2 361.2 - Rijkswaterstaat Directie Zeeland, Diensten, (1664) 1800-1980 (1985) Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 757 Stukken betreffende het herstel van oorlogsschade aan objecten, 1940-1946. 1326 Stukken betreffende het herstel van de oorlogsschade aan de boordvoorzieningen van het Kanaal door Walcheren, 1949. 1462 Stukken betreffende de overname, in materieel beheer, van een strook grond met de daarop aanwezige bunkers bij het voormalige mijnenmagazijn ten oosten van het Kanaal door Walcheren te Veere, 1969-1972. 1802 Overzichten van de oorlogsschade en het herstel van de kunstwerken, 1940-1946. 1826 Staten van de ingekomen en uitgaande stukken met de rubrieksletters A en P, 19001950. 1 omslag
Relevant Nee, 1 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 2
361.3 - Rijkswaterstaat Directie Zeeland, Kaarten en tekeningen, 1644-1950 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 410 Polder Frederika. -2 dwarsprofielen.-Polder Emmanuel .-2 dwarsprofielen.-Polder Nee, 2 Kruiningen.-1 dwarsprofiel.-63 x 50 cm 3001 - Polder Walcheren 1870-1953, 1870-1953 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 200 Hulpbrug kruising prov. weg Biggekerke-Koudekerke en tankgracht. -Schalen 1:50 en 1:100. -1945.-1 tek.: lichtdr.; 42 x 60 cm.-3 afb. op blad, inhoudende 1 lengtedoorsnede, 1 dwarsdoorsnede en 1 plattegrond. Behoort bij relatief 1945 nr. 504 330 Staten houdende opgave van de oorlogsgeweldschade en de bezettingsschade aan eigendommen van de polder gedurende de jaren 1940-1944; met aantekeningen betreffende de voortgang en afdoening van de schadeafwikkeling, 1944-1956. 2 katernen 499 Dossier 48 nrs. 1-65: Mijnenvelden, mijnenopruimingsdienst; met gedeeltelijke inhoudsopgave, 1945-1957 505 Dossier 52 VI diverse nummers: 'Geheime stukken': Militaire verdedigingswerken op de zeewering, 1948-1951. 514 Dossier 88 nrs. 69, 118: Recuperatie goederen: inventarisatie Duitse verdedigingswerken, 1948-1950 535 Dossier 134 nrs. 1-4: Strandverdediging tussen Vlissingen en Westkapelle in 1830, 1866, 1949, strandverdediging in het algemeen, 1949. 554 Dossier 146 nrs.
1-238: Oorlogsschaden, 1940-1957; met gedeeltelijke inhoudsopgave 641 Stukken betreffende bezettingsschade, 1940-1944. 642 643 651 1059 1086
1462
2098
Stukken betreffende oorlogsgeweldschade en de aangifte hiervan. 1940-1944, 1948, 1949. Staten houdende opgave van bunkers en andere militaire werken in de Noordwatering; met situatietekeningen, [c. 1948], 1950, 1951. Stukken betreffende oorlogsgeweldschade en bezettingsschade en de aangifte hiervan, 1941-1944, 1948. Situatie van de om de wachtsluis gevallen bommen in de jaren 1940-1944/ J. Hieter.Schaal 1:2500.-[1944].-1 tek.: calque, handschr.; 31 x 42 cm. Tekeningnr. Z-178 Ontwerp van de herstelling van de oorlogsgeweldschade aan de Oostersluis te Veere/ A. de Wolf. -Schaal 1:25.-[c. 1946].-1 tek.: calque, handschr.; 68 x 90 cm.-3 afb. op blad, inhoudende 2 doorsneden en 1 bovenaanzicht. Tekeningnr. O-89 Ingraving in den Westkapelschen zeedijk ten behoeve van de Duitsche weermacht tussch[en] Dp 3-4/ S.W. Postma. -Schaal 1:100. -1943.-1 tek.: lichtdr.; 42 x 60 cm.2 afb. op blad, inhoudende 1 dwarsprofiel en 1 plattegrond. Tekeningnr. N-19 2098 Buis no. 203 in den Oude Vlissingsche weg (bij kruising tankgracht) te Oost en Westsouburg. -Schaal 18 m.-14, 3 cm.-1947.-1 tek.: lichtdr.; 21 x 30 cm.-2 afb. op blad, inhoudende 1 lengtedoorsnede en 1 dwarsdoorsnede. Behoort bij bestek 61. Gebaseerd op Tekeningnr. A-64. Behoort bij relatief 1947 nr. 258
T&A Survey
Relevant Nee, 1 Nee, 2
Nee, 4 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 2-3 Nee, 2-3 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 2
Nee, 2
Nee, 2
Pagina 14 van 66
3001 - Polder Walcheren 1870-1953, 1870-1953 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 2484 Bruggen in Oost- en Westwatering: details leuning en schermijzer/ A. v. S[ighem].Schalen 1:2, 1:5 en 1:20.-1950.-1 tek.: calque, handschr.; 50 x 62 cm.-6 afb. op blad, inhoudende 1 aanzicht leuning, 1 schermijzer, 2 doorsneden en 2 details. Betreffen brug in de Nieuwe Landschuurweg no. 14, brug in weg no. 12 over de Gapingse watergang, brug in weg no. 13 over de Gapingse watergang en brug in weg no. 120 over de tankgracht te Koudekerke. Tekeningnr. H-125a/O-124a 2490 Het onder profiel brengen van de tankgracht in de gemeente Vlissingen vanaf dr. no. 43 in de Prov. weg Koudekerke-Vlissingen tot aan de Meliskerkse watergang/ [S.M. Haverhoek], adjunct-opzichter Westwatering. - Schalen 1:100 en 1:2500.-[1948].-1 tek.: calque, handschr.; 59 x 84 cm.-13 afb. op blad, inhoudende 1 situatie, 1 schema grondverzet en 11 dwarsprofielen. Tekeningnr. H-65b/W-107b 2549 Duiker kruising Prov. weg Biggekerke-Koudekerke en tankgracht/ J.B. Wijnen. Schalen 1:5, 1:20 en 1:2500.-1948.-1 tek.: calque, handschr.; 60 x 68 cm.-6 afb. op blad, inhoudende 1 situatie, 1 verticale langsdoorsnede, 1 horizontale langsdoorsnede/bovenaanzicht, 1 halve langsdoorsnede, 2 details. Tekeningnr. H-63/W-106 2550 Buigstaat: behoort bij tekening duiker in tankgracht te Koudekerke. -1949.-1 tabel: calque, handschr.; 30 x 42 cm.
Tekeningnr. H-62/W-106 2619 Dwarsprofielen van tankgracht tussen Souburg en fort de Ruijter/ A. L[amain]. -Schaal 1:100.- 1949.-1 tek.; lichtdr.; 30 x 62 cm.-9 afb. op blad. Tekeningnr. H-280/Z-262 1051a Ontwerp strandverdediging Noorderstrand. - schaal 1:5000. - 1951. - 1 tek.: calque, gedr.; 30 x 123 cm. Behoort bij rapport oeverafname benoorden Oostkapelle d.d. 25 februari 1951 No. 52.317. Tekeningnr. N-372 1587a Op te ruimen verdedigingswerken aan het Noorderstrand en de Zeedijk. - Schalen 1:100 en 1:5000. - 1951. - 1 tek.: calque, gedr., handschr.; 32 x 66 cm. Behoort bij bestek no. 113. Tekeningnr. O-296 1937a Herstel oorlogsschade aan inlaagdijk. - Schaal 1:100. - 1951. - 1 tek.: calque, handschr.; 65 x 86 cm. Tekeningnr. Z-320
Relevant Nee ,2
Nee, 2
Nee, 2
Nee, 2 Nee, 2 Nee, 2-3
Nee, 1
Nee, 2
3023 - Suzannapolder Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 68 Stukken betreffende het herstel van de oorlogsschade aan de zeedijk en de betonnen keermuur, 1944-1952
Relevant Nee, 1
3165 - Waterschap Waarde, 1644-1959 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 38 Tekeningen van de door de duiker in de Lageweg te leggen leiding, (1948). 1 blad. Schaal (1:20), 34,5 x 21 cm, tekening. .
Relevant Nee, 2
3171 - Zimmermanpolder, 1881-1971 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 301B Stukken betreffende het aanleggen van een nieuwe zeedijk op de schorren voor de Zimmermanpolder, de Emmanuëlpolder en de Waardepolder, het verhogen van de berm van de zeedijk (gedeeltelijk) van de laatstgenoemde polder en het indijken van deze schorren, 1964-1968. 1 omslag 3224 - Mariapolder, 1835-1959 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 42 Tekeningen van de zeebodem, dijkverhoging en omheiningen op de dijk, 1882-(ca. 1957). 1 omslag 3228 - Oud- en Nieuw-Noord-Bevelandpolder, 1934-1959 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 86 07.351.53. Vergoeding van oorlogs- en stormvloedschade, 1950-1957. 1 omslag
T&A Survey
Relevant Nee, 2
Relevant Nee, 3
Relevant Nee, 1
Pagina 15 van 66
3300 - Waterschap Schouwen-Duiveland, (1951) 1959-1995 (2000) Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 840 Bestek 1024 voor het opruimen van militaire verdedigingswerken op en in de zeedijk op het strand en in de duinen van het waterschap Schouwen-Duiveland, 1962-1964 841 Bestek 1030 voor het opruimen van militaire verdedigingswerken op het strand en in de duinen van de voormalige polder Westerban van Schouwen, 1964-1966 842 Bestek 1042 voor het opruimen van militaire verdedigingswerken op het strand en in de duinen van de voormalige polder Westerban van Schouwen, 1965 843 Bestek 1064 voor het opruimen van militaire verdedigingswerken in de dijken van het waterschap Schouwen-Duiveland, 1966-1967 844 Bestek 1015 voor het opruimen van militaire verdedigingswerken op en in de zeedijk, op het strand en in de duinen van het waterschap Schouwen-Duiveland, met bijkomende werken, 1959-1964 852 Voorbereiding, aanbesteding, gunning en oplevering voor het opruimen van militaire verdedigingswerken nabij de Plompetoren en bij en in de haven van Burghsluis in district 1, 1972-1973.
Relevant Nee, 2 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1
3314 - Burgh en Westlandpolder (calamiteus) Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 819 Stukken betreffende herstel van oorlogsschade aan de zeewering, met tekeningen, 1946-1959
Relevant Nee, 1
3326 - Waterschap Schouwen Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 1117 Dossier inzake het opruimen van verdedigingswerken in de duinen aangelegd door de Duitse Weermacht, met tekeningen, 1955, 1957
Relevant Nee, 1
3228 - Oud- en Nieuw-Noord-Bevelandpolder Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 86 07.351.53. Vergoeding van oorlogs- en stormvloedschade, 1950-1957
Relevant Nee, 2
3401 - Waterschap Tholen 1975-1995 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 221 Stukken betreffende voorbereiding van de partiële dijkversterkingen van de Oosterscheldedijken van Tholen en Sint Philipsland, 1974-1978
Relevant Nee, 3
3428 - Waterkering Suzannapolder (calamiteus) Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 85 Rapport van het dijksbestuur, uitgebracht aan Gedeputeerde Staten, betreffende de watersnood van 1953 en het herstel van de waterkering, 1953
Relevant Nee, 2
3458 - Waterschap Sint Philipsland Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 61 Stukken betreffende de geleden oorlogsschade, 1944-1951
Relevant Nee, 1
Leemte in kennis provinciaal archief Geen Uitwerking van de aangetroffen relevante stukken Voor de aangetroffen relevante gebeurtenissen wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.
T&A Survey
Pagina 16 van 66
3.2.2 Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie Het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (“NIOD”) is een kennis- en informatiecentrum over oorlog en bevat diverse (dag)boeken en archiefstukken over WOII. Conform de WSCS-OCE dienen hiervan de volgende collecties geraadpleegd te worden:
Collectie 216K - Departement van Justitie Collectie 077 - Generalkommissariat für das Sicherheitswesen - Höhere SS- und Polizeiführer Nord-West
Betrouwbaarheid van de bron Archiefstukken uit collectie 216K betreffen in de regel vergelijkbare stukken als die uit het gemeentearchief. Indien dit het geval is en de verbalisant van het archiefstuk iemand betrof die op locatie is geweest of een directe medewerker betrof van degene die op locatie is geweest, dan geldt hetzelfde als gesteld is voor de betrouwbaarheid van de archiefstukken uit het gemeentearchief. Voor collectie 077 is dit echter niet het geval; deze collectie bevat samenvattende rapporten, die gebaseerd zijn op de originele rapporten, telegrammen of een telefoonbericht. Hierbij bestaat de kans op fouten bij het overnemen en samenvatten van informatie. Deze archiefstukken rapporteren dus niet uit eerste hand en daarom worden de details (aantallen explosieven, exacte locaties, e.d.) als minder betrouwbaar gezien, maar de gebeurtenis zelf wel als betrouwbaar. Het verdient de voorkeur om bevestiging van de details middels een tweede bron te verkrijgen. Overzichtslijst geraadpleegde collecties en inventarissen van het NIOD Toegangsnummer 077 - Collectie Generalkommissariat für das Sicherheitswesen - Höhere SSund Polizeiführer Nord-West Inv. Nr.
Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 518 Verslagen van de Befehlshaber der Ordnungspolizei betreffende de luchtaanval- Nee, 1 len op Nederlands grondgebied van 21 tot en met 27 augustus 1940 993 Verslagen betreffende geallieerde luchtaanvallen op bewapeningsbedrijven in Nee, 1 Hengelo en de gasfabriek in Rotterdam, 1942-1943 1328 Dagberichten van de Befehlshaber der Ordnungspolizei Den Haag betreffende Nee, 1 vijandelijke luchtaanvallen, 1940-1941 1332 Stukken betreffende vijandelijke luchtaanvallen, landingen van vijandelijke Nee, 1 vliegeniers, het vinden van versperringsballons, het werpen van springstoffen en het gebruik van sabotagematerialen, 1940-1943 1759 Berichtgevingen betreffende neergekomen vliegtuigen, 1943 Nee, 1 1855 Telegrammen van de marechaussee regio Rotterdam aan het 3. Polizeibataillon Nee, 1 over bominslagen en delicten, 27-30 november 1944 Toegangsnummer 216K - Collectie Departement van Justitie Inv. Nr.
Omschrijving archiefstuk(ken) 179 Ingekomen en minuten van uitgegane stukken, 16 december 1942 - 21 november 1944 180 Rapporten van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politiekorpsen en de Marechaussee inzake het geven van het sein luchtalarm, het neerstorten van vliegtuigen en vliegtuigonderdelen en de vondst van niet-ontplofte explosieven, 23 juni 1943 - 28 april 1944 181 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Aalsmeer-Apeldoorn 182 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Arcen-Arnhem 183 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Baarn-Burgh 184 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Capelle a/d Ijssel - Dwingeloo
T&A Survey
Relevant Nee, 1 Nee, 1
Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1
Pagina 17 van 66
Toegangsnummer 216K - Collectie Departement van Justitie Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 185 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Echt-Zwolle 186 Meldingen van verschillende gemeenten betreffende ongevallen, beschietingen, bombardementen en het afwerpen van (lege) benzinetanks door vliegtuigen 188 Meldingen van luchtalarm in de provincies Gelderland en Overijssel, 18 september 1944 - 16 januari 1945 844 Rapport van de Marechaussee Clinge aan de hoofdinspecteur van de Luchtbescherming inzake het neerstorten van een vliegtuig, 3-5 januari 1944
Relevant Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1
Uitwerking van de aangetroffen relevante stukken Er zijn in het archief van het NIOD geen relevante gebeurtenissen aangetroffen.
T&A Survey
Pagina 18 van 66
3.2.3 Nederlands Instituut voor Militaire Historie Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (“NIMH”) is een gespecialiseerd kennisen onderzoekscentrum op het gebied van de Nederlandse militaire geschiedenis en beschikt onder andere over de volgende collecties:
Collectie 409 “Gevechtsverslagen en rapporten mei 1940” Collectie 575 “Duitse verdedigingswerken in Nederland en rapporten van het Bureau Inlichtingen te Londen (1940-1945)” Collectie 801 “Bergingen”
Collectie 409 bevat gevechtsverslagen en rapporten van de Nederlandse strijdkrachten van de meidagen van 1940. Deze verslagen zijn grotendeels korte tijd na de gevechten in mei 1940 opgesteld aan hand van betrokkenen bij de strijd. Voor oorlogshandelingen in de meidagen van 1940 zijn deze verslagen de meest betrouwbare bron. Tevens is deze bron uitvoerig gebruikt in de literatuur over de strijd in mei 1940: o.a. de werken van V.E. Nierstrasz, L. de Jong, H. Amersfoort en E.H. Brongers zijn hierop gebaseerd. Conform de WSCS-OCE dient collectie 409 geraadpleegd te worden indien uit andere bronnen blijkt dat er indicaties zijn dat grondgevechten hebben plaatsgevonden in de periode mei 1940. Collectie 575 dient geraadpleegd te worden indien uit andere bronnen blijkt dat er een indicatie is dat er Duitse militaire werken in het onderzoeksgebied aanwezig waren ten tijde van WOII. Collectie 801 bevat informatie over de berging van diverse toestellen, voornamelijk uitgevoerd in de jaren 70. Sommige van deze meldingen bevatten uitvoerige omschrijvingen van de geborgen delen van het toestel en kan daarom een zeer goede bron voor contra-indicaties m.b.t. vliegtuigwrakken zijn. Betrouwbaarheid van de bron Collectie 409 Deze gevechtsverslagen en rapporten zijn grotendeels korte tijd na de gevechten in mei 1940 opgesteld aan hand van betrokkenen bij de strijd.
Voor oorlogshandelingen in de meidagen van 1940 zijn deze verslagen de meest betrouwbare bron, maar er dient rekening mee gehouden te worden, dat de verslagen – bewust of onbewust – overdreven of vertekend kunnen zijn door de betrokkenen. Collectie 575 Deze collectie bevat door het verzet opgestelde rapporten en kaarten van Duitse verdedigingswerken in Nederland en rapporten van het Bureau Inlichtingen te Londen. In deze collectie zijn kaarten van verdedigingswerken en meldingen van troepenbewegingen en resultaten van geallieerde bombardementen te vinden. Deze meldingen zijn in de regel betrouwbaar, maar details (datum van gebeurtenis en aantallen bommen e.d.) wijken regelmatig af. Een tweede bron (vrijwel altijd een luchtfoto) wordt meestal geraadpleegd om het verdachte gebied beter af te kunnen bakenen. Collectie 801 Deze stukken bevatten voornamelijk documenten opgesteld door een luchtmachtofficier die betrokken was bij de ruimingen. Deze stukken zijn zorgvuldig opgesteld en betrouwbaar.
T&A Survey
Pagina 19 van 66
Geraadpleegde collecties en inventarissen van het NIMH Collectie 409 Collectie 409 “Gevechtsverslagen en rapporten mei 1940” Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 464008 464008 Verslag van de 3e compagnie van het Ie bataljon van het 40e regiment infanterie door kapitein B.H. Erné 464009 Verslag met aanvullende gegevens van de mitrailleur compagnie van het Ie bataljon van het 40e regiment infanterie door kapitein J.M. Michielsen 464014 Verslag van de commandant van het IIIe bataljon van het 40e regiment majoor F.G.L. Krämer 464015 Bevel voor 14 mei 1940, van de commandant van het IIIe bataljon van het 40e regiment majoor F.G.L. Krämer 464016 Verslag van de commandant van de 2e compagnie van het IIIe bataljon van het 40e regiment infanterie kapitein J. Hagers 465017 Verslag en dagboek van de commandant van de 2e compagnie van het IIIe bataljon van het 38e regiment infanterie kapitein K.A. Hamelink * Voor deze stukken is de informatie uit de Groene Serie (Stafwerk) gebruikt. Zie literatuur.
Relevant Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Ja Ja *
Collectie 575 Collectie 575 “Duitse verdedigingswerken in Nederland en rapporten van het Bureau Inlichtingen te Londen (1940-1945)” Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 4 Datum: 26-04-1944; Schaal/code/blz.: A 226; Serie/nummer: Molen; Ja Omschrijving: Duitse verdedigingswerken op Zuid-Beveland 86 Kaarten met Gesamt Flakeinsatz(luchtafweergeschut) in de omgeving van Nee, 1 Zoutelande, Arnemuiden, Wemeldingen, Hansweert, Woensdrecht, Roosendaal, Breda, Gelre, Tilburg, Eindhoven (met vliegveld), Volkel (met vliegveld), Venlo (met vliegveld), Nijmegen, 's-Hertogenbosch, Hedel, Zaltbommel, Culemborg, Vianen, Vreeswijk, Ravenstein en Grave, Gorinchem, Keizersveer, Geertruidenberg, Moerdijk, Dordrecht en Rotterdam, afkomstig van Flakgruppe Rotterdam Flakregiment 8(v) en gericht aan Festungspionierstab 15, ten behoeve van de Führeratlas; Schaal/code/blz.: 1:25.000 i
Collectie 801 In collectie 801 zijn de volgende inventarissen geraadpleegd. Collectie 801 Bergingen Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 2 Brief van het hoofd van de Dienst der Zuiderzeewerken aan de commandant materieel luchtmacht betreffende het opruimen van vliegtuigwrakken in Oostelijk Flevoland 3 Brief van de minister van Financiën aan de gemeentebesturen en de Landrost van het Openbaar Lichaam Zuidelijke IJsselmeerpolder betreffende de vergoeding van de kosten voor het verwijderen van ontplofbare stoffen uit de Tweede Wereldoorlog 5 Brief van B.J.M. baron van Voorst tot Voorst aan W.A. Mateman betreffende een opgegraven Typhoon motor in 1981 6 Brief van A. Jansen aan J.M. van de Berg betreffende het verstrekken van inlichtingen over Luftwaffe-crashes waarbij de bemanning niet is geborgen, ten behoeve van het opstellen van een meerjarenplan voor de te verrichten opgravingen door de Koninklijke Luchtmacht 7 Brief van L. Elferich van de gemeente Rotterdam aan S.F.M.
Plantinga van het Algemeen Rijksarchief betreffende de vindbaarheid van alle rapportages van de Rotterdamse Luchtbescherming aan de centrale leiding 11 Gevonden lijken en voorwerpen opgemaakt door de Marechaussee Gewest Arnhem – Groep Vollenhove – Post Urk 12 Bergingsrapporten van diverse vliegtuigen 13 Onderzoeksrapporten naar vliegtuigwrakken 14 Gevonden vliegtuigdelen vermoedelijk afkomstig van een vliegtuig uit de Tweede Wereldoorlog 18 Stukken betreffende het behandelen van aangelegenheden op het gebied van neergestorte vliegtuigen op diverse plaatsen in Nederland: Amstelveen 20 Stukken betreffende het behandelen van aangelegenheden op het gebied van neergestorte vliegtuigen op diverse plaatsen in Nederland: Houtrakpolder te Amsterdam 21 Stukken betreffende het behandelen van aangelegenheden op het gebied van neergestorte vliegtuigen op diverse plaatsen in Nederland: IJsselmeer 28 Stukken betreffende het behandelen van aangelegenheden op het gebied van
T&A Survey
Relevant Nee, 2 Nee, 2
Nee, 2 Nee, 1
Nee, 2 Nee, 4 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 1
Pagina 20 van 66
Collectie 801 Bergingen Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) neergestorte vliegtuigen op diverse plaatsen in Nederland: Vijfhuizen 30 Stukken betreffende het behandelen van aangelegenheden op het gebied van neergestorte vliegtuigen op diverse plaatsen in Nederland: Zuiderzee 31 Stukken betreffende het behandelen van aangelegenheden op het gebied van neergestorte vliegtuigen op diverse plaatsen in Nederland: Zuid-Flevoland 35 "Vliegtuigverliezen tijdens Market Garden", geschreven door Leo Zwaaf 45 Overzichten van de in de periode 1960-1993 geborgen vliegtuigwrakken 48 Stukken betreffende de Stichting Dutch Aircraft Examination Group (DAEG)
Relevant Nee, 1 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 2
Leemte in kennis archief NIMH Geen. Uitwerking van de aangetroffen relevante stukken Voor de aangetroffen relevante gebeurtenissen wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.
T&A Survey
Pagina 21 van 66
3.2.4 Nationaal Archief Den Haag In het Nationaal Archief van Den Haag is onder toegang 2.04.53.15 – “Binnenlandse Zaken” een collectie berichten beschikbaar van gemeentes gericht aan Rijksinspectie Luchtbescherming te Den Haag. Dit zijn meldingen van de gemeentes en provincies betreffende gebeurtenissen waarbij voorwerpen vanuit de lucht in de gemeente terecht zijn gekomen, vliegtuigbeschietingen en bombardementen. De stukken betreffen voornamelijk de periode 1940-1943. Deze stukken voegen weinig tot niets toe aan de processen-verbaal van de Luchtbeschermingsdienst van de gemeentes zelf, maar wanneer die stukken verloren zijn gegaan, zijn de stukken uit het Nationaal Archief een waardevolle bron van informatie. Zodoende zijn de stukken van deze toegang verplicht te raadplegen conform de richtlijnen van het Procescertificaat. Toegang 2.04.110 bevat overzichten en krantenartikelen van naoorlogs aangetroffen en geruimde explosieven. Beiden vermelden weinig details, maar kunnen soms als bevestiging van andere bronnen dienen. Het raadplegen van de krantenartikelen uit deze toegang is verplicht conform de richtlijnen van het Procescertificaat. Toegangen 2.05.44 en 2.13.71 betreffen verslagen van bombardementen op Nederlands grondgebied zoals gerapporteerd aan en door Nederlandse autoriteiten in Groot Brittannië.
Er zijn documenten die overzichten van uitgevoerde aanvallen in een maand geven, of juist gedetailleerd verslag leggen van één specifieke aanval. Daarbij is voornamelijk informatie van de geallieerde luchtmacht gebruikt, soms ten dele aangevuld met informatie uit Nederland (waarschijnlijk verkregen via het verzet). Betrouwbaarheid van de bron Archiefstukken uit toegang 2.04.53.15 betreffen in de regel samenvattende rapporten, die gebaseerd zijn op de originele rapporten. Hierbij kan gedacht worden aan een stuk van de burgemeester, waarin de gebeurtenissen van een maand worden samengevat en gerapporteerd aan de provincie of de autoriteiten in Den Haag. Hierbij bestaat de kans op fouten bij het overnemen en samenvatten van informatie. De gebeurtenis zelf is daarmee wel betrouwbaar, maar de details minder. Indien een archiefstuk niet uit eerste hand rapporteert, worden de details (aantallen explosieven, exacte locaties, e.d.) als minder betrouwbaar gezien, tenzij de omschrijving dermate gedetailleerd is, dat gesteld kan worden dat het letterlijk over is genomen uit het oorspronkelijke proces-verbaal. Indien dergelijke details niet zijn gegeven, verdient de voorkeur om bevestiging van de details middels een tweede bron te verkrijgen. Toegang 2.04.110 levert weinig erg betrouwbare informatie op.
De meest voorkomende informatie zijn de krantenartikelen, geschreven door leken op het gebied van explosieven. De ervaring leert dat details uit krantenartikelen vaak niet kloppen. De informatie uit deze bron wordt in de regel alleen gebruikt als tweede, bevestigende bron. Voor toegangen 2.05.44 en 2.13.71 geldt iets vergelijkbaars als voor toegang 2.04.53.15. De informatie is gebaseerd op wat de geallieerde luchtmacht en het verzet leverden. Hoewel redelijk betrouwbaar, kan daarbij informatie verloren zijn gegaan, incompleet zijn of minder gedetailleerd dan de originele documenten. Het verdient daarom de voorkeur om de originele bron te hanteren. Geraadpleegde toegangen en inventarissen van het Nationaal Archief Den Haag Toegang 2.04.53.15 – Binnenlandse Zaken; Inspectie Bescherming Bevolking tegen Luchtaanvallen, 1937-1946 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant Ingekomen en minuten van uitgegane brieven van en aan diverse overheidsinstel- Nee, 1 41 lingen 1940 – 1941: Commissaris der Koningin in de provincie Zeeland, nrs. 18.5.1 - 18.5.26
T&A Survey
Pagina 22 van 66
Toegang 2.04.53.15 – Binnenlandse Zaken; Inspectie Bescherming Bevolking tegen Luchtaanvallen, 1937-1946 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant Meldingen en processen -verbaal ontvangen van gemeenten over geallieerde Nee, 1 77 Luchtactiviteiten 1940-1941: Zeeland Toegang 2.04.110 - BiZa / Korps Hulpverleningsdienst 1945-1974 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 5 Correspondentie van de Hulpverleningsdienst. 1959-1974 20 Registers met krantenknipsels inzake explosieven. Z.d. 21 Registers met krantenknipsels inzake explosieven. 1945-1947 22 Registers met krantenknipsels inzake explosieven. 1957-1959 28 Verzameling krantenknipsels inzake de Hulpverleningsdienst. [1947-1970] 47 Stukken betreffende de bewaking van munitiedumps. 1947 48 Stukken betreffende een regeling voor toekenning van een vergoeding aan burgers in de gemeente Muiden voor geleden schade door een ontploffing van munitie op 17 januari 1947. 1947-1948 49 Stukken betreffende onderzoeken naar explosieven die in handen van burgers zijn gekomen. 1947-1960 50 Stukken betreffende een zaak aangespannen tegen de Nederlandse Staat door het bergingsbedrijf Gebroeders Bijker N.V. en B.C.A. van den Oever met betrekking tot koop en berging van het wrak van de Engelse torpedojager Valentine in de Schelde. 1954 51 Registers inzake meldingen van geruimde explosieven. 1954-1967 Kring Tilburg en Kring Venlo, 1954 dec.