2021-01b. D20.245879 Collegeadvies en bijhorende stukken b Matrix - vergelijking scenarios obv indicatoren
Tekst van het document
Matrix: vergelijking scenarios op basis van indicatoren die van belang zijn voor de Zeeuwse gemeenten Opmerking: In onderstaande matrix gaan we uit van de volgende uitgangspunten voor gezamenlijke verantwoordelijkheden (in volgorde van belangrijkheid): Continuiteit van zorg, continuiteit van werk, uitwerking Vaart in Veiligheid wordt gekoppeld aan de structurele borging van de GI-functie in Zeeland, kijken naar oplossingen, met begrip voor en uitgaande van de financiele verantwoordelijkheden van de Stichting Intervence en die van de 13 Zeeuwse gemeenten.
Indicator, wat vindt Zeeland belangrijk voor de Zeeuwse GI-functie?
Nr.
Aanvullende opmerkingen betreffende het scenario:
Scenario 1 Intervence blijft zelfstandig Scenario 2 overname van onderneming op basis van Scenario 3a, Overname van de maatregelen van de Scenario 3b Overname maatregelen GI Intervence functioneren, waarbij de uitwerking van Vaart in het businessplan van PvJ GI Intervence door drie GI's én faillissement bij overname onderneming door drie GI's én Veiligheid dienst als basis voor de toekomst van Stichting Intervence liquidatie Stichting Intervence. de GI Intervence. Dit scenario is op basis van het onderzoek van PvJ heeft aangegeven geen voorstel voor overname aan De GI's gaan niet uit van een 'doorstart'. De gemeente neemt als opdrachtgever het besluit. De kinderrechter zal de EHdK niet haalbaar binnen de gestelde kaders (pxq de Zeeuwse jeugdregio te doen. Daarmee vervalt dit maatregelen bij andere GI's beschikken. In combi met 10b zonder instandhoudingsbijdrage). Er is mogelijk een scenario en is dit verder ook niet uitgewerkt. en 12 is niet te verwachten dat hier problemen zullen optie in de uitwerking van Vaart in Veiligheid maar optreden. Er zijn mogelijkheden te bedenken om toch een dat is onvoldoende uitgewerkt (zie hiervoor ook de gezamenlijke overgangsperiode vorm te geven die ook aanvullende memo van mw. Kamermans) Intervence kan ondersteunen bij het dragen van de verantwoordelijkheid én de collectieve wenst om mensen te behouden voor de sector.
1 Kan binnen de huidige tarieven/beschikbare budget werken (zo nodig na een opstartfase met extra financiële bijdrage). Incidentele kosten, die te maken hebben met de overgang, zijn helder en realistisch en vooraf duidelijk gemaakt (opstartkosten, aanloopverliezen, transitiekosten).
2 Werkwijze Vaart in Veiligheid moet passen binnen de GI-methodiek en heeft draagvlak.
Intervence heeft naast de financiering van de tarieven Ja, naar zeggen van PvJ kunnen de huidige tarieven Ja, alle partijen werken ook nu al met de Zeeuwse tarieven (pxq) een instandhoudingsbijdrage nodig. Met het oog op aangehouden worden (huidige contractering), vragen wel een en kunnen daarmee uit de voeten. het toewerken naar een nieuwe organisatiestructuur de transitievergoeding. De berekening van EHdK gaat uit van een komende twee tot drie jaar door de pilot Vaart in structureel tekort. Deze verschillende zienswijzen moeten bij Veiligheid, samen met VT, RvK en Zeeuwse gemeenten, elkaar gebracht worden. zal Intervence voorlopig blijven bestaan in de huidige vorm. Het structurele tekort bedraagt ongeveer 1,1 mln per jaar uitgaande van 650 dwang maatregelen per jaar. Het eenmalige tekort – het bedrag dat nodig is om te komen tot een relatief structurele stabiele bedrijfsvoering – bedraagt circa €223.000,-. Deze bedragen zijn exclusief de nog bestaande liquiditeitsproblemen in 2020 en eventuele opslagen en/of aanvullingen ten behoeve van de opbouw van het weerstandsvermogen. Ja, Intervence is vanaf het begin betrokken geweest bij Ja, gaan uit van de visie: “wij zijn er als het moet”. (3 Alle partijen kunnen zich vinden in de insteek van ViV. Vaart in Veiligheid. Dit vraagt dan wel een (mogelijke) kolommen).
Werken met een objectieve toetsing aan het begin aanpassing van de gebruikte methodiek bij Intervence van het traject (voorwaarde van de Inspectie). Zien veel (nu FFPS en GGW). Vaart in Veiligheid vraagt om mogelijkheden in de werkwijze Vaart in Veiligheid. Zien geen professionals die kijken naar datgene een gezin/systeem meerwaarde in lange “drangtrajecten”, zijn blij met de visie van nodig heeft en niet naar een methodiek allen. Vaart in de Zeeuwse gemeenten op Preventieve jeugdbescherming. Veiligheid vraagt in de toekomst mogelijk om een Werken alleen met dwangcasussen. Financiele afspraken splitsing in teams (Teams voor de uivoering van de voor bijdrage aan de 'vaste professional"moeten gemaakt maatregelen (dwang) en medewerkers voor de taak van worden (geldt voor alle GI's). "vaste professional in een gezinssysteem". Er liggen er goede kansen voor nauwe samenwerking (inhoudelijk maar ook personeelstechnisch) met Veilig Thuis, het Veiligheidshuis en de RvdK. Dit is nu nog niet uitgewerkt.
Ja, alle partijen werken ook nu al met de Zeeuwse tarieven en kunnen daarmee uit de voeten.
Alle partijen kunnen zich vinden in de insteek van ViV.
3 De hulp voor kinderen en gezinnen moet zo veel mogelijk ongestoord en ongehinderd en Ja, blijft. Ontwikkleingen die al ingezet zijn, laat zien dat zonder onzekerheden kunnen worden gecontinueerd. Omvang risico’s bij de overgang naar de het verloop positief beinvloed is. Ziekteverzuim blijft nieuwe situatie (continuïteit van zorg) is zoveel als mogelijk vooraf bekend. Biedt een serieuze momenteel hoog vooral als gevolg van de reorganisatie kans aan personeel van Intervence voor werkgelegenheidsgarantie. in 2019.
Ja, willen in principe alle medewerkers en alle contracten overnemen. Ze bieden daarmee continuiteit van de dienstverlening. Daarna is een proces van integratie van backoffice en kenniscentra en verdere verbetering van de operationele kwaliteit van Intervence aan de orde.
Contuniteit van zorg is geen garantie, omdat GI's pas na faillissement kunnen aangeven aan de curator dat zij de maatregelen en de medewerkers over kunnen nemen
Briedis:, huidige structuur is met ZZP-ers/leden ingericht, is bereid te kijken naar mogelijkheden van loondienst. Nu geen Zeeuws personeel betrokken. Heeft uitvoerende medewerkers nodig en enkele administratieve medewerkers van Intervence. Voorkeur lijkt te liggen bij samenwerking met LdH en WSG. WSG: Ja, maar verloop en ziekteverzuim is zorgelijk. Zien kansen om de interne cultuur van Intervence dmv een nieuwe organisatie te veranderen. . LdH: Ja, maar LdH vindt de kwaliteit van eventueel over te nemen medewerkers van Intervence (uitvoerend) essentieel. Daarnaast is de christelijke visie van het LdH ook belangrijk. Voorkeur lijkt te liggen bij een samenwerking met Briedis en WSG.
4 Is bekend met en bereid te werken in de Zeeuwse jeugdregio, inclusief de aandachtspunten zoals reistijd, reiskosten, 13 gemeenten, weinig inwoners etc.
Ja, is bekend met Zeeland vanuit het onderdeel WSG.
Ja, partijen zijn bekend en bereid te werken in de Zeeuwse jeugdregio. Partijen zien ook kansen voor uitbreiding van hun eigen marktaandeel in Zeeland
Ja, partijen zijn bekend en bereid te werken in de Zeeuwse jeugdregio. Partijen zien ook kansen voor uitbreiding van hun eigen marktaandeel in Zeeland
Ja, op basis van huidige contractering
5 Te verwachten transitiekosten.
In dit scenario is als uitgangspunt genomen de base Nog in te vullen. case voor 2021, waarbij het huidige ziekteverzuim, het verloop en de huidige organisatiestructuur zonder gewijzigd beleid voortgezet wordt. In de praktiijk wordt hier hard aan gewerkt en is er een daling te zien van bijvoorbeeld het verloop. Er is uitgegaan van een daling van het aantal drangmaatregelen naar 75 in 2021 en naar 0 in 2022. Omdat de omvang van de activiteiten ook gereduceerd wordt, zijn de opbrengsten vanuit verzuim, verloop en efficiëntere processen ook lager. Met ongewijzigd beleid moet in dit geval uit worden gegaan van een verlies van circa 1,8 miljoen per jaar. Dit is zonder instandhoudingsbijdrage en/of hogere tarieven. Het is denkbaar dat er voor Intervence werk blijft voor korte intensieve drangmaatregelen. Het is echter onduidelijk om hoeveel maatregelen dit jaarlijks gaat. Deze aantallen zijn in de berekening niet meegenomen. Het structurele tekort bedraagt ongeveer 1,1 mln per jaar. Het eenmalige tekort – het bedrag dat nodig is om te komen tot een relatief structurele stabiele bedrijfsvoering – bedraagt circa 223.000,-. Deze bedragen zijn exclusief de nog bestaande liquiditeitsproblemen in 2020 en eventuele opslagen en/of aanvullingen ten behoeve van de opbouw van het weerstandsvermogen.
Ter vergelijking: het structurele tekort beddraagt circa€ 600k indien het # maatregelen op 600 zou blijven.
Eenmalig €1.275.000 (3 partijen).Kosten transitieperiode Eenmalig € 1.275.000 voor de 3 partijen. Kosten Intervence Intervence max €1.500.000 .Daarna p x q. De .gemeenten bij liquidatie max €2.000.000 conform berekening zijn formeel alleen verantwoordelijk voor kosten voor Intervence. continuïteit van de zorg. Zij hoeven zelf geen kosten te maken met betrekking tot het faillissement van Intervence. Niet terug betaalde bevoorschotting wordt niet terugbetaald. Kosten curator kunnen niet worden betaald vanuit Intervence en komen dus boven de schuld aan gemeenten en andere crediteuren. Kosten curator hebben een hogere prioriteit dan die van de schuldeisers. Mogelijkheden liggen wel in verkoop pand. Grote schuldeisers zijn: 1) gemeenten ivm teveel bevoorschotte bedragen 2019 en 2020 en 2) ICT leverancier WIJZ, er zijn geen schulden aan belastingdienst. Opbrengsten verkoop pand zullen niet kostendekkend zijn. De boedelopbrengsten zullen naar verwachting onvoldoende zijn om aan alle financiële verplichtingen te kunnen voldoen.
6 Te verwachten transitieperiode.
2020 tot 2023
Uitgangspunt is 1 januari 2021 overdracht gerealiseerd
November 2020 tot augustus 2021
November 2020 tot augustus 2021
7 Biedt een structurele oplossing en rust in de GI functie
Ja, op basis van uitwerking ViV, zorgcontunuiteit is gegarandeerd, continuiteit van werk is gegarandeerd, financiele verantwoordelijkheid op termijn duidelijk
Ja, op basis van uitwerking ViV, zorgcontunuiteit is gegarandeerd, continuiteit van werk is gegarandeerd, financiele verantwoordelijkheid op termijn duidelijk
Ja, op basis van uitwerking ViV, zorgcontunuiteit is gegarandeerd, continuiteit van werk is gegarandeerd, financiele verantwoordelijkheid op termijn duidelijk
Ja, op basis van uitwerking ViV, zorgcontunuiteit is gegarandeerd, continuiteit van werk is gegarandeerd, financiele verantwoordelijkheid op termijn duidelijk
8 Juridische uitgangspunten. Hierbij gaan we uit van de contracturele afspraken:(artikel 4.2) : Geen wijzigingen Voor alle binnen de duur van deze Overeenkomst in zorg genomen Cliënten blijven de Partijen ook na afloop van de genoemde contractperiode volledig aan hun respectievelijke verplichtingen voldoen, totdat overdracht van het dossier en de zorgverlening heeft plaatsgevonden.
Betreft overgang van onderneming omdat de overnemer is te zien als de voortzetter van de onderneming waarin hij dezelfde of vergelijkbare activiteiten gaat ontplooien. Arbeidsovereenkomsten gaan rechtswege over de op de overnemer op moment van overname.Ontslaan van personeel dat niet wordt overgenomen is moeilijk, omdat bijvoorbeeld ziek personeel niet kan worden ontslagen zonder ontslagvergunning. Wanneer Intervence voldoende financiële middelen heeft om een (transitie)vergoeding te betalen aan de werknemers die zij ontslaat is dit middels een vaststellingsovereenkomst wel mogelijk. Intervence heeft echter geen financiële middelen voor een transitievergoeding en verwacht dit dan van de Zeeuwse gemeenten.
Bij faillissement is er geen sprake is van overname van onderneming. Belangrijk is dan dat de 3 partijen pas na faillissementaanvraag aangeven wat te willen betekenen in de overname van casussen en bijbehorend personeel. Wanneer de doorstart voorbereidt wordt voor het faillisement en de doorstart als het ware een 'uitgemaakte zaak is" kunnen de regels voor overgang van onderneming wel van toepassing zijn.
Betreft overgang van onderneming omdat de overnemers zijn te zien als de voortzetters van de onderneming, waarin zij dezelfde of vergelijkbare activiteiten gaan ontplooien. Arbeidsovereenkomsten gaan rechtswege over de op de andere GI's op moment van overname. Wanneer een van de GI's slechts een gedeelte van de maatregelen overneemt en géén personeel, is er vermoedelijk geen sprake van overgang van onderneming. Dit is echter geen optie, omdat de betreffende GI's niet voldoende personele capaciteit hebben zonder de Jeugdbeschermers/Jeugdreclasseerders van Intervence.
9 Melden bij Autoriteit Consument & Markt (ACM) is verplicht wanneer wordt voldaan aan twee Nee voorwaarden: 1. De samengaande bedrijven hebben bij elkaar wereldwijd een jaaromzet van €150 miljoen of meer én minstens twee van de samengaande bedrijven hebben in Nederland ieder een jaaromzet van € 30 miljoen of meer. Deze voorwaarden zijn cumulatief, een melding is dus niet nodig wanneer aan één van de voorwaarden is voldaan
Nee, omzetdrempels worden niet gehaald.
Nee, omzetdrempels worden niet gehaald.
Nee, omzetdrempels worden niet gehaald.
10 Melden bij Nza. Concentraties moeten bij de NZa gemeld worden als: Er ten minste één Nee zorgaanbieder bij de concentratie betrokken is die met (gemiddeld) 50 personen of meer zorg in de zin van de Wet marktordening gezondheidszorg (“Wmg”) doet verlenen (in de 12 maanden voorafgaande aan de melding) . Met personen die zorg doen verlenen wordt gedoeld op personen die de volgende zorg verlenen: A) Zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (“Zvw”) en de Wet langdurige zorg (“Wlz”); en B) Handelingen op het gebied van de gezondheidszorg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (“Wet BIG”), voor zover uitgevoerd, al dan niet onder eigen verantwoordelijkheid, door personen, ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 3 van die wet of door personen als bedoeld in artikel 34 van die wet en voor zover die handelingen niet zijn begrepen onder A; Noot: Bij A gaat het dus om 50 personen die zorg doen verlenen die wordt gefinancierd o.g.v. de Zvw of de Wlz. Bij B gaat het om 50 personen die in het BIG-register staan geregistreerd (ongeacht of zij o.b.v. de Zvw of Wlz worden gefinancierd). 10 Manier van ontbinding Intervence Niet van toepassing
Als het gaat om optie 2 of 3 kan de NZa ook van toepassing zijn, als een van de andere partijen 50 BIG geregistreerde mensen in dienst heeft. Dat zou bij het Leger of PVJ wel eens het geval kunnen zijn en dan is voordat het allemaal mag starten een vergunning van de NZa vereist.
Als het gaat om optie 2 of 3 kan de NZa ook van toepassing zijn, als een van de andere partijen 50 BIG geregistreerde mensen in dienst heeft. Dat zou bij het Leger of PVJ wel eens het geval kunnen zijn en dan is voordat het allemaal mag starten een vergunning van de NZa vereist.
Als het gaat om optie 2 of 3 kan de NZa ook van toepassing zijn, als een van de andere partijen 50 BIG geregistreerde mensen in dienst heeft. Dat zou bij het Leger of PVJ wel eens het geval kunnen zijn en dan is voordat het allemaal mag starten een vergunning van de NZa vereist.
Liquidatie (ontbinding van de stichting Intervence) betekent dat Wanneer het faillissement is uitgesproken, krijgt de curator het stichtingsbestuur overgaat tot ontbinding van de stichting. het beheer en de beschikking over de faillissementsboedel. Schuldeisers krijgen gedurende een periode van twee De Inkooporgansiatie kan in geval van faillissement de maanden de kans om in verzet te gaan bij de rechtbank. overeenkomst ontbinden (art. 6.1 onder B van het contract). Intervence moet meewerken aan de overname van Intervence is dan verplicht om het onderhanden werk over maatregelen en personeel door anderen. Baten moeten de te dragen aan een andere gecontracteerde partij. De schulden overtreffen. Dat is niet het geval. Dan is alleen afhankelijkheid van de curator is dan wel groot. faillissement een optie tenzij de schuldeisers instemmen met de voortzetting van vereffening buiten faillissement. Wanneer de stichting in zijn geheel wordt overgenoemn geldt dit niet.
Liquidatie (ontbinding van de stichting Intervence) betekent dat het stichtingsbestuur overgaat tot ontbinding van de stichting. Schuldeisers krijgen gedurende een periode van twee maanden de kans om in verzet te gaan bij de rechtbank. Intervence moet meewerken aan de overname van maatregelen en personeel door anderen. Baten moeten de schulden overtreffen. Dat is niet het geval. Dan is alleen faillissement een optie tenzij de schuldeisers instemmen met de voortzetting van vereffening buiten faillissement.
11 Financiele consequenties voor gemeenten
Instandhoudingsbijdrage voor periode 2021 en 2022 Betreft overgang van onderneming omdat de PvJ is te zien als verlengen, tot de uitwerking van Vaart in Veiligheid de voortzetter van de onderneming waarin hij dezelfde of bekend is. De efficientieslag hiervoor moet nog verder vergelijkbare activiteiten gaat ontplooien. onderzocht worden. Twee jaar de tijd nemen om Vaart in Arbeidsovereenkomsten, inclusief die van medewerkers die Veiligheid uit te werken. Samenwerking VT, GI PvJ niet nodig heeft of niet wil overnemen, gaan rechtswege Intervence, VH voor overheadsfuncties. Bedrag zie over de op PvJ op moment van overname. PvJ verwacht onderdeel 1 en 5 (1.1. miljoen per jaar). Hierbij is geen hiervoor een transitievergoeding van de Zeeuwse gemeenten rekening gehouden met een besparing in de overhead van bedrag nog invullen door samenwerking met VT en VH.
Bij faillissement zijn de Zeeuwse gemeenten schuldeiser. Betreft mogelijk overgang van onderneming als de de drie De gemeenten zijn de teveel bevoorschotte bedragen GI's gezien kunnen worden als de voortzetter van de waarschijnlijk kwijt, omdat het een concurerende vordering onderneming waarin zij dezelfde of vergelijkbare activiteiten betreft. De verantwoording van de gemeenten is gelegen in gaan ontplooien. Arbeidsovereenkomsten, inclusief die van het voortbestaan van de continuiteit van de cruciale functies medewerkers die de 3 GI's niet nodig hebben of niet willen die Intervence aanbiedt. Bij een ontbinding/liquidatie overnemen, gaan dan rechtswege over naar de andere GI's moeten de schuldeisers instemmen met de rekening en op moment van overname. Ter voorkoming is strakke verantwoording die Intervence opstelt. Wanneer gemeenten juridische begeleiding noodzakelijk. het daar niet mee eens zijn, kunnen ze in verzet bij de De verwachte transitiekosten voor de overnemende partijen rechtbank. Ook kan Intervence een plan opstellen waar alle bedraagt volgens hun berekening €1.275.000. Daarnaast schuldeisers mee moeten instemmen. Wanneer dat niet komen nog de kosten voor het overeind houden van gebeurt moet Intervence alsnog een faillisementsaanvraag Intervence tot de laatste overdracht. De kosten daarvan zijn doen.
Aandachtspunt: Bij faillissement kan de overdracht door Intervence gecalculeerd op maximaal € 2.015.000. van clienten alleen naar bestaande gecontracteerde partijen (art. 6.4 inkoopcontract). Ook komen de kosten die de curator maakt voor rekening van de gemeenten.
12 Contract voor meerdere jaren per 2021
Contract blijft hetzelfde, moet dan wel voor 2021 door Intervence ondertekend worden
De Inkooporganisatie kan in geval van faillissement de Contracten blijven hetzelfde (2021). Voor 2022 en verder overeenkomst ontbinden (art. 6.1 onder B van het contract). moet de inkoopprocedure gevolgd worden. Intervence is dan verplicht om het onderhanden werk over te dragen aan een andere gecontracteerde partij.
13 Preferred suplier mogelijk
Nee, afspraken tussen concurerende aanbieders kunnen Nee, afspraken tussen concurerende aanbieders kunnen N.v.t, GI's kunnen zich wel gezamenlijk inschrijven op leiden tot nadelen voor clienten of andere aanbieders. leiden tot nadelen voor clienten of andere aanbieders. Dit soort aanbestedingen, mits zij zich aan de mededingingsregels Dit soort afspraken zijn al snel verboden op grond van de afspraken zijn al snel verboden op grond van de houden Mededingingswet Mededingingswet
N.vt. GI's kunnen zich wel gezamenlijk inschrijven op aanbestedingen, mits zij zich aan de mededingingsregels houden
14 Juridische verantwoordelijkheid voor Intervence.
Niet anders dan de huidige situatie
Contractueel moet Intervence zorgen voor afspraken voor continuiteit van zorg, continuiteit van werkgelegenheid en (zo nodig) de uitvoering van de wettelijke regels rondom de maatregelen (dwang).
Contractureel is Intervence ertoe gehouden om zo snel mogelijk het werk over te dragen aan een andere gecontracteerde partij. Intervence is tot die tijd gehouden aan de continuiteit van het verlenen van zorg.
Contractureel is Intervence ertoe gehouden om zo snel mogelijk het werk over te dragen aan een andere gecontracteerde partij. Intervence is tot die tijd gehouden aan de continuiteit van het verlenen van zorg.
15 Juridische aansprakelijkheid voor gemeenten
Niet anders dan huidige situatie
De Jeugdwet verplicht gemeenten passende jeugdhulp aan te bieden. Wanneer een gemeente (tijdelijk) nalaat de toegezegde jeugdhulp (middels een derde) te leveren, kan zij tegenover een cliënt aansprakelijk zijn voor de schade die deze daardoor lijdt. Dat is het geval als het niet leveren van de jeugdhulp niet te wijten is aan de gemeente of aan een oorzaak die voor rekening van de gemeente komt. De schade die de cliënt claimt moet het rechtstreeks gevolg zijn van het nalaten van de gemeente. Overmacht kan het nalaten rechtvaardigen, als de gemeente aantoont alles te hebben gedaan om vervangende jeugdhulp te regelen.
De Jeugdwet verplicht gemeenten passende jeugdhulp aan De Jeugdwet verplicht gemeenten passende jeugdhulp aan te bieden. Als een gemeente (tijdelijk) nalaat de toegezegde te bieden. Als een gemeente (tijdelijk) nalaat de toegezegde jeugdhulp (middels een derde) te leveren, kan zij tegenover jeugdhulp (middels een derde) te leveren, kan zij tegenover een cliënt aansprakelijk zijn voor de schade die deze een cliënt aansprakelijk zijn voor de schade die deze daardoor lijdt. Dat is het geval als het niet leveren van de daardoor lijdt. Dat is het geval als het niet leveren van de jeugdhulp niet te wijten is aan de gemeente of aan een jeugdhulp niet te wijten is aan de gemeente of aan een oorzaak die voor rekening van de gemeente komt. De oorzaak die voor rekening van de gemeente komt. De schade die de cliënt claimt moet het rechtstreeks gevolg zijn schade die de cliënt claimt moet het rechtstreeks gevolg zijn van het nalaten van de gemeente. Overmacht kan het van het nalaten van de gemeente. Overmacht kan het nalaten rechtvaardigen, als de gemeente aantoont alles te nalaten rechtvaardigen, als de gemeente aantoont alles te hebben gedaan om vervangende jeugdhulp te regelen hebben gedaan om vervangende jeugdhulp te regelen
16 Certificering
Blijft zoals nu, KMI certificering is in 2020 behaald.
17
n.v.t.
Het certificaat van de ene GI kan niet automatisch over worden Indien de certificaathouder failliet is verklaard kan het KMI gezet op de andere GI. Ook hierbij geldt de plicht voor de het certificaat intrekken. Of dat inderdaad gebeurt, hangt af gecertificeerde instelling om het KMI direct of zo spoedig van de vraag of de uitvoering van de hulpverlening nog mogelijk op de hoogte te stellen van veranderingen die van conform certificaat geschiedt; dit is ter beoordeling van het invloed kunnen zijn op de werkzaamheden die onder het KMI. certificaat worden uitgevoerd. De situatie is anders wanneer PvJ de stichting Intervence overneemt en de certificering van de GI Intervence dus blijft bestaan. Ja Ja
Archiefplicht bij beëindiiging organisatie: zeker is dat de bewaarplicht van clientdossiers straks voor rekening komt van de opdracht-gevende overheden en niet voor onze rIntervence. Bewaarplicht voor Voogdijzaken is 30 jaar en voor OTS meen ik 25 jaar. Schatting totale kosten: 200.000,- tot 300.000,- euro (circa €7k tot € 10k/per jaar) voor het totaal plus dat inzage door cliënten achteraf gegarandeerd moet worden en daar rekenen dergelijke leveranciers van opslag van dossiers ook eenmalige gelden voor. 18 Juridisch advies bij gedwongen faillissement.
Toetredende partijen mogen alleen eenzelfde overeenkomst afsluiten (art. 3.5). Art. 4.1 beschrijft expliciet dat nieuwe toetreders een contract met dezelfde duur aangaan. Contracten met huidige aanbieders zijn voor 2021 verlengd.
Tekst juridisch adviseur Intervence: In mijn visie is er op grond van het voorgaande een gedegen risico op bestuurdersaansprakelijkheid / onrechtmatig handelen wanneer Intervence haar activiteiten voortzet terwijl de schuldenlast wordt verzwaard en de verhaalsmogelijkheden van de crediteuren worden verkleind.
Het certificaat van de ene GI kan niet automatisch over worden gezet op de andere GI. Ook hierbij geldt de plicht voor de gecertificeerde instelling om het KMI direct of zo spoedig mogelijk op de hoogte te stellen van veranderingen die van invloed kunnen zijn op de werkzaamheden die onder het certificaat worden uitgevoerd.
Ja