2020-04 Oordeelsvormende nota Rekenkamerrapport subsidiebeleid
Tekst van het document
Z00096E9247 Zaaknummer Documentnummer
: Z19.000744 : D19.180775
Oordeelsvormende nota voor raad Onderwerp
Rekenkamerrapport ‘’Onderzoek naar subsidies’’
Terugkoppeling naar college Steller
E. Evers
Datum
December 2019
Inleiding De gemeente Kapelle heeft een Rekenkamer, die ieder jaar een onderzoek uitvoert. In 2019 is het onderzoek ‘’Onderzoek naar subsidies’’ afgerond. De hoofdvraag van het onderzoek luidt: ‘’Helpt het subsidiebeleid om de doelen te bereiken?’’ Conclusie is dat er wordt gehandeld in de geest van de kaders en het beleid. Er is een duidelijke verbinding tussen de Algemene Subsidieverordening (ASV) en het gemeentelijk beleid. De verstrekte subsidies sluiten hier in grote lijn bij aan. Ook de communicatie met inwoners en subsidieontvangers verloopt goed. Het belangrijkste aandachtspunt in het subsidiebeleid is volgens de Rekenkamer dat er wel wordt getoetst op uit te voeren activiteiten (output), maar niet in termen van te bereiken maatschappelijke effecten (outcome). De in de Awb vereiste evaluaties van effectiviteit van subsidies worden niet uitgevoerd. Dit betekent dat er weinig zicht is of de verstrekte subsidies ook leiden tot de gewenste maatschappelijke effecten. Naar aanleiding van het onderzoek geeft de Rekenkamer Kapelle de volgende aanbevelingen aan de gemeenteraad. De nummering komt overeen met de nummering in het rekenkamerrapport. Kritische aanbevelingen: 2 Verbeter het subsidieproces en stel maatschappelijke effecten.
2A Wij bevelen aan om integraliteit van beleid door te voeren door de subsidies aan de verschillende instellingen toe te kennen vanuit een overkoepelend beleidskader en daaraan eensluidende doelen en prestaties (output) en resultaten (outcome) te verbinden. (…) 2D Stem het jaarlijks subsidieoverzicht af met de financiële administratie en de begroting. Zorg er voor dat alle betaalde subsidiebedragen in het overzicht worden opgenomen (…). 3A De verbeterde informatievoorziening dient te worden aangevuld met het meer actief betrekken van de gemeenteraad. Belangrijk is om helder te hebben waarop de raad wil sturen, en hoe dat zich vertaalt in de rapportages die zij ontvangt. Wij bevelen dan ook aan dat de raad dit bij zichzelf nog eens nagaat en aangeeft hoe zij het hebben wil. 3C Het college dient, conform artikel 4.24 Awb, tenminste eenmaal in de vijf jaar een verslag te publiceren over de doeltreffendheid en de effecten van de verstrekte subsidies. Daarin wordt dan beoordeeld of de gewenste effecten met subsidieverstrekking worden bereikt (monitor-functie). Om de resultaten optimaal te kunnen gebruiken moet dit aansluiten op de cyclus van het periodiek herijken van beleidsnota’s. Essentiële aanbevelingen: 1 Evalueer de ASV en de bijbehorende regelgeving.
1A Zoals bij de vaststelling van de ASV 2018 en de daarbij behorende beleidsregels is bepaald dient in 2020 een evaluatie van (de in werking van) het nieuwe subsidiebeleid te worden uitgevoerd. (…) Wij bevelen aan om hierbij ook de wettelijk verplichte evaluatie, zoals in artikel 4.24 Awb is omschreven, te betrekken.
1B Richt het subsidiebeleid op de te bereiken maatschappelijke effecten van de gemeente, met inachtneming van de financiële kaders. Dit betekent dat de financiële kaders opnieuw moeten worden bepaald. (…) 1C Bepaal voor wie de administratieve last moet worden verminderd (gemeente en/of ontvanger) en op welke wijze. 1D Pas de koptekst van artikel 22 ASV aan omdat dit artikel betrekking heeft op alle vormen van subsidie tot €15.000. 1E Bepaal bij artikel 24 ASV welke accountantsverklaring gewenst is. 2B Wanneer een beleidsnota wordt herzien, voorzie deze dan van de gewenste maatschappelijke effecten met (waar mogelijk) indicatoren. Verwerk dit in de afspraken en beschikkingen met subsidieontvangers. 2C Actualiseer de subsidieregels en maak ze zo SMART mogelijk. Verbind ze zo direct mogelijk met de beleidsdoelen in de beleidsnota’s. 2E Stel een intern controleplan op en zorg dat er jaarlijks controle, met een materieel belang van het totale subsidiebedrag, op de subsidieverstrekking wordt uitgevoerd. Ook de juiste en volledige vastlegging in het subsidieoverzicht (Excelbestand) dient als onderwerp van controle te worden aangemerkt. Geef vervolgens uitvoering aan de aanbevelingen die uit de interne controle naar voren komen. 2F Alle subsidieontvangers, ook die niet in het subsidieprogramma zijn opgenomen, dienen bij de selectie voor de interne controle te worden betrokken.
2G Leg, waar nodig, de werkprocessen binnen de gemeente expliciet vast. 3B. Bundel de aanbieding van het subsidieoverzicht met de jaarlijkse begroting. (…) De gemeenteraad staat voor de keuze welke aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport zij over wil nemen. Hiervoor zijn twee opties beschreven. 1. Alle aanbevelingen over te nemen en het college te vragen met een plan van aanpak te komen. 2. De reactie van het college te onderschrijven. Voor en tegen per variant 1. Alle aanbevelingen over te nemen en het college te vragen met een plan van aanpak te komen. 1.1 Voordelen 1.1a Door het overnemen van de aanbevelingen gebruikt de gemeenteraad van Kapelle extra instrumenten om haar kaderstellende en controlerende taak uitvoeren. (2D, 2E, 2F, 3A, 3B, 3C) 1.1b
Met het overnemen van de aanbevelingen kan de gemeente subsidies nadrukkelijker en gerichter inzetten om gemeentelijke beleidsdoelen te realiseren en wordt het mogelijk om hier ook op te sturen. (2A, 2B, 2C, 3C)
1.1c
Met het overnemen van de aanbevelingen voldoet de gemeente Kapelle aan de wettelijke bepalingen voor doelmatigheid en doeltreffendheid en kan zij hier in de subsidieverstrekking op sturen. (1A, 3C) In art. 315a Gemeentewet wordt de verplichte doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoek beschreven. Art. 4.24 Awb verplicht ééns in de vijf jaar een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. Het college voert de onderzoeken uit, de raad kan gebruik maken van de bevindingen.
1.2 Nadelen 1.2.a De onderzoeken op het gebied van doelmatigheid en doeltreffendheid en het sturen op maatschappelijke effecten is lastig in indicatoren te beschrijven en tijdrovend om uit te voeren. 1.2b
Zowel de gemeente als de subsidieontvangers worden verplicht om te rapporteren op maatschappelijke effecten. Dat vraagt een extra inspanning.
2. De reactie van het college te onderschrijven. Op basis van de reactie van het college worden aanbevelingen 1C, 2A en 2D overgenomen. Aanbevelingen 1B en 2E worden meegenomen in andere projecten. Het bestaande beleid wordt verder gecontinueerd. 2.1 Voordelen 2.1a De huidige aanpak is praktisch en past bij de afspraken die zijn gemaakt in de Algemene Subsidieverordening. Het formuleren van maatschappelijke effecten is een enorme klus en maatschappelijke effecten in veel gevallen lastig en kostbaar te meten. In ambtelijke en bestuurlijke contacten met subsidie ontvangende organisaties (>15.000 per jaar) wordt de verantwoording van de subsidie ook nu besproken. 2.1b
De gemeente Kapelle heeft maar enkele grote (>15.000 per jaar) subsidieontvangers en veel kleine subsidieontvangers. Juist voor de kleinere subsidieontvangers is het lastig in kaart te brengen wat het maatschappelijke effect is.
2.2 Nadelen 2.2a Er is weinig zicht op het effect van subsidies en in welke maatschappelijke effecten de gemeente meer of minder investeert. 2.2b
Wanneer bezuinigingen nodig zouden zijn, is het lastig om een afweging te maken tussen de verschillende subsidies.