17a. Brief onderzoek kernenergie, Gedeputeerde Staten Provincie Zeeland, 8 december 2020
Tekst van het document
Abdij 6 4331 BK Middelburg Postbus 6001 4330 LA Middelburg +31 118 631011 IBAN NL08 BNGH 0285010557
Gedeputeerde Staten
Aan de voorzitter van Provinciale Staten van Zeeland
Ja
onderwerp
kenmerk
behandeld door
onderzoek kernenergie
20038704
Drs. A.W. Wissekerke +31 118 631167
*20038704*
verzonden
Middelburg, 8 december 2020 Geachte voorzitter, Bij de behandeling van het Klimaatakkoord en de concept regionale energiestrategie hebben uw Staten de wens uitgesproken om blijvend onderzoek te doen naar energiebronnen die een stabiliserende rol op zich kunnen nemen. U heeft ons gevraagd om in nauwe samenwerking met het Rijk de mogelijkheden te onderzoeken van het langer openhouden van de huidige kerncentrale in Borssele, een mogelijke tweede kerncentrale, en mogelijke vervanging hiervoor middels een alternatieve vorm van kernenergie (bijvoorbeeld experimenteerruimte voor een thorium-centrale) om zo de kansen voor Zeeland te benutten. In overleg met PZEM en EPZ hebben we medio 2020 de eRisk Group opdracht gegeven om de rol van kernenergie voor het Nederlandse energiesysteem voor nu en in de toekomst in kaart te brengen. Daarnaast is adviesbureau Van den Heuvel Corporate Counsel gevraagd om de betekenis van het onderzoek strategisch te duiden en de waarde voor Zeeland nader te bepalen. Het onderzoeksrapport en de strategische notitie worden u hierbij aangeboden. De rol van kernenergie in de energiemix De hoofdconclusies van eRisk Group zijn als volgt: Als wordt voldaan aan de juiste randvoorwaarden (zoals bij zon- en windenergie), is kernenergie financieel concurrerend met wind-op-zee.
De kosten van wind op zee moeten immers, wanneer we er een heel systeem op willen bouwen, gerekend worden met de nodige kabels en opslag (back-up capaciteit). Wind-op-zee kent een technisch maximum van ca. 70 GW (expert judgement) in 2050. Dat is onvoldoende om aan de volledige energievraag te voldoen. Kernenergie draagt bij aan een robuust systeem. Het energiesysteem van de toekomst zal efficiënter kunnen werken wanneer kerncentrales een structurele basislast leveren. Op basis hiervan concluderen de onderzoekers dat er een belangrijke rol voor kernenergie weggelegd kan zijn in de transitie naar een CO2-neutrale grondstoffen- en energievoorziening. Naast energie uit wind en zon. Volgens het onderzoek zijn duurzaam opgewekte energie en kernenergie complementair, kernenergie zorgt voor een stabiele basislast wat kan worden aangevuld met variërende duurzame productie waarbij de overschotten kunnen worden omgezet in waterstof. Door gebruik van kernenergie kunnen duurzame energievoorzieningen maximaal worden benut en kunnen de klimaatdoelstellingen met meer zekerheid worden gehaald. Daarnaast kan inzet van kernenergie voorkomen dat er nieuwe grote (import) afhankelijkheden worden gecreëerd en reduceert het de behoefte aan noodzakelijke back-up capaciteit. In de regionale energiestrategie (RES) is kernenergie benoemd als een mogelijke techniek voor een betrouwbare energiemix.
Het onderzoek bevestigt dit beeld en dat betekent dat een nieuwe kerncentrale en/of bedrijfsduurverlenging van de huidige centrale een steeds realistischer alternatief worden. De
k
belangrijkste randvoorwaarde voor bedrijfsduurverlenging is veiligheid. Er kan alleen sprake zijn van bedrijfsduurverlenging als aan alle veiligheidsvoorwaarden kan worden voldaan. En daarnaast moet er voor verlenging zeker ook een gunstig bedrijfseconomisch perspectief zijn. De bouw van een nieuwe kerncentrale is afhankelijk van de marktomstandigheden. Uit het onderzoek blijkt dat kernenergie als concurrerende technologie kan worden ingezet als er een marktstructuur wordt gecreëerd waarbij de overheid zekerheden biedt ten aanzien van projectrisico’s en de langetermijnprijs. De positie van de rijksoverheid is allesbepalend en mocht het zover komen dat de bouw van een nieuwe kerncentrale aan de orde komt dan zal het Rijk hierin, ook als bevoegd gezag, het voortouw moeten nemen. Continuering van kernenergie wordt een steeds realistischer alternatief, vanwege klimaatverandering/CO2-reductie, leveringszekerheid en betaalbaarheid. Het draagvlak neemt toe. Er zijn economische kansen voor Zeeland, mede omdat de relevante spelers, kennis en ervaring zich hier bevinden. Zeeland is aangewezen als mogelijke locatie voor een nieuwe kerncentrale en wij staan hier ook voor open.
Investeren in kernenergie maakt Zeeland sterker, is goed voor werkgelegenheid en kennisontwikkeling, het versterkt de verduurzaming van de industrie en de Zeeuwse waterstofambities en draagt bij aan de klimaatplannen van Nederland en Europa. Indien u daar behoefte aan heeft, bieden wij u aan om in een Zicht op Beleid-sessie het onderzoek nader toe te laten lichten. Vervolg Wij zijn door het ministerie van EZK benaderd om te spreken over de (gevolgen van) bedrijfsduurverlenging Borssele en de rol van kernenergie in de energiemix. Wij constateren dat er in uw Staten in meerderheid draagvlak is voor kernenergie. Ook merken we dat er in steeds meer provincies een gesprek ontstaat over de mogelijke inzet van kernenergie. Aangezien de enige actieve Nederlandse kerncentrale in Zeeland staat, zien we hier een belang en gaan we met de andere provincies in gesprek en trekken we samen op. Ook starten we gesprekken met de andere aandeelhouders van PZEM; ook voor hen is de toekomst van de kerncentrale Borssele relevant. Met name in relatie tot onze aandeelhouderstrategie waarin wij het standpunt hebben ingenomen dat de verantwoordelijkheid voor en exploitatie van de kerncentrale met daarbij horende risico’s primair bij het Rijk thuis horen. Het Rijk is bevoegd gezag voor kernenergie en dus de leidende partij in het kernenergiedossier.
Na de Tweede Kamerverkiezingen van 2021 wordt wellicht duidelijk welke richting landelijk gekozen wordt. Op basis hiervan kan de Provincie Zeeland een standpunt en positie kiezen. De strategienotitie van bureau Van den Heuvel Corporate Counsel kan hier de basis voor vormen.
Met vriendelijke groet, gedeputeerde staten,
Drs. J.M.M. Polman, voorzitter
A.W. Smit, secretaris
Bijlagen: Rapport "de rol van kernenergie" en strategienotitie.
Behoort bij brief d.d. 8 december 2020 met ons kenmerk: 20038704