CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Vooraf gestelde vragen SvKB met beantwoording - Vangnetuitkering

Gemeenteraad 3 juli 2023, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Aanvraag Vangnetuitkering 2022.1.010 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vooraf gestelde vragen door raadsleden Vergadering dd Soort vergadering Nummer agendapunt Titel agendapunt

: 03-07-2023 : Raadsvergadering : 11 : Aanvraag Vangnetuitkering 2022

Datum: Fractie: Vraag: De arbeidsmarkt staat op ontploffen en er zijn enorm veel vacatures. 03-07- SvKB Uit de stukken blijkt dat 26% van de statushouders niet werkt. Wat gaat het 2023 college hier expliciet aan doen? Antwoord: Dat is niet helemaal juist. 26% van het totale uitkeringenbestand is statushouder. We weten op dit moment niet precies hoeveel procent van het totaal aantal statushouders werk heeft. Rijnvicus, het sociaal werkbedrijf van de gemeente Alphen, Kaag en Braassem en Nieuwkoop, is dit jaar gestart met vroeg oriëntatie op de arbeidsmarkt. Waar het voorheen gebruikelijk was om eerst in te burgeren, en daarna een baan te zoeken, is er sinds dit jaar een verzwaring op het thema werk ingesteld. Hiermee wordt hard ingezet op het idee Broodbaan-droombaan. Eerst de broodbaan om geld te verdienen, en daarna richten op de droombaan. De Driemaster, verantwoordelijk voor de maatschappelijke begeleiding van de statushouders, geeft aan dat dit voor veel statushouders even slikken is. Het idee hier achter is naast dat naast het verwerven van inkomsten, werken ook bijdraagt aan de taalvaardigheid en de algehele inburgering van de statushouder. We hopen hiervan dit jaar de eerste resultaten te zien.

Datum: Fractie: Vraag: Ontbreken van een startkwalificatie; wat gaat het college hier expliciet aan doen? 03-07- SvKB 2023 Antwoord: Het ontbreken van een startkwalificatie hoeft in principe niet per se te leiden tot de aanvraag van een bijstandsuitkering, helemaal niet met de huidige hoeveel aan openstaande vacatures, maar we zien wel dat een groot deel van het uitkeringenbestand geen startkwalificatie heeft (82% van het totale bestand). We zijn momenteel bezig om te onderzoeken of het gebrek aan de startkwalificatie daadwerkelijk de belemmerende factor is bij het vinden van werk, en of iedereen wel op de hoogte is van de juiste loketten mocht dat inderdaad het geval zijn. Zo biedt Rijnvicus interne en externe leerwerktrajecten aan om de afstand tot de arbeidsmarkt kleiner te maken. Daarnaast is er nog School@work, een één jarige entreeopleiding die door het MBO Rijnland en Rijnvicus is ontwikkeld. Rijnvicus biedt de profielen logistiek, dienstverlening en zorg (schoonmaak en groenvoorziening) aan. Na het

behalen van een diploma kan men doorstromen naar een MBO-2 opleiding of vaak meteen aan de slag. Er zijn dus veel mogelijkheden voor mensen in de bijstand zonder startkwalificatie om deze te halen. Daarom gaat het college zich de komende tijd in eerste instantie inspannen om te onderzoeken of al deze mogelijkheden wel goed benut worden. En zo niet, om daarop te sturen waar mogelijk. Daarbij moeten we niet voorbijgaan aan het feit dat, zoals in de analyse benoemd wordt, er veelal andere problematiek speelt bij de inwoner waardoor er een bijstandsuitkering wordt aangevraagd, en dat het niet hebben van een startkwalificatie daarbij dus niet per se de dominerende factor is.

Datum: Fractie: Vraag: Wat doet het college eraan dat taal geen belemmering is om aan het 03-07- SvKB werk te gaan? We zien bij de Oekraïners dat dat geen belemmering hoeft te 2023 zijn; waarom is dat bij andere groepen wel zo? Antwoord: Hier hebben we geen eenduidige verklaring voor. De Driemaster, die de maatschappelijke begeleiding van de statushouders én de Oekraïense vluchtelingen verzorgd, geeft het volgende aan: -

De inburgering kan als een forse belemmering ervaren worden bij het werken. Oekraïense vluchtelingen hoeven niet in te burgeren, en kunnen daardoor een stuk gemakkelijker aan het werk. Er wordt van statushouders verwacht dat ze minimaal 3 keer per week naar school gaan, en daarnaast nog aan zelfstudie doen. Vooral bij statushouders met kinderen wordt dit als lastig ervaring. Als beide ouders moeten inburgering, zullen ze de zorg voor de kinderen moeten afwisselen. Vanwege de tekorten op de kinderopvang is het immers niet gegarandeerd dat een kind naar de opvang kan tijdens de inburgeringslessen. Om dit enigszins op te vangen zijn we sinds 1 juni van start gegaan met een oppasservice op de taalschool, gefinancierd door de drie Rijnstreek gemeenten samen. De kinderen worden op de school opgevangen, terwijl de ouders taallessen volgen.

Zoals bij vraag één aangegeven hebben statushouders sinds dit jaar echter minder vrijheid bij het kiezen tussen wel of niet werken ten behoeve van het inburgeringsproces, en wordt er meer focus gelegd op het starten met werken tijdens de inburgering. -

Los van de Nederlandse taal ziet de Driemaster dat de werkcultuur in Oekraine lijkt meer op de werkcultuur dan in veel van de landen waar een groot deel van de statushouders vandaan komt. Daardoor is het wellicht voor de Oekraïense vluchtelingen makkelijker om te solliciteren en aan het werk te komen, en staan werkgevers hier meer open voor.

Om de taalvaardigheden van de ex-statushouders waarbij taal wel als belemmering wordt ervaren te verbeteren gaan we in gesprek met de taalschool die de uitvoering van de taallessen voor niet-inburgeringsplichtigen voor Kaag en Braassem doet. Iedere inwoner van Kaag en Braassem die de taal niet voldoende spreekt, en niet (meer) inburgeringsplichtig is, kan gratis taallessen volgen. Deze taallessen worden gefinancierd vanuit de WEB-gelden, en worden voor onze regio gecoördineerd vanuit Leiden. We willen kijken of we samen met de taalschool deze lessen meer onder de aandacht kunnen brengen bij de inwoners, maar ook bij klantregisseurs van de gemeente Alphen, en maatschappelijke begeleiding. Los van de taalvaardigheid is het lastig om de situatie van de Oekraïense vluchtelingen en de statushouders met elkaar te vergelijken. De rechten en plichten van de statushouder verschilt erg van die van de Oekraïners. Volgens de meest recente cijfers van het CBS had 46% van de Oekraïense vluchtelingen tussen de 15 en 65 jaar in Nederland betaald werk. Het grootste deel daarvan (87%) werkt in deeltijd. 58% werkt minder dan 20 uur per week. Oekraïense vluchtelingen hebben geen recht op aanvullende bijstand bij parttime werk. Statushouders wel.

Indien een statushouder 20 uur per week werkt, en daarmee onder de bijstandsnorm verdiend, verstrekken wij als gemeente een aanvullende uitkering tot aan de bijstandsnorm, en wordt iemand tot de uitkeringsgerechtigden gerekend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=17294c51-7489-421a-9d7e-8daec0c184c7