Verslag Analyse Participatie – Gemeente Kaag en Braassem (Beaumont)
Tekst van het document
Verslag analyse participatie Gemeente Kaag en Braassem 3 november 2023
Verslag analyse participatie Inzet en organisatie van participatie gemeente Kaag en Braassem Aanleiding onderzoek
Participatie is een belangrijk speerpunt voor gemeente Kaag en Braassem. In bijvoorbeeld het coalitieakkoord en het college-uitvoeringsprogramma komt het onderwerp steeds terug. En wordt gezegd dat het een ambitie van de gemeente is om participatie voort te zetten en te verbeteren. Er gebeurt ook al veel binnen de gemeente, maar er is behoefte aan meer structuur in de aanpak. Bedoeling is om afspraken over de werkwijzen en organisatie van participatie vast te leggen in een Ontwikkelprogramma. En om een toolkit te ontwikkelen met handvatten en instrumenten voor de inzet van participatie. Om te komen tot een passend Ontwikkelprogramma en toolkit is het van belang om te weten welke afspraken er al zijn, welke ervaring de organisatie hiermee heeft en welke behoefte er is. Daarom hebben we stukken geanalyseerd en zijn er gesprekken gevoerd met medewerkers van de gemeente. In dit verslag zijn de resultaten samengevat.
Inhoudsopgave: -
Belangrijkste bevindingen analyse relevante documenten – pag. 2 Samenvatting gesprekken – pag. 3 Samenvatting groepsgesprek – pag. 8 Aanbevelingen – pag. 10
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
1
Analyse documenten We hebben verschillende documenten geanalyseerd die er al zijn bij de gemeente. Hieruit kregen we een goed beeld van de ambitie van de gemeente op het vlak van participatie. De volgende bevindingen zijn hier uitgekomen: -
-
-
-
Ambities en doelstellingen komen overeen in de verschillende stukken (raad, college en uitvoering). o Voortzetten en verbeteren participatie o Gebruik maken van kennis, ervaring en betrokkenheid. Samen beleid maken. Want de taken van de gemeente worden groter, terwijl het vertrouwen afneemt. o Actief en vernieuwend o Meer structuur in werkwijze o Transparant zijn in participatieniveau informeren/participeren. o Heldere en begrijpelijke informatie Ontwikkelprogramma en Toolkit worden genoemd als uitwerking om meer structuur aan te brengen in de werkwijze. Met aandacht voor ‘samen leren’ en rolverdeling voor de organisatie van participatie. Kaag & Braassem is een regiegemeente en werkt situationeel: effectief en flexibel. Uitvoering door andere partijen wanneer nodig. Daarbij lijkt er een kanteling in uitvoering van projecten: van intern naar uitvoering door externe partijen. Wat doet dit met de regie op participatie, borging en de kwaliteit? Het initiatiefvoorstel Invloed aan de voorkant en verder wordt als basis gezien. Hierna is de handleiding participatief werken uitgewerkt. Er worden verschillende begrippen genoemd. Wel belangrijk om definities scherp te stellen. Zoals: vernieuwend, actief, verbeteren, participatie, samenwerken. Communicatie: Participatie en interne communicatie/samenwerking speelt belangrijke rol in visie en uitvoeringsplan.
Des te belangrijker is het om samen op te trekken in dit traject en de uitwerking van het Ontwikkelprogramma. Op dit moment is er onvoldoende capaciteit binnen de afdeling om een goede rol te kunnen pakken. De leidraad participatie projecten is concreet en ver uitgewerkt. Dit wordt door de afdeling Ontwikkeling gebruikt om structuur aan te brengen in de organisatie van participatie wanneer externe partijen een deel van de uitvoering doen. De omgevingswet en omgevingsvisie zijn belangrijke dragers van “samenwerken”.
Dit is een samenvatting van de bevindingen. Zie hier de volledige uitwerking
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
2
Samenvatting gesprekken Na de analyse van stukken is een vragenlijst opgesteld om in gesprek te gaan met medewerkers van verschillende afdelingen. Bijvoorbeeld wat nu de ervaring is met de inzet van participatie, of men zich kan vinden in de gestelde ambities en in hoeverre die ambitie ook beleefd wordt. Ook vroegen we hen wat er nodig is om participatie te verbeteren. De resultaten van de gesprekken zijn hieronder te lezen. We hebben met medewerkers van verschillende afdelingen gesproken: - P&O - Juridische zaken - Ruimte & sociaal domein - Duurzaamheid - Beheer en projecten - KCC & informatie - Buitendienst - Communicatie
Wat wordt er verstaan onder participatie? Over het algemeen hebben de mensen die wij spreken een brede definitie van participatie. Ze omschrijven het als samenwerken met en luisteren naar de burger. Een mooie aanvulling hierop is het van begin tot eind meenemen van de burger en onderbouwen waarom dingen nodig zijn. En ervoor zorgen dat je andere berichtgeving voor bent, zodat de burger niet via andere kanalen informatie krijgt. Een enkeling hield er een nauwere definitie op na, waarbij het enkel gaat om het raadplegen van de burger bij bepaalde beleidskwesties. Ondanks de overwegend brede definitie van participatie, bleven de voorbeelden van participatie beperkt tot het betrekken van burgers bij beleidsprocessen vanuit de gemeente en hebben we weinig gehoord over het faciliteren van initiatieven van buiten de gemeentelijke organisatie. In sommige gesprekken kwam dit op een later moment wel nog ter sprake. Misschien werd dit door de geïnterviewden niet als participatie gezien, terwijl dit wel binnen de brede definitie van participatie valt. Dit is ook iets dat meermaals in diverse beleidsstukken genoemd wordt als ambitie van de gemeente. Houding ten opzichte van participatie Niet iedereen is bekend met de gestelde ambities vanuit het college uitvoeringsprogramma. En niet iedereen heeft er in zijn dagelijks werk evenveel mee te maken, afhankelijk van de functie.
Wel geven de meeste geïnterviewden aan dat participeren onderdeel is van het werken bij de gemeente en dit er dus bij hoort. Er zijn mooie voorbeelden; van het voorleggen van speeltoestellen, actiegerichte campagnes over verduurzaming, samenwerking met verenigingen, ondernemers en (welzijns)partners, enquêtes over dienstverlening of clientervaring. Een aantal vertelde het heel erg leuk te vinden om naar buiten te gaan en met mensen in gesprek te gaan. Wel zijn er meerdere mensen die aangeven dat je van tevoren goed moet bedenken wat het doel is van de participatie. Zodat je niet participeert omdat het moet, maar echt omdat je iets wilt ophalen. Bovendien moet je ook wel iets doen met de input, omdat je anders het vertrouwen van de burger schaadt. Een enkeling gaf ook aan participatie als onzinnig te zien. Dat kwam volgens deze mensen met name omdat de gemeente de expertise in huis heeft om zelf de beste beslissingen te
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
3
nemen en door het aan bewoners te vragen dit het proces alleen maar vertraagd. Het is efficiënter om zelf al met een plan te komen of in ieder geval heel duidelijke kaders aan te geven waarbinnen meegedacht kan worden. Inzet en aanpak participatie Participatie vindt over het algemeen vroeg in een beleidsproces plaats. Dit ligt wel aan het onderwerp. Bijvoorbeeld bij groen of spelen wordt soms al voordat er een plan of ontwerp ligt, gevraagd waar behoefte aan is. In andere gevallen worden er enkele varianten gemaakt die aan omwonenden worden voorgelegd. Er zijn ook onderwerpen waarover alleen een informatieavond wordt georganiseerd, zonder dat burgers daar nog veel over mee kunnen praten. Wat opvalt is dat er is geen standaard format is of uitgangspunten om rekening mee te houden bij het maken van een participatieaanpak. Dit gebeurt per afdeling anders. Bij de afdeling projecten is hier wel een duidelijk leidraad voor, waar ook extern uitvoerende partijen mee moeten werken. Bij andere afdelingen gaat het vaak ‘op gevoel’ en vanuit eigen ervaring. Soms ook gaandeweg het proces. De participatie die momenteel plaatsvindt is eigenlijk vooral van binnen naar buiten (bewonersparticipatie). Wat we ook in meerdere gesprekken hebben gehoord, is dat de participatie die binnen een beleidsproces gepland is, goed gaat.
Maar als er een keer spontaan een buurtbewoner met een voorstel komt, dan is er onduidelijkheid. Enkele medewerkers omarmen initiatieven en willen dit verder brengen, maar er is onvoldoende duidelijk wat de routing hiervoor is. Het is soms lastig om hierin de samenwerking te vinden met andere collega’s/afdelingen met name omdat er geen tijd, budget of ruimte voor lijkt te zijn. Inzicht in doelgroepen In een van de gesprekken werd aangegeven dat het lastig is om een representatieve afvaardiging van burgers te mobiliseren, waardoor inspraak van burgers een vertekenend beeld geeft. Bovendien is participatie niet alleen voor bewoners, maar ook voor bijvoorbeeld ondernemers. Daar heeft Kaag en Braassem er veel van, maar die worden niet altijd even goed meegenomen in een participatietraject. Daarnaast is soms ook onvoldoende in beeld wat aandachtspunten zijn binnen de verschillende gemeente kernen om participatie goed te kunnen organiseren. Wat in de ene kern goed werkt, kan in een andere kern totaal anders zijn. Communicatiemiddelen Vormen van participatie die veel genoemd zijn, zijn informatieavonden, thema-avonden en bewonersbrieven. Daarnaast is het in enkele gesprekken naar voren gekomen dat diverse medewerkers van verschillende afdelingen soms een stapje extra zetten om in contact te komen met burgers.
Door eens de wijk in de gaan met een koffiekar om het gesprek aan te gaan, door op de markt rond te lopen, door mensen eens op het gemeentehuis uit te nodigen voor een gesprek. Kortom, door ook buiten de organiseerde momenten naar de burger te luisteren. Dit is echter in alle gevallen op eigen initiatief en gebeurt dus niet bij ieder project. Niet elke medewerker is hier even bedreven in of maakt hier de tijd voor.
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
4
Wat betreft communicatiemiddelen wordt met name gebruik gemaakt van de bewonersbrief. Vanuit communicatie zijn hiervoor standaard sjablonen opgesteld, maar we kregen ook terug dat er wel eens een brief gestuurd is waarvan je nauwelijks kunt zien dat die bij de gemeente vandaan komt. Je kunt ook niet eindeloos brieven blijven sturen. In veel gesprekken werd benoemd dat er geen eenduidig communicatiemiddel vanuit de gemeente is. Als plek voor informatie, updates of een kalender met acties/evenementen. De gemeentewebsite voldoet niet, sociale media worden beperkt ingezet, de krant wordt niet door iedereen gelezen. Wel brengt de gemeente zes keer per jaar ‘Hier in regio’ uit. Dit wordt goed gelezen, maar niet elk onderwerp leent zich voor een mooi vormgegeven magazine. Ook is het voor het communiceren van actuele zaken niet geschikt. Andere middelen die genoemd werden in de gesprekken zijn het inwonerspanel, OpenStad en de Bouwapp. Deze middelen worden door verschillende afdelingen in meer of mindere mate gebruikt, maar ook hiervoor staat niks vast. Deze middelen zijn ook niet bij iedereen bekend.
Organisatie van de participatie en samenwerken Wie is verantwoordelijk? Veel van de mensen die we gesproken hebben organiseren participatie vanuit de eigen afdeling en voelen zich daar ook zelf verantwoordelijk voor. Omdat het nu zo georganiseerd is en er ook geen andere mogelijkheid lijkt. In de toekomst zien ze dat dit een plek moet houden binnen de afdeling maar zouden ze veel meer ondersteuning willen vanuit communicatie. Ook wordt een aantal keer een participatie-adviseur geopperd, die in alle projecten checkt of het goed loopt met participatie. Er is behoefte aan iemand die participatie inzet coördineert. Die helpt bij de opstart; waar moet ik op letten, welke keuzes maken we en daarnaast ook bij (een deel) van ondersteuning bij de uitvoering. Samenwerking intern Er wordt door sommigen ervaren dat medewerkers van de gemeente nu veelal op hun eigen eilandje werken (afdelingsniveau) en weinig oog hebben voor het werk van hun collega’s. Er is ook niet altijd (tijdig) in beeld welke afdelingen/collega’s er belangrijk zijn om aan te haken op een project. Met name de afdelingen die later in het proces werkzaam zijn, Juridische zaken, KCC en buitendienst worden niet altijd of (te) laat betrokken worden bij processen. Hierdoor weten ze onvoldoende wat er speelt of lopen hier later in hun werk tegenaan.
KCC wordt niet altijd geïnformeerd over (participatie)projecten of ontwikkelingen, waardoor ze bellende inwoners niet goed te woord kunnen staan. Hoewel er een verbetering is willen deze afdelingen eerder in het proces betrokken worden waar dat nodig is. Hieraan gerelateerd is ook de bereikbaarheid van medewerkers. Door het vele thuiswerken weet je vaak niet wie wel of niet op kantoor aanwezig is of wie wanneer aan het werk is. Dat maakt samenwerken, vooral tussen verschillende afdelingen, en ook het doorverwijzen van inwoners/ondernemers naar de juiste contactpersoon nog iets ingewikkelder. Leren van elkaar Uit vrijwel elk gesprek bleek dat er weinig uitwisseling is over voorbeeldprojecten, ervaring met participatie en inzet van communicatiemiddelen. Je hebt geen idee waar je collega’s aan werken of zelfs maar wie je collega’s zijn. Bij verschillende mensen die we hebben gesproken is er wel behoefte om meer ervaringen uit te wisselen, op een laagdrempelige manier.
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
5
Ideeën die worden genoemd, zijn bijvoorbeeld iets als het Omgevingswetjournaal of een maandelijks moment om elkaar bij te praten. Zo leer je je collega’s kennen, weet je waar zij aan werken en kun je successen delen om van elkaar te leren. Hierin ligt wel een verschil aan behoefte. Veel beleidsmakende afdelingen hebben behoefte aan kennisuitwisseling en het delen van successen. Maar met name de uitvoerende afdelingen hebben daar niet zoveel aan en ook geen behoefte aan. Aanbevelingen voor toolkit/eindproduct We hebben meerdere keren gehoord dat gemeente Kaag en Braassem een beleidsarme gemeente is. Medewerkers hebben veel vrijheid om zelf initiatief te nemen. Dat gebeurt ook veel, en dat willen ze ook graag behouden. Anderzijds is er geen duidelijk handvat over hoe participatie vanuit de gemeente wordt ingezet. Hierdoor wordt er per afdeling een eigen invulling aangegeven. Om de participatie te structureren en verder te brengen, is er geen behoefte aan een dichtgetimmerd participatieplan, maar bijvoorbeeld wel aan een praktische checklist of kompas. Hierop zouden dan de belangrijkste stappen staan, zodat je niks vergeet, maar is wel ruimte om dit in te vullen naar eigen inzicht en ook met oog voor de behoefte van het specifieke project. Want in veel gevallen is participatie ook maatwerk.
Overige aandachtspunten Naast het onderwerp participatie, zijn er nog een aantal andere onderwerpen naar voren zijn gekomen die wel relevant zijn voor de organisatie van participatie en randvoorwaardelijk voor het goed kunnen samenwerken en het succes van participatie. Verloop/capaciteit In vrijwel alle gesprekken werd wel iets gezegd over de beperkte capaciteit van de gemeente. Er staan veel vacatures open, medewerkers hebben het heel druk. Voor allerlei ‘extra’ taken is simpelweg geen tijd. Je doet het broodnodige, maar met name een uitgebreid participatietraject, verder brengen van een bewonersinitiatief of interne uitwisseling van successen hebben dan niet altijd prioriteit. Iets anders dat we vaak hebben gehoord is het grote verloop binnen de gemeente. Veel collega’s werken enkele jaren voor de gemeente voordat ze ergens anders aan de slag gaan. Gemeente Kaag en Braassem werd in de gesprekken ook wel een opleidingsgemeente genoemd: mensen komen als junior binnen en vertrekken na een aantal jaar mét alle ervaring en expertise die ze hebben opgedaan naar een volgende werkgever. Daardoor verlies je heel veel kennis en moet je elke keer weer opnieuw beginnen. Maar door de vele vacatures die openstaan, moeten er ook veel externen worden ingehuurd.
Dat maakt je als gemeente ook kwetsbaar, omdat je afhankelijk bent van deze externe kennis voor het functioneren van je organisatie. Interne communicatiemiddelen Er wordt meermaals genoemd dat er geen online platform is waar iedereen op samenwerkt. Of dat platform is er wel, maar wordt simpelweg niet gebruikt. Zo hebben we gehoord dat er gewerkt wordt met Yammer en met Teams, maar dat kan per afdeling verschillen. Bij de ene afdeling wordt wel veel in Teams gewerkt, om bijvoorbeeld werkplanningen te delen. Bij de andere afdeling wordt er alleen in Teams vergaderd. Sommige afdelingen laten Yammer het liefst
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
6
links liggen, terwijl communicatie het gebruik ervan juist probeert te stimuleren. Er is niet altijd helder welke informatie erop te vinden is. Het is ook niet altijd helder waar documenten of bijvoorbeeld brief-formats te vinden zijn. Externe partners Gemeente Kaag en Braassem werkt als regiegemeente voor verschillende zaken samen met externe organisaties of met buurtgemeenten Alphen a/d Rijn en Nieuwkoop. Ook ICT is uitbesteed aan een extern bedrijf. En met name in het sociale domein wordt er veel samengewerkt met maatschappelijke partners. Dit is volgens de geïnterviewden aan de ene kant fijn, omdat ze een bepaalde expertise hebben, capaciteit of omdat het partners zijn die midden in de samenleving staan. Maar het brengt ook uitdagingen met zich mee. Je bent als gemeente afhankelijk van anderen voor de uitvoering. En het kan ook juist de afstand tot inwoners vergroten. De Leidraad Participatie zou hierbij een nuttig document kunnen zijn, omdat dit zowel voor internen als externen is opgesteld. Professionalisering Het juist omgaan met de privacy van documenten en contactgegevens is een aandachtspunt dat is meegegeven. Zeker omdat er ook veel werk wordt uitbesteed door externe partijen wordt dit niet altijd goed nageleefd. Samengevat - Inzet van participatie betekent voor iedere afdeling/functie iets anders. De gestelde ambitie is ook niet bij iedereen bekend.
- Er is geen eenduidige aanpak of uitgangspunten om participatie te organiseren. Dit gebeurt per afdeling of betrokkenen anders. - Inzet van participatie bij grotere projecten is onderdeel van het proces geworden. Afdelingen voelen hiervoor ook verantwoordelijkheid. - Voor het faciliteren van bewonersinitiatieven is er geen duidelijke routing. Er wordt niet altijd ruimte aan gegeven om het verder te brengen door onvoldoende tijd, capaciteit of budget. - Sommige afdelingen worden niet altijd tijdig betrokken bij een participatieproject. - Er wordt tussen afdelingen weinig uitgewisseld over voorbeeldprojecten en ervaringen met participatie. - Er is behoefte aan een coördinator participatie of ondersteuning vanuit communicatie die de helpt met het opstellen van de participatieaanpak en/of met de uitvoering. Iemand die bekend is met te gebruiken stukken en een verbindende rol kan spelen.
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
7
Samenvatting groepsgesprek Na afloop van de gesprekken per afdeling zijn we met een afvaardiging van enkele afdelingen bij elkaar gaan zitten. Het doel van het groepsgesprek was om te toetsen of wat we hebben opgehaald compleet is en om door te praten over enkele onderwerpen. Zo hebben we definities van veel genoemde begrippen verkend. En zijn dieper in te gaan op ideeën over de inzet van participatie en verbinding tussen afdelingen. Hieronder staan de belangrijkste bevindingen. De volledige uitwerking van het groepsgesprek staat in het Miro-bord. Belangrijkste punten groepsgesprek: - Terugblik op gesprekken: o Compleet en herkenbaar o Moeten we participatie geen samenwerking gaan noemen? Participatie gaat om samenwerken onderling en met de samenleving. o Participatie moet een vaste plek krijgen in de werkwijze met een aantal vaste uitgangspunten. Er is nu veel verschil per collega of afdeling. o De gestelde ambitie is groot, maar blijkt vooral dat er behoefte is om de basis op orde krijgen (werkwijze, vindbaarheid stukken, uitwisseling). o Uitwisseling tussen collega’s/leren van elkaar mag veel meer/vaker. -
Definities: o Verbeteren: proces optimaliseren. Doorontwikkelen van wat er al is. Leren van wat je doet en daar beter in worden. Als het gaat om ‘verbeteren’ zijn er ook concrete doelstellingen nodig om te meten of het ook daadwerkelijk beter gaat. o Vernieuwend: passende oplossing, out of the box. Niet alleen in middelen maar ook processen. o Lef: Je moet als ambtenaar pro-actief durven zijn, gewoon proberen. Niet bang zijn om fouten te maken en leren door te doen. o Actief: Pro-actief. Doen. Hangt samen met lef. Benaderbaar en bereikbaar zijn, voor burgers én collega’s. En voor externe uitvoerders. o Passend: Begrijpelijk. En passend bij de doelgroep; voor wie doe je het? Maatwerk leveren, per onderwerp, per doelgroep, per dorpskern. o Vroeg: Op basis van doel en impact bepalen hoe en wanneer je de omgeving betrekt.
-
Oplossingsrichtingen: o Werkwijze: Aan de ene kant iets uniforms, maar aan de andere kant hebben alle afdelingen eigen behoeften en uitdagingen, dus ook maatwerk nodig. o Zoals een checklist om te helpen bij de te nemen stappen in de participatieaanpak. Waaronder ook alle betrokkenen (ook intern) op tijd te informeren. En aandacht voor de intensiviteit van de opgave en passende invulling van participatie. o En uitgangspunten/factsheet ‘zo werken wij samen’ waarin wordt samengevat wat de gemeente verstaat onder participatie/samenwerken en dat wil uitdragen. o Beginnen met één of twee afdelingen, daarna langzaam uitrollen over organisatie o De wil om bewonersinitiatieven te faciliteren is er. Maar er is geen vaste routing op aanpak voor. Aandachtspunt is het anders organiseren van geld en capaciteit voor
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
8
o o o o o
faciliteren van bewonersinitiatieven. Budgetten zijn vaak al gereserveerd voor andere zaken waardoor het lastig is geld vrij te maken voor adhoc initiatieven. Platform (nieuw of bestand) waarop uitwisseling mogelijk is, je van elkaar kunt leren en evaluatie plaatsvindt. Of vaste momenten om dingen te delen (nieuwsbrief, bestaand overleg of borrel). Plek waar je documenten terug kunt vinden. Zowel werkwijzen als methoden als sjablonen voor wat dan ook. Ook handig voor nieuwe medewerkers. Klankbordgroep voor uitwisselen voorbeelden en lessen participatie. Voortgang doelstellingen inzet participatie gemeente breed. Nieuwe medewerkers vanaf het begin betrekken in deze werkwijze. Rol voor clustermanagers: verbinden en stimuleren
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
9
Aanbevelingen Uit de belangrijkste punten van de individuele gesprekken en het groepsgesprek zijn enkele concrete aanbevelingen te halen: - Kennis uitwisseling intern: Er is behoefte aan meer mogelijkheden om ervaringen met elkaar uit te wisselen en van elkaar te leren. Afdeling overstijgend. Bijvoorbeeld: hoe pak je participatie aan, mooie voorbeelden van een aanpak of middel, wat werkt in de ene kern beter dan bij de andere, lessen en aandachtspunten. Bijvoorbeeld door Intranet (nieuw) leven in te blazen, een maandelijks bijpraatmoment of een interne nieuwsbrief/krant. - Checklist/handleiding: Er is behoefte aan meer een eenduidige aanpak. Bijvoorbeeld in de vorm van een kompas of checklist dat beschrijft: wat verstaan we onder participatie/samenwerken, waar moet je rekening mee houden en welke stappen neem je in de voorbereiding. Een uniform stappenplan om beter kwaliteit te waarborgen. Zo bied je enerzijds houvast en laat je ambtenaren anderzijds vrij om zelf invulling te geven aan participatie. - Coördinator participatie: Medewerkers geven aan behoefte te hebben aan advies en ondersteuning bij participatie. Een coördinator/participatieadviseur die advies en ondersteuning biedt bij verschillende participatieprojecten en er ook op toeziet dat initiatieven van buiten het gemeentehuis beter opgepakt kunnen worden.
Daarnaast ligt er ook een taak om de hierboven beschreven aanbevelingen verder te brengen en toe te zien op het nastreven van gestelde participatiedoelen. Omdat er zoveel verschillende participatieprojecten zijn én ook interne aandachtspunten als het gaat om uitwisseling en structuur aanbrengen in werkwijze is de aanbeveling om iemand aan te wijzen of aan te nemen die hier ook echt tijd voor heeft. En echt kan toezien op het voortzetten en verbeteren van de participatie inzet.
Verslag - Organiseren van participatie – Gemeente Kaag en Braassem
10