RB 12e wijziging gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland
Tekst van het document
Zaaknummer: 453152 De raad van de gemeente Kaag en Braassem; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 31 mei 2022; overwegende dat: - op grond van de geldende Gemeenschappelijke regeling raadsleden deel uit mogen maken van het algemeen bestuur; - de aanwezigheid van raadsleden in het algemeen bestuur in strijd is met de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; - deze wet voor omgevingsdiensten voorschrijft dat de colleges van burgemeester en wethouders en het college van gedeputeerde staten een gemeenschappelijke regeling treffen; - de leden van het algemeen bestuur bij een collegeregeling door en uit de colleges van burgemeester en wethouders en gedeputeerde staten worden aangewezen; - de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland voor wat betreft de samenstelling van het algemeen bestuur in overeenstemming moet worden gebracht met de wet. gelet op: - artikel 51 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; - artikel 5.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; - artikel 1 en 10 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland; - het voorstel van het algemeen bestuur van de Omgevingsdienst West-Holland, besluiten: In te stemmen met de als bijlage bijgevoegde 12e wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Kaag en Braassem gehouden op 4 juli 2022 de griffier, de voorzitter, T.P. Scherpenzeel A. Heijstee-Bolt
Pagina 1 van 3
Bijlage Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland, 12e wijziging De raden, de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten, Zoeterwoude en gedeputeerde staten van de provincie Zuid-Holland, overwegende dat: - op grond van de geldende Gemeenschappelijke regeling raadsleden deel uit mogen maken van het algemeen bestuur; - de aanwezigheid van raadsleden in het algemeen bestuur in strijd is met de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; - deze wet voor omgevingsdiensten voorschrijft dat de colleges van burgemeester en wethouders en het college van gedeputeerde staten een gemeenschappelijke regeling treffen; - de leden van het algemeen bestuur bij een collegeregeling door en uit de colleges van burgemeester en wethouders en gedeputeerde staten worden aangewezen; - de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland voor wat betreft de samenstelling van het algemeen bestuur in overeenstemming moet worden gebracht met de wet.
gelet op: - artikel 51 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; - artikel 5.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; - artikel 1 en 10 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland, besluiten: Artikel I De Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland wordt als volgt gewijzigd. A. Artikel 1, eerste lid, aanhef en onder b, komt te luiden als volgt: In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder deelnemers: het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland en de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten. B. Artikel 10 wijzigt als volgt: 1. Het algemeen bestuur bestaat uit twee leden per deelnemende gemeente, die door het college van burgemeester en wethouders uit zijn midden worden aangewezen, alsmede uit twee leden, die door het college van gedeputeerde staten uit zijn midden worden aangewezen. 2. De colleges van burgemeester en wethouders en het college van gedeputeerde staten kunnen voor de door hen aangewezen leden van het algemeen bestuur plaatsvervangende leden aanwijzen, die een lid bij verhindering of ontstentenis vervangen. 3. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt zodra men ophoudt lid of voorzitter te zijn van het college van gedeputeerde staten, dan wel ophoudt lid of voorzitter van het college van burgemeester en wethouders van de betreffende deelnemende gemeente te zijn.
Pagina 2 van 3
4. De colleges van burgemeesters en wethouders en het college van gedeputeerde staten wijzen in de eerste vergadering van de colleges in nieuwe samenstelling de leden en plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur aan, dan wel bij tussentijdse vervanging van een lid of plaatsvervangend lid in de eerste vergadering nadat het lid zijn lidmaatschap uit eigener beweging heeft beëindigd of dit van rechtswege is beëindigd. Artikel II Dit wijzigingsbesluit wordt aangehaald als: Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland, 12e wijziging. Artikel III Dit besluit wordt bekend gemaakt in het Provinciaal Blad. Artikel IV Dit besluit treedt in werking op de dag na de dag van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin het wordt bekendgemaakt en werkt terug tot en met 16 maart 2022.
Pagina 3 van 3