Raadsvoorstel Lokale energiestrategie Kaag en Braassem
Tekst van het document
Raadsavond Zaaknummer Portefeuillehouder Voorbereid door Onderwerp
27-5-2024 641181 Dolf Kistemaker Ruimte & Sociaal De lokale energiestrategie Kaag en Braassem
Beslispunten In lijn met de gestelde doelen uit de Regionale Energiestrategie (RES) Holland Rijnland en het Klimaatakkoord, de lokale energiestrategie (LES) Kaag en Braassem vast te stellen met daarin de volgende onderdelen: 1. In 2030 een CO2 reductie te behalen door: <1.1> 20% te besparen op warmteverbruik in woningen, <1.2> 11% te besparen op mobiliteit en <1.3> 0,09 TWh duurzame elektriciteit op te wekken; 2. Om de transitie in goede banen te leiden, de routekaart vast te stellen met daarin de volgende speerpunten: <2.1> Regisseren van grootschalige opwek van elektriciteit in de gemeente; <2.2> Een wijkgericht isolatieprogramma om als gemeente te sturen op het isoleren van huizen; <2.3> Stimuleren van lokale energiecoöperaties en individuele verduurzamingkeuzes door inwoners en andere belanghebbenden; <2.4> Ondersteunen van één door de samenleving opgezet pilotproject in duurzame warmte of verduurzaming glas- en tuinbouw, naast het doorzetten van het uitvoeringsprogramma uit de TVW; <2.5> Het goede voorbeeld blijven geven als gemeente. 3.
Regisseren van grootschalige opwek van elektriciteit in de gemeente (0,09 TWh) verder uit te werken volgens het voorkeursscenario dat tot stand is gekomen op basis van ontwerpend onderzoek vanuit het landschap, gesprekken met inwoners en andere belanghebbenden: <3.1> daken en ander dubbel ruimtegebruik (zoals parkeerplaatsen, braakliggende gronden, restruimte en geluidsschermen) volledig te benutten voor zonnepanelen; <3.2> daarnaast ruimte voor grootschalige opwek door windturbines en zonneweides langs infrastructuur, bij voorkeur langs de N207; <3.3> grootschalige opwek van zon- en windenergie op landbouwgronden en in het open landschap wordt verder niet toegestaan; < 3.4> voor alle duurzame opwek onder <3.1> en <3.2> geldt de voorwaarde voor minimaal 50% lokaal eigendom, met mogelijkheden tot financiële participatie van inwoners; <3.5> op basis van het voorkeursscenario in overleg te gaan met andere partijen (o.a. het rijk, de provincie, Schiphol) om te onderzoeken of en waar mogelijkheden liggen binnen hun ruimtelijk beleid.
Pagina 1 van 8
4. Bij de uitwerking van de LES samen te werken met inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere (semi) overheden (zoals buurgemeenten, provincie, het waterschap); 5. Om de LES als programma op te nemen in de (algehele herziening van de) omgevingsvisie; 6. Een concrete uitvoeringsagenda op te stellen, waarbij we de focus willen leggen op duurzame opwek. Wat willen we bereiken De gemeente Kaag en Braassem heeft zich, via de Regionale energiestrategie (RES) Holland-Rijnland, gecommitteerd aan de doelstelling om in 2050 een energieneutrale regio te worden. Dit betekent dat alle elektriciteit, warmte en brandstoffen die in de regio worden gebruikt, lokaal en duurzaam worden opgewekt. Om effectief naar deze doelstelling toe te werken wil Kaag en Braassem dan ook de doelstelling van de RES-Holland Rijnland voor 2030 volgen. De RES Holland-Rijnland draagt daarmee, samen met de andere RES-regio’s in Nederland, bij aan de doelstelling om in 2030 55% minder CO2 uit te stoten. De RES Holland-Rijnland en de gemeente Kaag en Braassem hebben overigens zelf niet de verplichting om in 2030 55% minder CO2 uit te stoten, omdat het rijk een breed pakket aan maatregelen met verschillende belanghebbenden heeft opgezet om in 2030 tot de beoogde CO2-reductie te komen. De doelstellingen van de RES is er hier één van.
Hoe naar deze regionale doelstelling toe te werken, is vertaald in een lokale aanpak: de lokale energiestrategie Kaag en Braassem (LES). Met de LES leveren wij een evenredige bijdrage aan het RES-bod Holland Rijnland. Bij het opstellen van de lokale energiestrategie Kaag en Braassem is rekening gehouden met de volgende kaders: - het Raadsakkoord 2022-2026 “Samen bouwen aan de toekomst van onze dorpen”; - de motie (registratienummer 36919/1) behorende bij de vaststelling van de Regionale Energiestrategie Holland Rijnland (RES 1.0, vastgesteld 31 mei 2021) en - de Transitievisie warmte (vastgesteld 7 maart 2022). Samenvatting Met de lokale energiestrategie (LES) geven we invulling aan onze bijdrage aan de Regionale energiestrategie (RES) Holland Rijnland. Het is een integraal document dat gaat over elektriciteit, warmte en mobiliteit. Voor grootschalige duurzame opwek is een voorkeursscenario tot stand gekomen op basis van ontwerpend onderzoek vanuit het landschap, gesprekken met inwoners en andere belanghebbenden.
Pagina 2 van 8
Inleiding De strategie is tot stand gekomen met behulp van bureau Over morgen en de inbreng van vele belanghebbenden en inwoners. De LES is een integraal document dat gaat over elektriciteit, warmte en mobiliteit. Dit is de versie die ter vaststelling wordt aangeboden aan het college en de raad. Argumenten <1.1> 20% te besparen op warmteverbruik in woningen omdat: - dit in lijn is met de besparingsdoelstelling van de RES Holland Rijnland voor de gebouwde omgeving (15%); - de energievraag van de gebouwde omgeving voornamelijk bestaat uit woningen, richten we ons hierop zodat snel stappen kunnen worden gezet. Bij woningen bestaat 80% van de energievraag uit het verwarmen van woningen. Met een besparing van 20% op de warmte vraag van woningen, kunnen we 15% op de totale energievraag in de gebouwde omgeving besparen. <1.2> 11% te besparen op mobiliteit omdat dit in lijn is met de besparingsdoelstelling van de RES Holland Rijnland. <1.3> 0,09 TWh duurzame elektriciteit op te wekken omdat - het in lijn ligt met de doelstelling uit de RES Holland Rijnland. Met de lokale energiestrategie geven we invulling aan onze bijdrage aan de RES Holland Rijnland. Het rijk kijkt naar hoe de RES Holland Rijnland als totaal bijdraagt aan de nationale klimaatdoelstelling en niet naar de bijdrage van elke individuele gemeente; - dit realistisch en haalbaar is.
Op het elektriciteitsnet is voldoende toekomstige ruimte om de voorstellen in te passen. Het aandeel van Kaag en Braassem is gebaseerd op de verhouding van ons energieverbruik ten opzichte van Holland-Rijnland (circa 9%). Als we deze verhouding ook toepassen op de opwekdoelstelling van de RES, dan komt dit neer op 0,09 TWh. <2.1> Regisseren van grootschalige opwek van elektriciteit in de gemeente omdat tot dusver nog geen realisatie van grootschalige opwek op land in de gemeente tot stand is gekomen. <2.2> Een wijkgericht isolatieprogramma om als gemeente te sturen op het isoleren van huizen omdat dit voor een grote sprong kan zorgen in de energiebesparing van de gebouwde omgeving. <2.3> Stimuleren van lokale energiecoöperaties en individuele verduurzamingkeuzes door inwoners en andere belanghebbenden omdat beide belangrijk zijn voor het slagen van de energietransitie. Energiecoöperaties zorgen voor lokale betrokkenheid en participatie bij initiatieven terwijl de gemeente inwoners kan ondersteunen bij het verder verduurzamen van hun woningen, bijvoorbeeld door de inzet van energiecoaches, kennisuitwisseling en/of prestatieafspraken met woningbouwcorporaties.
<2.4> Ondersteunen van een door de samenleving opgezet pilotproject in duurzame warmte of verduurzaming glas- en tuinbouw, naast het doorzetten van het uitvoeringsprogramma uit de TVW omdat - interesse bestaat om collectieve duurzame warmteprojecten in de gemeente op te starten; - de gemeente hiermee ervaring op kan doen in hoeverre collectieve warmteopwek een plek kan hebben in het toekomstige energiesysteem van Kaag en Braassem; - de ideeën en initiatieven van de koplopers gebruikt kunnen worden als inspiratie binnen de gemeente. <2.5> Het goede voorbeeld blijven geven als gemeente omdat
Pagina 3 van 8
-
dit een versnellende werking kan hebben op de gehele samenleving; inwoners en andere belanghebbenden ook verwachten dat de gemeente aan de slag gaat met het eigen vastgoed en haar processen. In de volgende fase van de LES moet dit nader worden uitgewerkt in concrete ambities van de gemeente.
<3.1> daken en ander dubbel ruimtegebruik (zoals parkeerplaatsen, braakliggende gronden, restruimte en geluidsschermen) volledig te benutten voor zonnepanelen omdat op deze manier het landschap als eenheid zoveel mogelijk onbelast blijft; <3.2> daarnaast ruimte voor grootschalige opwek door windturbines en zonneweides langs infrastructuur, bij voorkeur langs de N207 omdat - de ambities tot 2030 niet gehaald worden met alleen het volleggen van alle daken en ander dubbel ruimtegebruik; - met windturbines langs infrastructuur de ruimtelijke impact in het landschap wordt beperkt; - clustering en combinaties van zon en wind voorkeur hebben om zowel de netbelasting als impact op het landschap te minimaliseren. Door wind en zon te combineren wordt voldaan aan de norm van het rijk om de ruimte multifunctioneel te gebruiken (Nota Ruimte, d.d. 3009-2023); - de twee zoekgebieden wind langs de N207 op grotere afstand liggen tot woningen in vergelijking met het zoekgebied wind langs de A4. Langs de A4 wordt, vooralsnog, ingezet op zon op geluidschermen en restruimte. <3.3> grootschalige opwek van zon- en windenergie op landbouwgronden en in het open landschap wordt niet toegestaan omdat - het niet nodig is om onze ambities te bereiken; - het landschap dan te veel wordt aangetast.
<3.4> voor alle duurzame opwek genoemd onder <3.1> en <3.2> geldt de voorwaarde voor minimaal 50% lokaal eigendom, met mogelijkheden tot financiële participatie van inwoners omdat dit het maatschappelijk draagvlak voor de energiestrategie vergroot; <3.5> op basis van het voorkeursscenario in overleg te gaan met andere partijen (o.a. het rijk, de provincie, Schiphol) om te onderzoeken of en waar mogelijkheden liggen binnen hun ruimtelijk beleid omdat de gemeente niet de enige partij is die iets te zeggen heeft over waar opwek van duurzame energie mogelijk is binnen de gemeentegrenzen. Zo stellen het rijk en de provincie ZuidHolland zelf ook beleid op voor wind en zon en hebben we te maken met ruimtelijke belemmeringen van Schiphol. 4. Bij de uitwerking van de LES samen te werken met inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere (semi) overheden (zoals buurgemeenten, provincie, het waterschap) omdat - het draagvlak voor de energietransitie zo wordt vergroot; - dit past bij de aanpak van de gemeente om vooral lokale kennis en ervaring te gebruiken; - medewerking van deze instanties nodig is voor de vergunningverlening. 5. Om de LES als programma op te nemen in de (algehele herziening van de) omgevingsvisie omdat dan een integrale afweging wordt gemaakt met andere ruimtelijke belangen; 6.
Een concrete uitvoeringsagenda op te stellen, waarbij we de focus willen leggen op duurzame opwek omdat de ‘wat’ en ‘waarom’ dan vertaald kan worden naar een operationeel programma (‘wie’ en ‘wanneer’). Kanttekeningen Pagina 4 van 8
Omgevingsbeleid Grootschalige opwek van windenergie past momenteel niet in het omgevingsbeleid van de provincie. Er zijn signalen dat de provincie voornemens is om meer ruimte te bieden voor grootschalige opwek van windenergie in het Groene Hart. Voor het grondgebied van Kaag en Braassem kan de LES als inbreng hiervoor dienen. Ambitie duurzame opwek Het rijk kijkt naar hoe de RES Holland Rijnland als totaal bijdraagt aan de nationale klimaatdoelstelling en niet naar de individuele bijdrage van een gemeente. Met de LES leveren wij een evenredige bijdrage aan het RES-bod Holland Rijnland. Dit bod wordt realistisch geacht in verband met verschillende beperkende factoren voor grootschalige opwek (bijv. Schiphol, ruimtelijk beleid rijk en provincie, elektriciteitsnet). Ook alle andere regio-gemeenten houden de RES Holland Rijnland aan als uitgangspunt voor het opstellen van hun lokale energiestrategie. In bijlage 1 van de LES (scenario 3 en 4) zijn ook nog andere denkrichtingen voor 2030 bekeken: - de ambitie voor grootschalige opwek verhogen naar 0,20 TWh zodat de gemeente Kaag en Braassem lokaal 49% CO2-reductie behaald. Dit komt neer op 3-4 windturbines en 70-80 ha zonnepanelen of - de ambitie voor grootschalige opwek verhogen naar 0,22 TWh zodat de gemeente Kaag en Braassem lokaal 55% CO2-reductie behaald. Dit komt neer op 3-5 windturbines en 80-90 ha zonnepanelen.
Wanneer wordt gekozen voor een hogere ambitie in 2030 dan zal de LES hierop worden aangepast. Risico’s Andere instanties werken niet mee bij de vergunningverlening De gemeente is niet de enige partij die gaat over locaties voor de opwek van duurzame energie binnen de gemeentegrenzen. We hebben te maken met o.a. beleid vanuit het rijk, de provincie ZuidHolland en met ruimtelijke belemmeringen van Schiphol. Daarom willen we, samen met de regio en/of buurgemeenten, in overleg met deze partijen om de onderzoeken wat mogelijk is. Draagvlak Het aandeel duurzame opwek is gebaseerd op de verhouding van ons energieverbruik ten opzichte van Holland-Rijnland (circa 9%). Op de bijeenkomsten met inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers vindt een meerderheid dat dit een logisch aandeel is. Wanneer wordt gekozen voor een hogere ambitie voor duurzame opwek, dan kan dit gevolgen hebben voor het draagvlak. Maatschappelijk verzet Bij de uitwerking van de zoekgebieden naar concrete locaties voor grootschalige opwek kan dit leiden tot maatschappelijk verzet. Dit willen we voorkomen door ook het vervolg traject zorgvuldig in te steken. Bovendien willen we zorgen dat de omgeving zeggenschap heeft (lokaal eigendom) in de energietransitie en/of kan delen in de opbrengsten (financiële participatie).
De uitbreiding van de capaciteit op het elektriciteitsnet loopt vertraging op Kaag en Braassem heeft veel contact met de netbeheerder Liander. Ook bij de LES zijn zij betrokken. De plannen uit het voorkeursscenario zullen zeer waarschijnlijk worden aangesloten op het onderstation in Leimuiden. Het servicegebied van dit onderstation omvat namelijk het grootste gedeelte van de gemeente, inclusief de N207 en A4 (zie figuur 10 in hoofdstuk 2 van de LES). In 2025
Pagina 5 van 8
staat een uitbreiding van dit station gepland, waardoor er een beschikbare aansluitcapaciteit van tussen de 25 en 50MW gerealiseerd zal worden. Daarmee ontstaat er voorlopig voldoende aansluitmogelijkheid in Kaag en Braassem, hoewel er wel rekening gehouden moet worden met plannen voor duurzame opwek in Nieuwkoop, die ook (deels) onder dit station vallen. Bij de verdere uitwerking van initiatieven houdt de gemeente contact met Liander voor hun beoordeling van de impact op het net en hun planning van de werkzaamheden. Duurzaamheid De lokale energiestrategie Kaag en Braassem gaat in op de mogelijkheden van de gemeente om de uitstoot van CO2 te verlagen volgens de afspraken uit de RES Holland Rijnland en het Klimaatakkoord. Participatie en inspraak Van start naar concept Na een startbijeenkomst in juli 2023 hebben we gesproken met inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers. Ook is het platform www.energievoorkaagenbraassem.nl opgezet met daarop informatie over de LES, het proces en met antwoord op de vragen die inwoners hebben gesteld. In de maanden oktober en november 2023 hebben we op verschillende manieren gesprekken gevoerd met de inwoners. Tijdens vijf inwonersavonden en straatgesprekken op drie weekmarkten, zijn we op zoek gegaan naar kansen, voorkeuren voor en zorgen over duurzame energie-opwek door zon en wind.
De opbrengsten uit de gesprekken zijn verwerkt in een eerste concept van de lokale energiestrategie. Om te toetsen in hoeverre het beeld uit de gesprekken met inwoners, representatief is voor de gemeente en breder wordt gedeeld, is er voor gekozen het concept vrij te geven voor een reactie van alle inwoners. Van 8 februari tot en met 7 maart konden inwoners reageren via een vragenlijst van Moventem of een algemene reactie geven op het concept van de lokale energiestrategie. Het concept bestond uit een online story-map (online story-map) en een pdf-rapport. De oproep om te reageren op het concept is breed uitgezet: het panel Kaag en Braassem Spreekt, onder inwoners die op de hoogte willen blijven van de LES, en gemeentebreed met ondersteuning van online en offline communicatie. Reacties op het eerste concept In de vragenlijst zijn, per thema, de opbrengsten uit de eerdere gesprekken met inwoners gedeeld. Vervolgens is gevraagd aan de respondenten of men zich in het beeld herkent. In totaal hebben 387 inwoners de vragenlijst over de concept LES volledig ingevuld. Met dit hoge aantal respondenten kunnen met een betrouwbaarheid van 95% en een foutmarge van 4,93% uitspraken worden gedaan op een algemeen niveau. Naast de ingevulde vragenlijst, hebben 17 inwoners een aparte reactie naar ons gestuurd. Een meerderheid van de inwoners staat achter de doelen en ambities in de LES.
Ze vinden dat ook de gemeente Kaag en Braassem haar verantwoordelijkheid moet nemen. Inwoners zien kansen om dit te doen in samenwerking met andere gemeenten. Sommigen vragen zich af of er voldoende concrete plannen zijn om de doelstelling van 2030 te halen. Daarnaast worden opmerkingen geplaatst of ook naar andere vormen van duurzame opwek wordt gekeken zoals bijv. kernenergie. Inwoners vinden het belangrijk dat de plekken ook geschikt zijn voor duurzame opwek door zon of wind: de natuur of
Pagina 6 van 8
het landschap mag niet worden aangetast. Bijna niemand wil windmolens of zonnepanelen op de plassengebieden. Voor windturbines is het belangrijk dat ze op veilige afstand staan en dat geluidsoverlast wordt voorkomen. Er is een voorkeur voor clustering. Als aanvulling wordt voorgesteld om te werken met kleine windmolens op erven of bij bedrijven. Het draagvlak is groot om alle daken in de gemeente in te zetten voor zonne-energie. Bij de aanvullingen geven inwoners als suggestie mee om ook naar andere combinaties te kijken, bijv. op geluidschermen of in combinatie met natuur en/of teelt. Er is steun voor een vergoeding als duurzame opwek leidt tot aanpassing van het landschap. Hier zijn verschillende mogelijkheden voor. Bij de aanvullingen op het thema financiële participatie wordt genoemd dat het belangrijk is dat iedereen mee kan doen, wordt een rol gezien voor energiecoöperaties en willen inwoners dat het project lokaal wordt gefinancierd om niet afhankelijk te zijn van externe partijen Meer verdieping is te vinden op de factsheet (beeldende samenvatting) van Moventem. De reacties uit de vragenlijst en de aparte reacties zijn samengevat en beantwoord in de nota van beantwoording. Aanpassingen De reacties en opmerkingen uit de consultatie-periode hebben geleid tot tekstuele aanvullingen, verduidelijkingen en/of aanscherpingen van de LES.
Er zijn geen grote, inhoudelijke aanpassingen gedaan. Communicatie Na vaststelling van dit raadsvoorstel door het college, organiseren we op 15 mei een laatste informatieavond om deze fase van het participatietraject af te ronden. Het primaire doel is de inwoners te informeren over hoe de LES tot stand is gekomen, wat de opbrengsten zijn uit de consultatieperiode, een toelichting te geven op de inhoud en hoe verder de bestuurlijke besluitvorming verloopt. Verschillende communicatiemiddelen zijn ingezet om de inwoners te informeren. Na vaststelling door de raad wordt een persbericht op gesteld. Financiële consequenties Dit voorstel heeft geen financiële consequenties. Bij vervolgstappen in de uitvoering van de LES worden wellicht weer participatie-avonden georganiseerd. Daarvoor zijn middelen beschikbaar vanuit het budget duurzaamheid. Ook zijn er nog rijksmiddelen beschikbaar (tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)). Wanneer voor de gemeente verdergaande financiële consequenties zijn bij de uitvoering van de LES, waar extra middelen voor nodig zijn, wordt hiervoor een voorstel aan de gemeenteraad voorgelegd. Regio De lokale energiestrategie laat zien welke bijdrage Kaag en Braassem levert aan het regionale bod van Holland Rijnland. Na vaststelling van de LES wordt dit gedeeld met de regio.
Dan zal de balans worden opgemaakt of de inzet van de individuele gemeente voldoende is om de gezamenlijke ambitie van Holland Rijnland te kunnen halen.
Pagina 7 van 8
Evaluatie De gemeenteraad wordt op de hoogte gehouden via de voortgangsmonitor en/of raadsinformatiebrieven. Roelofarendsveen, 7-5-2024 Burgemeester en wethouders van Kaag en Braassem, de gemeentesecretaris, de burgemeester, J.J. Démoed A. Heijstee-Bolt Bijlagen behorend bij het voorstel 1. Lokale Energiestrategie Kaag en Braassem, anders omgaan met energie, rapportage 30 april 2024 2. Samenvatting, 11 april 2024 3. Nota van beantwoording consultatie, 17 april 2024 4. Factsheet consultatie Moventem, 17 april 2024
Pagina 8 van 8