Raadsvoorstel besluiten tav aanbevelingen n.a.v. overleg 27 juni
Tekst van het document
Raadsavond Registratienummer (In)formatieleider Opsteller Onderwerp
4-7-2022 465406 S.C. de Wagenaar T.P. Scherpenzeel Opdrachten raad en college
Beslispunten 1) dat de voorzitter en griffier in het presidium van september 2022 met een voorstel komen voor de in het raadsakkoord opgenomen opdracht ten aanzien de “Spelregels” zoals genoemd in Hoofdstuk 2, Het samenwerken in de raad, van het Raadsakkoord 20222026, evenals voor het inrichten van de feedbackgesprekken met een commissie van raadsleden. 2) dat in het presidium van augustus 2022 er een werkgroep zal worden ingesteld zoals genoemd onder “Toegankelijker systeem” dat genoemd is in hoofdstuk 2 van het Raadsakkoord 2022-2026. De leden van het presidium geven, uiterlijk 15 augustus 2022, de namen door aan de griffier van de raadsleden die zitting willen nemen in deze werkgroep. Per fractie mogen maximaal twee leden (raadsleden en burgerleden) plaatsnemen in de werkgroep waaronder sowieso één raadslid. Deze werkgroep zal voor de raad van 21 november 2022 met een voorstel komen op basis van het stramien als genoemd in het Raadsakkoord 2022-2026.
3) dat bij het tussentijdse vertrek van een wethouder, indien het college dat aangeeft of de raad dat wenselijk acht, een opvolger moeten worden benoemd. De fractievoorzitters bepalen wie daarvoor wordt voorgedragen. Daarbij gelden de volgende regels: a) in het eerste overleg van de fractievoorzitters wordt een procedure afgesproken waarin wordt bepaald uit welke kandidaten kan worden gekozen, eventueel na het vaststellen van een profielschets. b) in een volgend overleg wordt bepaald wie de opvolger is die wordt voorgedragen, waarbij elke fractievoorzitter een gelijke stem heeft. c) de uitgangspunten dat wethouders van maximaal 3 partijen afkomstig zijn en dat PRO Kaag en Braassem in ieder geval één wethouder in het college heeft, blijven van toepassing. 4) dat het college in het najaar, doch niet later dan de raadsvergadering op 21 november 2022, de uitvoeringsagenda 2022-2026 aan de raad ter vaststelling voorgelegd. Wat willen we bereiken De opdrachten t.a.v. de samenwerking in de raad die staan beschreven in het Raadsakkoord 2022-2026, dat unaniem in de raad van 30 mei 2022 is vastgesteld, concretiseren met een tijdsschema en verantwoordelijken. Enige afspraken ten aanzien van de tussentijdse opvolging van wethouders vastleggen in een raadsbesluit Wat gaan we daarvoor doen Door de raad de genoemde opdrachten laten besluiten. 22 juni 2022
Pagina 1 van 4
Inleiding In aanloop naar de verkiezingen op 16 maart 2022 heeft mr. Lianne van Kalken een evaluatierapport geschreven over de samenwerkingsagenda 2018-2022 “Maak meedoen mogelijk”. In dit rapport zijn verschillende conclusies en aanbevelingen gegeven. Deze aanbevelingen komen terug in het Rapport van de verkenners over fase I en II. Uiteindelijk heeft dit geresulteerd in apart hoofdstuk, het samenwerken in de raad, in het raadsakkoord 2022-2026. In dit raadsvoorstel wordt aan deze onderdelen een tijdschema gehecht en vastgesteld wie hiervoor verantwoordelijk is. Tijdens het formatieproces is duidelijk geworden dat er afspraken moet komen over de tussentijdse opvolging van wethouder wanneer daar sprake van is. En op welke wijze de fracties zonder wethouder een structureel geregeld contact hebben met het college. Tijdens de vorige raadperiode is aangegeven dat er een regulier functioneringsgesprek met wethouders dient te worden gehouden. Ook deze keer is daar de voorkeur voor uitgesproken. Omdat het vorige keer ontbrak aan enige aanmoedigingsafspraken is het gedurende de raadsperiode het daar nooit van gekomen. Daarom is het raadzaam deze periode daar wel scherpere afspraken over te maken.
In het raadsakkoord is afgesproken dat er een uitvoeringsagenda door het college moet worden gemaakt naar aanleiding van de indicatieve planningen die in het raadsakkoord bij de verschillende thema’s staan, ook hierbij wordt aangegeven wanneer de raad deze uitvoeringagenda kan verwachten. Afspraken met tijdspad en verantwoordelijk. 1. Spelregels samenwerken in en met de raad. De voorzitter van de raad heeft de rol om de afspraken en de spelregels te bewaken. Maar dan moet helder zijn welke spelregels er zijn. Zowel in de raad zelf als tussen de raad en het college van benw. Niet alleen de goede onderlinge omgang verdient stimulans, maar ook die tussen wethouders en partijen op een manier dat alle partijen zich door elke wethouder vertegenwoordigt voelen. Daarom moeten deze spelregel verder worden uitgewerkt en vastgelegd. De raad zal dat als volgt oppakken: • Alle afspraken met betrekking tot samenwerking inventariseren, aanvullen en categoriseren. • De afspraken, uitgangspunten en spelregels eerst in een werkgroep bespreken en met hen een sessie voorbereiden om dat met de gehele raad te bespreken en uiteindelijk vast te stellen. • Jaarlijks dit afsprakencomplex met en in de raad evalueren op de gewenste positieve werking.
Hierbij wel als uitgangspunt nemend dat de voorzitter van de raad (burgemeester) een logische mede-initiatiefnemer en bewaker is dit proces, maar ook dat de raad zelf daar een verantwoordelijkheid in heeft. Tijdens de verkennings- en informatiegesprekken is aangegeven dat er een behoefte is aan periodieke functioneringsgesprekken met de wethouders. Om aan deze wens invulling te geven en te weten dat deze gesprekken een structuur krijgen die voor zowel de betrokken wethouder als de raad op constructieve wijze tot feedback leidt, is het van belang daarover tevoren afspraken te maken. Omdat een groot deel van het werk van een wethouder zicht onttrekt aan het zicht van de gemeenteraad wordt hierbij gedacht aan de 360 graden feedback-methode.
22 juni 2022
Pagina 2 van 4
2. Toegankelijker systeem In het raadsakkoord staat: Samenvattend kan worden gesteld dat het vergadermodel niet rigoureus anders hoeft te worden wel is er verbetering en meer duidelijkheid nodig om het systeem toegankelijker te maken. De raad staat daarom het volgende voor ogen: Op basis van bovengenoemde uitgangspunten bekijken hoe de verdere verbetering vorm kan krijgen. • In overleg met het presidium zal de griffie samen met een afvaardiging of werkgroep uit de raad komen met concrete voorstellen en plannen. • De voornoemde plannen en voorstellen zullen voor zover noodzakelijk in het Reglement van Orde worden verwerkt en procedures zullen daarop aangepast worden. • Er wordt gestreefd dit zo snel mogelijk na de zomer te realiseren, zodat het samen kan oplopen met het raadsakkoord en er aansluiting gevonden kan worden bij de denk- en handelswijze van dat akkoord. Daarnaast zal worden gekeken welke acties nog meer nodig zijn om ervoor te zorgen dat iedereen op de hoogte is van deze afspraken. 3. Tussentijdse opvolging wethouders. Wanneer gedurende raadsperiode 2022-2026 een wethouder aftreedt zal er, afhankelijk van hoe dichtbij de gemeenteraadsverkiezingen zijn, voor opvolging moeten worden gezorgd.
Gezien het feit dat er een raadsakkoorrd is afgesloten en de wethouders primair de uitvoering van dat akkoord voorstaan, is de partijachtergrond van een opvolgend wethouder niet het belangrijkste. Het zo min mogelijk hoeven schuiven met portefeuilles is ten behoeve van de stabiliteit van het gemeentebestuur een belangrijk uitgangspunt. De fractievoorzitters zullen in overleg bepalen wie de plaats gaat invullen van de afgetreden wethouder. Daarbij zal in het eerste overleg een procedure worden afgesproken waarin wordt bepaald uit welke kandidaten kan worden gekozen, eventueel na het vaststellen van een profielschets. In een volgend overleg wordt bepaald wie de opvolger wordt. Bij een eventuele stemming hebben alle fracties een evenzware stem, onverlet dat de stemming in de gemeenteraad schriftelijk en geheim is. De volgende voorwaarden zijn hierbij van toepassing: • het uitgangspunt dat wethouders van maximaal 3 partijen afkomstig zijn, blijft van toepassing. • omdat in het door de fractievoorzitters ondertekende rapport over fase I en II van de verkenners is aangegevens dat PRO Kaag en Braassem in ieder geval één wethouder krijgt, zal dit als uitgangspunt blijven gelden. 4. De uitvoeringsagenda 2022-2026 Zoals bij elk thema in het raadsakkoord een koers en een opdracht is opgenomen is er ook een gewenst tijdspad opgenomen. Deze tijdspaden verschillen onderling sterk.
Staat er bij het ene thema een uitgebreide kwartaalplanning, bij een ander thema is slechts een globale streefdatum genoemd. Het college wordt gevraagd te komen tot een Uitvoeringsagenda 2022-2026 per uit het raadsakkoord, waarbij de haalbaarheid van de gewenste planningen wordt afgezet tegen de som van de verschillende tijdspaden uit het raadsakkoord aan, landelijke ontwikkelingen, wettelijke termijnen, ambtelijke capaciteit en zo meer. De raad vraagt het college om in het najaar, doch niet later dan de raadsvergadering van 21 november 2022 met deze Uitvoeringsagenda 2022-2026 aan de raad voor te leggen.
22 juni 2022
Pagina 3 van 4
22 juni 2022
Pagina 4 van 4