CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerpbegroting Holland Rijnland 2026

Gemeenteraad 2 juni 2025, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Zienswijzen begrotingen 2026 ODWH, Hecht, Holland Rijnland en SOZ.17.182 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Begroting 2026 Ontwerp

INHOUDSOPGAVE 1

Inleiding.......................................................................................................................................

3

2.1 2.2 2.3

Algemene financiële beschouwingen.......................................................................................... Subsidies en Rijksbijdragen.................................................................................................. Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage..................................................................................... Inwonersbijdrage...................................................................................................................

5 5 6 8

3.1 3.2 3.3 3.4

Programmaplan........................................................................................................................... 9 Strategie en Beleid................................................................................................................ 9 Energieprogramma................................................................................................................ 23 Regionale Uitvoering............................................................................................................. 26 Algemene dekkingsmiddelen en overhead........................................................................... 31

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5

Paragrafen................................................................................................................................... 35 Lokale heffingen.................................................................................................................... 35 Risicobeheersing en weerstandsvermogen.......................................................................... 35 Financiering........................................................................................................................... 40 Bedrijfsvoering....................................................................................................................... 42 Wet open overheid................................................................................................................ 46

5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6

Financiële begroting.................................................................................................................... 49 Meerjarenbegroting 2026– 2029........................................................................................... 49 Overzicht incidentele baten en lasten................................................................................... 49 Geprognosticeerde balans.................................................................................................... 52 Ontwikkeling reserves en voorzieningen............................................................................... 54 Overzicht lasten en baten per taakveld................................................................................. 58 Investeringsplan.................................................................................................................... 58

2

3

4

5

6

Besluit.......................................................................................................................................... 59

7 7.1

Bijlagen........................................................................................................................................ 61 Bijlage 1: opgave van compensabele BTW voor gemeenten............................................... 62

1

2

1 Inleiding De kracht van de 13 De regio kent een grote mate van veelzijdigheid aan landschappen, economische ontwikkelingen, woonmilieus en recreatiemogelijkheden. De Stedelijke As (van Katwijk via Leiden naar Alphen aan den Rijn), het Groene Hart en de Duin- en Bollenstreek zijn aan elkaar verbonden en versterken elkaar. In Holland Rijnland kun je wonen nabij de zee, in een bruisende en historische stad of in het groen. Je kunt er werken in de kenniseconomie, in een innovatief mkb, een agrarisch bedrijf of een internationaal opererende organisatie. Je kunt hier recreëren op het strand, in het grootste plassengebied van Nederland, in het Groene Hart en in de stad. En dit alles centraal gelegen tussen Schiphol, de Metropoolregio’s van Amsterdam, Rotterdam-Den Haag en Utrecht. Door samen te werken versterken de dertien gemeenten hun kracht. Hiermee dragen zij bij aan het versterken van brede welvaart door het bouwen van woningen, het creëren van banen en door het gebied duurzaam en toekomstbestendig in te richten. Eenvoudig is dat niet. De kernen in de regio kampen met verschraling door het wegtrekken van (zorg)voorzieningen en het afschalen van het openbaar vervoer. In bebouwd gebied wordt flink verdicht. Onze energievoorziening is nog niet toekomstbestendig.

De effecten van klimaatverandering vragen om meer ruimte voor groen en blauw, waarbij water en bodem sturend zijn, zowel binnen als buiten de stedelijke gebieden. We moeten kijken naar de problematiek van bodemdaling en grondwaterstanden. De beschikbaarheid van drinkwater staat onder druk. De regio moet bereikbaar en verbonden blijven, zowel binnen de regio als daarbuiten, waarbij onze mobiliteit verder verduurzaamt. De economie innoveren we verder zodat die mee kan gaan met de ontwikkelingen in een onzekere en complexe wereld. Deze opgaven stoppen niet bij de gemeentegrenzen. Daarom gaan de dertien gemeenten gezamenlijk deze uitdagingen aan door de krachten te bundelen en samen op te trekken richting provincie en Rijk. Deze ambitie is verwoord in onze Regionale Investeringsagenda. Zo zorgen we ervoor dat Holland Rijnland een prettige regio blijft om te leven, te werken en te recreëren. Naast deze uitdagingen werken gemeenten ook samen in een aantal belangrijke uitvoeringstaken. Zo zet het Regionaal Bureau Leerrecht zich namens 11 gemeenten binnen onze regio in om verzuim, thuiszitten en voortijdig schoolverlaten tegen te gaan. Hiermee bieden we kansen aan kinderen en jongeren in onze regio en zorgen we dat zij zich goed kunnen ontwikkelen. Ook zorgen we voor een effectieve en efficiënte uitvoering van de taken rondom urgentieaanvragen voor sociale huurwoningen.

Tot slot willen we dat iedereen in onze regio veilig en plezierig van A naar B kan reizen als de auto of het OV geen optie of wens is. We voeren stevig contractbeheer met de vervoerder voor een goede inzet van de regiotaxi. Door het gezamenlijk uitvoeren van deze taken is er meer slagkracht, kunnen we efficiënter werken en zijn we als regio een stevige samenwerkingspartner.

3

4

2 Algemene financiële beschouwingen De gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland verricht uitvoerende en beleidstaken voor de deelnemende gemeenten omdat het effectiever en efficiënter is om dit te doen op regionaal niveau. In deze paragraaf beschrijven we op hoofdlijnen de voor Holland Rijnland en de deelnemende gemeenten (financiële) ontwikkelingen die van invloed zijn op de bekostiging van de organisatie.

2.1 Subsidies en Rijksbijdragen Holland Rijnland is voor de bekostiging niet enkel afhankelijk van de gemeentelijke bijdragen. Naast de efficiencyvoordelen die het uitvoeren op regionaal niveau met zich meebrengen, zien we dat door taken en bevoegdheden regionaal te beleggen derden Holland Rijnland weten te vinden. Daarmee genereert de organisatie extra middelen uit bijvoorbeeld subsidies en rijksbijdragen. Voor de uitvoerende taken ontvangt Holland Rijnland onder meer een RMC-subsidie en een subsidie voor Collectief Vraagafhankelijk Vervoer (CVV). De afdeling Strategie & Beleid voert taken uit bekostigd vanuit de subsidiebijdragen van onder andere LEADER, de Regionale Energie Strategie en de Regionale Subsidie Mobiliteit. De vaststelling van de Regionale Investeringsagenda (RIA) moet als katalysator werken om extra subsidies aan te trekken. Baten van derden

Hoogte bijdrage 2026 (in €)

Type

Programma

Leader

121.343

Subsidie PZH

Strategie & Beleid

Regionale Subsidie Mobiliteit

774.052

Subsidie PZH

Strategie & Beleid

Lokale projecten Mobiliteit

259.507

Bijzondere bijdrage regiogemeenten

Strategie & Beleid

Regionale Energie Strategie

1.190.604

Rijksbijdrage

Strategie & Beleid

Regionale Energie Strategie

567.966

Bijzondere bijdrage regiogemeenten

Strategie & Beleid

Versnellingstafel Wonen

174.590

Subsidie PZH

Strategie & Beleid

RIA thematische fondsen

1.000.000

Bijzondere bijdrage regiogemeenten

Strategie & Beleid

RIA prioritaire projecten

1.333.333

Bijzondere bijdrage regiogemeenten

Strategie & Beleid

Regionaal Melden Coördinatiepunt

1.419.981

Rijksbijdrage

Regionale Uitvoering

234.641

Subsidie PZH

Regionale Uitvoering

Collectief Vraagafhankelijk Vervoer Totaal Holland Rijnland

7.076.017

Tabel 2.1: Subsidies en Rijksbijdragen

Naast de baten van derden, ontvangt de organisatie jaarlijks bijdragen van de deelnemende gemeenten. Dit maakt ongeveer driekwart van de begroting uit. De financiële kaders voor de begroting 2026 volgen uit de Kaderbrief 2026, vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 18 december 2024.

5

2.2 Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage Ravijnjaar 2026 Met het aantreden van het begrotingsjaar 2026 zien de deelnemende gemeenten binnen Holland Rijnland zich geconfronteerd met een daling van 6% van de uitkering uit het gemeentefonds, het zogeheten Ravijnjaar. Van gemeenten wordt verwacht dat zij met minder middelen dezelfde taken blijven uitvoeren. Deze daling vertaalt zich naar gemeenschappelijke regelingen. De Werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen Hollands Midden (hierna: FKGR) adviseert een korting van 6% op de gemeentelijke bijdrage. De daling van de uitkering uit het gemeentefonds blijft voor Holland Rijnland dus niet zonder gevolgen. Holland Rijnland geeft gehoor aan het advies van de FKGR, neemt verantwoordelijkheid en geeft invulling aan deze taakstelling van 6%. De uitwerking hiervan lichten wij verderop in deze paragraaf en uitgebreider in de paragraaf bedrijfsvoering toe. Voor 2026 is deze reguliere gemeentelijke bijdrage bepaald op € 7.391.848. Tabel 2.2 laat zien hoe de reguliere bijdrage is opgebouwd. Ontwikkeling totaalbedrag t/m 2025 (cumulatief in €) Reguliere bijdrage gemeenten in 2025 incl VSV

7.660.022

Loon- en prijscompensatie regulier 2026

191.826

Bezuinigingtaakstelling FKGR

-460.000

Totale bijdragen van gemeenten in 2026

7.391.848

Tabel 2.2 Bijdrage deelnemende gemeenten

Met de Kaderbrief 2026 vonden op de gemeentelijke bijdrage twee mutaties plaats ten opzichte van 2025, per saldo resulterend in een bijdrage die € 268K lager is: • Indexatie gemeentelijke bijdrage conform advies Werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen (Werkgroep FKGR) Net als gemeenten wordt Holland Rijnland jaarlijks geconfronteerd met stijgende lonen en prijzen als gevolg van inflatie. Voor deze prijsstijgingen worden gemeenten lopende het jaar gecompenseerd uit het gemeentefonds. De Werkgroep FKGR heeft de benodigde indexatie 2026 bepaald op 2,7% voor de materiële lasten en 2,1% voor de personele lasten. Het gebruikte gewogen indexcijfer is 2,5%. Dit heeft een verhogend effect op de gemeentelijke bijdrage van € 192K. • Taakstelling van 6% op de gemeentelijke bijdrage conform advies FKGR Naast een financieel kader voor de indexering van de gemeentelijke bijdrage, neemt de Werkgroep FKGR in haar advies een taakstelling op van 6% op de gemeentelijke bijdrage. Met een gemeentelijke

6

bijdrage van € 7.660K (2025) zorgt dit voor een verlaging van de gemeentelijke bijdrage aan Holland Rijnland van € 460K. Invulling taakstelling De manier hoe Holland Rijnland met deze taakstelling omgaat, was op meerdere momenten in het jaar richting begroting 2026 onderwerp van gesprek. Bij de begroting 2025 maakten we, via een separate notitie, aan de hand van takenverkenning de activiteiten van Holland Rijnland inzichtelijk en de structurele bezuinigingen die met het schrappen van taken (de zogenaamde “menukaart”) te realiseren zijn. • Op de regiodag van 15 mei 2024 is deze takenverkenning plenair besproken en konden de portefeuillehouders van de gemeenten richting geven aan de invulling van de verwachte taakstelling. Maar tot een duidelijke richting leidde dat op dat moment niet. • Op de regiodag van 13 november 2024 presenteerden we plenair vier verschillende maatregelpakketten aan de gemeentelijke portefeuillehouders ter invulling van de taakstelling. De uitkomst van deze bespreking leidde tot de keuze van een maatregelenpakket waarin we: a) stoppen met de cofinanciering van regionale innovatieve projecten, b) de uitvoering van Regionaal Bureau Leerrecht (beperkt) versoberen en c) nog in te vullen activiteiten beperkt versoberen. Na vaststelling van de Kaderbrief 2026 resteert nog € 78K aan nader in te vullen bezuinigingen.

In de periode tussen het opstellen van de Kaderbrief 2026 en de totstandkoming van de Begroting 2026, deden zich ontwikkelingen voor die het mogelijk maken een efficiëntievoordeel te realiseren op de bedrijfsvoering die eerder onmogelijk leek. De besparing zit op een deel van de bedrijfsvoeringtaken die Holland Rijnland inkoopt bij Interne Dienstverlening en Advisering van de gemeente Leiden (hierna: IDA). De taken, en de daaraan gelieerde financiële administratie, van Holland Rijnland zijn eenvoudiger dan van de gemeenten die IDA bedient. We verwachten zodoende een efficiëntiewinst te realiseren wanneer Holland Rijnland financiën per 2026 in eigen beheer uitvoert en deze dienstverlening niet meer (volledig) inkoopt bij IDA. Holland Rijnland slaagt erin de taakstelling in te vullen zonder personele consequenties. Daarmee komt de concrete invulling van de taakstelling uit op: Invulling Taakstelling Bedragen x € 1.000, '+' is voordeel, '-' is nadeel

2026

2027

2028

2029

Beëindiging cofinanciering

300

300

300

300

Versobering RBL

79

79

79

79

Geactualiseerd begrotingssaldo kaderbrief 2026

3

3

3

3

Structureel effect Financiën in eigen beheer

78

78

78

78

Totaal

460

460

460

460

Tabel 2.3: invulling taakstelling

7

2.3 Inwonersbijdrage De dertien gemeenten in de regio Holland Rijnland bekostigen de organisatie Holland Rijnland. De gemeentelijke bijdrage wordt berekend aan de hand van het aantal inwoners van de gemeente en de taken die Holland Rijnland uitvoert voor deze gemeente. Het aantal leerlingen is het criterium voor de bijdrage voor de handhaving van de leerplicht. Voor het vaststellen van de bijdrage 2026 is 1 januari 2024 de peildatum voor het inwonertal (bron: CBS) en het aantal leerlingen (bron: landelijke leerlingenbasisadministratie). Door het verschil in taken verschilt de gemiddelde bijdrage per gemeente. Enkele gemeenten organiseren de taken die Holland Rijnland uitvoert op een andere wijze. Zo zijn de gemeenten Alphen aan den Rijn en Nieuwkoop niet aangesloten bij het Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland. In 2026 is de gemiddelde reguliere bijdrage per inwoner € 12,52. In 2025 was dat € 13,11. Tabel 2.4 geeft de totale bijdrage per gemeente weer. Aantal inwoners CBS 1-1-2024

Aantal leerlingen 5-17jr 1-1-2024

Alphen ad Rijn

114.966

-

980.427

-

944.454

Hillegom

22.822

3.010

324.835

129.278

316.762

Kaag & Braassem

29.168

3.828

415.238

164.410

404.028

Katwijk

66.966

10.634

1.048.385

456.724

1.006.855

Leiden

130.108

13.761

1.709.732

591.027

1.659.874

Leiderdorp

27.736

3.876

411.558

166.472

394.325

Lisse

23.447

3.149

341.920

135.248

327.867

Nieuwkoop

29.501

-

252.985

-

242.353

Noordwijk

45.734

5.987

651.434

257.138

632.846

Oegstgeest

25.948

4.289

408.910

184.210

397.375

Teylingen

38.470

5.402

574.621

232.013

548.047

Voorschoten

25.625

4.017

401.936

172.528

383.039

Zoeterwoude

9.732

1.259

138.041

54.073

134.022

590.223

59.212

7.660.022

2.543.122

7.391.848

Totaal

Tabel 2.4: Bijdrage gemeenten 2026 per gemeente en deelname

8

Begroting 2025

Bijdrage RBL 2026

Begroting 2026

Totaal

Totaal

3 Programmaplan 3.1 Strategie en Beleid Er spelen veel uiteenlopende opgaven in de regio. Meer dan ooit realiseren we ons de kracht van samenwerking. Waar het meerwaarde biedt, trekken we gezamenlijk op om ons als regio te blijven ontwikkelen en toekomstbestendig te blijven. Om deze samenwerking goed vorm te geven, nemen alle dertien gemeenten, naast het Algemeen Bestuur, zitting in de volgende regionale commissies: 1. Maatschappij 2. Wonen 3. Economie 4. Ruimte 5. Duurzaamheid, Energie & Groen 6. Mobiliteit 7. Bestuur & Middelen Elke bestuurlijke commissie wordt voorgezeten door een lid van het Dagelijks Bestuur. In elke commissie neemt per gemeente één portefeuillehouder deel. Binnen de commissies creëren we ruimte voor beeldvorming en oordeelsvorming, voordat besluiten worden genomen. Een integrale benadering is hierbij essentieel.

Binnen het programma Strategie en Beleid vallen de werkzaamheden uiteen in: • Het uitvoeren van de projecten binnen de Regionale Investeringsagenda (RIA) Holland Rijnland; • Het uitvoeren van toekomstverkenningen op de thema’s uit de Regionale Investeringsagenda; • Het realiseren van projecten, programma's en processen, zoals het energieprogramma, de Regiodeal en de bedrijventerreinen- en kantorenstrategie; • Het beheren van de fondsen en subsidies LEADER, het regionaal investeringsfonds (RIF), de Provinciale Subsidieregeling Mobiliteit en het Cofinancieringsfonds. • Het ontwikkelen van regionaal beleid en het monitoren van gemaakte afspraken. Door steeds de vragen “Wat willen we bereiken?” en “Wat gaan we daarvoor doen?” centraal te stellen, bepalen we waar we naartoe gegaan en welke activiteiten we ondernemen om dat te bereiken. Het jaar 2026 staat in het teken van de verdere uitrol van de projecten in de Regionale Investeringsagenda en het honoreren van aanvragen die passen binnen de Thematische Fondsen van deze agenda. Daarnaast brengt 2026 een belangrijk politiek moment met zich mee: de Gemeenteraadsverkiezingen in maart. Totdat de verkiezingsuitslag bekend is, gaan we ervan uit dat we de taken voortzetten die we in 2025 reeds hebben opgepakt. We verwachten tot die tijd geen (grote) beleidswijzigingen.

9

3.1.1 Regionale Investeringsagenda Wat willen we bereiken? Met de Regionale Investeringsagenda slaan we een brug van ambitie naar uitvoering. We werken met de gemeenten samen aan de ontwikkeling van de regio op het gebied van mobiliteit, energie, economie en groen en blauw. Met de RIA creëren we uitvoeringskracht, positioneren we ons als regio richting hogere overheden en andere belanghebbenden. De RIA bestaat uit een projectenportefeuille van veertien projecten en een Thematisch Fonds. Aan de hand van deze projecten werken we stapsgewijs aan het realiseren van onze regionale ambities. Wat gaan we daarvoor doen? De RIA telt veertien projecten in de projectenportefeuille. Onze rol in de projecten is enerzijds die van aanjager, coördinator of facilitator, afhankelijk wat gevraagd wordt, In een aantal projecten treedt Holland Rijnland als ambtelijk opdrachtgever op en een enkele (doorfietsroutes) als regisseur. In 2026 werken we verder aan deze projecten: 1. Doorfietsroutes 2. Mobiliteitsaanpak Rijn- en Veenstreek Noord 3. Mobiliteitsaanpak Noordelijke Duin- en Bollenstreek & Haarlemmermeer 4. Corridorstudie N206 5. Studie regionale aansluiting MIRT Knoop Leiden Centraal en HOV oost-west 6. Warmtenet 7. Energy Lane 8. Haalbaarheidsonderzoek Regionale Ontwikkelingsmaatschappij 9. Regio Deal Sierteeltregio 10. Groenblauw Raamwerk 11.

Benutten en versterken landschappelijke kwaliteiten 12. Hubs 13. Mobiliteit gebiedsontwikkeling Alphen-West 14. Studie versterken en verbinden kennis- en innovatie-as Met het Thematisch Fonds brengen we verschillende projecten in uitvoering voor de thema's Energie, Economie, Groen en Blauw en Mobiliteit.

10

3.1.2 Toekomstverkenningen Wat willen we bereiken? Ontwikkelingen in de maatschappij volgen elkaar in rap tempo op. Dat geldt ook voor mobiliteit. Om vroegtijdig in te kunnen springen op deze ontwikkelingen, is een lange termijnvisie noodzakelijk. Deze richt zich, naast bereikbaarheid, op vermindering van vervoersarmoede, duurzaamheid en veiligheid. Wat gaan we daarvoor doen? • In 2025 zal een OV-visie 2050 worden opgesteld. De uitgangspunten van deze visie vertalen we naar concrete acties en programma's. In 2026 worden deze acties en programma's voor het eerst in gang gezet.

3.1.3 Projecten Naast de projecten en programma’s in het kader van de Regionale Investeringsagenda, zetten we ons vanuit het programma Strategie en Beleid ook in voor andere programma’s, projecten of processen. Hierbij is sprake van een duidelijk begin en eind, met een concreet resultaat. Doorfietsroutes Wat willen we bereiken? In Holland Rijnland realiseren we een netwerk van doorfietsroutes. We willen dat de fiets een volwaardig alternatief wordt voor de auto op korte afstanden naar huis, werk, of school. Een doorfietsroutenetwerk verbindt de regio op een duurzame, comfortabele en veilige manier. We stimuleren fietsgebruik dat tevens de gezondheid bevordert. Met Doorfietsroutes als RIA-project brengen we de verschillende doorfietsprojecten samen en werken we stapsgewijs aan het realiseren van het doorfietsroutenetwerk. Wat gaan we daarvoor doen? In 2025 stellen we voor het RIA-project Doorfietsroutes een programmaplan op. In 2026 werken we aan de uitvoering van dit plan. Met dit plan brengen we verschillende routes van de P3- naar de P2en P1-fase. In ieder geval gaat het om de routes: • • • •

Noordwijk – Lisse – Nieuw-Vennep – Schiphol; Katwijk – Oegstgeest – Leiden; Alphen aan den Rijn – Zoeterwoude – Leiden; Leiden – Leiderdorp.

Regio Deal Greenports Wat willen we bereiken? De gemeenten in de Sierteeltregio (hieronder vallen onder meer de gemeenten Katwijk, Noordwijk, Hillegom, Lisse, Teylingen, Alphen aan den Rijn, Nieuwkoop en Kaag en Braassem) dienden in 2024 opnieuw een aanvraag in voor een Regio Deal bij de Rijksoverheid. De regio ervaart overeenkomende problematiek rond economische ontwikkeling en vergelijkbare druk op de woon-, werk- en leefomgeving. Vooral jongvolwassenen, arbeidsmigranten en praktisch opgeleiden verkeren in een kwetsbare positie. Burgers en ondernemers maken zich zorgen over het gebruik van

11

schadelijke gewasbestrijdingsmiddelen en op termijn de beschikbaarheid van voldoende zoetwater. De grote afhankelijkheid van buitenlandse arbeidskrachten is geen duurzaam arbeidsmodel en trekt ook nu al een wissel op mens en samenleving in de regio. Een aanpak voor deze opgaven is gevat in een Regio Deal-aanvraag voor de Sierteeltregio en is in 2024 ingediend bij de Rijksoverheid voor de zesde tranche Regio Deals. Wat gaan we daarvoor doen? Afhankelijk van de selectie door de Rijksoverheid van Regio Deals binnen Nederland, wordt de Regio Deal in de periode 2025 tot en met 2028 uitgevoerd door de betrokken gemeenten, onderwijsen kennisinstellingen en triple helix partners zoals de Greenports en de Economic Boards. De projecten die vallen onder de drie pijlers van de Regio Deal-aanvraag, voeren de regio en de Rijksoverheid samen uit in de Sierteeltregio. Holland Rijnland stimuleert de onderlinge samenwerking en ondersteunt de regionale uitvoering daar waar nodig. De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de projecten ligt bij de betrokken partijen, waarvan Holland Rijnland er één is. In 2025 wordt de rol van alle betrokken partijen gedefinieerd. In 2026 voeren we activiteiten op de Regio Deal uit zowel vanuit de (tijdelijke) RIA middelen als de reguliere bijdrage van gemeenten.

Kantoren- en bedrijventerreinenstrategieën Wat willen we bereiken? In ons werkprogramma ‘Holland Rijnland 2022-2026’ spreken we met elkaar de ambitie uit om in de regio naast 30.000 woningen ook 20.000 banen toe te voegen. Dat vraagt in de meeste gevallen ook om fysieke ruimte, in de vorm van bedrijventerreinen of kantoren. We zien van beide nu al een tekort, maar vooral bedrijventerreinen in de hogere milieucategorieën zijn schaars. Er is echter weinig ruimte in de regio en we zien dat veel van de nog wel beschikbare ruimte wordt ingezet voor woningbouw. Om de juiste afwegingen te maken, is het voor gemeenten essentieel om eerst goed inzicht te krijgen in de behoefte naar bedrijventerreinen en kantoorruimten. Op basis van dit inzicht is in 2024 een gezamenlijke strategie opgesteld voor welke bedrijvigheid we waar in de regio willen faciliteren. Voor bedrijventerreinen is een regionale bedrijventerreinenstrategie opgesteld. In 2025 is voor kantoren een regionale kantorenstrategie opgesteld. Op basis van deze strategieën zorgen we in 2026 voor gezamenlijke uitvoering van de regionale afspraken met een uitvoeringsprogramma langs de lijnen verduurzamen, beter benutten en het ontwikkelen van locaties. Wat gaan we daarvoor doen? In 2024 is de bedrijventerreinenstrategie geactualiseerd. • Holland Rijnland blijft afstemmen met provincie en gemeenten.

Zo bepalen we wat aandachtspunten zijn voor de toekomst. • Holland Rijnland faciliteert de onderlinge afstemming tussen gemeenten. Daarbij fungeert Holland Rijnland ook als aanspreekpunt voor de provincie bij de actualisaties. In regionaal verband houdt Holland Rijnland zicht op de uitvoering van de bedrijventerreinenstrategie en de kantorenstrategie, worden knelpunten van regionaal belang besproken en - waar nodig - ondersteunt Holland Rijnland bij het hard maken van zachte plannen. In 2025 stellen we het beoogde uitvoeringsprogramma op langs de lijnen verduurzamen, beter benutten en het ontwikkelen van locaties met bijbehorend instrumentarium en in 2026 voeren we het uit.

12

Groenprogramma 2.0 Wat willen we bereiken? Op het gebied van Groen en Klimaatbestendig streeft onze regio naar toekomstbestendigheid, waarbij water en bodem de leidende factoren worden voor ruimtelijke inrichting. Versterking van natuur en klimaatbestendige inrichting zijn essentieel, met maatregelen, zoals het beter vasthouden van water tijdens droogte en het opvangen van hevige regenval. Slim gebruik van beperkte ruimte is cruciaal om onze grotendeels verstedelijkte regio gezond, groen en leefbaar te houden, terwijl ruimte wordt geboden aan woningbouw en andere opgaven. Er wordt gebouwd aan een regionaal netwerk van groen en water, inclusief ecologische corridors, gebieden voor natuur(recreatie), uitbreiding van wandel- en fietsnetwerken en stimulering van natuurinclusieve landbouwtransitie. Dit zorgt voor een evenwichtige benutting van ruimte, bevordert de biodiversiteit, verrijkt het landschap en waarborgt de leefbaarheid en natuur van de regio. Wat gaan we daarvoor doen? In 2025 stellen we samen met de gemeenten een plan van aanpak en een programmaplan op voor de RIA-projecten nummer 10 Groenblauw Raamwerk en voor project 11 Benutten en versterken landschappelijke kwaliteiten. In 2026 werken we aan de uitvoering van dit plan. Met dit plan brengen we verschillende projecten van de P3- naar de P2- en P1-fase.

3.1.4 Fondsen en subsidies Holland Rijnland beheert een aantal fondsen en subsidies die bijdragen aan de realisatie van de ambities van de regiogemeenten. Dit zijn: het Regionaal Investeringsfonds, LEADER, de Provinciale Subsidieregeling Mobiliteit en het Cofinancieringsfonds. Met bijdragen uit deze fondsen en subsidies is het mogelijk om een groot aantal concrete projecten te realiseren, verdeeld over alle gemeenten. Regionaal Investeringsfonds Wat willen we bereiken? We willen op een ordentelijke wijze het Regionaal Investeringsfonds uitputten, projecten en programma's aanjagen en stimuleren. Daarvoor is een bijdrage in het Regionaal Investeringsfonds beschikbaar gesteld. Wat gaan we daarvoor doen? • We monitoren, stimuleren en jagen programma's en projecten aan voor welke een bijdrage in het Regionaal Investeringsfonds is gesteld. LEADER Wat willen we bereiken? Eind 2026 willen we dat meer dan twintig projecten een Europese subsidie ontvangen. Verder willen we netwerken van relevante gebiedspartijen opzetten en ondersteunen rond de drie thema's uit ons programma, te weten, Duurzame circulaire regio, Voedzame regio en Beleefbare regio. Wat gaan we daarvoor doen? • We ondersteunen projecten van partijen die een subsidieaanvraag willen indienen.

13

• We beoordelen nieuwe aanvragen (vier maal per jaar). • We ondersteunen goedgekeurde projecten bij de verantwoording. • We organiseren doorlopend netwerkbijeenkomsten (o.a. LEADER-cafés), communicatie-activiteiten en eenmaal per jaar monitoren en evalueren we het programma. Provinciale subsidieregeling mobiliteit Wat willen we bereiken? Het aantal verkeersslachtoffers in Holland Rijnland nam de afgelopen jaren flink toe. Dat willen we reduceren. We zetten in op een permanente verbetering van de verkeersveiligheid. Dat doen we door middel van educatie en voorlichting aan verkeersdeelnemers in alle leeftijdsgroepen. De basis hiervoor is het Actieprogramma Verkeersveiligheid, met behulp van subsidie van de provincie. Het aangevraagde subsidiebedrag is € 2.081.700, -. Wat gaan we daarvoor doen? Net als in voorgaande jaren ondersteunen we in 2026 gemeenten bij het verkrijgen van subsidies en fondsen voor infrastructurele projecten en voor gedragsbeïnvloeding verkeersveiligheid in het kader van de provinciale subsidieregeling mobiliteit. Ook vervullen we een coördinerende en aanjagende rol bij de aanpak van gedragsbeïnvloeding van verkeersdeelnemers in alle leeftijdsgroepen. Deze maatregelen zijn opgenomen in het Actieprogramma Verkeersveiligheid. Het Actieprogramma is de basis voor een effectieve, regionale aanpak van verkeersveiligheid.

Het richt zich met name op gedragsbeïnvloeding. Er wordt aangesloten bij de uitgangspunten van permanente verkeerseducatie. Aan de onderwijsbegeleidingsdienst is opdracht verleend om scholen in het basis- en het voortgezet onderwijs te werven voor een structurele aanpak van verkeerseducatie. Voor de basisscholen wordt een verkeersleerkracht aangeboden welke, in opdracht van Holland Rijnland, praktische lessen geeft in alle leerjaren en de school ondersteunt en adviseert bij het zelfstandig vormgeven van praktische verkeerseducatie. Naast bovenstaande activiteiten rondom scholen vinden er jaarlijks praktijkdagen voor jonge autorijders plaats en zijn er rijvaardigheidsdagen voor senioren en scootmobielgebruikers. Op 235 campagneborden langs de wegen in Holland Rijnland worden vijf maal per jaar posters gewisseld waarbij wordt aangesloten op landelijke campagnes. Ook vindt er een regionale fietsverlichtingscampagne plaats over de gehele regio en een BOB-sportcampagne. Daarnaast zijn er door het jaar heen nog meer acties. De provincie Zuid-Holland stelt Holland Rijnland ook jaarlijks in de gelegenheid om, in het kader van de Subsidieregeling Mobiliteit (SRM), infrastructurele projecten aan te dragen voor subsidie.

Deze zogenaamde regiovoordracht is nodig om provinciale subsidie te verkrijgen voor gemeentelijke projecten met regionaal belang, zoals het realiseren van doorfietsroutes. De subsidie is jaarlijks € 2.850.055.

14

Cofinancieringsfonds Wat willen we bereiken? Het Cofinancieringsfonds is ingesteld in 2016. Het fonds is bedoeld voor regionale, bovengemeentelijke initiatieven die een innovatief karakter hebben en bijdragen aan het realiseren van de opgaven van Holland Rijnland. Hoewel per 2026 geen voeding meer komt vanuit de gemeentelijke bijdrage, lopen enkele activiteiten nog wel door in 2026. Wat gaan we daarvoor doen? De activiteiten die doorlopen betreffen het zicht houden op de voortgang van projecten die mede gefinancierd zijn vanuit het cofinancieringsfonds. Dat gaat onder meer om het beoordelen van de tussenrapportage en de eindrapportage en het vaststellen van de subsidie. De strategisch adviseur van Holland Rijnland sluit aan bij het (kern)consortium voor de begeleiding van projecten zoals het energietransitiehuis in Alphen aan den Rijn en het Technolab slimme techniek.

3.1.5 Regionaal beleid en monitoring Ook in 2026 houden we ons vanuit het programma Strategie en Beleid bezig met regionaal beleid en monitoren we gemaakte afspraken en ontwikkelingen. Wonen Wat willen we bereiken? De druk op de woningmarkt is groot. In Holland Rijnland zijn veel mensen op zoek naar een geschikte woning, zowel starters als mensen die willen doorstromen. Er zijn jarenlange wachtlijsten voor sociale huurwoningen en de koopprijzen zijn hard gestegen. Hierdoor is er een grote diversiteit aan doelgroepen die wachten op een geschikte woning. In onze regio hebben we de opgave om 30.500 nieuwe woningen te bouwen voor 2030. In de Regionale Woonagenda maakten we samen afspraken over hoe we dit doel kunnen bereiken. Deze agenda zorgt ervoor dat we de woningbouwafspraken in onze regio goed afstemmen op andere ruimteclaims en dat we rekening houden met de gevolgen voor onder andere mobiliteit en elektriciteitsvoorziening. We zorgen ervoor dat de woningbouwontwikkeling aansluit bij de behoefte in de regio, zowel op de kwantiteit als de kwaliteit van de woningen: de juiste woning op de juiste plek. Wat gaan we daarvoor doen? • Elk jaar actualiseren we het aantal woningen dat woningcorporaties beschikbaar stellen voor contingenten. Dit betreft vooral de uitstroom uit de maatschappelijke zorg, maar ook ambulante begeleiding om instroom te voorkomen.

De actualisatie gebeurt in Q4 van 2026. • We zorgen voor procesregie, monitoring en terugkoppeling over waar we staan bij de realisatie van de afspraken uit de Regionale Woonagenda. Dit betreft onder andere het aandeel sociale huur, middeldure huur, goedkope koop en de locatie van woningen (binnen of buiten bestaande stads- en dorpsgebieden). Hierbij werken we intensief samen met gemeenten, de provincie ZuidHolland en woningcorporaties die zijn aangesloten bij Holland Rijnland Wonen. De monitor wordt in Q1 uitgevoerd. • We zorgen voor een toekomstbestendige regionale Huisvestingsverordening, waarin we afspraken maken over de verdeling van woningen binnen de regio.

15

• We coördineren het proces van de jaarlijkse actualisatie van de woningbouwplanlijst, waarin we alle woningbouwprojecten in de regiogemeenten opnemen. • We signaleren kansen en knelpunten bij de realisatie van onze woonopgave, en houden rekening met de relatie tussen woningbouw en andere ruimtevragende activiteiten in onze regio, zoals mobiliteit, landschap, energie, bedrijventerreinen en klimaatadaptie. • We zorgen ervoor dat de Regionale Versnellingstafel haar opdracht uitvoert, waarbij de tafel de voortgang van woningbouwprojecten monitort en actief uitvraagt naar specifieke knelpunten. Op basis van deze resultaten geeft de Versnellingstafel inzicht in de knelpunten en doet ze aanbevelingen voor mogelijke oplossingsrichtingen. • We organiseren twee inspiratiesessies om wethouders en bestuurders van woningcorporaties met elkaar te verbinden. • Tijdens de ambtelijke regiodagen organiseren we informatiesessies om kennis te delen met en tussen ambtenaren op het gebied van wonen van de dertien gemeenten. • We voeren het secretariaat voor de vier jaarlijkse Beleidscommissie woonruimteverdeling. OV-concessies Wat willen we bereiken? Op 15 december 2024 is de nieuwe concessie van start gegaan. Dat verliep niet zonder hobbels.

Gedurende de looptijd van de concessie zullen er, op basis van ervaringen en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, aanpassingen in het vervoerplan noodzakelijk blijken. Holland Rijnland zet zich in om het openbaar vervoer zodanig vorm te geven dat iedereen er zo optimaal mogelijk gebruik van kan maken. Wat gaan we daarvoor doen? Signalen vanuit de deelnemende gemeenten waar verbeteringen noodzakelijk zijn, zal Holland Rijnland bundelen en inbrengen bij Qbuzz. Jaarlijks is daar een moment voor gereserveerd in het bestek. Schiphol Wat willen we bereiken? Momenteel zijn we als Holland Rijnland op meerdere manieren aangehaakt op het Schipholdossier. Via de Bestuurlijke Regio Schiphol (BRS) worden we ambtelijk en bestuurlijk bijgepraat, zitten we aan tafel wat betreft het cumulatiebeleid en praten we mee via de NOVEX Schiphol. Ons voornemen is om onze betrokkenheid aan deze tafels te verstevigen. Wat gaan we daarvoor doen? Om onze betrokkenheid te verstevigen en uit te breiden, gaan we het gesprek aan met de verschillende partijen betrokken bij het Schipholdossier, zoals de provincie Zuid-Holland en de Omgevingsdienst. Daarnaast blijven we in gesprek via de BRS.

16

Kantorenmonitor Wat willen we bereiken? In ons werkprogramma ‘Holland Rijnland 2022-2026’ spreken we met elkaar de ambitie uit om naast 30.500 woningen ook 20.000 banen toe te voegen in de regio. Dat vraagt in de meeste gevallen ook om fysieke ruimte, in de vorm van bedrijventerreinen of kantoren. Het inzichtelijk maken van de behoefte en beschikbaarheid van kantoren in de regio ondersteunt de regio om de ruimte voor banen en werk te behouden en te versterken. Wat gaan we daarvoor doen? In 2026 stellen we de kantorenmonitor Holland Rijnland vast om de balans tussen vraag en aanbod van kantoorwerklocaties in beeld te brengen en te houden. Huisvesting asielzoekers Wat willen we bereiken? Alle gemeenteraden in de regio’s Holland Rijnland en Midden-Holland namen in april/mei 2023 het besluit om 2200 duurzame opvangplekken voor asielzoekers te realiseren. In onze regio willen we 1546 duurzame opvangplekken realiseren en voor de Midden-Holland zijn dat er 654. We verwachten dat de benodigde opvangplakken in de komende jaren verder stijgt. Met duurzame opvangplekken zorgen we niet alleen voor de opvang zelf, maar ook voor alle benodigde voorzieningen zoals zorg, onderwijs, veiligheid, begeleiding, participatie en integratie. Wat gaan we daarvoor doen? • We hebben een coördinerende, simulerende en monitorende rol in het proces voor de regio's Holland Rijnland en Midden-Holland.

• We ondersteunen de Regionale Regietafel (RRT) door de voorstellen ambtelijk voor te bereiden en de secretarisrol te vervullen tijdens bestuurlijke overleggen. Daarnaast voeren we een gezamenlijk lobby om de benodigde randvoorwaarden te realiseren. Ook faciliteren en versterken we de kennispositie van de regio. • We werken nauw samen met Tijdelijk Werkorganisatie Vluchtelingen (TWOV) voor een integrale afstemming en de voorbereiding van de RRT. • We ondersteunen gemeenten bij de realisatie van opvanglocaties door regionale afstemmingstafels en themabijeenkomsten te organiseren. Tevens coördineren we het (kennis)netwerk met medeoverheden en kennispartners. Hierdoor maken we de uitwisseling van kennis en best practices mogelijk. • In 2025 stellen we een gezamenlijke agenda op waarin we vastleggen hoe we als regio de duurzame opvang aanpakken. Deze agenda richt zich vooral op de uitvoering en omvat gezamenlijke maatschappelijke thema's en concrete samenwerkingsvoorstellen. Daarbij richten we ons op het realiseren van gezamenlijke voorzieningen zoals onderwijs, participatie en werk, opvang AMV's en jeugdhulp. Deze voorstellen voeren we in 2026 verder uit. Dit plan dient als basis voor het bestuurlijke gesprek over de invulling van de opgave.

17

3.1.6 Wat mag het kosten? De begroting 2026 is geïndexeerd conform de percentages zoals opgenomen in de Kaderbrief 2026.

Strategie en Beleid

Saldo na mutaties reserves

Rekening

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Directe kosten

4.593.196

5.886.857

2.975.269

2.842.769

2.189.490

2.189.490

Kosten werkorganisatie

1.089.810

1.269.139

1.384.072

1.384.072

1.298.218

1.298.218

Totale Lasten

5.683.006

7.155.996

4.359.341

4.226.841

3.487.708

3.487.708

Bijdrage van derden

-3.631.862

-6.641.852

-4.422.649

-4.422.649

-1.380.183

-1.380.183

Totale Baten

-3.631.862

-6.641.852

-4.422.649

-4.422.649

-1.380.183

-1.380.183

Saldo van baten en lasten

2.051.145

514.144

-63.308

-195.808

2.107.525

2.107.525

Totale Storting in reserves

-

1.752.489

2.333.333

2.333.333

-

-

Totale Onttrekking uit reserves

-239.140

-

-162.500

-30.000

-

-

Mutaties reserves

-239.140

1.752.489

2.170.833

2.303.333

-

-

1.812.004

2.266.633

2.107.525

2.107.525

2.107.525

2.107.525

Tabel 3.1: Ontwikkeling begroting Programma Strategie en Beleid

18

Meerjarenraming

Een onderverdeling naar de lasten en baten van de producten van het programma volgt hieronder. Rekening

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Regionale investeringsagenda

435.083

1.296.179

559.528

559.528

528.847

528.847

Toekomstverkenningen

344.796

498.151

459.871

459.871

449.644

449.644

Projecten

2.078.456

2.427.409

461.634

461.634

443.201

443.201

Fondsen en Subsidies

1.763.211

2.297.216

2.212.341

2.079.841

1.415.200

1.415.200

Regionaal beleid en monitoring

857.577

519.054

541.062

541.062

531.593

531.593

Strategie en Beleid Algemeen

203.883

117.987

124.905

124.905

119.223

119.223

5.683.006

7.155.996

4.359.341

4.226.841

3.487.708

3.487.708

-

-2.333.333

-2.333.333

-2.333.333

-

-

-10.000

-10.000

-10.000

-10.000

-10.000

-10.000

Projecten

-1.889.403

-2.078.803

-

-

-

-

Fondsen en Subsidies

-1.364.042

-2.049.716

-1.904.726

-1.904.726

-1.195.593

-1.195.593

Regionaal beleid en monitoring

-326.667

-170.000

-174.590

-174.590

-174.590

-174.590

Strategie en Beleid Algemeen

-41.750

-

-

-

-

-

Totale Baten

-3.631.862

-6.641.852

-4.422.649

-4.422.649

-1.380.183

-1.380.183

Saldo van baten en lasten

2.051.145

514.144

-63.308

-195.808

2.107.525

2.107.525

Mutaties reserves

-239.140

1.752.489

2.170.833

2.303.333

-

-

Saldo na mutaties reserves

1.812.004

2.266.633

2.107.525

2.107.525

2.107.525

2.107.525

Totale Lasten Regionale investeringsagenda Toekomstverkenningen

Meerjarenraming

Tabel 3.2: Ontwikkeling begroting Programma Strategie en Beleid onderverdeeld naar product

Ten opzichte van de begroting 2025 zien we in 2026 de volgende mutaties op de lasten per product: • Product Regionale Investeringsagenda: lagere lasten € 737K (Voordeel). • Op het moment van het opstellen van de begroting is nog onvoldoende duidelijk wat de lasten voor RIA zullen zijn voor de thematische fondsen en prioritaire projecten - € 800K (Voordeel). Wanneer deze plannen meer vorm krijgen, onttrekken we hiervoor middelen uit de reserves RIA met een begrotingswijziging. Overige mutaties op de lasten betreffen • Indexering € 37K (Nadeel) • Lasten inzet manager € 26K (Nadeel) • Product Toekomstverkenningen: lagere lasten € 38K (Voordeel) • Indexering € 15K (Nadeel) • Lasten inzet manager € 12K (Nadeel) • Groenprogramma 2.0 € 65K (Voordeel) van product Toekomstverkenning naar product Projecten • Product Projecten: lagere lasten € 1.965K (Voordeel) • Indexering € 10K (Nadeel) • Lasten inzet manager € 12K (Nadeel)

19

• Groenprogramma 2.0 € 65K (Nadeel) van product Toekomstverkenning naar Projecten • RES naar het nieuwe Energieprogramma € 2.053K (Voordeel) • Product Fondsen en Subsidies: lagere lasten € 85K (Voordeel) • RIF Groen/Blauw heeft lagere lasten € 185K (Voordeel) aangezien de eindtermijn van RIF nadert. Tegenover de lagere lasten staat een even zo grote verlaging van de baten. Effect is derhalve neutraal • Cofinancieringsfonds € 195K (Nadeel): mutatie aanvulling vanuit 2025 van € 105K naar € 300K door incidentele lastenverlaging in 2025 • Cofinancieringsfonds € 300K (Voordeel): reguliere (nieuwe) activiteiten geschrapt wegens de taakstelling • Cofinanciering € 163K (Nadeel): extra lasten opgenomen voor lopende projecten in 2026. Tegenover de hogere lasten staat een onttrekking aan de bestemmingsreserve.

Effect is derhalve neutraal: • Indexering € 32K (Nadeel) • Lasten inzet manager € 10K (Nadeel) • Product Regionaal Beleid en Monitoring € 22K (Nadeel) • Indexering € 14K (Nadeel) • Lasten inzet manager € 8K (Nadeel) • Product Strategie en Beleid Algemeen € 9K (Nadeel) • Indexering € 4K (Nadeel) • Lasten inzet manager € 5K (Nadeel) Ten opzichte van de begroting 2025 zien we in 2026 de volgende mutaties op de baten per product: • Product Regionale Investeringsagenda: geen mutaties • Product Toekomstverkenningen: geen mutaties • Product Projecten:Regionaal Energieprogramma naar het nieuwe programma € 2.079K (Nadeel) • Product Fondsen en Subsidies: lagere baten € 145K (Voordeel) • De baten op RIF Groen/Blauw nemen af aangezien de eindtermijn van het RIF nadert: € 185K (Nadeel). Correspondeert met de even zo grote verlaging van de lasten in 2026 • Indexering baten van derden € 40K (Voordeel) • Product Regionaal beleid en Monitoring • Indexering baten van derden € 5K (Voordeel) • Product Strategie en Beleid Algemeen: geen mutaties In de begroting 2026 hebben we de volgende onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves opgenomen bij het programma Strategie & Beleid: • Saldo ontrekkingen en toevoegingen aan reserves € 2.170K (Nadeel)

20

• Toevoeging Reserve Prioritaire Projecten € 1.333K (Nadeel) • Toevoeging Reserve Thematische Fondsen € 1.000K (Nadeel) • Onttrekking Reserve Cofinanciering € 163K (Voordeel). Projectnaam

Organisatie

Beschikt bedrag

2021

2022

2023

2024

raming 2025

Centrum voor Innovatief Vakmanschap Bio Sciences

MBO Rijnland

100.000

10.000

10.000

30.000

-16.643

66.643

Plasmatoorts Circular Changes

Grimbergen (Alphen aan den Rijn)

100.000

20.000

30.000

30.000

20.000

Groene Hart Waterstof

Vermeulen (aannemer)

100.000

10.000

40.000

50.000

Talent op Maat

coöperatie WIJIJ via Gem Voorschoten

50.000

20.000

30.000

Unmanned Valley Mobiliteit Fase 1

Unmanned Valley

30.000

10.000

20.000

Techniekhuis Nieuwkoop

Techniekhuis Nieuwkoop

10.000

5.000

5.000

Waterstofchallenge

Technolab Leiden

10.000

10.000

Schoonwater voorziening Boskoop (Circulaire wateropslag)

Stichting Greenport Boskoop

75.000

37.500

Pilot gewasbescherming Duin-en Bollenstreek met drones, satellieten en data

Unmanned Valley

75.000

75.000

Unmanned Valley Mobiliteit Fase 2

Unmanned Valley

70.000

35.000

27.500

raming 2026

raming 2027

30.000

10.000

35.000

Schoonwatervoorziening Boskoop aanvulling

16.000

Kwartiermaker Human Capitalsierteeltregio EBZ

30.000

20.000

Energietransitiehuis Human Capital

40.000

30.000

Deelakkoord Technolab

30.000

70.000

Remote Sensing Sierteelt II

25.000

21

Projectnaam

Organisatie

Beschikt bedrag

2021

2022

2023

2024

raming 2025

Bouw Ontwerp Challenge SMART circulair

3.250

Versterken strandtoerisme; drones voor vergroten veiligheid strandbezoekers

37.500

Effect projectfasering JR 2023 (nog in MJB te verwerken) totaal

raming 2026

raming 2027

62.500

620.000

30.000

Tabel 3.3: Uitnutting cofinancieringsfonds

22

95.000

302.500

161.857

232.393

162.500

30.000

3.2 Energieprogramma In het energieprogramma werkt de regio samen aan de energietransitie. De werkzaamheden staan in verband met de RES 1.0, het Rijksprogramma NPLW, en het Rijksprogramma integraal programmeren. In 2025 is daar nog incidenteel kwaliteitsbudget bijgekomen ter bevordering van landschappelijk inpassen van energieprojecten. In 2023 is het Energieprogramma vastgesteld wat de kaders biedt voor de samenwerking in de regio op Energie in de Commissie DEG (Duurzame energie en groen).

3.2.1 Energieprogramma Energiesysteem en congestie 1. Energieprogramma Energiesysteem en congestie Wat willen we bereiken? In Holland Rijnland werken we aan een robuust en toekomstbestendig energiesysteem. Om hier te komen wordt gewerkt aan een handelingsperspectief voor gemeenten en de regio als geheel (actieagenda). Deze werkzaamheden vormen een nadere invulling van het Energieprogramma. Het zal betrekking hebben op de activiteiten voor duurzame warmte, elektriciteit en op energie besparen. Daarnaast blijkt dat de ontwikkeling van het energiesysteem meerdere domeinen raakt. Ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit, wonen en economie zullen invloed hebben op het energiesysteem. Door congestie en een veranderend aanbod van energie heeft het energiesysteem ook steeds meer invloed op de maatschappelijke en economische ontwikkelingen. Hierin wordt het belangrijker om samen keuzes te maken om de ambities van de regio nog mogelijk te maken. Wat gaan we daarvoor doen? Werken aan een gezamenlijk handelingsperspectief voor het energiesysteem, waaronder het waar mogelijk beperken van congesties. Streven is dat dit zo concreet mogelijk de belangrijkste acties bevat, die nodig zijn om te komen tot een robuust energiesysteem, vanuit alle sectoren.

Vanuit het Energieprogramma ondersteunt de taskforce netcongestie gemeenten bij werk aan het verminderen van netcongestie door: • Sneller bouwen (inzetten op verhelpen van obstakels bij projecten in gemeenten). • Slimmer benutten (zoals realiseren opslag op een netbewuste manier, combineren vraag en aanbod) 2. Energieprogramma Warmte Wat willen we bereiken? In Holland Rijnland willen de gemeenten komen tot een duurzaam warmtesysteem dat betaalbaar is voor inwoners, dat gebruik maakt van de beschikbare bronnen, en dat bijdraagt aan het verkorten van congestie. Wat gaan we daarvoor doen? • We ontwerpen het warmtesysteem van de toekomst dat gericht is op systeem optimalisatie ten einde kosten te verlagen. We maken afspraken hoe de regio samenwerkt om dit te realiseren. We ondersteunen gemeenten in het maken van warmteprogramma's zodat er een regionaal afgestemd beleid is waarin het warmtesysteem verankerd wordt.

23

• We werken aan een clusteraanpak die in Zuid-Hollands verband ook de integratie van het warmtesysteem op dat niveau optimaliseert. • We werken intensief samen in Zuid-Holland in de lobby voor betere randvoorwaarden van het Rijk om de realisatie van warmtenetten mogelijk te maken. • De taskforce ondersteunt gemeenten in de vraagstukken rondom warmtevraagontwikkeling. 3. Energieprogramma Opwek Wat willen we bereiken? De regio heeft de ambitie om de RES 1.0 doelen voor opwek te realiseren. Gemeenten hebben echter onvoldoende zoeklocaties aangewezen voor duurzame opwekprojecten. Er zijn veel conflicterende beleidsdoelen op de oorspronkelijke zoekgebieden van de RES 1.0. De provincie Zuid-Holland stelde de routekaart op waarin wordt gewerkt aan herziening van het omgevingsbeleid. In 2025 wordt duidelijk hoe deze herziening ingrijpt op de werkzaamheden van 2026 voor de regio. Wat gaan we daarvoor doen? • We werken aan een integrale gebiedsbenadering om te komen tot zoeklocaties waar opwek mogelijk is of wordt. We werken bijvoorbeeld samen aan inzicht op de interactie met weidevogelbeleid. • We zoeken naar mogelijkheden om landschappelijke investeringen te doen in combinatie met duurzame opwekprojecten • De taskforce ondersteunt de gemeenten in procesparticipatie en in technische vraagstukken om te komen tot duurzame opwekprojecten.

3.2.2 Wat mag het kosten?

Energieprogramma

Saldo na mutaties reserves

Rekening

Begroting

Begroting

Meerjarenraming

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Directe kosten

-

-

2.054.500

1.972.059

1.972.059

1.972.059

Totale Lasten

-

-

2.054.500

1.972.059

1.972.059

1.972.059

Bijdrage van derden

-

-

-1.758.570

-1.972.059

-1.972.059

-1.972.059

Totale Baten

-

-

-1.758.570

-1.972.059

-1.972.059

-1.972.059

Saldo van baten en lasten

-

-

295.930

-

-

-

Totale Storting in reserves

-

-

-

-

-

-

Totale Onttrekking uit reserves

-

-

-295.930

-

-

-

Mutaties reserves

-

-

-295.930

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Tabel 3.4: Ontwikkeling begroting Programma Energieprogramma

24

Rekening

Begroting

Begroting

Meerjarenraming

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Energieprogramma

-

-

2.054.500

1.972.059

1.972.059

1.972.059

Totale Lasten

-

-

2.054.500

1.972.059

1.972.059

1.972.059

Energieprogramma

-

-

-1.758.570

-1.972.059

-1.972.059

-1.972.059

Totale Baten

-

-

-1.758.570

-1.972.059

-1.972.059

-1.972.059

Saldo van baten en lasten

-

-

295.930

-

-

-

Mutaties reserves

-

-

-295.930

-

-

-

Saldo na mutaties reserves

-

-

-

-

-

-

Tabel 3.5: Ontwikkeling begroting Programma Energieprogramma onderverdeeld naar product

Doordat het Energieprogramma een geheel nieuw programma is, lijkt het in bovenstaande tabel alsof er geen baten, lasten en onttrekkingen zijn geweest in voorgaande jaren. Deze staan echter bij het programma Strategie en Beleid onder het product Projecten. Ten opzichte van de begroting 2025 zien we in 2026 de volgende mutaties op de lasten per product: • Product Energieprogramma: hogere lasten € 2.055K (Nadeel) • Merk op dat tegenover deze hogere lasten een even zo grote verlaging van de lasten hoort bij Programma Strategie en Beleid onder het product Projecten. Deze wijziging is derhalve saldoneutraal. Ten opzichte van de begroting 2025 zien we in 2026 de volgende mutaties op de baten per product: • Product Energieprogramma: hogere baten € 1.759K (Voordeel) • Merk op dat tegenover deze hogere baten een even zo grote verlaging van de baten hoort bij Programma Strategie en Beleid onder het product Projecten. Deze wijziging is derhalve saldoneutraal. In de begroting 2026 hebben we de volgende onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves opgenomen bij het programma Energieprogramma: • Saldo ontrekkingen en toevoegingen aan reserves € 296K (Voordeel) • Onttrekking Reserve Energieprogramma € 296K (Voordeel).

25

3.3 Regionale Uitvoering Gemeenten in Holland Rijnland beleggen een aantal belangrijke uitvoeringstaken bij de afdeling “Regionale Uitvoering” van Holland Rijnland. Het Regionaal Bureau Leerrecht (RBL) is verreweg het grootste team binnen deze afdeling. Het RBL is belast met de taken rondom leerplicht en voortijdig schoolverlaten. Daarnaast verstrekt Holland Rijnland namens de gemeenten urgentieverklaringen voor sociale huurwoningen en beheert Holland Rijnland het contract met de vervoerder van de Regiotaxi. Gemene deler van deze drie verschillende taken: Holland Rijnland is voortdurend gericht op een hoge kwaliteit van dienstverlening tegen zo laag mogelijke kosten.

3.3.1 Regionaal Bureau Leerrecht (RBL) Wat willen we bereiken? Elf van de dertien gemeenten in Holland Rijnland organiseren samen de uitvoerende (wettelijke) taken rondom leerplicht, leerrecht, het doorstroompunt en het tegengaan van voortijdig schoolverlaten. De missie van het RBL, is vastgesteld in het beleidsplan RBL Holland Rijnland 2022-2025. Deze luidt: “Iedereen verdient kansen op onderwijs en ontwikkeling. Sommige kinderen en jongeren hebben steun nodig bij het grijpen van die kansen. Wij bieden die steun.” Alle kinderen in Nederland hebben recht op onderwijs. Door het volgen van onderwijs kunnen jeugdigen zich ontplooien en ontwikkelen. Door het behalen van een startkwalificatie voldoen zij aan het minimale niveau dat nodig is om een goede kans te maken op de arbeidsmarkt en mee te doen in de samenleving. Schooluitval is niet alleen maatschappelijk, maar ook economisch ongewenst. Net als een goede aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp, is een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt van belang om talenten optimaal te kunnen benutten. Hiervoor werkt het RBL intensief samen met onderwijs, zorg, opdrachtgevende gemeenten en andere ketenpartners. In 2025 maakt het RBL een nieuw beleidsplan, met daarin aangepaste doelstellingen. In 2026 werken we aan het realiseren van de doelen binnen dit beleidsplan.

Wat gaan we daarvoor doen? Het RBL heeft de structurele taak voor het uitvoeren van de leerplichtfunctie (5- tot 16-jarigen), de kwalificatieplicht (16- en 17-jarigen) en de Doorstroompunt-functie voortijdig schoolverlaten (voor 18tot 23-jarigen). Daarnaast heeft het RBL de regionale opdracht om de groep thuiszitters met een schoolinschrijving te bedienen. Om aan de leerplichtwet en onze regionale opdracht voor thuiszitters te voldoen, doen we het volgende: • We zijn contactpersoon van scholen. We spreken en begeleiden kinderen en jongeren (en hun ouders) die kort of langdurig niet naar school gaan, dreigen uit te vallen of uitgevallen zijn. • We werken volgens de Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) en gaan op zoek naar en in gesprek over de oorzaken van verzuim. • We zoeken naar oplossingen voor kinderen en jongeren die verzuimen en/of uitgevallen zijn en werken daarin samen met partners, zoals scholen, jeugdhulpverlening en andere ketenpartners.

26

• • •

• •

We werken volgens de ‘Handreiking taken, rollen en verantwoordelijkheden passend onderwijs jeugdhulp’ en zorgen dat er altijd een partij is die regie heeft. We vragen bij scholen blijvend aandacht voor tijdig en goed melden van verzuim en voor de aanpak schoolaanwezigheid. Door onze (data)analyse en inbreng helpen we partners bij het creëren van een dekkend onderwijsen zorgaanbod. We spreken partijen aan op hun verantwoordelijkheid. We hebben extra aandacht voor bepaalde doelgroepen, zoals jongeren die zonder aanbod van onderwijs of hulp volledig thuiszitten of kinderen met bepaalde problematiek. Onze analyses geven input hiervoor. We werken volgens vaste werkwijzen, zorgen voor goede verslaglegging en gaan op een juiste manier om met gegevens. We leren van elkaar en vragen feedback aan samenwerkingspartners.

De geformuleerde doelen met betrekking tot onze doorstroompuntfunctie en de kwalificatieplicht bereiken we door: • een preventieve (verzuim-) aanpak gericht op het voorkomen van uitval • Jongeren die uitvallen begeleiding aan te bieden, gericht op een duurzaam alternatief. • Jongeren zonder startkwalificatie tot 27 jaar, met weinig inkomen, te benaderen en begeleiding aan te bieden richting onderwijs, werk of maatwerkoplossing. • Goede afspraken te maken conform de nieuwe wet ‘van school naar duurzaam werk’ (deze is in dec. 2024 aan de tweede kamer aangeboden), met scholen en gemeenten over de nieuwe taken. • Het stimuleren van Praktijkleren bij jongeren zonder startkwalificatie. De afspraken hierover maken we in voorbereiding van het nieuwe programma VSV met alle aangesloten partijen in voorbereiding op de nieuwe wetgeving. • Een passend nieuw programma VSV, ter ondersteuning van onze doelgroep, conform de nieuwe wetgeving. • Goede afspraken te maken en samen te werken met de regionale werkcentra.

3.3.2 Team woonurgenties Wat willen we bereiken? We zorgen voor een effectieve en efficiënte uitvoering van de taken rondom urgentieaanvragen voor sociale huurwoningen. We werken hierbij ook volgens de nieuwe wet Modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer, die naar verwachting in 2026 ingaat. Wat gaan we daarvoor doen? • We handelen urgentievragen tijdig af. • We faciliteren een onafhankelijke Regionale urgentiecommissie met kennis van zaken. • We voeren het secretariaat van deze regionale urgentiecommissie en bereiden besluitvorming voor. • We voeren het verweer in bezwaar- en beroepsprocedures bij de rechtbank en de Raad van State. • We zorgen voor de regionale behandeling van bezwaren omtrent woonruimteverdeling door de bezwaarschriftencommissies. • We zorgen voor een effectieve en efficiënte uitvoering van het proces woonurgenties, waarbij het mogelijk aanvragen digitaal in te dienen.

27

3.3.3 Team Regiotaxi Wat willen we bereiken? We zorgen ervoor dat alle inwoners van onze regio veilig en plezierig van A naar B kunnen reizen als de auto of het OV voor hen geen optie of wens is. We zorgen middels contractbeheer met de vervoerder voor een kwalitatief hoogstaand systeem van Collectief Vraagafhankelijk Vervoerssysteem (Regiotaxi). Wat gaan we daarvoor doen? • We zorgen voor het contractbeheer met de vervoerder van de Regiotaxi. Wij zien erop toe dat de uitvoering conform het bestek geschiedt. • We monitoren de tijdigheid van het vervoer, de klantbeleving (middels een continu klanttevredenheidsonderzoek), het aantal klachten en de afhandeling hiervan, het vervoersvolume, et cetera. • We staan voortdurend in contact met individuele gemeenten, vervoerder, belangenorganisaties en reizigers en dragen zorg voor een zorgvuldige en tijdige communicatie met al deze partijen.

3.3.4 Wat mag het kosten? De begroting 2026 is geïndexeerd conform de percentages zoals opgenomen in de Kaderbrief 2026.

Regionale Uitvoering

Saldo na mutaties reserves

Rekening

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Directe kosten

744.700

874.622

1.038.301

1.038.301

1.038.301

1.038.301

Kosten werkorganisatie

2.712.115

2.927.725

3.024.602

3.024.602

3.024.602

3.024.602

Totale Lasten

3.456.814

3.802.347

4.062.903

4.062.903

4.062.903

4.062.903

Bijdrage gemeenten

-179.163

-

-

-

-

-

Bijdrage van derden

-1.661.056

-1.673.995

-1.930.721

-1.930.721

-1.930.721

-1.930.721

Totale Baten

-1.840.219

-1.673.995

-1.930.721

-1.930.721

-1.930.721

-1.930.721

Saldo van baten en lasten

1.616.595

2.128.352

2.132.182

2.132.182

2.132.182

2.132.182

Totale Storting in reserves

-

-

-

-

-

-

Totale Onttrekking uit reserves

-213.012

-

-

-

-

-

Mutaties reserves

-213.012

-

-

-

-

-

1.403.583

2.128.352

2.132.182

2.132.182

2.132.182

2.132.182

Tabel 3.4 Ontwikkeling begroting Programma Regionale Uitvoering

28

Meerjarenraming

Hieronder hebben we de programmakosten onderverdeeld naar product. Rekening

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2.711.129

2.935.478

3.239.541

3.239.541

3.239.541

3.239.541

Woonurgenties

413.466

484.872

423.271

423.271

423.271

423.271

Regiotaxi

332.219

381.997

400.091

400.091

400.091

400.091

Totale Lasten

3.456.814

3.802.347

4.062.903

4.062.903

4.062.903

4.062.903

Regionaal Bureau Leerrecht

-1.548.328

-1.338.055

-1.594.781

-1.594.781

-1.594.781

-1.594.781

Woonurgenties

-27.365

-33.000

-33.000

-33.000

-33.000

-33.000

Regiotaxi

-264.526

-302.940

-302.940

-302.940

-302.940

-302.940

Totale Baten

-1.840.219

-1.673.995

-1.930.721

-1.930.721

-1.930.721

-1.930.721

Saldo van baten en lasten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=409ed81e-ada9-4517-86f3-eaec0f35b969