CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Memo Inventarisatie groen 2024

Gemeenteraad 25 november 2024, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2025 - 2029.2.409 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo inventarisatie Kaag en Braassem 2024

Ter attentie van: Dhr. B. Winkels Gemeente Kaag en Braassem 29 juli 2024

Over iFocus iFocus helpt u bij het realiseren van een schone, verzorgde en veilige leefomgeving. Met onze beeldkwaliteitsmetingen en analyses krijgt u inzicht in de situatie en maken we deze bespreekbaar. De analyses helpen u de juiste keuzes te maken bij het verbeteren van de leefomgeving. Binnen iFocus meten en analyseren we de kwaliteit en de ontwikkeling van de leefomgeving. De unieke combinatie met Cyber Advies zorgt dat wij analyses kunnen maken op basis van uw specifieke vraag en behoefte. Deze analyses brengen focus aan en helpen u de juiste keuzes te maken bij het verbeteren van de leefomgeving. Die leefomgeving reikt verder dan de grenzen van de openbare ruimte. Samen met Aedes, de branchevereniging van woningcorporaties, heeft iFocus namelijk beeldkwaliteit geoptimaliseerd speciaal voor woningcorporaties. Want ook voor woningcorporaties meten en analyseren wij op basis van beeldkwaliteit het bezit en de bijbehorende buitenruimte. Zij volgen hiermee de ontwikkelingen in de openbare ruimte, winkelcentra en stationsomgevingen. Onze kenmerkende producten en diensten Bestek- en beleidsmetingen, beeldkwaliteitsmetingen, implementatie van beeldkwaliteit in de organisatie, monitoringsplan, nulmetingen, bijplaatsingen in beeld brengen, technische (groen)inventarisatie en trainingen beeldgericht werken.

Contactinformatie Uw contactpersoon bij iFocus Hessel Randeraad Hessel.randeraad@ifocus.nl 06 46 75 13 81 www.ifocus.nl

OVER IFOCUS

2

CONTACTINFORMATIE

2

SITUATIE

4

1 | GEMETEN RESULTATEN

6

1.1 | Juistheid van het beplantingstype

6

1.2 | Staat beplanting

7

1.3 | Onderhoudbaarheid en Groot onderhoud renovatie nodig?

9

2 | CONCLUSIE

10

3 | INCIDENTEN

11

4 | KENNISBANK

12

4.1 | Werkwijze inventarisatie

12

4.2 | Meetlocatie

13

4.3 | Een voorbeeld van beeldsystematiek

14

4.4 | 90% grens

15

Situatie De meting van de plantvakken uit juni 2024 betreft een steekproef op basis van 10% van het totale areaal. Het doel van de inventarisatie is om de technische staat en eventuele onderhoudsachterstanden in kaart te brengen. In totaal zijn 327 plantvakken geïnventariseerd. Hierbij is gebruik gemaakt van de software van het Apptimize Platform. Op https://kaagenbraassem.apptimizeplatform.nl/ is de data te vinden, die gebruikt is om deze memo te maken.

Afbeelding 1. Meetlocaties juni 2024

Kennisbank In hoofdstuk 4 vindt u ter verduidelijking van de inventarisatie extra informatie over de metingen, 90% grens, voorbeeld beeldmeetlatten en meetlocaties. Ook volgt er een voorbeeld van beeldsystematiek. Aan de hand van deze informatie wordt niet alleen het werkproces duidelijk, maar ziet u ook waarop de waarderingen zijn gebaseerd.

Resultaten

1 | Gemeten resultaten 1.1 | Juistheid van het beplantingstype 40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

5,3%

Bosplantsoen-aanwezig

0,0%

Haag/blokhaag-aanwezig

0,0%

Heesters-aanwezig

3,2%

Struikrozen-aanwezig

14,3%

Vaste planten-aanwezig

0,0%

Heesters-aanwezig

0,0%

Vaste planten-aanwezig

9,1%

Vaste planten en Heesters

Bodembedekkers kruidachtig-aanwezig

Haag

30%

Heesters

20%

Rozen

10%

Vaste planten

Bosplantsoen Bodembedekkers

0%

J

N

Afbeelding 2. Juistheid van beplantingstype

Bij vier beplantingstypes is niet in alle plantvakken het aangegeven type beplanting aangetroffen. Dit zijn: Bodembedekkers (2 van de 38) Heesters (6 van de 187) Struikrozen (1 van de 7) Vaste planten en heesters; Vaste planten (1 op de 11)

1.2 | Staat beplanting

Haag

Bosplantsoen

Bodembedekkers

0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Groen-beplanting-beschadiging Groen-beplanting-bodembedekkers-kaal oppervlak Groen-beplanting-bodembedekkers-snoeibeeld Groen-beplanting-beschadiging Groen-beplanting-bosplantsoen-snoeibeeld Groen-beplanting-beschadiging Groen-beplanting-haag-gaten in haag

Heesters

Groen-beplanting-beschadiging Groen-beplanting-heesters-gesloten heesters-kaal oppervlak Groen-beplanting-heesters-snoeibeeld

Rozen

Groen-beplanting-beschadiging Groen-beplanting-struikrozen-kaal oppervlak

Vaste planten en Heesters Vaste planten

Groen-beplanting-struikrozen-snoeibeeld Groen-beplanting-beschadiging Groen-beplanting-vaste planten-sluiting Groen-beplanting-beschadiging Groen-beplanting-heesters-gesloten heesters-kaal oppervlak Groen-beplanting-heesters-snoeibeeld Groen-beplanting-vaste planten-sluiting

A+

A

B

C

D

Afbeelding 3. Staat van beplanting

Staat beplanting beeldmeetlatten die uitkomen op een C-niveau of lager; Groen-beplanting-bodembedekkers-snoeibeeld Groen-beplanting-bosplantsoen-snoeibeeld Groen-beplanting-heesters-snoeibeeld Groen-beplanting-struikrozen-snoeibeeld

Heesters onderhoud als haag Ook is bepaald of een heestervak wordt onderhouden als haag. Hieronder is te zien dat ruim 43% van de heesters wordt onderhouden als haag. 0%

10%

20%

Heesters

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

43,6%

56,4%

Vaste planten en Heesters

18,2%

81,8%

N

J

Afbeelding 4. Heesters onderhouden als haag

Opvallend is dat vakken waar uitsluitend heesters staan veel vaker als haag worden onderhouden dan vakken waar ook vaste planten in staan.

Afbeelding 5. Voorbeeld heester onderhouden als haag

Hoeveelheid kaal oppervlak Naast een beoordeling van het kale oppervlak, volgens de CROW-normen, is ook genoteerd hoeveel kaal oppervlak er aanwezig is per plantvak in m2.

Type Bodembedekkers Haag Heesters Rozen Vaste planten Vaste planten en Heesters

Totaal gemeten 2

oppervlak (m ) 1.414 806 9.966 246 387 874

Afbeelding 6. Hoeveelheid kaal oppervlak

Hier valt het hogere percentage bij Vaste planten op.

Kaal oppervlak (m2) 14 13 297 5 41 40

percentage 1,0% 1,6% 3,0% 2,0% 10,6% 4,6%

1.3 | Onderhoudbaarheid en Groot onderhoud renovatie nodig?

Onderhoudbaarheid 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Bodembedekkers

5,6%

Bosplantsoen

0,0%

Haag

0,0%

Heesters

3,9%

Rozen

0,0%

Vaste planten

5,0%

Vaste planten en Heesters

0,0%

J

N

Afbeelding 7. Onderhoudbaarheid

Bij vier beplantingstypes zijn plantvakken aangetroffen, die niet meer onderhoudbaar zijn. Waarbij bodembedekkers het hoogte percentage tonen.

Groot onderhoud/renovatie nodig 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Bodembedekkers Bosplantsoen Haag Heesters Rozen Vaste planten Vaste planten en Heesters Vaste planten en Heesters A 90,5%

Vaste planten

Rozen

Heesters

Haag

Bosplantsoen

Bodembedekkers

85,0%

83,3%

89,0%

95,3%

61,9%

86,5%

B

9,5%

10,0%

16,7%

8,8%

4,7%

33,3%

10,8%

C

0,0%

5,0%

0,0%

2,2%

0,0%

4,8%

2,7%

A

B

C

Afbeelding 8. Groot onderhoud/ renovatie nodig

A-niveau betekend geen groot onderhoud nodig (groen), B-niveau binnen twee jaar nodig (geel) en C-niveau direct nodig (oranje). Bosplantsoen valt op door de hoeveelheid B- en C-scores.

2 | Conclusie Over het algemeen komt het aangetroffen type beplanting overeen met het type dat in het areaal staat genoteerd. Slechts in 10 van de 327 gemeten vakken was dit niet het geval (3,1%). Het aantal vierkante meters kaal oppervlak is ook beperkt. Een uitzondering hierop vormen de vakken met vaste planten. Op het totale gemeten areaal van vaste planten is meer dan 10% kaal oppervlak aangetroffen. Dit kan mogelijk worden verklaard door de kwetsbaarheid van vaste planten. De staat van de beplanting laat te wensen over, met name het snoeibeeld scoort slecht. Bij bodembedekkers uit zich dit in snoeien als haag of een te lage frequentie van snoeien, waardoor de beplanting te hoog wordt. Bij bosplantsoen uit zich dit in randsnoei en dunningsachterstanden. Bij heesters en rozen uit zich dit in snoeien als haag, dode takken (‘holle’ heesters) en een verscheidenheid aan ongewenste soorten (vaak zaailingen, die niet tijdig zijn verwijderd), waardoor de originele beplanting niet meer herkenbaar is of wordt weggedrukt. Groot onderhoud en renovatie scoren bij vijf van de zeven beplantingstypes een B-niveau. Dit betekent dat bij elk van deze beplantingstypes (bodembedekkers, bosplantsoen, heesters, rozen en vaste planten) groot onderhoud bij 10% van het areaal binnen twee jaar is aan te bevelen.

3 | Incidenten Hieronder (links) ziet u een situatie zoals deze was in mei 2019 (Google-streetview). Dit betreft een plantvak nabij de kruising Kerkstraat-Bruggestraat in Oude Wetering.

Afbeelding 9. Situatie mei 2019

Afbeelding 10. Situatie juni 2024

Hierboven (rechts) ziet u de situatie zoals deze is vastgesteld door onze inspecteur in juni 2024. Snoeibeeld bosplantsoen (randsnoei en dunnigsachterstanden)

Snoeibeeld heesters (door elkaar groeiende beplanting)

4 | Kennisbank 4.1 | Werkwijze inventarisatie De meting van de plantvakken uit juni 2024 betreft een steekproef op basis van 10% van het totale areaal. Het doel van de inventarisatie is om de technische staat en eventuele onderhoudsachterstanden in kaart te brengen. In totaal zijn 327 plantvakken geïnventariseerd. Hierbij is gebruik gemaakt van de software van het Apptimize Platform. Op https://kaagenbraassem.apptimizeplatform.nl/ is de data te vinden, die gebruikt is om deze memo te maken. Verdeling meetvakken: Type Bodembedekkers Bosplantsoen Haag Heesters Rozen Vaste Planten Vaste planten en Heesters

Gemeten aantal 38 21 43 187 7 20 11

Totaal aantal in Percentage van het het areaal totaal (per type) 347 11,0% 226 9,3% 545 7,9% 1836 10,2% 36 19,4% 197 10,2% 82 13,4%

Afbeelding 11. Verdeling heestervakken

De meetvakken/plantvakken zijn willekeurig toegewezen. Hierdoor kan er verschil ontstaan in het percentage gemeten vakken per type. Tijdens de inventarisatie zijn de plantvakken op een aantal hoofdonderdelen beoordeeld. De volgende categorieën zijn aangehouden; Staat beplanting: Hierbij zijn de plantvakken beoordeeld op drie onderdelen; beschadiging, kaal oppervlak en snoeibeeld. Onder snoeibeeld worden per beplantingstype verschillende zaken gemeten. Bij bodembedekkers wordt gelet op storende takken, bij bosplantsoen wordt voornamelijk gekeken naar dunnigsachterstanden en bij heesters en struikrozen worden naast storende takken ook gekeken naar door elkaar groeiende beplating. Onderhoudbaarheid: Hierbij is beoordeeld of het plantvak onderhoudbaar is, gelet op de hoeveelheid hardnekkig onkruid (denk aan haagwinde, hedera, bramen, zaailingen, etc) en de kosten van het reguliere onderhoud om het plantvak weer in acceptabele staat te brengen. Groot onderhoud/Renovatie: Hierbij in het plantvak beoordeeld op basis van kaal oppervlak, sleetsheid van de beplanting en eenduidigheid van soorten om te bepalen of er grootonderhoud/renovatie nodig is en zo ja binnen welke termijn (direct of binnen twee jaar). Juistheid van het beplantingstype: Hierbij is beoordeeld of het geregistreerde beplantingstype overeen komt met de aangetroffen beplanting.

Bij de heestervakken is ook gekeken of deze als heesters worden onderhouden of als haag worden geschoren. Voor het scoren van bepaalde onderwerpen zijn bijzonderheden vastgelegd op de volgende wijze; Staat beplanting is met vijf scores beoordeeld (A+ t/m D), volgens de richtlijnen uit de Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte (KOR) versie 2018, uitgegeven door het CROW. Onderhoudbaar alleen een score A (ja) of B (nee) aangeven. Hetzelfde geldt voor Juistheid van het beplantingstype. Renovatie is op basis van drie scores beoordeeld; A-niveau betekend niet nodig (groen), Bniveau binnen twee jaar nodig (geel) en C-niveau direct nodig (oranje).

4.2 | Meetlocatie Hieronder volgt een uitleg over de meetlocaties. Op basis van het aangeleverde areaal is van elk afzonderlijk plantvak een meetlocatie gemaakt. Per meetlocatie/plantvak zijn de beeldmeetlatten beoordeeld, die betrekking hebben op het aangegeven beplantingstype. De afbeelding geeft weer hoe de inspecteurs de meetlocatie op de tablet zien. Afbeelding 12. Voorbeeld meetlocaties

4.3 | Een voorbeeld van beeldsystematiek Ter verduidelijking van beeldsystematiek vindt u hier een voorbeeld. Zo is niet alleen ons werkproces duidelijk, maar ziet u ook waarop onze waarderingen zijn gebaseerd. Let op: een meting betreft altijd een momentopname. Bij beeldgericht werken krijgt het sturen op beeldkwaliteit met behulp van beelden/foto’s en normen de voorkeur boven het sturen op budgetten en frequenties. Met andere woorden: ‘resultaatgericht sturen gaat boven maatregelgericht sturen’. Met behulp van herkenbare foto’s en eisen zijn belanghebbenden binnen en buiten de organisatie beter te informeren over de doelstellingen en de resultaten van de verschillende beheermaatregelen. Het CROW heeft samen met diverse werkgroepen een kwaliteitscatalogus opgesteld met daarin ruim 200 schaalbalken. Deze schaalbalken zijn verdeeld in vijf kwaliteitsniveaus, variërend van zeer hoog (A+) tot zeer laag (D). Alle vijf de onderhoudsniveaus zijn in praktijk aan te treffen. Om het ambitieniveau te formuleren en eventueel voor te schrijven in een opdracht, worden alleen de niveaus A, B en C gebruikt. Niveau D kan geen ambitie/onderhoudseis zijn, dit niveau is enkel bedoeld om aan te geven dat niveau C niet behaald is. Bij A+ spreken we vooral over een opleveringskwaliteit. Dit niveau is moeilijk voor langere tijd vast te houden.

Voor ieder gebied kan een gewenste kwaliteit (de ambitie) gekozen worden en dus ook onderling verschillen. De kwaliteitseisen worden opgenomen in beeldbestekken en beleidstukken. Hieronder volgt een beeldmeetlat met de bestaande kwaliteitsniveaus.

Afbeelding 13. Voorbeeld beeldmeetlat

4.4 | 90% grens Voor de waardering van beeldmeetlatten, beheergroepen en meetlocaties is de 90%-grens methodiek van het CROW leidend. Aan de hand van deze methodiek krijgt de gemeten kwaliteit, op basis van de beeldsystematiek, een score toegekend. Deze scores kunnen variëren van A+ (zeer goede kwaliteit) tot D (zeer lage kwaliteit). In de resultaten worden de scores, afhankelijk van doel, per beeldmeetlat, beheergroep of gebied bij elkaar opgeteld. Elke score telt hierbij voor 1. Dat betekent dat een schaalbalk die vaker wordt gescoord, zwaarder meetelt in het eindresultaat. Binnen de methodiek wordt er gemeten welk percentage van de scores een A+-score betreft, welk een A-score, welk een B-score, enzovoorts. Deze percentages worden volgordelijk van zeer goede kwaliteit (A+) naar zeer lage kwaliteit (D) bij elkaar opgeteld. De score die precies op de 90% valt of juist overschrijdt, geldt als de score voor de betreffende beeldmeetlat of beheergroep. Hieronder volgt een voorbeeld met tabel en grafiek Score Aantal gemeten Percentage

A+ 6 4,0%

A 96 64,0%

B 30 20,0%

C 15 10,0%

D 3 2,0%

Totaal 150 100,0%

Hierboven is te zien dat 4% van de scores een A+ betreft, 64% een A-score, 30% een B, 10% een C en 2% een D. Als we de 90%-grens methodiek hanteren, beginnen we met de 6% A+ scores en tellen we 64% A-scores erbij op (totaal 68%). Hierna tellen we de 20% B-scores erbij op (totaal 88%). Als we nu het percentage C-scores (10%) toevoegen, wordt de 90%-grens overschreden. Dat betekent dat de score voor deze beeldmeetlat een C-score is. Vervolgens vergelijken we de score met het gewenste ambitieniveau voor de beeldmeetlat. Hieruit blijkt of deze beeldmeetlat de ambitie wel of niet haalt. De onderlinge weging tussen de schaalbalken is een directe resultante van de verhouding van het aantal metingen en schaalbalken. De methode van meten (samenstelling meetnetwerk, welke schaalbalken worden gemeten en met welke frequentie) bepaalt de onderliggende opbouw van het berekende kwaliteitsniveau. De 90%-methodiek kan worden toegepast op de volgende dimensies: Schaalbalken, Ambitiethema’s, Ruimtelijk (wijk, gemeente, buurt), Functiegebieden en Periodes. De rekenmethode sluit aan bij de ‘Meet- en Verrekenmethode bij Toezicht op Beeldbestekken’ (als meer dan 10% incidenten is afgekeurd, geeft dat een lager kwaliteitsniveau dan afgesproken).

Afbeelding 14. 90% grens

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=4c0d5958-5134-493f-8221-fdda18ba8c13