Maatschappelijke Agenda 2024-2027 (versie 120923)
Tekst van het document
Maatschappelijke Agenda Het organiseren van verbinding
september 2023
1 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Inhoudsopgave Inleiding………………………………………………………………………………………………………………………..
3
Visie en uitgangspunten..………………………………………………………………..………………………….
5
Samenwerken in het sociaal domein.………………….…………………………………………………….
8
Algemene ontwikkelingen: toekomstanalyse….………………………………………………………….
10
Sociale basis………………………………………………………………………………………………………………….
12
Gezond en veilig leven…..…………………………………………………………………………………………….
15
Bestaanszekerheid……..…..…………………………………………………………………………………………….
19
Kansengelijkheid………..…..…………………………………………………………………………………………….
23
Sturing en verantwoording………………………………………………………………………………………….
27
2 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Inleiding Maatschappelijke Agenda als uitwerking van Omgevingsvisie Onze gemeente kent één Omgevingsvisie waarin de visie en doelen van onze gemeente zijn verwoord. Uit de evaluatie van het Programma Welzijn en Preventie 2021-2023 blijkt dat er behoefte is aan een agenda voor het sociaal domein als nadere uitwerking van de Omgevingsvisie: de Maatschappelijke Agenda (MAG). Eenzelfde agenda zoals we tot en met 2020 in onze gemeente hadden met hierin onze maatschappelijke opgaven, onze doelen en onze manier van werken en sturen. Een agenda die de samenwerking tussen inwoners, organisaties en gemeente omschrijft en stimuleert vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Met de nieuwe MAG gaan we weer terug naar de basis en maken we een nieuwe start met integraal werken, vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid en richting gezamenlijke doelen. De nieuwe MAG geeft richting aan de huidige maatschappelijke opgaven en de duurzame oplossingen voor de periode van 2024 tot en met 2027.
Indeling in vier thema’s De MAG is opgebouwd rond vier maatschappelijke opgaven (thema’s): 1. Sociale basis in de wijk versterken 2. Bestaanszekerheid versterken 3. Gezond leven makkelijker maken 4. Kansengelijkheid vergroten Het Raadsakkoord “Samen bouwen aan de toekomst van onze dorpen 2022-2026” heeft dezelfde indeling. Er is geen harde scheidslijn tussen de thema’s; de opgaven zijn groot, overlappen elkaar en zijn randvoorwaardelijk voor elkaar. Zo draagt bijvoorbeeld een goede gezondheid bij aan het creëren van kansengelijkheid. Sociale basis Bij een stevige sociale basis gaat het om de aanwezigheid van een sterke sociale infrastructuur: verbindingen tussen inwoners, verenigingen, vrijwilligers, huisartsen, onderwijs, kinderopvang, welzijn en ondernemers. Bij dit thema gaat het erom dat we de sociale samenhang in onze wijken en buurten willen versterken (dat inwoners naar elkaar omkijken) en dat we een inclusieve samenleving willen realiseren. Bestaanszekerheid Bij het versterken van de bestaanszekerheid gaat het om het op orde hebben/brengen van de basisvoorwaarden. Denk hierbij aan de zekerheid van een voldoende en voorspelbaar inkomen (bieden van inkomensondersteuning of helpen bij oplossen van schuldenproblematiek), de zekerheid van werk (begeleiden naar werk) en van mee kunnen doen in de samenleving (hulp en ondersteuning).
Het gaat hierbij ook om een dak boven je hoofd (een geschikte en betaalbare woning) en om een veilige en prettige omgeving. Gezond en veilig leven Bij dit thema gaat het om investeren in vitaliteit en gezondheid1. We maken het makkelijker dat inwoners een gezond leven leiden door een gezonde leefstijl te stimuleren in een vitale en veilige 1 Onder gezondheid verstaan wij de fysieke, mentale en sociale gesteldheid van inwoners.
3 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
leefomgeving. Het gaat binnen dit thema ook over het bieden van passende ondersteuning, om maatwerk. De in te zetten hulp en ondersteuning is erop gericht de veerkracht en weerbaarheid van inwoners zo optimaal mogelijk te maken zodat zij kunnen omgaan met de uitdagingen die het leven met zich meebrengt. Kansengelijkheid Het stimuleren van kansengelijkheid gaat over het investeren in mensen door ieder een goede uitgangspositie te geven in de samenleving. De meeste mensen hebben hierbij geen hulp of ondersteuning. We richten ons dan ook met name op die groepen die ons het hardst nodig hebben. Het gaat hierbij met name om kansrijk kunnen opgroeien: het doorbreken van intergenerationele armoede en geweld (aanpakken van structurele oorzaken) en het verkleinen van risico’s op sociale en emotionele achterstanden.
Samen met partners en professionals De MAG is opgesteld op basis van de input die wij tijdens meerdere bijeenkomsten met partners en professionals uit onze gemeente hebben opgehaald, denk aan Tom in de buurt, GO voor jeugd, Driemaster, wijksamenwerkingsverband, adviesraad sociaal domein, onderwijs en kinderopvang. Deze bijeenkomsten stonden vooral in het teken van het organiseren van verbinding. Dit is dan ook het hoofdthema van deze MAG: het organiseren van verbinding. Verbinding tussen inwoners, tussen professionals, tussen opdrachten, maar ook de verbinding tussen gemeente, inwoners en professionals.
4 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Visie en uitgangspunten Ambitie Wij hebben in Kaag en Braassem de ambitie dat onze inwoners zoveel mogelijk kunnen deelnemen aan het dagelijks leven, dat zij zich kunnen ontwikkelen, thuis/in de eigen omgeving kunnen blijven wonen en de regie op hun eigen leven kunnen behouden en/of kunnen gaan nemen. Dit is beschreven in ons Raadsakkoord 2022-2026. Wij geloven als gemeente Kaag en Braassem in een inclusieve samenleving en bevorderen dit ook actief. Een samenleving waarin iedereen welkom is en iedereen erbij hoort (Omgevingsvisie).
Beoogde beweging Met de MAG willen we de beweging die is ingezet, verder laten groeien. Een beweging: - van zorgen voor … naar zorgen dat - van gelijkwaardigheid en eenheid … naar differentiatie en diversiteit - van reactief … naar proactief - van de kwaal centraal … naar de oplossing centraal - van dure, specialistische, individuele zorg … naar ondersteuning in en door de samenleving - van aanbodgericht … naar vraag-/behoeftegericht, maatwerk - van ziekte en zorg … naar gezondheid en gedrag Deze beweging maakt dat gemeente, ondernemers, organisaties, professionals en inwoners samen blijven werken aan een sterk en mooi Kaag en Braassem. Een gemeente waarin we werken aan het versterken van de sociale basis, het versterken van bestaanszekerheid, het vergroten van kansengelijkheid en het makkelijker maken van gezond leven.
Algemene uitgangspunten Vijf centrale uitgangspunten vormen de basis voor de uitvoering van de MAG. Deze uitgangspunten, gebaseerd op onze gemeentelijke strategische visie, zijn leidend voor onze houding als gemeente naar inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Deze uitgangspunten zijn ook bedoeld als kaders voor de gewenste samenwerking en voor de uitvoering van de MAG.
1. Vertrouwen en verantwoordelijkheid Wij gaan uit van vertrouwen en bouwen aan duurzame relaties binnen onze gemeente. Wij vertrouwen onze inwoners en wij hebben vertrouwen in de kennis en expertise van professionals, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Wij sturen daarom op het 'wat' (we willen bereiken) en niet meer op het 'hoe' (dit bereikt kan worden). We gaan uit van ruimte voor de professional, inwoner, ondernemer/werkgever en vrijwilliger, om dit 'hoe' in te vullen, los van protocollen en met beperkte controle en bureaucratie. Ruimte om te doen wat nodig is. Naast ruimte brengt dat ook meer verantwoordelijkheid. Wij verwachten van alle partijen dat zij elkaar vertrouwen en dat zij elkaars kennis en expertise kennen, vragen en benutten. We spreken hen hierop aan en verwachten dat zij dat ook doen. Transparantie, elkaar kunnen vinden en elkaar tijdig informeren, zijn hierbij kernwoorden.
5 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
2. Samenwerken en verbinden: integrale aanpak Met de MAG geven wij beleid integraal vorm. Wij sturen niet op deeloplossingen maar op een integrale aanpak van (maatschappelijke) vraagstukken. Dat betekent dat we werken vanuit één agenda, vanuit gezamenlijke belangen en doelen. Dat betekent ook, dat we werken vanuit het principe één gezin, één plan, één aanspreekpunt, wanneer meerdere personen in een gezin of aan een persoon ondersteuning bieden. Een integrale aanpak betekent ook, dat inwoners geen hinder mogen ondervinden van de verdeling van (middelen voor) hulp en ondersteuning over verschillende wet- en regelgeving. Bij deze integrale aanpak past een integrale bedrijfsvoering met een sociaal domein breed integraal budget. Zonder schotten, dit is zelfs noodzakelijk. Met een integraal budget kunnen wij beter sturen op gewenste effecten. Een integrale aanpak betekent ook: werken vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid, met elkaar en voor elkaar. Dit betekent voor ons als gemeente dat onze rol die van partner is, een partner die naast inwoners, professionals, organisaties, ondernemers en werkgevers staat. Een partner die verbindt, die de regie op samenwerking in de keten op zich neemt en zelf - uiteraard - ook samenwerkt.
3. Kennis is macht, in delen zit de kracht Wij stimuleren het delen van informatie en gegevens. Wanneer gemeente en organisaties (en organisaties onderling) elkaar tijdig en structureel informeren, kunnen verbindingen worden gelegd tussen mensen, organisaties en thema’s. Door elkaar te informeren, kunnen initiatieven sneller en beter tot stand komen en kan ondersteuning eerder en doeltreffender worden ingezet. Het delen van persoonsgegevens kan inwoners verder helpen, terwijl het niet delen van informatie inwoners juist soms kan schaden. Op die momenten maken we, samen met de inwoner, de afweging welke informatie te delen.
4. Passend antwoord op elke vraag, dichtbij Vragen van inwoners, ondernemers, dorpen en organisaties verschillen. Het antwoord dat zij krijgen, moet een passend antwoord zijn. Het moet daadwerkelijk een antwoord op de vraag bieden. Dit betekent dat het aanbod van woningen, werknemers, activiteiten en ondersteuning (als verzamelnaam voor het totaal onder het sociaal domein) moet aansluiten bij de vraag naar woningen, werk, activiteiten en ondersteuning. Daar waar het gaat om activiteiten en ondersteuning wordt dit, waar mogelijk, algemeen of collectief aangeboden, in de eigen omgeving van de inwoner. Niet aanbodgericht vanuit een standaardpakket, maar vraaggericht of behoeftegericht maatwerk. We blijven kijken naar manieren om onze aanpak en onze hulp- en dienstverlening te vernieuwen. We zien ons werk als een continu proces van monitoren, leren en ontwikkelen. En we realiseren ons dat dit soms met vallen en opstaan gaat.
5. Eigen verantwoordelijkheid, eigen regie Onze inwoners zijn in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor hun bestaanszekerheid, kansengelijkheid, gezond leven en sociale basis. Ook als ze hierin uitdagingen of belemmeringen tegenkomen. Wij vertrouwen op de mogelijkheden van onze inwoners, om deze verantwoordelijkheid te nemen. De inwoners van Kaag en Braassem staan bekend om hun kracht en saamhorigheidsgevoel. Ze lossen zelf hun problemen op en waar dat niet lukt, staan familieleden, buren of vrienden klaar om een handje te helpen. Soms is aanvullende 6 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
ondersteuning nodig. Wij hebben als gemeente de opdracht om die ondersteuning te organiseren. We sturen erop dat deze ondersteuning zo veel mogelijk gericht is op het versterken van de eigen kracht van de inwoner en het sociaal netwerk. Inwoners hebben hierbij zelf de regie. Alleen als eigen regie echt niet mogelijk is, wordt die regie (tijdelijk) overgenomen. Waar nodig, treden we zelf handelend op, of doen organisaties dat. Niet afwachten, maar zo snel en zo veel als nodig is, hulp bieden. Positieve gezondheid Een gemeenschappelijke manier van kijken binnen Kaag en Braassem is vanuit het perspectief van positieve gezondheid. Als we het hebben over gezondheid, gaat het niet zozeer om de (aan- of afwezigheid van) ziekte en beperkingen, maar veel meer over de veerkracht van onze inwoners om om te gaan met de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven (positieve gezondheid). Het gaat hierbij o.a. om regie op het eigen leven, kwaliteit van leven en het kunnen meedoen in de samenleving.
7 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Samenwerken in het sociaal domein Maatschappelijke ondersteuning staat niet op zichzelf. Om tot integrale oplossingen te komen, is het noodzakelijk om samen te werken in toegang, in de keten en in de ontwikkeling van gezamenlijk aanbod, op en over de grenzen van verantwoordelijkheden en wetgeving. Wij vinden het als gemeente belangrijk dat alle partners in de keten zorg en welzijn samenwerken: van samenwerking in de uitvoering tot het samen opstellen en uitvoeren van plannen. Wij verwachten van al onze partners dat zij: - samenwerken aan het behalen van de doelen van de MAG; - gezamenlijk een laagdrempelig collectief aanbod aan hulp en ondersteuning realiseren; - gezamenlijk plannen opstellen voor de uitvoering van taken op de snijvlakken van de verschillende opdrachten (denk aan 18-/18+, het werken met vrijwilligers); - samen kijken hoe inwoners het best kunnen worden geïnformeerd over activiteiten, mogelijkheden (vrijwilligerswerk) en ondersteuning in de gemeente; - allen werken met verenigingen, vrijwilligers en/of ervaringsdeskundigen.
De rol van de gemeente: ‘regie en partnerschap’ De ontwikkeling tot regiegemeente en de werkwijze/transformatie binnen het sociaal domein vragen om een heldere rol van de gemeente. Grofweg zijn er drie rollen: 1. Opdrachtgever: als gemeente zijn wij opdrachtgever van organisaties en aanbieders die via inkoop, subsidie of dienstverleningsovereenkomst opdracht hebben gekregen om invulling te geven aan de taken die voortvloeien uit de eerdergenoemde wetten. Vanuit onze rol als opdrachtgever sturen wij op het nakomen van de afspraken die wij met derden hebben gemaakt. 2. Partner/ketenregisseur: als gemeente zijn wij ook partner van derden, daar waar het gaat om samenwerking in de keten. In de rol van partner brengen wij partijen bij elkaar (faciliteren), bevorderen we samenwerking en stimuleren we de transformatie, zodat er een sluitende keten ontstaat. 3. Samenwerkingspartner: wij houden als gemeente ook zelf uitvoeringstaken. De derde rol is dan ook partner in de uitvoering oftewel samenwerkingspartner. Dit kan bijvoorbeeld gaan om het verlenen van vergunningen. Vanuit deze drie rollen is onze belangrijkste
opgave de komende periode het organiseren van verbinding.
8 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Rol gemeente Opdrachtgever
Kernwaarden Partnerschap Vertrouwen in de professional Positief kritische houding Signaleren
Taken - Duidelijke opdrachten geven: kaders en richting - Helikopterview hebben over de opdrachten in het sociaal domein - Sturing en verantwoording (op het behalen van de afgesproken doelen en resultaten) - Kwaliteitsbevordering - Verlichten administratieve lasten - Opschalingsmodel overstijgend aan de opdrachten
Partner(schap)/ Ketenregisseur
Faciliteren Stimuleren Flexibel Luisteren
- Vanuit totaalblik en grote verantwoordelijkheid binnen het sociaal domein sturen op samenwerking binnen de keten, waaronder: • Samenbrengen partners / bemiddelen • Organiseren (keten)overleggen, waarbij de inhoud van derden komt - Faciliteren - Meedenken om beoogde doelen te realiseren - Communicatie
Samenwerkingspartner
Samenwerken
- Vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid uitvoering geven aan taken
9 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Algemene ontwikkelingen: toekomstanalyse Demografische ontwikkelingen In 2022 woonden er bijna 27.900 inwoners in onze gemeente. In de afgelopen jaren is het aantal inwoners toegenomen, met een gemiddelde toename van ruim 300 mensen per jaar in de periode 2017 t/m 2021 (groei van bijna 6%, regionaal is de groei 3%). Een groot deel van deze groei kwam terecht in Roelofarendsveen. In de afgelopen vijf jaar is het aantal inwoners van onze gemeente vooral gegroeid door vestiging van inwoners vanuit een andere gemeente. De gemeente trok per saldo vooral inwoners in de gezinsfase aan (inwoners tussen de 30 en 50 jaar en kinderen van 0 tot 15 jaar). Jongeren tussen 15 en 25 jaar vertrokken uit de gemeente voor werk of studie elders.
Vergrijzing De afgelopen jaren is het aantal 65-plussers in onze gemeente toegenomen. De komende jaren zal het aantal inwoners van 65 jaar en ouder blijven toenemen: was in 2020 één op de vijf inwoners 65 jaar of ouder, in 2030 is dit één op de vier inwoners. In 2040 is circa 30% van onze inwoners 65 jaar of ouder. Vanaf 2025 neemt daarbij ook het aantal 80-plussers toe (dubbele vergrijzing). Tegelijkertijd neemt het aantal inwoners van 20 tot 65 jaar, de groep ‘werkenden’, af. Naast de afname van het “arbeidspotentieel” heeft de vergrijzing ook andere gevolgen die onze aandacht behoeven (zonder oordeel over de participatie en betrokkenheid van de groep 65plussers): - Het aantal mensen met een zorgvraag en daarmee een beroep op hulp en ondersteuning vanuit de gemeente neemt toe - Het aantal beschikbare mantelzorgers en mogelijk vrijwilligers neemt af - het aantal werkenden neemt af en zorgvraag neemt toe, waardoor de huidige krapte op de arbeidsmarkt verder kan toenemen.
Polarisatie neemt toe Bijna driekwart van de Nederlandse bevolking maakt zich zorgen om polarisatie, zo blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Vooral in de politiek en in de media lijken groepen steeds meer tegen over elkaar te staan. Denk aan de discussies rond racisme, seksuele geaardheid, stikstofbeleid en covid-19. Als polarisatie daadwerkelijk toeneemt, kan dit gevolgen hebben voor o.a. de sociale cohesie in onze dorpen en wijken.
Toename migratie We hebben steeds meer inwoners met een migratieachtergrond. In 2022 zijn er twee keer zoveel inwoners met een niet-westerse migratieachtergrond als in 2015 (1.751 in 2022 t.o.v. 832 in 2015). We zien daarbij een toenemende migratiestroom. Dit legt druk op onze woningen, zorg maar ook samenleving. Dit zijn voor een deel ook kwetsbare doelgroepen en moeilijk bereikbare doelgroepen. Hierdoor hebben wij als gemeente een grotere uitdaging om in te zetten op het bereiken en ondersteunen van kwetsbare doelgroepen.
10 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Personele schaarste en schaarse ruimte Als gevolg van o.a. de vergrijzing is er op veel gebieden sprake van personeelsgebrek. Maatschappelijke voorzieningen en de zorg hebben hun maximale potentieel bereikt. We zien dat huisartsen, kinderopvang, scholen, jeugdhulp, zorg (zoals huishoudelijke ondersteuning) moeite krijgen of al hebben om hun dienstverlening breed te blijven aanbieden (zonder grote wachttijden). Er is een tekort aan personeel en/of aan beschikbare ruimte. Dit maakt dat dienstverlening niet meer laagdrempelig toegankelijk is. Dit heeft consequenties voor het welzijn van onze inwoners, voor de mogelijkheden om langer zelfstandig te wonen (opgave is nog groter door de dubbele vergrijzing) en voor de leefbaarheid in de kernen. Na de coronacrisis herstelde de economie zich sneller dan verwacht. De vraag naar producten en personeel nam toe, maar was hoger dan het aanbod. Met de daaropvolgende oorlog in Oekraïne en de daarbij behorende maatregelen is het aanbod nog schaarser geworden en is een energieen grondstoffencrisis ontstaan. Hiermee heeft de oorlog in Oekraïne ontwikkelingen die al speelden extra versterkt.
Risico op armoede bij groepen die het voorheen goed hadden Het hebben van een plek om te wonen en de beschikbaarheid van goede zorg zijn basale zekerheden om te kunnen werken en leven. Een gebrek aan passende woonruimte en de stijging van de woonlasten maken dat kwetsbare groepen veel van hun besteedbaar inkomen kwijt zijn aan wonen. Soms zelfs zoveel dat er tekorten ontstaan. De huidige landelijke ontwikkelingen laten zien dat ook middeninkomens en jongeren steeds meer risico lopen op financiële problemen. Het CPB raamde in 2022 het aantal personen dat in 2023 onder de armoedegrens2 komt op 7,6%. Voor kinderen gaat het om 9,5% (was in 2021 nog 7,2%). Dit zijn nog voorzichtige ramingen. De financiële problematiek neemt niet alleen toe voor mensen met een laag inkomen (tot 120% van het sociaal minimum). Er is een aanzienlijke groep met een inkomen boven de 120% van het sociaal minimum die ook het risico loopt om niet meer rond te kunnen komen. Voor mensen met een lager inkomen is het moeilijk om de basis op orde te krijgen of houden. Er gaat veel energie naar het kunnen rondkomen wat zorgt voor stress en andere gezondheidsproblemen.
2 De armoedegrens bedraagt in 2023 € 1.551. Dit was in 2021 nog € 1.298, een stijging van 19%.
11 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Sociale basis Sociale cohesie / inclusieve samenleving Sociale cohesie in een wijk of dorp is belangrijk: het vergroot het veiligheidsgevoel, de samenhorigheid en de betrokkenheid bij elkaar en bij de omgeving. De sociale cohesie wordt in onze gemeente gewaardeerd met een 6,8 (in 2019). Landelijk is dit een 6,3. Bijna 80% van de inwoners vindt dat ze prettig met elkaar omgaan in hun buurt (landelijk 73%) en 75% is tevreden over de samenstelling van de wijk (landelijk 68%). Iets meer dan de helft van de inwoners van onze gemeente vindt dat zij in een gezellige buurt wonen met veel saamhorigheid (landelijk 45%). Inclusiviteit is het creëren van een omgeving waarin alle individuen, ongeacht hun achtergrond, cultuur, genderidentiteit, seksuele geaardheid (lhbtqia+), religie, fysieke en mentale mogelijkheden, zich welkom en gewaardeerd voelen en gelijke kansen krijgen. Er zijn geen lokale ervaringen of cijfers bekend. Inzet van vrijwilligers staat onder druk Vrijwilligerswerk staat onder druk. Landelijk maar ook in onze gemeente. Het aantal vrijwilligers is landelijk afgenomen (cijfers voor onze gemeente ontbreken). 50,0% 40,0% 30,0% 20,0% 10,0% 0,0%
2018
2019
2020
2021
Afgelopen 12 mnd min 1 keer vrijwilligerswerk Afgelopen 4 wk vrijwilligerswerk
Meer mantelzorgers nodig, maar steeds minder beschikbaar In onze gemeente zijn naar schatting per jaar circa 8.200 mantelzorgers actief (https://www.mantelzorg.nl/pro/publicaties/indicatie-aantal-mantelzorgers-per-gemeente). Hiervan zijn er op basis van landelijke schattingen zo’n 745 overbelast. De vraag naar mantelzorg zal de komende periode alleen maar toenemen (door de dubbele vergrijzing en het langer zelfstandig wonen), terwijl het aantal mantelzorgers dat hulp kan bieden afneemt. De waarde van de tijdsinzet van de mantelzorgers in onze gemeente wordt geraamd op € 24 à 39 miljoen per jaar. Het vervangen van mantelzorg door private en publieke zorg kost tussen de € 53 en € 72 miljoen per jaar. Maatschappelijke opgaven 1. Het vergroten van de sociale samenhang en bevorderen van inclusie in onze dorpen en wijken 2. Tijdig vinden en ondersteunen van mantelzorgers zodat overbelasting wordt voorkomen 3. Het ondersteunen, waarderen en faciliteren van vrijwilligers en verenigingen
12 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Sociale basis Wat willen we bereiken? 1. Inwoners hebben een sociaal netwerk, waar ze – indien nodig – op kunnen terugvallen. Sociaal isolement en eenzaamheid wordt – waar mogelijk – voorkomen of verminderd. Inwoners die drempels ervaren bij het aangaan of onderhouden van contacten, ontvangen hulp, waar mogelijk van vrijwilligers, waar nodig van professionals. Hiervoor zetten we in op: - het realiseren/in stand houden van laagdrempelige voorzieningen en het sport- en cultureel aanbod in onze gemeente; - inwoners en wat zij onderling voor elkaar kunnen betekenen: het organiseren van verbindingen tussen inwoners o.a. door het faciliteren van ontmoeting. 2. Inwoners wonen prettig in hun wijk/buurt. Zij voelen zich verantwoordelijk voor zichzelf en hun (sociale en fysieke) omgeving. Zij dragen actief bij aan een veilige en gezonde leefomgeving en ondernemen actie, als zij zich zorgen maken om hun medebewoners. Zij kijken naar elkaar om. Ook nieuwkomers (waaronder statushouders), inwoners vanuit de lhbtqia+ doelgroep en inwoners met fysieke of mentale beperkingen zijn geïntegreerd en wonen veilig in de dorpen. De kracht van de samenleving wordt benut, versterkt en gefaciliteerd, waarbij oog is voor de grenzen van die kracht. Ingezet wordt op: - het stimuleren van een actieve rol van inwoners in de verbetering van hun (fysieke en sociale) woon- en leefomgeving.
Waar mogelijk dragen we het eigenaarschap voor de wijk over aan de inwoners, uiteraard met ondersteuning van de gemeente/onze partners; - het bevorderen van tolerantie naar medebewoners. 3. Inwoners ervaren zo min mogelijk belemmeringen in de openbare ruimte. Voor kinderen en jongeren (en ouderen) biedt de openbare ruimte mogelijkheden om elkaar te ontmoeten, te spelen en te bewegen. Ingezet wordt op: - het toegankelijk maken/houden van de openbare ruimte voor iedereen, ook bij afhankelijkheid van rollator, rolstoel of scootmobiel; - goed speelbare, grotere speelplekken. De inrichting is afwisselend, gericht op bewegen en bespeelbaar voor alle doelgroepen. Mantelzorg 1. Mantelzorgers voelen een balans tussen hun eigen leven en zorg geven. Zij bewaken hun eigen grenzen en trekken tijdig aan de bel. 2. Mantelzorgers ontvangen ondersteuning en/of verlichting van zorg (o.a. respijtzorg, lotgenotencontacten, financiële ondersteuning), die zij nodig hebben om – op eigen wijze –, de mantelzorg te kunnen (blijven) bieden. Deze ondersteuning of verlichting: - wordt geboden op een manier die past bij hun leven en leeftijd - is passend bij de toenemende intensiteit, duur en complexiteit van mantelzorg - wordt snel, dichtbij en laagdrempelig geboden, indien nodig buiten kantooruren. 3. Mantelzorgers worden tijdig herkend en erkend.
Zij worden tijdig en proactief betrokken bij en geïnformeerd over het inzetten van ondersteuning. Professionals hebben bij het bepalen en verlenen van zorg en ondersteuning, oog voor de mantelzorger en diens behoeften, om zo een te hoge belasting te voorkomen.
13 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Vrijwilligers 1. Inwoners zijn gestimuleerd om zich vrijwillig in te zetten, zodat iedereen naar vermogen bijdraagt aan de samenleving. De vraag naar en het aanbod van vrijwilligers is in evenwicht, qua omvang, maar ook qua diversiteit van gevraagde inzet. 2. Vrijwilligersorganisaties weten door betere samenwerking, efficiënter en effectiever met het maatschappelijk kapitaal van vrijwilligers om te gaan en werken samen in het realiseren van gezamenlijke doelen. 3. Vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties worden op maat en vraaggericht ondersteund, zodat deze belangrijke ontmoetings- en netwerkplekken de basis blijven voor het creëren en vergroten van het sociale netwerk en voor het behouden van het sport- en cultuuraanbod in onze gemeente. Ingezet wordt op: - het ondersteunen bij het vinden en koppelen van vrijwilligers en vrijwilligerswerk - versterken en waarderen van verenigingen en vrijwilligers - het bieden van informatie, advies en begeleiding, zeker waar het gaat om kwetsbare vrijwilligers en/of een kwetsbare doelgroep die door vrijwilligers worden geholpen.
Welke beweging willen we zien? We weten of we onze doelstellingen hebben gehaald wanneer we de volgende beweging/resultaten zien: - de sociale cohesie in de dorpen en wijken neemt toe (cijfer CBS), waarbij alle inwoners (met specifieke aandacht voor de doelgroepen nieuwkomers (waaronder statushouders), inwoners vanuit de lhbtqia+ doelgroep en inwoners met fysieke of mentale beperkingen) zich veilig
en thuis voelen in de buurt - mantelzorgers én vrijwilligers voelen zich gewaardeerd en gesteund
14 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Gezond en veilig leven Er zijn gezondheidsverschillen 83% van onze inwoners van 18 jaar en ouder ervaart zijn gezondheid als (zeer) goed (2020). Dit is nagenoeg gelijk aan het regionaal gemiddelde. Er bestaan echter sociaaleconomische gezondheidsverschillen. Mensen met weinig inkomen en een laag opleidingsniveau leven gemiddeld zes jaar korter en vijftien jaar in minder goede gezondheid, dan mensen met meer geld en een hogere opleiding. De gezondheidsverschillen zijn in de afgelopen decennia toegenomen. (https://www.nivel.nl/nl/nivel-onderzoeksagenda-2022-2024/uitdaging-naar-eeninclusieve). Alcohol en drugs blijven aandachtspunt In Kaag en Braassem wordt er nog altijd bovengemiddeld alcohol geconsumeerd. Het aantal mensen dat voldoet aan de alcoholrichtlijn3 in Kaag en Braassem is 37.7%. Dit is lager dan het landelijk gemiddelde waar 42.8% voldoet aan de alcoholrichtlijn. Van alle drinkers in Kaag en Braassem wordt 8.7% van de inwoners gezien als zware drinker. Zij nuttigen 2 of meer glazen alcohol per dag. Het gemiddelde in Nederland is 8.3% (2021). Toename jongeren met psychische klachten Het leven zit vol met leuke momenten, maar er zijn ook tegenslagen. Het is belangrijk dat onze inwoners weten hoe om te gaan met tegenslagen in hun leven. Waardoor zij de veerkracht hebben om op te staan en zoveel mogelijk eigen regie te houden over hun leven.
Waarbij we onder veerkracht ook verstaan dat mensen een netwerk hebben om op terug te vallen. Mensen hoeven minder een beroep te doen voor hulp en ondersteuning, maar regelen dit zelf. Er is een stijging in het aantal jongeren met emotionele en mentale problemen (eenzaamheid, toekomstperspectief) en de negatieve gevolgen daarvan (middelengebruik, schooluitval). 28% van de jongeren geeft aan psychische klachten te ervaren (in 2021). Jongeren met psychische klachten ervaren hun gezondheid als slechter, zijn vaker mantelzorger en hebben vaker schoolverzuim. Overgewicht neemt niet structureel af Het aantal inwoners met overgewicht neemt niet structureel af. In 2022 heeft 10,9% van de 2-14 jarigen overgewicht (15,3% van de 12-14 jarigen). Meer dan de helft van de 18-plussers heeft in 2020 overgewicht, van wie 14% ernstig overgewicht. Dit is vergelijkbaar met voorgaande jaren. Toename geweld in huiselijke kring De afgelopen jaren is een toename te zien van geweld in huiselijke kring. Dit blijkt uit het aantal opgelegde tijdelijk huisverboden (jaarlijks +1: van 1 huisverbod in 2018 tot 8 huisverboden in 2022) en het aantal meldingen bij Veilig thuis. De toename wordt o.a. veroorzaakt door (jaarverslag 2022 Kwadraad): - grotere financiële stress en praktische bestaansonzekerheid. Huisvesting blijft een groot knelpunt.
Jongeren zijn gedwongen om steeds langer thuis te blijven wonen met vaak spanningen in het gezin tot gevolg. - toename middelengebruik. 3 Sinds 2015 adviseert de Gezondheidsraad om geen alcohol te drinken of niet meer dan 1 glas alcohol per dag. 15 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Ook neemt huiselijk geweld onder nieuwe arbeidsmigranten toe. Het gaat hierbij om zowel gezinnen als om agressie in woningen waar meer volwassenen bij elkaar onder 1 dak leven. 250 200 150 100 50 0
2018
2019
2020
2021
2022
Veilig thuis
Aantal meldingen bij Veilig thuis
Maatschappelijke opgaven 1. Het bevorderen van een gezonde en actieve leefstijl 2. Het terugdringen van gezondheidsbedreigende factoren (roken, drinken, overgewicht, beweegarmoede en stress) 3. Het voorkomen, signaleren en duurzaam aanpakken van huiselijk geweld en kindermishandeling
16 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Gezond en veilig leven Wat willen we bereiken? Gezondheid 1. Inwoners van alle leeftijden hebben een gezonde en actieve leefstijl. We dringen gezondheidsbedreigende factoren terug: we stimuleren en faciliteren meer bewegen door te werken aan een inclusief en gezond sportklimaat, pakken overgewicht aan, zetten in op het matigen en voorkomen van (overmatig) alcohol- en drugsgebruik en zetten in op een rookvrije generatie. Hiervoor zetten we in op: - het vergroten van kennis en bewustzijn over zaken die schadelijk zijn voor de gezondheid zoals roken, alcohol en drugs, ongezonde voeding, overgewicht, stress, gameverslaving, pestgedrag, problematisch gebruik van social media en gehoorschade; - het beschikbaar maken/houden van een breed en inclusief sport- en cultureel aanbod in onze gemeente; - het vergroten van de weerbaarheid van jongeren en het bieden van handvatten om met verleidingen om te gaan; - het aanspreken van ouders op hun verantwoordelijkheid voor de keuzes die hun kinderen maken en hen ondersteunen bij het nemen van die verantwoordelijkheid; - het controleren en handhaven van alcohol- en drugsgebruik; - een gezonde fysieke leefomgeving / buitenruimte die inwoners van alle leeftijden uitnodigt tot gezond gedrag, bewegen en ontmoeten. 2. Inwoners van alle leeftijden zitten goed in hun vel .
Hiervoor zetten we in op: - het versterken van de mentale weerbaarheid en mentale gezondheid van onze inwoners; - het vergroten van de veerkracht en eigen regie van inwoners. Veiligheid 1. Voorkomen, signaleren en duurzaam aanpakken van huiselijk geweld en kindermishandeling 2. De sociale veiligheid in wijken en dorpen neemt toe. Overlastgevende situaties als gevolg van psychische of psychogeriatrische problematiek voorkomen we zoveel mogelijk of pakken we zo snel mogelijk op om verdere escalatie te voorkomen (o.a. toeleiden naar zorg)
Welke beweging willen we zien? We weten of we onze doelstellingen hebben gehaald wanneer we de volgende beweging/resultaten zien: - het stabiel houden van het aantal inwoners dat aan de beweegnorm voldoet; - een afname van het aantal inwoners dat rookt; - een afname van het aantal inwoners met overgewicht; - een afname van het aantal volwassenen dat te veel drinkt; - een afname van het aantal jongeren dat (te veel) drinkt; - een afname van het drugsgebruik onder jongeren en volwassenen; - een toename van de geestelijke gezondheid van inwoners; - een toename van het ervaren welzijn/geluk van inwoners; - een afname van eenzaamheid en sociaal isolement.
17 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Uitgangspunten Een sterke verbinding tussen zorg-welzijn-onderwijs We willen een goede preventieketen inrichten om gezondheidsvraagstukken te tackelen o.a. door de integrale samenwerking tussen eerstelijns zorg en preventieve partners te vergroten. We zetten in op het voorkomen van zorg en het zo vroeg mogelijk signaleren een aanpakken van de problemen die er zijn. Dit betekent dat we in toenemende mate samenwerken met de eerstelijnszorg, onderwijs, kinderopvang, verloskundige, JGZ, woningcorporaties enz. Een deel van de mensen die nu gebruik maakt van de eerstelijns zorg hoort daar niet altijd thuis. Niet alle lichamelijke klachten hebben een medische oorzaak. Het positieve gezondheidsgesprek kan o.a. bijdrage aan het brede gesprek met de inwoner. Verbinding fysiek – sociaal Een gezonde omgeving draagt bij aan gezonde inwoners. Bij het inrichten van de buitenruimte is het belangrijk om ook de gezondheidsaspecten (“de gezondheidswinst”) mee te wegen. Dit kan op langere termijn een enorme impact hebben op gezond gedrag en het lichamelijke en geestelijk welbevinden.
18 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Bestaanszekerheid Minder mensen met laag inkomen dan landelijk, veel verschil tussen wijken Het percentage huishoudens met een inkomen boven het sociaal minimum is in onze gemeente 96%. Dit is 3% hoger dan het landelijk gemiddelde. Het gemiddeld jaarinkomen van onze inwoners is € 31.000 en is hoger dan dat van de gemiddelde Nederlander. Cijfers over het inkomen op wijkniveau tonen grote verschillen tussen onze wijken, variërend van € 22.300 in de Burgemeesterswijk tot € 40.500 op Kaageiland. Een groep die vaak buiten beeld is, is de groep mensen met een betaalde baan, die te weinig verdienen om van rond te komen. Van alle volwassenen in armoede (landelijk) heeft een derde betaald werk als belangrijkste eigen inkomensbron. Aantal bijstandsuitkeringen en aantal inwoners met financiële problemen neemt toe Het aantal bijstandsuitkeringen is de afgelopen jaren aanzienlijk toegenomen van 229 uitkeringen op 1 januari 2020 naar 298 uitkeringen op 1 januari 2023: een toename met 30%. Meer dan een derde van de inwoners met een bijstandsuitkering is tussen de 50 en 65 jaar, ongeveer de helft is alleenstaand en meer dan 80% heeft geen startkwalificatie. In 2020 had 7,1% van de inwoners van 18-64 jaar risicovolle of problematische schulden (regionaal 5,6%). Het is de verwachting dat dit in 2021 en 2022 verder toegenomen is. 400 300 200 100 0
aantal uitkeringen 1-1-2020
1-7-2020
1-1-2021
1-1-2022
1-7-2022
1-1-2023
1-7-2021
Goede werkzekerheid, gespannen arbeidsmarkt Werkzekerheid gaat over de zekerheid om door betekenisvol werk in het eigen onderhoud te kunnen voorzien en om het hebben van een zinvolle dagbesteding. De afgelopen jaren is de werkloosheid in onze gemeente afgenomen: in 2022 was 2,8% van onze inwoners (die potentieel actief kunnen zijn op de arbeidsmarkt) werkloos. In 2019 was dit 3,4%. Landelijk lag het percentage werklozen in 2022 op 3,5%. Andere kant is dat de arbeidsmarkt steeds meer gespannen raakt (zoals ook beschreven bij de landelijke ontwikkelingen): de vraag naar mensen in bepaalde beroepen is hoger dan het aanbod. Dit is o.a. te zien aan de toename van het aantal openstaande vacatures (van regionaal 9.550 eind 2021 naar 10.550 eind 2022). Er is een mismatch tussen vraag en aanbod. Opbouwopgave Maatschappelijke opvang en beschermd wonen Vanaf 2023 zijn wij als gemeente verantwoordelijk voor het bieden van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Deze taken pakken wij samen met Nieuwkoop en Alphen aan den Rijn op (Rijnstreek). Binnen de Rijnstreek zijn er momenteel 84 plekken voor beschermd wonen. In 19 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
2032 moeten dit er 105 zijn. Dit betekent dat we de komende jaren zo’n 20 extra plekken moeten realiseren. Ook voor maatschappelijke opvang is er een opbouwopgave. Omdat dak- en thuislozen zoveel mogelijk in de eigen gemeente moeten worden opgevangen, kunnen onze inwoners niet meer direct in Leiden worden opgevangen. Dit betekent dat het aantal plekken in de Rijnstreek verhoogd moet worden. Momenteel zijn er 21 opvangplekken in de Rijnstreek. Dit moeten er op termijn 32 worden. Taakstelling huisvestingstatushouders De taakstelling statushouders is de afgelopen periode aanzienlijk toegenomen en het is niet de verwachting dat dit op korte termijn zal afnemen. Dit vraagt iets op het gebied van huisvesting, begeleiding, inkomensondersteuning én van acceptatie in de buurten en wijken. 40 30 20 10 0
2020-I
2020-II
2021-I
2021-II
2022-I
2022-II
2023-I
Krapte op de woonmarkt Het aantal beschikbare en betaalbare woningen is schaars en de doorstroom is beperkt. De woningvoorraad nam in 2017 tot 2022 toe met 938 woningen tot 12.142 woningen in 2022, ofwel een toename van 8%. De netto uitbreiding van de woningvoorraad in Kaag en Braassem in 2017 tot 2022 bestond voor een belangrijk deel uit koopwoningen. Er zijn zo’n 200 extra huurwoningen gekomen. Er blijft echter behoefte aan meer woningen. De behoefte aan huurwoningen wordt versterkt door de toename van de taakstelling huisvesting statushouders. In geval van life-events als baanverlies, scheiding of verlaten van het ouderlijk huis is het vinden van passende en betaalbare woonruimte, door de krapte op de woonmarkt, niet vanzelfsprekend. In sommige situaties leidt dit tot schulden en kan het zelfs tot dak- en thuisloosheid leiden. Maatschappelijke opgaven 1. Het voorkomen en aanpakken van armoede, financiële problemen en schulden 2. Het vroeg signaleren van (verborgen) hulpvragen 3. Het bieden van passende en tijdige ondersteuning en een vangnet 4. Het meer in evenwicht brengen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt
20 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Bestaanszekerheid Wat willen we bereiken? Inkomenszekerheid 1. Inwoners zijn financieel zelfredzaam. Inzet is gericht op het voorkomen van financiële problemen en – wanneer er schulden zijn - op een passende en duurzame aanpak van deze schulden, zodat terugval voorkomen wordt. Niemand groeit op in armoede of leeft in
armoede. Werkzekerheid 1. Ondernemers/werkgevers, werknemers, onderwijs en gemeente werken samen om de vraag naar en aanbod van werk (huidig en toekomstig) in balans te krijgen/houden, waar het gaat om kwaliteit en kwantiteit. Zij werken samen, zodat er straks voldoende en gekwalificeerde mensen beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt. Ingezet wordt op: - het realiseren van een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, waaronder ook het realiseren van voldoende stages en leer-werkplekken - het verhogen van het opleidingsniveau van jongeren, minimaal startkwalificatie/ voorkomen van voortijdig schoolverlaten - het bieden van scholingsmogelijkheden, waaronder Nederlandse taalbeheersing. 2. Alle inwoners hebben een fatsoenlijk bestaansniveau doordat zij werken naar vermogen, bij voorkeur in een regulier betaalde baan.4 Inwoners met een beperking en/of afstand tot de arbeidsmarkt krijgen lokaal kansen om hun mogelijkheden en talenten te benutten. Ingezet wordt op: - het bieden van ondersteuning bij toeleiding naar de arbeidsmarkt en het functioneren op deze arbeidsmarkt - het stimuleren van een betere doorstroom van onbetaald naar betaald werk - het ontzorgen van werkgevers bij het aannemen en begeleiden van werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ondersteuning
1. Kwetsbare inwoners zijn op tijd in beeld en ontvangen tijdig passende ondersteuning. We zetten in op: - Het vroeg signaleren van vragen - Het erop af gaan bij mensen die geen hulp kunnen of willen vragen maar deze hulp wel nodig hebben - Inwoners die een vraag hebben, weten waar ze terecht kunnen met hun vraag en kunnen deze laagdrempelig stellen 2. Voor inwoners die hulp nodig hebben bij het deelnemen aan het dagelijks leven – het gaat hierbij om (financiële) zelfredzaamheid, participatie, zinvolle dagbesteding en zelfstandig wonen -, is deze hulp: - zoveel mogelijk lokaal beschikbaar (dichtbij waar mogelijk, specialistisch waar nodig)
4 Beleidsplan ‘Rijnstreek werkt’
21 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
-
zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig en sluit deze aan op de leefwereld, behoeften en mogelijkheden (waaronder ook probleemoplossend vermogen) van de inwoners en hun netwerk.
Wonen 1. Inwoners, jong en oud, en specifieke doelgroepen, kunnen in Kaag en Braassem blijven wonen, of vinden binnen een redelijke termijn een woning. Voor hen is voldoende woonruimte aanwezig, die past bij hun levensfase, inkomen en mogelijke ondersteuningsvraag. Ingezet wordt op: - het uitbreiden van betaalbare woningvoorraad; - het verduurzamen van woningen; - het realiseren van variatie in woonaanbod, met spreiding over de kernen om zo de leefbaarheid in de kernen te behouden en voorzieningen in stand te houden; - het, gezamenlijk met de woningcorporaties, stimuleren van inwoners om door te stromen naar woonruimte die meer bij hun situatie en inkomen past, door een aantrekkelijk huuren koopaanbod (o.a. om scheefwonen te beperken)
Welke beweging willen we zien? We weten of we onze doelstellingen hebben gehaald, wanneer we de volgende beweging/ resultaten in 2027 zien: - afname aantal inwoners in schuldhulpverlening - afname aantal inwoners in financiële problemen (met (professionele) bewindvoering) - een ontwikkeling van individuele voorzieningen naar collectief aanbod, van specialistische trajecten naar ondersteuning in en door de samenleving (rekening houdend met een toename van het aantal hulpvragen door o.a. vergrijzing en uiteraard rekening houdend met de individuele zorgvraag/behoefte van inwoners (maatwerk)). - het aantal inwoners met een bijstandsuitkering is niet toegenomen - het percentage jongeren tot 27 jaar met een bijstandsuitkering is t.o.v. het totale uitkeringsbestand niet toegenomen - het percentage inwoners dat binnen een jaar uitstroomt uit een bijstandsuitkering, is toegenomen - het betaalbare woonaanbod is uitgebreid.
22 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Kansengelijkheid Goede start is belangrijk Elk jaar worden er zo’n 200 baby’s geboren in onze gemeente. Dit betekent dat we jaarlijks 200 keer de kans krijgen om kinderen een goede start te geven. Landelijk wordt veel aandacht besteed aan het bieden van deze goede start in de eerste 1.000 dagen. Inzet is gericht op het vergroten van de kennis en vaardigheden én het netwerk van ouders. Een goede start is een belangrijke basis en zorgt ervoor dat kinderen op latere leeftijd minder problemen ervaren in hun leven. In verschillende onderzoeken wordt een verband tussen armoede en sociale uitsluiting vastgesteld. Vooral voor kinderen kan armoede ervoor zorgen dat zij niet mee kunnen doen. Niet meedoen heeft een negatief effect op gedrag, gezondheid, en (school)prestaties en vergroot de kans op armoede in de toekomst. Zo’n 6,6% van de kinderen in onze gemeente (2021) heeft kans op armoede, met name kinderen in de leeftijd van 6-11 jaar. Dit is, na Leiden, het hoogste percentage binnen onze regio. Het aandeel kinderen met kans op armoede neemt jaarlijks wel licht af (www.eengezonderhollandsmidden.nl). Beroep op jeugdhulp blijft onverminderd hoog In de eerste helft van 2022 ontving 11,8% van de jongeren tot 18 jaar een vorm van jeugdhulp in natura (landelijk is dit 10,7%). Na 2019 was er sprake van een afname maar in 2022 is het aandeel jeugdigen met jeugdhulp weer toegenomen.
Jeugdhulp wordt het meest ingezet bij kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar en bij 18 tot 23-jarigen. Het aantal jeugdigen dat voor hun 4de levensjaar jeugdhulp ontvangt is het laagst. 20,0% 15,0% 10,0% 5,0% 0,0%
2018
2019
2020
Kaag en Braassem
2021
2022
Nederland
Echtscheidingen Het aantal kinderen dat te maken heeft met een scheiding van de ouders neemt al jaren af. In 2019 was 1,3% van de kinderen uit onze gemeente betrokken bij een echtscheiding. Landelijk en lokaal zijn er duidelijke signalen dat het aantal kinderen dat te maken heeft met een complexe echtscheiding (vechtscheiding) toeneemt. Zo’n 10% van de scheidingen wordt gezien als een complexe echtscheiding. Een groot deel van de kinderen met jeugdzorg heeft te maken (gehad) met een complexe echtscheiding: in 60-70% van de gezinnen die jeugdbeschermers begeleiden is sprake van een complexe echtscheiding (https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2448931jeugdbeschermers-lopen-steeds-vaker-vast-op-vechtscheidingen). Dit blijkt overigens niet uit de cijfers van de Raad van de Kinderbescherming: in 2021 waren er in onze gemeente 0 gezag- en omgangsonderzoeken (4 in 2019 en 2 in 2020).
23 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Thuiszitters en voortijdig schoolverlaten Regionaal waren er in het schooljaar 2021-2022 184 thuiszitters met een schoolinschrijving. Meer dan 80% van de scholieren zit thuis vanwege psychische problematiek. In Kaag en Braassem zit 0,5% van de kinderen tussen 5 en 18 jaar thuis (regionaal 0,8%), waarvan de helft een schoolinschrijving heeft. Dit is gelijk aan het schooljaar 2019-2020 maar hoger dan schooljaar 2020-2021. Het aantal voortijdig schoolverlaters zonder werk is de afgelopen jaren afgenomen. In 2022 waren er in onze gemeente 48 voortijdig schoolverlaters zonder werk. Eén op de tien inwoners is laaggeletterd Wij vinden het als gemeente belangrijk dat onze inwoners kunnen deelnemen aan de samenleving en zoveel mogelijk zelf de regie kunnen nemen over hun leven. Juist voor die eigen regie is het van belang dat inwoners kunnen lezen, schrijven, rekenen en met de computer omgaan. De SER concludeert in haar rapport in 2019 dat er landelijk circa 2,5 miljoen mensen moeite hebben met taal, rekenen en digitale vaardigheden. Ongeveer 31% van de laaggeletterden heeft een licht verstandelijke beperking (Reichrath, 2018). In onze gemeente is bij 1 op de 10 inwoners laaggeletterd (9%). Het grootste deel van de laaggeletterden betreft inwoners met een leeftijd boven de vijftig jaar, met een baan en samenwonend met een partner.
Laaggeletterdheid wordt gezien als oorzaak van schulden, een slechte gezondheid of armoede (Hogendorp, 2016). Laaggeletterden kunnen zichzelf minder goed redden en hebben moeite om brieven, websites of andere communicatiemiddelen van de overheid te begrijpen. Hierdoor is sprake van minder zelfredzaamheid en regie bij de inwoners waardoor zij een groter beroep doen op gemeentelijke voorzieningen. Rondom het thema laaggeletterdheid leeft veel schaamte. Hoewel er in onze gemeente taalcursussen beschikbaar zijn, merken we dat er maar weinig gebruik van wordt gemaakt. Maatschappelijke opgaven 1. Tijdig signaleren en gezamenlijk oppakken van vragen en problemen bij jeugdigen en gezinnen zodat deze niet uitgroeien tot grote problemen (waaronder echtscheidingen) 2. Voorkomen en verminderen van uitval op school 3. Terugdringen van laaggeletterdheid
24 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Kansengelijkheid Wat willen we bereiken? Jeugd en gezin 1. Kinderen moeten in een veilige omgeving kunnen opgroeien en een goede start kunnen maken in hun leven (eerste 1.000 dagen). Hiervoor zetten we in op: - Het bieden van een kansrijke start (eerste 1.000 dagen) - Het voorkomen van en begeleiden bij complexe echtscheidingen 2. We streven naar gelijke kansen voor ieder kind. Alle kinderen hebben gelijke kansen en rechten om zelfstandig mee te doen aan de samenleving Hiervoor zetten we in op: - Een samenhangend aanbod voor onze jeugd en jongeren, waarbij de kindcentra, welzijn, preventie, jeugdgezondheidszorg, huisartsen en jeugdhulp lokaal samenwerken - Inclusief, inkomen … door armoede, achtergrond, beperkingen of aandoeningen kunnen kinderen en jongeren tegen grenzen aanlopen. Waar mogelijk willen wij deze grenzen slechten: jeugdfonds, 3. Kinderen zijn weerbaar en kunnen omgaan met de uitdagingen in het leven. Hiervoor zetten we in op het stimuleren van talentontwikkeling en bieden van ruimte voor zelfonderzoek (vallen, falen en fouten maken) 4. Ouders zijn toegerust om voor hun kinderen te zorgen en hen op te voeden. Ieder kind krijgt de liefde die het verdient en ieder kind wordt gehoord en gezien. 5.
Als een kind of gezin professionele hulp nodig heeft, wordt deze in de leefomgeving van het kind of het gezin geboden, waarbij wordt aangesloten op de vraag en mogelijkheden van het kind en het gezin. Gelijke kansen 1. Geen enkel kind zit thuis. Voor kinderen die in en om school/kinderopvang ondersteuning nodig hebben, is deze ondersteuning op elkaar afgestemd en wordt deze in samenhang geboden. 2. Inwoners met een licht verstandelijke beperking en inwoners die laaggeletterd zijn, kunnen meedoen in de (steeds complexere) samenleving. We zetten hiervoor in op: - Vergroten taal- en/of rekenvaardigheid - Vergroten digivaardigheid - Vergroten toegankelijkheid van informatie
Welke beweging willen we zien? We weten of we onze doelstellingen hebben gehaald, wanneer we de volgende beweging/ resultaten in 2027 zien: - het aandeel ouders dat hulp ontvangt (in de eerste en tweede lijn) en daarover tevreden is en/of het aandeel ouders dat zich gesterkt voelt in hun opvoedingscompetenties - het aandeel jeugdigen dat hulp ontvangt (in de eerste en tweede lijn) en daarover tevreden is en/of het aandeel jeugdigen dat na de geboden hulp zelfstandig verder kan - afname van aantal en duur van specialistische trajecten (tweede lijn) - mate van doelrealisatie uit de gezinsplannen - afname van het aantal voortijd schoolverlaters - afname van het aantal thuiszitters 25 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Uitgangspunten - Hulp is snel en laagdrempelig beschikbaar en sluit aan op de leefwereld, behoeften en mogelijkheden (waaronder ook probleemoplossend vermogen) van jeugdigen, jongeren, hun ouders en het netwerk - Hulp wordt zoveel mogelijk lokaal op de plekken waar jeugdigen en jongeren komen geboden - De hulp is zo ingericht, dat er sprake is van een doorgaande en samenhangende lijn, ook wanneer andere regelgeving van kracht wordt nadat de jongere de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. - Hulp is zo licht als mogelijk en zo zwaar als noodzakelijk. We gaan daarbij niet uit van stepped care maar matched care: direct de juiste hulp ook als dit specialistische hulp is.
26 Maatschappelijke Agenda 2024-2027
Sturing en verantwoording Sturen op doelen en resultaten, niet op hoe maar wel dat deze worden bereikt Vertrouwen, verbinden en verantwoordelijkheid zijn al langere tijd kernbegrippen in onze gemeente. Deze begrippen vormen de basis van de visie en sturingsfilosofie van onze gemeente. In het Raadsakkoord 2022-2026 is beschreven dat Kaag en Braassem deze sturingsvisie ook de komende jaren wil vasthouden. De gemeente blijft sturen op doelen en resultaten. We blijven inzetten op samenhang, samenwerking en een integrale aanpak, vanuit vertrouwen en een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Visie en sturingsfilosofie Wij hebben als Kaag en Braassem een sturingsfilosofie ontwikkeld waarbij de gemeente: - stuurt op 'wat' (we willen bereiken) en niet op 'hoe' (dit kan worden bereikt); - uitgaat van vertrouwen en ruimte en waardering geeft: vertrouwen in en ruimte voor de kennis en expertise van inwoners, professionals, ondernemers en maatschappelijke organisaties (gelijkwaardig partnerschap); - een gedeeld verantwoordelijkheidsgevoel creëert als basis voor behalen van maatschappelijke doelen en resultaten (gezamenlijke verantwoordelijkheid); - stuurt in samenhang en op hoofdlijnen op de verschillende opdrachten in het sociaal domein (opdrachtgeverschap); - stuurt op en faciliteert in de noodzakelijke samenwerking tussen verschillende partners (integrale aanpak, ketensamenwerking); -
stuurt op de gewenste beweging naar een inclusieve samenleving.
Sturing: contract en contact De gemeente geeft richting met de MAG, de uitvoering laten wij grotendeels aan organisaties, professionals en inwoners. Het is belangrijk dat daarbij een goede balans wordt gevonden tussen vertrouwen en controle. Om grip te hebben op de financiën en de inhoud (het behalen van de doelen en resultaten), zijn goede informatiestromen van groot belang: - periodiek monitoren van de voortgang (kwantitatief en kwalitatief) - gesprekken op verschillende niveaus (uitvoering, management en bestuurlijk)
Flexibiliteit Wanneer uit de gesprekken blijkt dat de ingezette acties en interventies niet tot de beschreven resultaten leiden, kunnen plannen of afspraken worden bijgesteld, of moeten de resultaten op haalbaarheid worden getoetst en eventueel worden bijgesteld. Ook kunnen veranderingen in de economie, wet- en regelgeving en demografische ontwikkelingen aanleiding zijn om de resultaten en doelstellingen of aanpak/afspraken bij te stellen. De afgelopen jaren hebben ons geleerd dat er onverwachts gebeurtenissen kunnen plaatsvinden die van grote invloed zijn op onze inwoners en op de hulp en ondersteuning die wij (laten) bieden. Denk hierbij aan de corona-crisis en de oorlog in Oekraïne. Dit vraagt om flexibiliteit van ons als gemeente en van onze partners maar ook om flexibiliteit in onze opdrachten.
27 Maatschappelijke Agenda 2024-2027