Bomen Effect Analyse Sportpad, Roelofarendsveen incl. Bijlagen
Tekst van het document
PIUS FLORIS
Bomen Effect Analyse Sportpad Roelofarendsveen
piusfloris.nl
Al meer dan 40 jaar toonaangevend specialist op het gebied van boomverzorging.
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Colofon Rapportage Kenmerk
Bomen Effect Analyse
Revisie
Sportpad Roelofarendsveen
Projectnummer
PFBL 23 070
Datum
4 januari 2024
Status
Definitief
Contactpersonen F.C. Barneveld auteur f.barneveld@piusfloris.nl
F.C. Barneveld onderzoeker f.barneveld@piusfloris.nl
A.C. van Polen controleur b.vanpolen@piusfloris.nl
Opdrachtgever Naam
Sweco Nederland B.V.
Contactpersoon
Dhr. M. van Vliet
Adres
De Holle Bilt 22
Postcode
3732 HM
Plaats
De Bilt
Opdrachtnemer Pius Floris Boomverzorging Veenendaal Nieuweweg Noord 255 3905 LW Veenendaal Nederland Telefoon 0318 - 519 039 www.piusfloris.nl info@piusfloris.nl KvK 30057153
piusfloris.nl
Al meer dan 40 jaar toonaangevend specialist op het gebied van boomverzorging.
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Inhoudsopgave ......................................................................................................................... 2 1.1 Doel ..................................................................................................................... 2 1.2 Uitgangspunt .......................................................................................................... 2 1.3 Situatie/project ....................................................................................................... 2
1. Inleiding
......................................................................................................... 3 2.1 Inventarisatie en conditiebepaling .............................................................................. 3 2.2 Boomveiligheidscontrole ........................................................................................... 4 2.3 Toekomstverwachting huidige situatie ......................................................................... 5 2.4 Invloed werkzaamheden ........................................................................................... 6
2. Onderzoeksmethode
....................................................................................................... 7 3.1 Inventarisatie ......................................................................................................... 7 3.2 Boomveiligheidscontrole ........................................................................................... 8 3.3 Toetsing aan beleid ................................................................................................. 9 3.4 Beoordeling groeiplaats ............................................................................................ 9 3.5 Toekomstverwachting huidige situatie ....................................................................... 11 3.6 Beïnvloeding civiele werkzaamheden op de bomen ....................................................... 11
3. Onderzoeksresultaten
........................................................................................................ 15 4.1 Toekomstbeeld voor de bomen ................................................................................. 15 4.2 Specifieke maatregelen bij werkzaamheden ................................................................ 15 4.3 Algemene maatregelen bij werken rond bomen ............................................................ 19 4.4 Bomenbalans ........................................................................................................ 20
4. Conclusie en advies
..................................................................................................................... 22 Bijlage 1a Kaart met boomnummers Uitsnede 1 ................................................................ 22 Bijlage 1b Kaart met boomnummers Uitsnede 2 ................................................................ 22 Bijlage 1c Kaart met boomnummers Uitsnede 3 ................................................................ 22 Bijlage 1d Kaart met boomnummers Uitsnede 4 ................................................................ 22 Bijlage 2a inventarisatiegegevens .................................................................................. 22 Bijlage 2b Boomveiligheidscontrole ................................................................................ 22 Bijlage 3a Ontwerpdocument ........................................................................................ 22 Bijlage 3b Ontwerpdocument ........................................................................................ 22 Bijlage 4 Bomenposter 'Werken rond bomen' .................................................................... 22
5. Slotwoord
1
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
1. Inleiding In opdracht van Sweco Nederland B.V. heeft Pius Floris Boomverzorging Leiderdorp in week 51 van het jaar 2023 een Bomen Effect Analyse (BEA) uitgevoerd en opgesteld. De BEA heeft plaatsgevonden in het projectgebied rond het Sportpad te Roelofarendsveen. In figuur 1 is een globale projectlocatie weergegeven.
1.1 Doel Het doel van een BEA is, inzichtelijk te krijgen welke invloeden de (civiele) werkzaamheden hebben, op de aanwezige bomen. Tevens wordt bepaald hoe om te gaan met de bomen, zodat deze zoveel mogelijk gehandhaafd kunnen blijven.
1.2 Uitgangspunt Kunnen de aanwezige bomen, in de huidige verschijningsvorm en op de huidige standplaats, in relatie met de voorgenomen werkzaamheden, duurzaam behouden worden?
1.3 Situatie/project De opdrachtgever is voornemens in het projectgebied her in te richten. De bestaande sportvelden worden opnieuw ingericht en de bestaande bebouwing wordt voor een deel verwijderd of vervangen. Ook wordt er in delen van het projectgebied parkeervakken en een nieuwe riolering aangelegd. Het ontwerpdocument betreft een Definitief Ontwerp (DO)
Figuur 1: Globale projectlocatie
2
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
2. Onderzoeksmethode In dit hoofdstuk wordt beschreven welke werkzaamheden hebben plaatsgevonden voor het opstellen voor de Boom Effect Analyse. (BEA) Er zijn verschillende stappen ondernomen voor deze Boom Effect Analyse: 1. Inventarisatie en conditie bepaling van het bomenbestand; 2. Visuele controle op symptomen van verzwakking. 3. Beoordeling van de groeiplaats. 4. Toekomstverwachting. 5. Beïnvloeding civiele werkzaamheden op de bomen Hieronder zijn de verschillende onderzoeksmethoden toegelicht.
2.1 Inventarisatie en conditiebepaling Bij de inventarisatie en conditiebepaling is bepaald welke bomen er in de invloedzone van het stedenbouwkundig plan aanwezig zijn en wordt bepaald wat de conditie hiervan is. Dit is van belang voor het verkrijgen van een stuk basisinformatie over de bomen. Inventarisatie Bij de inventarisatie is van de bomen een aantal gegevens opgenomen. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om soort, grootte en locatie. Naast deze vaste gegevens worden ook variabele gegevens opgenomen, als stamomtrek en conditiebepaling en toekomstverwachting. Conditiebepaling De conditiebepaling is een momentopname van de verschijningsvorm van de boom. Bij de conditiebepaling is door ons onderscheid gemaakt tussen de volgende categorieën: Conditieverdeling
3
Goed
De boom vertoont een beeld dat van de soort verwacht mag worden onder goede groeiplaatsomstandigheden en op een goede groeiplaats.
Redelijk
Niet-optimale groei, maar de minder optimale omstandigheden hebben nog geen duidelijke negatieve gevolgen voor de verdere ontwikkeling van de boom.
Matig
Er is duidelijk sprake van negatieve gevolgen voor de verdere ontwikkeling van de boom, zoals beginnende scheutsterfte of overmatige scheutgroei binnen in de kroon.
Slecht
Duidelijk aftakelende boom, waarbij veelal sprake is van een ijle kroon met zware scheutsterfte resulterend in veel en soms zwaar/dik dood hout.
Dood
De boom is geheel afgestorven.
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
2.2 Boomveiligheidscontrole VTA methode De boomveiligheidscontrole bij de bomen is uitgevoerd met behulp van de VTA methode. De afkorting VTA staat voor Visual Tree Assessment. Bij deze visuele beoordeling van de bomen, wordt gericht gekeken naar de bouw en het groeigedrag van de boom. Het breukrisico wordt beoordeeld door te kijken naar de stam, stamvoet, takaanzetten, kroonopbouw en aanwezigheid van zwammen. Bij de conclusie wordt de boom ingedeeld in één van de volgende categorieën: Veiligheidsklasse Goedgekeurd
Een boom wordt goedgekeurd als er geen symptomen bij een boom worden aangetroffen die op een defect wijzen.
Attentieboom
Bomen waarbij wel een symptoom gevonden wordt maar waarvan duidelijk is dat deze op het moment van controle geen verhoogd risico veroorzaakt, worden als attentieboom aangeduid.
Risicoboom
Bomen waarbij een symptoom gevonden wordt die een verhoogd risico veroorzaakt en bomen waarbij een symptoom gevonden wordt waarvan op het moment van controle niet kan worden aangegeven of het een verhoogd risico veroorzaakt, worden aangemerkt als zijnde risicoboom
Afgekeurd
Bomen waarvan op het moment van de controle duidelijk is dat zij een verhoogd risico veroorzaken, worden aangemerkt als afgekeurd. Vanuit het oogpunt van veiligheid dienen deze bomen verwijderd te worden.
Niet aanwezig
Ten tijden van de VTA-controle is deze boom niet meer aangetroffen
Niet volledig te beoordelen
Het betreft bomen welke door hoge onderbegroeiing of overmatige klimop groei niet volledig te beoordelen zijn.
Veiligheidsmaatregelen Voor de binnen de BVC geconstateerde BVC-gebreken moet, volgens de indeling, worden geregistreerd welke veiligheidsmaatregelen (advies in kader van zorgplicht) nodig zijn om de veiligheid van de omgeving te waarborgen: Vellen (boom verwijderen) Verankering aanbrengen Verankering controleren en/of bijstellen Tak(ken) innemen Tak(ken) verwijderen Wettelijke’ vereiste doorgang vrijmaken Kroonreductie Grof dood hout verwijderen Nader onderzoek Hercontrole (BVC) Verhoogde controlefrequentie BVC (ten minste jaarlijks)
4
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Urgentie Voor de (geregistreerde) veiligheidsmaatregelen moet, in het kader van de veiligheid, een passende urgentie (van uitvoering) worden geregistreerd (geadviseerd) volgens de indeling. Binnen de keuze van de urgentie speelt het gebrek en de omvang van het gebrek als ook het gevolg en de gevaarzetting van de locatie een essentiële rol. Gebreken die gerelateerd zijn aan (grof) dood hout (dood hout ≥ 4 cm en langer dan 50 cm) worden in de regel gekoppeld aan een urgentie < 6 maanden behalve wanneer de risico’s van dood hout een ernstige impact hebben op de veiligheid vanwege de (grove) omvang van het dode hout of de standplaats (gevaarzetting) van de boom. Staat van Onderhoud Voor het (cyclisch) onderhoud van bomen wordt beoogd om een aanvaard boombeeld te bereiken. Dit houdt in dat een boom wordt vrijgemaakt van probleemtakken. Probleemtakken zijn de takken die een gevaar opleveren betreffende de boomveiligheid, of takken waardoor er onvoldoende vrije ruimte onder de kroon beschikbaar is voor vrije doorgang. Voor het cyclisch onderhoud wordt onderscheid gemaakt in de tijdelijke en de blijvende kroon. Ten behoeve van de vrije doorgang wordt er een takvrije zone van de stam gecreëerd. Deze takvrije zone wordt door middel van begeleidingssnoei bereikt. Wanneer de takvrije zone bereikt is bevinden alle takken zich in de blijvende kroon.
Bij deze bomen is er enkel een snoeimaatregel nodig wanneer er probleemtakken in de kroon aanwezig zijn. Op het moment dat er aan deze bomen gesnoeid dient te worden is er sprake van onderhoudssnoei. Ook wanneer het beoogde eindbeeld van de bomen door middel van begeleidingssnoei onbereikbaar is, wordt er van onderhoudssnoei gesproken. In het geval van vormbomen is er sprake van een afwijkend eindbeeld van de bomen. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om geknotte bomen, leibomen of gekandelaberde bomen. Boombeeld Bij het bepalen van het boombeeld wordt er onderscheid gemaakt in het percentage kroonvolume dat in een snoeiingreep verwijderd wordt om het gewenste boombeeld te bereiken. In onderstaande tabel wordt het onderscheid in boombeeld weergegeven: Boombeeld
Snoeiingreep algemeen
Begeleidingssnoei
Onderhoudssnoei
Aanvaard
Geen snoeiingreep
Geen snoeiingreep
Geen snoeiingreep
Regulier
1 reguliere snoeiingreep
Ingreep 20-25%
1 reguliere snoeiingreep
Achterstallig
1 verzwaarde snoeiingreep
ingreep 30 tot 40%
1 verzwaarde snoeiingreep
Verwaarloosd
Verzwaarde, gefaseerde snoeiingrepen
1e ingreep 30 tot 40%
Niet van toepassing
2.3 Toekomstverwachting huidige situatie De toekomstverwachting wordt bepaald door de leeftijd, conditie, mechanische gebreken, groeiplaatsomstandigheden en in dit geval door de herinrichtingsplannen. 5
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Bij de conclusie wordt de boom ingedeeld in één van de volgende categorieën: Goed
toekomstverwachting van minimaal 15 jaar en meer actieve groei;
Redelijk toekomstverwachting van 10 tot 15 jaar actieve groei; Matig
toekomstverwachting van 5 tot 10 jaar actieve groei;
Slecht
toekomstverwachting van 0 tot 5 jaar actieve groei.
2.4 Invloed werkzaamheden De toekomstverwachting, zoals hierboven omschreven kan ernstig verstoord worden door de civiele werkzaamheden die uitgevoerd gaan worden. Hieronder vindt u een opsomming wat de gevolgen kunnen zijn. Schade bovengronds Door de inzet van zwaar materieel en het werken in korte nabijheid van de bomen, is er een verhoogde kans op stam en/of kroonbeschadiging. Schade ondergronds Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden ontstaat er wortelverlies als gevolg van de graafwerkzaamheden. Tevens bestaat er een groot risico op bodemverdichting van de groeiplaats die zich buiten het te graven cunet bevindt. Daarnaast kan er indirect wortelschade/sterfte ontstaan, door de opslag van materiaal en materieel. Dit vanwege een verstoorde diffusie van bodemgassen met de buitenlucht. Onder het begrip wortelschade wordt de schade aan de opnamewortels verstaan. Deze wortels zorgen voor de opname van voedingsstoffen en vocht. Het wordt weergeven in procenten ten opzichte van de totale opname wortels. Onder het begrip stabiliteitswortelschade wordt de schade aan de wortels verstaan die zorgen voor de stabiliteit van de boom. Het wordt weergeven in procenten ten opzichte van de totale stabiliteit wortels.
Voor het percentage schade aan de beworteling zijn onderstaande richtlijnen opgesteld: Tot 10 % verlies is acceptabel bij een goede groeiontwikkeling; Bij > 10% wortelschade is compensatie gewenst; Bij 20 – 40 % verlies is individuele afweging noodzakelijk. Bij meer dan 40% verlies van de stabiliteitswortels (> 5 cm diam.) is er sprake van acute instabiliteit. In de regel heeft een boom 3 jaar nodig om het wortelverlies te compenseren, indien hiervoor ondergronds de mogelijkheden (nieuwe doorwortelbare ruimte) toereikend zijn. Bronbemaling Voor de vochtvoorziening zijn de bomen afhankelijk van regenwater en grondwater. Bij de toepassing van bronbemaling wordt de grondwaterstand (tijdelijk) verlaagd. Het grondwater is tijdens de werkzaamheden niet meer bereikbaar voor de bomen. Afhankelijk van het tijdstip van de uitvoering van de werkzaamheden, kan de vochtvoorziening ontoereikend zijn voor de bomen
6
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
3. Onderzoeksresultaten In dit hoofdstuk worden de onderzoeksresultaten beschreven. Duidelijk wordt wat de conditie en toekomstverwachting van het bomenbestand is en worden eventueel benodigde veiligheidsmaatregelen beschreven. Daarna wordt de groeiplaats beoordeeld en het beleid omtrent de bomen beschreven. Als laatst wordt de projectinvloed op de aanwezige bomen beschreven.
3.1 Inventarisatie Alle bomen welke binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden vallen, zijn geïnventariseerd. Een overzicht met boomnummers en de volledige inventarisatie- en boomveiligheidsgegevens zijn in bijlage 1 en 2 weergegeven. In totaal zijn 656 individuele bomen geïnventariseerd. Onderstaande tabel geeft de meest voorkomende boomsoorten en aantallen in het projectgebied weer: Boomsoort
Boomsoort NL
Aantal
Fraxinus excelsior
Gewone Es
173
Acer campestre
Veldesdoorn
123
Crataegus
Meidoorn
85
Ulmus
Iep
84
Acer pseudoplatanus
Gewone Esdoorn
41
Alnus glutinosa
Zwarte Els
24
Prunus
Kers
26
Quercus robur
Zomereik
18
Acer platanoides
Noorse Esdoorn
15
Verder staan er in het projectgebied onder andere soorten als Kastanje, Amberboom, Wilg en Tilia. Van de overige boomsoorten zijn er minder dan 10 stuks in het projectgebied opgenomen. Conditie en toekomstverwachting De conditie van de 656 onderzochte bomen is overwegend redelijk tot goed: Van 238 bomen is de conditie als goed ingeschat. 377 bomen zijn met een redelijke conditie beoordeeld. De conditie van 30 bomen is als matig ingeschat en 9 bomen beschikken over een slechte conditie. 2 bomen zijn op het moment van het onderzoek afgestorven. De toekomstverwachting is voor 246 bomen als goed beoordeeld, meer dan 15 jaar actieve groei. In bijlage 1 is de toekomstverwachting in kleuren weergegeven. Voor 367 bomen geldt een redelijke toekomstverwachting van 10 tot 15 jaar. De toekomstverwachting van 24 bomen is als matig (5-10 jaar actieve groei) ingeschat en 17 bomen beschikt over een slechte toekomstverwachting van minder dan 5 jaar actieve groei. De 2 afgestorven bomen hebben geen toekomstverwachting. In onderstaande grafiek is de toekomstverwachting schematisch weergegeven:
7
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Figuur 2: Overzicht conditie en toekomstverwachting
3.2 Boomveiligheidscontrole Zoals eerder beschreven is tijdens de boominventarisatie een Boomveiligheidscontrole (BVC) volgens de VTA-methode uitgevoerd bij de 656 geïnventariseerde bomen. De resultaten uit dit onderzoek zijn in deze paragraaf beschreven. De volledige BVC-gegevens zijn opgenomen in bijlage 2 van deze rapportage. Goedgekeurd Tijdens de boomveiligheidscontrole zijn 490 bomen goedgekeurd betreffende boomveiligheid. Bij deze bomen zijn geen gebreken aangetroffen die voor een verhoogd risico voor de omgeving zorgen. De reguliere inspectiefrequentie van 1 keer in de 3 jaar kan bij de bomen aangehouden worden. Risicobomen Tijdens de BVC zijn 146 bomen als risicoboom beoordeeld. Bij deze bomen is een gebrek aangetroffen en dient een veiligheidsmaatregel uitgevoerd te worden. In de kroon van 139 bomen is grof dood hout aangetroffen dat binnen 6 maanden dient te worden verwijderd. Ook dient er bij 3 bomen (boomnummer 126, 169 en 295) gerichte snoei uitgevoerd te worden vanwege de aanwezigheid van een gebroken of een losse tak. In het geval van 2 bomen (boomnummer 136 en 202) wordt een nader onderzoek geadviseerd vanwege de aanwezigheid van schimmelaantastingen. Attentiebomen De boom met boomnummer 140 is als attentieboom aangemerkt.
Een attentieboom is een boom waarbij gebreken zijn aangetroffen die op dit moment nog niet voor een verhoogd risico zorgen, maar waarbij binnen een jaar wel een verhoogd risico kan ontstaan. Bovendien zijn 2 bomen (boomnummer 20 en 268) in eerste instantie opgenomen als risicoboom, maar dienen na het uitvoeren van een
8
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
veiligheidsmaatregel beheerd te worden als attentieboom. Bij de 3 bomen is een plakoksel aangetroffen. Een plakoksel is een verzwakte aanhechting van een tak of stamdeel waarbij het risico op uitbreken vergroot is. Vanwege aangetroffen gebreken dienen deze bomen jaarlijks gecontroleerd te worden op boomveiligheid in plaats van de reguliere inspectiefrequentie van 1 keer in de 3 jaar. Afgekeurd Van de 656 bomen zijn 19 bomen afgekeurd. De bomen zijn afgestorven, zijn in slechte conditie of er zijn gebreken aangetroffen waardoor de bomen niet te behouden zijn. In het geval van 14 bomen wordt noodkap geadviseerd. Deze bomen betreffen Iepen, waarbij verschijnselen van een aantasting van de Iepenspintkever is aangetroffen. Deze aantasting kan Iepziekte veroorzaken. Het betreft de bomen met de boomnummers 15, 16, 23, 86, 87, 174, 177, 178, 226, 232, 265, 266, 267 en 343. Voor de overige 5 bomen (boomnummer 273, 275, 350, 589 en 626) geldt het advies dat de bomen binnen 6 maanden verwijderd dienen te worden. Staat van onderhoud De staat van onderhoud van de bomen is bij het grootste deel van de bomen als regulier beoordeeld. Dit houdt in dat de bomen in 1 snoeironde op beeld te brengen zijn. Ook dienen snoeimaatregelen uitgevoerd te worden bij de risicoboom vanwege de aanwezigheid van grof dood hout in de kroon. De snoeiingreep valt onder de reguliere snoei.
In het geval van 18 bomen is de staat van onderhoud achterstallig. Dit houdt in dat er een snoeimaatregel met meer dan 20% kroonreductie nodig is om de boom op beeld te brengen. Van 1 boom is de staat van onderhoud verwaarloosd. Bij deze boom zijn meerdere verzwaarde snoeiingrepen nodig om de boom op beeld te krijgen.
3.3 Toetsing aan beleid Het projectgebied bevindt zich in de gemeente Kaag en Braassem. Vanaf 1 januari 2024 is in de gemeente de omgevingswet ingetreden. De regels omtrent het kappen van bomen zijn op dit moment niet bekend. Wet Natuurbescherming De bomen in het projectgebied kunnen fungeren als (tijdelijke) rust- of verblijfplaats voor flora en fauna. Bovendien is het mogelijk dat er in het gebied verschillende soorten beschermde flora aangetroffen worden. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient er een ecologisch onderzoek uitgevoerd te worden naar de aanwezigheid van flora en fauna. Vervolgens dient er op basis van de inventarisatie een werkprotocol opgesteld te worden waarin maatregelen beschreven worden om de flora en fauna te beschermen.
3.4 Beoordeling groeiplaats Tijdens het uitvoeren van de BEA is de groeiplaats van de bomen beoordeeld. Zowel de bovengrondse groeiplaats als de ondergrondse groeiplaats is beoordeeld. Bovengronds De bovengrondse groeiplaats van de bomen is over het algemeen als voldoende tot goed beoordeeld. De bomen staan in houtwallen of in de groenstroken. De bomen ondervinden enige concurrentie van elkaar. De onderlinge concurrentie is slechts beperkt belemmerend. Enkele bomen staan dicht op de aanwezige bebouwing waardoor en een conflict bestaat tussen de kronen van de bomen en de gevels van de bebouwing.
9
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Ondergronds Ook is de ondergrondse groeiplaats van de bomen beoordeeld tijdens het uitvoeren van de BEA. De ondergrondse groeiplaats van de bomen is beoordeeld aan de hand van grondboringen. Uit de proefsleuven en de grondboringen blijkt dat het bodemprofiel redelijk eenduidig is in het projectgebied. Het bodemprofiel verloopt over het algemeen als volgt. Diepte onder maaiveld
Bodem
0-20 cm
Zware zavel 17-25% lutum
20-120 cm
Lichte klei; 25-35% lutum
Vanaf 80 cm
Gleyverschijnselen
Algemeen
De groeiplaats biedt vooral de bovenste 80 cm mogelijkheden voor de bomen om in te wortelen. Op deze dieptes zijn de meeste voedingsstoffen te vinden en hier zullen de bomen voornamelijk beworteling vormen. Vanaf 80 cm zijn gleyverschijnselen aangetroffen die duiden op een (schijn)grondwaterstand. Vanaf deze diepte is geen beworteling te verwachten.
Figuur 3: Bodemprofiel
In de houtwal aan de noordzijde van het projectgebied zijn de gleyverschijnselen op een diepte van 30 cm onder maaiveld aangetroffen. Over het algemeen is te verwachten dat de bomen een ondiep een breeduit wortelpatroon zullen vertonen. Om deze reden dient er bij werkzaamheden rond bomen met de kwetsbare boomzone rekening gehouden te worden. De kwetsbare boomzone is de kroonprojectie van de bomen + 1,5 meter rondom deze kroonprojectie.
10
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Grondwaterstanden Het maaiveld binnen het projectgebied ligt op 3,81 meter onder NAP. Uit de gegevens van het DINO-loket blijkt dat het grondwater schommelt tussen de 30 cm en 100 cm onder maaiveld. Dit verklaart de gleyverschijnselen die aangetroffen zijn in de grondboringen
Figuur 4: Grondwaterstand
3.5 Toekomstverwachting huidige situatie Het vaststellen van de toekomstverwachting bij bomen is een inschatting en is van diverse factoren afhankelijk. De toekomstverwachting is, bij gelijkblijvende omstandigheden, over het algemeen goed. Bij het uitvoeren van de voorgenomen werkzaamheden kan de toekomstverwachting naar beneden moeten worden bijgesteld. Zeker bij de bomen met een verminderde conditie en toekomstverwachting. Deze bomen verdragen veranderingen in de groeiplaats en wortelverlies minder goed dan bomen met een goede conditie en toekomstverwachting. In bijlage 1 is de toekomstverwachting van de bomen in kleuren aangegeven.
3.6 Beïnvloeding civiele werkzaamheden op de bomen In deze paragraaf wordt de invloed van de voorgenomen werkzaamheden in het projectgebied beschreven. Voor het beschrijven van de projectinvloed is uitgegaan van de informatie uit het ontwerpdocument, zoals bijgevoegd in bijlage 3. Het betreft hier de volgende werkzaamheden: Verwijderen bestaande bebouwing Herinrichten sportvelden Aanleg kunstgrasvelden Inrichten bouwvak Aanleg parkeervakken 11
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Aanleg nieuwe riolering Opslag bouw- en sloopmaterialen Kabels en leidingen Bronnering Verwijderen bestaande bebouwing Bij het verwijderen van de bestaande bebouwing kan schade ontstaan bij het bovengronds gedeelte van de bomen. Door vallend sloopmateriaal en door het gebruik van machines kunnen de stammen en de kronen van de bomen beschadigd raken. Ondergronds ontstaat er wortelschade bij het verwijderen van de funderingen van de bebouwing. De bomen met de boomnummer 126 t/m 131, 134 t/m 136 staan dicht op de te slopen bebouwing. Het wortelverlies bij de bomen 128 t/m 131 wordt verwacht op meer dan 40% aangezien deze bomen tegen de gevel van de te verwijderen bebouwing staan. Bij de bomen 126, 127 en 136 wordt een wortelverlies van tussen de 20 en 40% verwacht. De bomen 134 en 135 betreffen kleinere bomen waarbij het wortelverlies verwacht wordt op minder dan 10%. Herinrichten sportvelden Er wordt een nieuw kunstgrasveld aangelegd op de locatie van de bomen 125 t/m 131, 134 t/m 136 en op korte afstand van de bomen 142 t/m 145. Ten behoeve van de aanleg van het kunstgrasveld zal een cunet met een diepte van 50 cm afgegraven dienen te worden. Hierdoor zijn de bomen 125 t/m 131, 134 t/m 136 niet te handhaven. Het wordt verlies is bij deze bomen te groot om de bomen te kunnen behouden. Het wortelverlies bij de bomen 142 t/m 145 wordt geschat op rond de 20%.
Dit is belemmerend voor het behoud van deze bomen. Bij de bomen 155 t/m 166 wordt de locatie van het sportveld in noordelijke richting verplaatst. Hierdoor zijn deze bomen niet te behouden. Door de verplaatsing van het sportveld waarbij graafwerkzaamheden plaatsvinden ontstaat wortelschade bij de bomen 167 en 168. Het wortelverlies bij deze bomen wordt geschat op rond de 20%. Dit is belemmerend voor het behoud van deze bomen. Aanleg kunstgrasvelden De bestaande sportvelden worden vervangen voor kunstgras, all weather velden of gravelvelden. Ten behoeve van de aanleg wordt een cunet met een diepte van 50 cm onder maaiveld afgegraven. Hierdoor is de kans op wortelschade groot bij de bomen met de boomnummers 38 t/m 64, 201 t/m 259, 295 t/m 300 en 332 t/m 429. Afhankelijk van de afstand van de werkzaamheden tot de bomen is de aanleg van de kunstgrasvelden belemmerend voor het duurzaam behoud van de bomen. Inrichten bouwvak Volgens het ontwerpdocument wordt op de locatie van de bomen 167, 168, 173 t/m 190 en 200 de huidige bebouwing gesloopt en wordt het perceel bouwrijp gemaakt. Hierdoor zijn deze bomen niet te behouden. Er ontstaat eveneens wortelschade bij de bomen 191 t/m 199 bij de werkzaamheden van het bouwrijp maken. De werkzaamheden vinden plaats binnen de kwetsbare boomzone van deze bomen waardoor er wortelschade ontstaat die ingeschat wordt tussen de 20 en 30%.
Dit is belemmerend voor het duurzaam behoud van deze bomen. Aan de noordzijde van het Sportpad wordt de locatie waar de huidige bebouwing staat eveneens bouwrijp gemaakt. De bomen 303, 541 t/m 543, 559 t/m 594 staan te dicht op het in te richten bouwvak om de bomen te kunnen behouden. Bovendien vinden er werkzaamheden plaats binnen de kwetsbare
12
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
boomzone van de bomen 306 t/m 315, 326 t/m 331, 515 t/m 524. Door de werkzaamheden ontstaat wortelverlies bij de bomen dat belemmerend is voor het duurzaam behoud van de bomen. Bij de bomen 326 t/m 331 dient eveneens rekening gehouden te worden met de beschikbare doorgangshoogte onder de boomkronen. Aanleg parkeervakken Volgens het ontwerpdocument worden op de locatie van de bomen 595 t/m 635 parkeervakken aangelegd. Wanneer de plannen volgens het ontwerpdocument worden uitgevoerd zijn deze bomen niet te behouden. Aanleg nieuwe riolering Op de locatie van de bomen 1 t/m 32, 136, 137, 142 t/m 147 en 150 wordt een nieuwe riolering aangelegd. Bij deze bomen ontstaat teveel wortelschade om de bomen te kunnen behouden. Bovendien wordt er een riolering binnen de kwetsbare boomzone aangelegd van de bomen 38 t/m 64 en 115 t/m 135. Hierdoor kan er wortelschade bij de bomen ontstaan wat belemmerend is voor het duurzaam behoud van de bomen. De wortelschade bij deze bomen wordt geschat op minder dan 20%. Opslag bouw- en sloopmaterialen Door de opslag van het bouw en sloopmateriaal raakt de bodem verdicht wanneer dit binnen de kwetsbare boomzone van de bomen plaatsvindt. Bij een verdichting van meer dan 1,5 MPa wordt de wortelgroei belemmerd en bij een verdichting van meer dan 3 MPa is de wortelgroei over het algemeen niet meer mogelijk.
Bovendien is bij een hoge mate van verdichting de uitwisseling van bomengassen niet mogelijk. Hierdoor hopen CO2 en methaan zich op in de bodem en is de bodem beperkt bereikbaar voor zuurstof. Voor wortelgroei is een minimaal percentage van 12% zuurstof in de bodem nodig. Kabels en leidingen Aangezien het ontwerpdocument een voorontwerp betreft, is er nog niets bekend over de aanleg van kabels en leidingen. Afhankelijk van de locatie kan dit van belemmerende invloed zijn op de bomen binnen het projectgebied. Door de graafwerkzaamheden kan wortelschade bij de bomen ontstaan wanneer de werkzaamheden binnen de kwetsbare boomzone van de bomen worden uitgevoerd. Bronnering Zoals beschreven is het grondwater aanwezig op een diepte tussen de 80cm en 1,5 meter onder maaiveld. Zeker de grote oudere bomen kunnen gebruikmaken van deze grondwaterstand. Wanneer er bronnering toegepast dient te worden verandert de waterhuishouding van de bomen en kan er een vochttekort bij de bomen ontstaan. Dit kan van belemmerende invloed zijn op het duurzaam behoud van de bomen. Overzicht projectinvloed In onderstaande tabel wordt de mate van belemmering beschreven naar aanleiding van bovenstaande projectinvloeden. Hierbij is uitgegaan van het ontwerpdocument zoals is bijgevoegd in bijlage 3.
In het ontwerpdocument worden geen maten aangegeven en er zijn bomen bij de inventarisatie opgenomen die niet in het ontwerpdocument zijn weergegeven. In bijlage 1 zijn de boomnummers terug te vinden.
13
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Projectinvloed
Boomnummers
Niet belemmerend
33 t/m 37, 65 t/m 114, 138 t/m 141, 148, 149, 151 t/m 154, 169 t/m 172, 260 t/m 294, 301, 302, 304, 305, 316 t/m 325, 430 t/m 514, 525 t/m 540, 544 t/m 558 en 636 t/m 656.
Belemmerend
38 t/m 64, 115 t/m 124, 132, 133, 191 t/m 199, 201 t/m 259, 295 t/m 300, 306 t/m 315, 326 t/m 429 en 515 t/m 524.
Zeer belemmerend
1 t/m 32, 125 t/m 131, 134 t/m 137, 142 t/m 147, 150, 155 t/m 168, 173 t/m 190, 200, 303, 541 t/m 543 en 559 t/m 635.
14
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
4. Conclusie en advies In dit hoofdstuk wordt als eerst het toekomstbeeld voor de bomen beschreven. Dit aan de hand van de projectinvloed, zoals beschreven in het vorige hoofdstuk. Daarna worden, voor zo ver mogelijk, specifieke maatregelen beschreven om zoveel mogelijk bomen duurzaam te behouden. Vervolgens worden de algemeen geldende regels voor werken rond bomen beschreven. Het hoofdstuk eindigt met het beschrijven van de bomenbalans.
4.1 Toekomstbeeld voor de bomen In de huidige situatie heeft het grootste deel van de bomen een redelijke tot goede conditie en toekomstverwachting. De werkzaamheden voor het herinrichten van het projectgebied zijn op enkele delen van het tracé van (zeer) belemmerende invloed op het behoud van een deel van de bomen. Wanneer de werkzaamheden bij de te behouden bomen zonder specifieke maatregelen uitgevoerd worden, kan dit negatieve gevolgen hebben voor het behoud van de bomen. In bijlage 1 wordt de locatie van de bomen en de toekomstverwachting met kleuren aangegeven. In de huidige situatie is de toekomstverwachting zoals in onderstaande tabel opgenomen: Toekomstverwachting
Aantal
Goed (> 15 jaar)
246
Redelijk (10-15 jaar)
367
Matig (5-10 jaar)
24
Slecht (< 5 jaar)
17
Niet aanwezig
2
4.2 Specifieke maatregelen bij werkzaamheden Uit het vorige hoofdstuk is gebleken dat de voorgenomen werkzaamheden van (zeer) belemmerende invloed zijn op het behoud van een deel van de aanwezige bomen. In deze paragraaf worden maatregelen beschreven om duurzaam behoud van (een deel van) de bomen mogelijk te maken. Zoals uit het bodemonderzoek is gebleken kunnen de bomen voornamelijk wortelen in de bovenste 30 tot 80 cm onder maaiveld. Aan de hand hiervan kan geconcludeerd worden dat de bomen een oppervlakkig en breed uitgroeiend bewortelingspatroon vertonen. Wanneer we werkzaamheden rond de bomen uitgevoerd worden, dient er rekening gehouden te worden met een kwetsbare boomzone. Deze zone betreft de kroonprojectie + 1,5 meter. Graaf- en overige werkzaamheden mogen niet binnen deze zone plaatsvinden. Wanneer er werkzaamheden binnen deze zone plaatsvinden dienen algemene en specifieke maatregelen getroffen te worden. Wanneer er wel werkzaamheden binnen deze zone uitgevoerd dienen te worden mag er niet meer dan 20% wortelverlies ontstaan. Wortels met een diameter dikker dan 4 cm dienen met de hand, haaks op de wortel te worden afgezaagd. Wortels met een diameter dikker dan 8 cm dienen gespaard te blijven om instabiliteit van de bomen te voorkomen. Werkzaamheden binnen de kwetsbare boomzone en 15
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
dienen onder toezicht van een gecertificeerd European Tree Worker (ETW'er) te worden uitgevoerd. Zoals in het vorige hoofdstuk is besproken zijn veel bomen door de werkzaamheden niet te behouden. Op de locaties waar bomen staan worden bouwvakken ingericht, sportvelden gerealiseerd, riolering aangelegd en parkeervakken aangelegd. In een aantal gevallen ontstaat er door een combinatie van verschillende werkzaamheden rond de bomen een te groot wortelverlies waardoor de bomen niet te behouden zijn. Het betreft de bomen 1 t/m 32, 125 t/m 131, 134 t/m 137, 142 t/m 147, 150, 155 t/m 168, 173 t/m 190, 200, 303, 541 t/m 543 en 559 t/m 635. Bij het uitvoeren van de plannen zoals in het ontwerpdocument zijn aangegeven zijn deze bomen niet te behouden. Op basis van de boomveiligheidscontrole zijn 19 bomen afgekeurd. Deze bomen zijn afgestorven of er zijn gebreken bij de bomen aangetroffen waardoor de bomen niet te behouden zijn. 14 bomen betreffen Iepen waarbij mogelijk besmet zijn met Iepziekte. Het advies is om deze bomen zo snel mogelijk te verwijderen via een noodkapprocedure. Het betreft hier de bomen met de boomnummers 15, 16, 23, 86, 87, 174, 177, 178, 226, 232, 265, 266, 267 en 343. De bomen 273, 275, 350, 589 en 626 kunnen volgens een reguliere procedure binnen 6 maanden verwijderd worden.
Bovengronds In sommige gevallen zijn de bomen in de huidige situatie weinig opgekroond, zodat er onvoldoende werkruimte beschikbaar is. Bovendien kunnen laaghangende takken leiden tot een conflict bij de toekomstige bebouwing, inrichting van parkeerplaatsen of sportvelden. Indien nodig dienen de bomen voorafgaand aan de werkzaamheden gesnoeid te worden. Daarbij mag er maximaal kroonreductie van 20% per snoeibeurt plaatsvinden. Ook mogen de bomen niet eenzijdig gesnoeid worden zodat de bomen uit balans raken. De snoeimaatregelen dienen uitgevoerd te worden door een gecertificeerd European Tree Worker. Bomen 38 t/m 64 , 115 t/m 124, 132 en 133 Binnen de kroonprojectie van deze bomen wordt een riool aangelegd. Hierdoor ontstaat wortelschade bij de bomen. Bij de werkzaamheden dient met de volgende specifieke maatregelen rekening gehouden te worden: Het afzetten van wortels dient uitgevoerd te worden volgens de manier, zoals beschreven bij de algemene maatregelen voor werken rond bomen: door middel van een recht snijvlak, haaks op de lengterichting. Dit dient onder toezicht van een European Tree Worker (ETW'er) uitgevoerd te worden; Wortels vanaf 4 cm diameter mogen enkel met toestemming van de toezichthouder afgezet worden, wanneer dit noodzakelijk is om de werkzaamheden uit te kunnen voeren.
Wortels vanaf 8 cm diameter dienen altijd behouden te worden; Wanneer er wortels voor langere tijd bloot komen te liggen dienen deze afgedekt te worden om verdroging te voorkomen. Wanneer nodig dienen de wortels met watergiften vochtig gehouden te worden; Rond de stammen van de bomen dient voorafgaand aan de werkzaamheden (duurzame) stambescherming te worden aangebracht om de kans op schade aan de stammen van de bomen te minimaliseren.
16
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Bomen 191 t/m 199 Aan de zuidzijde van deze bomen wordt een bouwvak ingericht binnen de kwetsbare boomzone van de bomen. Bij de werkzaamheden dient met de volgende specifieke maatregelen rekening gehouden te worden: Het afzetten van wortels dient uitgevoerd te worden volgens de manier, zoals beschreven bij de algemene maatregelen voor werken rond bomen: door middel van een recht snijvlak, haaks op de lengterichting. Dit dient onder toezicht van een European Tree Worker (ETW'er) uitgevoerd te worden; Wortels vanaf 4 cm diameter mogen enkel met toestemming van de toezichthouder afgezet worden, wanneer dit noodzakelijk is om de werkzaamheden uit te kunnen voeren. Wortels vanaf 8 cm diameter dienen altijd behouden te worden; Wanneer er wortels voor langere tijd bloot komen te liggen dienen deze afgedekt te worden om verdroging te voorkomen. Wanneer nodig dienen de wortels met watergiften vochtig gehouden te worden; Rond de stammen van de bomen dient voorafgaand aan de werkzaamheden (duurzame) stambescherming te worden aangebracht om de kans op schade aan de stammen van de bomen te minimaliseren. Bomen 201 t/m 259 De sportvelden aan de zuidzijde van deze bomen worden vervangen door kunstgrasvelden, all weather velden of gravelvelden. Ten behoeve hiervan dient een cunet van 50 cm onder maaiveld uitgegraven te worden waardoor wortelschade kan ontstaan.
Bij de werkzaamheden dient met de volgende specifieke maatregelen rekening gehouden te worden: Het afzetten van wortels dient uitgevoerd te worden volgens de manier, zoals beschreven bij de algemene maatregelen voor werken rond bomen: door middel van een recht snijvlak, haaks op de lengterichting. Dit dient onder toezicht van een European Tree Worker (ETW'er) uitgevoerd te worden; Wortels vanaf 4 cm diameter mogen enkel met toestemming van de toezichthouder afgezet worden, wanneer dit noodzakelijk is om de werkzaamheden uit te kunnen voeren. Wortels vanaf 8 cm diameter dienen altijd behouden te worden; Wanneer er wortels voor langere tijd bloot komen te liggen dienen deze afgedekt te worden om verdroging te voorkomen. Wanneer nodig dienen de wortels met watergiften vochtig gehouden te worden; Rond de stammen van de bomen dient voorafgaand aan de werkzaamheden (duurzame) stambescherming te worden aangebracht om de kans op schade aan de stammen van de bomen te minimaliseren. Bomen 295 t/m 300 en 332 t/m 429 Het sportveld aangrenzend aan de locatie van deze bomen wordt eveneens vervangen voor een kunstgrasveld.
Ook hierbij dienen de volgende specifieke maatregelen in acht genomen te worden om de bomen duurzaam te kunnen behouden: Het afzetten van wortels dient uitgevoerd te worden volgens de manier, zoals beschreven bij de algemene maatregelen voor werken rond bomen: door middel van een recht snijvlak, haaks op de lengterichting. Dit dient onder toezicht van een European Tree Worker (ETW'er) uitgevoerd te worden; Wortels vanaf 4 cm diameter mogen enkel met toestemming van de toezichthouder afgezet 17
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
worden, wanneer dit noodzakelijk is om de werkzaamheden uit te kunnen voeren. Wortels vanaf 8 cm diameter dienen altijd behouden te worden; Wanneer er wortels voor langere tijd bloot komen te liggen dienen deze afgedekt te worden om verdroging te voorkomen. Wanneer nodig dienen de wortels met watergiften vochtig gehouden te worden; Rond de stammen van de bomen dient voorafgaand aan de werkzaamheden (duurzame) stambescherming te worden aangebracht om de kans op schade aan de stammen van de bomen te minimaliseren. Bomen 306 t/m 315 en 326 t/m 331 De huidige bebouwing aan de noordzijde van deze bomen wordt naar verwachting gesloopt om het gebied bouwrijp te kunnen maken. Bij de uitvoering van de werkzaamheden dienen de volgende specifieke maatregelen in acht genomen te worden om de bomen duurzaam te kunnen behouden: Het afzetten van wortels dient uitgevoerd te worden volgens de manier, zoals beschreven bij de algemene maatregelen voor werken rond bomen: door middel van een recht snijvlak, haaks op de lengterichting. Dit dient onder toezicht van een European Tree Worker (ETW'er) uitgevoerd te worden; Wortels vanaf 4 cm diameter mogen enkel met toestemming van de toezichthouder afgezet worden, wanneer dit noodzakelijk is om de werkzaamheden uit te kunnen voeren.
Wortels vanaf 8 cm diameter dienen altijd behouden te worden; Wanneer er wortels voor langere tijd bloot komen te liggen dienen deze afgedekt te worden om verdroging te voorkomen. Wanneer nodig dienen de wortels met watergiften vochtig gehouden te worden; Rond de stammen van de bomen dient voorafgaand aan de werkzaamheden (duurzame) stambescherming te worden aangebracht om de kans op schade aan de stammen van de bomen te minimaliseren; De eventuele sloop van de bebouwing dient naar binnenuit uitgevoerd te worden om de kans op schade aan kroon en stam te minimaliseren; Bij onvoldoende werkruimte dienen de bomen voorafgaand aan de werkzaamheden door een gecertificeerd European Tree Worker gesnoeid te worden. Bomen 515 t/m 524 Het gebied ten zuiden van deze bomen wordt bouwrijp gemaakt. Naar verwachting zullen de werkzaamheden op voldoende afstand van de bomen plaatsvinden. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient de kwetsbare boomzone bij deze bomen met bouwhekken afgezet te worden. Beperkte projectinvloed De werkzaamheden vinden naar verwachting op voldoende afstand plaats van de bomen met de boomnummers 33 t/m 37, 65 t/m 114, 138 t/m 141, 148, 149, 151 t/m 154, 169 t/m 172, 260 t/m 294, 301, 302, 304, 305, 316 t/m 325, 430 t/m 514, 525 t/m 540, 544 t/m 558 en 636 t/m 656.
Wanneer er werkzaamheden rond deze bomen plaatsvinden dient de kwetsbare boomzone van deze bomen met bouwhekken te worden afgezet zodat er geen werkzaamheden, opslag van materialen of rijbewegingen binnen deze zone plaatsvinden. Verder dienen de algemene maatregelen bij werken rond bomen in acht genomen te worden. Kabels en leidingen In het ontwerpdocument wordt niets beschreven over de aanleg van nutsvoorzieningen. Wanneer de werkzaamheden binnen de kwetsbare boomzone plaatsvinden kan dit van belemmerende invloed zijn 18
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
op het behoud van de bomen. Bij de aanleg mag niet meer dan 20% van de wortelprojectie verwijderd worden en mogen er geen wortels dikker dan 5 cm worden verwijderd. De te verwijderde wortels met een diameter kleiner dan 5 cm dienen haaks op de wortel te worden afgezaagd. De werkzaamheden rond de bomen worden onder toezicht van een European Tree Worker uitgevoerd. Bronnering Wanneer bronnering toegepast wordt in het groeiseizoen van de bomen (ruwweg maart tot oktober) kan dit van zeer belemmerende invloed op het behoud van de bomen zijn. Tot hoe ver in de omgeving de bronnering effect heeft, zal dan door een hydroloog bepaald moeten worden. Maatregelen om de effecten van bronnering in het groeiseizoen te beperken, kunnen bestaan uit het geven van water aan de bomen. Bodemverdichting Wanneer met (zwaar) materieel bovenop het wortelgestel van de geïnventariseerde bomen gereden wordt, leidt dit tot verdichting van de bodem. Ook wanneer bouw en sloopmateriaal binnen de kroonprojectie van de bomen wordt opgeslagen ontstaat verdichting. Wanneer de bodem te sterk verdicht wordt, (> 3 MPa) is het voor een boom onmogelijk om te wortelen. Verder wordt de diffusie tussen bodemgassen en de buitenlucht verstoord, waardoor wortelsterfte bij de bomen optreed. Binnen de kwetsbare boomzone mogen dan ook geen rijbewegingen van materieel of opslag van bouw- en sloopmaterialen plaatsvinden.
4.3 Algemene maatregelen bij werken rond bomen Om ervoor te zorgen dat er tijdens de bouwwerkzaamheden geen schade wordt aangericht aan de te handhaven bomen moeten er randvoorwaarden worden gesteld aan de wijze van werken en moeten er de nodige maatregelen worden getroffen. Als richtlijn voor de uitvoering moet op basis van de onderstaande punten worden gehandeld: Om alle te handhaven bomen, dienen (indien mogelijk) voor de werkzaamheden, op minimaal 1,5 meter buiten de kroonprojectie, vaste bouwhekken te worden geplaatst. Deze bouwhekken mogen tijdens de bouwwerkzaamheden niet worden verplaatst. Alleen in een uitzonderlijk geval, waarbij toestemming van de directie nodig is, mogen de bouwhekken worden verplaatst; Tijdens de bouwwerkzaamheden mogen geen bewegingen in welke vorm dan ook, opslag van materialen of bereiding van materieel plaats vinden binnen het beschermde boomgebied; Bij graafwerkzaamheden bij voorkeur 1,5 meter buiten de kroonprojectie blijven. Indien, vanwege het ontwerp, op kleinere afstand van de boom moet worden gegraven, geldt een minimale afstand van 10x de straal van de stamdiameter (gemeten op 1,30 m boven maaiveld); Grondwerkzaamheden binnen de leefomgeving van de bomen, mogen niet uitgevoerd worden onder natte omstandigheden.
Werken onder extreem natte omstandigheden heeft tot gevolg dat de bodem sterk verdicht en/of verslempt; Maaiveld ophogingen of verlagingen binnen het doorwortelbaar profiel zijn alleen buiten de in punt 1 genoemde gebieden toegestaan. Wortelschade dient in alle gevallen te worden voorkomen. In een uitzonderlijk geval, waarbij uitdrukkelijk de toestemming van de directie nodig is, mogen wortels worden afgezet. Dit dient in overleg met een deskundige (niveau European Tree Technician) plaats te vinden; Indien wortelkap of snoei noodzakelijk is dient dit te gebeuren door middel van een recht snijvlak, haaks op de lengte richting van de wortel/tak. Wortelkap bij wortels vanaf 5 cm diameter dient handmatig te worden uitgevoerd. De werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd onder
19
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
toezicht van een boomdeskundige; De grondwaterstand mag in principe niet fluctueren. Indien de grondwaterspiegel nabij de bouwkuip daalt, dient het wortelpakket met oppervlaktewater te worden bevloeid, om uitdroging te voorkomen. Er wordt een grondwatermonitoringsplan opgesteld. De aannemer wordt contractueel verplicht direct maatregelen te nemen, mocht de grondwaterstand te hoog of te laag worden; Maaiveldophogingen binnen het doorwortelbare profiel zijn niet toegestaan in verband met de zuurstofopname van de boom; Het is niet toegestaan om middels bijvoorbeeld, spijkers, schroeven, stroppen of klemmen enige bevestiging aan de boom aan te brengen; Transport van materieel en bouwstoffen mag uitsluitend via de vooraf bepaalde routes plaatsvinden; Opslag van materiaal mag uitsluitend op de vooraf vastgestelde plaatsen plaatsvinden; Bij aanleg van kabels, leidingen en rioleringen dient wortelschade voorkomen te worden; Het advies is om tijdens de uitvoering van de werkzaamheden van het project een boom technisch toezichthouder aan te stellen. Deze ziet toe op de naleving van de randvoorwaarden en geeft zo nodig advies.
4.4 Bomenbalans In deze paragraaf wordt beschreven welke bomen duurzaam zijn in te passen bij het uitvoeren van de werkzaamheden. Boomveiligheidscontrole Uit de resultaten van de boomveiligheidscontrole blijkt dat 19 bomen zijn afgekeurd. Met het oog op boomveiligheid dienen deze bomen te worden verwijderd. Bij de bomen 15, 16, 23, 86, 87, 174, 177, 178, 226, 232, 265, 266, 267 en 343 zijn aanwijzingen aangetroffen die kunnen duiden op Iepziekte. Deze bomen dienen zo snel mogelijk via een noodkapprocedure verwijderd te worden om de kans op verspreiding te minimaliseren. De bomen 273, 275, 350, 589 en 626 dienen via een normale procedure binnen 6 maanden te worden verwijderd. Te behouden bomen De volgende bomen zijn tijdens en na de voorgenomen werkzaamheden duurzaam te behouden, mits de in deze rapportage beschreven specifieke en algemene maatregelen ten uitvoer gebracht worden: Bomen met de boomnummers: 33 t/m 124, 132, 133, 138 t/m 141, 148, 149, 151 t/m 154, 169 t/m 172, 191 t/m 199, 201 t/m 302, 304 t/m 540, 544 t/m 558 en 636 t/m 656 Conclusie: Bomen te behouden Advies: Uitvoeren van de algemene en specifieke maatregelen Niet te behouden bomen Wanneer de plannen uitgevoerd worden zoals in het schetsontwerp is aangegeven zijn de volgende bomen niet te behouden:
20
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
Bomen met de boomnummers 1 t/m 32, 125 t/m 131, 134 t/m 137, 142 t/m 147, 150, 155 t/m 168, 173 t/m 190, 200, 303, 541 t/m 543 en 559 t/m 635 Conclusie: Bomen niet te behouden bij uitvoer plannen zoals het voorlopig ontwerp
21
BOMEN EFFECT ANALYSE SPORTPAD, ROELOFARENDSVEEN
5. Slotwoord Dit rapport is naar waarheid opgemaakt te Leiderdorp, 4 januari 2024. Dhr. F.C. Barneveld Boomtechnisch adviseur Pius Floris Boomverzorging Leiderdorp Dhr. A.C. van Polen European Tree Technician Pius Floris Boomverzorging Leiderdorp
22
Kaart met boomnummers <Standaard groep> Toekomstverwachting >15 jaar Toekomstverwachting 10-15 jaar Toekomstverwachting 5-10 jaar Toekomstverwachting <5 jaar Toekomstverwachting niet aanwezig Labels Label: BVC Bomen BVC <Standaard groep> inmeting_sportpad Projectgebieden Projectgebied Refentiekaarten Gemeentegrenzen Wijken Luchtfoto
N
20 m 1:1007
Kaart met boomnummers <Standaard groep> Toekomstverwachting >15 jaar Toekomstverwachting 10-15 jaar Toekomstverwachting 5-10 jaar Toekomstverwachting <5 jaar Toekomstverwachting niet aanwezig Labels Label: BVC Bomen BVC <Standaard groep> inmeting_sportpad Projectgebieden Projectgebied Refentiekaarten Gemeentegrenzen Wijken Luchtfoto
N
20 m 1:839
Kaart met boomnummers <Standaard groep> Toekomstverwachting >15 jaar Toekomstverwachting 10-15 jaar Toekomstverwachting 5-10 jaar Toekomstverwachting <5 jaar Toekomstverwachting niet aanwezig Labels Label: BVC Bomen BVC <Standaard groep> inmeting_sportpad Projectgebieden Projectgebied Refentiekaarten Gemeentegrenzen Wijken Luchtfoto
N
20 m 1:839
Kaart met boomnummers <Standaard groep> Toekomstverwachting >15 jaar Toekomstverwachting 10-15 jaar Toekomstverwachting 5-10 jaar Toekomstverwachting <5 jaar Toekomstverwachting niet aanwezig Labels Label: BVC Bomen BVC <Standaard groep> inmeting_sportpad Projectgebieden Projectgebied Refentiekaarten Gemeentegrenzen Wijken Luchtfoto
N
10 m 1:583
Bijlage 2a Inventarisatiegegevens Boomnr Boomsoort 1 Acer pseudoplatanus 2 Acer campestre 3 Acer campestre 4 Acer pseudoplatanus 5 Acer pseudoplatanus 6 Acer pseudoplatanus 7 Acer pseudoplatanus 8 Acer pseudoplatanus 9 Fraxinus excelsior 10 Acer campestre 11 Acer pseudoplatanus 12 Acer pseudoplatanus 13 Acer pseudoplatanus 14 Acer pseudoplatanus 15 Ulmus 16 Ulmus 17 Acer pseudoplatanus 18 Acer pseudoplatanus 19 Acer campestre 20 Acer pseudoplatanus 21 Acer campestre 22 Acer pseudoplatanus 23 Ulmus 24 Fraxinus excelsior 25 Acer pseudoplatanus 26 Acer pseudoplatanus 27 Acer pseudoplatanus 28 Acer campestre 29 Acer pseudoplatanus 30 Acer pseudoplatanus 31 Acer pseudoplatanus 32 Fraxinus excelsior 33 Fraxinus excelsior 34 Fraxinus excelsior 35 Fraxinus excelsior 36 Fraxinus excelsior 37 Fraxinus ornus 38 Ulmus 39 Crataegus 40 Acer campestre 41 Crataegus 42 Fraxinus excelsior 43 Fraxinus excelsior 44 Fraxinus excelsior 45 Acer campestre 46 Acer campestre 47 Acer campestre 48 Acer campestre 49 Fraxinus excelsior 50 Fraxinus excelsior 51 Fraxinus excelsior 52 Crataegus 53 Acer campestre 54 Fraxinus excelsior
Boomsoort Nederlands Gewone esdoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone es Veldesdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Iep Iep Gewone esdoorn Gewone esdoorn Veldesdoorn Gewone esdoorn Veldesdoorn Gewone esdoorn Iep Gewone es Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Veldesdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone esdoorn Gewone es Gewone es Gewone es Gewone es Gewone es Pluim es Iep Meidoorn Veldesdoorn Meidoorn Gewone es Gewone es Gewone es Veldesdoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Gewone es Gewone es Gewone es Meidoorn Veldesdoorn Gewone es
Boomtype Standplaats Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet
vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters
Stamdiameterklasse (cm)Stamdiameter (exact) Boomhoogteklasse (m)Kroondiameter Kroonstraal Conditie Toekomstverwachting 15-30 cm 26 12-18 mtr 7 3,5 Goed > 15 jaar 15-30 cm 19 6-12 mtr 6 3,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 20 6-12 mtr 6 3,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 26 12-18 mtr 3 1,5 Goed > 15 jaar 0-15 cm 11 12-18 mtr 3 1,5 Goed > 15 jaar 15-30 cm 25 12-18 mtr 7 3,5 Goed > 15 jaar 30-50 cm 36 18-24 mtr 9 4,5 Goed > 15 jaar 15-30 cm 18 0-6 mtr 3 1,5 Redelijk 10 - 15 jaar 15-30 cm 24 12-18 mtr 6 3,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 22 12-18 mtr 3 1,5 Goed > 15 jaar 15-30 cm 21 12-18 mtr 3 1,5 Goed > 15 jaar 15-30 cm 26 12-18 mtr 7 3,5 Redelijk 10 - 15 jaar 15-30 cm 16 6-12 mtr 7 3,5 Redelijk 10 - 15 jaar 15-30 cm 24 12-18 mtr 6 3,0 Redelijk 10 - 15 jaar 30-50 cm 30 12-18 mtr 6 3,0 Dood Niet aanwezig 0-15 cm 11 12-18 mtr 6 3,0 Dood Niet aanwezig 15-30 cm 26 12-18 mtr 7 3,5 Redelijk 10 - 15 jaar 30-50 cm 30 18-24 mtr 7 3,5 Redelijk > 15 jaar 30-50 cm 30 12-18 mtr 7 3,5 Goed > 15 jaar 30-50 cm 41 18-24 mtr 14 7,0 Redelijk > 15 jaar 15-30 cm 16 6-12 mtr 4 2,0 Redelijk 10 - 15 jaar 30-50 cm 31 18-24 mtr 10 5,0 Redelijk > 15 jaar 30-50 cm 30 18-24 mtr 8 4,0 Redelijk < 5 jaar 30-50 cm 32 18-24 mtr 10 5,0 Goed > 15 jaar 30-50 cm 37 18-24 mtr 11 5,5 Redelijk > 15 jaar 15-30 cm 29 12-18 mtr 7 3,5 Goed > 15 jaar 15-30 cm 16 12-18 mtr 6 3,0 Goed > 15 jaar 0-15 cm 13 6-12 mtr 5 2,5 Redelijk 10 - 15 jaar 30-50
cm 32 12-18 mtr 6 3,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 29 12-18 mtr 6 3,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 27 12-18 mtr 5 2,5 Goed > 15 jaar 50-100 cm 72 12-18 mtr 14 7,0 Goed > 15 jaar 50-100 cm 67 12-18 mtr 14 7,0 Goed > 15 jaar 50-100 cm 71 12-18 mtr 14 7,0 Goed > 15 jaar 50-100 cm 63 12-18 mtr 14 7,0 Goed > 15 jaar 50-100 cm 69 12-18 mtr 14 7,0 Goed > 15 jaar 30-50 cm 33 6-12 mtr 10 5,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 22 0-6 mtr 7 3,5 Redelijk 10 - 15 jaar 0-15 cm 11 6-12 mtr 4 2,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 23 6-12 mtr 7 3,5 Goed > 15 jaar 0-15 cm 13 0-6 mtr 4 2,0 Goed > 15 jaar 15-30 cm 16 12-18 mtr 7 3,5 Redelijk 10 - 15 jaar 15-30 cm 29 12-18 mtr 12 6,0 Redelijk 10 - 15 jaar 30-50 cm 43 18-24 mtr 12 6,0 Redelijk 10 - 15 jaar 30-50 cm 36 12-18 mtr 9 4,5 Matig 5 - 10 jaar 15-30 cm 29 12-18 mtr 7 3,5 Redelijk 10 - 15 jaar 30-50 cm 36 12-18 mtr 10 5,0 Redelijk 10 - 15 jaar 0-15 cm 9 0-6 mtr 5 2,5 Goed > 15 jaar 30-50 cm 35 12-18 mtr 10 5,0 Matig 10 - 15 jaar 30-50 cm 33 12-18 mtr 10 5,0 Redelijk 10 - 15 jaar 15-30 cm 26 12-18 mtr 9 4,5 Redelijk 10 - 15 jaar 0-15 cm 13 0-6 mtr 5 2,5 Goed > 15 jaar 30-50 cm 42 12-18 mtr 11 5,5 Matig 5 - 10 jaar 50-100 cm 55 12-18 mtr 14 7,0 Matig 5 - 10 jaar
Pius Floris Boomverzorging Leiderdorp | Sportpad Roelofarendsveen
Bijlage 2a Inventarisatiegegevens 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110
Acer campestre Acer campestre Fraxinus excelsior Crataegus Acer campestre Acer campestre Acer campestre Acer campestre Acer campestre Acer campestre Fraxinus excelsior Salix alba Salix alba Salix alba Quercus robur Quercus robur Quercus robur Quercus robur Quercus robur Quercus robur Quercus robur Quercus robur Quercus robur Quercus robur Fagus sylvatica Quercus robur Fraxinus ornus Crataegus Crataegus Fraxinus excelsior Acer campestre Ulmus Ulmus Crataegus Prunus avium Crataegus Crataegus Acer campestre Ulmus Ulmus Ulmus Ulmus Ulmus Ulmus Ulmus Ulmus Acer campestre Acer campestre Alnus glutinosa Ulmus Crataegus Fraxinus ornus Prunus avium Crataegus Fraxinus excelsior Salix alba
Veldesdoorn Veldesdoorn Gewone es Meidoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Veldesdoorn Gewone es Schietwilg Schietwilg Schietwilg Zomereik Zomereik Zomereik Zomereik Zomereik Zomereik Zomereik Zomereik Zomereik Zomereik Gewone beuk Zomereik Pluim es Meidoorn Meidoorn Gewone es Veldesdoorn Iep Iep Meidoorn Zoete kers Meidoorn Meidoorn Veldesdoorn Iep Iep Iep Iep Iep Iep Iep Iep Veldesdoorn Veldesdoorn Zwarte els Iep Meidoorn Pluim es Zoete kers Meidoorn Gewone es Schietwilg
Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Vormboom Ruw gras Vormboom Ruw gras Vormboom Ruw gras Vormboom Ruw gras Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters Niet vrij uitgroeiende boom Heesters