CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5. Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027 (incl. bijlage 1. Omgevingsanalyse)

Gemeenteraad 27 november 2023, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027 (VTH-beleid).9.673 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

|2024-2027

Gemeente Kaag en Braassem Cluster concernadvies Vastgesteld op: 27 november 2023 Treedt in werking op: 1 januari 2024

Bilderdam | Hoogmade | Kaag | Leimuiden | Nieuwe Wetering | Oud Ade | Oude Wetering | Roelofarendsveen | Rijnsaterwoude | Rijpwetering | Woubrugge

1. | Inhoud 1. Inleiding

03

1.1 Introductie 1.2 Reikwijdte 1.3 Wettelijke en beleidsmatige kaders 1.4 Beleidscyclus (Big 8) en kwaliteitscriteria. 1.5 Visie, missie, ambities en doelen 1.6 samenwerking

04 04 05 06 07 09

2. Omgevingswet

11

2.1 inleiding 2.2 Risico gestuurd werken 2.3 Strategie vergunningen 2.3.1 Omgevingswet en Wkb 2.4 Toezicht en handhaving 2.4.1 Handhaving onder de Wkb 2.4.2 Risico-gestuurd toezicht 2.4.3 Risico-gestuurd handhaven 2.4.4 Gebiedsgericht en themagericht handhaven

12 12 12 12 14 14 15 15 15

3. APV en bijzondere wetten

16

3.1 Algemene Plaatselijke Verordening (APV) 3.2 Vergunningverlening 3.2 Toezicht en handhaving

17 17 18

4. Toezichthouders / buitengewoon opsporingsambtenaren 4.1 Boa’s bij Kaag en Braassem 4.2 Inzet van onze boa’s

20 21

5. Uitvoering- en handhavingsorganisatie

22

5.1 Uitvoering- en handhavingsvoorwaarden 5.2 Werkprocessen

23 23

Bijlagen

Inhoudsopgave

19

24

02

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

1. | Inleiding

03

UitvoeringsUitvoeringsen enhandhavingsstrategie handhavingsstrategie Kaag Kaagen enBraassem Braassem

1.1 Introductie Voor u ligt onze Uitvoerings- en Handhavingsstrategie (verder U&H-strategie) voor de jaren 2024 tot en met 2027. Deze U&H-strategie bevat de weergave van hoe de gemeente Kaag en Braassem haar uitvoerings- (Vergunningen) en handhavingstaken (Toezicht en Handhaving) uitvoert en hoe we de interpretatieruimte die de wetgeving biedt willen invullen. Voorheen werd dit ook wel het VTH-beleid genoemd. Echter, met de aankomende inwerkingtreding van de Omgevingswet (verder Ow) en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (verder Wkb) is er in dit beleidsplan gekozen om alvast aan te sluiten bij de nieuwe terminologie en begrippen uit deze wetten. We gaan zelfs een stapje verder: voor deze U&H-strategie nemen we de Ow en de Wkb als norm, met daarbij een verwijzing (een terugblik) naar de huidige wetgeving. Hierdoor is de U&H-strategie werkbaar voor de huidige wettelijke regels en spelen we maximaal in op de aankomende inwerkingtreding van de nieuwe wettelijke grondslag per 1 januari 2024 1 | . Op deze manier hoeft de U&H-strategie tussentijds niet aangepast te worden.

Op basis van een terugblik op de oude beleidsplannen (zie bijlage A) hebben we voor het nieuwe beleid als uitgangspunt bepaald dat we vasthouden aan wat al goed is en/of goed gaat. Aangevuld met verbeteringen waar dit mogelijk en nodig is om te komen tot een kwalitatief hoogwaardige, efficiënte en effectieve inzet van mensen en middelen bij de uitvoering van onze Uitvoerings- en Handhavingstaken (verder U&H-taken). Bij de uitvoering van onze taken nemen we ook het coalitieakkoord ‘Samen bouwen aan de toekomst van onze dorpen’, de visie op dienstverlening en de kernwaarden van de organisatie in acht. De waarden ‘lef’, ‘toegankelijk en begrijpelijk/duidelijk’, ‘mensgericht’ en ‘innovatief en wendbaar’ en de betekenis erachter zitten verwerkt in onze manier van werken en zijn terug te vinden in onze uitgangspunten. In dit eerste hoofdstuk wordt achtereenvolgend een aantal algemene kaders toegelicht. Het betreft de reikwijdte van deze strategie, de wettelijke- en beleidsmatige kaders en de beleidscyclus. Daarna wordt, aan de hand van een schema, de visie, de missie/ambities en de doelen en activiteiten van onze U&H-strategie inzichtelijk gemaakt. Gevolgd door de gewenste resultaten, (meetbare) indicatoren en de actiepunten gedurende deze beleidsperiode.

Hiermee wordt invulling gegeven aan de (verbeter)punten die de provincie Zuid-Holland, in het kader van het interbestuurlijk toezicht, aan onze organisatie vraagt.

1.2 Reikwijdte Deze U&H-strategie geldt voor de taken die voortvloeien uit de: Ow en Wkb (voorheen/opvolger Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo); en; Algemene plaatselijke verordening (APV) en bijzondere wetten zoals de Alcoholwet, de Wet op de kansspelen en de Wet kinderopvang.

1 | De Eerste Kamer heft op 14 maart 2023 ingestemd met de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet en Wkb per 1 januari 2024.

Inleiding

04

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Voor zover het Ow/Wabo betreft is het vaststellen van uitvoerings- en handhavingsbeleid wettelijk verplicht (artikel 18.19 van de Omgevingswet in samenhang met artikelen 13.5 en 13.6 van het Omgevingsbesluit). Onder de Wabo betreft/betrof het artikel 7.2 van het Besluit omgevingsrecht (Bor). Voor de APV en de bijzondere wetten is het niet wettelijk verplicht om dergelijk beleid vast te stellen, maar is het niet ongebruikelijk om dat wel te doen. Het betreft een keuze van Kaag en Braassem om dit mee te nemen in de op basis van de Ow/Wabo verplichte U&H-strategie. Op deze manier zijn alle U&H-taken die een relatie hebben met de fysieke leefomgeving verenigd in één beleidsdocument. Het betreft taken waaraan een Vergunningen-, Toezicht- en/of Handhavingscomponent vastzit |2. Daarnaast draagt deze samenvoeging van de U&H-taken bij aan het realiseren van meer samenhang op bestuurlijke speerpunten zoals bijvoorbeeld de aanpak van ondermijning. Dit onderwerp is in essentie gerelateerd aan het taakveld openbare orde en veiligheid maar hebben, om goed te kunnen slagen, een nauwe relatie met vergunningverlening, toezicht en handhaving van de Ow/Wabo, de APV én de bijzondere wetten. In de voorliggende U&H-strategie wordt – voor zover relevant – aangehaakt bij het in november 2022 vastgestelde Integraal Veiligheidsbeleid 2023-2026 |3.

1.3 Wettelijke en beleidsmatige kaders Om onze taken binnen het vergunningenstelsel en op het gebied van toezicht en handhaving te kunnen uitvoeren kennen we onder meer de volgende wettelijke- en beleidskaders. Deze zijn niet uitputtend en aan verandering onderhevig:

Landelijk: Omgevingswet; • Besluit kwaliteit leefomgeving (BKL) • Besluit activiteiten leefomgeving (BAL) • Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL & Bouwbesluit 2012) • Omgevingsregeling (Mor) • Omgevingsbesluit (Ob) Alcoholwet Algemene wet bestuursrecht (Awb) Asbestverwijderingsbesluit 2005 Besluit brandveilig gebruik Erfgoedwet Gemeentewet Huisvestingswet 2014 Opiumwet Wet BIBOB Wet kwaliteitsborging bouw

Provinciaal: Omgevingsvisie Zuid-Holland (per 1 april 2023) Omgevingsprogramma Zuid-Holland (per 1 april 2023) Omgevingsverordening Zuid-Holland (per 1 april 2023) Provinciewet

Gemeentelijk: Algemene Plaatselijke Verordening Kaag en Braassem Integraal Veiligheidsbeleid 2023 - 2026 Erfgoedverordening gemeente Kaag en Braassem Legesverordening 2023

2|

Met uitzondering van het toezicht op en de handhaving van de Alcoholwet. Hiervoor wordt een apart (beleids)document opgesteld dat gekoppeld is aan het Preventie- en Handhavingsplan Alcohol, conform artikel 43a Alcoholwet.

3|

Vastgesteld bij raadsbesluit van 14 november 2022.

Inleiding

05

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

1.4 Beleidscyclus (Big 8) en kwaliteitscriteria. Door de toepassing van de BIG 8 beleidscyclus wordt beleid en uitvoering aan elkaar verbonden. De BIG 8 cyclus bestaat uit een strategische cyclus en een operationele cyclus. Het cyclische evaluatieonderdeel in deze cyclus zorgt ervoor dat beleid en uitvoeringspraktijk op elkaar aangesloten blijven en/of daar waar nodig kan worden bijgesteld.

In de strategische cyclus worden lange termijndoelstellingen bepaald zoals bijvoorbeeld het Raadsakkoord ‘Samen bouwen aan de toekomst van onze dorpen’ (2022-2026), de Omgevingsvisie Kaag en Braassem en deze Uitvoerings- en handhavingsstrategie. De beleidsvormende cyclus is voornamelijk het domein van de bevoegde gezagen, waarin de kaders geformuleerd kunnen worden voor het uitvoeringsprogramma. In de operationele cyclus is meer oog voor de korte termijn en bijbehorende onderwerpen en keuzes, zoals de planning, uitvoering en verslaglegging, waarbinnen sneller geschakeld kan worden. Onderdeel binnen deze uitvoeringscyclus is onder meer het jaarlijkse uitvoeringsprogramma en het jaarverslag. In het jaarlijkse uitvoeringsprogramma wordt vooruitgekeken naar de activiteiten die het komende jaar worden uitgevoerd. In het jaarverslag wordt gerapporteerd over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de ambities/doelen uit het beleid. Naar aanleiding van dit jaarverslag wordt het beleid bezien en zo nodig aangepast. Door de jaarlijkse terugblik in het jaarverslag en het jaarlijks vooruitkijken in het uitvoeringsprogramma blijft het beleid aansluiten op de praktijk en is het evaluatieonderdeel gedurende de looptijd van voorliggende beleidsnotities geborgd.

Door de toepassing van de Big 8 beleidscyclus kan wordt de Uitvoerings- en handhavingsstrategie verbonden aan de uitvoeringsprogramma’s, waarmee wordt voldaan aan de eisen gesteld in de kwaliteitscriteria en welke zijn opgenomen in hoofdstuk 13 van het Omgevingsbesluit.

De kwaliteitscriteria waar onze U&H-strategie minimaal aan moet voldoen zijn: • • • •

Prioriteitenstelling voor het verrichten van de werkzaamheden. (Uitvoeringsplan/werkplan) Een methode die wordt gebruikt om te bepalen of de doelen uit het beleid zijn behaald. (Evaluatieverslag) Criteria om te beoordelen van en het beslissen op aanvragen voor omgevingsvergunningen en het beoordelen van meldingen Werkwijze bij het verlenen van omgevingsvergunningen en het beoordelen van meldingen

Daarnaast: • • •

Inzicht in gemaakte afspraken met instanties en/of afspraken met andere instanties die belast zijn met (strafrechtelijke) handhaving De wijze waarop toezicht wordt gehouden De wijze waarop wordt gerapporteerd over bevindingen en/of constateringen

Inleiding

06

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

1.5 Visie, missie, ambities en doelen Met de uitvoering van onze U&H-taken wordt bijgedragen aan een veilige leefomgeving door erop toe te zien dat bestaande regels en voorschriften worden nageleefd. De gemeente kan echter niet toezien op de naleving van alle wet- en regelgeving waarvoor zij verantwoordelijk is. Dit betekent dat er keuzes moeten worden gemaakt.

Relevante vragen hierbij zijn: • • • • •

Hoe willen we uitvoering geven aan onze U&H-taken? Welke aandachtspunten spelen in de gemeente? Welke activiteiten achten we het meest risicovol? Wat wordt gehandhaafd en hoe wordt er gehandhaafd? Wat heeft prioriteit en wat heeft minder of geen prioriteit?

Voor het antwoord op deze vragen hebben we gekeken naar de ervaringen en evaluaties van voorgaande jaren (jaarverslagen) en hebben we een Omgevingsanalyse uitgevoerd (zie bijlage). Dit heeft geleid tot het formuleren van een visie, een missie/ambities (1 t/m 5) en daaraan gekoppelde activiteiten (a, b en c).

Missie De gemeente Kaag en Braassem streeft naar een veilige, gezonde, schone, woon-, werk- en leefomgeving, waarbij samen wordt gewerkt aan een duurzame toekomst.

Dit doen we onder andere door: • • • • •

De eigen verantwoordelijkheid van inwoners en bedrijven te bevorderen; Het naleefgedrag van inwoners en bedrijven te verbeteren en te borgen; Doeltreffend en efficiënt toezicht en handhaving in te zetten; De kwaliteit van de uitvoering van U&H-taken te optimaliseren; Servicegericht en professionele dienstverlening aan te bieden.

In de figuur hieronder is dit schematisch weergegeven. Tevens hebben we, om het draagvlak voor het Uitvoerings- en Handhavingsprogramma te vergroten, in september 2023 een vragenlijst verstuurd naar inwoners van de gemeente en deelnemers aan het Economisch Overleg Platform (EOP).

Figuur 1; schematische weergave missie en visie

1.Bevorderen eigen verantwoordelijkheid van inwoners en bedrijven

2. Borgen en verbeteren naleefgedrag van inwoners en bedrijven

a. Wabo*, Omgevingswet en Wkb-proof werken

a. Actieve en transparante communicatie

a. Vaststellen van handhavingsprioriteiten: constructieveveiligheid en brandveiligheid

a. Borgen en bevorderen kwaliteit organisatie en medewerkers

a. Borgen en bevorderen reactie- en beslistermijnen

b. Risico-gestuurd werken o.b.v. prioriteiten

b. Preventief handhaven op kleine ergernissen

b. Thema- en gebiedsgericht handhaven

b. Voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen voor de uitvoering van de U&H-taken

b. Helder communiceren

c. Inzet op tijdige en volledige aanvragen

c. Informatie- en datagestuurd handhaven

c. Actualiseren gemeentelijkbeleid

d. Participatie

d. Risico-gestuurd werken o.b.v. prioriteiten?

d. Optimaliseren werkprocessen

Inleiding

3. Doeltreffend en efficient handhaven

4. Optimaliseren kwaliteit uitvoering U&H-taken

5. Servicegericht en professioneel dienstverlenen

07

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Met uitvoeren van voorliggende U&H-strategie worden de volgende resultaten beoogd: •

De beschikbare capaciteit wordt ingezet daar waar onze kennis en kunde (het meest) nodig is, we maken daarbij gebruik van data daar waar mogelijk (1b, 3b, 3c, 3d);

•

Eigen verantwoordelijkheid en naleefgedrag van inwoners en bedrijven wordt gestimuleerd (2a en 2b);

•

(Preventieve) handhaving op basis van (bestuurlijke) thema’s (2b, 3a);

•

Een organisatie die oog heeft voor goede dienstverlening en kwaliteit (4a, 4b, 5a, 5b)

•

Een organisatie die voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen (4b);

•

Een organisatie waar kennis en kunde aanwezig is en de mensen beschikken over voldoende werkervaring (4a);

•

Een organisatie waar de verantwoordelijkheden laag zijn neergelegd, zodat snel en accuraat kan worden gehandeld (5a);

•

Nader uitgewerkte beleidskeuzes over de inzet van capaciteit voor vooroverleg, participatie onder de

•

Omgevingswet en de inzet van toezicht en handhaving op open en/of gesloten normen (1a);

•

Nader uitgewerkte beleidskeuzes over de handhavende rol van de gemeente onder de Wkb (1a);

•

Een organisatie die haar beleid en processen monitort, evalueert en bijstelt daar waar nodig of gewenst (4c, 4b).

Gedurende de beleidsperiode worden de ambities, activiteiten en de te behalen resultaten gemonitord. Hiervoor zijn per ambitie, actiepunten en/of indicatoren geformuleerd. In figuur 2 worden actiepunten en indicatoren (beknopt) weergegeven. De opgenomen ambities zijn gebaseerd op cijfers uit evaluatieverslagen. Een volledige weergave van de prioriteiten en indicatoren is opgenomen als bijlage. Deze bijlage bevat alle prioriteiten en actiepunten voor de nieuwe beleidsperiode. De jaarlijkse actiepunten en/of indicatoren krijgen een plaats in het jaarlijkse Uitvoeringsprogramma. Het betreft actiepunten naast de uitvoering van de reguliere (wettelijke) U&H-taken. De strategische keuzes die worden gemaakt ten aanzien van deze actiepunten hebben invloed op de hoogte van naleving binnen de gemeente Kaag en Braassem. Op basis van de prioriteit van een bepaalde activiteit wordt de toezichtsstrategie bepaald. Bijvoorbeeld welke controlefrequentie en diepgang het meest passend is. Door te bepalen welke strategie bij welke prioriteit past wordt een programmatische aanpak van handhaving mogelijk. Conform de jaarlijkse U&H-cyclus, volgt de jaarlijkse planning in het jaarlijkse Uitvoeringsprogramma.

Figuur 2; indicatoren ambities

Vergunningen

Aanvragen voor grote evenementen toetsen we altijd integraal incl. adviezen van onze partners.

In 60%-80% leidt vooroverleg of principeverzoek tot een volledige en juiste aanvraag.

Inleiding

Bezwaar en Beroep

Min.65% ongegronde bezwaren t.o.v. totaal aantal ingediende bezwaren.

Min. 75% ongegronde beroepen t.o.v. totaal aantal ingediende beroepen.

Toezicht en handhaving

Kwaliteit

Termijnen

Thema- en gebiedsgerichte handhaving: illegale bouw, ondermijning, huisvesting arbeidsmigranten op bedrijventreinen.

Binnen 21 dagen wordt een volledig constaterings- rapport gereed gemaakt.

≥ 90% van de evenementenvergunningen worden minimaal 3 weken van te voren verstrekt.

Achterstanden controles brandveiligheid worden ingehaald.

Op alle vergunningen en handhavingsbeschikkingen passen we het 4-ogen principe toe.

We streven om 100% van de aanvragen binnen de wettelijke beslistermijn te verlenen.

Gebouwen met minder zelfredzame mensen zijn t.a.v. brandveiligheid en constructieve veiligheid in orde (? objecten p.j.)

Jaarlijks wordt gerapporteerd over de Kwaliteitscriteria 2.3.

≤ 8 weken wordt gereageerd op een verzoek om handhaving.

08

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

1.6 Samenwerking De gemeente Kaag en Braassem werkt in het behalen van haar doelen samen met externe partners. Sommige taken worden ook uitbesteed aan samenwerkingspartners. Samenwerkingspartners zijn onder andere:

Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) Met de Veiligheidsregio zijn een aantal taken op het gebied van vergunningverlening en toezicht uitgevoerd met betrekking tot bouwen en brandveilig gebruik. Met de Veiligheidsregio zijn werkafspraken gemaakt over het leveren van diensten en eindproducten. Elk jaar stellen zij een uitvoeringsplan toezicht op. Wij kunnen hierop adviseren en onze jaarlijkse lokale wensen meegeven. Ook op het gebied van het verlenen van vergunningen voor evenementen is er een adviesrol weg gelegd voor de brandweer. Op het gebied van bouwen werken de gemeente en de brandweer daar waar mogelijk integraal. Opleveringscontroles en gebruikersmeldingen (brandveilig gebruik), worden afhankelijk van de aard, omvang en risico gezamenlijk dan wel separaat door de gemeente uitgevoerd en beide partijen hebben een zogenoemde oog- en oor functie voor elkaars taakvelden. De gemeente en Veiligheidsregio investeren daarbij in risicocommunicatie.

Omgevingsdienst West-Holland De Omgevingsdienst voert voor de gemeente Kaag en Braassem onder meer taken uit op het gebied van vergunningverlening en toezicht en handhaving op het gebied van milieu. Deze samenwerking is vastgelegd in een gemeenschappelijke regeling, waar naast de gemeente Kaag en Braassem, ook andere gemeenten uit de regio deel van uit maken. Belangrijk is dat er zowel op ambtelijk als op bestuurlijk niveau zal worden samengewerkt en dat afstemming van de werkzaamheden plaats zal vinden. De Omgevingsdienst West-Holland werkt volgens de Nota gemeentelijk Uitvoeringsbeleid Vergunningverlening en Toezicht & Handhaving Milieu. In deze nota is beschreven hoe de uitvoering van deze taken plaatsvindt en hoe de afstemming met de gemeente is. Voor het taakveld vergunningverlening beschrijft de nota het beleid voor het verlenen van toestemmingen (vergunningen, meldingen, ontheffingen en verklaringen van geen bedenkingen) op grond van de milieuwet- en regelgeving. Bij toetsing van een melding of beoordeling van een aanvraag wordt aangesloten bij lokaal beleid, zoals het geurbeleid. In het geval van een meervoudige vergunning wordt intensiever samengewerkt, waarbij de omgevingsdienst optreedt als adviseur voor het onderdeel milieu. Bij de inwerkingtreding van de Wabo zijn werkafspraken vastgelegd.

In aanloop tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden nieuwe werkafspraken gemaakt. Het taakveld toezicht en handhaving omvat alle activiteiten die zijn gericht op de naleving van rechtsregels of beëindiging van een overtreding van die regels. Doel van toezicht en handhaving is verbetering van de kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving door een beter naleefgedrag van burgers en bedrijven. De Omgevingsdienst sluit hierbij aan op de Landelijke Handhavingsstrategie. In de nota worden de kaders voor toezicht en handhaving vastgelegd en prioriteiten, doelstellingen en handhavingsactiviteiten bepaald. Toezicht en handhaving wordt programmatisch en daarmee planmatig en cyclisch uitgevoerd. In het jaarlijkse werkplan worden de prioriteiten voor de betreffende gemeente bepaald. Dit gebeurt in overleg met de gemeente op basis van het lokale omgevingsprofiel. De samenwerking vindt plaats op lokaal en regionaal niveau. Als voorbeeld, op het niveau van de Veiligheidsregio zijn er in Hollands Midden afspraken gemaakt over hoe samen op te treden en te communiceren bij incidenten en calamiteiten. Ook zijn er afspraken met strafrechtelijke handhavingspartners (politie, OM). Met de gemeente vindt ook afstemming plaats. Soms vooraf, bij het voorbereiden van een integrale controle.

De regie bij het uitvoeren van integrale controles ligt overwegend bij de gemeente, tenzij in samenwerkingsafspraken anders is bepaald. Soms vindt de afstemming achteraf plaats, bij het delen van bevindingen.

Inleiding

09

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Op 31 okt. 2022 heeft het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst het bestaande beleid verlengd voor de jaren 2023 en 2024. Tevens hebben zij opdracht gegeven voor het maken van een gemeentelijk uitvoeringsbeleid onder de Omgevingswet voor de periode 2025-2028. In 2023 start de Omgevingsdienst met een gehele herziening van het uitvoeringsbeleid voor de periode 2025-2028. Dit proces wordt in samenspraak met de gemeentelijke deelnemers uitgevoerd.

Politie en OM Met de politie en het Openbaar Ministerie (OM) zijn geen formele samenwerkingsafspraken gemaakt. De burgemeester is belast met de handhaving van de openbare orde in zijn/haar gemeente. Samen met de officier van justitie (OM) en teamchef van de politie vormt zij de lokale driehoek. In dit driehoeksoverleg worden afspraken gemaakt over de inzet van politie op de lokale prioriteiten en de aanpak van criminaliteit. Voor de lokale invulling heeft de burgemeester ook een structureel veiligheidsoverleg met de teamchef van de politie. E.e.a. is vastgelegd in regionale en lokale planvorming (Regionaal Beleidsplan en het lokale Integraal Veiligheidsbeleid). Op basis van het Integraal Veiligheidsplan en de omgevingsanalyse wordt er jaarlijks een uitvoeringsplan opgesteld waarin concreet wordt uitgewerkt wanneer wie welke acties oppakt voor de verschillende prioriteiten. Daarnaast is de politie als adviseur betrokken bij het verlenen van diverse vergunningen en het adviseren over bestuursrechtelijke maatregelen, daar waar dat nodig is. Daarnaast heeft samenwerking met de politie intensief plaatsgevonden gedurende evenementen. Op grond van de Gemeentewet heeft de burgemeester bevoegdheden m.b.t. het handhaven van de openbare orde en veiligheid. Zij wordt hierin geadviseerd door de politie en OM.

Dit heeft niet alleen betrekking op evenementen, maar ook op woonoverlast, jeugdoverlast, drugshandel op straat, gebiedsontzeggingen, overtredingen Opiumwet, en andere verstoringen van de openbare orde en veiligheid.

Hoogheemraadschap van Rijnland De gemeente Kaag en Braassem kent verschillende raakvlakken met het Hoogheemraadschap van Rijnland op onderwerpen uit de U&H-strategie. Eenmaal per 4 maanden vond er overleg plaats met het Hoogheemraadschap betreffende actuele zaken. Daar waar nodig zochten beiden partijen elkaar op voor afstemming. Daarnaast organiseren wij samen met het Hoogheemraadschap een waterspreekuur met een frequentie van eens per vier weken. Ook op het gebied van vergunningverlening hebben beiden partijen raakvlakken met elkaar. Wanneer vanuit een bestemmingsplan waterstaatkundige belangen blijken, wordt advies bij het HHR gevraagd. Dit gebeurt soms direct vanuit de gemeente en soms indirect via een adviesvraag door de aanvrager. Watervergunningen, afgegeven door het Hoogheemraadschap, kunnen samenhang hebben met omgevingsvergunningen, waarvoor het college van B&W bevoegd gezag is. In voorkomende gevallen kan dat leiden tot het achteraf alsnog aanvragen van een omgevingsvergunning.

Interne samenwerking Op projectbasis en op basis van ad-hoc werkzaamheden is intern samengewerkt met diverse gemeentelijke afdelingen. Binnen de organisatie zijn enkele wijzigingen doorgevoerd. De verwachting is dat onderlinge samenwerking en integraliteit hiermee zal worden vergroot. De lijst met genoemde samenwerkingspartners is niet uitputtend. Op lokaal, decentraal en landelijk niveau zijn er nog andere partners te benoemen waar in meer of mindere mate mee wordt samengewerkt. Voorbeelden hiervan zijn onder meer het Haags Economisch Interventie Team (HEIT), de Nederlandse Arbeidsinspectie en de Belastingdienst.

Inleiding

10

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

2. | Omgevingswet

11

UitvoeringsUitvoeringsenenhandhavingsstrategie handhavingsstrategie Kaag KaagenenBraassem Braassem

2.1 inleiding Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. De reikwijdte van de Omgevingswet gaat ver en heeft ook impact op de uitvoerings- en handhavingstaken binnen de gemeente Kaag en Braassem. Binnen vergunningverlening gaat het onder andere om vergunningen voor de bouw en verbouw van bouwwerken, afwijkingen van het bestemmings-/omgevingsplan, en het toezicht hierop. Ook de kap van bomen, de sloop en het brandveilig gebruik van panden vallen onder de reikwijdte van de Omgevingswet. Bij toezicht zal het meer gericht zijn op de controle op de juiste uitvoering van verleende vergunningen en/of bouwwerken welke zijn gerealiseerd zonder vergunning of door strijdig gebruik met het bestemmings-/ omgevingsplan.Wanneer er een overtreding in het proces wordt geconstateerd bestaat de mogelijkheid om handhavend op te treden door middel van het nemen van een reparatoire sanctie, opdat de overtreding wordt beëindigd.

2.2 Risico gestuurd werken Het doel van de Omgevingswet is onder meer om initiatiefnemers meer ruimte te geven bij de totstandkoming van initiatieven. Dit gaat gepaard met meer verantwoordelijkheid voor de initiatiefnemers. Overheden, bedrijven en burgers zijn samen (meer) verantwoordelijk voor een veilige en gezonde leefomgeving. Deze gedachtenlijn komt terug in het risicogestuurd werken. Dit betekent namelijk dat de schaarse beschikbare capaciteit daar wordt ingezet waar de risico’s het grootst zijn en de beschikbare kennis en deskundigheid daar wordt ingezet waar de behoefte het grootst is. Om afgewogen keuzes te kunnen maken over de inzet van capaciteit hebben we een omgevingsanalyse uitgevoerd. We hebben ons hierbij gericht op de verschillende gebiedstypologieën en een analyse gedaan op de voorkomende problematiek en bijkomende risico’s. Uit deze analyse is een prioriteitenlijst ontstaan waarbij we de verschillende activiteiten hebben geprioriteerd van ‘Zeer laag’ tot ‘Zeer hoog’. Verderop in dit document hebben we risicosturing verder uitgewerkt.

2.3 Strategie vergunningen In de afgelopen jaren zien we een stijgende lijn in het aantal aanvragen dat wordt ingediend bij de gemeente. In 2022 hebben we in totaal 500 vergunningplichtige activiteiten behandeld, waarbij het merendeel omgevingsvergunningen bouwen betrof (294). De verwachting is dat dit de komende jaren zal toenemen. Daarnaast heeft de gemeente in het raadsakkoord ‘Samen bouwen aan de toekomst van onze dorpen’, de ambitie opgenomen om de komende jaren meer beschikbare woningen voor inwoners te realiseren door meer woningen te bouwen. Daarnaast constateren we een toenemende complexiteit van de wensen van inwoners en bedrijven. Dit is in lijn met de Omgevingswet, waarbij het uitgangspunt is om te kijken naar wat wel kan en de omslag van ‘nee, tenzij’ naar ‘ja, mits’. In het voorgaande beleid hebben we hier al invulling aan gegeven met onder meer het afwijkingenbeleid.

2.3.1 Omgevingswet en Wkb Een stijging van het aantal aanvragen en de toename in complexiteit van de wensen van de indieners zorgt ervoor dat de doorlooptijden langer duren en de uitdaging groot is om binnen de wettelijke beslistermijnen te komen tot een besluit. Het grootste deel van de aanvragen onder de Omgevingswet vallen onder de reguliere procedure, waardoor er een beslistermijn van acht weken geldt. Er is een mogelijkheid om deze termijn eenmalig met zes weken te verlengen. Wanneer geen besluit wordt genomen binnen de wettelijke beslistermijn, kan het college in gebreke worden gesteld. Wanneer het college dan alsnog niet tijdig een besluit neemt, verbeurt het college aan de aanvrager een dwangsom (artikel 4:17 Awb e.v.). Het verlenen van een vergunning van rechtswege vervalt met de komst van de Omgevingswet.

Omgevingswet

12

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Deze vereenvoudiging betekent dat veel sneller duidelijk wordt of een vergunning kan worden verleend. Beoogd is dat de voorbereiding van een omgevingsvergunning onder de Omgevingswet zoveel mogelijk in de voorfase plaatsvindt. Dit is voor het indienen van de officiële aanvraag en heeft als doel dat er met een kortere beslistermijn kan worden volstaan. Er zijn nog wel mogelijkheden waarbij de uitgebreide procedure alsnog van toepassing is. In het geval de aanvrager dit verzoekt, of met dit verzoek instemt, én wanneer er activiteiten zijn die aanzienlijke gevolgen voor de omgeving kunnen hebben en waarvan de verwachting is dat verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen hebben, kan het college besluiten dat de uitgebreide procedure van toepassing is indien de aanvrager tevens is gehoord.

Vooroverleg Omdat de Omgevingswet vraagt om een integrale afweging en het gros van de aanvragen onder de reguliere procedure zullen vallen en daarmee een beslistermijn van acht weken is gemoeid, is een zorgvuldig proces noodzakelijk. Een integrale afweging van initiatieven met bestuurlijke (keten)partners en belanghebbenden in de vorm van een vooroverleg zal worden geïmplementeerd. Wanneer echter sprake is van zeer complexe casuïstiek, waarbij uit de intake blijkt dat een regulier vooroverleg mogelijk niet afdoende is om de wettelijke beslistermijn te kunnen behalen, vraagt dit om een meer uitgebreide intake- en omgevingstafel.

Participatie Onder de Omgevingswet wordt participatie bij een vergunningsaanvraag een indieningsvereiste. Op deze wijze worden de belangen van belanghebbenden beter verwerkt in het plan, én het stimuleert initiatiefnemers om informatie te verschaffen aan de omgeving en andere belanghebbenden. Dit geldt alleen voor buitenplanse omgevingsactiviteiten. Voor bepaalde gevallen is de bevoegdheid gegeven aan de gemeenteraad om buitenplanse omgevingsactiviteiten aan te wijzen waarbij het verplicht is te participeren met de omgeving voordat de aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt ingediend. Wanneer dit niet wordt gedaan kan de aanvraag buiten behandeling worden gelaten.

Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Gelijk met de inwerkingtreding van de Omgevingswet treedt ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking. De invoering van de Wkb heeft tot gevolg dat er in het kader van vergunningverlening geen bouwtechnische toets meer plaatsvindt voor bouwwerken welke vallen onder gevolgklasse 1. Deze toetsing valt na inwerkingtreding van de Wkb onder (de) verantwoordelijkheid van de private kwaliteitsborger. Voor het bouwen van een bouwwerk vallend onder gevolgklasse 1 dient vier weken voor het begin van de bouwwerkzaamheden een melding te worden gedaan bij het bevoegd gezag. Deze melding wordt gecontroleerd op compleetheid en/of ontvankelijkheid. Daarnaast voorziet het bevoegde gezag de kwaliteitsborger van de lokale risico’s op basis van de locatie specifieke omstandigheden.

Omgevingswet

13

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Toetsingskaders vergunningverlening De behandeling en beoordeling van vergunningaanvragen komen tot stand aan de hand van vaste toetsingskaders en uitgangspunten. Deze komen voort uit wetgeving en/of vastgesteld beleid:

Wetgeving/regelgeving Omgevingswet, Omgevingsbesluit en Omgevingsregeling, Algemene wet bestuursrecht (Wabo, Bor, Mor) Besluit Bouwwerken Leefomgeving BBL Omgevingsplan Afwijkingsbeleid/beleidsregels afwijken omgevingsplan Meldingen sloop en asbestverwijdering Wet aanpak woonoverlast Lokale wetten, regels en beleid

Uitgangspunten We werken transparant door het toepassen van vaste toetsingskaders Door deugdelijke processen borgen we uniformiteit We communiceren helder en transparant Vooroverleg krijgt een actieve rol Aanvragen worden voortvarend opgepakt en binnen de termijnen afgehandeld

2.4 Toezicht en handhaving Wanneer een vergunning is afgegeven of een officiële melding is ingediend of ontvangen ten aanzien van een bouwwerk onder de Wkb, kan gemeentelijk toezicht en handhaving worden ingezet. Daarnaast wordt ook toezicht gehouden op de naleving van wet- en regelgeving uit bijvoorbeeld het bestemmingsplan (omgevingsplan). Toezicht en handhaving kan daarnaast ook plaatsvinden om het gedrag van inwoners en bedrijven te beïnvloeden en te bevorderen.

2.4.1 Handhaving onder de Wkb Door de invoering van de Wkb zullen bouwwerken vallend onder gevolgklasse 1 niet of zeer beperkt worden gecontroleerd tijdens de feitelijke uitvoering. Hiervoor zal meer een rol voor de private kwaliteitsborger zijn weggelegd en zal de gemeente een meer toetsende rol hebben richting de kwaliteitsborger en de compleetheid van verschillende dossiers. Deze nieuwe rol biedt de gemeente ook kansen om bepaalde keuzes te maken in haar beleid.

Een aantal van deze keuzes zijn hieronder weergegeven: •

Bij welk type bouwwerk wil de gemeente worden betrokken? Artikel 2.20 van het Bbl biedt de mogelijkheden om voor specifieke bouwwerkzaamheden en de momenten waarop deze worden uitgevoerd gegevens en bescheiden op te vragen, wanneer dit met het oogmerk is om risico’s van het te bouwen bouwwerk te beperken.

•

De kwaliteitsborger heeft de verplichting om strijdigheden te melden bij de gemeenten. De gemeente heeft beleidsvrijheid over de wijze waarop deze meldingen worden opgepakt. Dit kan bijvoorbeeld een verbod zijn op de ingebruikname van het bouwwerk maar ook een fysieke controle.

•

Wanneer de bouwwerkzaamheden zijn afgerond dient na gereedmelding de gemeente een akkoord te geven op het ‘dossier bevoegd gezag’. De gemeente Kaag & Braassem kan er dan voor kiezen om voor dit akkoord het dossier inhoudelijk te beoordelen middels een fysieke controle.

Omgevingswet

14

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

2.4.2 Risico-gestuurd toezicht Om de beschikbare capaciteit dusdanig in te zetten dat dit het grootste effect teweegbrengt wordt er ook risico-gestuurd toezicht gehouden. Dit betekent dat waar de risico’s hoger zijn, meer intensief toezicht wordt gehouden. De uitgevoerde omgevingsanalyse (zie bijlage) is hiervoor leidend. Hoe hoger de opgenomen risico’s, hoe intensiever het toezicht. Wanneer risico’s laag of lager zijn, kan het gebeuren dat er geen of steekproefsgewijs toezicht wordt gehouden.

2.4.3 Risico-gestuurd handhaven Naast het houden van toezicht hebben de gemeentelijke toezichthouders ook een rol op het gebied van handhaven. Zij sporen actief misstanden op, bijvoorbeeld op het gebied van illegale bouw of andere activiteiten. Meldingen vanuit de omgeving kunnen hieraan ten grondslag liggen maar ook verzoeken tot handhaving of andere signalen uit de omgeving. In beginsel heeft de gemeente de plicht om handhavend op te treden wanneer een overtreding geconstateerd is | 4 . De gemeente Kaag en Braassem werkt ook op het gebied van handhaven risicogestuurd omdat de capaciteit niet afdoende is om alle overtredingen te kunnen behandelen. Daarom is in de omgevingsanalyse ook rekening gehouden met de gevolgen, risico’s en aard van de overtreding in combinatie met de negatieve effecten die kunnen optreden wanneer er niet wordt gehandeld of opgetreden. Dit is ook in lijn met de landelijke handhavingsstrategie, wat uiteraard ook één van de instrumenten is die we toepassen als het gaat over toezicht en handhaving. Om de overtreding te beëindigen kunnen verschillende maatregelen op grond van de Algemene wet bestuursrecht worden opgelegd. Het doel is hierbij om de situatie terug te brengen naar de rechtmatige situatie zoals opgenomen in vergunningsvoorwaarden of (lokale) wet- en regelgeving. Dergelijke sancties zijn reparatoir van aard.

Ook bestraffende maatregelen kunnen mogelijk van toepassing zijn, afhankelijk van de aard van de overtreding. Over het algemeen zal in beginsel gebruik worden gemaakt van een last onder dwangsom.

Verzoek tot handhaving Wanneer een verzoek tot handhaving wordt ingediend mag de gemeente, op basis van jurisprudentie, gemotiveerd een prioritering aanbrengen om zo doelmatig te kunnen handhaven. Dit betekent echter niet dat handhavingsverzoeken ten aanzien van lagere prioriteiten per definitie niet worden opgepakt | 5 . Slechts onder bijzondere omstandigheden mag de gemeente weigeren om handhavend op te treden. Dit kan zich voordoen wanneer er concreet zicht op legalisering bestaat of wanneer handhavend optreden zodanig onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen, dat het bestuursorgaan van optreden in die concrete situatie behoort af te zien | 6 .

2.4.4 Gebiedsgericht en themagericht handhaven Onder gebiedsgericht toezicht verstaan we het houden van toezicht binnen een specifiek fysiek gebied, kern of wijk. Een bepaald plangebied, een straat of wijk wordt geselecteerd voor integrale controle. Dit betekent dat dan in dat gebied specifiek controles plaatsvinden op overtredingen. Naast het reguliere toezicht en de handhaving daarop kunnen er ook bestuurlijke speerpunten zijn die vragen om de inzet van toezicht en handhaving.

In het raadsakkoord heeft de gemeente Kaag & Braassem de volgende thema’s geprioriteerd: •

Het aanpakken van ondermijning waaronder aanpak drugsproblematiek.

•

Het vergroten van de weerbaarheid van onze inwoners en ondernemers.

•

Het versterken van de verbinding tussen veiligheid en het sociale domein.

| 4 ECLI:NL:RVS:2019:1216 | 5 ABRvS 17 juni 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1410 | 6 ABRvS 26 januari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:256

Omgevingswet

15

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

3. | APV en bijzondere wetten

16

UitvoeringsUitvoeringsen enhandhavingsstrategie handhavingsstrategie Kaag Kaagen enBraassem Braassem

3.1 Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Een van de instrumenten voor de gemeente Kaag en Braassem om activiteiten in de leefomgeving aan regels te binden is de APV. In de APV staan plaatsgebonden (lokale) activiteiten genoemd welke niet op andere wijze gereguleerd kunnen worden. Denk hierbij aan evenementen of locatie specifieke omstandigheden. Daarnaast is er ook andere wetgeving die de burgemeester of het college de bevoegdheid geeft om vergunningen en/of ontheffingen te verlenen en daar toezicht op te houden. Voorbeelden hiervan zijn de Alcoholwet en de Wet op de kansspelen. In de APV staan ook diverse bevoegdheden om op te treden bij verstoringen van de openbare orde, zoals opleggen van gebiedsverboden, het opleggen van een last onder dwangsom drugshandel op straat en bij vervoer inbrekerswerktuigen, etc.

3.2 Vergunningverlening Soms is het noodzakelijk om voor bepaalde activiteiten een vergunning of ontheffing te krijgen op grond van de APV. Denk hierbij aan het organiseren van een evenement of het exploiteren van een horecaonderneming. Door deze vergunningplicht dan wel ontheffing op te leggen en te verlenen kunnen maatregelen worden gevraagd of beperkingen worden opgelegd om zo de openbare orde en veiligheid te waarborgen.

Evenementen In de APV zijn kaders vastgelegd ten aanzien van de activiteiten waarvoor een evenementenvergunning aangevraagd dient te worden. Evenementen dragen bij aan de leefbaarheid van de gemeente Kaag en Braassem en kennen een grote maatschappelijke waarde. Bij het verlenen van een vergunning wordt advies ingewonnen bij ketenpartners zoals de Veiligheidsregio Hollands Midden, de GHOR, de ODWH en de politie. Na het verrichten van een analyse van de ingediende stukken en het ingewonnen advies kan een afgewogen keuze worden gemaakt ten aanzien van de vergunningsaanvraag en de voorschriften die daarin worden opgenomen. Evenementen kunnen ook ruimtelijk relevant zijn. Bij de beoordeling wordt onder andere gekeken naar de omvang van het evenement, of het jaarlijks terugkerend is en hoe vaak deze locatie wordt gebruikt voor andere evenementen. Het kan nodig zijn om dit te borgen in het bestemmingsplan.

Alcoholwet Voor openbare inrichtingen waar alcoholhoudende drank wordt geschonken is een Alcoholwetvergunning verplicht. Hierbij valt te denken aan: •

Horecaondernemingen (Café, restaurant)

•

Verenigingen en stichtingen

•

Slijterijen

Tevens kent de alcoholwet ook een ontheffing voor de verstrekking van zwak alcoholhoudende dranken bij bijzondere gelegenheden (zoals evenementen).

Exploitatievergunning De exploitatievergunning biedt de gemeente Kaag en Braassem de mogelijkheid om te onderzoeken en te toetsen of de mogelijke exploitatie van een horecabedrijf zich verhoudt ten opzichte van de omgeving waarin zij zich heeft gevestigd of wil vestigen. Hierbij wordt de relatie met het bestemmingsplan onderzocht evenals aspecten zoals het type horeca, de mate van overlast die kan worden verwacht, de verkeerssituatie, etc. Hiermee kan de gemeente overlast gevende/veroorzakende horeca aanpakken en de leefomgeving beschermen. De nadere regels hiervan zijn vastgelegd in het ‘Uitvoeringsbesluit exploitatievergunning openbare inrichtingen gemeente Kaag en Braassem’.

APV en bijzondere wetten

17

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Wet Bibob Om te voorkomen dat de gemeente onbedoeld criminele activiteiten faciliteert, wordt door de gemeente de wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur (Bibob) toegepast. Wanneer het vermoeden bestaat dat middels een vergunning of een aangevraagde vergunning strafbare feiten worden gepleegd of dat geld verkregen uit strafbare feiten wit wordt gewassen, kan op basis van de wet Bibob een vergunning worden ingetrokken of niet worden verleend.

Standplaatsvergunningen De Marktverordening Kaag en Braassem heeft alleen betrekking op de weekmarkt in Roelofarendsveen. Er ligt wel een voornemen om nadere regels op te stellen voor de (vaste en seizoensgebonden) standplaatsen in de gemeenten, maar dit zal in een nieuw op te stellen standplaatsbeleid moeten gebeuren.

3.2 Toezicht en handhaving Voor de (controle op) naleving van de regels is toezicht en handhaving nodig. Toezicht wordt als preventief middel ingezet waarbij het doel is om zonder sanctionering overtredingen te voorkomen. Door middel van informeren, voorlichting, constatering en waarschuwing kan (bestuursrechtelijk) handhaven vaak worden voorkomen. Bestuursrechtelijke maatregelen kunnen altijd nog worden opgelegd, indien handhaving toch noodzakelijk wordt geacht.

APV en bijzondere wetten

18

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

19

UitvoeringsUitvoeringsen enhandhavingsstrategie handhavingsstrategie Kaag Kaagen enBraassem Braassem

4.1 Boa’s bij Kaag en Braassem Door de aanwezigheid en de zichtbaarheid van toezichthouders en buitengewoon opsporingsambtenaren wordt een belangrijke rol vervuld in het borgen van de leefbaarheid en de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. Inwoners worden gestimuleerd om zich aan de regels te houden, worden aangesproken op verantwoordelijkheden en indien nodig kan er handhavend worden opgetreden. De toezichthouders/boa’s hebben een breed instrumentarium wat zij kunnen gebruiken bij de uitoefening van hun taken. Zij kunnen bestuursrechtelijke en/of strafrechtelijke instrumenten gebruiken, welke variëren van het uitdelen van een waarschuwing tot aan het opleggen van boetes of dwangsommen. Door de nauwe samenwerking met ketenpartners hebben ze een integrale blik in de leefomgeving. De boa’s van de gemeente houden onder meer toezicht op de APV, bijzondere wetten maar ook bijvoorbeeld de Wegenverkeerswet. Daarnaast kunnen zij worden ingezet bij evenementen om de naleving van vergunningsvoorschriften te waarborgen en hebben zij een signaalfunctie (ogen/oren) bij andere relevante gemeentelijke thema’s zoals ondermijning.

4.2 Inzet van onze boa’s Het aanbod van capaciteit en middelen van de boa’s en toezichthouders is niet voldoende om aan alle vraag te voldoen. Het aantal thema’s, prioriteiten en meldingen overschrijdt het aanbod. Om de inzet van de boa’s zo efficiënt mogelijk te maken streeft de gemeente Kaag en Braassem naar gebiedsgericht- en risicogericht toezicht. Op deze wijze kan naar behoren worden gehandeld naar actualiteiten en kan de capaciteit worden ingezet daar waar het meeste effect wordt behaald en/of het meest gewenst is. Daarbij moet ook de kanttekening worden geplaatst dat het werk van boa’s en toezichthouders ook bepaald wordt door maatschappelijke ontwikkelingen. Rekening moet gehouden worden met het feit dat de vooropgestelde prioriteiten mogelijk worden ingehaald worden door de actualiteit. De ambitie op het gebied van toezicht en handhaving komt tevens ook terug in het Integraal Veiligheidsbeleid van de gemeente Kaag en Braassem, hoofdstuk 3.5.

In het Integraal Veiligheidsbeleid zijn onder meer de volgende ambities opgenomen welke aansluiten op onze Uitvoerings- en handhavingsstrategie: •

Gebiedsgericht en informatiegestuurd werken

•

Vergroten zichtbaarheid toezicht en handhaving

•

Ketensamenwerking

Informatie gestuurd toezicht Met informatie gestuurd toezicht wordt bedoeld het inzetten van capaciteit daar waar het op basis van verzamelde data nodig is. Als data goed wordt geïnterpreteerd en geanalyseerd leidt dit tot een betere inzet van de toezichtscapaciteit. Relevante informatie voor deze analyse is onder meer de data uit vorige kalenderjaren, ingediende meldingen en klachten, signalen van ketenpartners en andere partijen en eigen constateringen.

Risico gestuurd toezicht Naast informatie gestuurd toezicht wordt ingezet op risicogestuurd toezicht. Dit zijn onder meer bestuurlijke speerpunten, geprioriteerde beleidsterreinen en andere risico’s die zich voordoen op het moment dat daar geen toezichts-capaciteit op wordt ingezet.

Uitbreiding taken boa’s Vanuit de overheid worden steeds meer toezichtstaken opgedragen aan gemeenten. Zo heeft de Rijksoverheid in samenspraak met de VNG een pilot gestart waarin onderzocht wordt of de politietaken inzake kleine verkeersovertredingen over kunnen gaan naar het zogenoemde Domein I van de Boa’s en daarmee overgaan naar de gemeenten.

Toezichthouders / buitengewoon opsporingsambtenaren

20

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Het betreft: •

geen of onjuiste fietsverlichting voeren

•

het negeren van rood licht door fietsers en voetgangers

•

handheld-telefoongebruik door fietsers

De pilot is in 2021 gestart in de gemeente Utrecht en naar aanleiding van de evaluatie per januari 2023 uitgebreid naar de gemeenten Breda, Harderwijk, Schouwen-Duiveland, Venlo en Zaanstad. Naar verwachting neemt de minister in de loop van 2023 een besluit. De VNG is voorstander van het overhevelen van deze taak. Indien deze taak van de politie over gaat naar de gemeenten zal dit gevolgen hebben voor de capaciteit en inzet van de Boa’s en daarmee ook het gemeentelijke budget. In het verleden zijn eerder taken overgeheveld naar gemeenten zonder daaraan ook financiële middelen te verbinden. Het is zaak hier richting de VNG scherp op te blijven. Indien deze taak daadwerkelijk bij de gemeentelijke Boa’s wordt belegd heeft dit gevolgen voor de formatie. Dit zal in het jaarlijks op te stellen Uitvoeringsplan worden weergegeven en mogelijk leiden tot een voorstel tot uitbreiding van de formatie, dan wel het herprioriteren van de werkzaamheden.

Toezichthouders / buitengewoon opsporingsambtenaren

21

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

5. | Uitvoering- en handhavingsorganisatie

22

UitvoeringsUitvoeringsen enhandhavingsstrategie handhavingsstrategie Kaag Kaagen enBraassem Braassem

Tot de kerntaken van de gemeente behoort het nemen van besluiten aan de hand van vergunningsaanvragen, het houden van toezicht en het toepassen van handhavingsinstrumenten. De gemeente Kaag en Braassem heeft deze taken ondergebracht bij het cluster Juridische zaken & veiligheid. In dit hoofdstuk gaan we in op de capaciteit & middelen en de functies, taken en verantwoordelijkheden van de verschillende functionaliteiten.

5.1 Uitvoering- en handhavingsvoorwaarden Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 wordt de Wet Vergunningen, Toezicht en Handhaving integraal overgeheveld naar afdeling 18.3 van de Omgevingswet. In de Wet VTH worden de randvoorwaarden voor gemeenten en provincies geschetst om te komen tot een hogere kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving of om deze te behouden. Hiervoor zijn kwaliteitseisen en criteria ontwikkeld. Zo is er een landelijk kader ontwikkeld over de minimale eisen waar de uitvoering en handhaving aan moet voldoen.

Functiescheiding Binnen de verschillende teams zijn de vergunningen-, toezichts- en handhavingstaken op functieniveau gescheiden. Dit is belangrijk om bevoegdheden van elkaar te scheiden. Zo wordt voorkomen dat bijvoorbeeld een vergunning wordt verleend door dezelfde medewerker die er ook toezicht op houdt. In het aanwijzingsbesluit toezichthouders zijn enkele vergunningverleners als toezichthouder aangewezen.

Vastgelegde taken en verantwoordelijkheden In het functiehuis van de gemeente Kaag en Braassem zijn de functieomschrijvingen en de taken en verantwoordelijkheden van de medewerkers vastgelegd. Daarnaast zijn verschillende bevoegdheden door het college van B&W gemandateerd aan medewerkers, die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van hun taak.

Actueel beleid Door het vaststellen van het voorliggende beleid en de hieraan gekoppelde Uitvoeringsprogramma’s en Jaarverslagen, wordt voldaan aan de wettelijke kwaliteitseis waarop wordt toegezien door de provincie in het kader van Interbestuurlijk toezicht.

5.2 Werkprocessen De uitvoering van de U&H taken geschiedt conform vastgelegde werkprocessen. In het kader van de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wkb zijn deze processen aan verandering onderhevig. Deels zijn de werkprocessen al vernieuwd. In de komende periode en in de eerste periode van de nieuwe beleidsperiode zullen er nog diverse wijzigingen plaatsvinden aan de inhoud en werkwijze van verschillende werkprocessen.

Bereikbaarheid Voor bepaalde excessen en klachten moet de gemeente buiten kantoortijden bereikbaar zijn. Onze gemeente is bereikbaar via de mail, via het contactformulier op de website www.fixi.nl/kaag-en-braassem en middels een storingsnummer (06 51 50 85 63).

Kwaliteitscriteria VTH Met het vaststellen van de verordening Verordening kwaliteit vergunningverlenging, toezicht en handhaving omgevingsrecht Kaag en Braassem 2017 heeft de gemeenteraad vastgelegd dat de gemeente streeft om aan de kwaliteitscriteria te voldoen. Met de inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving zal ook deze verordening aan verandering onderhevig zijn. Deze zal dan, net als vele andere verordeningen, opnieuw opgemaakt en vastgesteld moeten worden.

Uitvoerings en handhavingsorganisatie

23

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Bijlagen Bijlage 1. | Omgevingsanalyse Bijlage 2. | Werkplan 2023 en evaluatieverslag 2022 Bijlage 3. | Analyse vragenlijst

24

UitvoeringsUitvoeringsen enhandhavingsstrategie handhavingsstrategie Kaag Kaagen enBraassem Braassem

Bijlage 1. Prioritering VTH-taken Een prioritering van de VTH-taken geeft de gemeente Kaag en Braassem de mogelijkheid om de beschikbare capaciteit en middelen daarin te zetten waar uit analyse blijkt dat deze de grootste meerwaarde hebben of het grootste effect behalen. Om deze prioritering weloverwogen tot stand te laten komen hebben we een analyse uitgevoerd met als uitgangspunt de geografische kenmerken van de gemeente Kaag en Braassem. Deze analyse hebben we aangevuld met een kwantitatieve probleemanalyse ten aanzien van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving in de verschillende onderscheiden deelgebieden, de bekende en/of veronderstelde problemen en/of gepleegde overtredingen in het taakveld. De gemeente Kaag en Braassem is een zeer diverse gemeente met verschillende gebiedstypen. In de omgevingsanalyse maken we gebruik van de gebiedstypen die ook in onze Omgevingsvisie zijn opgenomen. Op deze wijze sluiten we ook aan bij de stelselwijzigingen die op 1 januari 2024 van kracht worden, de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Zie voor een uitgebreide beschrijving van de gemeente Kaag en Braassem en de in de omgevingsvisie opgenomen deelgebieden: https://omgevingsvisie-kaag-en-braassem-kuipercompagnons.hub.arcgis.com/

Omgevingsanalyse De Omgevingsanalyse is een instrument dat we hebben toegepast om de (toekomstige) ‘Omgeving’ zo goed en volledig mogelijk in beeld te brengen. Met de (toekomstige) ‘Omgeving’ bedoelen we de omgeving binnen de gemeente Kaag en Braassem in de meest brede zin, het gehele grondgebied (fysieke leefomgeving/openbare ruimte) met al haar kenmerken (gebouwen, bewoners/ bedrijven/instellingen, natuur etc.) waarvan we (niet) weten of, en in hoeverre hier sprake is van risico’s en/of risicovolle activiteiten en/of ontwikkelingen.

De Omgevingsanalyse bestaat uit een (1) Gebieds-, (2) Probleemen een (3) Risicoanalyse. Op basis van de Omgevingsanalyse kunnen we bepalen waar gedurende deze beleidscyclus onze prioriteiten leggen voor de uitvoering van onze toezicht- en handhavingstaken (hierna: T&H-taken). De Omgevingsanalyse hebben we uitgevoerd door workshops te houden met een vertegenwoordiging van de ambtelijke uitvoeringsorganisatie (de inhoudelijke vakspecialisten).

Bijlage 1

25

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Hieronder volgen de uitkomsten van de gebieds- en probleemanalyse. Onze gemeente kan grofweg in vijf verschillende soorten gebied worden opgedeeld, namelijk het buitengebied, water, glastuinbouwgebieden, bedrijventerreinen en de kernen. Deze gebieden komen ook terug in de Omgevingsvisie 2.0 van de gemeente Kaag en Braassem. Het gebiedstypen water zal worden toegevoegd aan de Omgevingsvisie 3.0. Per gebied benoemen we eerst de specifieke kenmerken en benoemen we vervolgens de huidige problemen/aandachtpunten. Door middel van de risicoanalyse geven we vervolgens aan met welke problemen/aandachtspunten we de komende vier jaar bij de uitvoering van onze U&H-taken rekening houden. Om het draagvlak van de omgevingsanalyse te vergroten hebben we tevens een vragenlijst uitgezet onder inwoners van de gemeente en bij het Economisch Overleg Platvorm (EOP). In totaal hebben 171 inwoners en 11 deelnemers van het EOP de vragenlijst ingevuld. De uitkomsten hiervan zijn meegenomen in de prioritering.

I. Buitengebied Kenmerken •

Droogmakerij, Veenweide, Wijde Aa zone, Drechtzone, Kagerplassen-gebied, Agrarische linten

•

Agrarische bebouwing

•

Open landschap

•

Agrarisch productielandschap

•

Landschappelijke waarden

•

Natuurlijke waarden

•

Recreatie

Bijlage 1

26

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Aandachtspunten •

Huisvesting arbeidsmigranten

•

Onrechtmatig wonen in bedrijfswoning

•

Strijdig gebruik bedrijfspanden & Ondermijning

•

Illegale bouw

•

Bodemkwaliteit

•

Overlast en bewoning recreatiewoningen

II. Glastuinbouwgebieden Kenmerken •

Landschappelijke waarden

•

Productiegebied

•

Provinciaal beleid

Aandachtspunten •

Onrechtmatig wonen in bedrijfswoning

•

Verhuurde kassen en bedrijfsgebouwen

•

Huisvesting arbeidsmigranten

•

Strijdig gebruik & Ondermijning

•

Illegale reclame

•

Nevenactiviteiten

III. Bedrijventerreinen Kenmerken •

Goede bereikbaarheid

•

Verschillende typen bedrijfsvoering

•

Belangrijk voor de lokale economie

Aandachtspunten •

Ondermijning

•

Huisvesting arbeidsmigranten

•

Parkeren

•

Functiemenging

•

Keurmerk veilig ondernemen

•

Evenementen

•

Wonen

•

Milieu

•

Brandveiligheid

•

Onwenselijke bedrijfsvoering

•

Bedrijfsverzamelgebouwen

Bijlage 1

27

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

IV. Kernen Kenmerken •

Roelofarendsveen/Oude Wetering, Leimuiden, Nieuwe Wetering, Rijnsaterwoude, Woubrugge, Hoogmade, Rijpwetering/Oud Ade

•

Lintbebouwing

•

Recreatie

•

Horeca

•

Beschermde gezichten

•

Erfgoed

•

Mengfunctie wonen, werken en recreëren

Aandachtspunten •

Strijdig gebruik

•

Evenementen

•

Horeca

•

Lintbebouwing

•

Recreatie overlast

•

Ondermijning

•

Huisvesting arbeidsmigranten

•

Verkeersveiligheid

•

(Jeugd)overlast

•

Parkeren

•

Reclame

V. Water Kenmerken •

Braassemermeer, Kromme Does, Wijde Aa, Woudwetering, Leidse Vaart, Oude Wetering, Drecht, Kagerplassen

•

Recreatie

•

Leefbaarheid

•

Natuur

•

Bedrijvigheden, jachthavens

Aandachtspunten •

Overlast recreatie

•

Snelvaren

•

Afvaldumping/-lozing

•

Vaarwegbeheer

Bijlage 1

28

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Risicoanalyse Voor de risicoanalyse hebben we de (risicovolle) activiteiten in kaart gebracht. We maken hierbij onderscheid in vergunningverlening en toezicht & handhaving.

Vergunningverlening Wabo De toets bij de aanvragen Wabo-vergunningen spitst zich toe op de ruimtelijke aspecten en een technische beoordeling op de veiligheid, waarbij de nadruk ligt op de brandveiligheid en de constructieve veiligheid. De diepgang van de andere technische beoordelingsaspecten is afhankelijk van de aard, omvang en gebruik van het aangevraagde bouwwerk. Daarbij is er aandacht voor politiek gevoelige onderwerpen en ‘de historie’ van een locatie.

Vergunningverlening APV en Bijzondere Wetten In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat bij de beoordeling van aanvragen op grond van de APV en Bijzondere Wetten in beginsel wordt getoetst wat het negatieve effect is op veiligheid, gezondheid en leefbaarheid. Daarnaast wordt op bepaalde onderwerpen ook getoetst wat de financiële achtergrond is in verband met ondermijningsrisico’s. De komende beleidsperiode zal dit laatste aspect nader uitgewerkt worden, zoals ook is opgenomen in het inmiddels vastgestelde veiligheidsbeleid.

Meer specifiek: •

Exploitatievergunning – we toetsen het effect op de woon- en leefomgeving. We screenen ook de ondernemers om ondermijning of ander ongewenst gedrag te voorkomen in verband met een eventueel bestuurlijk risico.

•

Alcoholwetvergunning – We toetsen gericht op veiligheid en gezondheid; een speerpunt is het voorkomen van drankmisbruik onder o.a. jongeren.

•

Aanwezigheidsvergunningen – We toetsten op aspecten van veiligheid en gezondheid (gokverslaving).

•

Evenementen – We toetsen gericht op veiligheid en gezondheid, leefbaarheid en bestuurlijk.

•

Standplaatsen en ligplaatsen – We toetsen op een combinatie van leefbaarheid, veiligheid en ruimtelijke kwaliteit.

•

Overig – De toetsing is veelal gericht op ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid.

Toezicht & Handhaving Niet iedere activiteit die wordt ontplooid kent dezelfde risico´s als er iets misgaat en/of als wij onze T&H-taken op deze activiteiten niet zouden uitvoeren. Om inzicht te krijgen in het risico als wij onze T&H-taken op deze activiteiten niet uitvoeren, is er aan de hand van zes landelijke criteria gekeken naar (de impact van) de mogelijke negatieve effecten.

Wij hebben hierbij de volgende negatieve effecten onderscheiden: •

Veiligheid & Gezondheid: Fysiek letsel (doden/gewonden) dat direct ontstaat & eventuele schade aan de gezondheid van de mens.

•

Leefbaarheid: De beleving van bewoners als het gaat om het gevoel van onveiligheid en eventuele verloedering.

•

Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie: De kwaliteit van de fysieke leefomgeving en (cultureel) erfgoed.

•

Bestuurlijk(imago): Imagoschade van een eventuele calamiteit of het in stand houden van een illegale situatie. Ontstaan van een afbreuk aan de geloofwaardigheid, betrouwbaarheid en de integriteit van het gemeentebestuur.

•

Financieel/economisch: Schade voor (door) de gemeente (te vergoeden) als gevolg van de calamiteit.

•

Duurzaamheid: Afbreuk en schade aan de kwaliteit van het leefmilieu (milieuvervuiling) als gevolg van een verstoring/calamiteit).

Bijlage 1

29

Uitvoeringsen handhavingsstrategie Kaag en Braassem

Scorebepaling Aan de hand van de weging is per activiteit een ‘Risicoscore’ bepaald. Deze risicoscore geeft per activiteit aan of het negatieve effect ‘Groot’, ‘Gemiddeld’ of ‘Klein’ is. Vervolgens is afgewogen wat de kans is op een overtreding op het moment dat wij onze U&H-taken niet zouden uitvoeren. Ook hiervoor is per activiteit een afweging gemaakt of deze ‘Groot’, ‘Gemiddeld’ of ‘Klein’ is. De afweging van het negatieve effect maal de kans heeft uiteindelijk geleid tot een ‘prioriteit’ van ‘Zeer Hoog’, ‘Hoog’, ‘Gemiddeld’, ‘Laag’ of ‘Zeer Laag’ (zie figuur hiernaast).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=90a04b47-0786-4a67-b9b3-6624a3b5cabd