CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Memo geurbelasting schapen 23-03-2021

Gemeenteraad 12 juli 2021, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Bestemmingsplan Herenweg 23 Rijnsaterwoude2.141 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Buro SRO B.V. ’t Goylaan 11 3525 AA Utrecht Telefoon: 030-2679198 BTW nummer: NL8187.16.071.B01 KvK nummer: 30232281 IBAN:NL44RABO0142154024

Memo geurbelasting schapen in relatie tot Herenweg 23 Rijnsaterwoude

datum:

23 maart 2021

projectmedewerker:

Dhr. mr. J.J. van Nuland

betreft:

Woningbouw Herenweg 23

Inleiding Onderhavige memo gaat in op o.a. de geuraspecten als gevolg van het bedrijfsmatig houden van schapen op het perceel Herenweg 19 in relatie tot een woningbouwontwikkeling op de locatie Herenweg 23 in Rijnsaterwoude. Op dit moment bevindt zich op de locatie Herenweg 23 een vrijstaande woning met enkele bijgebouwen. Het bijgebouw dat zich aan de achterzijde van het perceel bevindt was voorheen grotendeels in gebruik als kantoor, terwijl het noordelijke deel van dat bijgebouw een carport is. Het voornemen is om de bijgebouwen te verwijderen om ter plaatse een levensloopbestendige woning te realiseren. Hiertoe wordt het perceel in de lengte gesplitst in twee percelen. Dit initiatief past niet binnen de mogelijkheden van het ter plaatse geldende bestemmingsplan 'Buitengebied Oost'. Het voorgenomen plan is door middel van een principeverzoek reeds beoordeeld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Kaag en Braassem, waarbij in beginsel positief is gereageerd op de voorgenomen ontwikkeling. In het kader van het bestemmingsplan is de discussie ontstaan of met de bouw van de nieuwe woning in voldoende mate afstand gehouden wordt van de westelijk gelegen schapenstal en de bijbehorende mestplaat op het perceel Herenweg 19.

Bestaande situatie met het perceelsgedeelte van de nieuwe woning en het te slopen bijgebouw

Beoogde nieuwe situatie (bron: Lafour Architecten, d.d. 10-06-2020, bewerkt door Buro SRO)

Beoogde nieuwe situatie (bron: Lafour Architecten, d.d. 10-06-2020)

Activiteitenbesluit Het Activiteitenbesluit kent een zogenaamde dubbele normstelling. Dat wil zeggen de geurbelasting van de schapen mag niet te hoog zijn, dit wordt berekend met V-stacks en de afstand van de stal tot een geurgevoelig object met niet minder dan 25 meter bedragen. De afstand van 25 meter is bepaald in artikel 3.119 Activiteitenbesluit. De beoogde woning voldoet niet aan de afstand van 25 meter. Artikel 3.119 lid 2 voorziet in een uitzonderingsmogelijkheid. Het eerste lid is niet van toepassing, indien de afstand van de buitenzijde van het dierenverblijf tot de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object niet afneemt, en a.

bij een dierenverblijf als bedoeld in artikel 3.115 het aantal dieren per diercategorie met geuremissiefactor niet toeneemt en de geurbelasting die de inrichting op enig geurgevoelig object veroorzaakt niet toeneemt;

b.

bij een dierenverblijf als bedoeld in artikel 3.116 het aantal dieren per diercategorie met geuremissiefactor niet toeneemt, de geurbelasting die de inrichting op enig geurgevoelig object veroorzaakt niet toeneemt en de afstand tot een geurgevoelig object niet afneemt, indien die kleiner is dan de afstand, genoemd in artikel 3.116, eerste lid, of pagina 2 van 7

c.

bij een dierenverblijf als bedoeld in artikel 3.117 het aantal dieren per diercategorie zonder geuremissiefactor niet toeneemt en de afstand tot een geurgevoelig object niet afneemt, indien die kleiner is dan de afstand, genoemd in artikel 3.117, eerste lid.

Eenvoudig gezegd kan afgeweken worden van de 25 meter indien in een nieuwe situatie de onderlinge afstand niet afneemt en de geurbelasting niet toeneemt. Onderlinge afstand Om te bepalen wat de onderlinge afstand is moet eerst bepaald worden waartussen gemeten moet worden. In praktijk is dit tussen de buitengevel van de stal en de gevel van het geurgevoelige object waar deze afstand het kortst is. Hieruit volgt de vraag wat moet aangemerkt worden als geurgevoelig object. Op locatie is momenteel een woning aanwezig en bijbehorende bouwwerken. Het bijbehorende bouwwerk op het achterterrein is opgericht en in gebruik geweest als kantoor. Dit was al het geval voordat de schapenstal is gebouwd. In de uitspraak van 12 juni 2013 (ECLI:NL:RVS:2013:CA2878) heeft de Raad van State onder r.o. 2.3 overwogen dat uit de wetsgeschiedenis (Kamerstukken II 2005/06, 30 453, nr. 3, blz. 17) blijkt dat met de term 'bestemd' wordt bedoeld dat het gebouw juridischplanologisch mag worden gebruikt voor wonen of verblijf. Dat kan het geval zijn indien het bestemmingsplan de woning een bestemming voor woondoeleinden geeft, maar ook - zoals hier - indien het gebruik ingevolge persoonsgebonden overgangsrecht van het bestemmingsplan is toegestaan.

In beide gevallen gaat het om een planologisch rechtmatig gebruik dat, indien ook aan de andere daarvoor geldende voorwaarden wordt voldaan, onder het beschermingsregime van de Wgv valt. Uit deze uitspraak kan herleid worden dat wanneer een object gebruikt wordt voor wonen en verblijf het valt onder het beschermingsregime van de Wgv. Daarmee kan ook in deze casus betoogd worden dat het huidige bijbehorende bouwwerk op de achtererfgrens geurgevoelig is en daarmee maatgevend. Dat dit zo kan, blijkt uit r.o. 2.9.3. van de uitspraak van de Raad van State van 4 juli 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:BX0291). Hier was de Raad van Strate van oordeel dat een garage voor menselijk verblijf mag worden gebruikt. Het college had zich op het standpunt gesteld dat de garage niet permanent of een daarmee vergelijkbare wijze van gebruik, voor verblijf wordt gebruikt, en om die reden niet als een geurgevoelig object kan worden aangemerkt. Het lag echter wel op de weg van het college dit te onderzoeken. Ook hieruit blijkt dat een permanent gebruik of een daarmee vergelijkbaar gebruik maakt dat ook een bijbehorend bouwwerk als geurgevoelig kan worden aangemerkt. Rechtbank Oost-Brabant zag zich voor een vergelijkbare vraag gesteld. In die casus was het de vraag of een garage annex berging deel is van de woning.

In casu ging het om een (verwarmde) ruimte, die helemaal in gebruik is als berging, waar fietsen en huishoudelijke apparatuur staan. De ruimte werd ook gebruikt door kinderen. Er was ook een aanrecht met twee kranen aanwezig en een toegangsdeur als achteringang van de woning. De rechtbank oordeelde hier: “13. De rechtbank ziet zich dan ook gesteld voor de vraag of de garage annex berging kan worden aangemerkt als een deel van het geurgevoelig object. Gelet op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 13 februari 2013 (ECLI:NL:RVS:2013:BZ1290) is bepalend of sprake is van een ruimte waarbinnen langdurig kan of zal worden verbleven.

pagina 3 van 7

Gelet op de stukken en het verhandelde ter zitting was voldoende aannemelijk gemaakt dat in de ruimte langdurig werd verbleven. De derde-partij gebruikte de ruimte als onderdeel van de woning. Het gebruik is structureel en vindt plaats door dezelfde personen zodat sprake is van langdurige blootstelling. Gelet hierop is de ruimte een geurgevoelig object. Uit het bovenstaande kan worden herleid dat de bestaande bijbehorende bouwwerken aangemerkt kunnen worden als geurgevoelig. Daarmee wordt in de huidige situatie al niet voldaan aan de minimale afstand van 25 meter. Hiermee is het mogelijk onder de voorwaarden van artikel 3.119 lid 2 na te gaan of de sloop van de opstallen en de nieuwbouw van de woning op de beoogde plek mogelijk is. Vaststaat dat de nieuw te bouwen woning op een iets grotere afstand van de schapenschuur komt te staan dan het huidige bijgebouw (die dienst deed als kantoor). Daarmee neemt de afstand van de geurgevoelige bebouwing tot de schapenstal niet af. Het aantal dieren dat gehouden wordt wijzigt ook niet als gevolg van deze aanvraag. Het aantal dieren ligt ook vast middels in de vergunning van de betreffende agrariër. Geurbelasting Daarnaast is het de vraag of de geurbelasting toeneemt. Hiervoor is een V-stacks berekening uitgevoerd (zie ook bijlage 1).

Hieruit blijkt dat er geen toename is van de geurbelasting en dat ook voldaan wordt aan de wettelijke normen. Brongegevens: Volgn

BronID

X-coord.

Y-coord.

Schapenstal

105 823

469 053

r.

1

Geur gevoelige locaties: VolgGGLID nummer 2 Herenweg 23 3 Herenweg 25 4 Herenweg 21 5 Kantoor Herenweg 23 6 Nieuwe woning

EP

Gem.geb.

EP

EP Uittr.

E-

Hoogte

hoogte

Diam.

snelh.

Aanvraag

1,5

4,5

0,50

0,40

468

Xcoördinaat 105 849 105 841 105 861 105 840

Ycoördinaat 469 051 469 035 469 062 469 048

Geurnorm 8,0 8,0 8,0 8,0

Geurbelasting 1,0 1,0 0,9 1,0

105 839

469 043

8,0

0,9

Geconcludeerd kan worden dat voor wat betreft geur voldaan kan worden aan de vereiste van de bepalingen in het Activiteitenbesluit en dat op locatie een goed woon- en leefklimaat heerst. Het Activiteitenbesluit staat dan ook niet in de weg aan de voorgenomen ontwikkeling. Mestplaat Bij het achterliggende bedrijf is een vaste mestopslag aanwezig. Op grond van artikel 3.46, eerste lid onder a van het Activiteitenbesluit moet een opslag van vaste mest op minimaal 100 meter zijn gesitueerd van geurgevoelige objecten gelegen binnen de bebouwde kom. Voor buiten de bebouwde kom geldt een afstand van 50 meter.

pagina 4 van 7

In de huidige situatie wordt al niet aan deze situatie voldaan. De afstand van de vaste mestopslag tot de bestaande woning aan de Herenweg 23 bedraagt circa 27 meter, zie onderstaande afbeelding.

Afstand mestopslag tot bestaande woning

De nieuw te realiseren woning kent, tot aan de mestopslag, een vergelijkbare afstand, zie onderstaande afbeelding.

Afstand mestopslag tot beoogde woning

In artikel 3.46, tweede lid van het Activiteitenbesluit staat dat de afstandseis niet van toepassing is indien het opslaan van vaste mest reeds op 1 januari 2013 plaatsvond en verplaatsing redelijkerwijs niet gevergd kan worden. Aantoonbaar is dat de mestopslag voor 2013 is gerealiseerd. Strikt genomen moet het bedrijf aantonen dat verplaatsing redelijkerwijs niet gevergd kan worden. De vaste mestopslag moet, tenzij de inrichtinghouder kan aantonen dat verplaatsing redelijkerwijs niet kan worden gevergd, worden verplaatst naar minimaal 50 meter van bestaande geurgevoelige objecten. Omdat in casu er nimmer klachten zijn geweest heeft het bevoegd gezag tot op heden de houder van de mestplaat er nog niet op aangesproken dat een verplaatsing van de mestopslag moet plaatsvinden. Ook de huidige bewoners hebben nimmer geurklachten gehad of hinder ondervonden. Hoewel, strikt genomen, een afstand van 50 meter aangehouden moet worden heeft de wetgever voorzien in een overgangsregeling. Daarmee is indirect aangegeven dat ook met een mestopslag op een afstand van kleiner dan 50 meter er wel sprake kan zijn van een

pagina 5 van 7

goed woon- en leefklimaat. Hierin kan de argumentatie gevonden worden om toch af te wijken van de 50 meter eis. Tevens kan vermeld worden dat de mestplaat in de huidige situatie reeds goeddeels wordt afgeschermd door bestaande bebouwing op het perceel Herenweg 19, wat een positief effect heeft op eventuele geurhinder. Overige aspecten Naast geur is ook verzocht na te gaan of ook voldaan wordt aan de afstanden voor wat betreft geluid en stof. Voor een agrarisch bedrijf welke graasdieren houdt geldt op basis van de VNG-uitgave ‘Bedrijven en milieuzonering’ een richtafstand van 30 meter. Van deze afstanden mag gemotiveerd afgeweken worden. Voor wat betreft geluid gaat het hier met name om het vullen van de voersilo, welke zich op een afstand van circa 15 meter ten noordwesten van de nieuwe woning bevindt. Het vullen van de voersilo en het geluid van een (stationair draaiende) vrachtwagen kan zorgen voor geluidhinder. Er is evenwel sprake van voldoende afscherming door bestaande bebouwing. waarmee sprake is van een goed woon- en leefklimaat. De verwachting is tevens dat voldaan wordt aan de geluidnormen van het Activiteitenbesluit omdat laad- en losactiviteiten zijn uitgezonderd van het piekgeluid (LAmax). Daarnaast geldt het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) bij agrarische activiteiten alleen voor de vast opgestelde installaties en toestellen.

Voor de verspreiding van grofstof gelden eveneens de eisen vanuit het Activiteitenbesluit. Ervan uitgaande dat ook een buitenruimte behorende bij een woning stofgevoelig is geldt ook hier dat de noordelijk gelegen woning maatgevend is voor de huidige bedrijfsvoering en daarmee ter plaatste van de nieuw op te richten woning een goed woon- en leefklimaat ontstaat. Er is hierbij overigens geen sprake van specifieke stof-emitterende opslag en er is sprake van verharding.

pagina 6 van 7

Bijlage 1. V-stacks berekening Naam van de berekening: V-Stack Herenweg 23 Rijnsaterwoude Gemaakt op: 18-03-2021 17:13:17 Rekentijd: 0:00:01 Naam van het bedrijf: Schapenhouderij Herenweg 1 Berekende ruwheid: 0,06 m Meteo station: Schiphol Brongegevens: Volgnr.

BronID

X-coord.

Y-coord.

EP Hoogte

Gem.geb. hoogte

EP Diam.

EP Uittr. snelh.

1

Schapenstal

105 823

469 053

1,5

4,5

0,50

0,40

Geur gevoelige locaties: Volgnummer 2 3 4 5 6

GGLID Herenweg 23 Herenweg 25 Herenweg 21 Kantoor Herenweg 23 Nieuwe woning

X-coördinaat 105 849 105 841 105 861 105 840 105 839

Y-coördinaat Geurnorm 469 051 8,0 469 035 8,0 469 062 8,0 469 048 8,0 469 043 8,0

Geurbelasting 1,0 1,0 0,9 1,0 0,9

pagina 7 van 7

E-Aanvraag

468

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=38084af7-0550-4478-9ae3-2df9fed091a6