Beheerplan civiele kunstwerken 25-28
Tekst van het document
Beheer- en beleidsplan civiele kunstwerken 2025-2028
Pagina 1 van 25
Inhoudsopgave 1.
Inleiding............................................................................................................................. 3 1.1
Leeswijzer ................................................................................................................. 3
2.
Infographic ........................................................................................................................ 5
3.
Evaluatie vorige planperiode en staat van het areaal. ..................................................... 6 3.1 Areaal en Beheersysteem .............................................................................................. 6 3.2 Uitgevoerde werkzaamheden (2021-medio 2024): ........................................................ 7 3.3 Conclusie op basis van de technische analyse ............................................................. 8
4.
Wettelijke en beleidskaders.............................................................................................. 9 4.1 Wettelijke kaders............................................................................................................. 9 4.2 beleidskaders ................................................................................................................ 10
5.
Beheerstrategie .............................................................................................................. 14 5.1 Afschrijftermijnen .......................................................................................................... 16 5.2 Omgang met de kunstwerken in het kader van de woningbouw ................................. 17 ontwikkeling Braassemerland. ............................................................................................ 17
6.
Uitvoeringsparagraaf ...................................................................................................... 18 6.1 Proces uitvoeringsprogramma. .................................................................................... 18 6.2 Uitvoeringsprogramma planmatig onderhoud .............................................................. 19 6.3 Onderhoud in relatie tot het MJIP ................................................................................. 20 6.4 werkzaamheden vanuit de exploitatiebegroting ........................................................... 20
7.
Financiële paragraaf ....................................................................................................... 22 7.1 Kosten regulier onderhoud ........................................................................................... 22 7.2
Kosten uit de voorziening en de vervangingsinvesteringen civiele kunstwerken . 22
7.3
Verloop voorziening en vervangingsinvesteringen lange termijn .......................... 25
Bijlage 1, Evaluatie beheerplan civiele kunstwerken 2021-2024 Bijlage 2, Verloop voorziening en kosten activa vervanging 2025-2050
Pagina 2 van 24
1. Inleiding Het beheer van civiele kunstwerken is van cruciaal belang voor het borgen van de bereikbaarheid van de infrastructuur binnen de gemeente Kaag en Braassem. Deze essentiële structuren vormen in de meeste gevallen de verbinding tussen onze wegen en watersystemen. Hun betrouwbare werking is van grote waarde voor de beschikbaarheid en functioneren van onze openbare ruimte. De gemeente Kaag en Braassem kent door de waterrijke omgeving een relatief groot aandeel kunstwerken in de openbare ruimte. Door de voorgenomen gebiedsontwikkelingen wordt een significante areaaluitbreiding verwacht in de toekomst. De gemeente staat daarom ook voor de uitdaging om de kwaliteit en veiligheid van haar civiele kunstwerken te waarborgen binnen de kaders die hiervoor binnen het beheerplan gesteld worden.
Het planmatig en risico-gestuurd beheer, wat ingezet is bij het beheerplan 2021-2024, wordt in dit beheerplan verder uitgebreid met het inzichtelijk maken en doorrekenen van de levenscyclus van de individuele objecten binnen het areaal. Dit zodat er niet alleen de technische staat van de kunstwerken inzichtelijk is, maar ook de financiële gevolgen beter inzichtelijk gemaakt kunnen worden van toekomstige beleidsdoelen en ontwikkelingen. Dit beheerplan heeft als doel een strategisch en toekomstbestendig kader te bieden voor het onderhoud, de instandhouding en de eventuele vervanging van deze civiele kunstwerken in de planjaren 2025-2028.
1.1 Leeswijzer Hieronder vindt u een leeswijzer om u te helpen bij het navigeren door het plan en de verschillende secties.
Infographic Om u een visueel overzicht te geven van de kernpunten van het beheerplan, hebben we een infographic opgenomen. Deze infographic bevat de samenvatting van de belangrijke gegevens en doelstellingen in een enkel overzicht. Hierin worden de belangrijkste feiten en cijfers gepresenteerd, evenals een samenvatting van de strategische aanpak die we hanteren.
Evaluatie Vorige Planperiode In dit gedeelte kijken we in een samenvatting terug op de vorige planperiode. We evalueren de behaalde resultaten, de effectiviteit van de uitgevoerde maatregelen en de geleerde lessen. Deze evaluatie helpt ons om beter inzicht te krijgen in wat goed werkte en waar verbeteringen mogelijk zijn, zodat we ons huidige en toekomstige beheer kunnen optimaliseren. Voor een meer uitgebreide evaluatie verwijs ik u door naar de evaluatie civiele kunstwerken 2021-2024 van november 2023. Deze is als Bijlage 1 bijgevoegd bij dit beheerplan.
Pagina 3 van 24
Wettelijke en Beleidsmatige Kaders Een goed beheerplan is verankerd in de wettelijke en beleidsmatige kaders. In dit hoofdstuk beschrijven we de relevante wet- en regelgeving, op nationaal niveau. Daarnaast bespreken we hoe ons beheerplan aansluit bij de bredere beleidsdoelen van de gemeente Kaag en Braassem. Dit helpt ons om ervoor te zorgen dat ons beheer in lijn is met de geldende voorschriften en beleidsdoelstellingen.
Beheerstrategie In dit hoofdstuk wordt de verdere aanvulling van planmatig risico-gestuurd beheer met de voordelen van de doorrekening van de levenscyclus toegelicht. Daarnaast wordt verder ingegaan op het voorstel om aangepaste afschrijvingstermijnen die reflecteren op de werkelijke levensduur van de kunstwerken vast te stellen. Ook worden er in het kader van de ontwikkeling van Braassemerland, specifieke maatregelen met betrekking tot risicobeheersing van de kunstwerken voorgesteld.
Uitvoeringsparagraaf De uitvoeringsparagraaf vormt de kern van het beheerplan. Hierin beschrijven we de concrete werkzaamheden welke aan de hand van dit beheerplan gaan uitvoeren, en hoe de planning en prioritering van deze werkzaamheden tot stand is gekomen.
Financiële Paragraaf Het laatste deel van het beheerplan richt zich op de financiële aspecten. We geven een overzicht van de benodigde middelen en hoe deze worden ingezet om de geplande maatregelen te realiseren. Dit omvat een financiële planning voor de korte, middellange en lange termijn. We zorgen ervoor dat de financiële paragraaf transparant en duidelijk is, voor een goed inzicht in de kosten van het beheerplan.
Pagina 4 van 24
2. Infographic
Pagina 5 van 24
3. Evaluatie vorige planperiode en staat van het areaal. Het beheerplan van april 2021 over de planjaren 2021-2024, introduceerde planmatig en risico gestuurd beheer. Voorheen werd reactief onderhoud uitgevoerd, wat beperkte controle gaf over de kwaliteit van de kunstwerken en de kosten. De nieuwe systematiek maakt gebruik van toestand-inspecties, ondersteund door een GIS-gebaseerd beheersysteem. Risicoprofielen bepalen de prioriteit van onderhoudsmaatregelen, waarbij objecten met hogere risico's sneller aandacht krijgen. Onderstaand treft u een overzicht van de evaluatie en staat van het areaal op basis van de afgelopen planperiode. Voor een uitgebreide toelichting verwijs ik u door naar bijlage 1 van dit beheerplan, Evaluatie beheerplan civiele kunstwerken 2021-2024 van november 2023.
3.1 Areaal en Beheersysteem Het areaal is actueel en goed gedocumenteerd binnen het beheersysteem. Er is duidelijkheid over de verantwoordelijkheden en rollen tussen de verschillende beherende partijen zoals particulieren, provincie, rijk en waterschap. Het Areaal is opgebouwd uit de onderstaande onderdelen:
Civiele kunstwerken Bruggen vast Bruggen beweegbaar Tunnels Viaducten Duikers Waterreguleringswerken Onderdoorgangen Duikerdam Grondkeringen Schutsluis (Aanleg)steiger Trappen
2024 161 11 1 1 254 5 4 8 27 1 18 4
Bij het in beeld krijgen van het areaal in de afgelopen beheerplanperiode hebben er een aantal mutaties plaats gevonden binnen de hoeveelheden objecten. In Bijlage I zijn deze verder toegelicht. De gemeente Kaag en Braassem kent door de waterrijke omgeving een relatief groot aandeel kunstwerken in de openbare ruimte. Door de voorgenomen gebiedsontwikkelingen wordt een significante areaaluitbreiding verwacht in de toekomst.
Pagina 6 van 24
3.2 Uitgevoerde werkzaamheden (2021-medio 2024): In de afgelopen planperiode is er doorlopend klein onderhoud uitgevoerd. Klein onderhoud heeft een dagelijks en incidenteel karakter. Het is gericht op het verhelpen van kleine (aanrijd)schades en op peil houden van de definities heel, schoon en veilig uit het IBOR. Bij de beweegbare bruggen valt ook het smeren van de draaiende delen onder klein onderhoud. Er zijn 59 groot onderhoud maatregelen uitgevoerd. Groot onderhoud is gericht op het (langdurig) borgen van de functionaliteiten en de instandhouding van het kunstwerk. Groot onderhoud heeft een planmatig karakter. Onder deze werkzaamheden valt bijvoorbeeld het vervangen van een brugdek, grootschalige schilderwerken of vervangen van een leuning. Er zijn 31 bruggen binnen het areaal vervangen. Vervangingsinvesteringen zijn gericht op technisch noodzakelijke of opgelegde vervanging van het gehele kunstwerk. Vervangingsinvesteringen hebben een éénmalig planmatig karakter.
Pagina 7 van 24
3.3 Conclusie op basis van de technische analyse Om bij de evaluatie van het kunstwerkbeheer een vergelijk te maken zijn de kwaliteiten van de objecten vergeleken van de planperiode 2021-2024 met die van de periode 2018-2021. De kwaliteit van het areaal is hierbij significant verbeterd, vooral bij houten kunstwerken en brugdekken. Op basis van de totale hoeveelheid onderdelen met het betreffende schadebeeld zijn grofweg de onderstaande prestaties geleverd in de afgelopen planperiode:
Houtrot Totaal onderdelen met houtrot Constructieve onderdelen met houtrot Ondersteunende onderdelen met houtrot Percentage ten opzichte van alle onderdelen
2018 181 147 34 9,1%
2023 100 55 45 4,8%
Constructieve schades niet zijnde hout Totaal onderdelen met schade Constructieve onderdelen met schade Ondersteunende onderdelen met schade Percentage ten opzichte van alle onderdelen
2018 145 123 22 7,3%
2023 130 99 31 6,3%
Brugdek verhardingen Totaal onderdelen met gebreken Percentage ten opzichte van alle onderdelen
2018 216 10,9%
2023 33 1,6%
Oppervlakte schades Totaal onderdelen met schade Percentage ten opzichte van alle onderdelen
2018 109 5,4%
2023 131 6,3%
Beeldkwaliteit Totaal onderdelen met gebreken Percentage ten opzichte van alle onderdelen
2018 104 5,2%
2023 89 4,3%
Op basis van de evaluatie is geconcludeerd dat de hoeveelheid objecten met schades sterk zijn verminderd. Ook zijn de aangetroffen schades minder ernstig. Dit ligt in lijn met de aanpak van de afgelopen beheerperiode. Hierin is een inhaalslag gemaakt bij de maatregelen groot onderhoud en vervanging. Echter, oppervlakte schades (minder ernstige schades) zijn toegenomen. Dit is goed te zien in bovenstaande tabel en kan op langere termijn lijden tot groter onderhoud en daarmee kapitaalvernietiging. De prioriteiten van het beheerplan, zoals risicobeheersing en kwaliteitsverbetering, zijn succesvol gerealiseerd, maar preventief (klein) onderhoud verdient meer aandacht om toekomstige kapitaalvernietiging te voorkomen. Voor verdere verdieping op de prestaties van de beheerstrategie wil ik u verwijzen naar het stuk in Bijlage I van dit beheerplan.
Pagina 8 van 24
4. Wettelijke en beleidskaders In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de van toepassing zijnde kaders bij het beheer van de civiele kunstwerken. Deze kaders worden door zowel wetgeving als gemeentelijk beleid gevormd en vormen hierbij belangrijke uitgangspunten.
4.1 Wettelijke kaders De wettelijke kaders betreffen het Besluit Bouwwerken Leefomgeving en de Wet Kwaliteitsborging. Beide wetgevingen gaan over het ontwerp en bouwproces welke van toepassing zijn op de civieltechnische kunstwerken. Ze zijn essentieel voor het waarborgen van veiligheid en kwaliteit.
Besluit Bouwwerken Leefomgeving Hierbij verwijst het Besluit Bouwwerken Leefomgeving onder andere naar de normering NEN 3140 en Eurocodes NEN EN welke op de civieltechnische kunstwerken van toepassing zijn. De NEN 3140 regelt veiligheidsvoorschriften voor laagspanningsinstallaties en is cruciaal voor het onderhoud van de elektrotechnische componenten binnen onze beweegbare bruggen. Technische kaders die door deze norm worden gesteld, omvatten: • Inspectie en onderhoud: Regelmatige inspecties en adequaat onderhoud van de elektrische installaties om risico’s te minimaliseren. • Bediening en toezicht: Alleen bevoegd en bekwaam personeel mag werkzaamheden verrichten aan of in de buurt van elektrische installaties. De installatie verantwoordelijkheid is door de gemeente aangewezen aan de contracthouder voor de beweegbare bruggen. • Documentatie en registratie: Een gedetailleerde documentatie van alle elektrische systemen en de bijbehorende veiligheidsmaatregelen.
De Eurocodes NEN-EN regelt de ontwerp- en constructienormen voor de civiel technische kunstwerken. Dit zijn een reeks Europese normen die van groot belang zijn voor: • • • •
Veiligheidsbeoordelingen: Het waarborgen van structurele integriteit en veiligheid gedurende de gehele levensduur van de kunstwerken. Belastingen op constructies: Het standaardiseren van de toegestane belasting klasse op een kunstwerk is hierin vastgelegd. Ontwerp en constructie: Standaardisering van ontwerp- en constructiepraktijken over Europa heen, wat bijdraagt aan uniforme kwaliteits- en veiligheidsnormen. Innovatie en duurzaamheid: Aanmoedigen van innovatieve en duurzame bouwpraktijken binnen het kader van bewezen technische specificaties.
Pagina 9 van 24
Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) De Wkb is bedoeld om de bouwkwaliteit en bouwveiligheid te verhogen en introduceert een nieuw systeem van kwaliteitsborging voor het bouwen. De Wkb heeft specifieke implicaties voor het beheer van civieltechnische kunstwerken: • • •
Kwaliteitsborger: De introductie van een onafhankelijke kwaliteitsborger die toeziet op de naleving van het Bouwbesluit tijdens de bouw- en onderhoudsfase. Aansprakelijkheid: Verhoogde aansprakelijkheid voor de bouwers bij gebreken die na oplevering aan het licht komen. Dossier bevoegd gezag: Aanleg van een bouwdossier met documentatie over het gehele bouwproces, wat cruciaal is voor toekomstig onderhoud en beheer.
4.2 beleidskaders
Vaarweg en nautisch beheer Binnen onze gemeente liggen een aantal vaarwegen voor beroepsvaart die ook worden gebruikt door de pleziervaart. Op diverse locaties maken onze bruggen zowel het scheepvaart als het wegverkeer mogelijk. Dit gebeurt zowel met vaste bruggen als beweegbare bruggen. De vaarwegen in de gemeente zijn door het bevoegd gezag (Provincie Zuid-Holland of het Hoogheemraadschap van Rijnland) als zodanig op grond van de Scheepvaartverkeerswet aangewezen. Verwezen wordt naar de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening en de Vaarwegenverordening Rijnland 2019. Onze beweegbare bruggen, zijn ontworpen om flexibiliteit te bieden in gebieden met zowel druk scheepvaartverkeer als wegverkeer. Deze bruggen kunnen worden geopend om vaartuigen door te laten en worden gesloten om het wegverkeer te faciliteren. Daar waar openbare wateren niet als vaarweg zijn aangewezen zijn bruggen in sommige gevallen beweegbaar (of wegneembaar) krachtens bouw- of onderliggende vergunningen . hierin is vastgelegd dat deze bruggen beweegbaar of wegneembaar behoren te zijn in verband met de belangen van beheer en onderhoud van watergangen of een watergebied (een poldergebied). Dan zijn bruggen dus beweegbaar of wegneembaar vanuit waterstaatkundig opzicht.
De keuze voor de aanwezigheid of handhaving van een beweegbare brug in plaats van een vaste brug wordt in het vervolg nadrukkelijker bepaald door de functionele eisen en de context ervan, waaronder: 1. Vormt de brug een onderdeel van een vaarweg, in die zin dat deze hierdoor op een bepaalde wijze bevaarbaar is, of behoort te zijn. Dit vereist een aanwijzingsbesluit van een bepaalde watergang als vaarweg met bepaalde eisen (zoals de Staande Mastroute van de Provincie Zuid-Holland) Deze feiten vormen een indicatie voor het handhaven en/ of verbeteren van een beweegbare brug. 2. Is de brug een toegang tot een achterliggende watergang of watergebied (poldergebied) waaraan uitsluitend langs die weg (groot-) onderhoud moet worden gepleegd zoals baggerwerkzaamheden. Dit feit vormt een indicatie voor het realiseren van een wegneembare brug. 3. De eisen van de LIOR op het punt van (onder meer) de hoogteligging van bruggen boven het gemiddelde waterpeil. Pagina 10 van 24
De bediening van beweegbare bruggen zijn gereguleerd in tijdsblokken waarin ze bediend kunnen worden. Deze tijdsblokken zijn binnen het vaarseizoen strategisch gepland om een optimale doorstroming van zowel het wegverkeer als het scheepvaartverkeer te waarborgen. Het vaarseizoen loopt van 1 april tot en met 31 oktober. Binnen het vaarseizoen kunnen de tijdsblokken variëren afhankelijk van de noodzakelijke vraag en aanbod. Voor bediening wordt in het hoogseizoen een tijdsblok aangehouden tussen 9:00 en 20:00 uur. En binnen het minder drukke deel van het seizoen wordt een tijdsblok tussen 9:00 en 18:00 aangehouden voor de bediening. Buiten het vaarseizoen kunnen de bruggen worden bediend, maar dient het scheepvaartverkeer zich 24 uur van tevoren aan te melden. Op speciale evenementen of feestdagen kan besloten worden af te wijken van bovenstaande datums en tijden. De exacte tijden worden goed gecommuniceerd via verkeersborden bij de brug en via de gemeentelijke website. Deze zijn afgestemd met provincie Zuid-Holland, de buurgemeentes en de omgeving. Onze vaste bruggen, die niet bewegen, zijn een permanente oplossing waar minder intensief scheepvaartverkeer plaatsvindt en waar deze bestaat hoofdzakelijk uit pleziervaart.
Om de doorvaart te kunnen borgen is een ontwerpcriterium opgenomen binnen de LIOR die bepaald dat er een minimale doorvaartbare hoogte van 1,6 meter geborgd is bij de aanleg van vaste bruggen over vaarwegen. Deze hoogte zorgt ervoor dat een breed scala aan pleziervaartuigen en kleinere commerciële schepen de brug veilig kunnen passeren zonder risico op schade.
Pagina 11 van 24
Beeldkwaliteit De beeldkwaliteit van de kunstwerken is niet vastgesteld binnen het IBOR plan, maar het schoonhouden en schilderen van de kunstwerken draagt hier wel aan bij. Het doel is de kunstwerken schoon heel en veilig te houden. Binnen dit beheerplan heeft de beeldkwaliteit van de kunstwerken raakvlak met de werkzaamheden reinigen en schilderen van onze civiele kunstwerken. Reinigen helpt bij het verwijderen van vuil, graffiti en natuurlijke aanslag zoals mos en algen. Deze kunnen de uitstraling van kunstwerken verminderen. Dit zorgt niet alleen voor dat de uitstraling op peil blijft, maar draagt ook bij aan de duurzaamheid van de materialen. Door regelmatig onderhoud kunnen erosie en andere vormen van slijtage die de levensduur van de kunstwerken verkorten, worden geminimaliseerd. Schilderen gaat nog een stap verder door niet alleen te beschermen tegen weersinvloeden, zoals UV-straling en vocht, maar is ook grotendeels bepalend voor de uitstraling van het kunstwerk.
Pagina 12 van 24
Duurzaamheid en circulariteit Binnen het kunstwerkbeheer proberen we invulling te geven aan duurzaamheid. Dit doen wij vooral op twee manieren. Ten eerste proberen wij bruggen of brugdelen op nieuwe locaties te hergebruiken. Deze methode stelt ons in staat om de totale levensduur van de materialen te verlengen, wat in dit geval resulteert in een aanzienlijke vermindering van onze ecologische voetafdruk. Daarnaast kiezen we bewust, waar mogelijk voor de toepassing van de materialen staal en hout in de constructieve delen van onze kunstwerken. Staal is zeer duurzaam omdat het keer op keer gerecycled kan worden zonder significant verlies van kwaliteit. Hout, van zijn kant, is een hernieuwbaar materiaal dat, mits verantwoord gewonnen, bijdraagt aan de vermindering van koolstofemissies door koolstofdioxide op te slaan tijdens de groeiperiode van de boom. Deze strategieën zijn niet alleen praktisch en economisch verantwoord, maar ze tonen ook onze inzet voor milieubeheer en duurzame ontwikkeling.
Toegankelijkheid Toegankelijkheid van de openbare ruimte is een essentieel onderdeel van de gebruikservaring van onze inwoners. Bij de kunstwerken valt of staat dit in het ontwerpproces, waarna dit geborgd moet blijven in het onderhoud. Bij gerealiseerde bruggen waarin de toegankelijkheid niet goed geborgd is, is het bijna onmogelijk zonder hele grote ingrepen de toegankelijkheid te verbeteren. Met name op de vaarroutes waar een doorvaarthoogte is geborgd van 1,60 meter, is het van belang dat de brug toegankelijk is door middel van een hellingbaan. Deze Hellingbaan neemt veel ruimte in beslag en vergt extra onderhoud, omdat deze gevoelig is voor verzakkingen. Daarnaast geld voor alle bruggen dat het deel bestemd voor voetgangers breed genoeg moet zijn om elkaar te kunnen passeren. Ook met rollator of een kinderwagen. Deze uitgangspunten zijn geborgd in het LIOR, en worden getoetst voor realisatie.
Pagina 13 van 24
5.
Beheerstrategie
In dit hoofdstuk gaan we in op de beheerstrategie van dit beheer en beleidsplan. In het beheerplan civiele kunstwerken 2021-2024, is ingezet het planmatig en risico gestuurd beheer binnen de beheerdiscipline. Hierbij wordt gebruik gemaakt van toestandinspecties en areaalschouwen voor het monitoren van de objecten en het plannen van onderhoudsmaatregelen en vervangingen. Het beheersysteem dient hierin als hulpmiddel voor het borgen van de inspectiegegevens en actuele status van de individuele objecten. Aan de hand van schadebeelden en het risicoprofiel van de brug wordt de maatregeltoets uitgevoerd. Een beweegbare brug op een belangrijke ontsluitingsweg krijgt daardoor een hoger risicoprofiel dan bijvoorbeeld een voetgangersbrug in een park. Ook worden verschillende schades vertaald naar verschillende risicoprofielen. Zo krijgt een scheur in beton een hoger risicoprofiel dan corrosie op een leuning. Een onderhoudsmaatregel zal daarom sneller ingezet worden voor een brug of schade met een hoger risicoprofiel. Uiteraard is de beheersystematiek dusdanig ingezet dat de juiste maatregel op de juiste plek genomen wordt. Hierdoor wordt de kwaliteit geborgd en indien noodzakelijk verbeterd. Kapitaalvernietiging en schadeaansprakelijkheid worden voorkomen. Bij de evaluatie beheerplan civiele kunstwerken over de planjaren 2021-2024 is gebleken dat deze beheerstrategie succesvol is.
In dit beheerplan wordt het planmatige en risico gestuurd beheer voortgezet en uitgebreid met een doorrekening van de levenscyclus van elk afzonderlijk object. Hierbij zijn de onderhoudsmaatregelen groot onderhoud en vervanging van elk object binnen de beheerdiscipline doorgerekend. Deze doorrekening wordt binnen het paspoort van het beheersysteem geborgd. De benodigde variabelen voor doorrekening zijn: Ontwerplevensduur, kostprijs van de onderhoudsmaatregel en aanlegjaar/restlevensduur van het object.
Pagina 14 van 24
Dit heeft de volgende voordelen: • Hiermee is inzicht ontstaan in de werkvoorraad en bijhorende kosten op korte middellange en lange termijn. • De gevolgen van versnelde afschrijving, opgelegde maatregelen en beleidskeuzes kunnen relatief eenvoudig worden doorgerekend. • Het bied de mogelijkheid een goed onderbouwde voorziening op te zetten waarin concrete bedragen gekoppeld zijn aan projecten. Dit geeft ook voor de uitvoering duidelijkheid. Dit doordat de taakstellende budgetten ruim vooraf bekend zijn. • De opgedane kennis wordt geborgd binnen het beheersysteem en is hiermee overdraagbaar binnen de organisatie.
Gezien de waterrijke omgeving is de beheerdiscipline kunstwerken binnen de gemeente Kaag en Braassem relatief groot. De aanbeveling van de rekenkamer om de beheerdiscipline een eigen voorziening toe te kennen voor de onderhoudsmaatregel grootonderhoud willen we dan ook volgen en implementeren met dit beheerplan. De doorrekening van de levenscyclus verzorgt de financiële onderbouwing voor deze voorziening.
Pagina 15 van 24
5.1 Afschrijftermijnen De te vervangen objecten worden volgens besluit begroting en verantwoording (BBV) geactiveerd en afgeschreven over de realistische ontwerplevensduur. Binnen gemeente Kaag en Braassem wordt voor de kunstwerken op het moment standaard een afschrijftermijn van 40 jaar gekozen voor alle soorten kunstwerken. Om het financiële abstractheidsniveau te verlagen is het wenselijk deze afschrijftermijnen verder te differentiëren, zodat deze beter aansluit op de werkelijke levensduur. In onderstaande tabel zijn de afschrijftermijnen van de verschillende objecten uitgewerkt. Door bij vervanging van de objecten deze afschrijftermijnen te hanteren wordt beter aangesloten bij de werkelijke levensduur van het object.
Civiele kunstwerken Bruggen vast Hout Staal Beton Bruggen beweegbaar Tunnels Viaducten Duikers Waterreguleringswerken Hout Staal Beton Duikerdam Grondkeringen Hout Staal Beton Schutsluis (Aanleg)steiger Trappen
Pagina 16 van 24
25 jaar
60 jaar
75 jaar
x x x x x x x x x x x x x x x x x
5.2 Omgang met de kunstwerken in het kader van de woningbouw ontwikkeling Braassemerland. In de komende jaren wordt binnen de kern Roelofarendsveen vol ingezet op de verdere ontwikkeling van de woningbouwlocatie Braassemerland. Om dit project te realiseren worden routes aangewezen waarover het bouwverkeer de voor deze ontwikkeling benodigde aan en afvoer doet. Op deze routes liggen 13 kunstwerken welke allen een theoretische levensduur hebben van 75 jaar. Deze kunstwerken zijn hoofdzakelijk in de jaren ‘70 van de vorige eeuw aangelegd, en hebben hiermee nog een restlevensduur van grofweg 25 jaar. Uitzonderingen daargelaten. Deze kunstwerken zijn ontworpen om in principe al het verkeer aan te kunnen, maar zijn niet ontworpen voor hoge vrachtauto intensiteiten die bij een woningbouwontwikkeling komen kijken. Dit wordt niet zozeer ingegeven door de last die de brug te voorduren krijgt, maar door de hoeveelheid van deze lasten. De intensiteit genoemd. Door de bouwlocatie is de verwachting dat de intensiteit van het zwaar verkeer wat de bruggen te verduren hebben explosief zal stijgen. Exact inzicht hierin is er echter nog niet. Deze te verwachten stijging kan degeneratie en beperking van de restlevensduur van de bruggen op de bouwroutes tot gevolg hebben.
Daarnaast is er nog altijd onduidelijkheid over hoe de exacte ontsluitingen voor het verkeer van Braassemerland komen te lopen en of het noodzakelijk is hiervoor grote aanpassingen te doen in de infrastructuur. Hierdoor is het lastig te anticiperen op deze ontwikkeling in het onderhoud en vervanging van de bestaande bruggen. Om kapitaalvernietiging te voorkomen worden de bruggen welke in de bouwroutes en op de mogelijke toekomstige ontsluitingsroutes liggen heel en veilig gehouden. Grotere ingrepen op deze kunstwerken worden uitgesteld tot er meer duidelijkheid is over de ontsluitingen van de woningbouwontwikkeling en de gevolgen van het bouwverkeer. Het is belangrijk de risico’s zoveel mogelijk te beperken. Onverwachte afsluiting van een brug voor lange periode moet worden voorkomen. De sociale en economische belangen die hierbij komen kijken zijn erg groot. Ook voor de ontwikkeling van Braassemerland. Om dit te bewerkstelligen wordt ingezet op een uitgebreid monitoringsplan van de bruggen op de bouwroutes. Het is niet de verwachting dat hier alle risico’s mee wordt weggenomen. Het risico dat er op één of meerdere kunstwerken een aslastbeperking moet worden ingevoerd blijft aanwezig. In het ergste geval is afsluiting voor vrachtverkeer niet uit te sluiten. Dit heeft grote potentiële gevolgen voor dit vrachtverkeer en hiermee ook op de ontwikkeling van Braassemerland.
Voor deze monitoring is in de financiële paragraaf €50.000,- per jaar opgenomen.
Pagina 17 van 24
6. Uitvoeringsparagraaf In de uitvoeringsparagraaf wordt ingegaan op hoe de onderhoudsplanning tot stand is gekomen. Ook geeft het inzicht in de verschillende werkzaamheden die nodig zijn om het kunstwerkbeheer uit te voeren en de kwaliteit van het areaal te borgen. In hoofdstuk 7 wordt verder ingegaan op de bijhorende financiën.
6.1 Proces uitvoeringsprogramma. Onder het uitvoeringsprogramma van het planmatig onderhoud vallen de reconstructies en het groot onderhoud van de kunstwerken. Bij het uitvoeren van een reconstructie wordt het volledige kunstwerk vervangen. De zogenaamde levenscyclus van het kunstwerk begint van voor af aan. Bij het uitvoeren van groot onderhoud aan het kunstwerk worden verschillende meer ingrijpende werkzaamheden uitgevoerd, waardoor het kunstwerk de beoogde levensduur behaald en naar behoren blijft functioneren. Deze werkzaamheden worden planmatig ingestoken op basis van de inspecties en afstemming van de ontwerplevensduur. Ieder kunstwerk wordt gebouwd volgens de specificaties en randvoorwaarden van de gemeente welke zijn vastgelegd binnen de LIOR (leidraad inrichting openbare ruimte). Eén van de randvoorwaarden is de ontwerplevensduur van het kunstwerk. Op basis van het aanlegjaar en deze ontwerplevensduur kan het jaar bepaald worden wanneer het kunstwerk theoretisch aan vervanging toe is. Ook kan in grote lijnen worden bepaald wanneer er groot onderhoud noodzakelijk is om de gewenste kwaliteiten en functies van het kunstwerk te garanderen en de beoogde levensduur te behalen. Op basis van kengetallen voor groot onderhoud en vervanging is een totale levenscyclusplanning met bijhorende kosten opgesteld voor ieder individueel object.
Op basis hiervan zijn de totale beheerkosten van het areaal doorgerekend voor de komende 25 jaar. Deze doorrekening is de basis voor de op te zetten voorziening voor het kunstwerkbeheer. Elke vier jaar wordt er een inspectie uitgevoerd van de kunstwerken. Deze inspectie is visueel, en de afzonderlijke onderdelen van het kunstwerk worden beoordeeld op de gewenste kwaliteit en functioneren en krijgen een individuele kwaliteitsscore en risicoprofiel mee. Ook wordt aangegeven welk onderhoudsmaatregelen de afzonderlijke kunstwerkonderdelen nodig hebben. Door de gegevens vanuit de onderhoudsinspectie te combineren met de levensduur is al het noodzakelijk onderhoud geprogrammeerd voor de komende planperiode en de middellange en lange termijn. Hierin wordt voor ieder kunstwerk de afweging gemaakt tussen de maatregelen klein onderhoud, groot onderhoud en vervanging. Op deze manier worden de middelen zo efficiënt mogelijk ingezet.
Pagina 18 van 24
Alle kunstwerkinformatie wordt binnen het beheersysteem geborgd, zodat kennis in huis wordt gehouden en overdraagbaar is. Onderstaand het stroomschema voor deze werkwijze. Stap 1: Basis op orde (Beheergegevens)
Stap 2: Basis op orde (Cycli en kosten)
Stap 3: Inspecties
Stap 4: Analyse en programmeren
Stap 1: Basis op orde (beheergegevens) Bij de inhaalslag binnen het kunstwerkbeheer welke vanaf 2019 is ingezet is het gehele areaal in kaart gebracht. Hierdoor is inzicht en overzicht verkregen. Stap 2: Basis op orde (cycli en beheerkosten) Voor stap 2 is van alle kunstwerken bepaald waar deze zich in de levenscyclus bevinden en zijn de onderhoudsmaatregelen groot onderhoud en vervanging doorgerekend binnen een termijn van de komende 25 jaar. Stap 3: Inspecteren en onderzoeken In oktober 2023 is de areaalinspectie opgeleverd van onze kunstwerken. Deze heeft gediend voor de evaluatie van het beheerplan 2020-2024 en de uitvoeringparagraaf voor dit beheerplan. Stap 4: Analyse en programmeren Hier wordt bepaald welke onderhoudsmaatregel de beste prijsprestatie levert om de schade te verhelpen. Ook komen afwijkingen ten opzichte van de geprojecteerde levenscyclus naar boven. Deze situaties worden geanalyseerd en bijgestuurd waardoor het abstractieniveau binnen de doorrekening afneemt.
6.2 Uitvoeringsprogramma planmatig onderhoud In het uitvoeringsprogramma zijn 6 reconstructieprojecten en 3 groot onderhoud projecten opgenomen. In hoofdstuk 7 wordt verder ingegaan op deze projecten.
Pagina 19 van 24
6.3 Onderhoud in relatie tot het MJIP Dit beheerplan is afgestemd binnen de aanpak van het Meerjarig Investeringsprogramma. In onderstaand overzicht treft u de werkzaamheden aan de kunstwerken welke integraal wijkgericht worden opgepakt in samenhang hiermee. De Financiën voor de werkzaamheden aan de kunstwerken worden via dit kunstwerkbeheerplan gegenereerd. Kunstwerknaam
MJIP-Project
Soort onderhoud
Duiker X357 Cederplein
Drechtlaan Leimuiden
Vervanging
Duiker X720 Leidsevaartlaan
Zonnedauwlaan Leidsevaart Rijnsaterwoude
Vervanging
6.4 werkzaamheden vanuit de exploitatiebegroting Regulier onderhoud kunstwerken Onder het regulier onderhoud van de kunstwerken vallen werkzaamheden om de kunstwerken in goede staat te houden. Dit zogenaamd klein onderhoud omvatten zowel het incidenteel onderhoud, zoals bijvoorbeeld het verhelpen van een aanrijdschade, als het benodigde onderhoud wat naar voren gekomen is vanuit de toestand-inspectie, maar te kleinschalig is om planmatig te worden opgepakt. Hierbij moet gedacht worden aan het vervangen van een aantal dekplanken, bijwerken van schilderwerk of kleinschalige betonreparaties. In de uitvoeringsparagraaf van dit beheerplan krijgt dit onderhoudt meer aandacht om er zorg voor te dragen dat bestaande schades niet verergeren tot groot onderhoud. Hiermee wordt toekomstige kapitaalvernietiging voorkomen.
Reiniging kunstwerken Reinigen van de kunstwerken valt ook onder regulier onderhoud, maar heeft een direct raakvlak met de beeldkwaliteit. In het overzicht in de Financiële paragraaf zijn deze kosten daarom apart inzichtelijk gemaakt. De kunstwerken waarbij dit nodig wordt geacht worden in een cyclus eens per 2 jaar gereinigd. Indien noodzakelijk geacht kan hiervan worden afgeweken. Inspecties en monitoring kunstwerken Onder de inspecties en monitoring van de kunstwerken vallen werkzaamheden die direct verband houden met het opstellen van het beheerplan, zoals de toestandsinspectie. Ook het monitoren van de kunstwerken op de bouwroutes ten behoeve van de bouw van Braassemerland vallen onder deze kosten. Daarnaast worden er werkzaamheden uitgevoerd ten behoeve van nadere inspecties van duikers in het beheerareaal vooruitlopende op het onderhoud.
Pagina 20 van 24
Bediening van de bruggen (brugwachters) Binnen de gemeente worden brugwachters ingehuurd voor de bediening van de beweegbare bruggen. Het inhuren van ervaren vakkundige brugwachters is essentieel om de bruggen veilig en efficiënt te kunnen openen en sluiten voor scheepvaartverkeer.
Verwijderen scheepswrakken Het verwijderen van scheepswrakken behoort ook tot een beheertaak binnen het kunstwerkbeheer. Deze wrakken worden verwijderd en duurzaam verder verwerkt. Hiermee voorkomen we dat wrakken uiteindelijk zinken en hierdoor meer overlast en schade veroorzaken.
Pagina 21 van 24
7. Financiële paragraaf Dit hoofdstuk geeft inzicht in de financiële consequenties van dit beheerplan. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen de onderhoudssoorten.
7.1 Kosten regulier onderhoud Uit de exploitatiebegroting komen alle kosten die geen plan- of projectmatige aanpak kennen, maar wel belangrijk zijn voor het gebruik, bediening, levensduur, uitstraling of veiligheid. In onderstaande tabel treft u het overzicht van de benodigde budgetten per planjaar vanuit de exploitatiebegroting.
Exploitatiebegroting
regulier onderhoud kunstwerken
2025
2026
2027
2028
regulier onderhoud kunstwerken 122.000 122.000 122.000 122.000 regulier onderhoud Sluis 25.000 25.000 25.000 25.000 regulier onderhoud beweegbare bruggen 74.250 74.250 74.250 74.250 reiniging kunstwerken 20.000 20.000 20.000 20.000 inspecties en monitoring kunstwerken 50.000 50.000 50.000 50.000 Bediening bruggen (brugwachters) 150.000 150.000 150.000 150.000 Verwijderen scheepswrakken 20.000 20.000 20.000 20.000 Totaal 461.250 461.250 461.250 461.250
7.2 Kosten uit de voorziening en de vervangingsinvesteringen civiele kunstwerken De vervangingsinvesteringen dienen geactiveerd te worden. Dit betekent dat kunstwerken die vervangen worden over de te verwachte levensduur worden afgeschreven. Daarmee wordt bevorderd dat de kosten van de investeringen ten laste komen op het moment dat de gebruikers van deze infrastructuur er nut van hebben.
Bij vaststelling van dit beheerplan wordt ook een voorziening opgesteld. Deze voorziening wordt vanuit de exploitatiebegroting door middel van een jaarlijkse toevoeging op peil gehouden. Op deze manier wordt er gezorgd voor balans en rust op de begroting en zijn kosten voor toekomstig onderhoud gedekt. Op basis van de levenscyclus die voor het hele areaal is vastgesteld wordt deze voorziening verantwoord voor een periode van 25 jaar. Bij ieder opvolgend beheerplan wordt het verloop van deze voorziening geactualiseerd. In de onderstaande tabellen treft u het overzicht van de financiële gevolgen van het groot onderhoud en de vervangingsinvesteringen. Pagina 22 van 24
Verloop kosten opgave groot onderhoud Kosten groot onderhoud per jaar Omschrijving
Jaar
Inspectie gehele areaal
2028
2025
2026
2027
2028
€ 196.000
€ 15.000
€0
€ 77.500
Bedrag € 77.500
Vaste bruggen Brug 100, van Klaver Weijdeweg, beton
2026
€ 15.000
€ 15.000
2025
€ 99.000
€ 99.000
2025
€ 97.000
€ 97.000
Beweegbare bruggen Brug 507, Zuidzijderweg, staal-compensiet
Diverse Kunstwerken Voetgangerstunnel 1055, Watergang, beton
overzicht kapitaallasten vervangingsinvesteringen 2025
2026
2027
2028
-
€ 4.885
€ 5.340
€ 5.680
Kapitaallasten (inclusief rentelasten)
€ 4.885
€ 455
€ 340
€ 744
Investering
€ 90.000
€ 11.250
€ 10.500
€ 23.000
Effect op de begroting (inclusief rentelasten)
Omschrijving
per 1 januari
€
Jaar
Bedrag
afschrijving
2027 2028
€ 10.500 € 23.000
60 60
Stuw X1072, Westmeerlaan, hout Stuw X1062, Sotaweg, beton Remmingwerk X374, Raadhuislaan, hout
2026 2026 2025
€ 4.950 € 6.300 € 70.000
25 75 25
Remmingwerk X373, Raadhuislaan, hout
2025
€ 20.000
25
Duikers Duiker x357, Cederplein, kunststof Duiker x720,Leidsevaartlaan, kunststof
Diverse Kunstwerken
Pagina 23 van 24
In onderstaande tabellen treft u het overzicht van het verloop van de voorziening groot onderhoud en de investeringen voor vervangingen voor de planjaren van dit beheerplan.
Verloop voorziening Groot onderhoud kunstwerken
2025 stand per 1 jan storting onttrekking t.b.v groot onderhoud eindstand
2026
0 34.000 245.419 245.419 -196.000 -15.000 49.419 279.829
2027
2028
249.000 245.419 0 525.257
479.000 245.419 -77.500 693.176
Overzicht Investeringen kunstwerken
Investering reconstructies Kapitaallasten reconstructies Effect op de begroting
Pagina 24 van 24
2025
2026
2027
2028
2029
90.000 4.885 0
11.250 455 4.885
10.500 340 5.340
23.000 744 5.680
760.000 22.661 6.424
7.3 Verloop voorziening en vervangingsinvesteringen lange termijn Het verloop van de voorziening groot onderhoud en de vervangingsinvesteringen voor de lange termijn is opgenomen in bijlage 2 van het beheerplan. Hierin is op basis van het geprojecteerde onderhoud binnen de levenscyclus een prognose van het verloop van de voorziening groot onderhoud en de vervangingsinvesteringen over een periode van 25 jaar weergegeven. Binnen het overzicht van dit verloop zijn de kosten gebaseerd op het prijspeil 2024 en niet geïndexeerd. De rentelasten voor de investeringen zijn opgenomen en bedragen 2,5%. Bij vaststelling van het jaarlijks te storten bedrag is het uitgangspunt om een positief saldo op de balans te behouden. De kosten in de voorziening van het groot onderhoud kennen een grillig verloop, waarbij het zwaartepunt op de middellange termijn ligt. Hierdoor moet er bij het opzetten van de voorziening relatief snel kapitaal opgebouwd worden om de kosten te dekken. Hiervoor wordt er jaarlijks een storting verlangd van €245.419,- tot 2032. Vervolgens kan het bedrag op de lange termijn naar beneden worden bijgesteld.
Het zwaartepunt van de financiën in het overzicht investeringen voor vervanging van kunstwerken ligt meer in de lange termijn, zoals inzichtelijk is in Bijlage 2 Bij de opvolgende beheerplannen wordt het verloop van de levenscyclus en de voorziening groot onderhoud en de investeringen voor vervanging opnieuw beken en geactualiseerd.
Pagina 25 van 24