CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Gemeenteraad 12 september 2022, gemeente Kaag en Braassem21.406 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels .................................................................................................... 26 Artikel 11 Overgangsrecht .................................................................................................................. 26 Artikel 12 Slotregel............................................................................................................................. 28

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

1.1 plan het bestemmingsplan ‘Herenweg 161, Rijnsaterwoude' van de gemeente Kaag en Braassem. 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.1884.BPHERENWEG161A-ONT1 met de bijbehorende regels en bijlagen. Verdere begrippen in alfabetische volgorde: 1.3 aan huis verbonden beroep: een (para)medisch, juridisch, administratief, therapeutisch, ontwerptechnisch, adviesgevend of daarmee gelijk te stellen dienstverlenend beroep, als ook ondergeschikte detailhandel ten dienste van het dienstverlenend beroep, dat uitsluitend door de bewoner(s) van de woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft, die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.4 aan- en uitbouw een aan een hoofdgebouw aangebouwd gebouw dat functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw is verbonden en door zijn verschijningsvorm een ondergeschikte bouwmassa vormt; 1.5 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.6 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.7 achtererfgebied: erf aan de achterkant en de niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijkant, op meer dan 1,0 m van de

voorkant, van het hoofdgebouw; 1.8 antenne-installatie installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een techniekkast opgenomen apparatuur, met de daarbijbehorende bevestigingsconstructie; 1.9 bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde;

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

1.10 bebouwingspercentage: de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen op een bouwperceel, in procenten van de oppervlakte van dat bouwperceel; 1.11 bed and breakfast: de verzameling van voor publiek toegankelijke, besloten ruimtes waarin al dan niet bedrijfsmatig recreatief nachtverblijf, niet zijnde permanente bewoning door een persoon, gezin of andere groep van personen, wordt verstrekt en in directe relatie daarmee ontbijt wordt aangeboden als nevenfunctie van de bestaande geldende bestemming; 1.12 bedrijf aan huis: en bedrijf of het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of overwegend door middel van handwerk, waaronder een kappersbedrijf, dat door de gebruiker van een woning in die woning of een bijbehorend bouwwerk wordt uitgeoefend, waarbij de woning in hoofdzaak de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is.

Detailhandel valt hier niet onder; 1.13 bedrijfsmatige activiteiten: handelingen voor de uitoefening van enig bedrijf of beroep; 1.14 bedrijfswoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein, slechts bedoeld voor (het huishouden van) één of meer personen, wiens huisvesting ter plaatse noodzakelijk is, gelet op de bestemming van het gebouw en/of terrein; 1.15 bestaand: bouwwerken die op het tijdstip van de ter inzage legging van het ontwerp van dit bestemmingsplan zijn of (mogen) worden gebouwd krachtens een rechtsgeldig verleende omgevingsvergunning voor het bouwen dan wel een bouwvergunning; 1.16 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak; 1.17 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.18 bijbehorende bouwwerken: hieronder worden begrepen; aanbouw/uitbouw: een aan een hoofgebouw aangebouwd gebouw dat functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw is verbonden en door zijn verschijningsvorm een ondergeschikte bouwmassa vormt;

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

bijgebouw: een vrijstaand gebouw dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch en functioneel opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.19 bijgebouw: een vrijstaand gebouw dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch en functioneel opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.20 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.21 bouwgrens: de grens van een bouwvlak; 1.22 bouwlaag: een boven het peil gelegen en doorlopend gedeelte van een gebouw, dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen binnenwerks is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en ruimte onder de kap; 1.23 bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

Bij woningen betreft dit het het gehele perceel inclusief voor- en zijtuinen; 1.24 bouwperceelgrens: de grens van een bouwperceel; 1.25 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.26 bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.27 dagrecreatie: activiteiten gericht op ontspanning in de vrije tijd zoals sport en spel, natuurbeleving, amusement en uitstapjes, die uitsluitend plaatsvinden binnen een tijdsbestek van een dag, zonder overnachting en waartoe tevens kleinschalige horeca-activiteiten worden gerekend; 1.28 detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf;

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

1.29 dienstverlening: het verrichten van economische en maatschappelijke diensten ten behoeve van anderen; 1.30 erf: het al dan niet bebouwde perceel, of gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebouw van dat gebouw en binnen het bestemmingsvlak, maar buiten het bouwvlak ligt; 1.31 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.32 geschakelde woning: een woning, waarvan het hoofdgebouw door middel van een bijbehorend bouwwerk verbonden is aan een ander hoofdgebouw en waarbij één zijgevel van het hoofdgebouw in de zijdelingse perceelsgrens wordt gebouwd; 1.33 gestapelde woning: een woning in een gebouw dat twee of meer geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat al dan niet met daarbij behorende bergingen waarbij per woning een zelfstandige toegankelijkheid, al dan niet direct vanaf het voetgangersniveau, gewaarborgd is; 1.34 horeca een bedrijf gericht op het verstrekken van al dan niet ter plaatse bereide en al dan niet ter plaatse te nuttigen dranken en/of etenswaren en/of het verstrekken van logies en/of het exploiteren van zaalaccommodaties; 1.35 hoofdgebouw: een gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en,

indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.36 kantoren: een ruimte die door haar aard, indeling en inrichting is bedoeld voor het beroepsmatig/bedrijfsmatig verlenen van diensten van hoofdzakelijk administratieve aard en daarmee gelijk te stellen werkzaamheden, met geen of slechts een ondergeschikte baliefunctie; 1.37 landbouwmechanisatiebedrijf: een bedrijf gespecialiseerd in onderhoud, reparatie en verkoop van landbouwwerktuigen met maximale milieucategorie 3.1.; 1.38: maatschappelijke voorzieningen: educatieve, sociale, medische, culturele, levensbeschouwelijke, sport en recreatieve voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening alsmede soortgelijke voorzieningen, of een combinatie daarvan, alsook ondergeschikte detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen;

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

1.39 ondergronds bouwwerk: een gedeelte van een bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen beneden maaiveld; 1.40 onderkomen voor verblijf geschikt, al dan niet aan hun bestemming onttrokken voer- of vaartuig, ark, kampeermiddel en soortgelijk verblijfsmiddel, voor zover deze niet als bouwwerk is aan te merken; 1.41 overkapping: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een (overwegend) gesloten dak; 1.42 • •

peil: ten opzichte van gebouwen, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan een weg grenst: de hoogte van die weg ter plaatse van de hoofdingang; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte terrein;

1.43 perceelsgrens: algemeen grens van een perceel voor de grens van een perceel gelegen aan de zijde van de voorgevel van de woning zij de grens tussen twee percelen, die voor- en achterzijde van een perceel verbindt achter de van de weg afgekeerde grens van een perceel indien meerdere zijden van het perceel van de weg afgekeerd zijn, wijzen burgemeester en wethouders een achterste perceelsgrens aan; 1.44 productiegebonden detailhandel: detailhandel in goederen die ter plaatse wordt vervaardigd, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productieruimte; 1.45 rijwoningen: bebouwing waarbij de hoofdgebouwen aan beide zijden in de perceelsgrens zijn gebouwd, met dien verstande dat de eindwoning slechts aan één zijde in de zijdelingse perceelsgrens hoeft te worden gebouwd; 1.46 seksinrichting: een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang als zij het bedrijfsmatig, seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotische- of pornografische aard plaatsvinden.

Hieronder wordt tevens verstaan een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, parenclub, (raam)prostitutiebedrijf en een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.47 staat van bedrijfsactiviteiten de staat van bedrijfsactiviteiten die als bijlage bij deze regels behorende onderdeel uitmakende lijst van bedrijven en instellingen; 1.48 twee-aaneen gebouwde woning: een woning die onderdeel uitmaakt van een blok van twee aaneengebouwde woningen;

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

1.49 voorgevel: een op de weg georiënteerde gevel van een hoofdgebouw dat maximaal één voorgevel heeft;

1.50 voorgevellijn: een denkbeeldige, dan wel op de verbeelding middels de figuur gevellijn aangegeven, lijn die direct langs een voorgevel van een gebouw of in het verlengde ervan is gelegen; 1.51 voorzieningen van openbaar nut: voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer; 1.52 vrijstaande woning: een woning die vrij staat van een andere woning; 1.53 weg: een weg als bedoeld in artikel 1, lid 1, sub b van de Wegenverkeerswet 1994; 1.54 woning: een gebouw of gedeelte van een gebouw, geschikt en bestemd voor huisvesting van niet meer dan één huishouden;

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

1.55 zolder: zolder onder een kap voor zover de hoogte van de borstwering ter plaatse van de omtrekmuren minder dan 80 cm boven de vloer is gelegen.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze planregels wordt als volgt gemeten: 2.1 De afstand tot de (zijdelingse) perceelgrens De kortste afstand van enig punt van een gebouw tot de (zijdelingse) perceelscheiding van het bouwperceel, met daarin geen onderscheid tussen bodem of water. 2.2 Afstand tussen gebouwen De kortste afstand tussen de buitenwerkse gevelvlakken van de gebouwen zowel haaks als evenwijdig gepositioneerd. 2.3 De bouwhoogte van een bouwwerk, geen gebouw zijnde Bij bouwwerk op vlak maaiveld: • tussen bovenkant van het bouwwerk (bij beweegbare delen te meten in de uiterste stand) en het peil Bij bouwwerken op talud of dijk: • bovenkant van het bouwwerk (bij beweegbare delen te meten in de uiterste stand) en het gemiddelde maaiveldpeil van het aansluitend afgewerkt terrein. 2.4 Lengte, breedte en diepte van een bouwwerk Tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels en/of hart van scheidsmuren, gemeten 1,0 m boven peil. 2.5 De bouwhoogte van een gebouw Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.6 Bebouwingspercentage Een in de regels aangegeven percentage dat de grootte van het deel van een bouwperceel c.q. bouwvlak of bestemmingsvlak aangeeft dat maximaal mag worden gebouwd.

Hierbij worden ondergrondse bouwwerken die zichtbaar zijn boven peil meegerekend, met uitzondering van ondergeschikte bouwdelen. 2.7 De goothoogte van een bouwwerk Bij bouwwerk op vlak maaiveld: • de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel tot aan peil. Bij bouwwerken op talud of dijk: • de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel tot het gemiddelde maaiveldpeil van het aansluitend afgewerkt terrein.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

2.8 De oppervlakte van een gebouw Tussen (de buitenste verticale projecties van) de buitenzijde van de gevels en/of het hart van de scheidingsmuren op 1,0 m boven peil. 2.9 De oppervlakte van een bouwwerk, geen gebouw zijnde Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk, met inbegrip van de buitenste verticale projecties van overkappingen. 2.10 Vloeroppervlak van een gebouw Gemeten (op alle bouwlagen) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies, of tot het hart van de desbetreffende scheidingsconstructie, indien de binnenruimte van het gebouw grenst aan de binnenruimte van een ander gebouw. 2.11 Inhoud van een gebouw Boven peil tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, buitenzijde van de gevels en/of het hart van de gemeenschappelijke scheidingsmuren en de buitenzijde van daken dit met inbegrip van aangebouwde bijgebouwen en dakkapellen. 2.12 Inhoud van een bouwwerk, geen gebouw zijnde Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde aan de gevels en/of het hart van de gemeenschappelijke scheidingsmuren en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.13 De dakhelling Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

2.14 De hoogte van een windturbine Vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine. 2.15 De hoogte van een zendmast voor telecommunicatie e.d. Gemeten tussen de onderkant van de voet van de mast en het hoogste punt van de mast, het antenneopstelpunt daaronder begrepen. 2.16 Lengte, breedte en diepte van een steiger De lengte, breedte en diepte van een steiger gemeten zoals opgenomen in de onderstaande afbeelding.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Bedrijf

Bestemmingsomschrijving

De op de verbeelding voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten die vallen onder de categorieën 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - landbouwmechanisatiebedrijf'': tevens voor een landbouwmechanisatiebedrijf; met daaraan ondergeschikt d. (ontsluitings)wegen en paden; e. groenvoorzieningen; f. parkeervoorzieningen; g. nutsvoorzieningen; h. speelvoorzieningen; met de daarbij behorende: i. tuinen, water, terreinen en erven; j. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 3.2 Bouwregels 3.2.1 Bedrijfsgebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de goothoogte en bouwhoogte van gebouwen binnen het bouwvlak mogen niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; c. kantoren behorende bij het bedrijf maken onderdeel uit van het bedrijfsgebouw en beslaan ten hoogste 50 % van het bedrijfsvloeroppervlak van een bedrijf, zulks met een maximum van 2.000 m² b.v.o. 3.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden gebouwd; b.

de bouwhoogte van lichtmasten mag niet meer dan 9 m bedragen; c. de bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer dan 6 m bedragen; d. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag maximaal 2 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte voor erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel maximaal 1 m mag bedragen; e. per bouwperceel is niet meer dan 1 overkapping toegestaan, met dien verstande dat:

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

f.

1. de bouwhoogte van een overkapping niet meer dan 3 m bedraagt; 2. de oppervlakte van een overkapping niet meer dan 30 m2 bedraagt; 3. overkappingen, achter de voorgevellijn, binnen het bouwvlak worden gebouwd; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 2,5 m bedragen.

3.3 Specifieke gebruiksregels 3.3.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken, wordt in elk geval gerekend het gebruik voor: a. geluidszoneringsplichtige inrichtingen; b. inrichtingen die vallen onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi); c. wonen; d. detailhandel, met uitzondering van productiegebonden detailhandel; e. opslag van goederen en materialen voor de voorgevellijn van percelen die grenzen aan het openbaar gebied. 3.3.2 Opslag Opslag ten behoeve van de bedrijfsvoering is enkel toegestaan binnen en buiten het bouwvlak indien de totale hoogte van de opgeslagen goederen niet meer bedraagt dan 4,0 m. 3.4 Afwijken van de gebruiksregels 3.4.1 Afwijken gelijkwaardig bedrijf Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3.1 onder a. voor het vestigen van een bedrijf dat naar aard en omvang is aan te merken als een bedrijf in milieucategorie 1 en 2, maar niet als zodanig is benoemd in de Staat van Bedrijfsactiviteiten, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de bouw- en gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden, en het woon- en leefklimaat ter plaatse van woningen in de omgeving niet onevenredig aangetast mag worden.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 4 Groen

4.1 Bestemmingsomschrijving De op de verbeelding voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. bermen en beplanting; c. paden; d. speelvoorzieningen; met daaraan ondergeschikt: e. waterlopen en waterpartijen; f. parkeervoorzieningen; g. evenementen. 4.2 Bouwregels 4.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. op of in deze gronden mogen uitsluitend gebouwen ten behoeve van voorzieningen van openbaar nut worden gebouwd, met in achtname van de volgende aanvullende bepalingen: 1. de bouwhoogte van gebouwen bedraagt maximaal 3 m; 2. de maximale oppervlakte van gebouwen bedraagt 15 m2; b. ter plaatse van de aanduiding 'volkstuin' zijn overkappingen, kasjes en bergplaatsen toegestaan met in achtname van de volgende aanvullende bepalingen: 1. de bouwhoogte bedraagt maximaal 2,5 m; 2. het gezamenlijk oppervlak per volkstuin bedraagt maximaal 10 m2; c. ter plaatse van de aanduiding 'volkstuin' is per volkstuincomplex één clubhuis toegestaan met in achtname van de volgende aanvullende bepalingen: 1. de bouwhoogte bedraagt maximaal 4 m; 2. de maximale oppervalkte bedraagt 75 m2. 4.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal 5 m bedragen; b. overkappingen zijn niet toegestaan; c.

in afwijking van het bepaalde onder a mag de bouwhoogte van lichtmasten maximaal 12 m bedragen. 4.3 Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken, wordt in elk geval gerekend het gebruik voor: a. opslag van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond;

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

b. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 5 Waarde - Archeologie 1

5.1 Bestemmingsomschrijving De voor ‘Waarde - Archeologie 1’ aangewezen gronden zijn – behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor de bescherming en de veiligstelling van archeologische waarden. 5.2 Bouwregels Op deze gronden mogen worden gebouwd en gelden de volgende regels: a. op deze gronden mogen ten behoeve van de in artikel 5 lid 1 genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 3,0 m; b. ten behoeve van andere, voor deze gronden geldende bestemmingen mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemmingen geldende (bouw)regels - uitsluitend worden gebouwd, indien: 1. de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het bouwen een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld; 2. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijk schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het bouwen voorschriften en beperkingen te verbinden, gericht op het behoud van de archeologische resten in de bodem, het doen van opgravingen dan wel het begeleiden van bouwactiviteiten door een archeologische deskundige; c.

het bepaalde in artikel 5 lid 2 sub b is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op één of meer van de volgende activiteiten of bouwwerken: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering, of; 2. een bouwplan waarvan de bodemverstoring niet meer bedraagt dan 150 m², of; 3. een bouwwerk dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 30 cm onder maaiveld en zonder heiwerkzaamheden kan worden verplaatst.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.3.1 Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Waarde - Archeologie 1' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het uitvoeren van grondbewerkingen op een grotere diepte of bouwhoogte dan 30 cm, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen en aanleggen van drainage; b. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een andere wijze indrijven van voorwerpen; c. het verlagen of verhogen van het waterpeil; d. het aanleggen of rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; e. het aanleggen van ondergrondse kabels en leidingen en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 5.3.2 Uitzonderingen op het uitvoeringsverbod Het verbod van artikel 5.3.1 is niet van toepassing, indien de werken en werkzaamheden: a. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij artikel 5.2 in acht is genomen, of; b. een oppervlakte beslaan van ten hoogste 150 m², of; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan, of; d. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende vergunning, of; e.

ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd, of; f. alledaags gebruik van de gronden en ten behoeve van de primaire bestemming betreft. 5.3.3 Voorwaarden De werken en werkzaamheden, zoals in artikel 5.3.1 bedoeld, zijn slechts toelaatbaar, indien de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden aan de hand van nader archeologisch onderzoek kan aantonen dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn. Voorts zijn de werken en werkzaamheden toelaatbaar, indien: a. de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld; b. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden voorschriften en beperkingen te verbinden, gericht op het behoud van de archeologische resten in de bodem, het doen van opgravingen dan wel het begeleiden van de bouwactiviteiten door een archeologische deskundige.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

5.4 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door een of meer bestemmingsvlakken met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' geheel of gedeeltelijk van de verbeelding te verwijderen indien het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 3

Algemene regels

Artikel 6 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 7 Algemene bouwregels 7.1 Algemeen Voor het uitvoeren van ondergrondse werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, geen beperkingen. 7.2 Voorwaardelijke verplichting parkeren a. Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen en/of gebruiken staat vast dat voldoende parkeergelegenheid, overeenkomstig de normen in de beleidsregel 'Nota Parkeernormen 2018', wordt gerealiseerd. b. Als de onder regel a bedoelde beleidsregels worden gewijzigd, wordt met die wijziging rekening gehouden. c. Van het bepaalde onder a kan worden afgeweken, indien kan worden aangetoond dat op andere wijze is voorzien in voldoende parkeergelegenheid. 7.3 Ondergronds bouwen a. Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, de volgende bepalingen: 1. ondergrondse bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; 2. het oppervlak aan ondergrondse bouwwerken mag niet meer bedragen dan het toegestane oppervlak aan bouwwerken boven peil vermeerderd met 15 m²; 3. in aanvulling op het bepaalde sub a en b is maximaal 1 niet - overdekt zwembad toegestaan onder de volgende voorwaarden: 1. het zwembad dient te worden gebouwd achter de achtergevel of het verlengde daarvan en op een afstand van ten minste 3 m van zijdelingse en achterste perceelsgrens; 2.

het zwembad mag niet overdekt zijn, tenzij de regeling voor bijbehorende bouwwerken als bedoeld in artikel 4 in acht wordt genomen; 3. het zwembad mag uitsluitend voor hobbymatig gebruik worden benut; 4. per perceel mag maximaal 1 zwembad worden gebouwd; 4. de ondergrondse bouwdiepte van ondergrondse bouwwerken bedraagt maximaal 4,0 m onder peil; 5. bij het berekenen van de blijkens de deze regels geldende bebouwingspercentages, of van het in deze regels maximaal te bebouwen oppervlak, wordt de oppervlakte van ondergrondse gebouwen mede in aanmerking genomen. b. Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 7.3 sub a onder 4 voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken met een ondergrondse bouwdiepte van maximaal 10,0 m onder peil onder de voorwaarde dat: 1. de waterhuishouding niet wordt verstoord; 2. geen afbreuk wordt gedaan aan archeologische waarden.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

7.4 Ondergeschikte bouwdelen Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, uitbouwen, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1,5 m bedraagt. 7.5 Bestaande afstanden en maten a. Indien afstanden tot, en bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als maximaal toelaatbaar worden aangehouden. b. In die gevallen dat afstanden tot, en bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken, die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan minder bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als minimaal toelaatbaar worden aangehouden. c. In het geval van (her)oprichting van gebouwen is het bepaalde in sub a en b uitsluitend van toepassing indien het geschiedt op dezelfde plaats.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 8 Algemene afwijkingsregels 8.1 Algemeen Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van: a. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft; b. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; c. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat nutsgebouwtjes, kunstobjecten, wachthuisjes ten behoeve van het openbaar vervoer, telefooncellen, gebouwtjes ten behoeve van de bediening van kunstwerken, toiletgebouwtjes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen gebouwtjes worden gebouwd, mits de inhoud per gebouwtje maximaal 50 m³ bedraagt en een maximale hoogte van 3 m heeft; d. de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot maximaal 10 m; e. de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de hoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, en ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, wordt vergroot tot maximaal 40 m.

Wat betreft zend- en ontvang- en/of sirenemasten gelden nog de volgende voorwaarden: 1. losse masten met hekwerken, gebouwtjes e.d. zijn alleen toegestaan:  buiten de bebouwde kom en in landschappelijk minder gevoelige gebieden, langs grote verkeerswegen en dan bij voorkeur bij parkeerplaatsen, benzinestations, knooppunten, viaducten, bedrijventerreinen en horecagelegenheden;  binnen de bebouwde kom uitsluitend op bedrijventerreinen en sportparken. 2. installaties op of aan een gebouw zijn alleen toegestaan:  op hoge gebouwen (minimale hoogte 14 m); bij voorkeur op een plat dak en zo ver mogelijk van een dakrand, met dien verstande dat bijzondere en waardevolle gebouwen in beginsel geheel dienen te worden ontzien, zonodig in overleg met een door B&W aan te wijzen deskundige/commissie inzake monumenten of inzake beschermd dorpsgezicht;  tegen gevels aan; wanneer de invloed van die installaties geen afbreuk doen aan de aanwezige kwaliteiten.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 9 Algemene wijzigingsregels 9.1 Algemeen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van: a. overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover dit van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; b. overschrijding van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft. De overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3,0 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot. 9.2 Wijzigingsbevoegdheid voor verwijdering van de bestemming ‘Waarde – Archeologie 1’ Burgemeester en wethouders kunnen een of meer bestemmingsvlakken van de bestemming ‘Waarde – Archeologie 1’ geheel of gedeeltelijk verwijderen, indien: a. uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 10 Specifieke gebruiksregels 10.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken, wordt in elk geval gerekend het gebruik voor: a. het opslaan van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; c. seksinrichtingen; d. permanente bewoning van verblijfsrecreatieve onderkomens; e. zelfstandig gebruik van een bijbehorend bouwwerk als woning of als een verblijfsrecreatief onderkomen; f. inrichtingen die vallen onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi); g. bewoning van hoofdgebouwen ten behoeve van meer woningen dan op grond van de bouwregels is toegestaan.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 4 Artikel 11

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

11.1 Overgangsrecht bouwwerken Voor bouwwerken luidt het overgangsrecht als volgt: a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een bouwvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de bouwvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan; b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in artikel 11.1 sub a voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 10.1 sub a onder 1 met maximaal 10%; c. het bepaalde in artikel 10.1 sub a van dit artikel is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 11.2 Overgangsrecht gebruik Voor gebruik luidt het overgangsrecht als volgt: a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b.

het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld artikel 11.2 sub a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. indien het gebruik, bedoeld in artikel 11.2 sub a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. het bepaalde in artikel 11.2 sub a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregeling van dat plan. 11.3 Hardheidsclausule Voor zover toepassing van het overgangsrecht gebruik leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard voor een of meer natuurlijke personen die op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan grond en bouwwerken gebruikten in strijd met het voordien geldende bestemmingsplan, kunnen

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

burgemeester en wethouders met het oog op beëindiging op termijn van die met het plan strijdige situatie, ten behoeve van die persoon of personen van dat overgangsrecht met een omgevingsvergunning afwijken.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Artikel 12

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: ‘Regels van het bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude’.

Bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude Gemeente Kaag en Braassem Toelichting Ontwerp

Locatie: Herenweg 161a, Rijnsaterwoude Februari 2022 Auteur: M.M.C. van der Hoorn

Van der Hoorn RO Visie Herenweg 222a 3645 DW VINKEVEEN M: 06-83980803 E: moniquevanderhoorn@ziggo.nl

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Inhoudsopgave

Hoofdstuk 1 Inleiding .............................................................................................................................. 5 1.1 Doel ............................................................................................................................................... 5 1.2 Ligging en begrenzing .................................................................................................................... 5 1.3 Vigerend plan ................................................................................................................................ 7 1.4 Leeswijzer ...................................................................................................................................... 8

Hoofdstuk 2 Huidige situatie ................................................................................................................... 9

Hoofdstuk 3 Planbeschrijving ................................................................................................................ 12

Hoofdstuk 4 Beleid ................................................................................................................................ 13 4.1 Rijksbeleid ................................................................................................................................... 13 4.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) ......................................................................................... 13 4.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) ........................................................... 14 4.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking.................................................................................. 15 4.1.4 20 KE-zone Schiphol en Luchthavenindelingbesluit .............................................................. 16 4.2. Provinciaal beleid ....................................................................................................................... 19 4.2.1 Omgevingsvisie Zuid-Holland................................................................................................ 19 4.2.1 Omgevingsverordening Zuid-Holland ................................................................................... 20 4.3 Gemeentelijk beleid ....................................................................................................................

22 4.3.1 Omgevingsvisie gemeente Kaag en Braassem ...................................................................... 22 4.3.1 Welstandsnota Kaag en Braassem ........................................................................................ 24

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

2

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 5 Water ................................................................................................................................ 25 5.1 Kader ........................................................................................................................................... 25 5.2 Keur en Beleidsregels Hoogheemraadschap van Rijnland 2015 ................................................... 27 5.3 Legger regionale waterkeringen .................................................................................................. 27 5.4 Het plangebied ............................................................................................................................ 29

Hoofdstuk 6 Milieu................................................................................................................................ 30 6.1 Bedrijven en milieuzonering ........................................................................................................ 30 6.2 Geluid .......................................................................................................................................... 32 6.3 Luchtkwaliteit .............................................................................................................................. 32 6.4 Externe veiligheid ........................................................................................................................ 34 6.4.1 Kader/wetgeving .................................................................................................................. 34 6.5 Bodem ......................................................................................................................................... 36

Hoofdstuk 7 Omgevingsaspecten .......................................................................................................... 38 7.1 Flora en fauna.............................................................................................................................. 38 7.2 Stikstofdepositie.......................................................................................................................... 42 7.3 Archeologie en cultuurhistorie .................................................................................................... 43 7.3.1 Erfgoedwet ........................................................................................................................... 43 7.3.2 Nota Belvedère ..................................................................................................................... 43 7.3.3 Erfgoedverordening .............................................................................................................. 44 7.3.4 Provinciaal archeologiebeleid ............................................................................................... 44 7.3.5 Gemeentelijk archeologiebeleid ........................................................................................... 45 7.4 Besluit Milieueffectapportage (m.e.r.) ........................................................................................

48 7.5 Verkeer en Parkeren.................................................................................................................... 49

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

3

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 8 Juridische toelichting ........................................................................................................ 54 8.1 Algemeen .................................................................................................................................... 54 8.2 De bestemming ........................................................................................................................... 54

Hoofdstuk 9 Economische uitvoerbaarheid........................................................................................... 55 9.1 Financiële haalbaarheid............................................................................................................... 55

Hoofdstuk 10 Maatschappelijke uitvoerbaarheid ................................................................................. 57

Bijlagen: -

Verkennend bodemonderzoek, IDDS, rapportage d.d. 24-11-2020, kenmerk nr. 2010P253/ADR/rap1 Quickscan Wet natuurbescherming, IDDS, rapportage d.d. 9 november 2020, kenmerk nr. 2010P254/DME/rap1) Archeologische bureauonderzoek en booronderzoek, Bureau voor Archeologie, rapportage d.d. 10-03-2021, kenmerk nr. 1015

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

4

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 1 Inleiding Initiatiefnemer wenst een deel van het terrein achter Herenweg 161a te Rijnsaterwoude te wijzigen in de bestemming ‘Bedrijf’, en de huidige schuren in het zuidoosten van het plangebied te slopen (met een oppervlakte van ca. 657 m²) voor de realisatie van een nieuwe opslagloods (met een oppervlakte van ca. 860 m²) voor extensieve bedrijfsactiviteiten in de vorm van opslag voor het bestaande en naastgelegen landbouwmechanisatiebedrijf zullen plaatsvinden. Het initiatief is niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan ‘‘Kernen LeimuidenRijnsaterwoude’. Volgens het geldende bestemmingsplan heeft de planlocatie de bestemming ‘Agrarisch’. Om het plan mogelijk te maken dient de geldende bestemming gewijzigd te worden naar de bestemming ‘Bedrijf’. Het college van B&W van Kaag en Braassem heeft per brief van 27 augustus 2020 kenbaar gemaakt in principe positief tegenover de geplande ontwikkeling te staan. Medewerking kan worden verleend door middel van een bestemmingsplan op aanvraag waarmee de gronden die nu nog als ‘Agrarisch’ zijn bestemd, de bestemming ‘Bedrijf’ verkrijgen, onder de volgende voorwaarden: - Het initiatief milieuhygiënisch inpasbaar is; - De nieuwe loods wordt ontsloten via het perceel Herenweg 165a.

1.1 Doel Het bieden van een eenduidige en uniforme regeling voor het toegestane gebruik en de toegestane bebouwing binnen het plangebied, en het bieden rechtszekerheid voor omwonenden en overige betrokkenen.

1.2 Ligging en begrenzing Het plangebied ligt in de gemeente Kaag en Braassem in de plaats Rijnsaterwoude. De locatie ligt aan het adres Herenweg 161a te Rijnsaterwoude. Het plangebied is ca. 100 m lang en ca. 400 m breed en heeft een oppervlakte van ca. 4.170 m² (hierna: planlocatie). De planlocatie is gelegen achter het lint van de Herenweg in de kern van Rijnsaterwoude met aan de zuidzijde mechanisatiebedrijf J. van Iperen, aan de noordzijde RVR Loonbedrijf B.V., aan de oostzijde lintbebouwing van de Herenweg en agrarisch gebied (weiland) aan de westzijde.

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

5

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Het karakter van het omliggende gebied is gemengd, bestaande uit woningen in de lintbebouwing met eventuele achterliggende bedrijvigheid en agrarisch gebied (weilanden) achter de woon- en bedrijfsbebouwing.

Afbeelding 1, ligging plangebied (bron: Google) Het dorp Rijnsaterwoude is een oud lintdorp aan de oostelijke zijde van de gemeente Kaag en Braassem dat is ontstaan langs de Herenweg. Van oudsher kent het dorp twee verdichtingen van bebouwing in het lint. Een ter hoogte van de Schoolstraat/Overbuurt; de andere ligt iets zuidelijker bij de kruising met de Leidse Vaart. In de jaren zestig is bij beide verdichtingen een nieuwbouwwijkje in de polder toegevoegd. Met ca. 1.200 inwoners (bron: gemeente Kaag en Braassem) is Rijnsaterwoude een van de kleinere kernen van de gemeente Kaag en Braassem. Het dorp ligt aan de oostkant van het Braassemermeer en wordt aan de zuidkant begrensd door de Leidse Vaart.

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

6

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

1.3 Vigerend plan Ter plaatse geldt het bestemmingsplan ‘Kernen Leimuiden-Rijnsaterwoude’ dat op 17 juni 2013 door de gemeenteraad van Kaag en Braassem is vastgesteld.

Afbeelding 2, uitsnede vigerend bestemmingsplan (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) De planlocatie heeft de bestemming ‘Agrarisch’. De gronden op de verbeelding aangewezen voor ‘Agrarisch’ zijn bestemd voor: a. de uitoefening van een agrarisch bedrijf met een agrarische bedrijfsvoering; b. ter plaatse van de aanduiding 'glastuinbouwbedrijf' uitsluitend een glastuinbouwbedrijf; c. uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning' voor maximaal één bedrijfswoning danwel het aantal woningen zoals aangeduid met aanduiding ‘maximum aantal wooneenheden'; met daaraan ondergeschikt: d. voorzieningen van openbaar nut; e. recreatief medegebruik; f. infrastructurele voorzieningen; g. waterhuishoudkundige voorzieningen; h. waterlopen en waterpartijen. Op de gronden is tevens de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie – 1’ van toepassing.

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

7

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

De voor 'Waarde - Archeologie - 1' aangewezen gronden (dubbelbestemming) zijn, behalve voor de daar voorkomende andere bestemming ‘Bedrijf’ mede bestemd voor de bescherming en de veiligstelling van archeologische waarden. De archeologische dubbelbestemming in het oosten van het plangebied betekent dat bij ingrepen met een omvang van meer dan 150 m² waarbij de bodem dieper dan 30 cm onder maaiveld wordt verstoord een rapport moet worden overlegd waaruit blijkt dat de archeologische waarde van het plangebied voldoende is vastgesteld (zie 7.2.5). Tevens is op de planlocatie een bouwaanduiding ‘bijgebouwen’ aanwezig. Regels ten aanzien van de bouwaanduiding ‘bijgebouwen’ ontbreken in de planregels van het bestemmingsplan ‘Kernen Leimuiden-Rijnsaterwoude’ De locatie Herenweg 161a verkrijgt de bestemming ‘Bedrijf’ voor opslagdoeleinden en een bouwvlak voor de bouw van een loods ter vervanging van de verouderde schuren die in de huidige situatie aanwezig zijn.

1.4 Leeswijzer Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende regels, vergezeld van een toelichting. De regels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. In de toelichting is een beschrijving van het plangebied opgenomen en zijn de aan het plan ten grondslag gelegen keuzes en beleidsuitgangspunten beschreven. De toelichting bestaat uit 10 hoofdstukken. Hoofdstuk 2 beschrijft de bestaande ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied. In hoofdstuk 3 wordt het plan beschreven en worden de ontwikkelingen binnen het plangebied opgenoemd. De voor het plan relevante beleidsuitspraken van Rijk, provincie en regio en het eigen gemeentelijke beleid zijn in hoofdstuk 4 beschreven. Hoofdstuk 5 is de waterparagraaf waar alle voor het plangebied relevante wateraspecten worden behandeld. In hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de verschillende milieuaspecten en hoofdstuk 7 behandelt de relevante omgevingsaspecten. Hierbij vindt er een toets aan de diverse milieu- en omgevingsaspecten plaats. Een toelichting op de juridische systematiek, een omschrijving van de afzonderlijke bestemmingen is beschreven in hoofdstuk 8. In hoofdstuk 9 wordt de economische uitvoerbaarheid beschreven en in hoofdstuk 10 de maatschappelijke uitvoerbaarheid en de te doorlopen procedures.

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

8

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 2 Huidige situatie De planlocatie ligt in het zuiden van de kern Rijnsaterwoude

Afbeelding 3, omgeving plangebied (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

9

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

De planlocatie is gelegen achter het lint van de Herenweg in de kern van Rijnsaterwoude dat een bebouwingsstructuur met hoofdzakelijk vrijstaande en twee-onder-een-kap-woningen en achterliggende (bedrijfs)bebouwing kent. Het karakter van het lint is divers en kleinschalig. Op de planlocatie staat momenteel schuren met een agrarische bestemming.

Afbeelding 4, huidige schuren met agrarische bestemming Naast deze schuren ligt een oude paardenbak en ten westen (achterzijde) van de schuren is een stuk weiland te vinden.

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

10

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Afbeelding 5, oude paardenbak en weiland grenzend aan de schuren

Afbeelding 6, weiland aan de westzijde van het plangebied (achter de loods)

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

11

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 3 Planbeschrijving De eigenaar van de locatie Herenweg 161a wenst de huidige verouderde (agrarisch) bebouwing te vervangen door een nieuw te bouwen loods. Met dit bestemmingsplan wordt achter Herenweg 161a gronden met de bestemming ‘Agrarisch' gewijzigd in de bestemming 'Bedrijf' en de bouw van een nieuwe loods mogelijk gemaakt. De (oude) paardenbak, die in de huidige situatie op de planlocatie aanwezig is, zal worden verwijderd. De bestaande inrit zal komen te vervallen, en de planlocatie zal via de naastgelegen (bedrijfs)locatie Herenweg 165a worden ontsloten op de Herenweg.

Afbeelding 7, schets van de nieuwe indeling van het perceel

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

12

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Hoofdstuk 4 Beleid 4.1 Rijksbeleid 4.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie voor de leefomgeving in beeld. Uitgangspunt is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Duurzaam economisch groeipotentieel Sterke en gezonde steden en regio’s Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied

De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combineren boven enkelvoudig: combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies, in het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3. Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties.

Planspecifiek Het plan ‘Herenweg 161a, Rijnsaterwoude’ tast de nationale belangen niet aan en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Conclusie Het bouwplan is een passende ontwikkeling binnen de Nationale Omgevingsvisie.

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

13

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

4.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is op 30 december 2011 in werking getreden. Voortaan moeten gemeenten bij het vaststellen van bestemmingsplannen, wijzigings- of uitwijkingsplannen maar ook bij projectuitvoeringsbesluiten (Crisis- en herstelwet) rekening houden met het Barro. De Wet ruimtelijke ordening zoals die sedert 1 juli 2008 geldt, geeft aan de regering de mogelijkheid om bij algemene maatregel van bestuur (AMvB) regels te stellen over onder andere de inhoud van bestemmingsplannen. Voortaan moeten gemeenten bij het vaststellen van bestemmingsplannen, wijzigings- of uitwijkingsplannen maar ook bij projectuitvoeringsbesluiten (Crisis- en herstelwet) rekening houden met het Barro, waarin rijksregels ten aanzien van de ruimtelijke inrichting van Nederland zijn verzameld. Het gaat dan niet alleen om procedurele regels, maar ook om de inhoud van bestemmingsplannen. In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte heeft de Rijksoverheid de nationale belangen gedefinieerd waarvoor het Rijk verantwoordelijkheid draagt. Het Barro voorziet in de juridische borging van het nationaal ruimtelijk beleid. In het Barro wordt een aantal projecten die van rijksbelang zijn, met name genoemd en m.b.v. digitale kaartbestanden exact ingekaderd.

Per project worden vervolgens regels gegeven, waaraan bestemmingsplannen zullen moeten voldoen. Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte. Het kabinet heeft in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld dat voor een beperkt aantal onderwerpen de bevoegdheid om algemene regels te stellen zou moeten worden ingezet. Het gaat om de volgende nationale belangen: • Project Mainportontwikkeling Rotterdam; • Kustfundament; • Grote rivieren; • Waddenzee en waddengebied; • Defensie; • Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde; • Rijksvaarwegen; • Hoofdwegen en landelijke spoorwegen; • Elektriciteitsvoorziening; • Ecologische hoofdstructuur; • Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; • IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); • Veiligheid rond rijksvaarwegen; • Verstedelijking in het IJsselmeer; • Toekomstige rivierverruiming van de Maastakken.

Van der Hoorn RO Visie ROvisie@ziggo.nl

14

Toelichting bestemmingsplan Herenweg 161a, Rijnsaterwoude

Planspecifiek Het Barro is specifiek niet van toepassing op het plangebied Conclusie Het bestemmingsplan ‘Herenweg 161a, Rijnsaterwoude’ is in overeenstemming met het Barro.

4.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking Op 1 oktober 2012 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, en is de ‘ladder voor duurzame verstedelijking’ (hierna: Ladder) daaraan toegevoegd. Op 1 juli 2017 is artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd, waarbij een nieuwe ladder voor duurzame verstedelijking per 1 juli 2017 van toepassing is. De Ladder is van toepassing op bestemmingsplannen, uitwerkings- en wijzigingsplannen en omgevingsvergunningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c in samenhang met artikel 2.12 lid 1 onder a sub 3 Wabo. Via de Ladder stimuleert het Rijk de herstructurering van bestaand stedelijk gebied om de ontwikkeling van nieuwe terreinen te verminderen. Dit draagt bij aan economische dynamiek, zorgvuldig gebruik van ruimte en infrastructuur en behoud van de leefbaarheid van het stedelijk en landelijk gebied. Ingevolge het tweede lid van artikel 3.1.6 van het Bro bevat de toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. De Laddertoets moet worden uitgevoerd wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=7d14fabb-ef1b-4de2-a9f8-6eb3fa4f2900