7. Aanvullende input Leimuiden Duurzaam - Dorpsraad Rijnsaterwoude-28122020
Tekst van het document
Aanvullende input | Eigen initiatieven Globale schets duurzame opwek > energiecoöperatie Leimuiden Duurzaam
Korte enquête over grootschalige opwek > dorpsraad Rijnsaterwoude Vraag 1 > Bent u voor / tegen plaatsing van zonnepanelen langs de N207? -
217 antwoorden: o 63,1% tegen; o 25,3% voor; o 11,5% neutraal.
Vraag 2 > Bent u voor / tegen plaatsing van windmolens langs de N207? -
216 antwoorden: o 75% tegen; o 18,1% voor; o 6,9% neutraal.
Vraag 3 > Bent u voor / tegen diverse vormen van kernenergie? Deze kan efficiënt worden ingezet voor de productie van waterstof. Waterstof kan via de bestaande infrastructuur van het aardgasleidingennetwerk naar de huishoudens worden gedistribueerd. -
153 antwoorden: o 17,8% tegen; o 56% voor; o 26,4% neutraal.
Vraag 4 > Bent u voor / tegen thermische energie uit oppervlakte water van de Braassem zie studie Onswarmonthaal? -
219 antwoorden: o 17,8% tegen; o 47% voor; o 35,2% neutraal.
Dit is de input die we als gemeente hebben ontvangen. Onderstaand bericht geeft nog wat context en duiding aan bovenstaande informatie.
Groen en water Inventarisatie van groen en natuur
1
INLEIDING Met een steeds groter wordende druk op de openbare ruimte en aanwezige natuurgebieden levert het groene hart steeds meer in op groen, ruimte, natuur en biodiversiteit. Op alle fronten is de natuur aan het verliezen: van weidevogel tot insecten, van ruimte tot verdergaande verdozing en versnippering van het landschap. De situatie in Kaag en Braassem is niet veel anders; met een gebrek aan een leidende groenvisie en is er geen beleid om de verdere achteruitgang een halt toe te dienen. Op gemeentelijk niveau zijn de ambities hoog maar gezien de beperkte omvang van het gemeentelijke apparaat en het beschikbare budget is de invloed beperkt. Hoog tijd om vanuit de inwoners en het bedrijfsleven bij te springen en gezamenlijk te komen tot een groenvisie en verbetering van de situatie in onze eigen leefomgeving. In dit document een uiteenzetting van de huidige aanwezige natuurwaarden. Onze gemeentelijke natuur in getallen. Hoofdstuk 2 bespreekt de Natuur Netwerk (ecologische hoofdstructuur) in onze gemeente. Hoofdstuk 3 zoomt in op de weidevogelgebieden. In hoofstuk 4 komen de aanwezige natuur gebieden aan bod. Hoofstuk 5 bespreekt het Braassemermeer en de Kagerplassen. Het laatste hoofdstuk zoomt in op kansen en bedreigingen. Doel van dit rapport is om inzicht te creeren in de reeds aanwezige natuur in onze gemeente.
Hiermee hopen we meer draagvlak te creëren en vormt dit rapport hopelijk een basis voor beheer en uitbreiding van de aanwezige natuurgebieden. Daarnaast hopen we dat dit document een aanzet geeft tot verdere samenwerking met de provincie ZuidHolland, het bedrijfsleven en de, in de gemeente Kaag en Braassem, betrokken instanties. Met doel het verlies van biodiversiteit een halt toe te roepen en in te zetten op grootschalige natuurontwikkeling. De groen liefhebbers van Kaag en Braassem
2
INHOUD Inleiding ............................................................................................................................................................................................................. 2 1
2
3
4
Groen in getallen...................................................................................................................................................................................... 4 1.1
m2 openbaar groen / inwoner ..................................................................................................................................................... 4
1.2
Aantal bomen / inwoner .............................................................................................................................................................. 4
1.3
Advies ........................................................................................................................................................................................... 5
Natuur netwerk Nederland ...................................................................................................................................................................... 6 2.1
Algemeen ..................................................................................................................................................................................... 6
2.2
Ambitie Provincie Zuid Holland .................................................................................................................................................... 6
2.3
NNN in de gemeente Kaag en Braassem ...................................................................................................................................... 6
2.4
Advies ........................................................................................................................................................................................... 7
Weidevogelgebieden ............................................................................................................................................................................... 8 3.1
Vogeltelling Ade-Rijnstreek .......................................................................................................................................................... 9
3.2
Actieplan: Boerenlandvogels Zuid-Holland 2019-2027............................................................................................................... 10
3.3
Advies ......................................................................................................................................................................................... 10
Bestaande natuur / Groen ..................................................................................................................................................................... 11 4.1
De drechtoevers (bron website sitichting groen licht) ............................................................................................................... 11
4.2
De Hemmen (bron website sitichting groen licht) ...................................................................................................................... 12
4.3
De Hanepoel (bron website sitichting groen licht) ..................................................................................................................... 13
4.4
De Wijde AA ............................................................................................................................................................................... 14
4.5
Ghoybos ..................................................................................................................................................................................... 16
4.6
Natuur in en rondom Nieuwe wetring ....................................................................................................................................... 16
4.6.1
T Eerste Stuk (Bron website het eerste stuk) ........................................................................................................................ 16
4.6.2
De Bult (Bron website de Bult) .............................................................................................................................................. 17
4.7 5
de grote wateren ................................................................................................................................................................................... 19 5.1 5.1.1
6
Natuur in en rondom Leimuiden ................................................................................................................................................ 17
Braasemermeer.......................................................................................................................................................................... 19 Veense polder ....................................................................................................................................................................... 19
5.2
Kagerplassen .............................................................................................................................................................................. 19
5.3
Water overig / advies ................................................................................................................................................................. 20
Kansen en bedreigingen ......................................................................................................................................................................... 21 6.1
Bedreigingen .............................................................................................................................................................................. 21
6.2
Kansen ........................................................................................................................................................................................ 21
Bijlage 1 groenagenda...................................................................................................................................................................................... 22
3
1
GROEN IN GETALLEN
1.1
M2 OPENBAAR GROEN / INWONER
Het richtgetal dat het Rijk in de Nota Ruimte aan gemeenten meegeeft voor nieuwbouwlocaties is 75 m 2 groen per woning. Als we kijken naar het openbaar groen dan voldeed 61% van de gemeenten in 2003 niet aan het richtgetal van 75 m2 groen per woning. In Utrecht, Rotterdam en Den Haag blijft de hoeveelheid constant op respectievelijk 36, 53 en 56 m2. In Amsterdam is de hoeveelheid groen per woning iets toegenomen van 36 naar 38 m2. Gebieden met veel groen per woning zijn Flevoland, Drenthe en de Veluwe. Daar is én veel openbaar groen én er zijn er minder woningen. In tabel 1een opsomming van de in gemeente Kaag en Braassem aanwezige “groene” gebieden: Table 1 Opsomming groen gebieden Kaag en Braassem
Groen gebied Hemmen Ghoybos Hanepoel T eerste stuk De Bult / Nieuwe Wetering Broekbosjes Drechtoever
Oppervlakte (ha) 20.000 200.000 50.000 30.000 50.000 10.000 10.000 370.000
26.500 = 14 m2
Met een inwoner aantal van 26500 komen we op een ca 14 m2/inwoner.
1.2
AANTAL BOMEN / INWONER
Volgens de kaart uit figuur 1 komen we in Kaag en Braassem op 2,7 bomen per inwoner. Daarmee bevinden wij ons in de onderste regionen van Nederland. Het is niet vreemd dat in onze gemeente met al zijn polders niet te vergelijken is met een gemeente rondom de Veluwe. Doordat er in onze gemeente nooit een groenbeleid is geweest is hier ook nooit aandacht voor geweest.
Figure 1 Aantal bomen / ha / inwoner1
1
Bron: https://eenvandaag.avrotros.nl/item/staan-er-veel-of-weinig-bomen-in-jouw-gemeente-op-deze-kaartkan-je-het-zien/ 4
1.3
ADVIES
Vormen van een groenvisie met daarbij behorend budget dat door de raad wordt goekgekeurd met een meerjarige groenverbeterplan; • • • •
Een groenambitie voor de hoeveelheid vierkante meter groen per inwoner; Een groenambitie voor onderhoud en beheer; Een groenambtenaar belast met de uitvoering van dit plan; Een realisatie stappenplan voor de ontwikkeling van nieuwe groen gebieden; voorbeelden hiervan; o Op basis van ecologische hoofdstructuur en aansluitend op de landelijke of provinciale initiatieven. o Voor iedere boom die gekapt wordt dienen er 3 drie nieuwe terug geplaatst te worden; o Stroken langs snelwegen, sloten en watergangen waar mogelijk laten verwilderen en de natuur te laten zorgen voor de begroeing van de bermen door natuurlijke inheemse soorten; o Aansluiten bij het nationale bomenplan: 1 boom voor iedere inwoner van Nederland; o Jaarlijks invulling geven aan de boomfeestdag: ieder jaar een andere kern / andere school voor lokale aanplant van groen en boom. o Inwoners stimuleren voor het plaatsen van bomen in eigen tuinen. Hiervoor kunnen bijvoorbeeld jaarlijkse steen-breek activiteiten georganiseerd worden en kan bijvoorbeeld informatie verschaft worden over inheemse meest geschikte tuin-soorten om aanplant te stimuleren. o Ruimte zoeken voor extra aanplant van inheemse boomsoorten binnen de kernen, om aan de doelstelling om het aantal bomen per inwoner te vergroten te realiseren.
Dit is niet alleen goed voor de biodiversiteit, het is ook goed voor de klimaatadoptatie en kan het hittestress voorkomen
5
2
NATUUR NETWERK IN KAAG EN BRAASSEM
2.1
ALGEMEEN
Natuur Netwerk Nederland (NNN) is sinds 2013 de naam van de ecologische hoofdstructuur van Nederland: een samenhangend netwerk van bestaande en toekomstige natuurgebieden in Nederland. Het vormt een belangrijk onderdeel van het natuurbeleid. Streven is de biodiversiteit in Nederland ten minste te stabiliseren, en dus verdere achteruitgang tegen te gaan: het door de EU aanvaarde standstillbeginsel. Sinds 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor natuurbeleid en de verdere ontwikkeling en beheer van NNN. Het Rijk stelt sinds 2014 jaarlijks een bedrag van ongeveer € 100 miljoen ter beschikking voor de realisering van het natuurnetwerk. Het Natuurnetwerk Nederland is opgebouwd uit kerngebieden, natuurontwikkelingsgebieden en verbindingszones. • • •
Kerngebieden zijn nationale parken en andere natuurterreinen, landgoederen, bossen, grote wateren en waardevolle agrarische cultuurlandschappen die minimaal 250 hectare groot zijn. Natuurontwikkelingsgebieden zijn gebieden met goede mogelijkheden voor het ontwikkelen van natuurwaarden, van nationale en/of internationale betekenis. Verbindingszones zijn gebieden die kern- en natuurontwikkelingsgebieden als het ware aan elkaar knopen.
Het doel is ook om deze structuur te laten aansluiten op ecologische verbindingszones in het buitenland.
2.2
AMBITIE PROVINCIE ZUID HOLLAND
Vanaf 1 januari 2019 moet er meer dan 1.300 hectare worden verworven en ongeveer 3.300 ha worden ingericht als ‘nieuwe natuur’. En de provincie wil dat er nog meer dan 100 kilometer aan ecologische verbindingen bijkomt. De provincie wil deze opgave zoveel mogelijk laten uitwerken en realiseren op regionaal niveau. Daar waar de grondeigenaar dat wil, kan hij met subsidie de gewenste nieuwe natuur zelf realiseren. De grootste projecten die nu lopen betreffen de Krimpenerwaard en het gebied Gouwe Wiericke.
2.3
NNN IN DE GEMEENTE KAAG EN BRAASSEM
Ook in gemeente Kaag en Braassem loopt een “ader” van het natuur netwerk. Gek genoeg is dit niet of nauwelijks bekend binnen de gemeente en maakt het nog geen deel uit van de nieuwe Maatschappelijke Ruimtelijke Structuurvisie (MRSV). Volgens de kaart uit figuur 1 loopt het natuur netwerk (paars) van Zuid West naar Noord Oost en brengt het de Leidse Ommelanden (Vlietlanden) in verbinding met de Nieuwkoopse plassen. Het traject volgt de Kromme Does, de Wijde Aa, een deel van het Braassemermeer en De Hemmen en staat vervolgens in verbinding met de Langeraarse plassen en de natuur via de Leidse Vaart.
6
Figure 2 NNN in gemeente Kaag en Braassem2
2.4
ADVIES
Ons advies is om het Natuur Netwerk, de groene buffers, natuurgebieden en belangrijke weidevogelgebieden, op te nemen in de Omgevingsvisie. Daarnaast helpt het toekennen van een beschermde status, waarin geen ruimte wordt geboden aan intensieve recreatie en andere ontwikkelingen, in de bescherming van de deze kwetsbare waardevolle gebieden aantasten. De volgende gebieden zouden in aanmerking moeten komen voor een beschermde status: • • •
• • • •
De Zuidoever van het Braassemermeer ‘natuurreservaat De Hemmen’ tussen Woubrugge en Rijnsaterwoude. De oevers langs de Leidsevaart tussen Rijnsaterwoude en Langeraar. De oevers langs de Kromme Does en de Wijde Aa, tussen Hoogmade en Woubrugge. Broekbosjes en schraalgraslanden langs de Plasdijk, inclusief Plaspolder. Broekbosjes en schraal-graslanden langs de Oudelandsedijk inclusief Boepolder. (Riet) percelen langs de zuidoever van de Ringvaart bij Leimuiden en langs de N207 bij Leimuiden. De Drechtoevers tussen Leimuiden en Bilderdam. Natuurgebied De Hanepoel, de Leendert de Boerspolder en 't Eerste Stuk bij Nieuwe Wetering. Buurterpolder bij Rijpwetering.
Verder zou om aan de ambitie van de provincie Zuid-Holland om meer nieuwe natuur te ontwikkelen te voldoen: De aan de noordzijde van Woubrugge gelegen ‘Boepolder’ in de polder Oudendijk, tussen de Leidse Slootweg en de Oudelandsedijk (onderdeel Natuurnetwerk), in de toekomst omgevormd kunnen worden tot natuurgebied. Om zo een robuuste groene buffer te vormen met natuurwaarden en waterbergingscapaciteit.
2
Bron: https://www.zuid-holland.nl/overons/feiten-cijfers/interactieve/ 7
3
WEIDEVOGELGEBIEDEN
Onze gemeente wordt gekenmerkt door zijn cultuurhistorische waardevolle polders en vele wateren. Een bij uitstek geschikt landschap voor weide- en watervogels. Dit belang wordt ook onderkend door de Provincie en een groot deel van de polders in onze gemeente is aangemerkt als belangrijk Weidevogelgebied. In onderstaande figuur 2 ziin deze gebieden aangegeven als onderdeel van Natuur Netwerk Nederland. Het gaat hierbij om de volgende polders: • • • • • •
De Veenderpolder & Lijkerpolder, Roode polder, Akkerslootpolder, Buurterpolder, Aderpolder, polder Waterloos in Rijpwetering. Blauwe polder, Vrouwe Vennepolder, Zweilanderpolder in Oud Ade Polder Oudendijk, Boepolder, Zwetpolder in Woubrugge Vlietpolder, Doespolder, Frederikspolder in Hoogmade Grote Heilige Geestpolder in Leimuiden. Kaagerpolder op Kaag eiland
Figure 3 Belangrijke weidevogelgebieden in Kaag en Braassem3
3
https://www.zuid-holland.nl/overons/feiten-cijfers/interactieve/ 8
3.1
VOGELTELLING ADE-RIJNSTREEK
Een groot gedeelte van deze gebieden ligt aan de westzijde van de gemeente. Dit aangesloten gebied is aangemerkt als de Ade-Rijnstreek(4397 ha). In 2019 heeft in dit gebied in opdracht van gemeente Zuid Holland een vogeltelling plaats gevonden. De belangrijkste resulaten van dit onderzoek, uitgevoerd door van der Goes en Groot: • • • • •
In 2019 zijn in de Ade-Rijnstreek 24 soorten weidevogels integraal geïnventariseerd in een gebied van 4397 ha, voornamelijk bestaande uit grasland. Van 14 soorten zijn in het totaal 1581 territoria vastgesteld. Daarvan komen er acht voor op de Rode Lijst (Zomertaling, Slobeend, Grutto, Tureluur, Visdief, Veldleeuwerik, Graspieper en Gele kwikstaart). Kievit is verreweg de talrijkste soort, gevolgd door Krakeend, Grutto en Scholekster. Het verspreidingspatroon van Grutto en Tureluur komt sterk overeen. Beide Rode Lijst-soorten zijn afhankelijk van vochtige weilanden met voldoende insecten voor de jongen.
Figure 4 Open grasland (uit rapportage van der Goes en Groot):
9
3.2
Actieplan: Boerenlandvogels Zuid-Holland 2019-2027i
Actieplan: Boerenlandvogels Zuid-Holland 2019-2027ii De Tweede Kamer heeft in juni 2015 de motie Grashoff-Leenders aangenomen waarin wordt gevraagd om, in overleg met de provincies, met een landelijk dekkend voorstel te komen om de instandhouding en het herstel van de weidevogelpopulaties te realiseren. In reactie op deze motie hebben WUR en Sovon een scenariostudie uitgevoerd, waarbij de grutto en de kerngebiedenbenadering leidend zijn. De conclusie is glashelder: het huidige beleid is ontoereikend om de achteruitgang van weidevogels te stoppen; voor een duurzame en stabiele weidevogelstand zijn meer maatregelen nodig. Bij continuering van het huidige beheer met de huidige inrichting zal de populatieomvang verder dalen, waarbij de grutto op termijn zelfs mogelijk verdwijnt uit Nederland (toenemende kwetsbaarheid bij afnemende aantallen). Het rapport stelt ook dat met optimalisatie van beheer en inrichting in zowel landbouw- als natuurgebied (waarvoor een investering nodig is van vele tientallen miljoenen) een substantiële verbetering van de weidevogelstand mogelijk is. Provincie Zuid-Holland trekt 6,3 miljoen extra uit voor bescherming weidevogels Er komen de laatste decennia minder weide- en akkervogels voor in Nederland, ook in de provincie ZuidHolland.
De provincie Zuid-Holland wil daarom 6,3 miljoen euro extra uittrekken voor de bescherming van de weidevogels in de provincie. De provincie zet naast de bestaande instrumenten ter behoud van de biodiversiteit zoals het beheer van het Natuurnetwerk Nederland en het agrarisch natuurbeheer in op integrale, gebiedsgerichte en praktijkgerichte verbeterplannen.
3.3
ADVIES
Hierbij volgen wij 1 op 1 het advies zoals omschreven in het rapport van van der Goes en Groot inzake de vogeltelling inventarisatie van 2019. Maatregelen die gunstig zullen uitpakken voor weidevogels in het gebied zijn: •
• • • •
Opheffen van onderbemalingen, hierdoor ontstaat vernatting en daarmee betere vestigingsmogelijkheden voor weidevogels, een tragere grasgroei en treedt ook nog eens minder CO² uitstoot op. Geen vee inscharen op percelen waar weidevogels broeden in de broedtijd. Geen nesten zoeken, dit leidt tot verstoring en meer predatie. Matiger bemesten (geen drijfmest). Hierdoor wordt de grasmat ijler en beter toegankelijk voor kuikens en krijgen kruiden en insecten meer kans. Geen gebruik van landbouwgif in de percelen.
Daarnaast dient maximale ondersteuning / invulling gegeven te worden aan het actieplan: Boerenlandvogels Zuid-Holland 2019-2027
1
Zie link actieplan: Boerenlandvogels Zuid-Holland 2019-2027
10
4
BESTAANDE NATUUR / GROEN
In dit hoofdstuk volgt een overzicht van bestaande natuur, anders dan weidevogel gebieden en wateren, zoals aanwezig in Gemeente Kaag en Braassem. De informatie is afkomstig van diverse bronnen.
4.1
DE DRECHTOEVERS (BRON WEBSITE SITICHTING GROEN LICHT)
Tussen Leimuiden en Bilderdam, langs de zuidoever van het oorspronkelijke veenriviertje de Drecht, ligt natuurgebied De Drechtoevers, gelegen aan de Vriezekoop Zuid. Hoewel het niet een aaneengesloten natuurgebied is, zijn de aanwezige natuurwaarden, langs de oevers zoals rietkragen, bloemrijke graslandjes en percelen met verschillende soorten (knot)bomen hier toch aardig groot te noemen. Deze kleine landschapselementen worden sinds de jaren tachtig onderhouden door de Werkgroep
Figure 5 Foto van de drecht
De Drecht is al sinds de 11de eeuw bekend en werd in 1824 grotendeels gekanaliseerd. Vroeger ging veel scheepsvaart over de Drecht naar Amsterdam, tegenwoordig zijn het voornamelijk plezierbootjes. Bij de Tolhuiskade gaat de Drecht samen met het Aarkanaal over in het Amstel-Drechtkanaal. Langs De Drechtoevers komt flora voor zoals rietorchis, grote ratelaar, kale jonker, moeraswalstro, moerasspiria, watermunt, poelruit en dotterbloem. Ook vogel soorten als grote bonte specht, grasmus, spotvogel en boomkruiper komen hiervoor. In de boomgaarden naast de boerderijen broeden zelfs steenuilen. Op de Drecht kun je in de winterperiode nonnetje, tafeleend, wintertaling en krooneend treffen. Langs de Vriezekoop-Zuid staan een aantal oude boerderijen met oude stallen, schuren en prachtig aangelegde tuinen en boomgaarden. Hierlangs, en soms ook hier tussendoor slingert de vrij smalle weg richting Bilderdam. De achtergelegen Wassenaarsepolder werd in 1678 in gebruik genomen en ligt ruim 4 meter onder NAP. In de cultuurhistorische polder vindt zowel akkerbouw als veeteelt plaats. Ook hier kun je veel vogelsoorten zien zoals, grutto, kievit, Grote zilverreiger, lepelaar, watersnip en grauwe- en kolganzen.
11
Figure 6 Overzijde Drecht: Vriezekoop-Noord.
Aan de Noordzijde van de Drecht ligt Vriezekoop-Noord, gelegen in de polder Vriezekoop. Ook aan deze kant staan een aantal oude boerderijen. De Drecht, in combinatie met Vriezekoop-zuid, Vriezekoop-Noord, de zuidelijk gelegen Wassenaarse polder en de ten noorden gelegen polder Vriezekoop, vormen samen één van de mooiste plekken in de gemeente Kaag en Braassem. Bij Bilderdam ligt de provinciegrens met Noord-Holland, maar ook de gemeentegrens met Aalsmeer en Nieuwkoop. Net over de gemeentegrens, in de gemeente Nieuwkoop ligt natuurgebied de Geerpolder met de Geerpolderplas (Staatsbosbeheer).
4.2
DE HEMMEN (BRON WEBSITE STICHTING GROEN LICHT)
Langs de zuidoever van het Braassemermeer tussen Woubrugge en Rijnsaterwoude ligt natuurreservaat Zuiderhem, ook wel ‘De Hemmen’ genoemd. (Staatsbosbeheer). Het gebied bestaat in totaal uit zes eilanden, deze zijn ontstaan na een dijkdoorbraak in 1790. De dijk werd niet hersteld, in plaats daarvan werd er een nieuwe dijk aangelegd. Hierdoor zijn de eilanden uitgegroeid tot een waardevol natuur- en recreatiegebied, met namen als Grote Hem en Kleine Hem. Twee van de eilanden zijn ingericht voor recreatie en alleen bereikbaar per boot.
Figure 7 De Hemmen
De overige vier eilanden bestaan uit broekbos, met kleine delen rietland. De eilanden zijn niet toegankelijk, maar vanaf de Zwetweg en Woudsedijk te overzien. Bij de blauwe reigerkolonie waar tegenwoordig ook weer lepelaars broeden is een vogelkijkscherm geplaatst.
12
In de rietpercelen en ruigte broedt naast havik, bruine kiekendief en buizerd, ook spotvogel, bosrietzanger en rietgors, ook komt hier de zeldzame roerdomp nog voor. En sinds een aantal jaar ook de richting het noorden sterk toegenomen cetti’s zangers. Het natuurreservaat, waartoe ook een gedeelte van het Braassemermeer behoort, is een belangrijke ecologische verbinding en schakel in het Natuurnetwerk Nederland. Dit is mede te danken aan het feit dat de natuurlijke zuidoever van het Braassemermeer niet is doorsneden door jachthavens en andere bebouwing. In de ten zuidwesten van de eilanden gelegen Zwetpolder, foerageren in de winterperiode honderden grauween kolganzen. Op het Braassemermeer verblijven ook veel smienten, kuifeenden en krakeenden. Langs de Woudsedijk Zuid staan een paar oude boerderijen, gelegen in de Vierambachtspolder. Deze uitgestrekte en afwisselende polder, die zowel uit akkerbouw als veeteelt bestaat, is voor vogels een belangrijk foerageerbroed- en jachtgebied. Vanaf de Woudsedijk heb je prachtig zicht, met aan de ene kant het natuurgebied De Hemmen en aan de andere kant de diepgelegen polder Vierambacht. Hier komt naast de kievit ook de kneu en de gele kwikstaart voor, beide Rode Lijst soorten van Nederlandse broedvogels. Bovendien vormt deze polder een belangrijk jachtgebied voor torenvalk en bruine kiekendief.
Vogeltelling: Natuurgebied De Hemmen (Staatsbosbeheer) wordt door F. Verschoor gemonitord op broedvogels volgens de BMP-A methode van SOVON, hierdoor is de aantalsontwikkeling in dit gebied bekend.
4.3
DE HANEPOEL (BRON WEBSITE SITICHTING GROEN LICHT)
In 1977 werd door Koos Kolijn een stukje dijk gekocht bij de Hanepoel in Nieuwe Wetering. Het was alleen een kale dijk waar koeien op liepen. Na het plaatsen van een beschoeiing en het planten van bomen zoals els, wilg, meidoorn en berk, zijn er bramenstruiken gekomen, via de vogels die zaden meenamen. Voor de plantensoorten die hiervoor komen, zoals: dotterbloem, pluim- en oeverzegge, harig wilgeroosje, valeriaan en moerasspirea, is de juiste gelegenheid gecreëerd. In 1998 richtte Koos Kolijn de Stichting Jacobus Natuurgebied Hanepoel op, met als doelstelling: het behoud van natuurwaarden in het gebied de Hanepoel. Later heeft hij de hele dijk van de Hanepoel in bezit gekregen. Het is een stiltegebied waar geen motorboten mogen komen. In de winterperiode worden de knotbomen geknot en het riet gemaaid.
Figure 8 De Hanepoel
13
De Hanepoel kent een natuurlijke oorsprong, het maakte in 1530 deel uit van het Kagermeer. Het Kagermeer was één van de vier meren, waaruit het Haarlemmermeer bestond. Tegenwoordig bekent als Kagerplassen. In de 17e eeuw werd het Haarlemmermeer steeds groter, hierdoor werd het één groot meer dat het Leidsche Meer werd genoemd. De Ringvaart werd in 1852 gegraven, toen het Haarlemmermeer werd drooggemaakt. Naast de Hanepoel ligt polder het Noordveen, de polder en Hanepoel grenst aan de Ringvaart en de Haarlemmermeerpolder. Polder het Noordveen (29 ha) heeft zijn naam te danken aan zijn ligging ten noorden van de in 1784 drooggemaakte Veender- en Lijkerpolder en werd veel later drooggemalen dan deze twee polders doormiddel van een stoomgemaal. Na droogmaking en verkaveling was polder het Noordveen jarenlang voor tuinbouw bestemd, door de geïsoleerde ligging en matige grond werd dit vanaf 1950 meer weiland. Tegenwoordig beheert Stichting Jacobus hier ook drie weilandjes. Dit probeert men zo natuurlijk mogelijk te doen. Dat betekent maaien na het broedseizoen, geen (kunst)mest en in het najaar uitbaggeren van de sloten.
Figure 9 Polder het Noordveen.
In de polder grazen schapen en koeien. Een klein moerasje in de polder, ontstaan uit een wel, is omheind en er zijn wilgen gepland. Langs het gebied loopt een wandelpad, genaamd de Aderoute. De vogelsoorten die in het gebied voorkomen zijn onder andere blauwborst, kleine karekiet, rietzanger, rietgors en koekoek. Ook is purperreiger, roerdomp en bruine kiekendief waargenomen in het gebied. Vlakbij de Hanepoel en polder het Noordveen staat de Mopmolen. Deze achtkantige grondzeiler is in 1752 gebouwd en staat langs de Mopsloot en bemaald de Veender- en Lijkerpolder.
4.4
DE WIJDE AA
De Wijde Aa is een oeroude veenstroom die door oeverafslag sterk verbreed is, hierdoor zijn de natuurlijk gevormde oevers ontstaan. Aan de zuidkant van de Wijde Aa bij Ofwegen het witte bruggetje over kronkelt het fietspad over de Plasdijk naar Woubrugge. Vanaf hier heb je goed zicht op de rivier Wijde Aa en de Veendermolen aan de overzijde. Onderaan de Plasdijk ligt de Plaspolder, een schraal grasland in bezit van Staatsbosbeheer dat minimaal wordt bemest met zogenaamde ruige mest, dit is om het gebied botanisch te verrijken. Het vormt een ideaal jachtgebied voor roofvogelsoorten als bruine kiekendief, torenvalk en buizerd. In de ruigte en rietkragen broeden soorten als rietzanger, kleine karekiet, grasmus en rietgors. Daarnaast zorgen in de Plaspolder onder andere krakeenden, hazen en fazanten voor hun nageslacht.
14
Achter de slaperdijk ligt polder Oudendijk, hier komen nog veel weidevogels tot broeden zoals grutto, tureluur, kievit en slobeend. Maar ook bergeend en Lepelaar wadend met z’n snavel door de sloten.
Figure 10 Plaspolder, Plasdijk en aan de overzijde van Wijde Aa de Veendermolen.
Verder zijn langs de oevers van de Wijde Aa broekbosjes en kleinschalige rietlandjes te vinden. Hier komen veel verschillende vogelsoorten voor zoals kneu, rietzanger, rietgors, kleine karekiet, blauwborst, koekoek en sinds een paar jaar ook de cetti's zanger. Vogeltelling: Dit gebied wordt door M. Hoogendoorn gemonitord op broedvogels volgens de BMP-A methode van SOVON, hierdoor is de aantalsontwikkeling in dit gebied bekend. Het is een zeer waardevol gebied en maakt onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederlanden vormt een ecologische verbindingszone vanwege de hoge natuurwaarden die hier nog te vinden zijn. Langs de Plasdijk bloeien in het voorjaar behalve fluitenkruid en koolzaad ook dotterbloem, pinksterbloem, koekoeksbloem en brede orchis. Onderin de Plasdijk staan rijen knotwilgen en knotelzen, met daarin een verscheidenheid aan plantensoorten waaronder varens. In de winterperiode zijn in dit gebied veel overwinterende vogels te vinden. In de polder Oudendijk en Plaspolder zitten grauwe- en kolganzen. Ook wintertaling, smient en grote zilverreiger zijn hier dan te zien. Er worden ook regelmatig ‘overwinterende’ velduilen waargenomen die in de Plaspolder een gedekte tafel aan muizen vinden! Op de Wijde Aa kun je in de winterperiode behalve ijsvogel ook soorten als kuifeend, krakeend, smient, nonnetje, brilduiker en kleine zwanen treffen.
Aan de noordzijde van de Wijde Aa in Roelofarendsveen ligt de Veenderpolder, een waardevol weidevogelgebied waarin zowel akkerbouw als veeteelt plaatsvindt. In het vroege voorjaar verzamelen zich hier bovenaan de dijk van de Wijde Aa een groot aantal weidevogels om op te vetten na een lange reis. Een aantal weidevogelsoorten broedt in de Veenderpolder, zoals kievit, grutto en tureluur. Het gebied is zeer geliefd bij recreanten, op het water zijn in de zomer veel bootjes te vinden. Verder is er aan de beide kanten van de Wijde Aa een zwemplek ingericht. Langs de Wijde Aa staat behalve de landschappelijk zeer waardevolle Veendermolen (type grondzeiler), aan de overzijde bij Hoogmade de Vlietmolen (type wipmolen). Hier aan de westkant gaat de Wijde Aa over in de Kromme Does. Aan oostkant mondt de Wijde Aa bij het Paddegat uit in het Braassemermeer en de Woudwetering.
15
4.5
GHOYBOS
Het Ghoybos gelegen aan de rand van onze gemeente (nabij Leiderdorp) maakt deel uit van de Leidse Ommelanden. Het is ca 20 Ha groot en is ooit ontstaan als productiebos. Na de aanleg van een pannenkoeken boerderij, omlegging van de weg en nieuwe hoogspanningsmasten is het resterende productiebos omgebouwd tot een multifunctioneel park. Met de aanleg van wandelpaden, slootjes, bruggen, een amfitheater, honden behendigheidsparcour, uitkijktoren en lasergamebos is het productiebos omgetoverd naar een recreatiebos.
Figure 11 Ghoybos (bron: Rondom Kaage en Braassem)
4.6
NATUUR IN EN RONDOM NIEUWE WETRING
4.6.1 T EERSTE STUK (BRON WEBSITE HET EERSTE STUK) 't Eerste Stuk ligt aan de Achterweg-Molenweg-Korte Oostweg in Nieuwe Wetering. Op de grens tussen een veenweide- en kassengebied. De grond is eigendom van de gemeente Kaag en Braassem. Begin jaren negentig van de vorige eeuw is hier een derde tuinbouwgebied aangelegd. Ter compensatie van het verlies aan natuur en landschap heeft de Grontmij hier in 1992 een stukje natuur gecreëerd. Sinds december 1997 wordt dit unieke stukje nieuwe natuur beheerd door Vereniging 't Eerste Stuk.
Figure 12 Het eerste stuk (Bron website het eerste stuk)
16
4.6.2 DE BULT (BRON WEBSITE DE BULT) Natuurbelevingstuin De Bult (2015) is dé natuurbelevingstuin van Kaag en Braassem. Een stuk grond van 2 hectare waar genoten kan worden van een aangelegde natuurlijke omgeving. Een groene plek voor iedereen uit de gemeente Kaag en Braassem en daaromheen. Onder de noemers 'Maak van de nood een deugd' en 'Natuurbeleving in en om het dorp', de strook tussen de HSL en Nieuwe Wetering leefbaar maken. Zijn de bulten gras en struiken voorkomend uit de aanleg van de HSL en verbreding van de A4 omgetoverd tot een natuurbelevingstuin. Een gebied waar genoten kan worden van de natuur door iedereen. Een waterspeeltuin voor kinderen, een pluktuin, een tuin met bankjes waar genoten kan worden van natuur, vogels, vlinders bijen en bloemen. Door het plaatsen van de juiste bomen is er een filter voor het fijnstof en het geluid van de A4 en HSL gemaakt.
Figure 13 Foto's van de bult
4.7
NATUUR IN EN RONDOM LEIMUIDEN
Rondom Leimuiden zijn enkele rietlanden gesitueerd in aansluiting met grotere rietlanden in / aan de Westeinderplassen (Noord Holland). Deze rietlanden ingetekend in figuur:14 zijn onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland en geklassificeerd als natuurgebied (niet bebouwen). Dat de percelen waardevol zijn en rijk aan verschillende vogelsoorten waaronder van de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels, blijkt wel door de inventarisaties volgens de BMP-A methode van SOVON, verricht in 2016 door M. Hoogendoorn. Tijdens de broedperiode zijn dat jaar van april tot juni maarliefst 30 verschillende vogelsoorten aangetroffen. Er broeden behalve rietvogels als rietgors, rietzanger, kleine karekiet en bosrietzanger ook bruine kiekendieven. Daarnaast ook soorten als kneu, zwartkop, tuinfluiter en spotvogel. Het gaat in dit geval om het perceel rietland langs de Ringvaart, ingeklemd tussen Meerewijck II en het Noordeinde, ten noorden van de Grietpolderweg.
17
Figure 14 Print out NNN kaart (Leimuiden) Zuid Holland
18
5
DE GROTE WATEREN
5.1
BRAASEMERMEER
Het Braassemermeer, plaatselijk bekend als de Braassem, is een 425 hectare groot meer in het noorden van Zuid-Holland. In een oude koopbrief van 1 april 1296 wordt het meer "die Mere van Rinsaterwald" genoemd. Het Braassemermeer ligt in de gemeente Kaag en Braassem, met Roelofarendsveen op de west- en Rijnsaterwoude op de oostoever. In het zuiden van het meer bevindt zich het natuurgebied De Hemmen. Via het Paddegat is het meer verbonden met de Wijde Aa en de Woudwetering. Via de Oude Wetering is het meer verbonden met de Ringvaart. Daarmee loopt de scheepvaartroute van de Oude Rijn naar de Ringvaart door het meer. De natuur in en rondom het Braassemermeer wordt aan de zuidkant in belangrijke mate gekenmerkt door De Hemmen. Aan de oostzijde van de Braassem (ten westen van de kern Rijnsaterwoude) is nog een waardevolle open polder, die in de toekomst voor waterberging (verhogen waterpeil) in combinatie met natuurontwikkeling zou kunnen worden ingezet. Ten noordoosten van de Braassem ligt de Grote Heilige Geestpolder tussen Rijnsaterwoude en Leimuiden, deze cultuurhistorische waardevolle polder is thans voor akkerbouw en veeteelt in gebruik, ook zijn er langs de Willem van der Veldenweg waardevolle landschapsellementen te vinden zoals geriefbosjes. Langs de oever staat de fraaie Geestmolen, de landschappelijke waarde van deze molen is erg groot te noemen.
De Grote Heilige Geestpolder is door de Provincie Zuid-Holland aangemerkt als belangrijk weidevogelgebied. De overige oevers zijn veelal bebouwd en of voorzien van harde beschoeiing. Het Braassemermeer is in zekere mate rustgebied voor watervogels, ook om te overnachten. Er verblijven in de winterperiode op het meer onder andere veel smienten, ganzen, zwanen, nonnetjes en brilduikers. Verder broeden er visetende soorten als ijsvogel, dodaars, en futen. Ook worden kuifeend, zomertaling en wintertaling hier gezien.
5.1.1 VEENSE POLDER De Veense polder is van oudsher een tuinderpolder met veel water. Door de achteruitgang van de landbouw door schaalvergroting zijn veel landerijen en sloten verwilderd en heeft de natuur terrein gewonnen. Helaas wordt deze jonge natuur in snel tempo teniet gedaan door stadsachtige nieuwbouwprojecten met strakke oevers met weinig tot geen ruimte voor groen. Vooral de rijen elzensingels, die langs de sloten in dit gebied, stonden waren erg waardevol, de elzenproppen zijn delicatessen voor allerlei zangvogels zoals sijs, groenling en putter, de vogels trekken graag van boom naar boom door gebieden, daarom vormen ze ook belangrijke schakels. .
5.2
KAGERPLASSEN
De Kagerplassen vormen een langgerekt stelsel van ondiepe veenplassen dat zich in een ZW-NO richting uitstrekt tussen de Merenwijk in Leiden en de zuidpunt van de Haarlemmermeer. De plassen hebben een gezamenlijke oppervlakte van 250 ha. (excl. 't Joppe). Ze vormen een onderdeel van het boezemstelsel binnen het Hoogheemraadschap van Rijnland en hebben een belangrijke functie bij het bergen en doorvoeren van water. Na de veenontginning zijn de plassen door afkalving en erosie langzaam groter geworden. Ze hebben een gemiddelde diepte van 3,4 m. Het Zweiland is op sommige plaatsen 12 à 13 m diep; hier heeft rond 1960 namelijk zandwinning plaatsgevonden. Het waterpeil in de Kagerplassen ligt hoger dan het maaiveld van het omringende polderland.
19
't Joppe (93 ha.) is de enige niet-natuurlijke plas. Deze plas ontstond door de behoefte van Leiden aan zand. Er vindt nog steeds zandwinning plaats in 't Joppe en deze plas is dan ook veel dieper: gemiddeld 13 m met een maximale diepte van 39 à 42 m. De oevers van 't Joppe zijn zeer steil. Daardoor is er ook een groot ecologisch verschil tussen 't Joppe en de andere plassen. Het watervolume van 't Joppe is even groot als dat van alle andere plassen tezamen (beiden ongeveer 12 miljoen m3). Vanwege al deze omstandigheden wordt 't Joppe niet altijd tot de Kagerplassen gerekend. Enkele van deze eilanden (Lakerpolder en Kogjespolder) zijn bij staatsbosbeheer in beheer. De minstens tien eilanden in de Kagerplassen geven de plassen een zeer lange oeverlijn in verhouding tot het beperkte wateroppervlakte. Van Zuidwest naar noordoost liggen er vijf relatief grote eilanden in de plassen. De waterkwaliteit van de Kagerplassen is laag. Omdat de plassen deel uitmaken van het boezemstelsel en er een constante doorstroming is heeft het water een korte verblijftijd. De waterplanten scoren eveneens slecht. Slechts 20% van de oevers is bedekt met oeverplanten; als bescherming tegen golfslag door scheepvaart zijn veel oevers hard gemaakt met beschoeiing of door stortsteen.
Ook is slechts 4% van het wateroppervlak bedekt met drijfbladplanten; ondergedoken waterplanten ontbreken geheel in het systeem. Het water lijkt voor deze soortgroepen te troebel door de opwerveling van slib (onder andere door brasems, wind en scheepvaart) en door de aanwezige algen. Ook de zachte bodem bemoeilijkt de vestiging van waterplanten. De grote rol van gebiedsvreemd water in de plassen bemoeilijkt de verbetering van de waterkwaliteit aanzienlijk. Niettemin is men de laatste jaren begonnen met de aanleg van onderwatertaluds (met name aan de luwe zijden van de plassen) en het zo veel mogelijk natuurvriendelijk inrichten van de oevers. De aanleg van natuurvriendelijke oevers door het creëren van een geleidelijke overgang tussen water en land vergroot de mogelijkheden voor de ontwikkeling van water- en oeverplanten. Hierdoor ontstaan er ook meer leefmogelijkheden voor macrofauna en vissen. Doordat de waterplanten ook nutriënten vastleggen wordt ook de concentratie voedingsstoffen in het water lager wat de overmatige groei van algen en kroos beperkt. Daarnaast remmen waterplanten ook de opwerveling van zwevend stof van de bodem en bevorderen ze het uitzakken van dit stof naar de bodem. Het water in de oeverzones wordt hierdoor helderder. Dit is vervolgens weer gunstig voor de groei van waterplanten, maar indirect ook voor de macrofauna en vissen.
Ook zouden delen van de plassen gecompartimenteerd kunnen worden om meer gebiedseigen water te krijgen. In de Kagerplassen zit ca. 215 kg vis/ha hetgeen een normale waarde is voor een Nederlands meer. Brasem is de meest dominante soort met een gewichtsaandeel van 69%, verder zijn ook snoekbaars (10%) en karper (6%) goed vertegenwoordigd. In aantallen worden voornamelijk pos (54%), brasem (30%) en baars (9%) aangetroffen. In de diepe plas 't Joppe zijn de ecologische omstandigheden anders. Door de zeer steile oevers zijn er nauwelijks oeverplanten of andere (ondergedoken) waterplanten en zit er minder vis: ca.98 kg/ha. Ook hier is Brasem de dominante soort. Er zit ook veel paling (10 gewichts%).
5.3
WATER OVERIG / ADVIES
In onze gemeente is veel water, zijn er veel oevers en iedere oever is natuur: Simpelweg de oever waar mogelijk te vergroten en bij onderhoud te kiezen voor natuurvriendelijke oevers. Dat kan een enorme stimulans betekenen voor het leven in en rondom het water en daarmee bijdragen aan de biodiversiteit, de waterkwaliteit, de berging van water en aan de natuurbeleving. Langs zo'n ecologische oever zouden bijvoorbeeld rijen met knotelzen of knotwilgen kunnen worden aangeplant.
20
6
KANSEN EN BEDREIGINGEN
6.1
BEDREIGINGEN
De groene ruimte staat onder voortdurende druk en ondergaat diverse bedreigingen: Opsnoepen van open landschap door: • • • • • • •
Uitbreiding A4 Versnippering ongecontroleerde bouw van woningen en woonerven Plannen voor Veenderveld 2 Recreatie woningen Passanten havens Nieuwbouw projecten (Leimuiden, Roelofarendsveen) Energie transitie: zonnepanelen en windmolens
Vermindering biodiversiteit: • • • • •
6.2
Vervuiling (Afval, Stikstof, geluid) Verdroging / droogte Grootschalige toerisme Grasvalt (monocultuur op de grasvelden), verdwijnen van kleinschalige landschapselementen Geen visie / geen beleid / geen finianciele middelen: kappen en maaien
KANSEN
Gelukkig zijn er voldoende kansen om het tij te keren en zijn de inwoners in Kaag en Braassem zich in groeiende mate bewust (aangewakkerd door de huidige corona crisis) van de absulute stimulans van de biodiversiteit. De volgende regelingen / ontwikkelingen / situaties kunnen bijdragen aan een stimulans in groenontwikkeling. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Nationale bomenplan, boomfeestdag, 3voor1, steenbreek; Actieplan boerenlandvogels Zuid Holland, waterberging (ook droogte bestreiding), natuurvriendelijk beheer van gras en akkerlanden (oevers); NNN: 100 miljoen euro voor ontwikkeling en aanleg natuurgebieden, Stikstof problematiek: omslag naar duurzame landbouw / biologisch(er) boeren, kringlooplandbouw Uitbreiding A4 / ringvaart aquaduct: wisselgeld voor aanleg / onwikkeling van groen corridoor rondom de A4; Energie transitie: Synergien: wind / zon en natuur; Aanleg / ontwikkeling van natuurlijke oevers; Burgerinitiatieven zoals “het Land van ons”
Maar het start bij bewustzijn, absulute wil en het uitdragen van een gezamelijke visie!
21
BIJLAGE 1 GROENAGENDA
Thema’s
Groen agenda Kaag en Braassem Defenitie Aanpak
A. Groen singels
Gaat over groen beleving in en rondom woonkernen: Meer groen in woonomgeving
1. Groen singles 1.0 als inspiratie, uitbreiden met ideeën van andere kernen; “Buitengebied” buiten beschouwing 2. Eerste brainstorm 2 mrt 2020, vervolg sessie voor meerdere ideeën, wellicht aanhaken bij dorpsraden 3. Ideeën uitwerken en groen singels plan per kern opstellen.
B. Natuur
Natuurwaarde van gemeente Kaag en Braassem. Ruimte voor natuur en biodiversiteit
1. Uitwerken bestaande natuur: Opstellen van gebieden, omschrijven van natuurwaarde; 2. Kansen voor uitbreiding / versterking van gebieden inventariseren; 3. Kansen bespreken / uitwerken ism eigenaren (boeren, gemeente, provincie, waterschappen) 4. Subsidies check; 5. Gesprekken met natuurorganisaties opstarten 6. Meten is weten: meer aandacht voor monitoring
C. Participatie
Meer eigenaarschap / draagvlak bij inwoners, bedrijfsleven, gemeente, scholen creëren
1. Krachten bundelen: Groen platform: vanuit stichting groen licht 2. Meer aandacht voor groeneducatie (plan DZH platform uitrollen 3. Kader in Hier in de regio 4. Groen coaches; 5. Excursies / thema bijeenkomsten etc 22
23