CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

48_jaarstukken 2022_GG

Gemeenteraad 3 juli 2023, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Jaarstukken 2022.35.156 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

14 alinea's met “vreemd”: 908 1381 1388 1392 1398 1405 1411 1415 1419 1425 1432 1434 1442 1449

55

Signaalwaarde De netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen draagt dezelfde signaalwaarden als de netto schuldquote. Oordeel: groen In 2022 is de netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen goed en iets verbeterd ten opzichte van 2021 en valt veel gunstiger uit dan begroot. Oorzaak Dat ook dit kengetal gunstiger uitvalt dan bij de begroting werd voorzien heeft dezelfde oorzaak als toegelicht bij het kengetal van de netto schuldquote. Perspectief Hoewel bovenstaande percentages binnen de grenzen van het minst risicovolle gebied blijven en ook zijn gedaald in de afgelopen vier jaar en “groen” scoren, verwachten we wel dat deze percentages in de jaren 2022-2026 verder oplopen als gevolg van geplande grote investeringen voor onder meer wegen, bruggen, onderwijshuisvesting en het Masterplan Sportpad. Bij de Begroting 2023 en bij toekomstige raadsvoorstellen voor grote investeringen (waaronder Sportpad) zal daarom in de presentatie aan uw raad blijvend expliciet aandacht worden besteed aan de gevolgen van deze besluiten voor de financiële positie van de gemeente, zodat uw raad deze informatie mee kan nemen in de besluitvorming.

3. Solvabiliteitsratio In dit kengetal wordt het eigen vermogen uitgedrukt in een percentage van het balanstotaal. Hoe hoger het percentage hoe beter de gemeente in staat is om aan haar financiële verplichtingen te kunnen voldoen. Kengetal: solvabiliteitsratio

Verslag 2021

Begroting 2022

Verslag 2022

34%

24%

42%

Inzicht Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Signaalwaarde Waarde > 50% 20% > 50% < 20%

oordeel minst risicovol neutraal meest risicovol

Oordeel: oranje De solvabiliteitsratio is na een daling in 2019 (in verband met overheveling rioolmiddelen van bestemmingsreserve naar voorziening), van 26% in 2019, 30% in 2020, 34% in 2021 naar 42% per 2022. De ratio is daarmee een fors stuk hoger dan geraamd. Hoewel de waarde volgens de signaalwaarden “oranje” scoort, is de waarde daarmee wel ruim boven de door uw raad vastgestelde norm van minimaal 20%. Oorzaak De leningenpositie heeft een sterke invloed op de verhouding tussen vreemd vermogen en eigen vermogen en daarmee op de solvabiliteit waarbij het eigen vermogen wordt afgezet tegen het totale vermogen. De leningenpositie in onze gemeente is in belangrijke mate beïnvloed door

56

Braassemerland, waarvoor in de voorliggende jaren aanzienlijke geldleningen zijn aangetrokken. Dat de solvabiliteit gunstiger is dan geraamd komt doordat de extra leningen in verband met de geraamde investeringen nog niet in 2022 zijn aangetrokken door vertraging in het uitgavenpatroon van deze investeringen. Ook heeft de vertraging van de werkzaamheden een positief effect op het resultaat, waardoor ook de solvabiliteit een hogere waarde krijgt. Perspectief Ook hier geldt dat exploitatieoverschotten zorgen voor een toename van het eigen vermogen en daarmee een positief effect hebben op de solvabiliteitsratio. Na 2022 zijn de exploitatieresultaten door het wegvallen van de precarioheffing en de toename van de lasten voor de jeugdzorg fors lager. Het aflossen van geldleningen heeft een positief effect. Met de investeringen in de onderwijshuisvesting en ook andere investeringen voor Focus met Ambitie is de verwachting eerder dat de leningenportefeuille zal toenemen en daarmee ook het balanstotaal. Afhankelijk van hoe zich dit verhoudt tot de toename van het eigen vermogen, zal de solvabiliteit in de periode na 2023 gelijk blijven of verder dalen. Uiteraard bewaken wij de ondergrens hierin.

4. Structurele exploitatieruimte In dit kengetal worden de structurele baten verminderd met de structurele lasten en dit saldo wordt weergegeven in een percentage van de totale baten. Kengetal: structurele exploitatieruimte

Verslag 2021

Begroting 2022

Verslag 2022

9%

1%

10%

Inzicht Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de begroting is. Een positief percentage geeft aan dat de structurele baten van de gemeente toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Hiermee kan worden beoordeeld of de gemeente in staat is structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Signaalwaarde Waarde Begrotingsruimte > € 0 Begrotingsruimte = € 0 Begrotingsruimte < € 0

oordeel minst risicovol neutraal meest risicovol

Oordeel: groen Het jaarrekeningresultaat geeft een structureel exploitatieoverschot en krijgt daarmee een “groene” score. De structurele exploitatieruimte is hoger dan begroot. Oorzaak Wij verwijzen u naar de toelichting per programma en per taakveld, waarin uitgebreid is ingegaan op de verschillende oorzaken. Daarnaast is in grote lijnen een toelichting in de inleiding en in het raadsvoorstel bij deze jaarstukken gegeven. Perspectief Het meerjarenperspectief in de Begroting 2022 geeft dankzij de positieve effecten van de septembercirculaire 2021 een positief exploitatiesaldo. Door de laatste tegenvaller in de kosten voor de jeugdzorg is het perspectief voor 2024 e.v. momenteel negatief. Bij de Richtnota 2023 zullen wij ook andere ontwikkelingen met financiële effecten verwerken in het meerjarenbeeld. Te denken valt hierbij aan ontwikkelingen ten aanzien van Focus met Ambitie, wegen, kunstwerken en ICT. Bij de Richtnota hopen wij u meer duidelijkheid te kunnen geven over de effecten van de herverdeling van

57

het gemeentefonds en de plannen van het Rijk ten aanzien van de opschalingskorting en de bezuinigingen op de jeugdzorg. Zoals landelijk bekend is de verwachting dat er weinig financiële ruimte zal zijn voor grote nieuwe plannen van een nieuwe raad. Voor bijvoorbeeld de onderwijshuisvesting en het Masterplan Sportpad zijn door uw raad al stelposten in onze meerjarenbegroting opgenomen. Uiteindelijk zal wel bij de Richtnota blijken of zonder inzet van extra maatregelen een duurzaam gezond resultaat haalbaar blijft.

5. Kengetal grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de boekwaarde van de grondposities) is ten opzichte van de jaarlijkse baten. Kengetal: grondexploitatie

Verslag 2021

Begroting 2022

Verslag 2022

11%

11%

7%

Inzicht Dit kengetal geeft aan of een gemeente verhoudingsgewijze veel middelen heeft geïnvesteerd in haar grondexploitatie. Dit is geld dat nog terugverdiend moet worden uit de grondverkopen. Het risico of dit wel of niet lukt is afhankelijk van de vraag en het aanbod. Signaalwaarde Waarde < 20% 20% > 35% > 35%

Oordeel minst risicovol Neutraal meest risicovol

Oordeel: groen Uit de berekende kengetallen kan worden geconcludeerd dat de gemeente in het verslagjaar 2022 een gezonde grondpositie heeft. Het percentage ligt iets lager dan begroot en is in de afgelopen jaren steeds iets gunstiger geworden. Oorzaak Het percentage is lager dan begroot en lager dan voorgaand verslagjaar en blijft daarmee “groen”. Het percentage is in 2022 voornamelijk gedaald door de beëindiging van grondexploitatie Connexxion Leimuiden met een boekwaarde van € 1,2 miljoen. Deze gronden zijn overgeheveld naar de materiële vaste activa. Voor een toelichting op de grondexploitaties verwijzen wij u naar paragraaf 7. Perspectief Jaarlijks worden de grondexploitaties geactualiseerd en worden de verwachte kosten en opbrengsten en de parameters door de organisatie met een toets van de accountant opnieuw beoordeeld. Verondersteld mag dan ook worden dat de huidige boekwaarden, verminderd met de daarvoor beschikbare verliesvoorzieningen, in de komende jaren kunnen worden “terugverdiend” met de opbrengsten uit de grondverkopen. Naar verwachting zal het percentage in de komende jaren wel wijzigen. We verwachten een daling door het geplande afsluiten van een aantal grondexploitaties, zoals Regenboogweg Nieuwe Wetering Noord en Centrumplan Leimuiden (beide gepland in 2022) en voormalig gemeentehuis Rijnsaterwoude (gepland in 2023).

Anderzijds verwachten we in de verdere toekomst weer een stijging als gevolg van plannen die verband houden met de tweede fase van Masterplan Sportpad.

58

6. Kengetal belastingcapaciteit Het kengetal belastingcapaciteit drukt de gemiddelde belastingdruk uit in een percentage ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Kengetal:

Verslag 2021

Begroting 2022

Verslag 2022

belastingcapaciteit

118%

114%

114%

Inzicht Dit kengetal is voorgeschreven om inzicht te krijgen in de belastingcapaciteit. Hierbij wordt gekeken hoe de lokale belastingdruk zich verhoudt tot het landelijk gemiddelde. Bij de afvalstoffenheffing en het rioolrecht wordt in onze gemeente uitgegaan van 100% kostendekkendheid. Bij het rioolrecht zit deze op 100%. Bij de afvalstoffenheffing op 94%. Door hogere inkomsten lag het dekkingspercentage hoger dan begroot. In de begroting 2023 e.v. wordt ook op afval 100% kostendekkendheid nagestreefd. Afwijking van het landelijk gemiddelde vergt een nadere analyse van de hoogte van de lasten die bij deze onderdelen worden gemaakt en de mate/wijze waarin deze worden doorbelast in de tarieven. De capaciteit bij de OZB kan worden afgelezen door het tarief te vergelijken met het landelijk gemiddelde en in absolute zin door de ruimte van het eigen tarief in vergelijking tot de artikel 12-norm (zie hiervoor de onbenutte belastingcapaciteit, in deze paragraaf). Signaalwaarde Waarde < 95% 95% > 105% > 105%

oordeel minst risicovol neutraal meest risicovol

Oordeel: rood In onze gemeente ligt de gemiddelde belastingdruk in het verslagjaar 2022 met 115% boven het landelijk gemiddelde tarief en is daarmee hoog. De waarde is daarmee meest risicovol. Oorzaak OZB Het in onze gemeente gehanteerde OZB-tarief voor woningen ligt lager dan het landelijk gemiddelde. Dat de lasten in absolute zin toch hoger uitvallen ten opzichte van het landelijk gemiddelde zit in het feit dat bij de berekeningen wordt uitgegaan van een landelijke gemiddelde woningwaarde van € 271.000 (waarde 1-1-2020 voor aanslag 2021) terwijl in onze gemeente voor de berekening een gemiddelde waarde van € 347.000 geldt. De hogere woonlasten op dit onderdeel bestaan dus uit een hogere gemiddelde woningwaarde in onze gemeente ten opzichte van het landelijk gemiddelde. In 2021 steeg de gemiddelde woningwaarde in onze gemeente 16% ten opzichte van 2020, landelijk was de stijging 7%. Deze hogere stijging van de gemiddelde waarde in onze gemeente ten opzichte van de landelijke stijging verklaart de stijging van het kengetal ten opzichte van 2020 (van 115% naar 118%). Afvalstoffenheffing Uw raad heeft besloten om per 1 januari 2018 Diftar in te voeren. 2018 was een overgangsjaar, waarbij eenmalige korting is gegeven op beide tarieven voor afvalstoffenheffing. Ook deze korting heeft bijgedragen aan een lagere belastingdruk dan geraamd.

In de afgelopen drie jaar zijn de kosten voor de verwerking van afvalstoffen sterk gestegen, procentueel meer dan de afvalstoffenheffing. Daardoor is de afvalstoffenheffing niet kostendekkend. Door de snellere groei van het aantal huishoudens dan waar in de begroting vanuit was gegaan lag de kostendekkendheid wel hoger dan begroot. In de komende jaren groeien we naar 100% kostendekkendheid.

59

Rioolheffing De rioolheffing is in onze gemeente fors hoger dan het landelijk gemiddelde. In 2016 is het GRP geactualiseerd en bij de Perspectiefnota 2017 is het tarief naar beneden bijgesteld tot € 262 in 2017. In het in 2016 bijgestelde GRP 2014-2018 wordt voor de tarieven uitgegaan van een jaarlijkse stijging van 1%, vermeerderd met de prijsindex. Deze groei is ook gehanteerd in het GRP 2019-2023. In 2019 en in 2020 bleek dat het aantal rioolaansluitingen sneller was gestegen dan in het GRP was voorzien. Daarom is ook eind 2021 bij het vaststellen van de tarieven riool opnieuw besloten de tarieven voor 2022 gelijk te laten aan het tarief in 2020 en 2021. Perspectief De totale woonlasten zullen hoger blijven dan het landelijk gemiddelde. Dit komt in onze gemeente door de hogere WOZ-waarden dan landelijke gemiddelden en door de hoge tarieven van de rioolheffing. Dit laatste heeft te maken met het lage aantal inwoners in relatie tot de grondoppervlakte van onze gemeente en de grondsoort. Eind 2018 is het GRP 2019-2023 vastgesteld en jaarlijks is deze met gelijkblijvende tarieven geactualiseerd. Door snellere uitbreiding van het areaal en daarmee het aantal aanslagen was het mogelijk om de indexering achterwege te laten. Door de verwachte kostenstijgingen wordt er per 2023 wel weer een verhoging met de indexering verwacht. Onze afvalstoffenheffing is niet kostendekkend.

Bij het vaststellen van de begroting 2022 en de verordening 2022 is besloten om vanaf 2023 wel 100% kostendekkendheid na te streven. Of daarmee ook de lasten voor de inwoners stijgen is ook afhankelijk van de hoeveelheid afval en het soort afval dat wordt aangeboden door de inwoner en is daarmee gedeeltelijk door de inwoner zelf te beïnvloeden.

60

Paragraaf 3 – Onderhoud kapitaalgoederen Introductie De gemeente beheert de openbare ruimte en gebouwen waarin wordt gewoond, gewerkt en gerecreëerd. De gemeente beschikt over kapitaalgoederen zoals gebouwen, wegen, kunstwerken, riolering, speelvoorzieningen, groen en water. Vanzelfsprekend moeten deze kapitaalgoederen worden onderhouden. Door middel van visies, beleidsplannen en beheerplannen wordt richting gegeven aan het meerjarig beheer en onderhoud van deze kapitaalgoederen. Het onderhoud gebeurt op een sobere en doelmatige wijze, waarbij wordt voldaan aan wettelijke richtlijnen. In 2022 is de openbare ruimte onderhouden aan de hand van het IBOR (Integraal Beheerplan Openbare Ruimte) 2020-2024, welke 27 januari 2020 is vastgesteld. Overzicht beheerplannen De volgende beheerplannen vormen het uitgangspunt voor het beheer van de openbare ruimte, de gewenste kwaliteit en de hiervoor beschikbare budgetten. Beheerplan

Datum raadsbesluit

Looptijd t/m

Financiële vertaling in begroting

IBOR 2020-2024 Riolering (GRP) Gebouwen (MJOP) 20202024 Civiele kunstwerken Water (Baggerplan)

Januari 2020 Q4 2018 Q4 2019

2024 2023 2024

Ja Ja Ja

2020-2024 2014

2024 2023

Ja evaluatie in 2023 Ja

KAPITAALGOEDEREN IN OPENBARE RUIMTE

Integraal beheer openbare ruimte Kwaliteitsniveaus: De door de gemeenteraad vastgestelde kwaliteitsniveaus voor de openbare ruimte zijn gebaseerd op de CROW-standaard voor beeldkwaliteit. Deze kwaliteitsniveaus zijn de basis voor het beheer en de onderbouwing voor de beschikbare budgetten. In de figuur hieronder zijn de in het IBOR 2020-2024 vastgestelde kwaliteitsniveaus per beheercategorie weergegeven. Beheeronderdelen die niet in het IBOR zijn meegenomen betreft civiele kunstwerken, speelvoorzieningen, riolering en gebouwen. Inzet en ambities voor deze beheeronderdelen is vastgelegd in aparte beheerplannen.

61

Wegen Kaders waarbinnen het wegbeheer wordt uitgevoerd zijn: de CROW-richtlijnen, de Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR), het eerdergenoemde IBOR en de samenwerkingsovereenkomst met het hoogheemraadschap van Rijnland. De reconstructieprojecten worden gerapporteerd in de Voortgangs- en Verantwoordingsmonitor. In 2022 is uitvoering gegeven aan of zijn voorbereidingen getroffen voor verschillende reconstructies en grote onderhoudsprojecten. Meest in het oog springende project was de reconstructie van de Willem van der Veldenweg in Leimuiden. Het afgelopen jaar is gekenmerkt door extreme prijsstijgingen in verband met de oorlog in Oekraïne. De prijs van asfalt en staal (voor de damwanden) is substantieel verhoogd en zakt nog niet naar het oude niveau. De vraag is of dit ooit nog zal gebeuren. In de begroting voor 2023 is daarom ook om een verhoging gevraagd en toegekend. Tot slot, en dat zien we ook bij de kredieten, de rioleringsprojecten en de civiele kunstwerken, lopen we bij de werkzaamheden aan onze wegen ook aan tegen capaciteitsproblemen. Ingenieursbureaus hebben last van de krapte op de arbeidsmarkt en zijn druk, waardoor de voorbereiding van projecten vertraging oploopt. Riolering De kaders waarbinnen het beheer en onderhoud van de riolering vallen, komen uit het Gemeentelijk Rioleringsplan 2019 - 2023 (GRP). In 2023 wordt er een nieuw GRP 2024-2028 opgesteld.

In 2022 heeft er een tussentijdse bureaustudie plaatsgevonden waarin de onderdelen van het GRP 2019-2023 zijn geïnventariseerd en uitgezet bij de 3 raamcontractanten van de gemeente. Hoofddoelstelling hiervan is dat belangrijke stappen zijn gezet naar het toekomstbestendig maken van het beheer van ons afvalwatersysteem en de financiële & maatschappelijke risico’s afnemen. Groen Het afgelopen jaar is het areaal bomen verder gestegen naar een totaal van 9886 bomen. Bij de herinrichting van de openbare ruimte is steeds meer aandacht voor het ontstenen en vergroenen. Daar waar bestrating niet noodzakelijk is, wordt steeds vaker gekozen voor groen. Dit heeft wel als gevolg dat er ook steeds meer groenbeheer is. Op dit moment is dit werk vanwege een reeds aangestelde extra groenploeg nog te overzien. Als de trend van vergroenen doorzet zullen er in de toekomst structureel extra middelen voor beschikbaar gesteld moeten worden. Water Door de ligging van onze gemeente in het veenweidegebied van Nederland hebben we relatief veel water binnen onze gemeentelijke grenzen. Onderhoud vindt plaats als gevolg van de inspectie die in 2020 uitgevoerd is in opdracht van de gemeente. Tot dat moment was het onduidelijk hoeveel watergangen beschoeid waren en in welke conditie deze zich bevonden. Het totale areaal betreft op dit moment circa 47 km beschoeide watergang.

Er is in 2020 vastgesteld dat er 10 km beschoeiing vervangen moet worden. Per kalenderjaar is er de mogelijkheid om ca 1km beschoeiing te vervangen. Op dit moment staat er nog 8 km beschoeiing in de planning om te vervangen. Ook rondom de verplichte baggerwerkzaamheden is een inhaalslag gemaakt. Elk jaar wordt er in een gedeelte van de gemeente onderzocht welke watergangen gebaggerd moeten worden. Vanwege de inspanning van de afgelopen jaren liggen de baggerwerkzaamheden komend jaar weer op schema. Civiele kunstwerken Door de aanwezigheid van veel oppervlaktewater binnen de gemeentegrenzen bezit de gemeente relatief veel civiele kunstwerk objecten. In 2020 is het beheerplan vastgesteld, waarna er hard is gewerkt om grip op de technische staat van de kunstwerken te krijgen. Dit betreft een wijziging van sturen op incident- naar risico gestuurd werken, het op orde brengen van de areaalgegevens en het aantal kunstwerken dat de gemeente in beheer heeft. Daarnaast hebben

62

alle objecten een uniek ID nummer toegewezen gekregen t.b.v. identificatie in het veld. Ook zijn de object gegevens geïntegreerd en gekoppeld aan het beheerssysteemsoftwarepakket van de gemeente. Hoofddoelstelling hiervan is dat belangrijke stappen zijn gezet naar het toekomstbestendig maken van het beheer van onze civiele kunstwerkobjecten en de financiële & maatschappelijke risico’s afnemen. Vigerende Resultaatstabel 1 objecten 2022

Naast vaste bruggen zitten er in het areaal ook tien beweegbare bruggen die jaarlijks geïnspecteerd worden en technisch onderhoud ondergaan. Dit worden er in het kalenderjaar 2025 elf, omdat de Vroonlandsebrug wordt overgedragen van het Hoogheemraadschap Rijnland naar de gemeente. In 2022 heeft de Rekenkamercommissie een onderzoek uitgevoerd naar het beheer van onze civiele kunstwerken. Dit onderzoek is begin 2023 opgeleverd. In de loop van 2023 zullen de onderzoeksresultaten en de toegezegde tussentijdse evaluatie van het beheerplan met de gemeenteraad worden besproken. Gebouwen De gemeente is eigenaar van diverse gebouwen. De gebouwen worden beheerd en onderhouden aan de hand van een meerjarig onderhoudsplan (MJOP) dat door de raad is vastgesteld en eens in de vier jaar wordt geactualiseerd. Het bedrag dat per jaar gemiddeld nodig is voor de uitvoering van het MJOP wordt jaarlijks in de voorziening onderhoud gebouwen gestort. Met een jaarplan wordt bepaald welke werkzaamheden er worden uitgevoerd, ook met het oog op de toekomst. Het huidige MJOP is vastgesteld voor 202-2024. De vastgoedstrategie voor gebouwen is niet veranderd, hierbij gaan we nog steeds uit van ‘afstoten tenzij’. Er lopen gesprekken over een drietal gebouwen voor overname.

De oude schoollocatie in Rijnsaterwoude waaronder de voormalige school, kinderdagverblijf en de sportzaal zijn in beheer bij een leegstandsbeheerder en zijn onderdeel van een grotere ontwikkeling. Gebouwen en opstallen kunnen terugvallen aan de gemeente zoals bijvoorbeeld na de realisatie van een IKC. Verenigingsgebouwen en gronden worden soms verkocht of in gebruik gegeven door middel van een recht van opstal. Het gebouw (de opstal) is van de vereniging maar de gronden blijven eigendom van de gemeente. De gemeente is ook aan het nadenken over de eigen huisvesting. Daarnaast werken we samen met het Sportbedrijf dat voor ons diverse sportlocaties in beheer heeft en het onderhoud verzorgt. Financiële kaders In onderstaande figuur zijn de geraamde en de werkelijke kosten/opbrengsten voor 2022 van de exploitatie weergegeven:

63

Exploitatie 2022 2.000 1.800 1.600 1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 -

Wegen

Riolering

Groen

Water

Begroting 2022 na wijziging

1.831

788

764

378

Openb. verl. 541

Werkelijke lasten 2022

1.320

599

703

292

521

Kunstwe speelvoo rken rz. 1.373 41 931

36

*) Bedragen x € 1.000. Dit betreft de lasten en baten per taakveld, inclusief salarislasten en kapitaalslasten.

De budgetten 2022 zijn niet volledig besteed. Belangrijkste oorzaken hiervoor zijn leveringsproblemen van specifieke materialen voor kunstwerken (bruggen) en de werkzaamheden rond de aanleg van nutsvoorzieningen. Deze liggen buiten de invloedssfeer van de gemeente. Er zijn, als gevolg van aanloopproblemen met een nieuwe leverancier, minder veegrondes en minder werkzaamheden voor onkruidbestrijding uitgevoerd dan was voorzien. Tot slot is er een hogere degeneratievergoeding ontvangen dan was begroot. Deze vergoeding moet worden betaald wanneer een externe partij de weg openbreekt voor werkzaamheden. Het bedrag is bedoeld om eventuele latere schade aan het wegdek te kunnen verhelpen (bijv. verzakking). Dit bedrag (217K) zal in 2023 worden uitgegeven.

64

Paragraaf 4 – Financiering In de Financiële verordening van de gemeente Kaag en Braassem is in artikel 20 opgenomen dat de gemeente jaarlijks bij de begroting en de jaarstukken in de paragraaf financiering verslag doet van de wijze waarop de gemeente de treasuryactiviteiten uitvoert. Hierbij komen in ieder geval de volgende punten aan de orde: • de kasgeldlimiet; • de renterisiconorm; • de rentevisie; • het kredietrisicobeheer; • de liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte voor de komende vier jaar; • de schulden met een looptijd korter dan een jaar en het gemiddelde verschuldigde rentepercentage; • de schulden met een looptijd langer dan een jaar en het gemiddelde verschuldigde rentepercentage; • de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente aan grondexploitaties, investeringen en taakvelden wordt toegerekend. Hiermee is deze paragraaf het instrument voor het transparant maken van de treasuryfunctie. De uitgangspunten en richtlijnen voor het treasurybeleid zijn vastgelegd in de financiële verordening (artikel 16). De regels voor de uitvoering van de treasuryfunctie zijn opgenomen in het treasurystatuut.

RENTERISICOBEHEER __________________________________________________________________________ Wet Fido en financiering De wet Fido beoogt decentrale overheden een kader te geven om renterisico’s op leningen zo beperkt mogelijk te houden. Renterisico ontstaat door wijzigingen in rentepercentages van opgenomen langlopende leningen en kasgeldleningen. Er zijn twee verplichte richtlijnen in de wet Fido om de renterisico’s te bewaken en beheersen; de kasgeldlimiet voor korte financiering en de renterisiconorm voor lange financiering. Kasgeldlimiet De door het rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten voor de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de korte schuld (looptijd < 1 jaar) tot 8,5% van de totale lasten van de primaire programmabegroting. Voor 2022 bedraagt de limiet voor de gemeente Kaag en Braassem € 5,4 miljoen. Bij het aantrekken van kortlopende financiering wordt bewaakt dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van drie achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet niet overschrijdt. In het onderstaande overzicht is zichtbaar dat de kasgeldlimiet in 2022 niet is overschreden, aangezien de gemeente gedurende het grootste deel van het afgelopen jaar een overschot aan middelen heeft gehad.

65

Kasgeldlimiet 2022

1 jan 2022

1 feb 2022

1 mrt 2022

1 apr 2022

1 mei 2022

1 jun 2022

1 jul 2022

1 aug 2022

1 sep 2022

1 okt 2022

bedrag x € 1.000 1 dec 1 jan 2022 2023

1 nov 2022

vlottende schuld: Kasgeldlening Liquide middelen (1) vlottende schuld:

794 794

1.834 1.834

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

vlottende middelen: Deposito Liquide middelen (2) vlottende middelen:

0

0

3.585 3.585

4.827 4.827

7.473 7.473

9.434 9.434

12.520 12.520

7.533 7.533

8.419 8.419

8.140 8.140

5.112 5.112

5.042 5.042

317 317

794

1.834

-3.585

-4.827

-7.473

-9.434 -12.520

-7.533

-8.419

-8.140

-5.112

-5.042

-317

(3) netto vlottend (+) of overschot middelen (-) (4) gemiddelde van (3) kasgeldlimiet (7) begrotingsomvang (8) het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage (5) kasgeldlimiet (7x8) (6a) ruimte onder de kasgeldlimiet (5>4) (6b) overschrijding van de kasgeldlimiet (4>5)

-319

-7.244

-9.490

-6.098

63.775 8,5% 5.421

63.775 8,5% 5.421

63.775 8,5% 5.421

63.775 8,5% 5.421

-5.740

-12.665

-14.911

-11.519

Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijden van de kapitaalmarktleningen (looptijd > 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar moet worden aangepast. Het rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van de totale lasten van de primaire programmabegroting. Het maximale bedrag aan aflossingen en renteherziening op de vaste schuld bedraagt daardoor in 2022 € 12,8 miljoen. In 2022 is voor € 10,6 miljoen afgelost; waardoor de renterisiconorm niet is overschreden. Op basis van de meerjarenbegroting is de verwachting dat we de renterisiconorm de komende jaren niet zullen gaan overschrijden. 2022

2023

2024

2025

bedrag x € 1.000 2026

(1a) renteherziening op vaste schuld o/g

0

0

0

0

0

(1b) renteherziening op vaste schuld u/g

0

0

0

0

0

(1) netto renteherziening op vaste schuld (1a-1b)

0

0

0

0

0

(2) betaalde aflossingen

10.613

10.623

11.883

12.894

1.405

(3) renterisico op vaste schuld (1+2)

10.613

10.623

11.883

12.894

1.405

63.775

70.208

70.362

70.487

66.529

20%

20%

20%

20%

20%

(4) renterisiconorm (4ax4b)

12.755

14.042

14.072

14.097

13.306

(5a) ruimte onder renterisiconorm (4>3)

2.142

3.419

2.189

1.203

11.901

Renterisico(norm) op vaste schuld renterisico op vaste schuld

renterisiconorm (4a) begrotingsomvang (4b) het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage

(5b) overschrijding renterisiconorm (3>4)

Rentevisie De Euriborrentes hebben een tijd lang onder de 0% gelegen doordat de Europese Centrale Bank (ECB) een ruim monetair beleid heeft gevoerd om de economische groei in het eurogebied te ondersteunen. Maar ondertussen zijn - door het verkrappen van het monetaire beleid en door het herprijzen van de ECB-rentes - de rentes weer gestegen en komen dit jaar weer ruim boven de 0% uit. De rentevisie van de BNG is dat de rentetarieven Euribor 3-maands naar verwachting verder zullen oplopen het komende jaar naar rond de 3,7% ultimo 2023. Het EONIA rentetarief (daggeldrente rekening-courant schatkist) is per 2022 vervangen door het ESTER rentetarief (Euro Short-Term Rate); en is dit jaar gestegen tot rond de 1,9% ultimo 2022. Door hoge inflatie, economische ontwikkelingen, oorlog in Oekraïne en het door het ECB verkrappen van het monetair beleid / herprijzen ECB-rentes; is het rentepercentage voor langlopende leningen het afgelopen jaar flink gestegen en komt uit op 3,42% ultimo 2022 (10 jaar fixe BNG). De rentetarieven van langlopende leningen zullen mede onder invloed van een aantrekkende inflatie en een minder actief aankoopbeleid van obligaties van de ECB naar verwachting verder gaan oplopen tot rond de 3,82% ultimo 2023.

66

De gemiddelde rente over de leningenportefeuille bedroeg in 2022 1,84%. Door de aantrekkende rente op de kapitaalmarkt is de verwachting dat de gemiddelde rente over de leningenportefeuille zal gaan stijgen door het aflopen en herfinancieren van langlopende leningen en het aantrekken van nieuwe langlopende leningen tegen een ongunstiger rentetarief.

KREDIETRISICOBEHEER __________________________________________________________________________ Regeling Schatkistbankieren voor decentrale overheden en uitgezette gelden De regeling Schatkistbankieren heeft tot gevolg dat de decentrale overheden verplicht zijn om financiële overschotten, als ze die hebben, bij het rijk onder te brengen. De maatregel is bedoeld om de EMU-positie van Nederland te verbeteren. Overtollige middelen mogen alleen in rekening-courant en via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden (niet zijnde verticaal toezicht). Wel is er sprake van een bepaald drempelbedrag dat de gemeente maximaal buiten de schatkist van het rijk mag houden. De ondergrens van het drempelbedrag is verhoogd van 0,75% naar 2% van het begrotingstotaal; wat voor de gemeente Kaag en Braassem neerkomt op € 1,3 miljoen in 2022. Over de middelen die een decentrale overheid in de schatkist aanhoudt, vergoedt de schatkist rente (ESTER / daggeldrente (r/c) of inleenrente (deposito)). De stand in de schatkist per 31 december 2022 is voor de gemeente € 0 (r/c saldo) en € 0 (depositosaldo). In onderstaande tabel is zichtbaar dat gerekend over een heel kwartaal het op dagbasis buiten de schatkist aangehouden bedrag gemiddeld niet hoger is dan het drempelbedrag ad € 1,3 miljoen.

bedrag x €1.000 Gemiddeld buiten de schatkist aangehouden bedrag 2022

1e kwartaal

238

2e kwartaal

402

3e kwartaal

412

4e kwartaal

370

Verstrekte leningen en uitgezette leningen De gemeente Kaag en Braassem heeft uit hoofde van haar publieke taak leningen (door)verstrekt aan woningcorporaties, verenigingen/stichtingen, SVn (Stimuleringsfonds Volkshuisvesting) en personeel (hypothecaire leningen; er worden geen nieuwe hypothecaire leningen verstrekt). Eind 2022 is er aan (door)verstrekte leningen een boekwaarde van € 4,4 miljoen. Daarnaast is een converteerbare obligatielening aan Alliander beschikbaar gesteld van € 2,7 miljoen. Verstrekte gemeentegaranties De gemeente Kaag en Braassem staat eind 2022 voor een aantal geldgevers ten bedrage van € 0,5 miljoen borg voor de betaling van rente en aflossing op langlopende geldleningen die zijn aangetrokken door verenigingen of stichtingen die activiteiten verzorgen die in het verlengde liggen van de gemeentelijke publieke taak. Tevens staat de gemeente garant voor hypotheken op woningen van inwoners ad € 1,4 miljoen. Dit betreft de afloop van in het verleden verstrekte garantstellingen, waarvoor de gemeente nog steeds garant staat. Al geruime tijd valt dit onder de Nationale Hypotheekgarantie (NHG) en de gemeente gaat sindsdien geen nieuwe garanties meer aan (voor hypotheken op woningen voor andere garantiestellingen stellen we ons terughoudend op).

Daarnaast staat het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) borg voor leningen aan woningbouwcorporaties ten bedrage van € 42,3 miljoen, waarbij de gemeente samen met het rijk in de achtervang staat. Het verlies dat achtervangers kunnen lijden, is beperkt tot de rentederving over leningen die ze bij een calamiteit aan het WSW moeten verstrekken. In het treasurystatuut is vastgelegd dat voor het verstrekken van leningen aan derden en het garanderen van middelen uit hoofde van de publieke taak goedkeuring nodig is van het college (tot

67

€ 50.000) dan wel de gemeenteraad (hoger dan € 50.000). De treasurycommissie is bevoegd tot het aantrekken en uitzetten van gelden. Tot en met juli 2021 had het WSW met de gemeente een ongelimiteerde achtervangovereenkomst voor de twee in de gemeente werkzame corporaties ‘Stichting Woondiensten Aarwoude’ en ‘Stichting MeerWonen’, tot een maximum van het door het WSW bepaald borgingsplafond (= wat een corporatie maximaal kan lenen gelet op de prognosegegevens van de corporatie (dPi)). WSW staat borg voor deze leningen, waarbij de gemeente samen met het rijk in de achtervang staat. Het verlies dat achtervangers kunnen lijden, is beperkt tot de rentederving over leningen die ze bij een calamiteit aan het WSW moeten verstrekken. In verband met de veranderde werkwijze van de achtervang heeft de WSW vanaf 1 augustus 2021 een nieuwe achtervangovereenkomst gesloten met alle gemeenten; waarbij alle contracten per die datum gelijk zijn getrokken. Hierbij worden de nieuwe leningen via een verdeelsleutel toegewezen aan de gemeenten waar de corporatie werkzaam is. Voorheen werd een lening één op één gekoppeld aan een gemeente.

GEMEENTEFINANCIERING __________________________________________________________________________ Wet Hof en EMU-saldo De wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet Hof) zorgt ervoor dat de schulden van de totale Nederlandse overheid niet te hoog worden. Het EMU-saldo van de decentrale overheden telt mee voor het EMU-saldo van de totale Nederlandse overheid. Om het EMU-saldo van de decentrale overheden gezamenlijk te bepalen, moeten de decentrale overheden gegevens aanleveren zoals het opnemen van de meerjarige EMU-begrotingsgegevens in de begroting. Daarnaast wordt de ontwikkeling van het EMU-saldo gevolgd door middel van verplichte rapportages (Iv3) aan het Centraal Bureau van de Statistiek. Voor decentrale overheden is een gezamenlijk plafond voor de tekortnorm vastgesteld (macronorm). Bij een (dreigende) structurele overschrijding van de vastgestelde tekortnorm voor de decentrale overheden samen, kunnen maatregelen volgen via een correctiemechanisme (bestuurlijke afspraken over verbeterplannen EMU-saldo) en in uiterste geval kan het sanctiemechanisme in werking treden (zoals het faseren van investeringen of in uiterste instantie het opleggen van kortingen). Voor de gemeente Kaag en Braassem is het gerealiseerde EMU-saldo over boekjaar 2022 + € 9,9 miljoen (= overschot).

Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte Voor het uitoefenen van de treasuryfunctie is inzicht nodig in de huidige en toekomstige kasstromen. Deze kasstromen bestaan uit: 1. de kasstroom uit operationele activiteiten (de exploitatie); 2. de kasstroom uit investeringen; 3. de kasstroom uit financieringsactiviteiten (aflossingen en stortingen van aangetrokken en uitgezette geldleningen). Het inzicht hierin wordt verkregen door het permanent actualiseren van onze liquiditeitsplanning. Uit de jaarcijfers 2022 is een financieringsoverschot van € 3,5 miljoen zichtbaar (excl. jaarrekeningresultaat). Dit zal voornamelijk ingezet worden voor de financiering van de bouwgrondcomplexen ad € 4,9 miljoen. In 2022 hebben we geldleningen afgelost en geherfinancierd, samen € 5 miljoen (voornamelijk in het verleden aangegane niet tussentijds aflosbare leningen voor onroerendgoedtransacties). Daarnaast zijn er verder geen kortlopende leningen aangetrokken.

68

Het onderstaande overzicht geeft de mutaties weer in de leningenportefeuille 2022 ev: 2022

2023

2024

2025

bedrag x € 1.000 2026

Stand per 1 januari

49.671

44.058

53.686

51.302

47.909

(her)financiering

5.000

20.250

9.500

9.500

0

Reguliere aflossingen

10.613

10.623

11.883

12.894

1.405

Mutaties in de leningenportefeuille

Vervroegde aflossingen

-

-

-

-

-

Stand per 31 december

44.058

53.686

51.302

47.909

46.504

Gemiddeld rentepercentage

1,84%

2,31%

2,90%

2,99%

2,96%

In tegenstelling tot de groei van de schuld (die aan een maximum gebonden is door de Wet Hof) is de hoogte van de schuld een politieke keuze zolang de schuld beheersbaar blijft. Dat wil zeggen dat de gemeente bij een scenario met economisch slecht weer genoeg geld moet overhouden om aan de schuldverplichtingen (aflossingen en interest) te kunnen blijven voldoen zonder dat de noodzakelijke publieke voorzieningen in de knel komen. Daarnaast is het de samenhang tussen meerdere factoren – in dit geval de schuldpositie, de structurele weerstandscapaciteit en de rek in de belastingopbrengsten – die bepaalt of de gemeente financieel gezond is (zie voor nadere toelichting paragraaf weerstandsvermogen). Financieringswijze Zolang de kortlopende rente lager is dan de rente op de kapitaalmarkt, wordt de ruimte die de kasgeldlimiet biedt zoveel mogelijk benut. Indien nodig worden langlopende leningen aangetrokken om een overschrijding van de limiet tegen te gaan. Bij de keuze van de looptijden van financieringsmiddelen is het uitgangspunt dat deze zoveel mogelijk aansluiten bij de financieringsbehoefte uit de liquiditeitsplanning.

RENTETOEREKENING EN RENTERESULTAAT __________________________________________________________________________ Het saldo van de externe rentelasten en -baten moet in eerste aanleg worden toegerekend aan de grondexploitatie en taakvelden die op projectbasis zijn gefinancierd. Het resterende saldo wordt samen met de rente die wordt berekend over voorzieningen die tegen contante waarde zijn gewaardeerd, omgeslagen naar de taakvelden die integraal zijn gefinancierd. Het renteomslagpercentage wordt vervolgens berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd (= 1,03%); waarbij het renteomslagpercentage binnen een marge van 0,5% mag worden afgerond (= 1,20%). Het financieringsresultaat voor 2022 komt dan uit op € 133.461 voordelig. Door de aantrekkende rente op de kapitaalmarkt is de verwachting dat de rekenrente zal gaan stijgen door het aflopen en herfinancieren van langlopende leningen en het aantrekken van nieuwe langlopende leningen tegen een ongunstiger rentetarief. Renteschema 2022

€ 907.363

De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem)

-/-

€ 195.025

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

€ 241.496 € 665.867

Saldo rentelasten en rentebaten

-/-

-€ 88.504 -/-

€ 106.521 € 559.346

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

€0

Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen

€ 263.544

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

€ 822.890

1,03%

€ 956.351 -€ 133.461

-0,17%

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld treasury

-/-

1,20%

69

Paragraaf 5 – Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering van de gemeente heeft een belangrijke rol in de realisatie van de doelen van de gemeente. Bedrijfsvoering is een onderdeel van zowel de primaire processen, dienstverlening aan inwoners, beleids- en bestuurlijke processen als de ondersteunende processen, het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning. De bedrijfsvoering en de daarbij behorende interne ondersteunende en dienstverlenende disciplines zijn: • Control • Financiën • Juridische zaken • HRM / Personeel en organisatie • Communicatie • Documentaire informatievoorziening • Facilitaire zaken • Informatie- en gegevensbeheer (ICT) • Burgerzaken • Vergunningen, toezicht en handhaving • Klantcontactcentrum Met uitzondering van ICT en Control is de bedrijfsvoering bij de gemeente Kaag en Braassem ondergebracht binnen één afdeling. Control is belegd in een afzonderlijke eenheid met een onafhankelijke positie in de organisatie en valt rechtstreeks onder de gemeentesecretaris. Hieronder lichten we de belangrijkste bedrijfsvoeringsonderdelen toe die in 2022 naast de reguliere werkzaamheden extra inspanningen hebben geleverd om de doelstellingen van de bedrijfsvoering te realiseren.

AMBTELIJKE ORGANISATIE EN PERSONEEL EN ORGANISATIE

__________________________________________________________________________ De ambtelijke organisatie van onze gemeente is een professionele organisatie die dienstbaar is aan de samenleving en het bestuur van Kaag en Braassem. Een aantal jaar geleden zijn we begonnen met een verdere doorontwikkeling van de organisatie. Deze organisatie: • heeft een regiefunctie bij de ontwikkeling en uitvoering van maatschappelijke en ruimtelijke taken; • bereikt efficiënt, effectief en klantgericht maatschappelijke doelen door samen te werken; • benut en stimuleert eigen verantwoordelijkheid van inwoners, bedrijven en instellingen; • communiceert open en duidelijk; • heeft aandacht voor de vraag naar en het leveren van producten en diensten; • ontvangt waardering van de inwoner voor de producten en dienstverlening die worden geleverd en zij laat leveren.

70

Organisatieontwikkeling In 2022 is een nieuwe stap gezet in de ontwikkeling van de ambtelijke organisatie. De nieuwe ontwikkeling is erop gericht om te werken aan een flexibele, professionele en innovatieve organisatie. Het college heeft de volgende doelstellingen voor de ambtelijke organisatie geformuleerd. • • • • •

We staan midden in de samenleving We zijn een sterke regiopartner We leveren een top dienstverlening We zijn een goede werkgever We zijn een professionele organisatie

Vanuit de organisatiedoelstelling is de organisatie aan de slag gegaan met de verdere uitwerking. Want wat is er nodig om invulling te geven aan deze organisatiedoelstellingen? Wat voor organisatie past hier bij? Dit heeft geleid dat er een visie op de organisatie is opgesteld en dat er invulling is gegeven aan de kaders waarbinnen we werken. Het college en de raad is gevraagd in te stemmen met het uitbreiden van formatie op enkele cruciale ondersteunende taken. Dit heeft ertoe geleid dat onder andere het aantal managers van vier naar zes is uitgebreid en dat er een concerncontroller wordt aangesteld. Na de komst van deze nieuwe medewerkers starten we met een leiderschapsprogramma om de nieuwe managers op te leiden. Een leiderschapsprogramma waarbij het 4R model centraal staat. Een werkwijze waarbij ruimte is om uitvoering te geven aan je eigen taken, maar waarbij ook interactie is tussen medewerkers onderling en tussen medewerkers en leidinggevenden.

Visie op samenwerking Voor de aansturing van de organisatie is gekozen voor een platte en smalle organisatie. We werken vanuit integraliteit. Het belang van de organisatie gaat boven het belang van de afdeling. De integrale benadering gaat boven de sectorale benadering. Dit vraagt ook integrale adviezen vanuit de organisatie aan het bestuur. En we gaan meer en meer werken vanuit de opgave. Dit heeft geleid tot een aanpassing van de organisatie per 1 maart 2023.

secretaris/ directeur

Middelen

Juridische zaken & Veiligheid

Raad

Concern control

Ruimte & Sociaal

burgemeester

College

Afdelingshoofden Concern adviseurs

Beheer &Projecten Cluster managers

Klantcontact & Informatie Buitendienst

Bestuursondersteuning

71

Op dit moment beschikt de gemeentelijke organisatie van Kaag en Braassem over 152,35 fte incl. 2,22 fte griffie. Dit is 5,33 fte per 1000 inwoners. Van deze 152,35 fte is momenteel 4,15 fte vacant. Dit houdt dus in dat de bezetting 148,20 fte bedraagt wat per 1000 inwoners 5,19 fte betekent. Omdat de gemeentelijke organisatie een aantal vacatures kent wordt extern ingehuurd om deze vacatures deels in te vullen. Ook wordt er extern ingehuurd als gevolg van projecten of ontwikkelingen die niet binnen de bestaande formatie kunnen worden opgevangen. Onder externe inhuur vallen ook de kosten voor onderhoud in de buitenruimte dat wordt uitgevoerd door Rijnvicus. In totaal bedroeg de externe inhuur in 2022 € 1.980.858,51. Ten opzichte van de totale loonsom van € 11.612.305 is dit 17,06%. Binnen de afdeling Bedrijfsvoering zijn alle bedrijfsvoeringstaken van de ambtelijke organisatie ondergebracht. Het merendeel van de activiteiten van de afdeling Bedrijfsvoering wordt tot de overhead gerekend. Onder overhead wordt verstaan alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Hierbij zijn BBV-regels en de uitgangspunten uit de Notitie Overhead van de BBV toegepast. Onze overhead bedraagt in 2022 € 7.882.678. Uitgedrukt in een percentage van de totale lasten, zijnde € 68.435.750 bedraagt dit percentage 11,52%.

Uitgedrukt per inwoner bedragen de apparaatskosten € 276 per inwoner. Cao ontwikkeling De huidige cao loopt van 1 januari 2021 tot 1 januari 2023. Door de hoge inflatie zijn de looneisen van de vakbonden stevig. In 2022 zijn de onderhandeling voor de nieuwe cao vastgelopen. Indien de onderhandelingen leiden tot een nieuwe cao, worden de financiële gevolgen verwerkt in de begroting. Door de hoge looneisen verwachten we een grote impact. Daarentegen worden de hogere uitgaven gecompenseerd door een hogere uitkering vanuit het Rijk. Ook daar stijgen de lonen en door het systeem trap-op-trap-af komt dit terug in de uitkering van het Rijk. Dienstverlening Ondanks de corona pandemie is de dienstverlening van de gemeente stabiel gebleven. Wel zien we als bestuur meer en meer het belang van een goede dienstverlening. De afdeling Bedrijfsvoering is veranderd in de afdeling Dienstverlening. Dit is meer dan een naamsverandering. Dit is een vertaling van het streven om onze dienstverlening nog veder te verbeteren. In 2023 starten we met een nulmeting naar onze huidige kwaliteit van dienstverlening. Boeien en binden In 2022 zijn we gestart met een introductieprogramma voor nieuw medewerkers. Een 2-daags programma voor medewerkers om de kernwaarden van de organisatie te leren kennen. Maar ook om de verbinding te maken tussen verschillende delen van de organisatie.

En natuurlijk ook om te zorgen dat men met plezier werkt bij onze mooie gemeente. Juist nu zoveel mensen thuiswerken is het maken van verbinding van groot belang om medewerkers te binden aan onze organisatie. Crisisorganisatie In 2022 hebben veel medewerkers één of meerdere trainingen gevolgd in het kader van de crisisorganisatie. Ook heeft er een team bevolkingszorg oefening plaatsgevonden. We beschikken momenteel over een goed opgeleide en getrainde crisisorganisatie. Aandachtspunt is het grote verloop onder het personeel, waardoor er veel nieuwe mensen opgeleid moeten worden.

72

FINANCIËN

__________________________________________________________________________ In de afgelopen jaren hebben we de P&C-cyclus en -producten vernieuwd. Dit heeft als doel de raad beter te bedienen en daarbij de informatie te geven die nodig is om heldere kaders te kunnen stellen, de voortgang scherper te controleren en de mogelijkheid te bieden om sneller bij te sturen, indien nodig. Daarnaast heeft de vernieuwing van de planning & control functie tot doel om de financiële sturing in de ambtelijke organisatie te versterken. De jaarrekening over 2022 zal te raadplegen zijn via www.jaarrekeningkaagenbraassem.nl en de begroting voor 2023 is te raadplegen via www.begrotingkaagenbraassem.nl.

ICT EN INFORMATIEBEHEER

__________________________________________________________________________ Met ingang van 1 januari 2018 is de gemeenschappelijke regeling Bedrijfsvoeringsorganisatie Rijn en Braassem (BVO) in werking getreden, de samenwerking op het gebied van ICT en automatisering. Uitgangspunt voor de samenwerking is standaardisatie van de I&A-dienstverlening, inclusief de bijbehorende standaardinrichting van de gemeentelijke werkprocessen en het daarbij passende applicatielandschap. De samenwerking heeft als beoogd doel om voor beide gemeenten voordelen te behalen. Hierbij kan gedacht worden aan: • Integratie op procesniveau (zoveel als mogelijk dezelfde applicaties en bijbehorende werkprocessen) om zo meer kwaliteit en efficiency te behalen. • Integratie tussen beide gemeenten in andere werkvelden wordt hierdoor eenvoudig. • De grotere schaal zorgt voor inkoopvoordeel en een betere onderhandelingspositie bij leveranciers. • De grotere schaal maakt het ook mogelijk om specialistische I&A-expertises (als informatieplanning en security management) volwaardig in te vullen en goed te organiseren en daarmee zal de samenwerking beter in staat zijn de noodzakelijke en ambitieuze digitale overheidsagenda te volgen. • Samenwerking noodzaakt een nog verdere professionalisering van de I&A-dienstverlening, uitbouw van de regierol en werken met servicelevels.

In 2022 zijn samen met de BVO diverse doelen bereikt, onder andere de uitrol van hybride vergaderruimten en de uitreiking van laptops voor zowel raadsleden als medewerkers van de gemeente. Hierdoor kan beter plaats- en tijdsonafhankelijk gewerkt worden. Ook zijn terugkerende werkzaamheden (zoals de jaarlijkse uitwijktest) weer uitgevoerd, is in 2022 de nieuwe BVO-directeur gestart en zijn er in 2022 nieuwe ICT-projecten gestart die in 2023 uitgerold kunnen worden. Informatiebeveiliging Informatiebeveiliging is een permanent speerpunt van de gemeente. Onder informatiebeveiliging wordt verstaan: het treffen en onderhouden van een samenhangend pakket van maatregelen om de betrouwbaarheid van de informatievoorziening aantoonbaar te waarborgen. Kernpunten daarbij zijn beschikbaarheid, integriteit (juistheid) en vertrouwelijkheid van persoonsgegevens en andere informatie. Eind 2022 zijn we gestart met een onderzoek naar de fysieke beveiliging van het gemeentehuis. Toegankelijkheid van het gemeentehuis door derden brengt niet alleen de informatiebeveiliging in geding, maar ook de veiligheid van onze collega’s. Met name de collega’s die het meest contact hebben met onze inwoners.

Informatieveiligheid Met de VNG-resolutie ‘Informatieveiligheid, randvoorwaarde voor de professionele gemeente’ van november 2013 hebben gemeenten afgesproken om de informatiebeveiliging op orde te krijgen en te houden. Eén van de afspraken in de resolutie was dat elke gemeente in het jaarverslag een aparte paragraaf opneemt over informatiebeveiliging, waarin het college verantwoording aflegt aan de gemeenteraad over informatiebeveiliging in brede zin (‘horizontale verantwoording’).

73

In 2022 is met de komst van de nieuwe Chief Information Security Officer (CISO) voor de gemeenten Kaag en Braassem en Alphen aan den Rijn een beveiligingsorganisatie ontstaan waarin, in nauwe samenwerking met de Privacy officer en Functionaris gegevensbescherming, de kwaliteit van de informatiebeveiliging en gegevensbescherming is verbeterd. Er zijn gezamenlijke initiatieven ontstaan waarbij de juiste stappen zijn gezet voor een verdere professionalisering van informatieveiligheid. Zo is er hard gewerkt aan een nieuw Strategisch informatiebeveiligingsbeleid, gebaseerd op de Baseline Informatieveiligheid Overheid (BIO). Ook is samen met de gemeente Alphen aan den Rijn een driejarig programma ingekocht om bewustwording op het gebied van informatieveiligheid en privacy te verhogen. Naast ‘horizontale verantwoording’, zijn er ook afspraken gemaakt met de ministeries van BZK, Financiën en SWZ voor de ENSIA-verantwoording informatiebeveiliging (‘verticale verantwoording’). ENSIA staat voor Eenduidige Normatiek Single Information Audit en betekent een jaarlijkse, eenmalige informatieverstrekking en IT-audit. ENSIA is ingevoerd in 2017 en heeft tot doel het ontwikkelen en implementeren van een zo effectief en efficiënt mogelijk ingericht verantwoordingsstelsel voor informatieveiligheid gebaseerd op de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO).

Het verantwoordingsproces over informatieveiligheid bij gemeenten wordt hiermee verder geprofessionaliseerd door het toezicht te bundelen en aan te sluiten op de gemeentelijke p&ccyclus. Hierdoor heeft het gemeentebestuur meer overzicht over de stand van zaken van de informatieveiligheid en kan hier ook beter op sturen. ENSIA helpt gemeenten in één keer slim verantwoording af te leggen over informatieveiligheid gebaseerd op de BIO. In 2022 is er zelfevaluatie uitgevoerd en verantwoording afgelegd over de Basisregistratie personen (BRP), Reisdocumenten, Digitale persoonsidentificatie (DigiD), Basisregistratie adressen en gebouwen (BAG), Basisregistratie grootschalige topografie (BGT) Basisregistratie ondergrond (BRO), Waardering onroende zaken (WOZ), werk en inkomen (SUWI) en ook de Organisatie Kaag en Braassem. De resultaten waren over het algemeen goed en waar nodig zijn verbetertrajecten gestart. Hierna volgt een overzicht van de stand van zaken van de basisregistraties in 2022.

74

BAG Basisregistratie

Onderdeel

Score in %

BAG

Categorie 1: gegevenskwaliteit

77 %

Categorie 2: proces en organisatie

100 %

Totaalscore

85 %

Basisregistratie

Onderdeel

Score in %

BGT

Categorie 1: gegevenskwaliteit

100 %

Categorie 2: proces en organisatie

100 %

Totaalscore

100 %

Basisregistratie

Onderdeel

Score in %

BRO

Categorie 1: gegevenskwaliteit

60 %

Categorie 2: proces en organisatie

87 %

Totaalscore

72 %

BGT

BRO

WOZ Onderwerp 1.Naleving BIO

Score

Conclusie score De BIO is volledig geïmplementeerd binnen de WOZ en er worden controles uitgevoerd op naleving!

2. Ontwikkelingen BIO

Er zijn ook dit jaar controles uitgevoerd op naleving van de BIO voor de WOZ.

3. Common Ground

Er zijn nog geen stappen gezet in de richting van een common ground conforme informatie-architectuur voor de WOZ.

4. Ontwikkelingen koppelvlakken

Er wordt gebruikt gemaakt van de gewenste koppelvlakken (API's en/of xmlberichtenverkeer) voor de communicatie tussen de diverse applicaties voor de WOZ-uitvoering. Tussen de applicaties die de uitvoering van de WOZ-processen ondersteunen vindt interactie plaats. Er is een volledig overzicht van de onderlinge relaties tussen deze systemen. Er is onderzocht of de verschillende geautomatiseerde systemen informatie juist delen met externe systemen zoals bijvoorbeeld de Landelijke voorziening WOZ (LV WOZ) en MijnOverheid. Er zijn audits uitgevoerd om te beoordelen of alle voor de WOZ-uitvoering gebruikte systemen de gegevens uit interne systemen juist verwerken.

5. Inzicht in koppelvlakken 6. Externe systemen

7. Interne systemen 8. Beschikbaarheid managementinformatie

Op terrein van de beheersing van informatieveiligheid conform BIO is voor de WOZ-uitvoering de gewenste management informatie beschikbaar.

9. Ontwikkelingen managementinformatie

Op terrein van de beheersing van informatieveiligheid conform BIO en van synchronisatie met externe systemen zijn stappen gezet om voor de WOZuitvoering de gewenste management informatie beschikbaar te krijgen.

75

BRP Onderdeel ENSIA

Gemeente Kaag en Braassem

Maximale score

Percentages

BRP-organisatie

400

400

92,5 %

BRP-toegang

400

400

91,2 %

BRP-naleving

360

400

92,5 %

1.160

1.200

92,0 %

Gemeente Kaag en Braassem

Maximale score

Percentages

Reisdocumenten-organisatie

400

400

95,0 %

Reisdocumenten-toegang

400

400

88,8 %

Reisdocumenten-naleving

400

400

91,2 %

1.200

1.200

91,1 %

Puntentotaal BRP ENSIA

Reisdocumenten Onderdeel ENSIA

Puntentotaal Reisdocumenten

De BAG is de afgelopen 2 jaar stabiel met 85%. Het proces is op orde, de knelpunten liggen buiten de invloedssfeer van de gemeente. De BGT is de laatste drie jaar geheel op orde. De BRO is inmiddels ingebed in de organisatie en heeft geen verbeterpunten meer. De SUWI-zelfevaluatie wordt door de samenwerking met gemeente Alphen aan den Rijn - taken werk en inkomen (SUWI) door Alphen aan den Rijn uitgevoerd. De DigiDkoppeling op de website en het Zaaksysteem vallen onder de Bedrijfsvoeringsorganisatie Rijn en Braassem en zijn daarmee hier niet opgenomen. De kwaliteit van de BRP en van de reisdocumenten is op orde met een score van respectievelijk 92% en 91,1%. Op BRP- en Reisdocumenten-toegang zal een verbeterplan gemaakt worden om ook daar volgend jaar >90% uit te komen. Privacy In 2018 is de nieuwe privacywet, de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), in werking getreden. In ons privacybeleid en bijbehorend reglement staan de belangrijkste rechten en plichten uit de AVG opgesomd, met daarbij een toelichting hoe wij hiermee omgaan. Een belangrijke plicht vanuit de AVG is dat wij verplicht zijn om een Functionaris gegevensbescherming (FG) aan te stellen.

De FG heeft in essentie een toezichthoudende rol en kan – voor zover dit zijn toezichthoudende rol niet doorkruist – de gemeente en haar medewerkers van advies voorzien en handvatten meegeven hoe conform de AVG te werken. Met de komst van de AVG hebben wij een FG aangesteld. Andere belangrijke plichten voor ons zien op de afhandeling van datalekken, het bijhouden van een register van verwerkingsactiviteiten en op de afhandeling van verzoeken van onze inwoners met betrekking tot hun persoonsgegevens. Naast uitvoering van het beleid en bijbehorend reglement wordt, in samenwerking met informatiebeveiliging, aandacht besteed aan het verhogen van privacybewustzijn in onze organisatie. Wet open overheid (verder: Woo) Het is de bedoeling van de wetgever dat de externe dienstverlening van gemeenten ook digitaal beschikbaar is en blijft. Deze digitale dienstverlening moet voor iedereen toegankelijk zijn (digitale inclusie) en moet zo zijn ingericht dat inwoners en ondernemers alleen informatie bij de gemeente hoeven aan te leveren waar de overheid nog niet over beschikt. Verder vragen onder andere de Wet

76

open overheid (Woo), de decentralisaties (waaronder de nieuwe Wet Inburgering) en de Omgevingswet om verbetering van de informatie en informatiesystemen. Met ingang van 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) ingegaan. De wet vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), Gemeenten Kaag en Braassem en Alphen aan den Rijn trekken samen op in één aanpak om de Woo te implementeren. Net als de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) regelt de Woo dat overheden gehoor moeten geven aan informatieverzoeken (passieve openbaarmaking. Daarnaast introduceert de Woo ook ‘actieve openbaarmaking: voor 11 informatiecategorieën zullen de komende jaren (gefaseerd) alle einddocumenten ongevraagd online gepubliceerd moeten gaan worden. Naast passieve en actieve openbaarmaking Bovendien bevat de Woo een aantal andere regels, zoals de plicht om in begroting en jaarverslag aandacht aan openbaarmaking te besteden. Die zaken raken aan alle onderdelen van het gemeentelijk apparaat, zoals de medewerkers, informatiehuishouding, processen en samenwerkingsverbanden. In totaal zorgt de Woo voor een complexe en veelkoppige implementatieopgave. In 2022 is daartoe een projectmatige organisatie opgestart met een stuurgroep, een kernteam een aantal actieteams. Daardoor wordt de implementatieopgave in behapbare deelopgaven opgedeeld.

De actieteams zijn elk verantwoordelijk voor één van de deelonderdelen van de aanpak. In 2022 is de aanpak succesvol opgestart. Dat betekent onder mee dat er een nieuw proces is gereed gekomen om Woo-verzoeken conform de nieuwe regels te verwerken en dat er een start is gemaakt met het maken van beleid voor actieve openbaarmaking van de eerste informatiecategorie (Raadsstukken). Ook is een planning gemaakt om voor de overige 10 informatiecategorieën stuk voor stuk te komen tot zo’n beleid. Eind december 2022 heeft minister Bruins Slot bekend gemaakt dat de ontwikkeling van het beoogde landelijke platform waar overheidsinformatie gepubliceerd zou moeten worden, is gestaakt. Het betekent dat nu nog niet duidelijk is waar en wanneer straks informatie volgens de regels van de Woo gepubliceerd moet worden. Naar verwachting zal gedurende Q1 van 2023 meer duidelijkheid komen over de landelijke eisen voor openbaarmaking.

77

Paragraaf 6 – Verbonden partijen Als zelfstandige gemeente zoekt Kaag en Braassem naar samenwerking als dit voordeel oplevert bij vraagstukken die erg complex of kostbaar zijn. In deze paragraaf worden de rechtspersonen beschreven waar de gemeente een bestuurlijk en financieel belang in heeft. Er is sprake van een bestuurlijk belang in het geval van zeggenschap (stemrecht of het hebben van een zetel in het bestuur). Van een financieel belang is sprake als aan een verbonden partij een bedrag ter beschikking wordt gesteld dat niet verhaalbaar is wanneer de verbonden partij in financiële problemen raakt of failliet gaat. Visie op en beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen De visie van Kaag en Braassem stond voor 2022 beschreven in de Samenwerkingsagenda 20182022 en in het Raadsakkoord 2022-2026 ‘Samen bouwen aan de toekomst van onze dorpen.’ Vanuit haar zelfstandige positie maakt de gemeente gebruik van en draagt ze in de regio bij aan de uitvoeringskracht, het kennisnetwerk en de lobbyfunctie richting andere regio’s, provincie en rijk. Op deze manier pakt ze de grote vraagstukken aan. Samenwerken in verbonden partijen is immers efficiënter, goedkoper en soms gewoon een wettelijke verplichting. Beleidsvoornemen is dat Kaag en Braassem vooral een regiegemeente is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=ce1d6e87-c37f-4f75-bed8-3f52cf4807e4