250217 fincom scheefgroei ozb
Tekst van het document
Financiële commissie 17 februari 2025 Vraag inzake vermeende scheefgroei OZB
Vraag / achtergrond: In de raadsavond van 2 december 2024 over de belastingverordeningen, geeft de VVD-fractie aan dat er een mismatch is tussen wat het Rijk berekent aan OZB baten voor K&B, en wat we zelf berekenen. Uit de vergelijking zou blijken dat onze tarieven afwijken van het Rijk, waardoor onze tarieven voor woningen substantieel hoger liggen, en onze tarieven voor nietwoningen substantieel lager, dan wat het Rijk berekent. De fractie geeft aan dat het erop lijkt dat er een scheefgroei is ingegroeid. De vraag aan de portefeuillehouder is of die dit effect nader kan duiden, en de vraag aan de raad is of zij nog naar deze scheefgroei wil kijken, en of zij daar nog acties op wil ondernemen om dat te repareren.
Mismatch Rijk versus Gemeente
Is er een scheefgroei ontstaan in de ozb heffing? Als we de verdeling van de inkomsten per categorie vergelijken met dat van 5 jaar geleden, dan is de conclusie dat de verhouding opbrengst woningen versus niet-woningen, al jaren constant is. Er is geen sprake van een ingegroeide scheefgroei. De inkomsten uit woningen waren in 2020 77,0% en zijn voor 2025 77,6%. Daarmee is er dus geen sprake van een ingegroeide scheefgroei.
Kunnen we de niet-woningen zwaarder belasten, en de woningen juist minder belasten? Ja dat kan. Zo is hieronder te zien dat bijvoorbeeld Nieuwkoop als vergelijkbare gemeente, een kleiner deel van haar opbrengsten uit woningen haalt (60%) en nietwoningen juist zwaarder belast.
Kanttekening: kijken naar verhouding woz-waarden Wanneer er naar de woz-waarden wordt gekeken maken de woningen 92% van het areaal uit terwijl ze met 77,6% opbrengst naar rato “minder” bijdragen aan de totale ozb opbrengsten. De woningen worden daarmee “bevoordeeld” ten opzichte van de niet-woningen.