CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

VervolgingVanRomaEnSintiInIjsselsteininWOII

Commissie Bestuur 7 mei 2026, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: 20.10 uur Debataanvraag VVD - gedenkteken Roma en Sinti3.183 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ter inleiding Hierbij een artikel van de hand van Tobias van Dijk over de vervolging van Roma en Sinti in IJsselstein tijdens Wereldoorlog II, dat eerder is verschenen in uitgave nr.147/148 van het Magazine ‘Bijdragen tot de geschiedenis van Stad en Land’van April 2015. Dit artikel heeft betrekking op IJsselstein in de Tweede Wereldoorlog. Het is het resultaat van nieuw archiefonderzoek door Tobias van Dijk naar de lotgevallen van de zigeuners die zich in 1943 in IJsselstein hadden gevestigd in de hoop te ontkomen aan deportatie naar de concentratiekampen in Duitsland en Oost-Europa. Duidelijk wordt dat de bejegening van deze bevolkingsgroep IJsselstein een dubieuze plaats heeft bezorgd in het kader van wat later als (in de schaduw van de Jodenvervolging) de 'vergeten Holocaust' is aangeduid. Van Dijk heeft zijn bevindingen beschreven onder de titel:"Vervolging van Roma en Sinti in IJssels tei n, 1943-1944".

Vervolging van Roma en Sinti in IJsselstein 1943-1944 T.A. van D\iV MA MSc Tijdens de Tweede Wereldoorlog vond op 16 mei 1944 in achttien Nederlandse gemeenten een razzia plaats op zigeuners, ofwel Roma en Sinti.^ Een aantal dagen later gingen 245 Roma en Sinti vanuit kamp Westerbork op transport naar concentratie- en vernietigingskamp Auschwitz. Slechts 31 van hen keerden na de oorlog terug. In tegenstelling tot de Jodenvervolging is er over de zigeunervervolging weinig bekend. De vervolging van Roma en Sinti wordt ook wel de 'vergeten Holocaust' genoemd. Naar schatting zijn in Europa gedurende de oorlog meer dan 200.000 zigeuners omgekomen.

IJsselstein was een van de achttien gemeenten waar in mei 1944 zigeuners waren opgepakt. In de geschiedschrijving over de vervolging van Roma en Sinti was echter niet duidelijk wat er precies heeft plaatsgevonden.-' Welke rol speelde IJsselstein bij de vervolging van zigeuners?

De komst van Roma en Sinti in Nederland Roma en Sinti kwamen oorspronkelijk uit India.' Van daaruit trokken zij naar het Midden-Oosten en arriveerden aan het einde van de Middeleeuwen in Europa. Pas aan het einde van de negentiende eeuw kwamen de zigeuners definitief naar Nederland. Het zijn daarmee een van de oudste Nederlandse minderheden. Zij bestonden uit vier groepen. De eerste Roma-groep waren Hongaarse ketellappers van de Kaldarash-stam. De

Twee witte woonwagens van de Roma-famitie Petaio op de hoek Paardenlaan-Panoven, omstreeks 1938. De Petaio's behoren tot de Lowara-stam van paardenhandelaren. (collectie HKJJ)

tweede Roma-groep bestond uit Bosnische en Servische circus- en straatartiesten die behoorden tot de Ursari-stam. De derde groep bestond uit zigeuners die vaak de Britse, Duitse en Franse nationaliteit hadden. Deze mensen noemden zich later Sinti. Zij waren meestal muzikant, stoelenmatter, mandenmaker, scharenslijper, kermisexploitant en kleine handelaar. Tot slot kwam na 1900 een vierde Roma-groep van paardenhandelaren en straatartiesten naar Nederland: de Lowara.

Regulering Roma en Sinti waren nomaden. Zij reisden rond met woonwagens en waren niet gebonden aan een vaste woonplaats. Vanaf eind jaren twintig ontstond er, net als in andere landen, regelgeving tegen zigeuners. Aanleiding waren meldingen van overlast en criminaliteit: zij werden aangeduid als 'de schrik van het platteland'. De ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie troffen maatregelen waarmee zigeuners beter in de gaten konden worden gehouden. De bewegingsvrijheid moest worden ingeperkt. Meer controle was de oplossing van het 'zigeunervraagstuk'. In 1939 moesten alle Roma, Sinti en andere autochtone woonwagenbewoners worden geregistreerd. In totaal waren er bij

E e n kleine

het uitbreken van de oorlog in mei 1940 in Nederland ruim 2.700 woonwagens en 12.000 woonwagenbewoners, waarvan zo'n 4.500 Roma en Sinti.

Trekverbod en verzamelkamp Nadat Nederland door Duitsland was bezet, werd begonnen met de vervolging van minderheden als Joden en zigeuners. Vanuit de ideologie van het nationaalsocialisme bezien waren Roma en Sinti asociaal en minderwaardig. Uiteindelijk besloot Reichsführer-SS H. Himmler op 16 december 1942 om de zigeuners in Duitsland en de bezette gebieden te vernietigen. Het bevel kwam in januari 1943 binnen bij rijkscommissaris A. Seyss-Inquart, de hoogste Duitse bestuurder van Nederland. De zigeuners moesten worden opgepakt en via kamp Westerbork naar het concentratieen vernietigingskamp Auschwitz worden afgevoerd. De maatregel moest op 29 maart 1943 ingaan. Maar doordat de Duitsers al vanaf het voorjaar van 1942 druk bezig waren de Joden uit Nederland naar de concentratie- en vernietigingskampen af te voeren, werd de maatregel om de Roma en Sinti op te pakken uitgesteld. Eerst werd besloten dat de zigeuners en

provinciestad

in

een

woelige

wereld

5

woonwagenbewoners niet meer mochten rondzwerven. Op i juli 1943 ging een landelijk reisverbod in voor alle woonwagenbezitters. Daarna moest iedereen in verzamelkampen worden samengebracht. Dat plan was al in de jaren dertig door Nederlandse bestuurders voorgesteld en werd nu door de bezetter overgenomen. De zigeuners zouden vervolgens vanuit de verzamelkampen naar kamp Westerbork worden afgevoerd. Niettemin namen veel zigeuners en woonwagenbewoners het zekere voor het onzekere. Zij verkochten hun woonwagens of stalden die tijdelijk bij boeren en gingen in een huis wonen om aan vervolging te ontkomen.

Deportatie Achter de schermen was de voorbereiding voor het oppakken van de Roma en Sinti in volle gang. Op 14 mei 1944 zond de directeurgeneraal van de Nederlandse politie een dringend en geheim telexbericht naar de vijf gewestelijk politiepresidenten in Amsterdam, Rotterdam, Groningen, Arnhem en Eindhoven:

bork treinen met zigeuners aan. In totaal ging het om 309 Roma en Sinti. Iedereen werd kaal geschoren en kreeg een luizenontsmetting. Er waren 64 zigeuners vrijgelaten omdat ze over Italiaanse, Guatemalteekse en Zwitserse paspoorten beschikten van een neutraal of geallieerd land. Op 19 mei 1944 werden 245 Roma en Sinti op transport gezet naar kamp Auschwitz. Na een reis van drie dagen werden zij vervolgens in een speciaal 'Zigeunerlager' van subkamp Birkenau ondergebracht. Roma en Sinti in IJsselstein In de jaren dertig werd IJsselstein regelmatig bezocht door rondtrekkende zigeuners. Zij stonden dan met hun woonwagens op de hoek van de Paardenlaan-Panoven. Deze plek was door de gemeente aangewezen als stand-

"Met het doel eener centrale aanhouding van alle in Nederland verblijvende personen, die de kenmerken der Zigeuners bezitten, moeten op last van den Befehlshaber der Sicherheitspolizei und des SD op dinsdag 16 mei 1944 alle Zigeunerfamilies, alk kinderen inbegrepen, door personeel der Nederlandsche politie onverwijld naar het kamp Westerbork worden overgebrocht en wel tot uiterlijk 20.00 uurJ"^ Op 16 mei werden zigeuners aangehouden in achttien gemeenten: Amsterdam, Arnhem, Beek, Deil, Den Bosch, Den Haag, Doetinchem, Drachten, Eindhoven, Helmond, IJsselstein, Nijmegen, Oldenzaal, Susteren, Venlo, Vledder, Westerbork en Zutphen. Van 07.30 uur tot 20.00 uur kwamen in kamp Wester-

6

Bijdragen

H K I J , aflevering

147/148

De grafzerken van Peter en Liza Petaio, vlak voor de ruiming in augustus 1995. (collectie HKIJ)

kwamen voornamelijk uit Den Haag waar het reisverbod al op 10 juni zou ingaan. Toestemming van de burgemeester hadden zij niet. Nadat J.J. Abbink Spaink in mei 1943 door de bezetter was ontslagen, werd wethouder (en bakker) G.H.E. Aelbers waarnemend burgemeester. Hij was niet blij met de komst van de grote groep zigeuners en woonwagenbewoners. Volgens Aelbers ondervond de bevolking overlast en kwam de 'openbare orde, rust en veiligheid' in gevaar. Hij nam diverse keren contact op met de gewestelijk politiepresident in Amsterdam met het verzoek hen naar een verzamelkamp te laten overplaatsen.^ Maatregelen bleven echter uit.

plaats.' In oktober 1939 stierf Peter Petaio in IJsselstein, zoon van 'zigeunerkoning' Kori Petaio. Hij werd begraven op de rooms-katholieke begraafplaats aan de Groenedijk. Op deze plechtigheid kwamen zigeuners uit heel Nederland af. Meer dan eenjaar later werd daar ook zijn moeder begraven. Beiden zijn in 1995 herbegraven op de Amsterdamse begraafplaats De Nieuwe Ooster in een familiegraf. Het was dan ook niet vreemd dat nog voor het landelijk reisverbod van 1 juli 1943 was afgekondigd, een groep van ruim 80 zigeuners en woonwagenbewoners naar IJsselstein trok om te proberen aan vervolging te ontkomen. Het ging om de Roma-families Petaio en Westhiner en de Sinti-familie Franz van in totaal 49 personen.*" Begin juni 1943 namen zij hun intrek in slechte en onbewoonbaar verklaarde huizen in de Havenstraat, Koningstraat (nu Schuttersgracht) en Panoven. De zigeuners

Een

kleine

Op 17 januari 1944 was NSB'er H. Moot tot burgemeester van IJsselstein benoemd. Om weer schot in de zaak te brengen, stuurde hij op 7 februari het volgende telegram naar de secretaris-generaal van het ministerie van Binnenlandse Zaken: "Hier zijn ongeveer 80 woonwagenbewoners die zich vestigden in krotten en onbewoonbaar verklaarde woningen. Uit medisch en sociaal oogpunt hemeltergende toestanden. Kweekplaats voor epidemieën. Hier heerscht reeds diphterie, enkele gevallen met doodehjken afloop. Alle pogingen bij Gewestelijk Politiepresident tot afvoer faalden. Verzoeke dringend spoedigst maatregelen tot afvoer van deze a socialen naar een kamp in Drenthe."" De secretaris-generaal liet vervolgens een onderzoek instellen door een hoofdinspecteur van Volkshuisvesting. Aan de hand daarvan was Moot op 22 februari kenbaar gemaakt dat de huisvesting inderdaad te wensen overliet, maar dat hij die door toepassing van de Woningwet kon verbeteren.** Afvoer naar kamp Westerbork was daarom niet nodig.

provinciestad

in

een

woelige

wereld

7

Achter het pand rechts was Havenstraat 15 gelegen, het huis waar Anton Petaio en zijn vriendin hebben g (collectie beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) Toch was de voorbereiding voor de deportatie van Roma en Sinti al volop bezig. Op 15 mei 1944 kreeg Moot dan het dringende en geheime telexbericht van de gewestelijk politiepresident in Amsterdam met de opdracht om de zigeuners de volgende dag naar kamp Westerbork te sturen. Ook moest hij voor 12.00 uur bij de Sicherheitsdienst (SD) in Den Haag opgave doen van het aantal zigeuners

8

Bijdragen

HKIJ,

aflevering

dat zich in IJsselstein bevond. Hierop stuurde Moot om 11.00 uur het volgende telegram: "Zigeuner umgezogen nach Brabant am 13.5.44 urn 3 Uhr. Sind noch 2 in IJsselstein iibrig."^" Want de zigeuners waren voor de aanstaande razzia getipt. Moot liet op 20 mei in een brief aan de gewestelijk politiecommandeur

147/148

Moot was niet tevreden met het feit dat het bij de razzia alleen om de zigeuners ging. Aangezien hij nog steeds van de autochtone woonwagenbewoners afwilde komen, verzocht Moot in dezelfde brief of zij ook naar kamp Westerbork konden worden gestuurd. Daarvoor kreeg hij geen toestemming en tot aan het einde van de oorlog bleven de woonwagenbewoners in hun huizen in IJsselstein wonen.

Slachtoffers Van de zigeuners die aan de razzia in IJsselstein waren ontsnapt, kon een aantal onderduiken. Maar de meesten werden elders opgepakt en alsnog naar kamp Westerbork afgevoerd. Daar had de familie Westhiner geluk. Omdat zij in het verleden naar Guatemala waren geëmigreerd en beschikten over Guatemalteekse paspoorten, werden zij vrijgelaten." Ook de vriendin van Anton Petaio werd vrijgelaten aangezien zij geen zigeuner maar een autochtone woonwagenbewoner was.

m begin juni 1943 tot 16 mei 1944.

in Amsterdam weten dat hij op 16 mei twee personen had laten oppakken." Het ging om Anton Petaio en zijn (niet-zigeuner) vriendin. Zij waren vroeg in de ochtend door de politie uit hun huis in de Havenstraat gehaald en vervolgens onder begeleiding naar kamp Westerbork gebracht. De zigeuners die waren gevlucht hadden geen bezittingen achtergelaten.^^

Een

kleine

Van de 245 Roma en Sinti die op 19 mei 1944 naar kamp Auschwitz waren gedeporteerd, hadden er zeventien in IJsselstein gewoond.''' In juli waren de zigeuners die konden werken verder naar kampen in Duitsland gebracht: de mannen naar kamp Buchenwald en de vrouwen naar kamp Ravensbrück. Anton Petaio was naar Buchenwald gestuurd en is na de oorlog als vermist opgegeven.''" De overige zigeuners die arbeidsongeschikt waren, werden eind juli en begin augustus 1944 in Auschwitz vergast. Van de 245 zigeuners keerden er uiteindelijk 31 naar Nederland terug.

Terugblik De vervolging van Roma en Sinti heeft dus ook in IJsselstein plaatsgevonden. Waarnemend burgemeester Aelbers heeft met zijn

provinciestad

m

een

woelige

wereld

9

Henn Moot (nr 3) tijdens een NSB-bijeenkomst, omstreeks 1940. (collectie beeldbank W02}

verzoek om de woonwagenbevolking naar een verzamelkamp over te plaatsen, hieraan feitelijk meegewerkt. Wel moet worden aangemerkt dat er voor de oorlog in Nederland ook al voorstellen waren om de woonwagenbevolking in verzamelkampen onder te brengen. Na de oorlog heeft de overheid met de Woonwagenwet van 1968 hetzelfde beleid gehanteerd. De zigeuners en woonwagenbewoners moesten toen zoveel mogelijk worden geconcentreerd in verzamelkampen, een plan dat eindjaren veertig al was voorgesteld, maar het destijds niet had gehaald vanwege de negatieve associatie met de verzamelkampen van de oorlogsjaren.

1945 zeven mannen door de Duitsers werden gefusilleerd. Voor zijn rol bij de vervolging van zigeuners heeft Moot geen verantwoording hoeven afleggen.

Burgemeester Moot heeft wel actief aan de vervolging van Roma en Sinti meegewerkt. Hij was in mei 1945 gearresteerd en werd uiteindelijk in 1949 veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf, voornamelijk voor zijn betrokkenheid bij het verraad van een verzetsgroep in Benschop waarbij in februari

10

Bijdragen

HKIJ,

aflevering

147/148

Ooggetuigenverslag Adolf Petaio: "Wij stonden toen m Ijssehtein, bij Utrecht. We hebben daar een tijdje gewoond en alles ging goed. Toen kwam er een nieuwe burgemeester en die burgemeester was van departi). Op een gegeven moment reed die burgemeester iedere dag langs, met zo'n hoge Duitse officier. Hij heeft toenprecies opgenomen waar alle Zigeuners woonden. We kregen toen een tip en hadden nog een kans om weg te komen." ^^

Geraadpleegde bronnen

4

Archief gemeente IJsselstein 1943 1979, t o e g a n g s n u m mer Y031 (RHC Rijnstreek en Lopikerwaard) mv nr 1830 Overzichten van gegevens betreffende woonwagenbewoners, 1943 1948 mv nr 3231 Voorschriften en m e d e d e h n g e n van derden, opgave aan derden mzake justitie, 1943 1946 Archief kabinet burgemeester van IJsselstein 1943 1965, t o e g a n g s n u m m e r Y019 (RHC Rijnstreek en Lopiker waard) mv nr 051 Ingekomen en uitgegane s t u k k e n van pohtie en justitie, 1943 Archief k a m p Westerbork, t o e g a n g s n u m m e r 2501 (NIOD) mv nr 323 Transporthjsten van 19 mei 1944 mv nr 1103 Informatie betreffende het zigeuner transport van 19 mei 1944 Abbmk Spaink, J J , IJsselstein verleden en heden (IJssel stem 1963) Beckers, J , Me hum Smthu Gesprekken mei zigeuners over de vervolging m de periode 40 45 en denaren daarna (Den Haag 1980) Cottaar, A , Kooplui, kermisklanten en andere woonwagen bewoners groepsvorming en beleid 1870 1945 (Amster d a m 1996) Jong, L de, Het Koninkrijk der Nederlanden m de Tweede Wereldoorlog (Den Haag 1976) (Deel VII) Lucassen, L A C J , En men noemde hen zigeuners De geschiedenis van Kaldarasch, Ursari, Lowara en Smti m Nederland 1750 1944 (Amsterdam 1990) Murk, L , '40 jaar geleden begrafenis van Peter Petaio m IJsselstein', Bijdragen HKIJ 3 nr 7 (1978) 16 18 Rens, H van.

Vervolgd m Limburg Joden en Smtim Nederlands Limburg tijdens de Tweede Wereldoorlog (Amsterdam 2013) Rijken, K , Roma (Amsterdam 2012) Sijes, B A Vervolging van zigeuners m Nederland 1940 1945 (Den Haag 1979) Vogelzang, F , 'Johannes Jacobus Abbink Spaink (1897 1964)' in Tussen de Lek en de Hollandsche IJssel (Utrecht 2003) 9 14

Noten 1

Hoewel de groep nog vaak zo wordt genoemd, heeft de term 'zigeuner(s)' een negatieve connotatie Het wordt gezien als een scheldwoord Voor en tijdens de oorlogsjaren werden Roma en Smti wel als 'zigeu ner(s)' aangeduid ook m officiële d o c u m e n t e n In dit artikel worden de t e r m e n 'zigeuner(s)' en 'Roma en Sinti' daarom naast elkaar gebruikt

2

Zie hiervoor Cottaar (1996) 245 248 en 257 258, De Jong (1976) 1353, Lucassen (1990) 218 en 220, Sijes (1979) 100 102 en 121 In dit artikel is intensief gebruik g e m a a k t van Rijken (2012)

3

Een

kleine

5

6

7

RHC Rijnstreek en Lopikerwaard, archief g e m e e n t e IJsselstein 1943 1979, t o e g a n g s n u m m e r Y031, inv nr 1830, zeer dringend en geheim telexbericht v a n de gewestelijk politiepresident in A m s t e r d a m aan de burgemeesters van zijn rayon, 15 mei 1944 Het bericht van de directeur-generaal van politie van 14 mei 1944 aan de gewestelijk politiepresidenten is (vrijwel) identiek Om te voorkomen dat de woonwagenbevolking willekeurig langs de weg ging staan, werd door g e m e e n t e n vaak een (tijdelijke) standplaats aange wezen RHC Rijnstreek en Lopikerwaard, archief g e m e e n t e IJsselstein 1943 1979, inv nr 1830, lijst m e t gegevens van zigeuners en woonwagenbewoners g e m a a k t door gemeenteopzichter G G van Zeist m opdracht van w a a r n e m e n d burgemeester Aelbers, 25 septem ber 1943 Van 'overheidswege' moest Aelbers deze gegevens overleggen Ibidem, archief kabinet burgemeester van IJssel stem, t o e g a n g s n u m m e r Y019, inv nr 051, brieven van w a a r n e m e n d burgemeester Aelbers a a n de gewestelijk politiepresident in A m s t e r d a m v a n 3 juli, 12 juli en 31 augustus 1943, en een bijgevoegd rapport van politieagent (wachtmeester) J P. Berkhout, 12 juli 1943 Voor de duidelijkheid k a m p Westerbork was geen verzamelkamp, maar een doorvoerkamp

8

Ibidem, archief gemeente IJsselstein 1943 1979, tele g r a m van burgemeester Moot aan de secretaris ge neraal van het ministerie van Binnenlandse Zaken, 7 februari 1944 9 Cottaar (1996) 248, Sijes (1979) 101 10 RHC Rijnstreek en Lopikerwaard, archief g e m e e n t e IJsselstein 1943 1979, inv nr 1830, telegram v a n bur gemeester Moot aan SS U n t e r s t u r m f u h r e r Wolff, 15 mei 1944 11 Ibidem, geheime brief van burgemeester Moot aan de gewestelijk politiecommandeur m A m s t e r d a m , 20 mei 1944 12 Ibidem, mv nr 3231, geheime notitie v a n politie agent (hoofdwachtmeester en g r o e p s c o m m a n d a n t der marechaussee) H van Duuren aan burgemeester Moot, 17 juli 1944 Moot moest aan de gewestelijk politiecommandeur in Amsterdam een overzicht sturen van in beslag genomen e i g e n d o m m e n 13 NIOD, archief k a m p Westerbork, t o e g a n g s n u m m e r 2501, mv nr 1103, informatie over het zigeunertrans port van 19 mei 1944 14 Ibidem, mv nr 323, gebaseerd op de transportlijst v a n 19 mei 1944 (m combinatie met de lijst van zigeuners en woonwagenbewoners g e m a a k t door de gemeente IJsselstein van 25 september 1943) 15 Cottaar (1996) 258 16 Beckers (1980) 59

p r o v i n c i e s t a d

in

een

woelige

w e r e l d

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16837113/1