CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting bij de Algemene Subsidieverordening

Raadsvergadering 23 november 2023, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: Raadsvoorstel Algemene subsidieverordening gemeente IJsselstein 20241.836 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting bij de Algemene subsidieverordening gemeente IJsselstein 2024 Artikel 1. Definities In dit artikel is een aantal definities opgenomen. Alleen woorden die niet meteen duidelijk zijn, worden hier omschreven. Deze definities gelden niet alleen voor deze verordening, maar ook voor regelingen die op de ASV gebaseerd zijn. Deze definities hoeven dus niet weer in de subsidieregelingen te staan. Artikel 2. Reikwijdte In dit artikel wordt uitgelegd waar de verordening over gaat, en waar die niet over gaat. De ASV gaat over alle subsidies, behalve subsidies waar een aparte verordening voor is of subsidies die geen basis in een wet of verordening hebben. Dit zijn: • Spoedeisende subsidies. De subsidie wordt gegeven vooruitlopend op een nog vast te stellen subsidieregeling • Subsidies in de gemeentebegroting. De subsidie is met de naam van de ontvanger opgenomen in de begroting van de gemeente • Incidentele subsidies, subsidies voor éénmalige activiteiten • Europese subsidies Het college kan besluiten over het geven van subsidies waarop de Algemene subsidieverordening (ASV) van toepassing is. Voor de vier soorten hiervoor genoemde subsidies kan het college besluiten dat de ASV wel (voor een deel) geldig is. Artikel 3. Subsidieregelingen Het college kan subsidieregelingen vaststellen.

In een subsidieregeling staat, voor welke activiteiten de gemeente subsidie kan geven en hoeveel dat is. Er kan ook in staan voor welke doelgroepen de subsidie is, hoe het wordt berekend en betaald. Het college kan ook voor een subsidieregeling een maximaal bedrag (subsidieplafond) bepalen, binnen de grenzen van de subsidieplafonds in de begroting. In andere artikelen worden andere onderwerpen beschreven, waar de subsidieaanvrager zich aan moet houden. Als er geen subsidieregeling is voor een bepaald onderwerp, zijn alleen de vier soorten subsidies die in artikel 2 staan mogelijk. Artikel 4. Staatssteunregels Als het nodig is om te voldoen aan Europese regels voor staatssteun, kan het college in een subsidieregeling afwijken van de ASV. Als sprake is van steun die valt onder een Europees steunkader, kunnen alleen de activiteiten, doelen, resultaten en kosten subsidie krijgen waar het steunkader voor bedoeld is. Artikel 5. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud De raad stelt de maximale bedragen (subsidieplafonds) vast per programma in de begroting. De manier van verdelen staat in de subsidieregelingen die het college vaststelt. Bij subsidies, die gegeven worden voordat het subsidieplafond in de begroting besloten is, wijst het college erop, dat het subsidieplafond lager kan worden, als de raad dat besluit.

Verlaging subsidieplafond De verlaging van een subsidieplafond heeft alleen gevolgen onder drie voorwaarden: 1) aanvragen voor de desbetreffende subsidie moeten worden ingediend voordat de begroting is vastgesteld of goedgekeurd. 2) verlaging is het gevolg van vaststelling van de begroting, en 3) de mogelijkheid van verlaging is aangekondigd bij de vaststelling van het oorspronkelijke subsidieplafond. Artikel 6. Aanvraag

1

Een aanvraag voor subsidie moet schriftelijk worden gedaan. Als hier een aanvraagformulier voor bestaat, dan moet dit formulier gebruikt worden. Schriftelijk kan ook digitaal zijn. Het aanvraagformulier staat dan op de website van de gemeente. Dat is op dit moment al zo. In artikel 6.2 en 6.3 staat welke stukken en informatie bij de aanvraag ingeleverd moeten worden. Dit mogen alleen gegevens zijn die nodig zijn voor het beoordelen van de aanvraag; dat staat in de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Bij een subsidie aan een onderneming moeten we voldoen aan het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (hierna: VWEU). Daarom zijn er twee onderdelen speciaal voor ondernemingen: - een overzicht van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd die al zijn of zullen worden ontvangen voor de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd. Een subsidie kan namelijk ook een garantie, lening, korting op de grondprijs, etc. zijn. - om subsidie onder een de-minimisverordening te kunnen verlenen moet de onderneming een deminimisverklaring inleveren. Hier zijn voorbeelden van te krijgen. In een subsidieregeling kunnen andere stukken en gegevens worden genoemd, die gelden voor die subsidieregeling. Artikel 7. Aanvraagtermijn De aanvraagtermijn is afhankelijk van het soort subsidie.

Er zijn structurele subsidies, die uiterlijk 1 juni vooraf aangevraagd worden. En er zijn incidentele subsidies, die 8 weken voor de activiteit aangevraagd worden. In een subsidieregeling kan een andere termijn staan. Artikel 8. Beslistermijn Dit artikel gaat over hoeveel tijd het college heeft om te beslissen over een aanvraag voor subsidie. Voor structurele subsidies geldt een andere termijn dan voor incidentele subsidies. In een subsidieregeling kan een andere termijn staan. De beslissing bij aanvragen om een subsidie die bij de Europese Commissie aangemeld worden, wordt uitgesteld totdat de Europese Commissie een eindbeslissing heeft genomen. Dit is om te voorkomen dat een gegeven subsidie misschien teruggedraaid moet worden. Artikel 9. Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden In dit artikel worden redenen genoemd waarom het college een subsidieaanvraag kan weigeren, intrekken of terugvorderen. Staatssteun is soms mogelijk in bepaalde gevallen, en hoeft dan alleen gemeld te worden aan de Europese Commissie. Als de Europese Commissie de steun niet goedkeurt, moet het college de aanvraag weigeren. Ook als er een bevel tot terugvordering bestaat van de Europese Commissie, moet het college de aanvraag weigeren.

Als subsidie niet mag volgens een Europees steunkader omdat de onderneming die subsidie aanvraagt in moeilijkheden is, dan moet het college de subsidie weigeren. In moeilijkheden betekent hier dat de onderneming zonder hulp van de gemeente of het rijk ophoudt te bestaan. In artikel 9.3 staan redenen waarom het college de subsidie kan weigeren, dit is niet verplicht. Het college kan een subsidie weigeren als de aanvrager genoeg eigen vermogen heeft, om de activiteiten zelf te betalen. Als het gaat om een subsidie die gemeld moet worden bij de Europese Commissie, kan het college de aanvraag weigeren, of wachten tot de Europese Commissie een besluit heeft genomen. Dit wordt ook genoemd in artikel 8. Als de Europese Commissie de subsidie weigert, dan moet het college de Europese regels volgen en, als de subsidie al gegeven is, de subsidie intrekken en terugvorderen.

2

In een subsidieregeling kunnen nog andere redenen staan om een subsidie te weigeren. Dit heeft dan te maken met de activiteiten waar de subsidieregeling over gaat. Een subsidie kan ook geweigerd of ingetrokken worden vanwege de Wet Bibob. Dit staat niet in de ASV want het komt al uit artikel 6 van de wet Bibob. Artikel 11. Algemene verplichtingen van subsidieontvanger De aanvrager is verplicht aan het college te melden, als de activiteiten waar hij subsidie voor kreeg, niet doorgaan. Dit geldt ook als er verplichtingen in de beschikking staan, en de aanvrager hier niet (of gedeeltelijk) aan kan voldoen. Ook moet de aanvrager het college informeren als er belangrijke dingen zijn, die invloed hebben op de organisatie. Artikel 12. Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen In dit artikel staat welke verplichtingen ook kunnen horen bij de subsidie. In artikel 12.2 gaat het over verplichtingen die te maken hebben met het bereiken van het doel van de subsidie. Dat kan bijvoorbeeld gaan om eisen over de deskundigheid van de personen die de activiteit uitvoeren. Het college kan ook verplichtingen noemen die niet direct te maken hebben met het bereiken van het doel. Bijvoorbeeld om extra moeite te doen om een bepaalde doelgroep te bereiken of om de activiteiten op een milieuvriendelijke manier uit te oefenen.

In de wet staat, dat de organisatie soms een vergoeding moet betalen, als - hij goederen, die voor de activiteiten gebruikt of bedoeld zijn, verkoopt of onbruikbaar maakt; - hij een vergoeding krijgt voor verlies of schade van de goederen; - de activiteiten waar de subsidie voor was, stoppen; - de subsidie wordt ingetrokken of gestopt; - de organisatie die de subsidie kreeg, ophoudt te bestaan. In een subsidieregeling of in de subsidiebeschikking is dit beschreven, wanneer dit geldt. Artikel 13. Egalisatiereserve De egalisatiereserve staat in artikel 4:72 van de wet. Een egalisatiereserve is een reserve van de subsidieontvanger voor het opvangen van bedrijfsrisico’s. De reserve wordt gevormd om tot een gelijkmatige verdeling van kosten te komen, dus om tekorten in het ene jaar te compenseren met overschotten in het andere jaar. Een egalisatiereserve is alleen mogelijk bij structurele subsidies. De verplichting een egalisatiereserve te vormen kan alleen aan rechtspersonen worden gevraagd, voor structurele subsidies van €50.000 of meer. In een subsidieregeling of beschikking staat dit beschreven. Een subsidieontvanger kan ook zelf het college vragen een egalisatiereserve te mogen vormen. Artikel 14.

Wijze van verstrekking en eindverantwoording subsidies tot € 7.500 Subsidies tot € 7.500 worden als uitgangspunt op basis van vertrouwen gegeven; er wordt dan niet automatisch om verantwoording gevraagd. In plaats daarvan geldt een actieve meldingsplicht voor de subsidieontvanger als die niet kan voldoen aan de voorwaarden (zie artikel 11). Achteraf kan het college een controle uitvoeren (steekproef). In zo’n geval wordt een eventueel voorschot in één keer betaald en hoeft de subsidieontvanger geen aanvraag voor subsidievaststelling (verantwoording) in te dienen. Hierdoor kunnen de lasten voor zowel de subsidieaanvrager als de gemeente worden bespaard, terwijl toch het risico voor de gemeente beperkt blijft. Dit passen we standaard toe bij al bekende subsidieontvangers. In het tweede lid is een afwijkende termijn opgenomen voor situaties waarin speciale rapportageverplichtingen wel nodig worden gevonden. Dat kan het geval zijn bij nieuwe subsidieaanvragers. Artikel 15. Eindverantwoording subsidies vanaf € 7.500 Ontvangers van subsidie van € 7.500 en hoger moeten vaststelling van de subsidie aanvragen. Met vaststelling wordt de gegeven subsidie definitief. 3

Een aanvraag voor vaststelling bevat een inhoudelijk verslag waarin staat of de activiteiten (helemaal of voor een deel) gedaan zijn. Ook staat in het verslag alles, wat in de beschikking is gevraagd om te doen voor de subsidie. In de beschikking kan al een opsomming staan, hoe de subsidieontvanger kan bewijzen, dat de activiteiten zijn gedaan. Dit kunnen bijvoorbeeld verslagen zijn, een verklaring van het bestuur, of een jaarverslag. Het gaat er om dat duidelijk is dat de gekregen subsidie is gebruikt voor het doel waarvoor de subsidie bedoeld was. In een subsidieregeling kan iets anders bepaald zijn. De gemeente kan alleen gegevens vragen die nodig zijn voor het beoordelen van de vaststelling; dat staat in de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Artikel 16. Subsidievaststelling subsidies vanaf € 7.500 De vaststelling van subsidies vanaf € 7.500 gebeurt op basis van uitgevoerde activiteiten en daarvoor betaalde kosten. Het college besluit binnen 13 weken over de vaststelling. De meeste aanvragen kunnen binnen deze tijd beslist worden. Sommige aanvragen hebben wat meer tijd nodig; het college kan dan verdagen, dat is het uitstellen van de beslisdatum. De beslisdatum kan niet meer dan 8 weken uitgesteld worden. In een subsidieregeling kunnen andere tijden genoemd worden. Artikel 17.

Berekening van uurtarieven, uniforme kostenbegrippen Als een subsidie aangevraagd wordt met gebruik van uurtarieven (bijvoorbeeld voor inzet van personeel) dan moet in een subsidieregeling uitgelegd worden hoe die berekend zijn. De aanvrager moet bij zijn aanvraag die manier van berekenen gebruiken. Bij subsidies uit een Europees steunkader gelden de regels van dat steunkader. Artikel 18. Hardheidsclausule Bij wijze van uitzondering kan het college afwijken van termijnen, die in de ASV of een subsidieregeling staan. Het doel van de subsidie kan soms belangrijker zijn dan bijvoorbeeld het op tijd aanvragen. In een subsidieregeling kan een aparte uitzonderingsregel staan.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13358628/1