Reactienota zienswijze en staat van wijzigingen Omgevingsvisie IJsselstein
Tekst van het document
Gemeente IJsselstein September 2021
Inleiding Vanaf 17 juni 2021 t/m 29 juli 2021 heeft de ontwerp-omgevingsvisie IJsselstein ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn in totaal 9 zienswijzen ingediend, die hieronder zijn opgesomd. De NAW-gegevens van natuurlijke personen zijn niet weergegeven, omdat deze beschermd zijn op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens. Nr. 1 2 3 4 5 6 7 8 9
Indiener Vereniging industrie en handel IJsselstein (VIHIJ) Groen platform IJsselstein (GPIJ) Werkgroep behoud Lopikerwaard (WBL) Stichting Historische Kring IJsselstein (HKIJ) Provincie Utrecht Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden (HDSR) Indieners 1. (BB+W) Indiener 2. Indiener 3.
2
Algemene beantwoording Allereerst dank voor de betrokkenheid van alle partijen en indieners van zienwijzen. Het maakt het beleid beter. In deze nota van beantwoording en stat van wijziging beschrijven we de hoofdlijnen van de zienswijzen, de beantwoording en wijze van verwerking. Naast complimenten en herkenning komen in diverse zienswijzen ook een aantal kritieken terug die we hier apart uitlichten. Dit betreft bijvoorbeeld ontevredenheid van diverse participanten omtrent het proces, onder andere omtrent de wijze van verwerking van inbreng en/of beperkte ruimte voor wijziging van bestaand beleid. Daarnaast is de keuze voor buitenstedelijke woningbouw in het zuiden van de gemeente, het Kromme IJssel Park, een onderwerp van discussie die we hier apart toelichten. Reflectie proces uitgangspunten raad, mate van beleidsvrijheid en nadere uitwerking conform beleidscyclus.
Gedurende het proces zijn de volgende stappen gezet: Werksessies Atlas (bouwstenen voor de omgevingsvisie) - december 2019 Ketenpartners, maatschappelijke organisaties en inwoners Thematische Verdiepingsessie Groen en Erfgoed maart 2020 Ketenpartners en maatschappelijke organisaties Thematische Verdiepingsessie Woningbouw maart 2020 Ketenpartners Thematische Verdiepingsessie Energie april 2020 Ketenpartners Enquête Burgerpanel IJsselstein juli 2020 Inwoners Informatieavonden concept-omgevingsvisie oktober 2020 Ketenpartners, maatschappelijke organisaties en inwoners Extra participatieronde concept-omgevingsvisie februari 2021 - Ketenpartners en maatschappelijke organisaties Terinzagelegging ontwerp-omgevingsvisie -juni-juli 2021 openbaar Tijdens de terinzagelegging was het mogelijk om te reageren op het ontwerp, waarvan deze reactienota de wijze van verwerking beschrijft. Net als bij reacties op het concept is ook bij sommige zienswijzen op het ontwerp kritiek op het participatieproces. Tot op zekere hoogte is dit inherent aan het proces waarbij we gaandeweg keuzes hebben getrechterd. Dat wil zeggen, een aantal belangrijke keuzes waren gedurende het traject al in parallelle processen in voorbereiding of recentelijk al gemaakt.
Denk bijvoorbeeld aan het raadsbesluiten omtrent de woningbouwopgave en de nadere verkenning van buiten stedelijke ontwikkeling in zuidelijke richting, zoals: De Woonvisie (4 juli 2019), Verkenning woningbouwlocaties IJsselstein (9 april 2020), Roadshow woningbouw (november/december 2019), de Propositie IJsselstein Vitaal Kromme IJssel Park (9 juli 2020) en het (1 oktober 2020). Ook omtrent keuze in relatie tot groen, natuur, duurzaamheid en energie waren in deze periode diverse beleidsstukken parallel aan het omgevingsvisieproces opgesteld en vastgesteld. Denk bijvoorbeeld aan De Natuurkaart IJsselstein Fase (1 februari 2018) en fase 2 (2 juli 2020), het Toets- en afwegingskader duurzame elektriciteit IJsselstein (20 mei 2021) en de Integrale Visie Openbare Ruimte (17 juni 2021). Dat we zoveel mogelijk uitgaan van bestaand en recent beleid is in lijn met het gemeentelijk besluit omtrent de implementatie van de Omgevingswet (collegebesluit van 25 april 2017). Hierin is namelijk gekozen voor een groeistrategie. Voor de omgevingsvisie houdt dit in dat er voornamelijk van bestaande (of in voorbereiding zijnde) beleidstukken wordt uitgegaan en deze omgevingsvisie wordt gezien als een 1.0 versie die komende jaren verder wordt aanscherpt en aangevuld. Het is daarbij goed om te benoemen dat bij het opstellen van deze losse beleidsstukken ook participatie heeft plaatsgevonden.
Denk bijvoorbeeld aan alle input die rondom de urgentieagenda eind 2019 is opgehaald. Doordat er recent al een aantal beleidskeuzes zijn gemaakt en hierbij ook participatie heeft plaatsgevonden, is ervoor gekozen deze discussies niet over doen. Daarom is in de laatste periode (oktober 2020-juli 2021) van het proces niet gekozen om in een co-creatieve aanpak met participanten 3
alternatieve beleidsrichtingen uit te werken, maar meer de inhoud te toetsen en eventuele aanvullingen/aanscherpingen op te halen. Deze beperkte ruimte voor alternatieve beleidsrichtingen heeft tot enige ontevredenheid in het proces kunnen leiden. De omgevingsvisie is echter pas de eerste stap in de beleidscyclus. Dat wil zeggen dat we in de omgevingsvisie enerzijds (deels) nieuwe en met name bestaande beleidskeuzes voor de lange termijn bundelen voor de fysieke leefomgeving. Deze keuzes op hoofdlijnen (met een hoog abstractieniveau) zullen vervolgens in meer en minder mate nader worden uitgewerkt en geconcretiseerd, in het verlengde van de omgevingsvisie. Kortom op basis van de participatierondes is de omgevingsvisie beter geworden, maar we realiseren ons dat de vertaling naar bijvoorbeeld het omgevingsplan of specifieke gebiedsuitwerkingen nog nadere detaillering vergt. Het is van belang om bij deze nadere uitwerking de ruimte om van bestaand beleid af te wijken vooraf te bepalen. Want we werken verder aan de nadere uitwerking van de beleidskeuzes uit deze omgevingsvisie, maar waar dat uit nadere verkenningen nodig blijkt kunnen keuzes uit de visie komende jaren uiteraard heroverwogen worden.
Keuze voor ontwikkelingsgebied Zuid (Kromme IJssel Park en driehoek Hogebiezendijk) Een van de beleidskeuzes die nu in de omgevingsvisie gemaakt wordt is de keuze om de buitenstedelijke ontwikkelingslocatie in het zuiden nader uit te gaan werken. Gedurende het proces is de woonvisie nader uitgewerkt en is verkend waar en op welke wijze de ambities vanuit de woonvisie (2500 woningen) uitgewerkt kunnen worden. Een belangrijke conclusie hierbij was dat niet alles binnenstedelijk past als we een gezond stedelijk leefmilieu willen creëren. Daarnaast is er beperkt draagvlak voor gestapelde bouw (>vier lagen) en is er voor een gezond stedelijk leefmilieu ook voldoende ruimte voor groen, parkeren en andere voorzieningen benodigd. Bij het verkennen van locaties aan de randen van de stad zijn alle delen bekeken. Hierbij is ook buiten de gemeentegrenzen gekeken. Hieruit bleek zeer beperkt draagvlak vanuit de gemeente Lopik voor de optie in westelijke richting, naar Benschop, ook al ligt hier wel een interessante historische aanleiding voor uitbreiding. Daarnaast heeft de gemeente Utrecht gekozen om in ieder geval niet voor 2035 te starten met de ontwikkeling van Rijnenburg.
Op korte en middellange termijn ligt hier dus ook geen logische koppeling in bijvoorbeeld de benodigde investeringen in de infrastructuur die in het noorden nodig zouden zijn bij grotere buitenstedelijke ontwikkelingen. We hebben nu een groot woningtekort en kunnen niet wachten tot na 2035 wachten. In het zuiden zijn mogelijke koppelkansen voor benodigde investeringen in infrastructuur, natuur, waterhuishouding, recreatie, het is een gebied waarbij we niet per se afhankelijk zijn van andere gemeenten en zowel respondenten van de enquête als de roadshow markeren dit gebied als wenselijk. We zijn ons bewust dat dit niet overeenkomt met de zienswijzen van de diverse participanten en andere indieners van zienswijzen. Echter, aan deze keuze ligt een brede belangenafweging ten grondslag, de woningnood is zeer hoog en de bestaande cultuurhistorische en landschappelijke waarden vormen een belangrijk kader bij de nadere uitwerking. Kortom, omdat elke locatie voor- en nadelen heeft, infrastructurele aansluiting in het zuiden beter mogelijk is en het in het zuiden mogelijk is om op relatief korte termijn de benodigde aantallen woningen te ontwikkelen binnen onze eigen gemeentegrenzen kiezen we ervoor om in de omgevingsvisie de ontwikkelocatie in het zuiden van de gemeente te handhaven. Zoals benoemd moet de haalbaarheid nog nader worden uitgewerkt.
Conform de beleidscyclus volgt deze uitwerking op de omgevingsvisie. Mocht hierbij een nadere heroverweging nodig zijn dan is dit uiteraard mogelijk, zo niet noodzakelijk.
4
Beantwoording zienswijzen In dit onderdeel hebben we de zienswijzen samengevat en van een reactie voorzien. Dit betekent niet dat we die onderdelen van de zienswijzen die niet expliciet worden genoemd niet hebben betrokken bij de beoordeling. Elke zienswijze is in zijn geheel beoordeeld. Hierbij geven we ook steeds aan of de reactie leidt tot een aanpassing of niet. Daar waar we verwijzen naar paginanummers gaat het om de paginanummering van de ontwerp omgevingsvisie. 1: Vereniging industrie en handel IJsselstein (VIHIJ) 1a Samenvatting Orientatie omgevingsvisie. West versus Oost. Beantwoording De gemeente ziet het als een kwaliteit dat we zowel onderdeel uitmaken van de metropool Utrecht als de Lopikerwaard. We kiezen ervoor niet op een van de twee richting de nadruk te leggen. In de omgevingsvisie staat die balans dan ook centraal, zo wordt daar in de kernkwaliteiten zowel bij de kwaliteiten van de Lopikerwaard als die van de regio Utrecht als geheel benoemd. Ook wordt hierom bij het regionale perspectief zowel het IRP als de omgevingsagenda Lopikerwaard beschreven. Aansluiting in westelijke richting zoeken we nadrukkelijk, onder andere in Lopikerwaard-verband. IJsselsteinse belangen 1b
Samenvatting Beantwoording
Binnenstedelijke locaties gemeente Utrecht in regionaal perspectief. Dit betreft een beleidsuitspraak uit een beleidsdocument dat is vastgesteld door de Lopikerwaardgemeenten (omgevingsagenda). Hiermee wordt bedoeld dat niet alle gemeenten in de Lopikerwaard de woningbouwbehoefte van de stad Utrecht hoeven in te passen, maar dat de gemeente Utrecht haar eigen broek kan ophouden. Net zoals wij dat in IJsselstein moeten doen. In dit beleidsdocument hebben we overigens ook afgesproken dat we de additionele woonvraag bij IJsselstein oplossen en dat IJsselstein een belangrijke rol heeft bij het oplossen van de uitdagingen op het gebied van wonen, werken en mobiliteit en dat rondom de OV-netwerken bij IJsselstein ruimte is voor woningbouw. De gemeente deelt de urgentie om te bouwen en is het met indiener eens dat we niet moeten afwachten met bouwen in onze gemeente. Om onduidelijkheid te voorkomen zullen we de uitspraak uit de omgevingsvisie verwijderen.
Aanpassing
Wij zien het als de verantwoordelijkheid van de stad Utrecht om eerst zelf alle mogelijke (binnenstedelijke) locaties te benutten. Slechts indien nodig accommoderen we een deel van de additionele U16-woonvraag naar (groen)stedelijke woonmilieus. Dit doen we zoveel mogelijk nabij de bestaande OV-knooppunten
1c
Samenvatting Beantwoording
1d
Samenvatting
Aandacht voor (ruimtelijke) kwaliteit nieuwe ontwikkelingen. Bijvoorbeeld omtrent oriëntatie De Kroon. In juli 2020 is de nota van uitgangspunten voor De Kroon herijkt. Hierin is nadrukkelijk aandacht voor uitstraling, oriëntatie, kwaliteit en hoogwaardigheid van de nieuwe bebouwing. Ook bij andere ontwikkelingen wordt via nota van uitgangspunten, stedenbouwkundige visies en beeldkwaliteitsplannen gezorgd voor een secure toetsing op de uitstraling van IJsselstein. De kwalitatieve aspecten zijn op hoofdlijnen in de visie benoemd. Onderstreping belang woningbouw. Vanwege bouwachterstand, verzoek om te streven naar minimaal 5000 woningen in 2040.
5
Beantwoording
1e
Samenvatting Beantwoording
1f
Samenvatting Beantwoording
aanpassing 1g
Samenvatting
beantwoording
1h
Samenvatting Beantwoording
We zijn blij dat de VIHIJ de woningnood onder jongeren (en andere doelgroepen) onderstreept. De gemeente deelt deze urgentie. Het aantal 2500 (tot 2030) is gebaseerd op de woonvisie. Ook de projectie dat 2900 woningen tot 2040 nodig zijn ligt in het verlengde van de opgave die op basis van de woonvisie is geformuleerd. Daarbij speelt ook mee dat dit reeds ambitieus is gezien het tijdspad (tot 2030) en de haalbaarheid (financiën en vergunningen). Tot 2030 2500 woningen toevoegen is al behoorlijk ambitieus en zonder ontwikkellocatie in het zuiden onhaalbaar. De woonvisie wordt overigens periodiek geactualiseerd. Mocht bij de volgende actualisatie van de woon- en/of omgevingsvisie hogere aantallen nodig en haalbaar zijn dan passen we de aantallen daarop aan. Afweging grootte van winmolens versus hinder in relatie tot onzekerheid locaties. Waarom wel de keuze voor de afmeting als de positie nog niet bekend is? Dit betreft enkel een aanbeveling die voorkomt uit verdiepende gesprekken. Over locatie en grootte zijn nog geen definitieve keuzes gemaakt. Voor nadere afwegingen omtrent windenergie per gebied zie agendapunt 7 bij raadsvergadering van april jl.: https://ijsselstein.raadsinformatie.nl/vergadering/786709/Commissie%20Ruimte%2013-04-2021 Geen uitzondering voor geluid voor windmolens. Eens.
Voor de duidelijkheid, we voldoen altijd aan de wettelijke ondergrens en er zal dus geen overlast worden mogelijk gemaakt die niet past binnen geldende wetgeving. Er worden hier ook geen uitzonderingen voor windmolens bedoeld maar het betreft een voorbeeld dat we om sommige ontwikkelingen mogelijk te maken we maatwerk kunnen toepassen m.b.t milieunormen. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor woningen langs wegen of horeca in binnenstad. We zullen dit in de tekst verduidelijken. Ook hier geldt overigens dat bij de nadere uitwerking in bijvoorbeeld het omgevingsplan deze afweging nader wordt uitgewerkt. Op pagina 37 voorbeeld betreft en dat het maatwerk niet enkel geldt voor duurzame energie, maar ook voor woningen en horeca benut kan worden. In paragraaf 4.1 Binnenstad wordt aangegeven dat het de bedoeling is om het groen in de stad op elkaar te laten aansluiten. Wij zijn heel erg benieuwd hoe dat gerealiseerd kan worden. Vragen bij balans tussen woningbouw, groen en water in binnenstad. Qua waterberging zou het in de gracht moeten gebeuren nemen wij aan, graag verduidelijken hoe dit mogelijk kan zijn. Lijkt alsof er al een oplossing is die bewust niet wordt gedeeld, waar wil men naartoe? In de omgevingsvisie worden beleidskeuzes op hoofdlijnen, voor de lange termijn opgenomen. De nadere uitwerking volgt hierop.
De wijze waarop en de mate waarin meer groen en water gerealiseerd gaat worden moet nog nader worden uitgewerkt. De gemeente is ervan overtuigd dat we deze opgaven kunnen combineren en hierbij bijvoorbeeld ook opgaven op het gebied van klimaatadaptatie, horeca en cultuurhistorie kunnen koppelen. Denk bijvoorbeeld aan waterdoorlatend verharding bij parkeerplaatsen of geveltuinen. Overigens helpt hierbij dat de ambitie van 800 woningen, die is opgenomen in de Woonvisie, voor de gehele bestaande stad geldt, niet enkel voor de binnenstad. Er wordt aangegeven dat de bevoorrading en afvoer van goederen duurzaam moet gebeuren. In IJsselstein is dit wel lastig. Ons advies is oog te hebben en proberen te sturen op duurzaam transport maar dit niet af te dwingen. Het natuurlijke verloop zal hier toch wel in komen de aankomende decennia. De gemeente is het eens met de zienswijze. We willen ondernemers niet onnodig op kosten jagen en gaan hier ook niet uit van een verplichting op korte termijn, maar faciliteren het natuurlijke verloop. Dit zullen we in de tekst benadrukken.
6
1i
aanpassing Samenvatting
Op p. 43 toevoegen dat we bij de verduurzaming van de bevoorrading het natuurlijke verloop faciliteren. Bezwaren uitbreiding van IJsselstein in de locatie zuid. -Ecologische en landschappelijke waarde van dit gebied. -Dure technische uitdagingen om in dit veenachtige gebied te bouwen. -Ontkoppeling van bebouwing t.o.v. de stad en voorzieningen, door de fysieke barrière provinciale weg N210. Noodzaak tot dijkversterking vanuit de lek. Dat gecombineerd met het geringe aantal woningen dat als ambitie wordt uitgesproken maakt dat er op korte termijn gekeken moet worden naar alternatieve locaties. Daarbij is het voor alle belangen het meest voor de hand liggend om compact vanuit het centrum te blijven bouwen. Daarbij is natuurlijk de westzijde het meest ideaal. Anderzijds zal aan de noordzijde toerisme moeten komen waarbij meer verkeer zal ontstaan. Het is dan goed om de infrastructuur daar sterk te verbeteren zodat ook gekeken kan worden naar uitbreiding naar de noordzijde. Keuze voor ontwikkelingsgebied Zuid (Kromme IJssel Park algemene beantwoording
beantwoording 2: Groen platform IJsselstein (GPIJ) 2a Samenvatting Het participatieproces en de natuurwaardekaart Het proces van participatie is flinterdun geweest en ontvangt een zware onvoldoende. Er dient een veel actievere en intensievere vorm van participatie-dialoog met alle stakeholders te worden gevoerd. Het actief uitwisselen en toelichten van wederzijdse standpunten en belangen is cruciaal om te komen tot gemeenschappelijke oplossingen. De unieke Natuurwaardenkaart van IJsselstein dient het centrale afwegingskader te vormen, waarbij hoge natuurwaarden worden beschermd en waar mogelijk versterkt. Dit betekent onder meer dat bouwen op locaties met hoge natuurwaarden buiten beschouwing dient te blijven. Hierbij valt te denken aan de woningbouwplannen op de locaties Randdijkse bosjes en Europakwartier-Oost. Beantwoording De natuurwaardekaart is inderdaad een beleidsstuk dat in samenspraak met u tot stand is gekomen en als bestaand beleid als input dient voor de omgevingsvisie. Daarom wil de gemeente zoveel mogelijk hieraan vasthouden, echter zijn er voor bepaalde gebieden ook al keuzes gemaakt om ondanks de waarde, toch ruimte te bieden voor economische of woningbouwontwikkelingen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Kroon. Voor de Randdijkse bosjes is deze keuze echter nog niet dusver gevorderd.
Hiervoor willen we dan ook het noordelijk deel zoveel mogelijk vrijwaren van woningbouw. Voor nadere uitleg omtrent het participatieproces: zie algemene beantwoording. Aanpassing Op de kaarten zal het noordelijk deel van de ontwikkellocatie Randdijkse bosjes zoveel mogelijk worden gevrijwaard. 3: Werkgroep behoud Lopikerwaard (WBL) 3a Samenvatting Positieve reactie omtrent verwerking diverse aandachtspunten die tijdens het proces door WBL zijn aangedragen en een goede beschrijving van de kernkwaliteiten. Echter volgens de WBL de kernkwaliteiten teniet. WBL verzoekt de gemeente om de plannen voor dit gebied te heroverwegen. Beantwoording De gemeente houdt omwille van de bredere afweging van buitenstedelijke locaties, afstemming met buurgemeenten en de urgente woningnood in het kader van de omgevingsvisie vast aan de keuze voor het Kromme IJssel park. Wel is het van belang hierbij te benoemen dat deze nog nader moet worden uitgewerkt en dat dit met veel aandacht voor de bestaande landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten zal gebeuren. Daarnaast is de aanduiding als ontwikkellocatie in de omgevingsvisie een keuze om de mogelijkheden voor dit gebied nader te verkennen en de haalbaarheid van ontwikkeling
7
nader te bepalen. Keuze voor ontwikkelingsgebied Zuid (Kromme IJssel Park algemene beantwoording voor nadere toelichting. 4: Stichting Historische Kring IJsselstein (HKIJ) 4a Samenvatting Ontevredenheid proces+ Beantwoording Voor nadere uitleg omtrent het participatieproces: zie algemene beantwoording. De gemeente deelt het belang van de historische binnenstad. Het mooie document Vestingstad IJsselstein is dan ook met enthousiasme ontvangen. We kunnen niet nu al toezeggen alle zaken die hierin staan als gemeente te gaan ontwikkelingen, maar we zeggen toe de inhoud mee te nemen bij nieuwe ontwikkelingen en wegen op dat moment af in hoeverre dat gekoppeld en financieel gedekt kan worden. Over de nadere uitwerking en ontwikkelingen blijven we dan ook in gesprek. Nadere besluiten omtrent begroting en concrete projecten worden in het verlengde van de omgevingsvisie komende periode nader uitgewerkt. 4b Samenvatting 2. Waardestelling na-oorlogse wijken Beantwoording De gemeente erkent het belang van bescherming van erfgoed. Voor de na-oorlogse wijken gebeurt dat buiten de linten per pand. Eventuele aanvullende bescherming van bepaalde panden zal in andere beleidsinstrumenten (bv. aanwijzing gemeentelijk monument) moeten worden uitgewerkt, maar wordt nu niet in het kader van de omgevingsvisie bepaald. 4c Samenvatting 3.
Stedelijke ontwikkelingen, bezwaar tegen Kromme IJssel Park Beantwoording De gemeente houdt omwille van de bredere afweging van buitenstedelijke locaties, afstemming met buurgemeenten en de urgente woningnood in het kader van de omgevingsvisie vast aan de keuze voor het Kromme IJssel park. Wel is het van belang hierbij te benoemen dat deze nog nader moet worden uitgewerkt en dat dit met veel aandacht voor de bestaande landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten zal gebeuren. Daarnaast is de aanduiding als ontwikkellocatie in de omgevingsvisie een keuze om de mogelijkheden voor dit gebied nader te verkennen en de haalbaarheid van ontwikkeling nader te bepalen. Dat wil zeggen, het is geen onomkeerbare keuze. Keuze voor ontwikkelingsgebied Zuid (Kromme IJssel P algemene beantwoording voor nadere toelichting. 5: Provincie Utrecht 5a Samenvatting Waardering voor het uitgebreide en zorgvuldige (participatie)proces met bewoners en stakeholders en de opzet van de visie. Op drie onderdelen een inhoudelijke reactie: De Woningbouwopgave past nu niet in verordening en verder in gesprek omtrent integrale regionale afweging hieromtrent in het kader van eventuele opname in provinciaal programma woningbouw Verduurzaming energie handreiking om inpassing energie samen op te pakken en uitdaging om met name ruimte voor windenergie te zoeken.
Cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten voorstel om dubbele ambities bij meervoudige ontwikkellocatie nader uit te werken in een integrale ontwikkelvisie voor de kernrandzone. Beantwoording Dank voor waardering. Omtrent de woningbouwopgave gaan we graag samen met u de mogelijkheden nader verkennen. Voor wat betreft de inpassing duurzame energie sluiten we graag zo goed mogelijk aan op het provinciale programma en zullen we bij de nadere uitwerking ook mogelijkheden voor windenergie afwegen.
8
De handreiking om meervoudige ambities in de kernrandzone nader uit te werken in een integrale ontwikkelvisie voor de kernrandzone achten wij zeer waardevol. In het verlengde van de omgevingsvisie gaan we dit nader uitwerken in een bovengemeentelijk gebiedsperspectief voor de stadsrand(en) (mogelijk als programma), met name voor het zuidelijk buitengebied. We doen dit graag in alliantie, onder andere met u. Bij deze nadere uitwerking benutten we de handreiking omtrent de kernrandzone. stadsrand(en) in alliantie een bovengemeentelijk gebiedsperspectief gaan opstellen. Samenwerking in de gebiedsgerichte uitvoering omgevingsagenda gemeenten Samen met u grijpen wij ook de komst van de Omgevingswet, en daarbij ook het momentum van de totstandkoming van de provinciale en de gemeentelijke omgevingsvisie, graag aan als vliegwiel voor het aangaan van een nieuwe manier van -
Aanpassing 5b
Samenvatting Beantwoording
6: Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden (HDSR) 6a Samenvatting Goed proces en verwerking input + toevoegen meerlaagse waterveiligheid + verwijzing naar leidraad klimaatadaptief bouwen Beantwoording We onderschrijven het belang van meerlaagse veiligheid en klimaatadaptief bouwen. We zullen die nog nadrukkelijker opnemen in de visie. Aanpassing Op pagina 32. Het concept meerlaagse veiligheid toelichten en verwijzen naar de leidraad klimaatadaptief bouwen. 7: Indiener 1 (BB+W) 7a Samenvatting Ontevredenheid proces + IJzersterk IJsselsstein 2.0 - Terug naar de grenzen van de Baronie Beantwoording De hereniging van voormalige IJsselsteinse cope-verkaveling bij Benschop en Polsbroek is een interessante invalshoek. Dit is in huidige politieke context echter geen realistische optie. 7b Samenvatting IJzersterk IJsselsstein 2.0 - Afkeuring Plan Kromme IJssel Park Beantwoording Zoals benoemd is vanuit gemeente Lopik bij Benschop geen draagvlak voor westwaardse ontwikkeling en kiezen we voor autonomie in ontwikkeling binnen bestaande gemeentegrenzen. Keuze voor ontwikkelingsgebied Zuid (Kromme IJssel Park algemene beantwoording voor nadere toelichting. 7c Samenvatting IJzersterk IJsselsstein 2.0 - Vestingstad IJsselstein Beantwoording De gemeente deelt het belang van de historische binnenstad. Het mooie document Vestingstad IJsselstein is dan ook met enthousiasme ontvangen.
We kunnen niet nu al toezeggen alle zaken die hierin staan als gemeente te gaan ontwikkelingen, maar we zeggen, conform de toezegging bij de raadsvergadering van juli jl., toe de inhoud mee te nemen bij nieuwe ontwikkelingen en wegen op dat moment af in hoeverre dat gekoppeld en financieel gedekt kan worden. Over de nadere uitwerking en ontwikkelingen zal met onder meer de HKIJ als belangenpartij gesproken worden. Nadere besluiten omtrent begroting en concrete projecten worden in het verlengde van de omgevingsvisie komende periode nader uitgewerkt. 8: Indiener 2. 8a Samenvatting 1. Woningbouw -formeel Ontbreken van achterliggende onderbouwing en beleid. - inhoudelijk
9
Beantwoording
8b
Samenvatting Beantwoording
8c
samenvatting
beantwoording
- risico dat ontwikkelingen ten zuiden niet beperkt blijven tot 1500 woningen en het een regionale locatie is die locaties nabij hoogwaardig openbaar vervoer hierbij extra potentie hebben. Advies is om te richten op lokale behoefte, in en/of aansluitend op de huidige kern De omgevingsvisie is grotendeels gebaseerd op bestaand beleid, daarnaast is de atlas in het voortraject opgesteld waarin in meer detail het huidige beleid en achterliggende opgave zijn uitgewerkt. De omgevingsvisie blijft hierin bewust op hoofdlijnen. In de algemene beantwoording wordt verwezen naar voorgaande besluiten en relevante achtergrond informatie, zoals bijvoorbeeld de woonvisie. Hierin kunt u relevante achtergrondinformatie vinden. 2. Windenergie Ruimte in gemeente te beperkt, ook niet bij zuid-oostflank. Ook hier negatieve effecten landschap en hinder voor woningen in omgeving. Vooralsnog zijn er geen definitieve keuzes gemaakt omtrent het plaatsen van windmolens. Het klopt dat na een zorgvuldig proces deze locatie als enige mogelijke plek over is gebleven. Bij de nadere uitwerking zal onder andere landschappelijke impact en hinder voor omwonenden worden meegewogen. 3.
Auto-ontsluiting De voorgestelde aanleg van een nieuwe provinciale wegverbinding naar de A2-aansluiting Nieuwegein-Zuid zal het stroomdal van de Kromme IJssel doorkruisen en daarmee de kwaliteiten in hun onderlinge samenhang grotendeels teniet doen en is zeker in het kader van toename thuiswerken en extra focus op OV en fiets. Nog meer creativiteit en innovatie zijn wellicht nodig. Ook omtrent deze route is nog geen definitieve keuze gemaakt. Momenteel wordt onderzocht in welke mate de n210 in huidige vorm bij IJsselstein tegen zijn grenzen aanloopt. Mede op basis van dit onderzoek zal met de nodige creativiteit en innovatie naar oplossingen worden gezocht. Vooralsnog houden we vast aan de koppeling van verstedelijking en infrastructuur in het zuidelijke gebied. De manier waarop dat kan zullen we komende periode nader gaan verkennen.
9: Indiener 3. 9a Samenvatting
Beantwoording
t.w. hoofdstuk 5. Hoofdstuk 5 schetst een concrete uitvoering en leest feitelijk als een voorschot op het Omgevingsplan. De gemeente spreekt hier voor haar beurt. Zij laat zien dat zij toch liefst zélf het initiatief neemt en wil bepalen in welke richting IJsselstein in het buitengebied gaat uitbreiden. Operationalisering (van een visie) hoort volgens mij thuis in het Omgevingsplan - In het omgevingsplan worden regels gesteld over activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Hoofdstuk 5, kortom, is misplaatst in OOIJ21 en dient dan ook te worden geschrapt. De verwarring tussen flexibel en visie voor lange termijn is begrijpelijk. De omgevingsvisie is een document dat komende jaren nog verder aanscherpt en aangevuld kan worden, maar wel kwaliteiten vastlegt en prioriteiten stelt richting 2030 en verder. Bv. omtrent de vraag waar we mogelijkheden voor woningbouw wel of niet nader gaan verkennen. Het hoofdstuk 5 bevat slechts een beperkt aantal richtinggevende keuzes en wordt inderdaad verder in het omgevingsplan en eventuele
10
9b
samenvatting
Beantwoording
9c
samenvatting
beantwoording
9d
Aanpassing samenvatting
Beantwoording
wordt niet vooruit gelopen middels hoofdstuk 5. Bij het uitwerken in het omgevingsplan kunnen nog zaken worden aangepast. Eventuele wijzigingen t.o.v. visie zullen ook in visie worden verwerkt. Hoofdstuk 5 is dan ook meer informatief dan echt richtinggevend, we lichten toe in welke instrumenten we het nader gaan uitwerken en waarvoor we eventueel bijdragen kunnen vragen. Dit schrappen wij niet. Als het gaat over de lange termijn, dan kan de gemeente een voorbeeld nemen aan een reactie van VIHIJ, opmerking nr. 62, waarin o.a. staat: Met de ontwikkeling van Rijnenburg en het toerisme vanuit Utrecht en Veldhuizen is het aannemelijk dat er een vergroting van het wegennet en openbaar vervoer vanaf de noordzijde naar IJsselstein zal komen. Kijk, VIHIJ toont hier oog te hebben voor de lange termijn, t.w. 2030 en verder, precies wat een visie verlangt. Echter, de reactie van een ambtenaar gemeente IJsselstein wuift deze opmerking weg met o.m. het argument dat de keuze al gemaakt is en dat mobilite We richten ons op 2030 en verder. De woningnood is echter urgent, noodzaak van investering in infrastructuur cruciaal en doorlooptijd van ontwikkelingen traag. Voor Rijnenburg geldt daarbij dat de gemeente Utrecht besloten heeft dit niet voor 2035 te gaan ontwikkelen. Hier kunnen we niet op wachten.
Voor deze visie gaan we zoveel mogelijk uit van bestaand beleid, bepaalde afwegingen rondom mobiliteit en Rijnenburg zijn recent gemaakt. Hierdoor is inderdaad beperkter ruimt voor cocreatieve beleidsontwikkelingen. Voor wat betreft toelichting op beleidsvrijheid en proces: zie algemene beantwoording. Een afweging tussen woningbouw, enerzijds, en belangrijke onderwerpen als landschap en natuur, mobiliteit en energie, anderzijds, is noodzakelijk. Niemand zal dat ontkennen. Maar wees eerlijk en laat duidelijk uitkomen dat woningbouw op gespannen voet staat met, onder meer, behoud van natuur en groen. De woordkeuze wekt argwaan, het is voor velerlei uitleg vatbaar en niet concreet. Argwaan dat e.e.a. ten koste zal gaan van natuur en groen, bv. in het gebied van de Randdijkse bosjes. Door de visie gelaagd op te bouwen, dat wil zeggen dat we de ontwikkelingen op de kwaliteiten projecteren, maken we inzichtelijk dat niet alles samen kan gaan en dat er bepaalde prioriteiten gesteld worden. In de nadere uitwerking wordt rekening gehouden met eventuele cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische kwaliteiten. Voor wat betreft de ontwikkellocatie Randdijkse bosjes, deze passen we naar aanleiding van uw zienswijze aan. De potentiële ontwikkellocatie op de het ecologisch waardevol deel vervalt.
Op de kaarten zal het noordelijk deel van de ontwikkellocatie Randdijkse bosjes zoveel mogelijk worden gevrijwaard. Een oplossing aankaarten voor een probleem dat niet bestaat. De introductie (blz. 50Uiteraard, de snelwegen vormen een harde scheiding met de stedelijke bebouwing, maar stad en land? Tegemoet komen aan ..? Hoezo? Wie heeft dát nou weer bedacht? Mijn hemel, wat is er dan mis met de aantrekkelijkheid en bereikbaarheid van De visie sluit hier aan op regionale visies waar middels groene scheggen het groen de stad in wordt getrokken en de randen van kernen weelderiger en toegankelijker worden gemaakt. Daarnaast sluit dit ook aan op de Integrale visie op de openbare ruimte waar Nu zijn deze gebieden zeer beperkt toegankelijk voor overige bewoners (naast de huidige eigenaren). We zien de
11
9e
Samenvatting beantwoording
9f
Samenvatting
Beantwoording
woningbouwopgave als kans om een meer biodiverse, recreatief waardevolle stadsrand te creëren. Dit gaat overigens niet alleen over het gebied ten zuiden van de kern, maar alle stadsranden. Ruimtelijke relatie gaat in dit geval over de gemakkelijkheid waarmee inwoners van IJsselstein de Lek (kunnen) bezoeken. Ook dit wordt in tekst duidelijker geformuleerd. Baronie. In een lange termijnvisie op de stedelijke ontwikkeling ligt het m.i. veeleer voor de hand om uit te breiden in westelijke richting en aan te sluiten bij de Lopikerwaard en de Regionale Omgevingsagenda Lopikerwaard 2040. De gemeente houdt omwille van de bredere afweging van buitenstedelijke locaties, afstemming met buurgemeenten en de urgente woningnood in het kader van de omgevingsvisie vast aan de keuze voor het Kromme IJssel park. Wel is het van belang hierbij te benoemen dat deze nog nader moet worden uitgewerkt en dat dit met veel aandacht voor de bestaande landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten zal gebeuren. Daarnaast is de aanduiding als ontwikkellocatie in de omgevingsvisie een keuze om de mogelijkheden voor dit gebied nader te verkennen en de haalbaarheid van ontwikkeling nader te bepalen. Dat wil zeggen, het is geen onomkeerbare keuze. Keuze voor ontwikkelingsgebied Zuid (Kromme IJssel Park algemene beantwoording voor nadere toelichting. Bedenkingen bij participatie en de omgevingswet.
Mijn ervaringen tijdens dit proces stemmen mij somber over het democratisch gehalte van de Omgevingswet. Op de bijeenkomsten die ik heb bijgewoond, werd ik gewaar dat er bij de deelnemers een informatieachterstand is. Ik zou zeggen, per definitie is er een informatieachterstand en dat zal zo blijven belangengroepen, lobbyisten, mondige inwoners en activisten staan vooraan. Op het speelveld van overleg en debat bestaan informatievoorsprong en -achterstand. Een ongelijke inbreng. Wat is meepraten waard wanneer in een breder verband al keuzes zijn gemaakt? Metropool Regio Utrecht heeft de gemeente en de regio ingefluisterd: Ontsluiting vanuit Lopikerwaard en A2 ter hoogte van IJsselstein en Nieuwegein-zuid in Kromme IJssel Park Wat heeft IJsselstein dan nog te kiezen? Wat hebben inwoners van IJsselstein te kiezen? Als het proces wat ik heb meegemaakt een voorafschaduwing is van de Omgevingswet, dan is het gedaan met rechtmatigheid. De Omgevingswet wekt een overheid tot leven die niet langer transparant is, vrees ik. Het kwadrantenmodel - OOIJ21 blz.10 maakte dit voor mij duidelijk. Objectief en transparant, zorgvuldig en duidelijk, wettelijke basis ja, de rechtmatige overheid acht ik democratisch en betrouwbaar, de responsieve overheid begeeft zich op een glibberig pad.
Het keuzes en niet tot het einde alle opties kunnen openhouden, noch is het mogelijk iedere inwoner te betrekken. Gezien de omstandigheden hebben we inwoners en organisaties zo goed mogelijk betrokken en middels de enquête (en parallel lopende participatietrajecten) is waardevolle input opgehaald. Participatie is van belang om beleid beter te maken en draaglak voor keuze bij verschillende partijen te peilen, maar het blijft uiteindelijk een afweging van de democratisch gekozen gemeenteraad. Daarnaast is het goed om te benoemen dat bij aparte beleidstrajecten ook geparticipeerd is en op die manier gedurende de afgelopen periode veel mensen over de beleidskeuzes zijn geconsulteerd. Voor wat betreft de sturingsfilosofie in het kwadrantenmodel is het goed om te benoemen dat we alle vier stijlen nodig hebben als gemeente, maar op het responsieve en netwerkende vlak meer te ontwikkelen hebben. Deze gaan overigens juist uit van meer participatie. In lijn met
12
9g
Samenvatting
Beantwoording
9h
Samenvatting
Beantwoording
9i
Samenvatting
het besluit omtrent de invoering van de omgevingswet zal de gemeente moet zich hier verder gaan ontwikkelen op dit participatieve vlak. Hierbij zullen we rekening houden met informatieachterstanden. We streven naar een zo gelijk mogelijk speelveld. Zie voor nadere toelichting omtrent het proces ook de algemene beantwoording. Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden komt in het verhaal voor als het gaat over water en klimaat en over dijkverzwaring. Waar m.i. ook de aandacht naar dient uit te gaan, is het bodemtype of de ondergrond van de mogelijke locaties in relatie tot het waterniveau en -beheer in het Groene Hart. Als bodemdaling, maar ook verdroging, gepareerd moeten worden, wat zijn dan de gevolgen op lokaal niveau? De gemeente moet onder ogen zien - en benoemen - dat landbouwbedrijven niet kunnen (blijven) groeien. De plaats van landbouw en veeteelt in het landelijk gebied (in samenhang met het waterbeheer en biodiversiteit) staat landelijk volop in discussie en dient dus ook lokaal aandacht te krijgen. Uitbreiding van agrarisch areaal of van intensieve veeteelt ligt niet voor de hand, eerder het tegendeel. Zie ook de reactie Provincie Utrecht, nr. 10 Vraagtekens derhalve bij de uitspraak op blz. 33: We bieden ruimte voor de doorontwikkeling en verduurzaming van grootschalige landbouw in de Lopikerwaard. Dit onderwerp verdient opnieuw een discussie.
Bodemdaling is beperkt aan de orde in dit gebied. Het aanpassen aan langere perioden van droogte is wel een belangrijk aandachtspunt. Meer ruimte voor water(buffers) en bomen kan hierbij lokaal helpen, zowel binnen- als buitenstedelijk. (intensieve) Landbouw is inderdaad onderwerp van discussie, intensieve landbouw is ook een onderdeel van de harde stadlandscheiding. In de stadsranden willen we dan ook nadenken over transformatie van landbouw naar recreatie, natuur en wonen. Verder blijft in het buitengebied de landbouw overwegend de primaire gebruiker en beheerder van het landschap. Bij ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met klimaatadaptatie en (duurzame) energiebehoefte. Te denken valt aan het tegengaan van hittestress en het inrichten van buffers voor wateropvang. OOIJ21 is summier wat dit onderwerp betreft. Wat heeft de gemeente voor ogen op de lange termijn? Mijn voorstel is in te zetten op méér bomen in de stedelijke omgeving, op vergroenen van de binnenstad en op gedragsverandering (met name mobiliteit). Bomenbestand is achter gebleven bij de groei van de bevolking sinds, pakweg , 1970. Geef een niveau aan dat moet worden nagestreefd. Bijvoorbeeld: nu ca. 16.000 bomen op 34.000 inwoners, in 2024 17.000 bomen, in 2030 20.000 bomen.
Verander de versteende hofjes in de binnenstad in deels - groene oases die bijdragen aan verkoeling en waar het aangenaam is om te vertoeven. Idem de parkeerterreinen nabij woningen elders in de stad waar en blijf niet hangen in goedbedoelde gemeenplaatsen. De nader uitwerking volgt op de omgevingsvisie. De gemeente deelt het belang van meer bomen en, in bredere zin, groen als middel voor klimaatadaptatie. Echter, zoals dat ook in de Integrale visie op de openbare ruimte is beschreven, gaat het om de effecten van de beplanting. We planten bijvoorbeeld liever 1 grote boom die de hitte reduceert dan 10 kleine bomen die niet dat beoogde effect hebben. De maakindustrie en de sector dienstverlening bieden veel werkplekken in de gemeente. Dienstverlening? Dat is nieuw voor mij. Bronvermelding stel ik op prijs.
13
9j
Beantwoording
Uitspraak is gebaseerd op LISA data. Zie: https://www.waarstaatjegemeente.nl/dashboard/dashboard/bedrijvigheid-eneconomie/
Samenvatting
Helder schrijven a.u.b. Een voorbeeld (slechts). Ik begrijp hier werkelijk geen jota van - blz. 18 : Om gezond leven in een stedelijke regio voor iedereen op een goede manier te laten landen in het ruimtelijke perspectief voor de regio worden ruimtelijke principes meegegeven die zorgen dat de ruimtelijke inrichting bijdraagt aan een goede gezondheid. Dit betreft de toelichting op een regionaal beleidsstuk. Hierin zijn aanbevelingen gemaakt hoe we onze omgeving op zodanige wijze kunnen inrichten en ordenen zodat hiermee wordt bijgedragen aan een goede gezondheid. Denk daarbij bijvoorbeeld aan voldoende groen in de buurt, geen vervuilende industrie nabij woningen en voorrang geven aan schonere mobiliteit. Deze zin zullen we verduidelijken.
Beantwoording
9k
Aanpassing Samenvatting
Beantwoording
Toelichting op blz. 18 is duidelijker beschreven. Input onderzoek verricht door DUO Gaat uit van onjuist inwoneraantal van IJsselstein wat vragen oproept over de nauwkeurigheid van het onderzoek. DUO berekent betrouwbaarheid terwijl respons niet representatief is dat heeft geen zin heeft, lijkt mij. Aanbeveling: Neem kennis van een andere kijk op de publieke ruimte en op mobiliteit : Het recht van de snelste https://decorrespondent.nl/hetrechtvandesnelste Het klopt dat DUO hier een onjuist inwoneraantal heeft benoemd. Dit is een omissie. Echter, heeft dit geen consequenties voor de statistische berekeningen gehad. Feitelijk wordt bij populaties boven 10.000 uitgegaan van een oneindige populatie. ngs vergelijkbaar abstractieniveau. Op basis van statistische kennis is in het rapport aangegeven wat de betrouwbaarheidsmarge is, die is zeker voldoende. We danken u daarnaast voor de inspiratie omtrent mobiliteit in de publieke ruimte.
14
Staat van wijzigingen Naar aanleiding van zienswijzen: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Toelichting op IRP op blz. 18 is duidelijker beschreven. p Wij zien het als de verantwoordelijkheid van de stad Utrecht om eerst zelf alle mogelijke (binnenstedelijke) locaties te benutten. Slechts indien nodig accommoderen we een deel van de additionele U16-woonvraag naar (groen)stedelijke woonmilieus. Dit doen we zoveel mogelijk nabij de bestaande OV-knooppunten Woerden en IJsselstein. Op pagina 37 zame energie, maar ook voor woningen en horeca benut kan worden. p. 43 toegevoegd dat we bij de verduurzaming van de bevoorrading het natuurlijke verloop faciliteren. P. 50 en 51 beschrijvingen omtrent scheiding stad en land en ruimtelijke relatie Lek duidelijker formuleren. (plus referentiebeeld IVOR toegevoegd) We verkennen bijvoorbeeld de meerwaarde van een bovengemeentelijk integraal perspectief op de stadsrand(en). Hierbij
Wijzigingen in kaartmateriaal: 1.
Op de kaarten p. 28, 33, 40, 46, 50 en 62 zal de ontwikkellocatie bij Randdijkse bosjes het noordelijk deel zoveel mogelijk worden gevrijwaard.
Ambtshalve wijzingen: 1. 2.
P. 22. Toegevoegd: We actualiseren beleid omtrent archeologie. P.23 nav toezegging gemeenteraad juli 2021 is uitgangspunt 3 aangepast naar : We werken gezamenlijk verder aan de 'Vestingstad IJsselstein', bij nieuwe ontwikkelingen nemen we dit mee. 3. P. 34 toegevoegd: Een algemeen beleidsdoel is dan ook het streven naar een gezonde omgeving. 4. Tekstuele fout op pagina 37 aangepast: We zien echter wel ruimte om in de gemeente hogere normen te stellen, waarmee we de omgevingskwaliteit in de komende jaren willen verbeteren. 5. P. 31 paragraaf duurzame energie aangepast waarbij meer is aangesloten bij wat is opgenomen in het afwegingskader duurzame energie. 6. p. 42 Uitgangspunt duurzame energie toegevoegd: Binnen de bebouwde kom ligt de focus op zon op dak, energiebesparing en de warmtetransitie. 7. P. 46 Uitgangspunt duurzame energie toegevoegd: Binnen de bebouwde kom ligt de focus op zon op dak, energiebesparing en de warmtetransitie. 8. P. 53 discrepantie tussen schuif en tekst aangepast, toegevoegd: Voor geur wordt daarom ingezet op een verbetering. 9. P. 50 Uitgangspunt duurzame energie aangescherpt; niet alle delen binnen dit gebied zijn geschikt voor energieopwekking en de mogelijkheden worden nog verder verkend. 10. P.
54 Uitgangspunt duurzame energie aangescherpt; agrarisch gebruik dient de hoofdfunctie te blijven binnen dit gebied, grootschalige windturbines zijn niet gewenst. Spinnenweb één prioritering minder voor duurzame energie. 11. P. 56 Panorama duurzame energie aangescherpt in overeenstemming met aanpassing uitgangspunt. 12. P. 58 Uitgangspunt duurzame energie; natuur- en recreatieontwikkeling staat in dit gebied voorop, grootschalige windturbines zijn niet gewenst. Spinnenweb één prioritering minder voor duurzame energie. 13. 14. Bijlagen: schriftelijke reacties concept-versie vervangen door zienwijzen op ontwerp-versie, reactienota en staat van wijzigingen toegevoegd.
15