Raadsvoorstel zienswijze ontwerpbegroting WIL 2026
Tekst van het document
Raadsvoorstel gemeente IJsselstein _______________________________________________________________________ Agendapunt: Zienswijze ontwerp Begroting WIL 2026 Zaaknummer: 261409 Programma: Inkomen, Jeugd en Wmo Commissie: Samenleving Portefeuillehouder: Eveline Schell Onderdeel van: Informatie bij: Corette Wissink _______________________________________________________________________________
Onderwerp Zienswijze ontwerp Begroting WIL 2026 Samenvatting Het dagelijks bestuur van Werk en Inkomen Lekstroom (WIL) heeft de ontwerp Begroting WIL 2026 ter zienswijze aangeboden aan uw raad. De ontwerpbegroting is gebaseerd op de basisbegroting 2026 uit de Kaderbrief 2026 en het Meerjarenbeleidsplan WIL 2026-2028. De ontwerpbegroting is geactualiseerd op de eindstand 2024 wat betreft het aantal huishoudens met bijstand met daarbij 2% stijging. Daarnaast is sprake van kostenstijgingen door onder andere indexaties en cao-stijging. Hierdoor stijgen regelingskosten en uitvoeringskosten. De Ontwikkelagenda is verder uitgewerkt en voor een deel verwerkt in de ontwerpbegroting als het gaat om de incidentele en structurele kosten en baten. Het college stelt voor een zienswijze te geven op de ontwerp Begroting WIL 2026 zoals verwoord in de concept-zienswijze. _______________________________________________________________________ Voorstel De zienswijzebrief over de ontwerpbegroting WIL 2026 vast te stellen. Aanleiding voor dit voorstel Het bestuur van WIL vraagt de raad een zienswijze te geven op de ontwerpbegroting WIL 2026 (zie bijlage 1, aanbiedingsbrief WIL). Dit is onderdeel van de jaarlijkse planning-encontrolcyclus van WIL.
Toelichting ontwerpbegroting WIL 2026 De ontwerpbegroting is gebaseerd op de basisbegroting 2026 uit de Kaderbrief 2026 en het Meerjarenbeleidsplan WIL 2026-2028. Hierin waren de begroting WIL 2025 en 1e begrotingswijziging WIL 2025 al verwerkt. Voor de bepaling van de hoogte van het BUIGbudget rekent WIL met een gemiddeld uitkeringsbedrag per uitkeringsgerechtigde op basis van de uitkomsten van de voorlopige jaarcijfers 2024. De omvang van het bestand wordt bepaald aan de hand van het aantal klanten per eind 2024 plus 2%. Financiële uitgangspunten ontwerpbegroting 2026: A. Het uitvoeren van de Ontwikkelagenda. Dit draagt bij aan kostenbewuste uitvoering en behouden en verbeteren van balans tussen opdracht, dienstverlening en financiën. Een grote toename in het klantvolume (meer Pagina 1 van 8
uitkeringen, meer aanvragen bijzondere bijstand, meer aanvragen schuldhulpverlening) kan meer regelings- en uitvoeringkosten tot gevolg hebben. Dit is opgenomen in de risicoparagraaf van de WIL-begroting. B. Stijging van de inzet van loonkostensubsidie met 20%. In het Meerjarenbeleidsplan 2026-2028 was uitgegaan van 25%. Dit is naar beneden bijgesteld vanwege de realisaties van het afgelopen jaar/jaren. De haalbaarheid is mede afhankelijk van de snelheid waarmee resultaten weten te halen met de ketenregie in het kader van de Sociale Infrastructuur Lekstroom Werkt (SILW). C. CAO-stijging 3,8%: op basis van de septembercirculaire 2024. D. Volumegroei klantaantallen 2% wat betreft bijstand, inkomensondersteuning en schuldhulpverlening. E. Regelingskosten1 Inkomensondersteuning (bijzondere bijstand en minimaregelingen) stijgen met 5%: op basis van de realisatie in 2024. F. Indexering kosten uitkeringen 2,7%: op basis van de decembercirculaire 2024 (in de Kaderbrief 2026 was uitgegaan van 2%) G. Indexering ICT kosten 2,7%: gelijk aan de indexering kosten uitkeringen (in het Meerjarenbeleidsplan 2026-2028 was uitgegaan van 5%). H. Indexering kosten huisvesting 2,7% (in het Meerjarenbeleidsplan 2026-2028 was uitgegaan van 5%). I.
Ontwikkelagenda 2026: de actielijnen die WIL zelfstandig kan uitvoeren zijn verwerkt in de begroting zowel de eenmalige kosten (€ 150.000) als de structurele baten (€ 180.000). J. WIL handhaaft de bestaande financieringssystematiek: de begroting en jaarrekening van WIL zijn bepalend voor de bijdragen van de gemeenten (niet de bijdragen die de gemeenten van het Rijk ontvangen). Inhoudelijke uitgangspunten en ontwikkelingen Bij de dienstverlening gaat het om: • De leefwereld van de klanten staat centraal (niet de systeemwereld) • Een hybride klantbeeld: beperkte mate van zelfredzaamheid en vaak multiproblematiek • De (financiële) bestaanszekerheid is het belangrijkste thema voor (kwetsbare) inwoners en klanten • Doorontwikkelen van de dienstverlening aan de hand van eenvoud, vertrouwen en maatwerk: inwoners kunnen snel en makkelijk gebruikmaken van regelingen. • Minder inwoners in de uitkering: nog veel inwoners doen niet mee, hierop verbeteren is goed voor de inwoner, de samenleving en de (financiën van de) gemeente. Ontwikkelagenda WIL 2026 Bij de Kaderbrief WIL 2026 en het Meerjarenbeleidsplan WIL 2026-2028 was de Ontwikkelagenda opgenomen met 9 actielijnen en 1 optionele actielijn. Het gaat hierbij om doorontwikkeling van de dienstverlening (eenvoud, vertrouwen en maatwerk) in balans met de opdracht en de middelen die WIL krijgt.
In de ontwerp Begroting WIL 2026 is de Ontwikkelagenda verder uitgewerkt. De Ontwikkelagenda heeft invloed op alle programma’s (inkomen, werk, inkomensondersteuning en bedrijfsvoering) van WIL. WIL geeft aan dat ze op vrijwel alle actielijnen aan de slag wil in 2026 met voorbereidende werkzaamheden in 2025. Voor de actielijnen 1, 2, 6 en 7 zet WIL zelfstandig de eerste stappen. De kosten en baten hiervan zijn financieel verwerkt in de ontwerpbegroting. Voor de actielijnen 3, 5, 8 en 9 wordt toegewerkt naar businesscases die na de zomer in het 1 De regelingskosten zijn de kosten van de regeling zelf bijv. de bijstandsuitkering, loonkostensubsidie, individuele
inkomenstoeslag of bijzondere bijstand. De uitvoeringkosten zijn de kosten die worden gemaakt voor de uitvoering van de (Participatiewet en) bijbehorende regelingen, dus vooral de inzet van het personeel Pagina 2 van 8
gesprek met de raden worden besproken en daarna zullen worden opgenomen in de 1e begrotingswijziging 2026. De businesscases zijn nu niet in de ontwerpbegroting verwerkt. De financiële impact is wel doorgerekend. Als de hele Ontwikkelagenda wordt verwerkt levert dit een besparing op van € 1.000.000 (zie p. 21 en 22 van de ontwerpbegroting). De manier waarop WIL de Ontwikkelagenda verder heeft uitgewerkt komt niet tegemoet aan hetgeen de gemeenteraad van IJsselstein in de zienswijze op de kaderbrief en het Meerjarenbeleidsplan heeft gevraagd. Namelijk nadere uitwerking van alle actielijnen in de vorm van businesscases als optie bij de ontwerp Begroting WIL 2026 met per businesscase: • duidelijke onderbouwing van de investeringen die gedaan moeten worden en de verwachte besparingen; • duidelijkheid over de manier van monitoring van de effecten van de investeringen op de regelingskosten, uitvoeringskosten en kwaliteit van dienstverlening; • duidelijkheid over de manier waarop de raad hierover periodiek wordt geïnformeerd zodat investeringen kunnen worden heroverwogen als ze niet het gewenste effect hebben. In de zienswijze op deze ontwerpbegroting WIL 2026 vragen we hier weer aandacht voor (zie bijlage 4). Bij argument 2 geven we een reactie op de Ontwikkelagenda als geheel. In de zienswijze gaan we hier per actielijn op in (zie bijlage 4).
_______________________________________________________________________________
Relevante eerdere besluiten/besluitgeschiedenis Zienswijze eerste begrotingswijziging WIL 2025 en Kaderbrief WIL 2026, zaaknummer 230067, 6 maart 2025. Wettelijk kader of beleidskader Artikel 35 van de Wgr en artikel 27 van de Gemeenschappelijke regeling WIL (begrotingsstukken). Alternatieven Het is mogelijk om geen zienswijze of een zienswijze met een andere inhoud te geven dat wat hier is voorgesteld. Argumenten Argumenten voor de voorgestelde zienswijze (bijlage 4) zijn: 1. De ontwerpbegroting 2026 is in lijn met de basisbegroting zoals geschetst in de Kaderbrief WIL 2026 waarmee eerder is ingestemd. a. De inhoudelijke uitgangspunten passen bij de huidige en toekomstige ontwikkelingen in het klantenbestand en de benodigde dienstverlening. Dit sluit aan bij het doel van de Pwet in Balans (meer vertrouwen en minder complexiteit). b. De financiële uitgangspunten zijn begrijpelijk en voor een deel onvermijdelijk als het gaat om indexaties, cao-stijgingen en (verwachte) stijgende volumes. De financiële effecten van de Ontwikkelagenda zijn nog onzeker. Bij de 1e begrotingswijziging moeten businesscases hierover meer inzicht geven. 2. De actielijnen uit de Ontwikkelagenda zijn zowel gericht op een verbetering van de dienstverlening aan inwoners als kostenbesparingen voor de gemeenten.
Dit draagt bij aan behouden en verbeteren van de balans tussen opdracht, dienstverlening en financiën. Dit is nodig zowel vanuit de inhoud (betere dienstverlening voor inwoners: meer vertrouwen, eenvoud en maatwerk) als vanuit de financiële uitdagingen van de gemeente die samenhangen met het ravijnjaar. In de zienswijze op de Kaderbrief WIL 2026 en het Meerjarenbeleidsplan WIL 20262028 hebben we dan ook complimenten uitgesproken en aangegeven uit te kijken naar een nadere uitwerking in de vorm van businesscases van alle in de Pagina 3 van 8
Ontwikkelagenda opgenomen voorstellen als opties bij de ontwerp Begroting WIL 2026. WIL heeft de Ontwikkelagenda echter op een andere manier verwerkt. In de zienswijze vragen we aandacht hiervoor. Met daarbij de reactie op de Ontwikkelagenda als geheel: a. Voor de actielijnen 1, 2, 3 en 5 tot en met 9 geldt dat we het eens zijn met de inhoudelijke bedoeling en positief over de beoogde impact voor de inwoner; b. Eens dat actielijn 4 (Sociale infrastructuur Lekstroom Werkt) vervalt als actielijn in de Ontwikkelagenda. Het is een parallel traject van de 4 gemeenten, WIL en WerkwIJSS samen. Er zijn veel raakvlakken tussen SILW en de actielijnen 1 (brede toegang poort), 8 (verbrede inzet op parttime werken) en 9 (verbrede inzet op economische participatie). Het is noodzakelijk de inhoud, planning en uitvoering van deze actielijnen nauwkeurig af te stemmen met SILW. SILW is leidend, de actielijnen volgen. c. Het is begrijpelijk dat er investeringen nodig zijn, maar de onderbouwing van aard en omvang ontbreekt. Concrete kanttekeningen bij 3 actielijnen: voor actielijn 2 (meer lokaal afgestemde dienstverlening) en 6 (meer eenvoud in de uitvoering) is het wellicht effectiever om interne expertise in te zetten in plaats van een externe project-/procesbegeleider.
Voor actielijn 3 (digitaliseren/automatiseren dienstverlening) geldt dat het een specialistisch en complex traject is met het risico op vertraging en uitloop. Voldoende (kwalitatieve en kwantitatieve) expertise is gewenst. d. Monitoring van de (structurele) effecten op de regelingskosten, uitvoeringskosten en kwaliteit van de dienstverlening met het oog op de inwoners, de uitvoering en de gemeente. We waarderen dat dit is uitgewerkt voor actielijn 5 (harmonisatie regelingen), maar het is voor alle actielijnen van belang. Vooral op de businesscases willen en moeten we goed kunnen sturen. Bij de verdere uitwerking van de businesscases moet dit aan bod komen. Hetzelfde geldt voor het actief informeren van de raden over de resultaten en effecten van de actielijnen. e. Actielijn 10 (versobering minimaregelingen is niet uitgewerkt:) WIL verzoeken dit alsnog een businesscase voor op te stellen als vervolgstap op de harmonisatie minimaregelingen zodat een integrale afweging kan worden gemaakt. Daarbij geldt dat versobering geen doel op zich is. 3. Financieel is de Ontwikkelagenda deels verwerkt in de ontwerpbegroting, namelijk de actielijnen die WIL zelfstandig kan uitvoeren. De investeringen zijn € 150.000 de structurele baten € 180.000. De zorg die we hierbij hebben is dat de benodigde investeringen zeker zijn, maar de verwachte besparingen onzeker.
Daarmee is er sprake van een financieel risico. We zijn bereid dit risico samen met WIL aan te gaan met afspraken over de wijze van monitoring en evaluatie. Kanttekeningen en / of risico’s In de ontwerpbegroting WIL 2026 zijn, voor de actielijnen uit de Ontwikkelagenda die WIL zelfstandig kan uitvoeren, investeringen opgenomen die moeten leiden tot verbetering van de dienstverlening aan inwoners en verlaging van kosten. Hierin zit zowel een maatschappelijk als een financieel risico. Met de Ontwikkelagenda zetten we onder andere in op digitaliseren/automatiseren van de dienstverlening en meer eenvoud in de uitvoering. De verwachte (financiële) effecten zijn positief maar ook onzeker omdat deze van veel factoren afhankelijk zijn. Wat betreft de investeringen die al zijn verwerkt gaat het vaak om externe ondersteuning voor projectleiding of externe expertise. De onderbouwing voor de bedragen is beperkt. De besparingen zijn gebaseerd op verwachtingen en prognoses. Of de opbrengsten daadwerkelijk worden gerealiseerd is nog niet te zeggen en afhankelijk van meerdere factoren waaronder maatschappelijke en economische ontwikkelingen. Wanneer we akkoord gaan met de Ontwikkelagenda lopen we dus een Pagina 4 van 8
financieel risico dat we aanzienlijke investeringen doen, deze extra kosten structureel worden, maar dat de besparingen uitblijven of niet inzichtelijk zijn. Een goede monitoring van effecten is noodzakelijk, zodat we deze investeringen in de toekomst kunnen heroverwegen. Hier zetten we samen met WIL op in. WIL heeft een risicoparagraaf opgenomen in de ontwerpbegroting inclusief een inschatting van de financiële gevolgen (zie p. 58 tot en met 61). Bij het reële scenario en bij het worst case scenario gaat het in totaal om grote bedragen. Met name de risico’s die betrekking hebben op inhuur van personeel zijn, gegeven de ervaringen van de afgelopen jaren en de voortdurende krapte op de arbeidsmarkt, iets om rekening mee te houden. Daarnaast is sprake van een algemeen risico dat de werkelijke ontwikkelingen in bijvoorbeeld klantvolumes, hoogtes van uitkeringen en andere kostenstijgingen afwijken van de prognoses van WIL. Dit wordt deels door externe factoren bepaald. Daarbij is de compensatie vanuit rijksmiddelen niet altijd gelijk aan werkelijke kostenstijgingen. Dit risico lopen we bij alle gemeenschappelijke regelingen en open-einde regelingen. _______________________________________________________________________ Uitvoering Kosten De bijdrage voor 2026 (ontwerpbegroting WIL 2026) voor de gemeente IJsselstein is geraamd op € 15.948.000.
Op dit moment is in de meerjarenbegroting van IJsselstein voor 2026 rekening gehouden met € 14.300.000 voor de bijdrage aan WIL. Dat geeft het onderstaande beeld: Begroting WIL 2026
Onderdeel
waarvan regelingskosten
waarvan uitvoeringskosten
Begroting IJsselstein 2026
verschil
Inkomen
€
10.975.000 €
10.332.480
€
642.730
€
9.791.000
Werk
€
1.154.000
€
191.768
€
961.959
€
1.090.000 €
-64.000
Inkomensondersteuning
€
1.832.000
€
1.069.405
€
762.462
€
1.542.000
€
-290.000
Bedrijfsvoering
€
1.987.000
€
1.987.000
€
1.878.000
€
-109.000
Subtotaal verwachte inkomsten LKS bovenop wat al in BUIGbudget is opgenomen (€ 643.658)
€
15.948.000
€
11.593.653
€
4.354.151
€
14.301.000
€
-1.647.000
€
92.671
verwachte indexatie op BUIG Subtotaal
€
€ €
15.948.000
€
11.593.653
€
6.341.151
€
14.301.000
-1.184.000
263.365 -€ 1.290.964
De belangrijkste aanpassingen lichten we hieronder toe: Inkomen: Wij ontvangen jaarlijks een bijdrage van het Rijk om de uitkeringslasten te dekken. De voorlopige rijksbijdrage is lager dan de begrote uitkeringslasten van WIL. Het bedrag dat in onze begroting bij ‘inkomen’ is opgenomen is gebaseerd op het nader voorlopige BUIG beschikking 2025. Dit is de laatste informatie waarover we beschikken. Voor 2026 kan dit nog wijzigen door bijvoorbeeld inflatiecorrectie of bijstelling van het verdeelmodel vanwege meer uitkeringen in voorgaande jaren dan waar in het verdeelmodel vanuit gaat. De rijksbijdrage is namelijk onder andere gebaseerd op de aantallen inwoners met bijstand van voorgaande jaren. Hierdoor ontstaat een verschil tussen inkomsten en uitgaven op de uitkeringen. Door deze fluctuatie is het effect het ene jaar negatief en het andere jaar positief. Mogelijk zorgt dit in de loop van 2026 voor een kleiner tekort dan waarvan nu sprake lijkt te zijn. Via de circulaires wordt de raad hierover geïnformeerd. Het aantal bijstandsuitkeringen stijgt: - Het aantal bijstandsuitkeringen in de ontwerpbegroting WIL 2026 is gebaseerd op de realisatie 2024 + 2%. Dit is meer dan bij de begroting 2025 omdat de realisatie 2024 meer was dan begroot.
Pagina 5 van 8
-
-
De inhaalslag die we in 2024 hebben gemaakt ten aanzien van de huisvesting van statushouders werkt door in het aantal bijstandsuitkeringen en de gemiddelde uitkeringsbedragen aangezien het veelal om gezinnen gaat. De stijging van de regelingskosten BUIG door indexatie uitkeringsbedragen en (verwachte) hogere kosten voor LKS. Hiervoor worden we als gemeente achteraf geheel gecompenseerd door het Rijk.
Wat gaan we doen om het verschil zo klein mogelijk te maken: Sturen op uitstroom naar werk, meer inzetten van loonkostensubsidie en meer inzetten op parttime werk. Daarbij houden we oog voor duurzaamheid van de uitstroom. Het Lokaal werkteam is hierop aan zet. De noodzaak om, vanuit wat goed is voor de inwoner en wat goed is voor de gemeentelijke financiën, tot betere prestaties te komen is een van de belangrijkste redenen voor het traject Sociale Infrastructuur Lekstroom Werkt en de Ontwikkelagenda WIL. Hierin werken de betrokken gemeenten, WIL en WerkwIJSS gezamenlijk aan het verbeteren van de ketensamenwerking in de Lekstroom, de samenwerking met werkgevers en partners met het doel meer inwoners de stap naar werk, participatie en activering te kunnen laten maken. Met elkaar sturen we op het realiseren van de benodigde stappen en randvoorwaarden conform planning. Inflatie: De budgetten zijn geïndexeerd met een inflatiecorrectie van 2,7% en een loonindexatie van 3,8%. De uitkeringen zijn met 2,7% geïndexeerd. Hierdoor stijgen de kosten. Planning De uiterste termijn voor het indienen van een zienswijze is 20 juni 2025. Het bestuur van WIL is ervan op de hoogte dat deze planning voor de gemeente IJsselstein niet haalbaar is. Het algemeen bestuur van WIL stelt op 3 juli de ontwerpbegroting WIL 2026 vast na ontvangst van de (concept-)zienswijze van alle WIL-gemeenten.
Businesscases uit de Ontwikkelagenda, waaronder die voor harmonisering minimaregelingen (actielijn 5), worden verder uitgewerkt en besproken in het raadsgesprek in oktober. De wensen van de raden worden, indien mogelijk verwerkt in de 1e begrotingswijziging 2026 (zie ook de planning op p. 5 van de ontwerpbegroting WIL 2026). Duurzaamheid Niet van toepassing. Participatie De Cliëntenraad van WIL is in de gelegenheid geweest een zienswijze te geven op de ontwerpbegroting WIL 2026. Deze wordt meegenomen in de besluitvorming in het AB WIL samen met de zienswijzen van de gemeenten. Communicatie Na vaststelling van de zienswijze door de raad wordt het bestuur van WIL geïnformeerd via bijgevoegde brief (bijlage 4). Evaluatie Monitoring vindt plaats via de P&C cyclus van WIL. Met de tussentijdse rapportage (Turap) tot en met mei 2026 krijgen we goed inzicht in de bestedingen tot dan toe en wordt een prognose gedaan voor de rest van 2026. _______________________________________________________________________ Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief WIL 2. Ontwerpbegroting WIL 2026 Pagina 6 van 8
3. zienswijze gemeenteraad IJsselstein op Meerjarenbeleidsplan WIL 2026-2028, Kaderbrief WIL 2026 en 1e begrotingswijziging WIL 2025 4. Concept zienswijze gemeente IJsselstein op de ontwerpbegroting WIL 2026
Pagina 7 van 8
De raad van de gemeente IJsselstein; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 3 juni 2025, zaaknummer 261409 BESLUIT: De zienswijzebrief over de ontwerpbegroting WIL 2026 vast te stellen. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente IJsselstein, gehouden op 10 juli 2025
de griffier,
de voorzitter,
Arnout J.O. van Kooij MMC
Agnes Jongerius
Pagina 8 van 8