CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel onderzoek interne duurzaamheid

Commissie Ruimte 21 juni 2022, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: 20:30 uur Raadsvoorstel onderzoeksrapport duurzaamheid1.487 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel van de rekenkamer IJsselstein Opgesteld door: Commissie: Vergaderdatum: Zaaknummer: Portefeuillehouder: Geheim : Bijlage: Informatie bij:

Rekenkamer IJsselstein Commissie Ruimte 21/06/2022 1261125 Gemeenteraad Nee Rapport “Duurzaamheidsbeleid eigen bedrijfsvoering gemeente IJsselstein”, inclusief de bestuurlijke reactie Barbara IJsselmuiden (rekenkamerijsselstein@gmail.com)

Rekenkameronderzoek: ‘Duurzaamheidsbeleid eigen bedrijfsvoering gemeente IJsselstein’. Voorstel: De rekenkamer stelt de raad voor te besluiten om het college van burgemeesters en wethouders te verzoeken: 1. Jaarlijks voortgangsinformatie aan de raad te leveren over de mate waarin de gemeente op koers ligt voor de beleidsdoelen in 2030. 2. De maatschappelijke urgentie in bestuurlijk commitment en bestuurlijke besluiten te vertalen. Dit door de doelstelling uit te dragen en het beleid te borgen door heldere kaders te scheppen waarbinnen de uitvoering gericht kan worden opgepakt. 3. Op basis van heldere kaders en bijbehorende borging een uitvoeringsprogramma op te stellen voor de duurzaamheidsdoelstellingen van de eigen bedrijfsvoering, inclusief duidelijk ambtelijk eigenaarschap en voldoende middelen om deze uit te voeren. 4. Met de verbeterde informatiepositie van de raad op de beleidsdoelen en de uitvoering politiek-bestuurlijke besluitvorming voor te bereiden waarmee het de raad mogelijk wordt gemaakt om waar nodig aanvullende (financiële) middelen toe te wijzen. 5. Het (bredere) duurzaamheidsbeleid te evalueren; een dergelijke evaluatie is toegezegd en kan bijdragen aan verbetering van de borging en biedt handvatten om het gesprek te voeren over beleid, voortgang, en de behoefte aan heldere kaders.

De rekenkamer,

De secretaris,

De voorzitter,

Drs. B. IJsselmuiden

Drs. R.J.F. Paulussen

Aanleiding voor dit voorstel

1

Het toenemende inzicht in de klimaatverandering en de gevolgen daarvan hebben nationaal en internationaal geleid tot afspraken en maatregelen. In 2011 is in ons land een Lokale Klimaat Agenda opgesteld. Hierin zijn ook acties voor gemeenten beschreven, om bij te dragen aan de nationale en Europese doelstellingen op het gebied van klimaat en duurzaamheid. In 2015 hebben 195 landen in Parijs belangrijke afspraken gemaakt op de VN-klimaattop. De Nederlandse overheid wil op basis van deze afspraken in 2030 49% minder CO2 uitstoten ten opzichte van 1990. In 2050 moet dat 95% minder zijn. Om de doelstelling te halen heeft de overheid samen met bedrijven en organisaties maatregelen afgesproken. Deze staan in het nationale Klimaatakkoord. Meer dan 100 partijen (overheden, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties) hebben in 2019 gewerkt aan een pakket maatregelen waarmee Nederland zijn CO2-uitstoot halveert. De Rekenkamer inventariseerde eerder de belangstelling van de IJsselsteinse raad naar onderzoeksonderwerpen. Daarin kwam ‘duurzaamheid’ meerdere keren naar voren. In IJsselstein is in 2015 voor het laatste een rekenkameronderzoek naar duurzaamheid uitgevoerd. Toen was de focus het bredere duurzaamheidsbeleid. Conclusies waren toen dat het vigerend beleid uit het visiedocument ‘IJsselstein Duurzaam’ geen duidelijke definitie van duurzaamheid gaf.

De doelen waren onduidelijk, een nulmeting ontbrak en de langetermijnplanning van beleidsinitiatieven uit het uitvoeringsprogramma hadden geen directe link met de ambities uit het visiedocument. Uitvoering was in het kader van de regiegemeente decentraal belegd - de gemeente probeerde burgers en bedrijven te inspireren, stimuleren en faciliteren - maar er was geen controle op de uitvoering. Aandachtspunt bij dit onderzoek was de brede afbakening van duurzaamheid, en de rekenkamer heeft besloten tot een meer specifieke focus om ook voldoende de diepte in te kunnen gaan. De rekenkamer heeft daarom besloten te kijken naar het onderdeel waar de gemeente de meest directe invloed op heeft: de eigen bedrijfsvoering. De gemeente IJsselstein streeft naar een CO2-neutrale gemeentelijke organisatie in 2030. De gemeente stelt daarbij een voorbeeldrol te willen vervullen. De rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar de uitvoering van deze – op de eigen organisatie gerichte - duurzaamheidsambities. In het onderzoek stonden vijf sectoren centraal (zie figuur 1). Figuur 1 – Belangrijkste sectoren in dit onderzoek naar de duurzaamheid van de gemeentelijke organisatie IJsselstein

Kernboodschap Uit het onderzoek volgt dat de uitvoering van dit beleid gefragmenteerd plaatsvindt, niet wordt gemonitord en in hoge mate afhankelijk is van het persoonlijk enthousiasme van betrokken medewerkers. Daarnaast blijkt dat financiële middelen vaak niet toereikend zijn om met grote verduurzamingsmaatregelen aan de slag te gaan. De uitvoering is daarom vooral tot stand gekomen door ‘werk met werk’ te maken (de zogenaamde ‘meekoppelkansen’), bijvoorbeeld door mee te liften op onderhoud aan gebouwen dat toch al gepland stond. Ondanks de tekortkomingen constateert de rekenkamer dat er grote stappen zijn gezet, zoals de verduurzaming van de openbare verlichting (dimbare ledverlichting) en de verbouwing van het

2

gemeentehuis naar aardgasvrij. Echter, om het doel van een CO2-neutrale gemeentelijke organisatie in 2030 ook werkelijk te behalen, volstaat alleen het benutten van meekoppelkansen niet. De rekenkamer moet vaststellen dat er (nog) nauwelijks aanvullende middelen zijn vrijgemaakt. Het duurzaamheidsbeleid van de gemeente is breder dan enkel de gemeentelijke organisatie. Hoewel de rekenkamer in deze studie niet de voortgang op dit bredere thema heeft onderzocht, kunnen lessen uit dit onderzoek mogelijk ook zinvol zijn voor het duurzaamheidsbeleid voor de gehele gemeente. Toelichting op de voorgestelde beslispunten De kernboodschap, conclusies, aanbevelingen, toelichtingen en bevindingen zijn opgenomen in de rapportage. De rekenkamer doet vijf aanbevelingen, die verwoord zijn in de voorliggende beslispunten. Beslispunt 1. Jaarlijks voortgangsinformatie te leveren over de mate waarin de gemeente op koers ligt voor de beleidsdoelen in 2030. Toelichting - Hoewel meetbare (tussen)doelstellingen zijn opgenomen, worden zowel binnen de separate afdelingen als centraal in de organisatie geen gegevens bijgehouden waarmee de voortgang op de doelstellingen kan worden gemonitord. - Er wordt niet gerapporteerd over de voortgang richting college en raad. Beslispunt 2. De maatschappelijke urgentie in bestuurlijk commitment en bestuurlijke besluiten te vertalen.

Dit door de doelstelling uit te dragen en het beleid te borgen door heldere kaders te scheppen waarbinnen de uitvoering gericht kan worden opgepakt. Toelichting - Na het uitzetten van de beleidsdoelstelling is er op organisatorisch niveau geen uitvoering gegeven aan het borgen van het beleid. Momenteel zijn er geen kaders waarbinnen de organisatie dient te handelen om dit beleid werkelijk uit te voeren. Verschillende ambtenaren geven dan ook aan dat kaders voor de uitvoering ontbreken. - De uitvoering van het beleid vindt decentraal plaats en is in grote mate afhankelijk van het persoonlijk enthousiasme van de desbetreffende ambtenaren. Beslispunt 3. Op basis van de heldere kaders en bijbehorende borging een uitvoeringsprogramma op te stellen voor de duurzaamheidsdoelstellingen van de eigen bedrijfsvoering, inclusief duidelijk ambtelijk eigenaarschap en voldoende middelen om deze uit te voeren.

Toelichting

3

-

-

Er wordt momenteel vooral ingezet op het benutten van meekoppelkansen (het meenemen van duurzaamheid bij gepland onderhoud), maar om het doel in 2030 te bereiken is het noodzakelijk om niet alleen aandacht te hebben voor dit ‘laaghangend fruit’. De rekenkamer stelt vast dat voor de verduurzaming van de organisatie en het duurzaam inkopen momenteel geen aanvullend budget is vrijgemaakt. Duurzaamheidsmaatregelen moeten dus voor het overgrote deel uit de bestaande budgetten worden gefinancierd. Verschillende ambtenaren geven aan dat financiële middelen en menskracht vaak niet toereikend zijn om met grote verduurzamingsmaatregelen aan de slag te gaan.

Beslispunt 4. Met de verbeterde informatiepositie van de raad op de beleidsdoelen en de uitvoering (aanbeveling 3) politiek-bestuurlijke besluitvorming voor te bereiden waarmee het de raad mogelijk worden gemaakt om waar nodig aanvullende (financiële) middelen toe te wijzen. Toelichting - Zie 3.1 t/m 3.3. Beslispunt 5. Het (bredere) duurzaamheidsbeleid te evalueren; een dergelijke evaluatie is toegezegd en kan bijdragen aan verbetering van de borging en biedt handvatten om het gesprek te voeren over beleid, voortgang, en de behoefte aan heldere kaders. Toelichting - Het Duurzaamheidsprogramma 2016-2020 zou in 2020 worden geëvalueerd. Deze evaluatie zou onder meer expliciet ingaan op de wenselijkheid van herziening van het beleid en te kijken of het noodzakelijk was om duurzaamheidsambities sterker te verankeren in het gemeentelijk beleid en de uitvoering hiervan. Deze evaluatie heeft tot op heden niet plaatsgevonden.

Raadsbesluit De raad van de gemeente IJsselstein; Gelezen het voorstel van het presidium van 8 juni 2022, zaaknummer 1261125

BESLUIT: het college van burgemeesters en wethouders te verzoeken: 1. Jaarlijks voortgangsinformatie aan de raad te leveren over de mate waarin de gemeente op koers ligt voor de beleidsdoelen in 2030. 2. De maatschappelijke urgentie in bestuurlijk commitment en bestuurlijke besluiten te vertalen. Dit door de doelstelling uit te dragen en het beleid te borgen door heldere kaders te scheppen waarbinnen de uitvoering gericht kan worden opgepakt.

4

3. Op basis van heldere kaders en bijbehorende borging een uitvoeringsprogramma op te stellen voor de duurzaamheidsdoelstellingen van de eigen bedrijfsvoering, inclusief duidelijk ambtelijk eigenaarschap en voldoende middelen om deze uit te voeren. 4. Met de verbeterde informatiepositie van de raad op de beleidsdoelen en de uitvoering politiek-bestuurlijke besluitvorming voor te bereiden waarmee het de raad mogelijk wordt gemaakt om waar nodig aanvullende (financiële) middelen toe te wijzen. 5. Het (bredere) duurzaamheidsbeleid te evalueren; een dergelijke evaluatie is toegezegd en kan bijdragen aan verbetering van de borging en biedt handvatten om het gesprek te voeren over beleid, voortgang, en de behoefte aan heldere kaders.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente IJsselstein, gehouden op 7 juli 2022.

De griffier

De voorzitter

A.J.O. van Kooij

mr. P.J.M. van Domburg

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11575461/1