CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

Inkomenseffect rapportage - gemeente IJsselstein

Commissie Samenleving 17 september 2025, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: 21:10 uur Presentatie Inkomenseffectrapportage (IER)8.860 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inkomenseffect Rapportage De bestedingsruimte van minimahuishoudens in de gemeente IJsselstein in 2025

Opdrachtgever Gemeente IJsselstein Datum Juni 2025 Auteurs Jitske Kooistra Maaike Bonnema KWIZ Stavangerweg 23 - 5 9723 JC Groningen 050 - 5252473 contact@kwiz.nl Uitgave Deze publicatie is een uitgave van KWIZ. Het overnemen van cijfers en/ of teksten is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook zonder voorafgaande toestemming van KWIZ.

Inhoudsopgave Inleiding ......................................................................................................................................... 1 Samenvatting................................................................................................................................. 2 1. Introductie op de inkomenseffecten .......................................................................................... 3 1.1. Voorbeeldhuishoudens ....................................................................................................... 3 1.2. Totaal inkomen ................................................................................................................... 3 1.3. Totale uitgaven ................................................................................................................... 3 1.4. Impact van het gemeentelijke beleid .................................................................................. 4 1.5. Uitgangspunten ................................................................................................................... 5 1.6. Kanttekening ....................................................................................................................... 7 2. Inkomenseffecten ...................................................................................................................... 8 2.1.

Alleenstaande ..................................................................................................................... 8 2.2. Paar zonder kinderen ....................................................................................................... 10 2.3. Alleenstaande ouder met kinderen van 8 en 13 jaar ........................................................ 11 2.4. Paar met kinderen van 8 en 13 jaar ................................................................................. 12 2.5. Alleenstaande AOW-leeftijd .............................................................................................. 14 2.6. Paar AOW-leeftijd ............................................................................................................. 15 2.7. Huishoudens met een langdurig minimuminkomen ......................................................... 16 3. Analyse van de resultaten ....................................................................................................... 17 3.1. Effect van de gemeentelijke regelingen op rondkomen ................................................... 17 3.2. Financiële effecten bij werkaanvaarding .......................................................................... 17 3.2.1. Effect van de inkomensstijging ten opzichte van de bijstand .................................... 18 3.2.2.

Effect van de inkomensstijging voor huishoudens die niet uit de bijstand komen ..... 18 3.3. Huishoudens met een langdurig minimuminkomen ......................................................... 19 Bijlage 1. Overzicht minimaregelingen ........................................................................................ 20 Bijlage 2. Financieel maandoverzicht .......................................................................................... 21 Bijlage 3. Uitsplitsing gemeentelijke bijdragen ............................................................................ 27

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

Inleiding Gemeenten hebben de zorgplicht om de leefsituatie en het toekomstperspectief van kwetsbare inwoners die in armoede verkeren, te verbeteren. Daarnaast hebben zij de taak en het belang om inwoners te stimuleren om zoveel mogelijk zelfstandig hun levensonderhoud te voorzien. Inwoners van de gemeente IJsselstein met een laag inkomen kunnen, naast landelijke toeslagen, van verschillende lokale regelingen gebruikmaken. Gemeente IJsselstein heeft KWIZ gevraagd om de effecten te onderzoeken die deze regelingen hebben op de inkomens van minima binnen de gemeente. Doelstelling De doelstelling van deze inkomenseffect rapportage is om het effect van landelijke en lokale regelingen op het maandbudget van verschillende huishoudtypen inzichtelijk te maken. De inkomenseffecten geven inzicht in drie hoofdvragen: 1. Hebben huishoudens voldoende bestedingsruimte op de verschillende inkomensniveaus? Oftewel: kunnen huishoudens rondkomen? 2. Wat is het effect van het landelijke en lokale beleid op de bestedingsruimte? 3. Welke effecten heeft werkaanvaarding, of meer werken op de bestedingsruimte van minimahuishoudens? Loont het om (meer) te werken? Inkomenseffect Rapportage We berekenen voor zes verschillende voorbeeldhuishoudens met verschillende inkomensniveaus hoeveel zij maandelijks aan gemeentelijke regelingen en landelijke toeslagen kunnen ontvangen.

Het gaat om inkomens van 100, 110, 120 en 130 procent van het Wettelijk sociaal minimum (Wsm), en voor langdurige minimahuishoudens. Meer specifiek gaat het om de effecten van het vergaren van meer inkomen (bijv. vanuit een bijstandssituatie). Met behulp van landelijke inkomensnormen, landelijke toeslagen en informatie over gemeentelijke regelingen is per huishoudtype het inkomen bepaald. Vanuit verschillende bronnen stellen we daarnaast per huishoudtype een bedrag aan uitgaven vast. Waar mogelijk baseren wij de uitgaven op lokale tarieven. Ten slotte worden de gemeentelijke regelingen omgezet in een maandbedrag. Op die manier ontstaat per huishoudtype een overzicht van de inkomsten en uitgaven per maand. Opzet rapport Allereerst worden de belangrijkste resultaten besproken in de samenvatting. In hoofdstuk 1 wordt de onderzoeksmethodiek nader toegelicht. In hoofdstuk 2 geven we de inkomenseffecten weer per huishouden, waarbij we onderscheid maken tussen huishoudens die wel of niet langdurig een minimuminkomen hebben. In hoofdstuk 3 staat een analyse van de inkomenseffecten. Het rapport wordt afgesloten met een drietal bijlagen. Bijlage 1 geeft een overzicht van de minimaregelingen in de gemeente. In bijlage 2 wordt het financiële maandoverzicht van ieder huishoudtype weergegeven. In bijlage 3 staat per huishoudtype een uitsplitsing van de gemeentelijke bijdragen.

1

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

Samenvatting In de samenvatting staan de belangrijkste bevindingen vanuit de Inkomenseffect Rapportage weergegeven.

Effect van de gemeentelijke regelingen op rondkomen •

•

•

Voor sommige huishoudens op bijstandsniveau zijn de gemeentelijke regelingen essentieel om rond te kunnen komen. Als zij geen gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen komen ze maandelijks geld tekort. Dit zijn: o Alleenstaanden o Paren zonder kinderen o Paren met kinderen Huishoudens met een inkomen van 110 procent Wsm of hoger kunnen ook zonder het gebruik van gemeentelijke regelingen maandelijks (net) rondkomen. De gemeentelijke regelingen bieden (extra) financiële bestedingsruimte voor alle huishoudens bij de laagste inkomens.

Financiële effecten bij werkaanvaarding •

•

•

Alle huishoudens gaan erop vooruit wanneer zij gaan werken vanuit de bijstand. Ze krijgen namelijk te maken met een maandbudget dat in de plus uitkomt of ruimer wordt bij een inkomensstijging ten opzichte van de bijstand (dit geldt zowel voor de huishoudens die van geen gemeentelijke regelingen gebruikmaken als voor de huishoudens die gebruikmaken van alle regelingen van de gemeente). Het wegvallen van gemeentelijke regelingen (al dan niet in combinatie met afnemende toeslagen) kan bij extra werkaanvaarding zorgen voor een terugval in het maandbudget. Dit komt voor bij paren met kinderen, die gebruikmaken van alle regelingen, wanneer het inkomen van 120 naar 130 procent Wsm stijgt. Het maandbudget neemt dan af met €13. Als huishoudens geen gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen, dan komt dit niet voor. Langdurige minimahuishoudens – die gebruikmaken van de individuele inkomenstoeslag – hebben op bijstandsniveau en op 110 procent Wsm ongeveer evenveel bestedingsruimte. Wanneer de IIT wegvalt boven een inkomensniveau van 110 procent Wsm, heeft dit geen nadelige invloed op de bestedingsruimte van minima: zij gaan er niet op achteruit omdat de inkomensgroei het vervallen van de IIT kan compenseren.

2

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

1. Introductie op de inkomenseffecten In deze paragraaf bespreken we de onderzoeksmethode en aannames van de Inkomenseffect Rapportage (IER). Hierbij geven we een overzicht van de verschillende inkomsten en uitgaven die worden onderscheiden in dit rapport.

1.1. Voorbeeldhuishoudens We berekenen de inkomenseffecten van het lokale en landelijke beleid in 2025 voor de volgende zes huishoudtypen: Niet AOW-gerechtigden • Alleenstaande • Paar zonder kinderen • Alleenstaande ouder met twee kinderen (8 en 13 jaar) • Paar (twee volwassenen) met twee kinderen (8 en 13 jaar) AOW-gerechtigden • Alleenstaande • Paar (twee volwassenen) Inkomenshoogte We brengen de inkomenseffecten in beeld voor huishoudens met inkomens van 100, 110, 120 en 130 procent wettelijk sociaal minimum (Wsm). Daarnaast berekenen we de inkomenseffecten voor huishoudens die al langer dan drie jaar een minimuminkomen hebben (langdurige minima). De gemeentelijke regelingen hebben in IJsselstein een maximale inkomensgrens van 125 procent Wsm (zie tabel 1.4.1 op de volgende pagina). Om het effect van de inkomensgrens – en daarmee het vervallen van het recht op gemeentelijke regelingen – goed in beeld te brengen berekenen we de bestedingsruimte op de gekozen inkomensniveaus van 100, 110, 120 en 130 procent Wsm. Op deze manier komt in beeld hoe de bestedingsruimte eruitziet op 120 procent Wsm (als huishoudens de regelingen nog kunnen gebruiken) en op 130 procent Wsm (als de gemeentelijke regelingen zijn vervallen).

1.2. Totaal inkomen Het totaal inkomen van de minimahuishoudens is opgebouwd uit het netto-inkomen, eventuele gemeentelijke regelingen en diverse toeslagen van het Rijk. Specifiek gaat het om de volgende categorieën: • •

•

Netto-inkomen inclusief vakantietoeslag Bijdrage Rijk: o huurtoeslag o zorgtoeslag o kinderbijslag o kindgebonden budget o combinatiekorting Gemeentelijke minimaregelingen

1.3. Totale uitgaven De uitgaven1 zijn gecategoriseerd naar:

1 Per uitgave is gespecificeerd vanuit welke bron de informatie afkomstig is. De volgende kostenposten zijn

gebaseerd op normbedragen van het Nibud: overige verzekeringen, vervoerskosten, reserveringsuitgaven, huishoudelijke uitgaven, werkgerelateerde kosten en sociale participatie. De cijfers zijn afkomstig uit het Budgethandboek 2024 van het Nibud (eenenveertigste editie).

3

Gemeente IJsselstein

•

•

Versie 1.0

Basisuitgaven: o vaste lasten: uitgaven die maandelijks terugkomen. Voorbeelden zijn huur 2, energie- en waterkosten3, zorgverzekering4, overige verzekeringen en vervoerskosten; o reserveringsuitgaven: uitgaven die niet regelmatig voorkomen en waarvan de hoogte vooraf niet bekend is. Voorbeelden zijn kosten voor inventaris, kleding en het eigen risico voor de zorgverzekering; o huishoudelijke uitgaven. Dit zijn terugkerende uitgaven aan voeding, persoonlijke verzorging en dergelijke; o uitgaven voor onderwijs 5 en (buitenschoolse) opvang6; o werkgerelateerde uitgaven: uitgaven die gemaakt worden als een persoon werkt. Voorbeelden zijn de kosten van woon-werkverkeer en werkkleding. Uitgaven om mee te doen in de samenleving (participatie uitgaven): o kosten voor sociale participatie. Dit kan worden uitgegeven aan sociale en recreatieve activiteiten, dit is het bedrag waardoor mensen kunnen meedoen.

Voor de uitgaven is waar mogelijk uitgegaan van lokale tarieven. Voorbeelden hiervan zijn de huur, water, energiekosten en lokale heffingen. De andere uitgaven zijn gebaseerd op gemiddelde normbedragen. Deze zijn terug te vinden in de begrotingen per huishoudtype in bijlage 2.

1.4. Impact van het gemeentelijke beleid Specificatie gemeentelijke minimaregelingen 7 In onderstaande tabel is weergegeven welke regelingen in de begrotingen van de voorbeeldhuishoudens zijn verwerkt. Tabel 1.4.1 Gemeentelijke minimaregelingen in IJsselstein Regelingen opgenomen in begrotingen Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag (referteperiode: 3 jaar)8 U-pas Stichting Leergeld IJsselstein Regelingen niet opgenomen in begrotingen Bijzondere bijstand Tegemoetkoming kosten kinderopvang Vergoeding Alleenverdienersproblematiek Studietoeslag

Inkomensgrens 2025 100% Wsm 125% Wsm 110% Wsm 125% Wsm 125% Wsm 110% Wsm Situatieafhankelijk Situatieafhankelijk Situatieafhankelijk

2 Deze bedragen zijn gebaseerd op huurtoeslaggegevens van de Rijksoverheid over de gemeente. 3 De kosten voor water zijn gebaseerd op de tarieven van Vitens. De kosten voor gas en elektriciteit zijn

gebaseerd op de tarieven van Budget Energie (pakket Europese Groene Stroom en Aardgas Vast 1 jaar). 4 De premie voor de zorgverzekering is gebaseerd op een gemiddeld bedrag van acht grote zorgverzekeraars. 5 Deze kosten zijn gebaseerd op de Schoolkostenmonitor van de Rijksoverheid. 6 De tarieven voor buitenschoolse opvang en kinderopvang zijn gebaseerd op de maximale uurtarieven van de Rijksoverheid. 7 In bijlage 1 staan de voorwaarden en vergoedingen per regeling beschreven. 8 De individuele inkomenstoeslag bedraagt 40% van de netto maandelijkse toepasselijke bijstandsnorm. Momenteel bestaat er echter een uitzondering voor alleenstaande ouders: in dit geval bedraagt het namelijk 50% van de bijstandsnorm. In de nieuwe beleidssituatie is het bedrag gelijk aan dat van alleenstaanden. In dit onderzoek is uitgegaan van de nieuwe situatie: namelijk 40% van de bijstandsnorm.

4

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

Niet meegenomen regelingen Een aantal regelingen wordt niet meegenomen in de berekeningen en begrotingen. In de meeste gevallen gaat het om een regeling die incidenteel wordt verstrekt of een beperkte doelgroep heeft. Hieronder staat beschreven wat de precieze reden is dat de regeling niet is meegenomen. • De bijzondere bijstand is niet meegenomen in de berekeningen omdat deze vorm van bijstand wordt verstrekt voor noodzakelijke onvermijdbare individuele uitgaven en dit niet maandelijks bij iedereen voorkomt. • De tegemoetkoming voor kosten van de kinderopvang is niet verwerkt in de berekening van de inkomenseffecten, omdat deze incidenteel van aard is en vaak een tijdelijk karakter heeft. De regeling wordt daarnaast door een kleine doelgroep gebruikt. • De vergoeding alleenverdienersproblematiek wordt momenteel door een klein aantal huishoudens gebruikt. Om een zo representatief mogelijk beeld te geven van de inkomenseffecten van de minimahuishoudens binnen de gemeente IJsselstein wordt deze regeling daarom buiten beschouwing gelaten. • De studietoeslag is eveneens niet doorgerekend in de financiële overzichten. Deze regeling kent een specifieke doelgroep; studenten met een lichamelijke of psychische beperking, die niet in staat zijn naast hun te studie werken. In deze inkomenseffectrapportage is geen huishouden opgenomen waarbij deze regeling van toepassing is.

Gebruik en effect van gemeentelijke minimaregelingen In deze rapportage berekenen wij de inkomenseffecten van de verschillende huishoudens wanneer zij gebruikmaken van de beschikbare gemeentelijke regelingen. In de praktijk is de ervaring echter dat huishoudens niet of gedeeltelijk gebruikmaken van de regelingen. In werkelijkheid zal het budget na alle uitgaven waarschijnlijk vaak lager uitvallen. Ter vergelijking geven wij daarom ook de inkomenseffecten weer wanneer de voorbeeldhuishoudens van geen enkele gemeentelijke regeling gebruikmaken. In deze gevallen blijven alle uitgaven gelijk. Dat betekent bijvoorbeeld dat huishoudens nog altijd de gemeentelijke belastingen moeten betalen, maar hier dan geen kwijtschelding meer voor ontvangen of dat huishoudens nog wel een uitgebreide zorgverzekering hebben, maar vanuit de gemeente geen korting meer hierop krijgen. De impact van de individuele inkomenstoeslag op het inkomen van langdurige minimahuishoudens is in een losse paragraaf weergegeven. In het rapport geven we dus het resterende maandbudget weer voor twee situaties: bij een volledig en bij geen gebruik van de gemeentelijke regelingen. • Volledig gebruik: voor het weergeven van het volledige gebruik hebben we de regelingen uit tabel 1.4.1. doorgerekend. Indien een huishouden aanspraak kan maken op een regeling, is deze verrekend in het maandbudget.

Voor huishoudens met kinderen zijn bijvoorbeeld de kindregelingen doorgerekend, bij huishoudens zonder kinderen zijn deze logischerwijs niet doorgerekend. • Geen gebruik: in deze situatie ontvangen de huishoudens geen vergoedingen vanuit de minimaregelingen van de gemeente. Om inzichtelijk te maken in hoeverre de opbouw van gemeentelijke bijdrage verschilt per huishouden, is in bijlage 3 per huishouden weergegeven welke en hoeveel gemeentelijke vergoedingen zij maandelijks kunnen ontvangen bij een inkomen op 100 procent Wsm.

1.5. Uitgangspunten Voor de inkomenseffecten doen we de volgende aannames. Algemeen • De huishoudens ontvangen alle landelijke toeslagen waar ze recht op hebben. • De huishoudens maken ofwel gebruik van alle lokale regelingen gebruik en ontvangen daarvoor het maximale bedrag ofwel maken van geen enkele regeling gebruik (zie paragraaf 1.4). • De huishoudens hebben geen schulden. • De huishoudens wonen in een huurwoning waarin zij recht hebben op huurtoeslag. 5

Gemeente IJsselstein

•

•

•

• BSO •

•

Versie 1.0

Voor de uitgaven wordt uitgegaan van gemiddelden per huishoudtype. Dit betekent dat een ongunstige situatie, bijvoorbeeld een hogere huurprijs of een slecht geïsoleerd huis, direct gevolgen kan hebben voor de inkomenseffecten zoals in dit rapport zijn weergegeven. Voor de uitgaven geldt bovendien de aanname dat deze stabiel blijven op de verschillende inkomensniveaus. Het gaat dan om de basisuitgaven: uitgaven voor vaste lasten, reserveringsuitgaven, huishoudelijke uitgaven en het normbudget voor maatschappelijke deelname. Uitzondering hierop vormen de werk gerelateerde kosten. Huishoudens hebben vanaf een inkomensniveau van 110 procent Wsm ook werk gerelateerde kosten (woon-werkverkeer en werkkleding). De basisuitgaven blijven stabiel in de inkomenseffectrapportage zodat zichtbaar wordt of huishoudens meer budget overhouden voor extra uitgaven bij een hoger inkomensniveau. Het normbedrag voor sociale participatie betreft een bedrag dat huishoudens besteden om sociaal mee te doen in de samenleving. Dit is het bedrag voor alle vrijetijdsactiviteiten van een huishouden als sport, hobby, recreatie, uitjes, abonnementen, op bezoek gaan bij anderen (inclusief vervoer) en bezoek ontvangen. Het normbedrag is gebaseerd op een gemiddelde situatie specifiek gericht op minimahuishoudens. In hoeverre dit bedrag toereikend is voor alle minimahuishoudens kan in de praktijk afwijken.

Het vermogen van de huishoudens ligt binnen de grenzen van de Participatiewet 9. Alleenstaande ouders met een inkomen gelijk aan de bijstandsnorm werken niet of zitten in een traject waarbij de kinderopvang wordt vergoed. Voor alleenstaande ouders met een inkomen van 110 procent Wsm of hoger zal het 8-jarige kind naar de buitenschoolse opvang (BSO) zodat de ouder kan werken. Daarbij gaan we uit van de volgende uren en tarieven: o Inkomen van 110 en 120 procent Wsm: twee dagdelen van 4 uur BSO per week voor het 8-jarig kind tegen een tarief van € 9,52 (maximum uurtarief Rijksoverheid 2025). o Inkomen van 130 en 150 procent Wsm: drie dagdelen van 4 uur BSO per week voor het 8-jarig kind tegen een tarief van € 9,52 (maximum uurtarief Rijksoverheid 2025). Bij een paar met twee kinderen met een inkomen hoger dan 100 procent Wsm werkt slechts één van beide partners. Anders is het huishoudinkomen hoger. We gaan ervan uit dat deze huishoudens geen BSO nodig hebben, omdat één van beide partners thuis is voor de kinderen. Dit is eveneens waarom een paar met kinderen geen combinatiekorting krijgt bij werkaanvaarding.

Gemeentelijke regelingen • (Collectieve) zorgverzekering o De gemeente biedt middels VGZ twee gemeentelijke zorgpolissen aan: pakket Compleet met én zonder dekking van het wettelijke eigen risico (€ 385 op jaarbasis). In deze rapportage is gerekend met het Gemeente Pakket Compleet zonder de dekking van het eigen risico. Alle huishoudens met een inkomen t/m 125 procent Wsm maken gebruik van deze zorgpolis. o We doen de aanname dat huishoudens een reguliere zorgverzekering hebben afgesloten (een gemiddeld premiebedrag van acht grote zorgverzekeraars), wanneer zij niet (meer) in aanmerking komen voor de gemeentelijke zorgpolis. Voor huishoudens met AOW is een uitgebreid zorgpakket samengesteld. Dit bestaat opnieuw uit een gemiddeld premiebedrag op basis van zorgverzekeraars10. 9 Die vermogensgrens is € 15.540 voor paren, een gezin of alleenstaande ouder en € 7.770 voor een

alleenstaande. 10 Het gemiddelde premiebedrag voor een reguliere zorgverzekering voor huishoudens onder de AOWleeftijd is gebaseerd om de meest gekozen pakketten bij acht grote zorgverzekeraars. In het pakket zit een basisverzekering, aanvullende verzekering (wisselende samenstelling aan vergoeding: bijvoorbeeld 6 tot 12 fysiobehandelingen per jaar, spoedeisende hulp, anticonceptie) en een basis tandverzekering (circa 75

6

Gemeente IJsselstein

• •

•

Versie 1.0

De individuele inkomenstoeslag wordt toegekend aan de voorbeeldhuishoudens die drie jaar of langer een minimuminkomen hebben. De effecten van de individuele inkomenstoeslag komen in paragraaf 2.7 aan bod. Inwoners kunnen middels de U-pas een vergoeding krijgen voor sport of cultuur 11. De vergoeding vanuit de U-pas verschilt per leeftijdscategorie. Kinderen kunnen een vergoeding tussen de € 225 en € 325 krijgen (afhankelijk van de leeftijdsgroep): o Kinderen van 0 t/m 3 jaar: €225 o Kinderen van 4 t/m 11 jaar: € 275 o Kinderen van 12 t/m 17 jaar: €325 Volwassen inwoners kunnen aanspraak maken op een vergoeding van € 100. Kinderen kunnen vanuit Stichting Leergeld een vergoeding krijgen voor verschillende activiteiten. In dit onderzoek is gerekend met het gemiddelde vergoedingsbedrag per kind, namelijk € 255 per kind12.

1.6. Kanttekening Bij een doorrekening die gestoeld is op een aantal aannames, behoort ook een kanttekening. De uitgaven betreffen de minimale bedragen die huishoudens nodig hebben om in bepaalde kosten te kunnen voorzien. Het is mogelijk dat een huishouden maandelijks meer (of minder) uitgeeft dan de (norm)bedragen waarmee in deze rapportage wordt gerekend, bijvoorbeeld omdat het huishouden een ander bedrag per maand reserveert voor onregelmatige uitgaven. Individuele situaties kunnen daarom afwijken van de begrotingen zoals opgenomen in deze rapportage.

procent vergoeding tot € 250 per jaar). Voor een uitgebreide zorgverzekeringspakket is opnieuw een gemiddelde genomen op basis van acht grote zorgverzekeraars. In het uitgebreide pakket zit een basisverzekering (streven is 100 procent vergoeding bij zorgverleners met en zonder contract), aanvullende verzekering (wisselende samenstelling aan vergoeding: bijvoorbeeld 9 tot 25 fysiobehandelingen per jaar, alternatieve zorg, brillen/ lenzen) en een duurdere tandverzekering. 11 In deze rapportage rekenen we met de maximaal beschikbare tegoeden van de U-pas, zodat de maximale invloed van het beschikbare voorzieningenaanbod in beeld komt. Uit de gebruikscijfers blijkt – als kanttekening – dat het tegoed door inwoners deels wordt uitgenut en dus niet altijd volledig wordt gebruikt. 12 Dit bedrag is gebaseerd op het totaal gespendeerde bedrag en het aantal kinderen dat Stichting Leergeld heeft ondersteund in 2024. Stichting Leergeld voert ook vergoedingen uit voor computers, fietsen en zwemdiploma A. Deze vergoedingen nemen we niet als aparte posten mee in de berekeningen, omdat ze niet ieder jaar worden verstrekt (incidenteel karakter) en al meegerekend zijn in het vergoedingsbedrag per kind.

7

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

2. Inkomenseffecten In dit hoofdstuk gaan we per voorbeeldhuishouden in op de bestedingsruimte: kunnen huishoudens rondkomen? We kijken ook naar het effect van inkomensverhoging, bijvoorbeeld door werkaanvaarding of meer werken. De invloed van het gebruik van gemeentelijke regelingen wordt hierbij inzichtelijk gemaakt. In bijlage 2 staan de volledig begrotingen per voorbeeldhuishouden.

2.1. Alleenstaande

Budget na uitgaven: alleenstaande Geen gebruik

Volledig gebruik

€ 800 € 600 € 364 € 364

€ 400 € 91

€ 200

€ 63

€ 97

€ 198 € 231

€ -0 € -200

€ -4 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

Alleenstaanden hebben na hun basisuitgaven, als zij gebruikmaken van alle regelingen, voldoende geld over om uit te geven aan participatie. Dan kunnen ze maandelijks het normbedrag van € 121 aan participatie besteden en houden zij € 91 over. Wanneer dit huishouden geen gebruikmaakt van de gemeentelijke regelingen komt het op bijstandsniveau maandelijks € 4 tekort. De regelingen zijn voor dit huishoudtype dus noodzakelijk om rond te komen. Verder loont het voor alleenstaanden vanuit de bijstand meer te gaan werken tegen een loon tussen 110 en 130 procent Wsm. De loonstijging vangt het wegvallen van landelijke en gemeentelijke regelingen op. Hier is zowel sprake van wanneer alleenstaanden geen regelingen gebruiken, alsook wanneer zij een aantal of alle regelingen gebruiken. Het verschil in maandbudget is soms echter klein: wanneer het inkomen stijgt van 100 procent Wsm naar 110 procent Wsm (een stijging van € 135) stijgt het maandbudget met € 6.

Leeswijzer tabel: het huishouden heeft inkomsten uit uitkering of werk, aangevuld met maximale landelijke toeslagen en gemeentelijke regelingen. Hiervan trekken we de uitgaven af: basisuitgaven en sociale participatie uitgaven. Dit leidt uiteindelijk tot een resterend maandbudget.

Inkomsten

Inkomsten uitkering of werk Landelijke toeslagen en regelingen Gemeentelijke regelingen

100% 1.345 545 96

110% 1.480 545 33

120% 1.615 545 33

130% 1.749 545 0

Uitgaven

Basis uitgaven Participatie uitgaven

1.774 121

1.841 121

1.841 121

1.809 121

Budget na alle uitgaven

Bij volledig gebruik gemeentelijke regelingen Bij geen gebruik gemeentelijke regelingen

91 -4

97 63

231 198

364 364

8

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

Uitgelicht: voorbeeldcasus van een alleenstaande Bijstandsuitkering Hilda is alleenstaand. Zij krijgt een bijstandsuitkering, wat neerkomt op een netto-inkomen van € 1.345 per maand (dit is inclusief vakantietoeslag). Zij heeft maandelijks recht op € 545 aan toeslagen van het Rijk. Voor Hilda bestaat dit uit huurtoeslag en zorgtoeslag. Tot slot kan Hilda rekenen op een financiële bijdrage vanuit de gemeente van € 96 per maand. Dit bestaat uit de kwijtschelding voor gemeentelijke belastingen, de korting op de collectieve zorgverzekering en de U-pas. Naast deze inkomsten heeft zij natuurlijk verschillende uitgaven; basisuitgaven van € 1.774 per maand en uitgaven om mee te doen in de samenleving van € 121 per maand. Als alle inkomsten binnen zijn en de uitgaven zijn gedaan dan houdt zij maandelijks nog € 91 over. Als Hilda geen enkele gemeentelijke regeling gebruikt, komt zij iedere maand € 4 tekort in haar maandbegroting. 110 procent Wsm Als Hilda werk krijgt tegen een loon van 110 procent Wsm, dan stijgt haar netto-inkomen naar € 1.480 per maand. Zij houdt recht op huurtoeslag en zorgtoeslag en deze bedragen blijven onveranderd, dus € 545 per maand. Het recht op de kwijtschelding van gemeentelijke heffingen vervalt, maar Hilda behoudt het recht op de andere minimaregelingen, een totaalbedrag van € 33.

Haar uitgaven stijgen licht door werk gerelateerde kosten die zij nu moet maken. In totaal houdt zij, na alle uitgaven, maandelijks € 97 over. Haar bestedingsruimte is – ten opzichte van de bijstand – verruimd met slechts € 7 per maand. Als Hilda geen gebruik van de gemeentelijke regelingen maakt, dan houdt zij € 63 per maand over.

9

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

2.2. Paar zonder kinderen Paren zonder kinderen hebben op bijstandsniveau een maandelijks tekort van € 97 wanneer zij geen gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen. De gemeentelijke regelingen zijn dus essentieel om alle kosten te kunnen betalen. Wanneer paren zonder kinderen gebruikmaken van alle gemeentelijke regelingen, hebben zij voldoende bestedingsruimte voor de basisuitgaven en participatie uitgaven.

Budget na uitgaven: paar zonder kinderen Geen gebruik

Volledig gebruik

€ 800

€ 600 € 400 € 200

€ 200

€ 66

€ 28

€ 267

€ 347

€ 347

€ 95

€ -0 € -200

€ -97 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

Wanneer paren zonder kinderen gaan werken tegen een inkomen van 110, 120 of 130 procent Wsm gaan zij er telkens op vooruit; zij krijgen meer bestedingsruimte. In geen van de situaties is er sprake van een achteruitgang in het inkomen wanneer het huishouden gaat werken tegen een hoger inkomen. De loonstijging vangt het wegvallen van landelijke en gemeentelijke regelingen bij een hoger inkomen op. Dit geldt zowel wanneer zij gebruikmaken van gemeentelijke regelingen als wanneer zij geen gebruikmaken hiervan.

Inkomsten

Inkomsten uitkering of werk Landelijke toeslagen en regelingen Gemeentelijke regelingen

100% 1.922 685 163

Uitgaven

Basis uitgaven Participatie uitgaven

2.504 200

2.571 200

2.571 200

2.507 200

Budget na alle uitgaven

Bij volledig gebruik gemeentelijke regelingen Bij geen gebruik gemeentelijke regelingen

66 -97

95 28

267 200

347 347

10

110% 2.114 685 67

120% 2.306 665 67

130% 2.499 555 0

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

2.3. Alleenstaande ouder met kinderen van 8 en 13 jaar

Budget na uitgaven: alleenstaande ouder Geen gebruik

Volledig gebruik

€ 800 € 563

€ 600 € 423

€ 420 € 400 € 200

€ 604 € 604

€ 437

€ 297 € 198

€ -0 € -200 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

Een alleenstaande ouder met twee kinderen van 8 en 13 jaar heeft zowel met als zonder het gebruik van gemeentelijke regelingen, maandelijks voldoende budget om alle uitgaven - inclusief uitgaven op het gebied van participatie - te kunnen doen. Voor dit huishouden is het gebruik van regelingen dus niet noodzakelijk om rond te kunnen komen, maar zorgt het voor meer bestedingsruimte. Een bijstandsgerechtigde die van alle regelingen gebruikmaakt, heeft bijvoorbeeld € 222 meer te besteden dan een bijstandsgerechtigde die van geen enkele gemeentelijke regeling gebruikmaakt. In alle voorbeeldsituaties loont het voor dit huishoudtype om vanuit de bijstand te gaan werken tegen een loon van 110 procent Wsm of hoger. De landelijke toeslagen stijgen licht bij een alleenstaande ouder door belastingvoordeel. Waar een alleenstaande ouder op bijstandsniveau € 1.589 van het Rijk krijgt, is dat bij 130 procent Wsm € 1.645. Hoewel het loont om te werken, is het verschil in maandbudget in een aantal situaties echter klein; bij een inkomensstijging van 100 naar 110 procent Wsm gaat het bijvoorbeeld om een verschil van € 3 per maand.

Inkomsten

Inkomsten uitkering of werk Landelijke toeslagen en regelingen Gemeentelijke regelingen

100% 1.345 1.589 222

Uitgaven

Basis uitgaven Participatie uitgaven

2.476 260

2.556 260

2.556 260

2.530 260

Budget na alle uitgaven

Bij volledig gebruik gemeentelijke regelingen Bij geen gebruik gemeentelijke regelingen

420 198

423 297

563 437

604 604

11

110% 1.480 1.633 126

120% 1.615 1.639 126

130% 1.749 1.645 0

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

2.4. Paar met kinderen van 8 en 13 jaar

Budget na uitgaven: paar met kinderen Geen gebruik

Volledig gebruik

€ 800

€ 600 € 400

€ 243

€ 214 € 200

€ 416

€ 403 € 403

120% Wsm

130% Wsm

€ 257

€ 84

€ -0 € -200

€ -41 100% Wsm

110% Wsm

Een paar met kinderen van 8 en 13 jaar heeft na de basisuitgaven nog voldoende budget over om uit te geven aan participatie (€ 337), indien het huishouden gebruikmaakt van de gemeentelijke regelingen. Wanneer dit huishoudtype geen gebruikmaakt van de gemeentelijke regelingen, komt het € 41 per maand tekort. De regelingen zijn dus noodzakelijk voor dit huishouden om maandelijks rond te kunnen komen. Het loont voor dit huishoudtype niet altijd om (meer) te gaan werken; de loonstijging kan het wegvallen van landelijke en gemeentelijke regelingen niet op alle inkomensniveaus opvangen. Dit is te zien bij de stijging van 120 naar 130 procent Wsm. Huishoudens met een inkomen tot 130 procent Wsm (€ 403) houden maandelijks minder budget over dan huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm (€ 416); een verschil van € 13. In dit geval loont het niet om meer te gaan werken. Dit komt door het wegvallen van de gemeentelijke regelingen en het afnemen van de landelijke bijdragen; dit is meer dan dat er aan inkomen extra binnenkomt. Waar huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm recht hebben op € 159 aan gemeentelijke regelingen, hebben zij bij een inkomen van 130 procent Wsm geen recht meer op de gemeentelijke regelingen. Als paren met kinderen geen gebruikmaken van de regelingen gaan zij er stapsgewijs op vooruit wanneer zij (meer) gaan werken.

Ten opzichte van alleenstaande ouders hebben paren met kinderen minder bestedingsruimte per maand, hoewel zij evenveel aanspraak kunnen maken op ondersteuning vanuit de gemeentelijke regelingen. Dit heeft ermee te maken dat paren in deze voorbeeldsituatie minder ondersteuning krijgen vanuit landelijke toeslagen (bijvoorbeeld minder kindgebonden budget en geen combinatiekorting), en deze bovendien sneller terugloopt dan bij alleenstaande ouders. In combinatie met hogere uitgaven (want: meer personen in het huishouden) zorgt dit ervoor dat paren met kinderen minder bestedingsruimte hebben dan alleenstaande ouders.

Inkomsten

Inkomsten uitkering of werk Landelijke toeslagen en regelingen Gemeentelijke regelingen

100% 1.922 1.426 255

110% 2.114 1.426 159

120% 2.306 1.406 159

130% 2.499 1.296 0

Uitgaven

Basis uitgaven Participatie uitgaven

3.052 337

3.119 337

3.119 337

3.055 337

Budget na alle uitgaven

Bij volledig gebruik gemeentelijke regelingen Bij geen gebruik gemeentelijke regelingen

214 -41

243 84

416 257

403 403

12

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

Uitgelicht: voorbeeldcasus van een paar met twee kinderen Bijstandsuitkering Sam en Rosanne hebben twee kinderen van 8 en 13 jaar en ze krijgen een bijstandsuitkering, wat neerkomt op een netto-inkomen van € 1.922 per maand (dit is inclusief vakantietoeslag). Ze hebben maandelijks recht op € 1.426 aan toeslagen van het Rijk, bestaande uit huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderbijslag. Tot slot kunnen ze een financiële bijdrage vanuit de gemeente van € 255 per maand ontvangen. Dit bestaat uit de kwijtschelding voor gemeentelijke belastingen, de korting op de collectieve zorgverzekering, de U-pas en Stichting Leergeld IJsselstein. Naast deze inkomsten hebben zij natuurlijk verschillende uitgaven; basisuitgaven van € 3.052 per maand en uitgaven om mee te doen in de samenleving van € 337 per maand. Als alle inkomsten binnen zijn en de uitgaven zijn gedaan dan houden zij maandelijks € 214 over bij het gebruiken van alle regelingen. Maakt dit gezin echter van geen enkele gemeentelijke regeling gebruik, dan komen zij maandelijks € 41 te kort.

120 procent Wsm Als Sam of Rosanne werk krijgt tegen een loon van 120 procent Wsm, dan stijgt het netto-inkomen van het huishouden naar € 2.306 per maand. Ze behouden het recht op huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderbijslag, maar de huurtoeslag en de zorgtoeslag zijn lager. Totaal ontvangen zij nu € 1.406 aan toeslagen van het Rijk per maand. De uitgaven zijn licht gestegen door werk gerelateerde kosten die zij nu moeten maken. In totaal houdt dit voorbeeldhuishouden, na alle uitgaven en bij gebruik van alle regelingen, maandelijks € 416 over. Als het huishouden geen gemeentelijke regelingen ontvangt; dan houdt het maandelijks € 257 over. 130 procent Wsm Als Sam of Rosanne een hoger loon krijgen van 130 procent Wsm, dan stijgt het netto-inkomen van het huishouden naar € 2.499 per maand. Doordat toeslagen verder dalen ontvangen zij nu in totaal € 1.296 aan toeslagen van het Rijk per maand. Het recht op de alle gemeentelijke regelingen is vervallen. Zonder deze regelingen houdt het huishouden € 403 over. Ondanks de toename in netto inkomen uit werk, is dit maandbudget lager dan het budget dat Sam en Rosanne overhouden als hun inkomen 120 procent Wsm is en zij gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen.

13

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

2.5. Alleenstaande AOW-leeftijd

Budget na uitgaven: alleenstaande AOW-leeftijd Geen gebruik

Volledig gebruik

€ 800 € 600 € 400 € 233 € 200

€ 285 € 319

€ 382 € 416

€ 473 € 473

€ 137

€ -0 € -200 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

Alleenstaanden van de AOW-gerechtigde leeftijd hebben in alle voorbeeldsituaties na alle basisuitgaven voldoende geld over om uit te geven aan participatie. Natuurlijk leidt het gebruiken van de gemeentelijke regelingen tot een hoger budget dan het niet gebruiken van de regelingen, op bijstandsniveau loopt dit verschil op tot € 96 bij volledig gebruik van de regelingen. Daarnaast hebben alleenstaande AOW’ers met een inkomen hoger dan 100 procent Wsm een hoger budget 13 na alle uitgaven, ten opzichte van de bijstandssituatie. Alleenstaanden met de AOW-leeftijd die een hoger inkomen hebben houden daarnaast ook meer budget over. Het wegvallen van de landelijke en gemeentelijke regelingen wordt voldoende opgevangen. Het verschil in maandbudget tussen een inkomen van 120 procent Wsm en 130 procent Wsm is echter kleiner dan tussen de vorige stappen tussen inkomensniveaus: het gaat hierbij om een verschil van € 57 wanneer het huishouden gebruikmaakt van alle regelingen. Wanneer dit huishouden geen gebruikmaakt van de gemeentelijke regelingen (en wel de uitgaven van participatie betalen), hebben zij alsnog voldoende budget.

Inkomsten

Inkomsten uitkering of werk Landelijke toeslagen en regelingen Gemeentelijke regelingen

100% 1.501 545 96

110% 1.651 543 33

120% 1.801 490 33

130% 1.951 431 0

Uitgaven

Basis uitgaven Participatie uitgaven

1.794 115

1.794 115

1.794 115

1.794 115

Budget na alle uitgaven

Bij volledig gebruik gemeentelijke regelingen Bij geen gebruik gemeentelijke regelingen

233 137

319 285

416 382

473 473

13 We spreken hier van een inkomensverschil en niet van een situatie van werkaanvaarding. De reden hiervoor is dat AOW-gerechtigde huishoudens zelden een

inkomensgroei doormaken door werkaanvaarding.

14

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

2.6. Paar AOW-leeftijd Paren met de AOW-leeftijd hebben na de basisuitgaven genoeg geld over om te voldoen aan het normbedrag voor participatiekosten (€ 188). Op bijstandsniveau houden zij, wanneer zij gebruikmaken van alle regelingen, maandelijks € 204 aan budget over. Wanneer zij geen gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen ligt dit bedrag aanzienlijk lager: namelijk op € 42. De regelingen zorgen dus, logischerwijs, voor een hoger maandbudget.

Budget na uitgaven: paar AOW-leeftijd Geen gebruik

Volledig gebruik

€ 800

€ 600 € 400 € 200

€ 204

€ 225

€ 292

€ 355

€ 422

€ 480 € 480

€ 42

€ -0 € -200 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

Daarnaast geldt dat paren met de AOW-leeftijd die op een hoger inkomensniveau zitten ook een hoger budget overhouden na alle uitgaven. Het wegvallen van landelijke en gemeentelijke regelingen bij een hoger inkomen wordt voldoende opgevangen. Het verschil in maandbudget tussen een inkomen van 120 procent Wsm en 130 procent Wsm is ook hier echter klein: het gaat hierbij om een verschil van € 58 wanneer het huishouden gebruikmaakt van alle regelingen. Wanneer paren met de AOW-leeftijd geen gebruik maken van de gemeentelijke regelingen (en wel de uitgaven van participatie betalen), hebben zij alsnog voldoende budget.

Inkomsten

Inkomsten uitkering of werk Landelijke toeslagen en regelingen Gemeentelijke regelingen

100% 2.053 685 163

110% 2.259 663 67

120% 2.464 588 67

130% 2.670 508 0

Uitgaven

Basis uitgaven Participatie uitgaven

2.509 188

2.509 188

2.509 188

2.510 188

Budget na alle uitgaven

Bij volledig gebruik gemeentelijke regelingen Bij geen gebruik gemeentelijke regelingen

204 42

292 225

422 355

480 480

15

Gemeente IJsselstein

Versie 1.0

2.7. Huishoudens met een langdurig minimuminkomen Huishoudens kunnen de individuele inkomenstoeslag ontvangen wanneer zij minimaal 3 jaar een inkomen hebben op 110 procent Wsm en geen zicht hebben op inkomensvooruitgang. De huishoudens in deze paragraaf ontvangen alle gemeentelijke regelingen. Wat gebeurt er als het inkomen stijgt en de individuele inkomenstoeslag wegvalt? De inkomensstijging compenseert bij alle voorbeeldhuishoudens voldoende voor het wegvallen van de IIT. Geen van de huishoudens ervaar een terugval in het maandbudget wanneer de IIT wegvalt. Alleenstaande Paar zonder kinderen

Budget na uitgaven: alleenstaande

Budget na uitgaven: paar zonder kinderen

Individuele inkomenstoeslag Maandbudget excl. individuele inkomenstoeslag

Individuele inkomenstoeslag

€ 800

Maandbudget excl. individuele inkomenstoeslag

€ 600

€ 800

€ 400 € 200 €0

€ 600 € 45 € 91

€ 45 € 97

€ 231

100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

€ 364

€ 400 € 200

130% Wsm

€0

Alleenstaande ouder

€ 267

€ 347

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

Budget na uitgaven: paar met kinderen

Individuele inkomenstoeslag

Individuele inkomenstoeslag

Maandbudget excl. individuele inkomenstoeslag

Maandbudget excl. individuele inkomenstoeslag

€ 800

€ 800

€ 600

€ 200

€ 64 € 95

Paar met kinderen

Budget na uitgaven: alleenstaande ouder

€ 400

€ 64 € 66 100% Wsm

€ 600 € 45

€ 45

€ 420

€ 423

100% Wsm

110% Wsm

€ 563

€ 400

€ 604

€ 200

€0

€0 120% Wsm

130% Wsm

16

€ 64

€ 64 € 214

€ 243

100% Wsm

110% Wsm

€ 416

€ 403

120% Wsm

130% Wsm

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

3. Analyse van de resultaten 3.1. Effect van de gemeentelijke regelingen op rondkomen Huishoudens die van alle gemeentelijke regelingen gebruikmaken waar zij recht op hebben, hebben daardoor logischerwijs een groter budget over aan het einde van de maand dan huishoudens die van geen enkele regeling gebruikmaken. Dit effect is het grootst voor gezinnen; door de samenstelling van hun huishouden kunnen zij namelijk de meeste vergoedingen vanuit de regelingen ontvangen. Voor drie voorbeeldhuishoudens is er zonder de (maximale) bijdrage van de gemeente, maandelijks geld tekort na het doen van alle uitgaven (dat wil zeggen: zowel de basisuitgaven als een bedrag dat wordt uitgegeven aan sociale participatie). Dit geldt op bijstandsniveau voor alleenstaanden en paren met én zonder kinderen. Alle overige voorbeeldhuishoudens hebben bij elk inkomen voldoende budget om zowel de basis- als de participatie uitgaven te bekostigen. Voor alleenstaanden onder de AOW-leeftijd geldt daarnaast dat zij zonder het gebruik van de gemeentelijke regelingen nét rond kunnen komen op bijstandsniveau. Bij financiële tegenslagen komen zij maandelijks al snel in de min uit.

Het resterende maandbudget in context • Het maximale bedrag dat minima vanuit de toeslagen van het Rijk kunnen ontvangen (onder andere huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget) is een stuk hoger dan het maximale bedrag van de gemeentelijke regelingen. Dit is ook in andere gemeenten het geval. In deze rapportage is de aanname gemaakt dat de huishoudens alle toeslagen ontvangen, waar zij recht op hebben. De ervaring is echter dat het aanvragen van bijvoorbeeld (alle) toeslagen, vanwege meerdere redenen (bijvoorbeeld angst om het later terug te betalen, weinig vertrouwen in de overheid of het te ingewikkeld vinden), in de praktijk niet altijd gebeurt. Wanneer huishoudens geen of niet alle toeslagen ontvangen, dan is er bij de huishoudens al snel sprake van een maandbudget dat minder groot is of in de min uitkomt. • Verder zijn de uitgaven van de huishoudens gebaseerd op gemiddelde situaties specifiek gericht op huishoudens met een minimuminkomen. Er is bijvoorbeeld geen rekening gehouden met huisdieren of rokers, duurdere kostenposten als een auto en er worden gemiddeld lagere bedragen gerekend voor een aantal uitgaven waaronder kleding, voedsel en de inboedel in vergelijking met huishoudens met een hoger inkomen. Bij een niet-gemiddelde situatie met een aantal hogere kostenposten, kan het financiële plaatje er dus al snel anders uitzien.

3.2. Financiële effecten bij werkaanvaarding In hoeverre loont het financieel gezien om (meer) te gaan werken? Dit hangt van een aantal factoren af: huishoudsamenstelling, de nieuwe inkomenshoogte en daarmee het (verliezen van het) recht op gemeentelijke regelingen en de eventuele afname van landelijke toeslagen. De effecten worden in grote lijnen veroorzaakt door drie veranderingen: • Voor de gemeentelijke regelingen geldt dat bij een inkomen boven 100 procent Wsm, het recht op kwijtschelding vervalt. Bij een inkomen hoger dan 125 procent Wsm vervalt het recht op de collectieve zorgverzekering, de U-pas én Stichting Leergeld. Van hoe meer regelingen een huishouden gebruik kan maken, hoe groter het bedrag is dat het huishouden kan ‘verliezen’ indien het inkomen stijgt. • Voor de landelijke toeslagen en regelingen geldt dat deze afnemen bij een hoger inkomen, behalve bij alleenstaande ouders. De toeslagen dalen bij paren (met en zonder kinderen) eerder én sneller in vergelijking met alleenstaanden. Bij alleenstaande ouders zien we dat het bedrag aan landelijke toeslagen toeneemt door belastingvoordeel. • Tot slot krijgen huishoudens die vanuit de bijstand aan het werk gaan, te maken met werkgerelateerde kosten, waardoor hun uitgaven iets stijgen. Voor alleenstaande ouders 17

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

komen hier de kosten voor kinderopvang bij (al krijgen ze daar kinderopvangtoeslag weer een (groot) deel van terug).

via de

In combinatie met elkaar zorgen bovenstaande ontwikkelingen en gegevens voor verschillende effecten in de resterende maandbudgetten van de huishoudens. In de volgende paragrafen schetsen we de effecten van een inkomensstijging op het maandbudget. WSM en WML Om de effecten van de inkomensstijging door werkaanvaarding meer te kunnen duiden geven we eerst weer hoe het Wettelijk sociaal minimum zich verhoudt tot werken tegen het Wettelijk minimumloon bij de verschillende type huishoudens in 2025 14. Voor een alleenstaande (ouder) staat voltijds (40 uur per week) werken tegen een minimumloon ongeveer gelijk aan een nettoinkomen van 174 procent Wsm, deeltijd werken (24 uur per week) komt neer op een nettoinkomen van 111 procent Wsm. Voor een paar met en zonder kinderen staat voltijds werken (één volwassene werkt dan 40 uur) tegen een minimumloon ongeveer gelijk aan een netto-inkomen van 122 procent Wsm. Deeltijd werken (één volwassene werkt 24 uur per week) komt neer op een netto-inkomen van 78 procent Wsm. In het laatste geval verdient het paar met werken dus minder dan het sociaal minimum.

3.2.1. Effect van de inkomensstijging ten opzichte van de bijstand Werken zorgt er altijd voor dat het maandelijkse budget hoger is dan in de bijstand. Dit geldt zowel voor de huishoudens die van geen gemeentelijke regelingen gebruikmaken als voor de huishoudens die gebruikmaken van alle regelingen van de gemeente. In onderstaande tabel is het effect van de inkomensstijging (in Wsm) op de verandering in het maandbudget (in euro’s per maand) ten opzichte van de bijstandssituatie te zien per huishouden. Een alleenstaande die van alle regelingen gebruikmaakt heeft bijvoorbeeld bij een inkomen van 120 procent Wsm een maandbudget dat € 140 ruimer is dan in de bijstand (100 procent Wsm).

Alleenstaanden Paar zonder kinderen Alleenstaande ouder Paar met kinderen

Gemeentelijke regelingen Volledig gebruik Geen gebruik Volledig gebruik Geen gebruik Volledig gebruik Geen gebruik Volledig gebruik Geen gebruik

110%

120%

130%

140%

+5 +68 +29 +125 +2 +98 +29 +125

+140 +202 +201 +297 +143 +239 +201 +297

+273 +369 +281 +444 +183 +405 +188 +444

+5 +68 +29 +125 +2 +98 +29 +125

3.2.2. Effect van de inkomensstijging voor huishoudens die niet uit de bijstand komen •

Bij het gebruiken van alle gemeentelijke regelingen: bijna alle huishoudens houden een hoger maandelijks budget over, bij elke inkomensstijging (van 110 tot 130 procent Wsm). Uitzondering hierop zijn de paren met kinderen. Bij hen zien we dat het maandbudget afneemt, wanneer het netto inkomen uit werk hoger wordt. Dit kantelpunt zit wanneer dit huishouden eerst een inkomen heeft van 120 procent Wsm en vervolgens

14 Aangezien er per 1 januari 2024 gerekend wordt met minimumuurlonen, zijn er geen vaste minimum

maand-, week- en daglonen meer. Het loon per week of maand hangt af van het aantal gewerkte uren, waardoor het geschetste beeld per maand in deze paragraaf kan afwijken van de werkelijkheid. De berekening is gebaseerd op de Rijksoverheid.

18

Gemeente IJsselstein

•

Versie 0.1

te maken heeft met een hoger inkomen van 130 procent Wsm. Daarbij is de stijging van het maandbudget, in vergelijking met de stijging van het netto inkomen, in sommige gevallen klein. Bij alleenstaanden en paren zonder kinderen gaat een netto inkomensstijging van € 135 of € 192 soms samen met een stijging van het budget van € 6 of € 29. Bij het niet gebruiken van de gemeentelijke regelingen: alle huishoudens houden een hoger maandelijks budget over, bij elke inkomensstijging (van 110 tot 140 procent Wsm). In dit geval zorgt een hoger inkomen altijd voor een hoger maandbudget. Hier is het landelijke beleid ook op ingesteld.

3.3. Huishoudens met een langdurig minimuminkomen Huishoudens die minimaal drie jaar moeten rondkomen van een inkomen tot 110 procent Wsm kunnen gebruikmaken van de individuele inkomenstoeslag. Geen van de huishoudens krijgen te maken met een terugval in het maandbudget wanneer de individuele inkomenstoeslag wegvalt. De inkomensstijging kan de wegval van de individuele inkomenstoeslag en de andere regelingen voldoende compenseren.

19

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Bijlage 1. Overzicht minimaregelingen Tabel B1.1 Gemeentelijke regelingen in gemeente IJsselstein Soort regeling Individuele bijzondere bijstand Kwijtschelding van gemeentelijke belastingen

Inkomensgrens t.o.v. Wsm Tot 110% Wsm

(Maximaal) bedrag

Tot 100% Wsm

Afvalstoffenheffing • Eenpersoonshuishouden €280,42 • Meerpersoonshuishouden €539,75

Individuele vergoedingen

Rioolheffing €275,59 Waterschap: Stichtse Rijnlanden Watersysteemheffing €117,23 Individuele inkomenstoeslag

Minimaal 3 jaar tot 110% Wsm

Collectieve zorgverzekering (via VGZ)

Tot 125% Wsm

U-pas

Tot 125% Wsm

Stichting Leergeld IJsselstein

Tot 125% Wsm

Zuiveringsheffing: €73,65 per v.v.e Alleenstaande €539 Alleenstaande ouder €539 Gehuwd/samenwonend €769 Gemeente Pakket Compleet €187,55 i.p.v. €212,55; €25 gemeentelijke bijdrage Gemeente Pakket Compleet + €0 eigen risico €216,45 i.p.v. €241,45; €25 gemeentelijke bijdrage 0 t/m 3 jaar €225 4 t/m 11 jaar €275 12 t/m 17 jaar €325 18 jaar en ouder €100 Gemiddeld vergoedingsbedrag per kind: €25515 Verjaardagsbox via Stichting Jarige Job (kinderen 4 t/m 12 jaar)

Tegemoetkoming kosten kinderopvang

Situatieafhankelijk

Vergoeding alleenverdienersproblematiek

Situatieafhankelijk

Namens de gemeente voert Leergeld ook vergoedingen uit voor computers, fietsen en zwemdiploma A. Extra tegemoetkoming bovenop kinderopvangtoeslag; situatieafhankelijk. Situatieafhankelijk

Studietoeslag

Situatieafhankelijk

Leeftijdsafhankelijk

15 Gebaseerd op berekening van Stichting Leergeld IJsselstein.

20

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Bijlage 2. Financieel maandoverzicht In deze bijlage staat per huishoudtype het financieel maandoverzicht. De tabellen geven een overzicht van de maandelijkse inkomsten en uitgaven, bij gebruikmaking van alle landelijke en lokale regelingen. Tabel B2.1 Alleenstaande zonder kinderen, niet AOW-gerechtigd 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

>3 jaar 100% Wsm

1.345

1.480

1.615

1.749

1.345

414 131 545

414 131 545

414 131 545

414 131 545

414 131 545

1.890

2.025

2.160

2.294

1.890

Basis uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en televisie Gemeentelijke heffingen (Collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven

688 176 70 62 213 25 19 217 303 0

688 176 70 62 213 25 19 217 303 67

688 176 70 62 213 25 19 217 303 67

688 176 70 62 181 25 19 217 303 67

688 176 70 62 213 25 19 217 303 0

Participatie uitgaven Participatie uitgaven

121

121

121

121

121

1.895

1.962

1.962

1.930

1.895

-4

63

198

364

-4

62

0

0

0

62

25

25

25

0

25

0 8 96

0 8 33

0 8 33

0 0 0

45 8 140

91

97

231

364

136

Categorie Inkomsten Netto inkomen incl. vakantietoeslag (VT) Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk Totaal inkomsten

Totaal uitgaven Budget exclusief regelingen gemeente Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag U-pas Totaal regelingen gemeente Budget inclusief alle regelingen gemeente

21

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Tabel B2.2 Paar, niet AOW-gerechtigd, geen kinderen 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

>3 jaar 100% Wsm

1.922

2.114

2.306

2.499

1.922

435 250 685

435 250 685

435 230 665

370 185 555

435 250 685

2.607

2.799

2.971

3.054

2.607

Basis uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en televisie Gemeentelijke heffingen (Collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven

738 214 79 96 425 41 39 326 547 0

738 214 79 96 425 41 39 326 547 67

738 214 79 96 425 41 39 326 547 67

738 214 79 96 361 41 39 326 547 67

738 214 79 96 425 41 39 326 547 0

Participatie uitgaven Participatie uitgaven

200

200

200

200

200

2.704

2.771

2.771

2.707

2.704

-97

28

200

347

-97

96

0

0

0

96

50

50

50

0

50

0 17 163

0 17 67

0 17 67

0 0 0

64 17 227

66

95

267

347

130

Categorie Inkomsten Netto inkomen incl. vakantietoeslag (VT) Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk Totaal inkomsten

Totaal uitgaven Budget exclusief regelingen gemeente Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag U-pas Totaal regelingen gemeente Budget inclusief alle regelingen gemeente

22

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Tabel B2.3 Alleenstaande ouder, niet AOW-gerechtigd, met 2 kinderen (8 en 13 jaar)16 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

>3 jaar 100% Wsm

1.345

1.480

1.615

1.749

1.345

Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Combinatiekorting Kinderbijslag Kindgebonden budget Totaal bijdragen Rijk

447 131 0 252 759 1.589

447 131 44 252 759 1.633

447 131 50 252 759 1.639

447 131 56 252 759 1.645

447 131 0 252 759 1.589

Totaal inkomsten

2.935

3.113

3.253

3.394

2.935

Basis uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en televisie Gemeentelijke heffingen (Collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Onderwijs Kosten BSO Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven

738 265 79 96 213 31 85 0 52 340 578 0

738 265 79 96 213 31 85 13 52 340 578 67

738 265 79 96 213 31 85 13 52 340 578 67

738 265 79 96 181 31 85 19 52 340 578 67

738 265 79 96 213 31 85 0 52 340 578 0

Participatie uitgaven Participatie uitgaven

260

260

260

260

260

2.736

2.816

2.816

2.790

2.736

198

297

437

604

198

96

0

0

0

96

25

25

25

0

25

0 58 43 222

0 58 43 126

0 58 43 126

0 0 0 0

45 58 43 267

420

423

563

604

465

Categorie Inkomsten Netto inkomen incl. vakantietoeslag (VT)

Totaal uitgaven Budget exclusief regelingen gemeente Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag U-pas Stichting Leergeld Ijsselstein Totaal regelingen gemeente Budget inclusief alle regelingen gemeente

16 Bij de kosten BSO is de tegemoetkoming kinderopvang al verrekend.

23

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Tabel B2.4 Paar, niet AOW-gerechtigd, met 2 kinderen (8 en 13 jaar) 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

>3 jaar 100% Wsm

1.922

2.114

2.306

2.499

1.922

Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Combinatiekorting Kinderbijslag Kindgebonden budget Totaal bijdragen Rijk

447 250 0 252 477 1.426

447 250 0 252 477 1.426

447 230 0 252 477 1.406

382 185 0 252 477 1.296

447 250 0 252 477 1.426

Totaal inkomsten

3.348

3.541

3.713

3.795

3.348

Basis uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en televisie Gemeentelijke heffingen (Collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Onderwijs Kosten BSO Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven

738 322 87 96 425 45 85 0 71 453 730 0

738 322 87 96 425 45 85 0 71 453 730 67

738 322 87 96 425 45 85 0 71 453 730 67

738 322 87 96 361 45 85 0 71 453 730 67

738 322 87 96 425 45 85 0 71 453 730 0

Participatie uitgaven Participatie uitgaven

337

337

337

337

337

3.389

3.456

3.456

3.392

3.389

-41

84

257

403

-41

96

0

0

0

96

50

50

50

0

50

0 67 43 255

0 67 43 159

0 67 43 159

0 0 0 0

64 67 43 319

214

243

416

403

278

Categorie Inkomsten Netto inkomen incl. vakantietoeslag (VT)

Totaal uitgaven Budget exclusief regelingen gemeente Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag U-pas Stichting Leergeld Ijsselstein Totaal regelingen gemeente Budget inclusief alle regelingen gemeente

24

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Tabel B2.5 Alleenstaande, AOW-gerechtigd 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

1.501

1.651

1.801

1.951

414 131 545

412 131 543

359 131 490

300 131 431

2.046

2.194

2.291

2.382

Basis uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en televisie Gemeentelijke heffingen (Collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven

688 218 70 62 213 13 16 220 294

688 218 70 62 213 13 16 220 294

688 218 70 62 213 13 16 220 294

688 218 70 62 213 13 16 220 294

Participatie uitgaven Participatie uitgaven

115

115

115

115

1.909

1.909

1.909

1.909

137

285

382

473

62

0

0

0

25

25

25

0

8 96

8 33

8 33

0 0

233

319

416

473

Categorie Inkomsten Netto inkomen incl. vakantietoeslag (VT) Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk Totaal inkomsten

Totaal uitgaven Budget exclusief regelingen gemeente Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Korting collectieve zorgverzekering U-pas Totaal regelingen gemeente Budget inclusief alle regelingen gemeente

25

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Tabel B2.6 Paar, AOW-gerechtigd 100% Wsm

110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

2.053

2.259

2.464

2.670

435 250 685

435 228 663

390 198 588

340 168 508

2.738

2.922

3.052

3.178

Basis uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en televisie Gemeentelijke heffingen (Collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven

738 264 79 96 425 16 33 329 530

738 264 79 96 425 16 33 329 530

738 264 79 96 425 16 33 329 530

738 264 79 96 426 16 33 329 530

Participatie uitgaven Participatie uitgaven

188

188

188

188

2.697

2.697

2.697

2.698

42

225

355

480

96

0

0

0

50

50

50

0

17 163

17 67

17 67

0 0

204

292

422

480

Categorie Inkomsten Netto inkomen incl. vakantietoeslag (VT) Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk Totaal inkomsten

Totaal uitgaven Budget exclusief regelingen gemeente Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Korting collectieve zorgverzekering U-pas Totaal regelingen gemeente Budget inclusief alle regelingen gemeente

26

Gemeente IJsselstein

Versie 0.1

Bijlage 3. Uitsplitsing gemeentelijke bijdragen Figuur B3.1. Maandelijkse gemeentelijke bijdrage per huishouden bij een (langdurig) inkomen van 100 procent Wsm.

Maandelijkse gemeentelijke bijdragen Kwijtschelding

Collectieve Zorgverzekering

U-pas

Stichting Leergeld Ijsselstein Individuele inkomenstoeslag

Alleenstaande

€ 62

€ 25€ 8 € 45

Paar zonder kinderen

€ 96

Alleenstaande ouder met kinderen (8 en 13 jaar)

€ 96

Paar met kinderen (8 en 13 jaar)

€ 96

Alleenstaande AOW-leeftijd

€ 62

Paar AOW-leeftijd

€ 50

€ 25

€ 64

€ 58

€ 43

€ 50

€ 67

€ 45

€ 43

€ 64

€ 25€ 8

€ 96

€0

€ 17

€ 50

27

€ 50

€ 100

€ 17

€ 150

€ 200

€ 250

€ 300

€ 350

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15925582/1